Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2009:BK1845

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
03-11-2009
Datum publicatie
03-11-2009
Zaaknummer
292298 / VZ VERZ 09-283
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding arbeidsovereenkomst. Veranderde omstandigheden. Onwerkbare situatie. Ontslagvergoeding. Kantonrechtersformule.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2009-0822
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Heerenveen

zaak-/rolnummer: 292298 \ VZ VERZ 09-283

beschikking van de kantonrechter d.d. 3 november 2009

inzake

De stichting Stichting Accolade,

hierna te noemen: Accolade,

gevestigd te Heerenveen,

verzoekster,

gemachtigde: mr. J. Egberts,

tegen

[naam],

hierna te noemen: [X],

wonende te [woonplaats],

verweerder,

gemachtigde: mr. G.W. Brouwer.

Procesverloop

Accolade heeft bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 28 augustus 2009, verzocht de tussen haar en [X] bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van gewichtige redenen in de zin van artikel 7: 685 BW.

Het verweerschrift van [X] is binnengekomen op 15 oktober 2009.

Accolade heeft op 16 oktober 2009 nog elf nadere producties ingediend.

[X] heeft op 19 oktober 2009 nog vijf nadere producties ingediend.

De behandeling ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 20 oktober 2009. Partijen hebben hun standpunten daarbij nader uiteengezet aan de hand van pleitnota's. Van het verhandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt.

Motivering

1. [X] is sedert 1 december 1986 in dienst bij (de rechtsvoorgangster van) Accolade, laatstelijk in de functie van vestigingsdirecteur, tegen een bruto salaris van € 7.374,-- per maand.

Standpunt Accolade

2.1 Accolade heeft gesteld dat er sprake is van een gewichtige reden bestaande uit een verandering in de omstandigheden die van dien aard is dat de arbeidsovereenkomst behoort te eindigen. Op grond hiervan verzoekt Accolade de arbeidsovereenkomst te ontbinden.

Accolade heeft in verband hiermee, samengevat, het navolgende aangevoerd.

2.2 [X] is bij de woningbouwvereniging Smallingerland, een rechtsvoorgangster van Accolade, in dienst getreden als medewerker bewoners- en verenigingszaken. Later is hij hoofd van die afdeling geworden en vervolgens titulair directeur. Per 1 mei 2008 is hij vestigingsdirecteur van de vestiging Heerenveen/Joure geworden. Voorafgaand aan zijn benoeming tot vestigingsdirecteur bestond er bij de toenmalige interim-bestuurders, waarvan één, [Y], momenteel bestuurder van Accolade is, grote aarzeling over de vraag of [X] geschikt zou zijn voor die functie.

2.3 [X] staat bij de medewerkers bekend als een goede directeur, die helder is in wat hij wil en over een ruime kennis van de volkshuisvesting beschikt. Hij heeft in het verleden grote kritiek geuit op de organisatie en prestaties van Accolade en een prominente rol vervuld bij het gedwongen vertrek in 2007 van de toenmalige bestuurder. [X] heeft inmiddels ook diverse zware beschuldigingen en verwijten aan het adres van [Y] geuit. De Raad van Commissarissen heeft na intern onderzoek geconcludeerd dat deze aantijgingen ongegrond zijn. Anders dan door [X] is gesteld wordt de door hem op de bestuurder geuite kritiek ook niet ondersteund door het merendeel van het management en een grote groep overige medewerkers. Een en ander heeft geleid tot een verstoorde arbeidsverhouding.

2.4 Accolade is van mening dat [X] geen gevoel heeft voor bestuurlijke- en gezagsverhoudingen en geen leidinggevende accepteert. Hij is een individualist en geen teamspeler en houdt te weinig rekening met anderen. Hij beschikt over weinig empathisch vermogen, communiceert niet goed en heeft een eigen waarheid. Er kwamen van zowel interne als externe bron signalen dat met hem niet viel samen te werken. Accolade is hierover met [X] in gesprek gegaan, maar hij heeft de problemen ontkend en is ondanks daartoe strekkend advies niet met derden in gesprek gegaan.

2.5 Aangezien het functioneren van [X] ernstig te wensen overliet heeft Accolade op 5 augustus 2009 te kennen gegeven het dienstverband te willen beëindigen. Daarna is [X], in strijd met gemaakte afspraken en gegeven opdrachten, naar buiten getreden met de ontstane situatie en door hem aan het adres van [Y] gerichte ongefundeerde verdachtmakingen, onder meer in een brief van 12 augustus 2009. Hij heeft daarmee het gezag van [Y] ondermijnd en Accolade rekent hem dit zwaar aan.

2.6 Accolade heeft alles in het werk gesteld om de verstoorde arbeidsrelatie te herstellen. Er heeft een groot aantal gesprekken plaatsgevonden teneinde [X] te bewegen zijn houding en gedrag aan te passen. Dit heeft niet tot resultaat geleid. Een aangeboden coachingstraject is door [X] eenzijdig beëindigd. Van Accolade kan niet gevergd worden dat het dienstverband nog langer voortduurt. Accolade heeft geen voorstel tot een vergoeding gedaan omdat zij dat gezien het gedrag van [X] volkomen misplaatst acht. Als er al een vergoeding wordt toegekend zou die vergoeding maximaal € 75.000,-- mogen bedragen.

Standpunt [X]

3.1 [X] heeft verweer gevoerd. Hij stelt dat het verzoek van Accolade tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst moet worden afgewezen, omdat er geen sprake is van disfunctioneren zoals door Accolade is gesteld.

3.2 [X] heeft in ruim 20 jaar carrière gemaakt van medewerker tot vestigingsdirecteur. Hij is door de rechtsvoorgangster van Accolade altijd hogelijk gewaardeerd vanwege zijn kwaliteiten en toewijding. Hij functioneerde uitstekend als medewerker bewoners- en verenigingszaken en heeft daarom promotie gemaakt naar de functie Hoofd van de afdeling verhuur- en bewonerszaken. Hij is ook in die functie altijd zeer goed beoordeeld. In beide functies waren goede communicatieve eigenschappen en het onderhouden van goede relaties van wezenlijk belang.

3.3 Na de aanstelling als vestigingsdirecteur in Drachten in januari 2005 heeft Accolade zeer moeilijke tijden meegemaakt. [X] had de vestiging in Drachten goed op orde. Het omvormen van vijf onafhankelijke organisaties tot een goedwerkend geheel heeft grote problemen veroorzaakt. [X] heeft al het mogelijke gedaan om de samensmelting tot een succes te maken, maar moest gaandeweg constateren dat bestuurlijk en organisatorisch gezien zaken verkeerd gingen, waardoor de huisvestingstaak daaronder ging lijden. [X] heeft zich toen opgeworpen als 'klokkenluider' als gevolg waarvan uiteindelijk vrijwel het volledige toenmalige management het veld heeft moeten ruimen. Accolade plaatst dit nu ten onrechte in een negatieve sleutel.

3.4 Na het vertrek van het management zijn twee interim-bestuurders aangesteld, waaronder [Y]. [X] heeft zich in oktober 2008 kritisch uitgelaten over de hoge kosten die met zijn aanstelling zijn gemoeid. Hij achtte het verder niet juist dat deze bestuurder, na het afronden van de interim-werkzaamheden bleef omdat de verhouding met een interim bestuurder heel anders is dan met een vaste leidinggevende.

3.5 [Y] was niet gecharmeerd van de kritische opvattingen van [X]. [X] werd meegedeeld dat hij voor de functie van vestigingsdirecteur in aanmerking zou kunnen komen als hij een assessment zou doen. Het assessmentbureau dat hiervoor werd gekozen bleek zakelijke banden met [Y] te hebben en niet onafhankelijk te zijn. In overleg met de andere interim bestuurder is [X] vervolgens door een onafhankelijk bureau getest en geschikt bevonden.

3.6 Bij zijn aantreden in de vestiging Heerenveen/Joure bleken daar grote problemen te zijn en weken met name in Heerenveen de opvattingen en organisatie-inrichting sterk af van de overige vestigingen en de door het nieuwe bestuur ingezette lijn en was de deskundigheid op het gebied van de volkshuisvesting onder de maat. De begrotingstekorten waren verder aanzienlijk. [X] heeft zich vol inzet en enthousiasme op de functie geworpen en is er in de afgelopen anderhalf jaar in geslaagd deze vestiging op belangrijke punten om te vormen in de door het bestuur gewenste richting. Allerlei maatregelen die [X] heeft genomen en afspraken die hij heeft gemaakt zullen Accolade in de komende jaren miljoenen opleveren. Ondanks een aantal ook voor bewoners pijnlijke ingrepen heeft dit niet tot noemenswaardige problemen geleid. Dit pleit voor de relationele en communicatieve vaardigheden van [X].

3.7 [X] bestrijdt dat er sprake is van disfunctioneren. Hij heeft altijd goede beoordelingen gehad. Hij heeft ook in december 2008 nog een zeer goede beoordeling gehad. De nu gestelde tekortkomingen dateren alle uit 2009 en betreffen zaken van ondergeschikt belang. Accolade heeft tot de indiening van het verzoekschrift ook niets met de nu geuite klachten over [X] gedaan. Het is ook niet juist dat [X] een coachingstraject voortijdig zou hebben beëindigd. De brief van 12 augustus 2009, waarin [X] zijn bezwaren tegen [Y] heeft geuit en die nu door Accolade wordt aangegrepen, is ook pas verzonden nadat hem al ontslag was aangezegd. Voorts is het gelet op de geldende klokkenluidersregeling onjuist dat Accolade deze brief aangrijpt om de positie van [X] te benadelen.

3.8 [X] heeft met de overgrote meerderheid van zijn collega's een goede band. Er is in feite maar één persoon die niet meer met [X] wil samenwerken, en dat is [Y]. Gelet op de positie van [Y] levert dit een probleem op, maar [X] is professioneel genoeg om toch met hem te kunnen werken.

3.9 Voor het geval het verzoek wordt toegewezen, verzoekt [X] om toekenning van een vergoeding ad € 356.000,-- bruto op basis van een factor c=1¾.

Beoordeling

4. De kantonrechter heeft zich ervan vergewist dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod.

5. Het verzoek van Accolade spitst zich toe op het niet voldoende functioneren van [X] en op een verstoorde arbeidsrelatie.

6.1 Met betrekking tot het gestelde onvoldoende functioneren van [X] oordeelt de kantonrechter als volgt. Uit hetgeen daaromtrent door Accolade is gesteld en overgelegd en de door haar niet weersproken onderdelen van het verweer van [X] dienaangaande leidt de kantonrechter af dat de klachten over het functioneren van [X] van recente datum zijn. De door Accolade genoemde concrete voorbeelden, bijvoorbeeld de gang van zaken rond de zogenoemde Stationstoren en de kennelijk afwijkende opvattingen van [X] over de posities van de afdelingen Marketing & Communicatie en Markt- & Vastgoedadvies, lijken in ieder geval te dateren uit 2009.

Door [X] is onbetwist gesteld dat hij steeds goede beoordelingen heeft gehad. Vast staat ook dat [X] nog in december 2008 een goede beoordeling heeft gehad. Ook het carrièrepatroon van [X] sinds zijn indiensttreding geeft alle aanleiding om aan te nemen dat hij goed functioneerde.

6.2 De door Accolade geuite klachten over het functioneren van [X] worden door haar geïllustreerd met enige voorbeelden. De in dit kader overgelegde brieven van diverse personen met klachten lijken, gelet op de recente datering van die brieven, echter gericht op dossieropbouw. Voorts heeft [X] deze klachten over hem ook gemotiveerd weersproken en het blijft derhalve onduidelijk wat er in die concrete situaties nu precies heeft geschort aan het optreden van [X].

6.3 Het is de kantonrechter ook niet gebleken dat Accolade pogingen heeft ondernomen om door haar geconstateerd verminderd functioneren bij te sturen door middel van een daartoe geëigend begeleidingstraject. Accolade heeft weliswaar gesteld dat er gesprekken met [X] zijn gevoerd, maar de inhoud en status daarvan blijven volstrekt onduidelijk. Een schriftelijke vastlegging met bijvoorbeeld omschrijving van probleemstelling, doelstelling, het te volgen traject en voortgang daarvan ontbreekt volledig.

6.4 Ter zitting is door [Y] verklaard dat de voornaamste bezwaren tegen het functioneren van [X] daarin zijn gelegen dat hij geen gevoel voor verhoudingen en geen empathisch vermogen heeft, geen teamspeler is en eigengereid te werk gaat. Dit betreft meer een karakterisering van de persoon van [X], waarbij overigens wel dient te worden aangetekend dat het karakter van iemand zijn uiteindelijke functioneren in grote mate zal bepalen.

Het komt er in feite op neer dat Accolade [X] niet geschikt acht voor zijn functie. Dan klemt echter te meer dat het volstrekt onduidelijk blijft of Accolade pogingen heeft ondernomen, en zo ja; welke, om [X] juist ten aanzien hiervan te coachen. Accolade heeft gewag gemaakt van een coachingstraject, maar daaromtrent heeft zij verder niets overgelegd. Wat deze coaching inhield en waarop zij was gericht is niet duidelijk geworden. Het is zelfs niet duidelijk of [X] dit traject al dan niet voortijdig heeft beëindigd, nu partijen daarover van menig blijken te verschillen.

6.5 De kantonrechter zal voorbijgaan aan de verwijten die Accolade [X] heeft gemaakt ten aanzien van zijn handelen na 5 augustus 2009. De wijze waarop [X] heeft gecommuniceerd omtrent zijn klachten over [Y] en het ontslagvoornemen van Accolade kan als onhandig worden aangemerkt, maar dat vormt op zichzelf nog geen grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Op dat moment had Accolade ook al besloten om het dienstverband met [X] te beëindigen, zodat zijn handelwijze nadien door haar niet als doorslaggevende grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst kan worden aangevoerd.

6.6 Al met al is de kantonrechter van oordeel dat de door Accolade geuite bezwaren over het functioneren van [X] onvoldoende concreet zijn gemaakt. Daarnaast is onvoldoende komen vast te staan dat Accolade voldoende heeft ondernomen om tot bijsturing van het functioneren van [X] in de door haar gewenste richting te geraken. Hetgeen dienaangaande door Accolade is aangevoerd is dan ook onvoldoende om ontbinding van de arbeidsovereenkomst te rechtvaardigen.

7.1 Uit hetgeen verder door partijen is aangevoerd leidt de kantonrechter af dat met name de verhouding tussen [X] en bestuurder [Y] ernstig is vertroebeld. Accolade heeft duidelijk aangegeven mede om die reden geen heil te zien in continuering van het dienstverband. De stellingname daartegen van [X] kan niet anders worden begrepen dan dat ook hij geen vertrouwen in [Y] (meer) heeft. Dat hij desondanks nog wel zou kunnen blijven functioneren is door hem gekoppeld aan het verwachte spoedige terugtreden van [Y] als bestuurder. Ter zitting is echter gebleken dat [Y] in ieder geval tot einde 2010 zal aanblijven.

7.2 Naar het oordeel van de kantonrechter verhouden de functies van [X] en [Y] zich op zodanige wijze tot elkaar dat tussen de personen die deze functies bekleden over en weer het nodige vertrouwen dient te bestaan. De wijze waarop [X] en [Y] kennelijk tegenover elkaar staan voldoet hieraan niet, het vertrouwen tussen hen beiden lijkt volledig verdwenen. Dit leidt naar het oordeel van de kantonrechter tot een onwerkbare situatie. Nu het er voor moet worden gehouden dat [Y] niet op korte termijn zal terugtreden is er ook geen aanleiding om te veronderstellen dat deze situatie snel tot het verleden zal behoren. Daarom zal het dienstverband dan ook worden ontbonden, en wel per 15 november 2009.

8.1 Naar het oordeel van de kantonrechter is er gelet op hetgeen hiervoor is overwogen aanleiding om aan [X] een vergoeding toe te kennen. In hetgeen [X] hieromtrent heeft aangevoerd ziet de kantonrechter geen aanleiding om een vergoeding toe te kennen volgens de kantonrechtersformule met een hogere factor dan c=1, zoals door [X] is bepleit. Er is echter ook geen aanleiding tot het toepassen van een lagere factor. Accolade heeft niets aangevoerd dat wijst op een zodanige verwijtbaarheid aan de zijde van [X] dat een lagere c-factor gerechtvaardigd zou zijn. Verder ziet de kantonrechter evenmin aanleiding om bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding al te anticiperen op toekomstige wetgeving betreffende maximering van de ontbindingsvergoeding. Aan [X] zal ter gelegenheid van de ontbinding van de arbeidsovereenkomst dan ook een vergoeding van afgerond € 203.000,-- bruto worden toegekend.

8.2 Nu een hogere vergoeding wordt toegekend dan door Accolade is aangeboden, dient Accolade een termijn te worden gegund om het verzoek in te trekken.

9. De kantonrechter acht termen aanwezig om de proceskosten tussen partijen te compenseren, zowel bij intrekking als bij handhaving van het verzoek.

Beslissing

De kantonrechter:

ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst per 15 november 2009, tenzij het ontbindingsverzoek voor na te noemen datum wordt ingetrokken.

kent aan [X] ten laste van Accolade ter gelegenheid van voornoemde ontbinding een vergoeding toe ten bedrage van bruto € 203.000,-- (zegge: tweehonderdendrieduizend euro).

bepaalt dat Accolade tot uiterlijk 13 november 2009 het ontbindingsverzoek kan intrekken.

compenseert de proceskosten in dier voege dat iedere partij de eigen kosten draagt, zowel bij intrekking als bij handhaving van het verzoek.

Aldus gegeven te Heerenveen en in het openbaar uitgesproken op 3 november 2009 door mr. R. Giltay, kantonrechter, in tegenwoordigheid van de griffier.