Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2007:BB4806

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
18-09-2007
Datum publicatie
03-10-2007
Zaaknummer
17/885076-07 VEV
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Ontuchtige handelingen, seksueel binnendringen, leeftijdsverschil

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 63, geldigheid: 2007-09-18
Wetboek van Strafrecht 245, geldigheid: 2007-09-18
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector straf

parketnummer 17/885076-07

verkort vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 18 september 2007 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres]

De rechtbank heeft gelet op het ter terechtzitting gehouden onderzoek van 4 september 2007.

De verdachte is verschenen.

Telastelegging

Aan dit vonnis is een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van de dagvaarding gehecht, waaruit de inhoud van de telastelegging geacht moet worden hier te zijn overgenomen.

In de telastelegging voorkomende schrijffouten of kennelijke misslagen worden verbeterd gelezen. De verdachte is hierdoor niet in zijn belangen geschaad.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht het telastegelegde bewezen, met dien verstande dat:

hij op 26 augustus 2006, te Leeuwarden, in de gemeente Leeuwarden, met [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum]), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte zijn penis en vinger(s) in de vagina en zijn penis in de mond van die [slachtoffer] geduwd/gebracht.

De verdachte zal van het meer of anders telastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Kwalificatie

Het bewezene levert op het misdrijf:

Met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam.

Strafbaarheid verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Strafmotivering

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden strafsoort en strafmaat in aanmerking:

- de aard en de ernst van het gepleegde feit;

- de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken en deze naar voren komt uit het uittreksel uit het algemeen documentatieregister en het voorlichtingsrapport;

- het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht;

- de vordering van de officier van justitie tot veroordeling van verdachte ter zake het telastegelegde tot een werkstraf van 120 uren subsidiair 60 dagen hechtenis alsmede gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht.

Verdachte heeft als 18-jarige seks gehad met een meisje van 12 jaar. Dit was op een moment dat zij "verkering" met elkaar hadden en het was met instemming van het meisje maar dat maakt het handelen van verdachte niet minder strafbaar, gezien ook het grote leeftijdsverschil. Duidelijk is immers dat kinderen van 12 jaar niet in staat zijn alle gevolgen van genomen beslissingen te overzien en mede daardoor gemakkelijk door volwassenen overgehaald kunnen worden tot bepaalde handelingen. Dat blijkt ook in deze zaak: door het onbeschermde seksuele contact liep het meisjes het risico zwanger te raken of besmet te worden met een seksueel overdraagbare aandoening; bovendien werd zij door verdachte nota bene meegenomen naar een bordeel waar de seksuele handelingen plaatsvonden in een cabine bestemd voor het vertonen van porno-filmpjes. Verdachte had beter moeten weten en had dit alles niet moeten doen.

De rechtbank acht de eis van de officier van justitie tot oplegging van een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf met de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht, passend, met dien verstande dat de duur van de voorwaardelijke gevangenisstraf beperkt kan blijven tot één maand.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 63 en 245 van het Wetboek van Strafrecht.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT, RECHTDOENDE:

Verklaart het telastegelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar in voege als voormeld en verdachte deswege strafbaar.

Veroordeelt verdachte te dier zake tot:

Een werkstraf, bestaande uit het verrichten van 120 uren onbetaalde arbeid.

Beveelt dat voor het geval de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis voor de duur van 60 dagen zal worden toegepast.

Een gevangenisstraf voor de duur van één maand.

Bepaalt, dat deze gevangenisstraf niet zal worden tenuitvoergelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op twee jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of gedurende die proeftijd de hierna te vermelden bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.

Stelt als bijzondere voorwaarde, dat de veroordeelde:

- zich bij het ingaan van de proeftijd meldt bij Reclassering Nederland;

- ervoor zorgt dat hij gedurende de proeftijd bereikbaar is voor deze reclasseringsinstelling;

- zich gedurende de proeftijd gedraagt naar de voorschriften en aanwijzingen hem te geven door of namens genoemde reclasseringsinstelling.

Draagt genoemde reclasseringsinstelling op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan het bewezenverklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.G.W. Lootsma-Oude Nijeweme, voorzitter, mr. M.J. Dijkstra en mr. G.A.M. van Dijk, rechters, bijgestaan door T.L. Komrij, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 september 2007.

Mr. Van Dijk is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.