Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2007:BA3562

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
11-04-2007
Datum publicatie
23-04-2007
Zaaknummer
78993 / HA ZA 06-854
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Paarden. Inschrijving in het stamboekregister.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 78993 / HA ZA 06-854

Vonnis van 11 april 2006

in de zaak van

[eiser]

wonende te Weert,

eiser,

procureur mr. H. de Boer,

advocaat mr. G. Stibbe te Budel,

tegen

de vereniging KONINKLIJKE VERENIGING HET FRIESCH PAARDENSTAMBOEK,

gevestigd te Leeuwarden,

gedaagde, verder te noemen KFPS,

procureur mr. A.H. van der Wal.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de conclusie van antwoord

- de akte houdende eiswijziging

- het proces-verbaal van de op 19 maart 2007 gehouden comparitie na antwoord.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiser] bezit een hengst, Gerben K, die in 2005 heeft meegedaan aan de jaarlijkse hengstenkeuring, georganiseerd door KFPS. Gerben K heeft tot en met de eindronde meegedaan en heeft op alle punten een voldoende behaald. Bij brief van 26 november 2005, houdende de beoordelingsresultaten, is zonder nadere motivering meegedeeld dat de hengst niet ingeschreven wordt in het stamboek. Tegen dit laatste is bezwaar gemaakt. In reactie hierop is naar voren gekomen dat Gerben K naar het oordeel van de jury onvoldoende toegevoegde waarde heeft om voor inschrijving in het stamboekregister in aanmerking te komen. [eiser] heeft zich hier, ook na gesprekken met het bestuur van de KFPS, niet bij neergelegd.

3. Het geschil

3.1. [eiser] vordert na eiswijziging - dat de rechtbank:

1. KFPS veroordeelt om de hengst Gerben K in te schrijven voor de dekdienst in het Koninklijk Friesch Paarden Stamboek, op straffe van een dwangsom, dan wel een dekvergunning of deklicentie af te geven voor de hengst en deze hengst in te schrijven in voornoemd Stamboek als goedgekeurde dekhengst, eveneens op straffe van een dwangsom;

2. voor recht verklaart dat KFPS onrechtmatig heeft gehandeld door de hengst niet in te schrijven voor de dekdienst dan wel door geen deklicentie of -vergunning af te geven;

3. KFPS veroordeelt tot het vergoeden van de door [eiser] geleden, nader bij staat op te maken, schade;

4. KFPS veroordeelt tot het vergoeden van alle kosten voor juridische ondersteuning;

5. KFPS veroordeelt in de proceskosten.

3.2. KFPS voert gemotiveerd verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. [eiser] stelt, kort gezegd, dat Gerben K voldoet aan alle eisen en dat er geen enkele reden is waarom hij niet ingeschreven zou kunnen worden, en dat KFPS door toch inschrijving te weigeren onrechtmatig handelt. Daarbij wijst [eiser] onder meer op een inschrijving in het register van de Duitse dochtervereniging. Voorts verwijt [eiser] KFPS een ondoorzichtige, willekeurige handelwijze. KFPS zou zijn tekortgeschoten in de verplichtingen die voortvloeien uit hun contractuele relatie en handelen in strijd met europees recht.

4.2. Op de hengstenkeuring zijn van toepassing de Voorwaarden Centraal Onderzoek 2005. In deze voorwaarden staat onder meer op welke onderdelen gekeurd wordt, en dat een hengst een duidelijke meerwaarde moet hebben. Wat daaronder verstaan wordt is niet nader omschreven. Dat veronderstelt een zekere vrije beoordelingsmarge.

[eiser] heeft zijn hengst geheel vrijwillig ingeschreven voor de keuring. De toepasselijke Voorwaarden heeft hij geaccepteerd. Zijn hengst is toegelaten tot de keuring. Aldus zijn partijen in een contractuele relatie tot elkaar komen te staan. De eerste vraag die voorligt is of KFPS toerekenbaar tekortgeschoten is in de verplichtingen voortvloeiend uit deze relatie door inschrijving van de hengst te weigeren.

4.3. Deze vraag moet ontkennend beantwoord worden. Ter comparitie is door KFPS uitgelegd dat slechts indien een hengst een ruim voldoende resultaat haalt bijna altijd inschrijving volgt. De hengst Gerben K had deze ruime voldoende niet, en diende om die reden, om voor inschrijving in aanmerking te komen, een meerwaarde te hebben - hetgeen hij niet had. Dit vereiste volgt uit de Voorwaarden.

De rechtbank merkt op dat de vereniging aldus niet heeft gehandeld in strijd met de toepasselijke voorwaarden. Ook anderszins is niet gebleken van een toerekenbaar tekortschieten.

4.4. Van onrechtmatig handelen is evenmin gebleken. In de eerste plaats is niet aannemelijk gemaakt dat KFPS inbreuk heeft gemaakt op een recht van [eiser]. Weliswaar loopt [eiser] financiële voordelen mis doordat zijn hengst niet is goedgekeurd, althans ingeschreven, maar hiervoor is reeds uiteengezet dat op basis van de geldende regels de hengst ook niet ingeschreven hoefde te worden. Van strijd met een wettelijke plicht is evenmin gebleken; opgemerkt zij dat de stelling dat is gehandeld in strijd met Europese regelgeving volstrekt niet onderbouwd is. Bij de beantwoording van de vraag of KFPS overigens heeft gehandeld in strijd met hetgeen maatschappelijk betamelijk is merkt de rechtbank in de eerste plaats op dat haar in deze slechts een marginale toetsingsbevoegdheid toekomt. Immers, de vraag of een hengst een meerwaarde bezit die inschrijving in de registers van de vereniging rechtvaardigt betreft een particuliere aangelegenheid die de betreffende vereniging, onder wiens verantwoordelijkheid de keuring wordt verricht en in wiens registers inschrijving moet plaatsvinden, aangaat. Van de burgerlijke rechter kan slechts in zeer uitzonderlijke omstandigheden worden gevergd dat deze ingrijpt in deze interne aangelegenheden, en het eigen oordeel stelt in de plaats van dat der vereniging. Van zulke omstandigheden kan sprake zijn indien inhoud en strekking van de handelwijze en/of doelstellingen van de vereniging in strijd zijn met de goede zeden of de openbare orde. Daarvan is hier niet gebleken. De vereniging streeft naar een zekere mate van raszuiverheid en hanteert daarbij strenge criteria. Deze criteria op zich worden niet bestreden.

Wel kan worden gesteld dat de handelwijze van KFPS in die zin niet geheel zorgvuldig was dat zij in enige mate onduidelijkheid over de redenen van afwijzing heeft laten bestaan. Dat is echter volstrekt onvoldoende om de vorderingen toe te wijzen.

4.5. Het voorgaande brengt mee dat de vorderingen afgewezen zullen worden. [eiser] zal daarbij als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.

5. De beslissing

De rechtbank

wijst af de vorderingen van [eiser];

veroordeelt [eiser] in de kosten van deze procedure aan de zijde van KFPS begroot op € 248,00 aan verschotten en € 904,00 aan salaris procureur;

verklaart dit vonnis ten aanzien van de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Biesma en in het openbaar uitgesproken op 11 april 2007.