Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2006:AZ0212

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
16-10-2006
Datum publicatie
17-10-2006
Zaaknummer
204392 \ CV EXPL 06-1234
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Huurrecht. Artikel 7:230a BW. Ontruimingsbescherming. Vordering tot ontruiming bedrijfsruimte doorkruist door verzoek tot verlelnging van de ontruimingstermijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector kanton

Locatie Sneek

zaak-/rolnummer: 204392 \ CV EXPL 06-1234

vonnis van de kantonrechter ex art. 254 lid 4 Rv d.d. 16 oktober 2006

inzake

[eiser],

hierna te noemen: [eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser,

gemachtigde: mr. H.A. de Boer,

tegen

[gedaagde],

hierna te noemen: [gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

gemachtigde: mr. M.M.J. Arts.

Procesverloop

1. [eiser] heeft [gedaagde] gedagvaard voor de zitting van 9 oktober 2006 en op de bij exploot vermelde gronden gevorderd bij wijze van voorlopige voorziening uitvoerbaar bij voorraad [gedaagde] te veroordelen tot ontruiming van het pand [adres] te [woonplaats] binnen twee dagen na betekening van dit vonnis en na 1 oktober 2006, met kostenveroordeling.

De mondelinge behandeling heeft met instemming van partijen plaatsgevonden te Leeuwarden op 9 oktober 2006. Partijen zijn verschenen, vergezeld van hun gemachtigden.

Vervolgens is vonnis bepaald.

Motivering.

De feiten

2.1. [eiser] heeft met ingang van 1 oktober 2005 en voor de duur van één jaar verhuurd aan [gedaagde] een inpandige kamer in het Sport- en Gezondheidscentrum aan de [adres] te [woonplaats] ten behoeve van de fysiotherapiepraktijk van [gedaagde].

2.2. [eiser] heeft met een brief van 27 juni 2006 de huurovereenkomst opgezegd met ingang van 1 oktober 2006. [gedaagde] heeft vervolgens niet uitdrukkelijk toegestemd in de beëindiging van de huurovereenkomst.

2.3. [gedaagde] heeft zich op 6 oktober 2006 gewend tot de rechtbank Leeuwarden, sector kanton, locatie Sneek, met een verzoek tot verlenging van de ontruimingstermijn, eén en ander op grond van het bepaalde in artikel 7:230a BW.

De beoordeling

3. De huurovereenkomst tussen partijen heeft betrekking op bedrijfsruimte als bedoeld in artikel 7:230a BW. Ingevolge het bepaalde in het derde lid van dit artikel geniet de huurder van rechtswege ontruimingsbescherming gedurende twee maanden na het tijdstip waartegen ontruiming is aangezegd en schorst de indiening van een verzoekschrift om de ontruimingstermijn te verlengen de ontruimingsverplichting op totdat op het verzoek is beslist.

Gelet hierop kan de vordering van [eiser], als zijnde in strijd met de wet, niet worden toegewezen. Hieraan doet niet af dat namens [eiser] ter zitting ontruiming is gevorderd met ingang van 1 november 2006 dan wel met ingang van 1 december 2006, omdat toewijzing van de ook aldus gewijzigde vordering nog steeds in strijd zou zijn met de in artikel 7:230a BW neergelegde ontruimingsbescherming.

4. [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het geding.

Beslissing

De kantonrechter:

Rechtdoende in kort geding

wijst de vordering af;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van [gedaagde] begroot op € 250,00 wegens salaris gemachtigde.

Aldus gewezen door mr. P. Schulting, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 oktober 2006 in tegenwoordigheid van de griffier.

c 73