Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2006:AY9166

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
22-09-2006
Datum publicatie
29-09-2006
Zaaknummer
06/2165
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

De vergunninghouder is gestart met de werkzaamheden. Naar aanleiding van het verzoek om voorlopige voorziening heeft de griffier van de rechtbank onderzocht of de vergunninghouder bereid is om de beslissing van de voorzieningenrechter af te wachten, hetgeen niet het geval blijkt te zijn. Voorts is onderzocht of partijen op 22 september 2006 ter zitting konden verschijnen voor de inhoudelijke behandeling van het verzoek. Namens verweerder is gesteld dat dit niet mogelijk is, omdat er geen vervoersbewijzen voor de veerboot meer verkrijgbaar zijn. Onder de hiervoor geschetste omstandigheden komt het de voorzieningenrechter aangewezen voor om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat het bestreden besluit wordt geschorst totdat hij uitspraak heeft gedaan inzake het verzoek om voorlopige voorziening.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector bestuursrecht

Uitspraak ex artikel 8:84 van de Algemene wet bestuursrecht

Reg.nr.: 06/2165

Inzake het geding tussen

[verzoeker], wonende te Hollum-Ameland, verzoeker,

gemachtigden: ing. A.M. Bruin en mr. L.T. Florijn,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ameland, verweerder.

Motivering

Bij brief van 12 juli 2006 heeft verweerder aan de Exploitatiemaatschappij Ameland BV mededeling gedaan van zijn besluit tot het verlenen van een bouwvergunning voor het bouwen van zes appartementen op het adres Ridderweg 16 te Hollum.

Verzoeker heeft tegen dit besluit bij verweerder een bezwaarschrift ingediend. Op 21 september 2006 heeft hij zich tevens tot de voorzieningenrechter gewend met het verzoek om ten aanzien van het bestreden besluit een voorlopige voorziening te treffen.

De vergunninghouder is gestart met de werkzaamheden. Naar aanleiding van het verzoek om voorlopige voorziening heeft de griffier van de rechtbank onderzocht of de vergunninghouder bereid is om de beslissing van de voorzieningenrechter af te wachten, hetgeen niet het geval blijkt te zijn. Voorts is onderzocht of partijen op 22 september 2006 ter zitting konden verschijnen voor de inhoudelijke behandeling van het verzoek. Namens verweerder is gesteld dat dit niet mogelijk is, omdat er geen vervoersbewijzen voor de veerboot meer verkrijgbaar zijn.

Onder de hiervoor geschetste omstandigheden komt het de voorzieningenrechter aangewezen voor om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat het bestreden besluit wordt geschorst totdat hij uitspraak heeft gedaan inzake het verzoek om voorlopige voorziening.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- treft de voorlopige voorziening dat het bestreden besluit van 10 juli 2006 wordt geschorst tot het tijdstip, waarop de voorzieningenrechter uitspraak heeft gedaan op het verzoek om voorlopige voorziening van 21 september 2006.

Aldus gegeven door mr. U. van Houten, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 22 september 2006, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Jansen als griffier.

w.g. M.A. Jansen

w.g. U. van Houten

Tegen deze uitspraak kan geen rechtsmiddel worden aangewend.

Verzonden per fax op 22 september 2006.