Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2005:AU8577

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
22-12-2005
Datum publicatie
23-12-2005
Zaaknummer
17/880193-05 VEV
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Diefstal gevolgd van geweld en bedreiging met geweld, stelselmatige dader, ISD-maatregel, recidive, veiligheid van personen en goederen, tussentijdse beoordeling, verblijfsplan

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 38m
Wetboek van Strafrecht 38n
Wetboek van Strafrecht 38s
Wetboek van Strafrecht 312
Wetboek van Strafrecht 421
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Leeuwarden

Sector strafrecht

VERKORT VONNIS

Uitspraak: 22 december 2005

Parketnummer: 17/880193-05

VONNIS van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres],

thans gedetineerd in P.I. Noord, HvB De Blokhuispoort, te Leeuwarden.

De rechtbank heeft gelet op het ter terechtzitting gehouden onderzoek van 8 december 2005.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. J.F. Rouwé-Danes, advocaat te Leeuwarden.

TELASTELEGGING

Aan dit vonnis is een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van de dagvaarding gehecht, waaruit de inhoud van de telastelegging geacht moet worden hier te zijn overgenomen.

In de telastelegging voorkomende schrijffouten of kennelijke misslagen worden verbeterd gelezen. De verdachte is hierdoor niet in zijn belangen geschaad.

BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht het telastegelegde bewezen, met dien verstande dat:

hij op 27 augustus 2005 te Leeuwarden, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een aldaar aan de Bilgaardpassage gevestigde winkel genaamd [slachtoffer] twee flessen port, toebehorende aan [slachtoffer], welke diefstal werd gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen [medewerker] en [medewerker], gepleegd met het oogmerk om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte hierboven genoemde personen heeft toegevoegd de woorden: "Als ik mee moet pak ik een pistool" en "Ik heb een mes, ik steek je neer" waarbij verdachte zijn hand in zijn jas steekt en om zich heen heeft geslagen en getrokken terwijl die [medewerkers] verdachte probeerden vast te pakken en heeft verdachte schoppende bewegingen gemaakt, terwijl nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert de verdachte een wegens diefstal opgelegde gevangenisstraf geheel of ten dele heeft ondergaan;

De verdachte zal van het meer of anders telastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

KWALIFICATIE

Het bewezene levert op het misdrijf:

Diefstal gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert de schuldige een wegens diefstal opgelegde straf, geheel of ten dele heeft ondergaan.

STRAFBAARHEID VERDACHTE

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

STRAFMOTIVERING

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden strafsoort en strafmaat in aanmerking:

- de aard en de ernst van het gepleegde feit;

- de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken en deze naar voren komt uit het uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 2 september 2005 en het voorlichtingsrapport;

- het bepaalde in artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht;

- de vordering van de officier van justitie dat verdachte de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaren wordt opgelegd;

- het pleidooi van de raadsvrouw.

Verdachte heeft zich binnen een dag na zijn vrijlating uit een eerdere detentie schuldig gemaakt aan diefstal gevolgd van geweld en bedreiging met geweld van twee flessen port. Dit is een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten.

Verdachte is een stelselmatige dader. Uit zijn 55 pagina's tellend strafblad, dat begint in 1976, blijkt dat verdachte met name vele malen is veroordeeld wegens diefstallen. In de vijf jaar, voorafgaand aan het onderhavige feit, is verdachte meer dan tien keer terzake van een misdrijf veroordeeld tot vrijheidsbenemende straf. Het nu telastegelegde feit is begaan nadat ten minste drie van deze straffen zijn tenuitvoergelegd.

Verslavingszorg Noord Nederland, hierna de reclassering, heeft een voorlichtingsrapport, gedateerd 5 december 2005, over verdachte opgesteld. In dit rapport wordt de wenselijkheid van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD-maatregel) uiteengezet. Uit het rapport blijkt, op grond van het gehanteerde RISc meetinstrument, dat de kans dat verdachte wederom strafbare feiten zal plegen groot is. Tevens blijkt uit dat rapport dat aan verdachte in de loop der jaren verschillende soorten hulp is geboden en dat die hulp niet de gewenste gedragsverandering tot gevolg heeft gehad en dat dit mede te wijten is aan de negatieve houding van verdachte ten opzichte van de geboden hulp. Verdachte heeft ter zitting aangegeven dat hij alleen hulp nodig heeft bij praktische zaken zoals het vinden van huisvesting en het verkrijgen van een uitkering. De reclassering is echter van oordeel dat gezien de ernst van de verslavingsproblematiek van verdachte er meer nodig is dan het verlenen van hulp bij praktische zaken. Ter zitting heeft de heer [naam] van de reclassering aangegeven dat de reclassering de ISD-maatregel voor verdachte adviseert.

Naar het oordeel van de rechtbank wordt in het onderhavige geval voldaan aan alle vereisten die de wet stelt aan het opleggen van de ISD-maatregel. Gelet op de mate en het tempo van recidive, de constatering dat de hulp die verdachte tot nu toe heeft ontvangen niet het gewenste resultaat heeft gehad en de negatieve houding van verdachte om iets te doen aan zijn verslavingsproblematiek is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van personen en goederen het opleggen van de ISD-maatregel eist voor de maximale termijn van twee jaren. De tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze maatregel in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, zal, nu dit niet in overeenstemming is met de aard van de maatregel, niet in mindering worden gebracht op de duur van de maatregel.

De rechtbank zal tevens beslissen dat een tussentijdse beoordeling van de noodzaak van de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel zal plaatsvinden een jaar na aanvang van de maatregel.

TOEPASSING VAN WETSARTIKELEN

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 38m, 38n, 38s, 63, 312 en 421 van het Wetboek van Strafrecht.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT

RECHTDOENDE:

Verklaart het telastegelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar in voege als voormeld en verdachte deswege strafbaar;

Veroordeelt verdachte te dier zake tot:

Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaar.

Beslist dat een beoordeling van de noodzaak van de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de maatregel zal plaatsvinden een jaar na aanvang van de maatregel.

Bepaalt dat de zaak daartoe over een jaar zal worden geplaatst op een zitting van de meervoudige kamer en bepaalt dat de officier van justitie zal zorgdragen voor een verklaring van de directeur van de inrichting omtrent de stand van de uitvoering van het verblijfsplan van de veroordeelde.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan het bewezenverklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.H. Severein, voorzitter, mr. M.J. Dijkstra en mr. Y. Huizing, rechters, bijgestaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 22 december 2005.

Mr. Dijkstra is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.