Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2005:AT8144

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
15-06-2005
Datum publicatie
23-06-2005
Zaaknummer
05/560
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Verzoek om afgifte rijbewijs. Beslistermijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN

Sector bestuursrecht

Uitspraak ex artikel 8:84 van de Algemene wet bestuursrecht

Reg.nr.: 05/560

Inzake

[A], wonende te [B], verzoeker,

gemachtigde: mr. J.H. van der Meulen, advocaat te Joure,

en

de burgemeester van de gemeente Ferwerderadiel, verweerder,

gemachtigde: B.Y. Jager, medewerker bij verweerders gemeente.

Procesverloop

Bij brief van 1 maart 2005 is namens verzoeker verzocht om met de passende voortvarendheid over te gaan tot de afgifte van een nieuw rijbewijs.

Op 9 juni 2005 is namens verzoeker tegen het uitblijven van een beslissing op deze aanvraag bezwaar gemaakt bij verweerder.

Tevens heeft verzoeker zich bij brief van 18 april 2005 tot de voorzieningenrechter gewend met het verzoek om op grond van art. 8:81 lid 1 Algemene wet bestuursrecht (Awb) een voorlopige voorziening te treffen, in die zin dat verweerder wordt opgedragen op korte termijn een beslissing te nemen.

Het verzoek is ter zitting behandeld op 14 juni 2005. Verzoeker is in persoon verschenen. Namens verweerder bovengenoemde gemachtigde verschenen.

Motivering

Op grond van art. 8:81 lid 1 Awb kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

Ten aanzien van de ontvankelijkheid van het verzoek overweegt de voorzieningenrechter dat niet is gebleken van beletselen om verzoeker te kunnen ontvangen. Voorts is genoegzaam aangetoond dat verzoeker een spoedeisend belang heeft bij de gevraagde voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter overweegt het volgende.

In art. 4:13 lid 1 Awb is bepaald dat een beschikking dient te worden gegeven binnen de bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn of, bij het ontbreken van zulk een termijn, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag.

In art. 4:13 lid 2 Awb is bepaald dat de in het eerste lid bedoelde redelijke termijn in ieder geval is verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een kennisgeving als bedoeld in art. 4:14 heeft gedaan.

Art. 4:14 Awb bepaalt dat indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, het bestuursorgaan de aanvrager daarvan in kennis stelt en het daarbij een redelijke termijn noemt waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.

De voorzieningenrechter stelt vast dat met de brief van 1 maart 2005 is verzocht om de spoedige afgifte van het gevraagde rijbewijs en dat de termijn waarbinnen op de ingediende aanvraag beslist had moeten worden verstreken is zonder dat verweerder op het verzoek een besluit heeft genomen. Voor zover verweerder betoogt dat op grond van art. 4:15 Awb de termijn voor het nemen van een besluit is opgeschort, omdat de aanvraag onvolledig zou zijn, overweegt de voorzieningenrechter dat niet is gebleken dat verzoeker overeenkomstig art. 4:5 Awb in de gelegenheid is gesteld binnen een door verweerder te bepalen termijn zijn aanvraag aan te vullen. De beslistermijn is daarom niet opgeschort.

Gelet op het bovenstaande is de voorzieningenrechter van oordeel dat het bezwaar van verzoeker gegrond verklaard zal worden. Het verzoek om een voorlopige voorziening zal daarom toegewezen worden. De voorzieningenrechter zal bepalen dat verweerder thans binnen vier weken na dagtekening van deze uitspraak alsnog een beslissing op verzoekers aanvraag van 1 maart 2005 moet nemen.

De voorzieningenrechter bepaalt dat de gemeente Ferwerderadiel het door verzoeker gestorte griffierecht van € 138,= dient te vergoeden.

De voorzieningenrechter acht geen termen aanwezig voor het uitspreken van een proceskostenveroordeling, nu in de onderhavige procedure niet van deze kosten is gebleken.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe;

- bepaalt dat verweerder binnen vier weken na dagtekening van deze uitspraak alsnog een beslissing op de aanvraag van 1

maart 2005 neemt;

- bepaalt dat de gemeente Ferwerderadiel het betaalde griffierecht van € 138,= aan verzoeker vergoedt.

Aldus gegeven door mr. D.J. Keur, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2005, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Jansen als griffier.

w.g. M.A. Jansen

w.g. D.J. Keur

Tegen deze uitspraak kan geen rechtsmiddel worden aangewend.

Schriftelijke uitspraak verzonden op: 17 juni 2005