Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2005:AT3278

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
14-01-2005
Datum publicatie
25-07-2005
Zaaknummer
138268 /CV EXPL 03-5589
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Huur. Huurder is aansprakelijk voor betaling van de huurtermijnen voor de periode dat het gehuurde (geleaste) voertuig gestolen was, nu de diefstal voor rekening en risico van huurder komt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJF 2005, 124

Uitspraak

Rechtbank Leeuwarden

Sector Kanton

Locatie Leeuwarden

VONNIS

Uitspraak: 14 januari 2005

138628 /CV EXPL 03-5589

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid RUNNER TRUCK LEASE & RENTAL B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres,

hierna te noemen Runner,

gemachtigde: mr. M. Rebel, advocaat te Amersfoort,

tegen

[x], h.o.d.n. Handelsmaatschappij [x],

wonende te [woonplaats], [adres],

gedaagde,

hierna te noemen [x],

voorheen gemachtigde: mr. W.L.R. Schuurmans, advocaat te Roden,

thans procederende in persoon.

OVERWEGINGEN

Procesverloop

1. Ingevolge het tussenvonnis van 23 april 2004 is er op 4 oktober 2004 een comparitie gehouden. Daarna heeft [x] een akte en Runner een antwoordakte genomen. Vervolgens is wederom vonnis bepaald op de stukken, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt.

De verdere beoordeling van het geschil

2.1. Als gesteld en erkend, dan wel als niet of onvoldoende weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud der overgelegde producties staat het volgende vast.

2.2. Op 20 juni 2003 hebben Runner als verhuurder en [x] als huurder een

huurovereenkomst voor onbepaalde tijd gesloten met betrekking tot een trekker, waarop de leveringsvoorwaarden van Runner van toepassing zijn. Het huurbedrag bedraagt € 570,-- per week te vermeerderen met € 0,13 per gereden kilometer, exclusief BTW.

2.3. In artikel 12 van de leveringsvoorwaarden staat onder andere dat de huurperiode eindigt op het tijdstip waarop Runner het voertuig terugontvangt.

2.4. Het voertuig is later door de politie in Frankrijk aangetroffen en op 26 juni 2003 door de Franse politie in beslag genomen, nadat de politie drugs in het voertuig heeft aangetroffen.

2.5. Op 30 juni 2003 heeft [x] aangifte bij de Nederlandse politie gedaan van diefstal van de trekker. Uit het hiervan opgemaakte proces verbaal blijkt dat [x] heeft verklaard dat hij op vrijdag 20 juni 2003 de trekker en een oplegger 's avonds heeft geparkeerd op een industrieterrein. Op dinsdag 24 juni 2003 is [x] weer naar het industrieterrein gegaan, alwaar de combinatie nog steeds geparkeerd stond. [x] heeft toen tien waterpompen in de oplegger geladen, waarna hij de vrachtwagen heeft afgesloten. De sleutel van de trekker heeft [x] vervolgens verstopt in één van de waterpompen en de oplegger heeft hij met een hangslot afgesloten. Toen [x] op zaterdag 28 juni 2003 wederom op het industrieterrein kwam, constateerde hij dat de trekker en oplegger weg waren.

2.6. Op 17 juli 2003 heeft Runner het voertuig gerepatrieerd. Uit de akte aangaande de opheffing van het beslag (acte de main levee) blijkt dat de trekker is gerepatrieerd door een gemachtigde van Runner, te weten de heer [a] (hierna te noemen [a]).

2.7. Runner heeft ter zake de huurovereenkomst een drietal facturen aan [x] verzonden, te weten:

- op 30 juni 2003 factuurnummer 254497 ad € 1.220,35, met betrekking tot de huurperiode van 20 juni 2003 tot 30 juni 2003 en welke ziet op een huurtarief van € 949,62 en gereden kilometers ad € 270,73, inclusief BTW;

- op 23 juli 2003 factuurnummer 255076 ad € 457,19, met betrekking tot de huurperiode van 20 juni 2003 tot 18 juli 2003 en welke ziet op een huurtarief van € 1.975,40, gereden kilometers ad € 546,21, dieselverbruik van

€ 646,41, een eurovignet van € 9,52 en waarop factuurnummer 254497 exclusief BTW én betaalde borg van € 1.500,-- in mindering is gebracht;

- op 20 juli 2003 factuurnummer 23402715 ad € 2.558,50, welke ziet op het repatriëren van het voertuig.

Het standpunt van Runner

3.1. Runner stelt zich op het standpunt dat zij uit hoofde van de tussen partijen gesloten huurovereenkomst een vordering van € 4.236,04, zijnde het totaalbedrag van de drie verzonden facturen, op [x] heeft. Waar [x] stelt dat hij vanaf het moment van diefstal niet meer verantwoordelijk is voor het voertuig stelt Runner dat [x] dermate onzorgvuldig heeft gehandeld dat er sprake is van wanprestatie dan wel onrechtmatige daad, nu [x] acht dagen een met goederen beladen voertuig onbeheerd op een onbeveiligd industrieterrein heeft geparkeerd, en daarbij ook nog eens de sleutels van het voertuig in of bij het voertuig heeft achtergelaten. Runner voert aan dat bij de inbeslagname door de Franse politie er geen sprake was van schade aan de trekker en dat de originele sleutel in het voertuig lag. Ter adstructie van deze stelling overlegt Runner een tweetal door werknemers ondertekende verklaringen waaruit zulks blijkt. Runner betwist dat [x] de oplegger met een hangslot heeft afgesloten.

3.2. Tot slot vordert Runner buitengerechtelijke incassokosten van € 450,-- en op grond van artikel 12 van de op de huurovereenkomst van toepassing zijnde leveringsvoorwaarden contractuele rente.

Het standpunt van [x]

4.1. [x] betwist de verschuldigdheid van de vordering en stelt dat Runner niet aannemelijk heeft kunnen maken dat de diefstal is verricht met de sleutel van de trekker die hij op een uiterst inventieve wijze in één van de waterpompen in de oplegger heeft verstopt, welke oplegger hij vervolgens weer met een hangslot heeft afgesloten. [x] betwist dan ook dat hij de sleutels onbeheerd in de trekker heeft laten liggen. Reden waarom hij Runner heeft verzocht om een afschrift van het door de Franse gendarmerie opgestelde proces-verbaal, waaruit zou kunnen blijken op welke wijze de trekker is gestolen.

4.2. Voorts stelt [x] dat hij nimmer in de gelegenheid is gesteld om de trekker zelf uit Frankrijk op te halen waardoor de repatriëringskosten voorkomen dan wel verminderd hadden kunnen worden. Dat alleen Runner als eigenaar gerechtigd zou zijn om de trekker te repatriëren betwist [x], nu hij net als [a], die de trekker heeft gerepatrieerd, gemachtigd had kunnen worden.

De beoordeling van het geschil

5. De hoofdvordering van Runner bestaat uit twee componenten: enerzijds de huurpenningen en daarbij behorende kosten en anderzijds de repatriëringskosten.

6. Ter zake de gevorderde huur en de daarbij behorende kosten overweegt de kantonrechter het volgende. Bij een huurovereenkomst verplicht de verhuurder zich om aan de huurder het verhuurde in gebruik te verstrekken en de huurder verplicht zich om de huur gedurende de huurovereenkomst als tegenprestatie op de overeengekomen wijze en tijdstippen te voldoen. Runner heeft het voertuig op 20 juni 2003 aan [x] ter beschikking gesteld, waarmee zij aan de op haar rustende verplichting tot verschaffing van het huurgenot heeft voldaan. De kantonrechter leest het verweer van [x] aldus dat [x] meent dat hij niet gehouden is om de overeengekomen huurpenningen en daarbij komende kosten te voldoen, nu het voertuig ontvreemd zou zijn. Dit verweer dient naar het oordeel van de kantonrechter te falen en wel om de navolgende reden.

6.1. Gedurende de huurperiode, die volgens artikel 12 van de leveringsvoorwaarden niet eerder eindigt dan op het tijdstip waarop Runner het voertuig terugontvangt, is [x] als huurder in beginsel de overeengekomen huur verschuldigd. Er kunnen zich evenwel in bepaalde situaties omstandigheden voordoen waarin de huurder zich op overmacht kan beroepen en mitsdien de overeengekomen huur (gedurende de (gehele) huurperiode) niet verschuldigd is. Hiervan is echter geen sprake en hiertoe wordt het volgende overwogen.

[x] heeft gesteld dat hij de sleutel van de trekker op een uiterst inventieve wijze in één van de waterpompen in de oplegger heeft verstopt, welke oplegger hij vervolgens weer met een hangslot heeft afgesloten. De kantonrechter heeft [x] in de gelegenheid gesteld om aan te tonen dat hij de waterpompen daadwerkelijk heeft gekocht. Hierin is hij niet geslaagd. De gevraagde verklaring van de pompleverancier waaruit zou blijken dat de pompen zijn geleverd heeft [x] niet overgelegd. Runner daarentegen heeft bij antwoordakte een verklaring van de vermeende pompleverancier overgelegd, waaruit blijkt dat deze in het geheel geen pompen aan [x] heeft geleverd. Hierdoor is het niet aannemelijk dat [x] de sleutel op de door hem gestelde wijze heeft verstopt. Nu daarmee niet vaststaat op welke wijze [x] het gehuurde heeft achtergelaten, heeft [x] ook niet aannemelijk kunnen maken, dat het gestelde verdwijnen van de combinatie niet voor zijn risico behoort te komen. De gevorderde overeengekomen huurpenningen is [x] dan ook verschuldigd over de in rekening gebrachte periode, te weten 20 juni 2003 tot en met 17 juli 2003, zijnde de dag waarop Runner het voertuig weer in haar bezit heeft gekregen. Hetzelfde geldt onverkort voor de gereden en de in rekening gebrachte kilometers en brandstofverbruik.

6.2. Ten overvloede overweegt de kantonrechter dat ook al zou het voertuig wel ontvreemd zijn op de door [x] aangegeven wijze, [x] ook dan de gevorderde huur verschuldigd zou zijn geweest, nu hem van de diefstal van het voertuig een verwijt gemaakt had kunnen worden. Immers, door een met goederen beladen voertuig meerdere dagen op een verlaten en niet beveiligd industrieterrein onbeheerd achter te laten, daarbij de sleutels van het voertuig in het voertuig achterlatend, handelde hij als huurder bewust roekeloos, en met de wetenschap dat er schade uit zou kunnen voortvloeien. Hiermee gaf hij als huurder blijk van onzorgvuldig handelen en is hij mitsdien de overeengekomen huurpenningen verschuldigd.

7. Met betrekking tot de gevorderde repatriëringskosten overweegt de kantonrechter het volgende. Runner vordert deze kosten kennelijk bij wege van schade veroorzaakt doordat [x] de trekker niet heeft terugbezorgd, waardoor hij in verzuim is geraakt in de nakoming van deze verplichting. Uit de stellingen van [x] blijkt, dat hij zich er kennelijk op beroept, dat hij niet in gebreke gesteld is. Onder omstandigheden kan een beroep op het ontbreken van een ingebrekestelling onaanvaardbaar zijn of worden aangenomen dat op grond van de redelijkheid en billijkheid een ingebrekestelling achterwege kan blijven en de schuldenaar zonder ingebrekestelling in verzuim raakt. De kantonrechter is van oordeel dat hiervan in het onderhavige geval sprake is. Immers, Runner heeft onvoldoende betwist gesteld dat bij de inbeslagname door de Franse politie er geen sprake was van schade aan de trekker en dat de originele sleutel met de aluminiumsleutelhanger met daarop het kenteken genoteerd in het voertuig lag. Ter comparitie heeft Runner nog aangevoerd dat het voertuig voorzien was van een alarmsysteem waarbij de sleutel, waaraan een code is gekoppeld, niet valt na te maken. Een tweede sleutel kan alleen bij de dealer op gevraagd worden. Hoewel [x] heeft gesteld dat sleutels in zijn algemeenheid makkelijk na te maken zijn, heeft hij de specifieke stelling van Runner onvoldoende gemotiveerd weersproken. Nu de Franse politie voorts drugs heeft aangetroffen in het voertuig is de kantonrechter van oordeel dat Runner er belang bij had het voertuig zelf te repatriëren. Anders dan [x] overweegt de kantonrechter dan ook dat Runner [x] ter zake de repatriëring niet in gebreke had hoeven te stellen. De gevorderde repatriëringskosten ad € 2.558,50 zullen derhalve worden toegewezen, nu deze de kantonrechter ook niet onredelijk hoog voorkomen.

8. Voorts heeft Runner gesteld buitengerechtelijke kosten te hebben gemaakt en heeft ter zake daarvan een bedrag van € 450,-- gevorderd. Op grond van het rapport Voorwerk II zijn buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd indien inderdaad werkelijke incassowerkzaamheden hebben plaats gevonden. Nu niet is gebleken dat de verrichtingen meer hebben omvat dan het enkel versturen van een brief op 30 oktober 2003 en voor het overige niet is gebleken van andere kosten die zijn gemaakt anders dan ter voorbereiding van de gedingstukken en ter instructie van de zaak, zal de kantonrechter de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten afwijzen. De gevorderde contractuele rente zal de kantonrechter daarentegen als niet betwist toewijzen, nu deze hem ook niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.

9. [x] zal als de grotendeels in het ongelijk te stellen partij in de kosten van deze procedure worden veroordeeld.

BESLISSING

De kantonrechter:

veroordeelt [x] tot betaling aan Runner van een bedrag groot € 4.236,04 (zegge: vierduizend zeshonderd zesentachtig euro en vier eurocent), te vermeerderen met de contractuele rente ad 1,5% per maand over € 4.236,04 vanaf de vervaldata van de facturen tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt [x] in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van Runner begroot op € 945,-- wegens salaris en op € 230,20 wegens verschotten;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Aldus gewezen door mr. J.C.G. Leijten, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 januari 2005 in tegenwoordigheid van de griffier.

C 151