Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2004:AO9158

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
20-04-2004
Datum publicatie
12-05-2004
Zaaknummer
17/080238-03VEV
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

uitgaansgeweld, wapenbezit, deels vrijspraak en veroordeling

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht 287
Wetboek van Strafrecht 45
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Leeuwarden

Sector strafrecht

VERKORT VONNIS

Uitspraak: 20 april 2004

Parketnummer: 17/080238-03

VONNIS van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

niet als ingezetene ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens en zonder

bekende feitelijke woon- of verblijfplaats,

thans gedetineerd in PI Noord, HvB De Blokhuispoort, te Leeuwarden.

De rechtbank heeft gelet op het ter terechtzitting gehouden onderzoek van 6 april 2004.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. J.F. Rouwé-Danes, advocaat te Leeuwarden.

TELASTELEGGING

Aan dit vonnis is een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van de dagvaarding gehecht, waaruit de inhoud van de telastelegging geacht moet worden hier te zijn overgenomen.

In de telastelegging voorkomende schrijffouten of kennelijke misslagen worden verbeterd gelezen. De verdachte is hierdoor niet in zijn belangen geschaad.

PARTIËLE VRIJSPRAAK

De verdachte moet van het onder 2. telastegelegde worden vrijgesproken, omdat de rechtbank niet bewezen acht dat verdachte (mede) over het betreffende wapen kon beschikken.

BEWEZENVERKLARING

De rechtbank acht het onder 1. telastegelegde bewezen, met dien verstande dat:

hij op 20 december 2003 te Leeuwarden, in de gemeente Leeuwarden, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer] van het leven te beroven, met dat opzet met een pistool schietend lukraak heeft staan rondzwaaien, waardoor [slachtoffer] in haar benen werd geraakt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

De verdachte zal van het meer of anders telastegelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

KWALIFICATIE

Het bewezene levert op het misdrijf:

1. Poging tot doodslag.

STRAFBAARHEID VERDACHTE

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

STRAFMOTIVERING

De rechtbank neemt bij de bepaling van de hierna te vermelden strafsoort en strafmaat in aanmerking:

- de aard en de ernst van het gepleegde feit;

- de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken en deze naar voren komt uit het uittreksel uit het algemeen documentatieregister en het voorlichtingsrapport;

- de vordering van de officier van justitie tot veroordeling van verdachte terzake het onder 1. telastegelegde tot drie jaren gevangenisstraf;

- het pleidooi van de raadsvrouw.

De rechtbank heeft bewezen verklaard dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot doodslag. Verdachte heeft zich met een geladen wapen op zak opgehouden in een horecagelegenheid waar hij ruzie kreeg met een bezoeker. Het wapen is in de horecagelegenheid afgegaan waarna de bezoeker het pand verliet. Verdachte heeft zich vervolgens op straat begeven - een straat waarin meerdere horecagelegenheden zijn gesitueerd - en op welke straat zich nog uitgaanspubliek bevond. Verdachte heeft vervolgens met het pistool lukraak in het rond geschoten en het mag een wonder heten dat er geen dodelijke slachtoffers te betreuren zijn. Afgeketste delen van een kogel of kogels hebben een slachtoffer geraakt die daardoor verwondingen opliep. De rechtbank rekent het verdachte zwaar aan dat hij een geladen wapen voorhanden heeft en dat hij dat wapen in een druk uitgaanscentrum bij zich draagt. Het is daarnaast bijzonder kwalijk dat een kennelijk gering meningsverschil voor verdachte voldoende aanleiding en rechtvaardiging vormt om het wapen ook daadwerkelijk te gaan gebruiken; dit alles ook nog onder invloed van drank en cocaïne.

De rechtbank acht, gelet op vorenstaande overwegingen, een gevangenisstraf van aanzienlijke duur op zijn plaats en kan zich verenigen met hetgeen door de officier van justitie is gevorderd.

TOEPASSING VAN WETSARTIKELEN

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 45 en 287 van het Wetboek van Strafrecht.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT

RECHTDOENDE:

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte onder 2. is telastegelegd en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1. telastegelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar in voege als voormeld en verdachte deswege strafbaar.

Veroordeelt verdachte te dier zake tot:

Een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren.

Beveelt, dat de tijd door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en/of voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is telastegelegd dan het bewezenverklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door mr. B. Kuizenga, voorzitter, mr. J.J. Beswerda en mr. H.R. Bax, rechters, bijgestaan door T.L. Komrij, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 20 april 2004.

Mr. Bax is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.