Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBLEE:2002:AE3804

Instantie
Rechtbank Leeuwarden
Datum uitspraak
06-06-2002
Datum publicatie
06-06-2002
Zaaknummer
17/080008-02von
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Rechtbank Leeuwarden

Sector strafrecht

VONNIS

Uitspraak: 6 juni 2002

Parketnummer: 17/080008-02

VONNIS van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres],

thans gedetineerd in PI De Wieling, locatie De Marwei

De rechtbank heeft gelet op het ter terechtzitting gehouden onderzoek van 23 mei 2002.

De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. E. van der Meer, advocaat te Joure.

TELASTELEGGING

Aan dit vonnis is een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van de dagvaarding gehecht, waaruit de inhoud van de telastelegging geacht moet worden hier te zijn overgenomen.

BERAADSLAGING

Tijdens de beraadslaging is de rechtbank tot het oordeel gekomen dat het onderzoek ter terechtzitting onvolledig is geweest ten aanzien van de persoon van verdachte. De rechtbank acht zich namelijk onvoldoende voorgelicht omtrent onder meer de onderstaande onderwerpen, welke punten van belang zijn mede in het licht van de eerder door de officier van justitie op 4 februari 2002 schriftelijk aan de gedragsdeskundige(-n) gestelde vragen omtrent de persoon van verdachte:

a) De verklaring voor de vaststelling in de rapportages enerzijds dat verdachte een langdurige (alcohol-)verslavingsproblematiek kent en anderzijds dat hij voor zover bekend eerst ten tijde van het plegen van het onderhavige feit werd overvallen door een (mede door dat alcoholgebruik veroorzaakte) ontremming als door de gedragsdeskundigen bedoeld. Hierbij is voorts van belang dat opvallend is dat het justitiële documentatieblad van verdachte, afgezien van veroordelingen voor twee mishandelingen rond 1978/1979, voor brandstichting en dierenmishandeling rond 1981, geen geweldscriminaliteit vermeldt en in het geheel geen veroordelingen na 1990.

b) De relevantie van het feit dat verdachte recidiverende ontstekingen aan de alvleesklier ondervindt, dat hij suikerpatiënt is, dat hij naar zijn zeggen voorafgaand aan het telastegelegde feit alcohol had genuttigd en dat verdachte, terwijl hij twee keer per dag insuline zou moeten injecteren, op 3 januari 2002 's ochtends niet en 's avonds wel insuline had gespoten (p. 75 proces-verbaal nr. 2002000957).

c) De vraag of er sprake is van een stoornis in de geheugenfuncties van verdachte, gelet op zijn verklaringen in het proces-verbaal omtrent zijn herinneringen ter zake het telastegelegde feit, en zo ja, wat daarvan de mogelijke oorzaak is.

d) De waarnemingen en bevindingen welke specifiek hebben geleid tot de conclusie dat (onder meer) sprake is van een antisociale persoonlijkheidsstoornis met een neiging tot acting-outgedrag.

e) De waarnemingen en bevindingen welke specifiek een rol hebben gespeeld bij het advies tot een terbeschikkingstelling met voorwaarden, alsmede de redenen waarom juist die behandelmodaliteit zou zijn aangewezen boven een terbeschikkingstelling met dwangverpleging.

Geïndiceerd lijkt derhalve een nader onderzoek naar de geestvermogens van verdachte. Gezien de aard en omvang van de bij de rechtbank levende vragen lijkt het aangewezen dat onderzoek te laten plaatsvinden in het Pieter Baan Centrum te Utrecht, nu daarbij eveneens medisch onderzoek wordt verricht althans kan worden verricht en voorts milieurapportage wordt uitgebracht.

Alvorens een beslissing te nemen omtrent een mogelijk bevel tot overbrenging van verdachte ter observatie naar een inrichting tot klinische observatie bestemd (zoals het Pieter Baan Centrum te Utrecht), zal de rechtbank achtereenvolgens de gedragsdeskundigen Th.A.M. Deenen, psycholoog, en/of R. Vriesema, psychiater, de officier van justitie, de verdachte en zijn raadsman in de gelegenheid stellen om ter zake een dergelijk bevel te worden gehoord.

Gezien de zittingscapaciteit zal de behandeling van de zaak naar alle waarschijnlijkheid niet binnen één maand kunnen plaatsvinden zodat de rechtbank de termijn van hervatting van het onderzoek op maximaal drie maanden zal stellen.

DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT

RECHTDOENDE:

Beveelt dat het onderzoek ter terechtzitting dient te worden hervat op een nader te bepalen dag en uur, binnen 3 maanden na deze uitspraak.

Draagt de officier van justitie op de psycholoog Th.A.M. Deenen en/of de psychiater R. Vriesema als deskundige(-n) op te roepen voor de nader te bepalen terechtzitting.

Draagt de officier van justitie op verdachte en diens raadsman op te roepen voor de nader te bepalen terechtzitting.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. Dölle, voorzitter, mr. M.C. van der Mei en mr. E. Slofstra-Hoorn, rechters, bijgestaan door mr. B.E. Martini, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 6 juni 2002.

Mr. Slofstra-Hoorn is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Rechtbank Leeuwarden

Sector strafrecht

VERKORT PROCES-VERBAAL TERECHTZITTING

Parketnummer: 17/080008-02

Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van bovengenoemde rechtbank op 23 mei 2002.

Tegenwoordig:

mr. A.H.M. Dölle, voorzitter,

mr. M.C. van der Mei en mr. E. Slofstra-Hoorn, rechters,

mr. O.F. Brouwer, officier van justitie

en mr. B.E. Martini, griffier.

De voorzitter doet de zaak tegen na te noemen verdachte uitroepen.

De verdachte, ter terechtzitting aanwezig, antwoordt op de vragen van de voorzitter te zijn genaamd:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres].

thans gedetineerd in PI De Wieling, locatie De Marwei

Als raadsman van verdachte is ter terechtzitting aanwezig mr. E. van der Meer, advocaat te Joure.

De voorzitter verklaart het onderzoek gesloten en deelt mede, dat volgens de beslissing van de rechtbank de uitspraak zal plaats vinden ter terechtzitting van 6 juni 2002 te 13:30 uur.

Waarvan proces-verbaal, vastgesteld en ondertekend door de voorzitter en de griffier.