Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2012:CA3427

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
19-12-2012
Datum publicatie
17-06-2013
Zaaknummer
195273 / HA ZA 12-386
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Onteigeningen. Tussenvonnis van 7 november 2012 waarin alvorens over te gaan tot vervroegde onteigening en benoeming deskundige(n) partijen nadere informatie ten behoeve daarvan is verzocht. Zie ook vonnis van 19 december 2012.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK HAARLEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 195273 / HA ZA 12-386

Vonnis van 19 december 2012

in de zaak van

de publiekrechtelijke rechtspersoon

BUREAU BEHEER LANDBOUWGRONDEN,

zetelend te 's-Gravenhage,

eiseres,

advocaat mr. J.C. Binnerts te Haarlem,

tegen

[A],

wonende te Vijfhuizen,

advocaat mr. H.J.M. van Schie te Schiphol-Rijk.

en tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[B] B.V.

gevestigd te Vijfhuizen,

advocaat mr. H.J.M. van Schie te Schiphol-Rijk.

Partijen zullen hierna respectievelijk BBL, [A], [B], tezamen [A] c.s. genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 7 november 2012

- de antwoordakte van BBL

- de antwoordakte uitlating benoeming deskundigen [A] c.s.

1.2. Bij faxbericht van 11 december 2012 heeft de rechtbank de advocaten van partijen meegedeeld welke deskundige zij voornemens is te benoemen en verzocht bezwaar daartegen, indien dat mocht bestaan, gemotiveerd kenbaar te maken. Bij brieven van 13 december 2012 van mr. Binnerts respectievelijk 17 december 2012 van mr. van Schie is de rechtbank meegedeeld dat BBL respectievelijk [A] c.s. geen bezwaar hebben tegen de voorgenomen benoeming.

1.3. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De verdere beoordeling

2.1. Desgevraagd hebben partijen zich bij voornoemd tussenvonnis uitgelaten over de onder rechtsoverweging 3.5. van dat vonnis vermelde punten. Naar aanleiding van hetgeen partijen in hun reactie hebben vermeld ziet de rechtbank aanleiding zich door één deskundige te laten voorlichten voor begroting van de schadeloosstelling. Beide partijen hebben voorts geen bezwaar tegen de voorgenomen benoeming van de hierna genoemde deskundige, zodat de rechtbank daartoe als hierna vermeld zal overgaan.

2.2. Met inachtneming van het voorgaande alsmede al het overwogene in het tussenvonnis van 7 november 2012 zal de rechtbank de vordering van BBL als hierna vermeld toewijzen.

3. De beslissing

De rechtbank

3.1. spreekt uit de vervroegde onteigening ten name van BBL van de onroerende zaken, kadastraal bekend gemeente Haarlemmermeer sectie AB nummer 267, grondplannummer 2, groot 2ha, 23a en 60 ca, aangeduid als terrein (akkerbouw), en sectie AB nummer 1552, grondplannummer 3, groot 0ha, 15a en 75ca, aangeduid als terrein (grasland) nummer 1880,

3.2. bepaalt het door BBL als onteigenende partij te betalen voorschot op de schadeloosstelling op € 227.415,- (tweehonderdzevenentwintigduizend en vierhonderdvijftien euro),

3.3. bepaalt dat BBL geen zekerheid hoeft te stellen voor voldoening van de schadeloosstelling,

3.4. beveelt dat een deskundigenonderzoek zal plaats hebben ter begroting van de schadeloosstelling,

3.5. benoemt tot deskundige aan wie dit onderzoek wordt opgedragen:

dhr. C.G. Plomp

Plomp Makelaars & Taxateurs o.g.

Remiseweg 2

3438 LB Nieuwegein

3.6. benoemt tot rechter-commissaris die vergezeld van de griffier bij de opneming door de deskundigen tegenwoordig zal zijn, het lid van deze rechtbank mr. E. Jochem,

3.7. bepaalt dat het deskundigenonderzoek zal worden gehouden op een nader te bepalen plaats en tijdstip,

3.8. bepaalt dat de griffier aan degenen, die in de dagvaarding zijn vermeld en aan de deskundigen onverwijld een afschrift van dit vonnis zal toezenden,

3.9. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.10. wijst de in de gemeente Haarlemmermeer verschijnende editie van de Hoofddorpse Courant aan als nieuwsblad waarin overeenkomstig artikel 54 Ow dit vonnis binnen acht dagen nadat het kracht van gewijsde heeft verkregen door de griffier bij uittreksel zal worden geplaatst, alsmede waarin de aankondiging door de griffier zal moeten geschieden van de plaats en tijd van de door de rechter-commissaris te bepalen plaats en tijd van de opneming door deskundigen van de ligging en gesteldheid van het te onteigenen perceel,

3.11. houdt iedere verdere beslissing, waaronder die omtrent de kosten, aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2012.?