Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2012:BY7225

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
19-12-2012
Datum publicatie
21-12-2012
Zaaknummer
546873 \ CV EXPL 12-2257
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Aanneming van werk. Vervaltermijn van vijf jaar voor klachten na oplevering bouwwerk. Naar het oordeel van de kantonrechter is de vervaltermijn opnieuw aangevangen, nadat al eerder klachten waren verholpen. Aannemer veroordeeld om dakbedekkingssysteem te herstellen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RVR 2013/29

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 546873 \ CV EXPL 12-2257

datum uitspraak: 19 december 2012

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

[EISER]

te [woonplaats]

eisende partij

hierna te noemen [eiser]

gemachtigde voorheen mr. J.J.T. Tempelaars (DAS)

thans mr. M. Berenschot

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Tafelberg Haarlem B.V.

te Velserbroek

gedaagde partij

hierna te noemen Tafelberg

gemachtigde mr. S.P. Dalmolen

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 1 februari 2012, met producties,

- de door de kantonrechter tussen partijen gegeven en op 7 maart 2012 uitgesproken rolbeschikking,

- de conclusie van antwoord, met één productie,

- de door de kantonrechter tussen partijen gegeven en op 18 april 2012 uitgesproken rolbeschikking,

- de conclusie van repliek, met één productie,

- de conclusie van dupliek, met één productie,

- de akte uitlating productie van [eiser].

De kantonrechter heeft ambtshalve de dagvaarding gerectificeerd. Uit de processtukken van beide partijen blijkt immers dat de naam Hoogergeest Projectontwikkeling B.V. (hierna: Hoogergeest) is gewijzigd in Tafelberg Haarlem B.V. Nu Tafelberg kennelijk geen bezwaar heeft gemaakt tegen het feit dat de dagvaarding oorspronkelijk tegen Hoogergeest Projectontwikkeling B.V. was uitgebracht, is de kantonrechter tot rectificatie overgegaan.

De feiten

a. Hoogergeest en [eiser] hebben in 2003 een koop-/aannemingsovereenkomst (hierna: de overeenkomst) gesloten.

b. Deze overeenkomst betrof de bouw door Hoogergeest van de woning van [eiser] aan het adres [adres] (hierna: de woning).

c. De oplevering van de woning heeft in april 2005 plaatsgevonden.

d. Van de overeenkomst maakten onder meer de volgende bepalingen deel uit:

“Artikel 16 - Onderhoudsperiode met garantie en aansprakelijkheid van de ondernemer

1. Onverminderd zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 15 lid 1 garandeert de ondernemer rechtstreeks ingevolge deze voorwaarden de woning gedurende zes maanden na de datum van oplevering tegen daarin aan de dag getreden tekortkomingen. (…)

2. Na de in het eerste lid van dit artikel genoemde periode is de ondernemer niet meer aansprakelijk voor tekortkomingen aan de woning,

a. tenzij sprake is van een niet door de ondernemer aan de verkrijger schriftelijk kenbaar gemaakte afwijking van de technische omschrijving en/of tekeningen en/of eventuele staten van wijziging waardoor de verkrijger schade lijdt. (…)

b. tenzij de woning of enig onderdeel daarvan een ernstig gebrek heeft;

c. tenzij de woning of enig onderdeel daarvan een verborgen gebrek bevat en aan de ondernemer van zodanig verborgen gebrek binnen een redelijke periode na de ontdekking mededeling is gedaan;

d. onverminderd de aansprakelijkheid van de ondernemer ingevolge de garantie- en waarborgregeling van de in de overeenkomst genoemde waarborgende instelling.

3. (…)

4. (…)

5. De rechtsvordering uit hoofde van een ernstig gebrek is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van twintig jaren na de in het eerste lid van dit artikel genoemde periode.

6. De rechtsvordering uit hoofde van een verborgen gebrek is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van vijf jaren na de in het eerste lid van dit artikel genoemde periode, onverminderd het bepaalde in lid 5 van dit artikel.

(…)”

e. Bij brief van 31 augustus 2007 heeft de toenmalige gemachtigde van [eiser] het volgende aan Hoogergeest geschreven:

“(…)

Mijn cliënt heeft voor wat betreft de dakpannen (…)problemen. Inmiddels zijn ook bij cliënt diverse malen dakpannen losgeraakt en naar beneden gevallen, met de nodige gevolgschade.

De dakpannen liggen nog steeds niet goed. Destijds zijn alleen de afgewaaide dakpannen verankerd. De extra verankering in de nok door middel van panhaken, wat was toegezegd, is niet aangebracht.

Tevens is er sprake van de volgende bij u reeds gemelde gebreken en gevolgschade als gevolg van vallende dakpannen:

- de ramen in de keuken zitten vol met krassen. U heeft destijds iemand gestuurd om de ramen te polijsten, maar deze is er na 5 minuten mee gestopt omdat het te erg was. Cliënt heeft dit meteen weer gemeld, maar kreeg geen nieuwe ramen.

- cliënt heeft last van lekkage in de slaapkamer en vermoedt dat dit te maken heeft met de dakfolie;

- de lijsten van de kantelramen zijn beschadigd door vallende dakpannen;

- de gevel (carport) is gescheurd en gezakt;

- de pilaar naast de carport is nu ook gescheurd;

- de dakgoot achter is stuk door vallende dakpannen, alsmede het dak van de tuinkast;

Een onlangs geconstateerd gebrek betreft de vloer in het toilet. Deze ligt los. Waarschijnlijk is de aansluiting van het toilet op het riool niet goed, want de voegen blijven nat.

Cliënt stelt u aansprakelijk voor alle genoemde gebreken en gevolgschade aan onderhavige woning.

Namens cliënt verzoek ik u, en voor zover nodig sommeer ik u, om bovengenoemde gebreken en gevolgschade binnen 4 weken na heden te herstellen naar de eisen van goed en deugdelijk werk, bij gebreke waarvan cliënt zich gerechtigd acht de werkzaamheden door derden laten uitvoeren en de kosten op u verhalen, zonodig via een gerechtelijke procedure.

(…)”

f. Bij brief van 30 mei 2011 heeft de gemachtigde van [eiser] wederom bij Hoogergeest over de eerder gemelde gebreken gereclameerd en heeft zij Hoogergeest uitgenodigd bij een inspectie door het expertisebureau BDA uit Gorinchem aanwezig te zijn.

g. Bij brief van 4 juli 2011 heeft de gemachtigde van Hoogergeest aan de gemachtigde van [eiser] geantwoord dat zijn cliënte iedere aansprakelijkheid van de hand wijst.

h. Op 16 september 2011 heeft [XXX] van BDA Dakadvies B.V. (hiena: BDA) in aanwezigheid van [eiser] en twee vertegenwoordigers van Hoogergeest een onderzoek in de woning van [eiser] verricht ter beantwoording van de volgende vragen:

1. Wat is de toestand van het dak en wat is de oorzaak van de door cliënt naar voren gebrachte lekkage in de slaapkamer?

2. Kan de wederpartij dienaangaande een verwijt worden gemaakt (heeft deze naar de eisen van goed en deugdelijk werk gepresteerd)?

3. Wat zal herstel moeten gaan inhouden?

4. Welke kosten zijn hiermee gemoeid?

5. Waar bestaat de gevolgschade uit en wat is de hoogte van deze schade?

i. De door BDA op 4 november 2011 van dat onderzoek opgestelde rapportage vermeldt het volgende in antwoord op de onder h. vermelde vragen:

“(…)

1. In relatie tot de waterdichtheid c.q. waterwerendheid vertoont het dak momenteel geen tekortkomingen. De indruk is dat het dak momenteel afdoende waterkerend is uitgevoerd. Wel wordt opgemerkt dat in de dakvoet het onderdakmembraan niet schubvormig aansluit op de gootconstructie waardoor bij inwatering onder de pannen het water niet in de gootconstructie kan worden afgevoerd. Inpandige lekkage zal dit, voor zover kon worden vastgesteld, niet veroorzaken.

2. In kritische dakzones is geen adequaat bevestigingssysteem anticiperend op de Nederlandse Bouwregelgeving aangetroffen. Dambordsgewijze verankering was destijds vereist. Alhoewel bevestigingsmiddelen zijn toegepast is er geen sprake van een concreet bevestigingspatroon. Het dakbedekkingssysteem moet beantwoorden aan NEN 6702, NEN 6707 en NPR 6708. Hieraan wordt niet beantwoord en in die zin kan worden gesteld dat de wederpartij geen goed en deugdelijk werk heeft geleverd. Uit de mededeling is gebleken dat lekkage is ontstaan nadat er dakpannen zijn losgekomen en naar beneden zijn gewaaid. Aansluitend is er in de slaapkamer lekkage ontstaan. Aanleiding voor de lekkage vormt dus het losraken van de dakpannen. De oorzaak hiervan is windgerelateerd: het dakbedekkingssysteem is niet verankerd overeenkomstig de hiervoor gelden eisen.

3. Overeenkomstig de windbelastingsberekeningen moeten de dakpannen additioneel mechanisch worden bevestigd. Dambordsgewijs zullen pannen met panhaken conform voorschrift leverancier in de desbetreffende zones moeten worden verankerd. In het kilgebied zullen de dakpannen dambordsgewijs moeten worden bevestigd.

In het kilgebied moeten de pannen worden uitgeraapt en worden ontdaan van mortel, kit en dergelijke. Indien dit niet mogelijk is moeten de pannen worden vervangen. Vervolgens moet worden gecontroleerd of het onderdakmembraan juist is gepositioneerd. Indien nodig moet correctie plaatsvinden. Aansluitend moeten panlatten en tengels worden gecontroleerd op samenhang en sterkte waarna herstel moet worden uitgevoerd. Pannen in het kilgebied moeten vervolgens dambordsgewijs verankerd worden aangebracht.

Kleine stukjes dakpan moeten worden vermeden door het gebruik van halve of dubbele pannen.

Gezaagde pannen bevestigen met rvs schroeven met neopreen volgring.

Rondom de dakramen en de schoorsteen de dakpannen over minimaal één rij verankeren met rvs schroeven met neopreen volgring of panhaak.

Bij de hoekkepers zullen gezaagde pannen voor zover dit nog niet heeft plaatsgevonden aanvullend mechanisch moeten worden bevestigd met hoekkeperklemmen.

In de slaapkamer zijn sporen aanwezig die duiden op lekkage. Herstel hiervan zal moeten plaatsvinden.

4. Het dakbedekkingssysteem zal verankerd moeten worden conform de Nederlandse Bouwregelgeving. Dit betekent dat het dak moet worden gecontroleerd en waar nodig aanvullende verankering zal moeten plaatsvinden. In eerste instantie zullen bereikbaarheidsvoorzieningen moeten worden getroffen. Aan de achterzijde van de woning is dit het best realiseerbaar door het plaatsen van een steiger.

Er zal een steiger moeten worden opgebouwd en vervolgens moeten worden afgebroken. Inclusief huur worden de kosten hiervan geraamd op € 750,--.

Vervolgens zullen de dakpannen moeten worden gecontroleerd en waar nodig zal additionele mechanische bevestiging moeten plaatsvinden. Bij de kilkepers zullen de bestaande pannen moeten worden uitgeraapt en ontdaan moeten worden van kit, dakmortel en dergelijke. Indien dit niet mogelijk blijkt zullen pannen op maat moeten worden gezaagd. De folie, tengels en panlatten moeten worden gecontroleerd en eventueel worden hersteld.

Aan de voorzijde van de woning zullen de herstelwerkzaamheden vanuit een hoogwerker kunnen worden uitgevoerd. De kosten hiervoor worden geraamd op € 750,--.

Voor de uit te voeren werkzaamheden is de inschatting dat de kosten hiervoor € 1.440,-- zullen bedragen.

De materiaalkosten zoals het gebruik van panhaken, kilkeperklemmen en dergelijke worden geraamd op € 250,--.

5. De schade bestaat eruit dat de schuine binnenwand en het plafond van de slaapkamer lekkagesporen vertonen.

Om de schade op te heffen zullen herstelwerkzaamheden in de vorm van sauswerk moeten worden uitgevoerd. De kosten hiervoor worden geraamd op € 400,-- exclusief BTW. (…)”

j. BDA heeft aan [eiser] € 2.906,03 voor het verrichte onderzoek in rekening gebracht, welk bedrag door [eiser] is voldaan.

k. Met de brief van 18 november 2011 heeft de gemachtigde van [eiser] de rapportage van BDA aan de gemachtigde van Tafelberg gezonden en daarin het volgende geschreven:

“(…) kan gevoeglijk worden gezegd dat uw cliënte tekortgeschoten is in de nakoming van haar contractuele verplichtingen jegens cliënt.

Wilt u zo vriendelijk zijn mij binnen 10 dagen na vandaag schriftelijk te berichten of uw cliënte bereid is de onderhavige gebreken + de gevolgschade vóór 1 januari 2012 op haar kosten te verhelpen/uit te voeren en wel op de (…) in (…) rapport omschreven wijze.

(…)”

De vordering

[eiser] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

• Tafelberg zal veroordelen tot het herstellen van de gebreken aan het dak en de gevolgschade en wel op de door [XXX] in zijn expertiserapport van 4 november 2011 omschreven wijze, alsmede tot het opleveren van de herstelwerkzaamheden binnen 45 kalenderdagen na betekening van het vonnis, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen termijn, zulks op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Tafelberg te laat oplevert;

• Tafelberg zal veroordelen tot betaling tegen behoorlijk bewijs van kwijting van de kosten van het expertiserapport ad € 2.906,02 (inclusief BTW), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 november 2011 tot aan de dag der algehele voldoening;

• Tafelberg zal veroordelen tot betaling tegen behoorlijk bewijs van kwijting van de buitengerechtelijke incassokosten ad € 833,00;

• Tafelberg zal veroordelen in de proceskosten.

[eiser] heeft het volgende aan de vordering ten grond¬slag gelegd:

Hoogergeest heeft met betrekking tot het dak van de woning niet naar de eisen van goed en deugdelijk werk gepresteerd. Zij is daardoor tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen jegens [eiser]. [eiser] doet een beroep op de verborgen gebreken-regeling.

Ontvankelijkheid

Het feit dat [eiser] zijn vordering heeft ingesteld na de in artikel 16 lid 6 van de algemene voorwaarden opgenomen vervaltermijn, leidt niet tot niet-ontvankelijkheid.

Nu Tafelberg in of omstreeks september/oktober 2007 onvoldoende herstelwerkzaamheden aan het dak heeft verricht/heeft laten verrichten, is er vanaf dat moment een nieuwe termijn van vijf jaren gaan lopen.

Gebreken

Dat de dakpannen door storm zouden zijn losgeraakt is niet relevant. BDA heeft vastgesteld dat Tafelberg niet naar de eisen van goed en deugdelijk werk heeft gepresteerd.

Tafelberg heeft de door [eiser] gestelde oorzaak van de gebreken onvoldoende betwist.

Onderzoek door BDA

[eiser] heeft de kosten van het onderzoek van BDA ten bedrage van € 2.906,03 voldaan.

Hoogergeest, althans Tafelberg is niet bereid gebleken de gebreken binnen de gestelde termijnen te verhelpen. De herstelkosten zijn gesteld op € 3.590,00 exclusief omzetbelasting.

Buitengerechtelijke incassokosten

Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven, heeft Tafelberg [eiser] genoodzaakt de vordering ter incasso uit handen te geven. [eiser] heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van € 833,00. Tafelberg dient deze kosten ingevolge artikel 6:96 lid 2 sub c BW aan [eiser] te voldoen.

Voorts is Tafelberg de wettelijke rente verschuldigd geworden.

Het verweer

Tafelberg betwist de vordering en voert daartoe het volgende aan:

In september 2006 heeft Tafelberg op verzoek van [eiser] dakpannen hersteld. Begin 2007 heeft BAM wederom na een storm extra verankeringen aangebracht. Eveneens is op dat moment dakfolie hersteld. Sindsdien hebben Tafelberg en BAM niet van [eiser] vernomen, totdat in 2011 door [eiser] werd gemeld dat wederom dakpannen waren losgeraakt.

Niet-ontvankelijkheid

Artikel 16 lid 1 van de toepasselijke algemene voorwaarden bepaalt dat de ondernemer (Tafelberg) de woning gedurende zes maanden na oplevering garandeert tegen in die periode aan de dag getreden tekortkomingen.

Het tweede lid van artikel 16 van de algemene voorwaarden bepaalt dat de ondernemer na de genoemde periode van zes maanden niet meer aansprakelijk is voor tekortkomingen aan de woning, tenzij er sprake is van één van de situaties als in dat lid onder a tot en met d vermeld.

Op grond van artikel 16 lid 6 van de algemene voorwaarden is een vordering wegens een verborgen gebrek niet-ontvankelijk indien deze vordering wordt ingesteld na verloop van vijf jaren na de in het eerste lid van artikel 16 genoemde termijn.

Artikel 16 lid 6 behelst een vervaltermijn.

De oplevering heeft plaatsgevonden op 5 april 2005, zodat de onderhoudstermijn eindigde op 5 oktober 2010. De vordering had daarom op of voor 5 oktober 2010 ingesteld moeten worden.

Het door [eiser] aangevoerde gebrek is dat de bevestiging van de pannen niet conform de destijds geldende wet- en regelgeving is geschied. De vordering ziet ook op herstel van dat gebrek.

Dit gebrek is echter niet eerder aan Tafelberg gemeld. Slechts in geval van reeds gemelde en gerepareerde gebreken gaat er een nieuwe termijn lopen vanaf het moment van herstel, maar daarvan is hier geen sprake. De enige werkzaamheden die hebben plaatsgevonden zagen uitsluitend op reparatie van losgewaaide dakpannen. Het betrof stormschade waartegen dit dak met deze windrichting en deze ligging op de wind niet bestand was.

De herstelwerkzaamheden van BAM hebben niet plaatsgevonden om het thans door [eiser] gestelde gebrek, het niet op alle plaatsen dambordsgewijs verankeren, te verhelpen.

Er is dus geen nieuwe termijn gaan lopen.

Gebreken

Tafelberg betwist dat sprake is van gebreken, althans dat zij gehouden is tot enig herstel.

Onbetwist is dat de dakpannen uitsluitend zijn losgeraakt na een (zware) storm en in ieder geval niet meer in de periode 2007 tot 2011, derhalve vier jaar lang. Hiermee is evident dat de dakconstructie volledig voldoet. Dat in 2011 opnieuw dakpannen zijn losgeraakt, is uitsluitend te wijten aan een nieuwe storm en heeft geen constructieve oorzaak. Conform de van toepassing zijnde garantieregeling is Tafelberg niet gehouden stormschade te vergoeden.

Het rapport van BDA is niet geloofwaardig. Als juist zou zijn dat sprake is van ondeugdelijk werk dan ligt voor hand dat zich in de periode van 2007-2011 ook gebreken hadden voorgedaan. Dat is niet het geval.

Kosten van het onderzoek van BDA

Tafelberg betwist aansprakelijk te zijn voor deze kosten. Het is de eigen keuze van [eiser] geweest om een expert in te schakelen. [eiser] heeft ter zake niet met Tafelberg overlegd en Tafelberg heeft derhalve geen inzage of zeggenschap gehad in de keuze van de expert en de hoogte van diens kosten.

Buitengerechtelijke incassokosten

Deze kosten zijn onvoldoende onderbouwd, althans [eiser] heeft onvoldoende gesteld om te kunnen vaststellen waaruit de kosten hebben bestaan en of deze redelijk zijn en redelijkerwijs voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.

De beoordeling

Ontvankelijkheid

1. Naar het oordeel van de kantonrechter is [eiser] wel ontvankelijk in zijn vordering. Gesteld is immers dat het dakbedekkingssysteem niet conform de Nederlandse bouwregelgeving is en dat de herstelwerkzaamheden in 2007 ondeugdelijk waren. Dat betekent dat vanaf het moment van herstel weer een nieuwe vervaltermijn is gaan lopen. Nadat [eiser] had ontdekt dat de problemen aan het dak zich in 2011 herhaalden, heeft hij onmiddellijk weer actie ondernomen en uiteindelijk zijn vordering tijdig, dat wil zeggen voordat de nieuwe vervaltermijn van vijf jaren was verlopen, ingesteld.

De gebreken

2. Uit het rapport van BDA blijkt dat:

• in kritische dakzones geen adequaat bevestigingssysteem is aangetroffen,

• dat dambordsgewijze verankering destijds was vereist,

• dat het dakbedekkingssysteem niet beantwoordt aan NEN 6702, NEN 6707 en NPR 6708 en

• dat geen goed en deugdelijk werk is geleverd.

3. Voor de stelling van Tafelberg dat het feit dat de dakpannen opnieuw zijn losgeraakt uitsluitend te wijten is aan een nieuwe storm en niet aan een constructieve oorzaak, zijn in de stukken geen aanknopingspunten te vinden. Het beroep van Tafelberg op de garantieregeling faalt daarom.

4. Voor zover Tafelberg heeft aangevoerd dat nergens was voorgeschreven dat dakpannen dambordsgewijs moesten worden verankerd, heeft zij dat verweer onvoldoende concreet onderbouwd en/of voldoende aannemelijk gemaakt. De kantonrechter gaat daar dus aan voorbij.

5. Tafelberg heeft aangevoerd dat met [eiser] niet was overeengekomen dat een dambordsgewijze verankering moest worden aangebracht. Daarbij ziet Tafelberg over het hoofd dat, los van een eventuele afspraak met [eiser], die wijze van verankering destijds vereist was en Tafelberg als aannemer gehouden is aan de regelgeving op dat gebied. Ook dit verweer faalt daarom.

6. De kantonrechter komt op grond van het vorenstaande en op basis van het rapport van BDA tot de conclusie dat een ondeugdelijke constructie is aangebracht met betrekking tot het dakbedekkingssysteem. Tafelberg zal daarvoor het nodige herstelmoeten (doen) uitvoeren.

Kosten van het onderzoek van BDA

7. De kosten van het onderzoek komen op grond van artikel 6:96 BW ten laste van Tafelberg. Deze kosten moeten immers worden beschouwd als redelijke kosten ter vaststelling van de schade en aansprakelijkheid

8. Dat met Tafelberg, zoals zij heeft aangevoerd, geen overleg zou zijn gevoerd en dat zij geen inzage of zeggenschap heeft gehad in de keuze van de expert en diens kosten, valt niet te rijmen met het feit dat, zoals uit het rapport van BDA blijkt, twee vertegenwoordigers van Tafelberg bij het onderzoek aanwezig zijn geweest. Bovendien had de gemachtigde van [eiser] Tafelberg bij brief van 30 mei 2011 uitgenodigd voor het onderzoek. Tafelberg had dus voorafgaande en/of ten tijde van het onderzoek de door haar gewenste invloed kunnen uitoefenen. Als zij dat niet of onvoldoende doet/heeft gedaan, dient dat voor haar rekening te blijven.

9. De hoogte van de kosten van het onderzoek komen de kantonrechter niet als buitensporig voor. Het gevorderde bedrag zal daarom worden toegewezen.

Buitengerechtelijke incassokosten

10. [eiser] heeft € 833,00 buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Tafelberg heeft dit gedeelte van de vordering betwist. Gebleken is dat de door [eiser] verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een (eventueel herhaalde) aanmaning, het doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal daarom worden toegewezen tot het bedrag volgens de staffel van het rapport Voorwerk II van € 833,00, zoals gevorderd.

Slotsom

11. De vordering zal op grond van het vorenstaande worden toegewezen.

12. Tafelberg zal als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten worden veroordeeld.

Beslissing

De kantonrechter:

Veroordeelt Tafelberg tot het herstellen van de gebreken aan het dak en de gevolgschade en wel op de door [XXX] in zijn expertiserapport van 4 november 2011 omschreven wijze, alsmede tot het opleveren van de herstelwerkzaamheden binnen 45 kalenderdagen na betekening van het vonnis, zulks op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag dat Tafelberg te laat oplevert.

Veroordeelt Tafelberg tot betaling aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting van de kosten van het expertiserapport ad € 2.906,02 (inclusief BTW), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 november 2011 tot aan de dag der algehele voldoening.

Veroordeelt Tafelberg tot betaling aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting van de buitengerechtelijke incassokosten ad € 833,00.

Veroordeelt Tafelberg in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden vastgesteld op de volgende bedragen:

dagvaarding € 100,16

griffierecht € 207,00

salaris gemachtigde € 500,00.

Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voor¬raad.

Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde uitspraakdatum.

Coll.