Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2012:BW1460

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
23-03-2012
Datum publicatie
10-04-2012
Zaaknummer
544112 / AO VERZ 12-40
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding arbeidsovereenkomst. Global Collect Services verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met EVP wegens disfunctioneren. De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat het door GCS gestelde disfunctioneren van werknemer, wat daar ook van zij, ooit helder is gemaakt aan werknemer, laat staan dat deze een verbetertraject is geboden. Wijziging van de omstandigheden komt geheel voor risico van GCS. Het verzoek wordt toegewezen met veroordeling van GCS tot betaling van een vergoeding van € 300.000,00 bruto.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2012-0363

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rep.nr.: 544112 / AO VERZ 12-40

datum uitspraak: 23 maart 2012

BESCHIKKING ONTBINDING ARBEIDSOVEREENKOMST

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GLOBAL COLLECT SERVICES B.V.

te Hoofddorp

verzoekster

hierna te noemen: Global Collect

gemachtigde: mr. P.H. E. Voûte

tegen

[verweerder]

te [woonplaats]

verweerder

hierna te noemen: [verweerder]

gemachtigde: mr. H. Uhlenbroek

De procedure

Op 27 januari 2012 is op de griffie een verzoekschrift ontvangen van Global Collect. [verweerder] heeft een verweerschrift ingediend. De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op 9 maart 2012. Op deze zitting hebben partijen hun standpunten nader toegelicht. De gemachtigden van partijen hebben pleitnotities overgelegd. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen verder naar voren hebben gebracht. Beide partijen hebben producties in het geding gebracht.

De feiten

a. Global Collect is een onafhankelijke payment service provider voor zakelijke, elektronische betalingsmethoden. Global Collect geeft haar klanten die hun producten en diensten lokaal en internationaal via internet, call centers en via de post verkopen de mogelijkheid om de inning van de gelden aan Global Collect uit te besteden. Naast de vestiging in Hoofddorp, heeft Global Collect nog vestigingen in Singapore en San Francisco (Verenigde Staten van Amerika).

b. [verweerder], 46 jaar oud, is op 15 augustus 2008 bij Global Collect in dienst getreden in de functie van Vice President - Human Resources. Met ingang van 1 januari 2011 is [verweerder] werkzaam in de functie van Executive Vice President – Human Resources (“EVP - HR”) voor een salaris van laatstelijk € 13.519,53 bruto per maand exclusief 8% vakantietoeslag en emolumenten. In de arbeidsovereenkomst zijn onder meer een non-concurrentiebeding en een variabele beloning (bonusregeling) opgenomen. Daarnaast neemt [verweerder] deel in een (aandelen) optieplan van Global Collect.

c. Voor zijn indiensttreding bij Global Collect was [verweerder] senior HR Directeur West-Europa en Noord-Amerika bij Philips. Global Collect heeft [verweerder] destijds met behulp van een executive searchbureau benaderd.

d. [verweerder] is bij Global Collect verantwoordelijk voor de HR-afdeling en heeft ook de verantwoordelijkheid voor het Facility Management (gebouwenbeheer, veiligheid, catering en recepties). [verweerder] rapporteert aan de voorzitter van de Raad van Bestuur (de Chief Executive Officer (“de CEO”)).

e. Global Collect is sinds het aantreden van [verweerder] fors gegroeid wat omzet en aantal werknemers betreft. In mei 2010 hebben de toenmalige eigenaren hun aandelen verkocht aan een Amerikaanse investeerder, Welsh, Carson Anderson & Stowe (“WCAS”).

f. De heer[XXX] (“[XXX]”), een Amerikaan, heeft met ingang van 10 januari 2011 de voormalige CEO van Global Collect, de heer [YYY], vervangen. De taak van [XXX] is de winst van Global Collect te maximaliseren met het oog op een toekomstige verkoop van het bedrijf.

g. [XXX] heeft met ingang van 1 april 2011 een zogenaamde Executive Counsil (“EC”) gevormd die, behalve uit de statutair bestuurders, ook bestaat uit een aantal EVP’s, onder wie [verweerder].

h. Op 6 januari 2012 heeft [XXX] met [verweerder] een beoordelingsgesprek gevoerd, waarbij [XXX] [verweerder] de Peer Assessments (“360 graden beoordelingen” ) van de overige leden van het EC heeft overhandigd. [XXX] schrijft vervolgens in zijn beoordeling van 9 januari 2012 onder meer het volgende over [verweerder]: “Although, I believe OP’s HR technical skills are acceptable, his repeated emotional reaction and passive aggressive behavior when confronted with personal or HR departmental criticism is not acceptable (…) I do not have the confidence that he is willing or able to make the needed personal change required to modify his behavior (…) The majority of OP’s performance assessments recieved from his peers are critical. The primary strengths identified are his establishment of a young and motivated HR team and the effective administration of the majority of the routine HR administrative functions. The areas of major criticism are the lack of thought leadership and support for organizational change demonstrated by OP which is contrary to what is expected from the senior HR executive in a company that is growing and changing rapidly.

Based upon OP’s performance to date, his tendency to be highly emotional to criticism, his reticence to proactively drive organizational change, places his ability to continue in his current role in doubt unless there is immediate and demonstrable change.

OP’s performance rating from a Human Resource deliverable perspective for 2011 is Partially Meets.

OP’s performance rating from a Communication and Leadership perspective for 2011 is Unsatisfactory”.

i. Op laatstgenoemde datum heeft [verweerder] [XXX] per e-mail onder meer laten weten dat hij zich overvallen voelde door het gesprek van 6 januari 2012, dat hij het niet eens is met de beoordeling van 9 januari 2012 en dat hij verwacht dat [XXX] zijn functioneren beoordeelt als “Fully meets” en dat [XXX] hem duidelijk maakt welke doelen hij [verweerder] stelt voor 2012. [verweerder] heeft [XXX] in deze mail ook aangeven de gelegenheid en tijd te wensen voor een gedetailleerde reactie op de beoordeling.

j. Op 11 januari 2012 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen Global Collect, in de personen van [XXX] en de he[ZZZ] (EVP Legal), en [verweerder]. In dit gesprek is [verweerder] meegedeeld dat Global Collect had besloten de arbeidsovereenkomst met hem te beëindigen. Tijdens dit gesprek is [verweerder] op non-actief gesteld met behoud van salaris. Global Collect heeft bij brief van diezelfde datum [verweerder] een beëindigingsvoorstel gedaan.

k. [verweerder] heeft het aanbod van Global Collect niet geaccepteerd.

Het verzoek

Global Collect verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens veranderingen in de omstandigheden zonder toekenning van enige vergoeding.

Global Collect stelt - samengevat - dat [verweerder] in zijn nieuwe functie van EVP - HR niet naar behoren heeft gefunctioneerd. In deze functie worden zwaardere eisen aan hem gesteld dan in zijn eerdere functie bij Global Collect en wordt verwacht dat [verweerder] proactief is en leiderschap vertoont. Dit heeft [verweerder] nagelaten; hij heeft zelf geen initiatieven of verantwoordelijkheid voor zijn afdeling genomen en heeft er blijk van gegeven niet open te staan voor kritiek. Het grootste bezwaar van Global Collect met betrekking tot het functioneren van [verweerder] is dat hij moeilijk met kritiek kan omgaan en daar emotioneel op reageert. Verder heeft [verweerder] regelmatig onevenwichtig en onaanvaardbaar gedrag vertoond. Dergelijk gedrag past een EVP bij Global Collect niet. Ondanks het feit dat [verweerder] herhaaldelijk op zijn gedrag is aangesproken, is in dat gedrag geen verbetering opgetreden.

Ter ondersteuning van haar stellingen heeft Global Collect onder meer de volgende voorbeelden gegeven:

1. Alle initiatieven op het gebied van HR en de te implementeren projecten zijn ontwikkeld door [XXX] en niet door [verweerder].

2. [XXX] en niet [verweerder] heeft onderhandeld met de Ondernemingraad voor de vereiste instemming met die projecten.

3. [verweerder] heeft [XXX] ondanks herhaalde verzoeken niet of laat op de hoogte gesteld van aangelegenheden die individuele werknemers betreffen.

4. [verweerder] heeft niet adequaat gehandeld in het dossier van de VP Merchant Implementations met wie een verbetertraject werd gevolgd. Daardoor is dat dossier onnodig een maand blijven liggen.

5. Ondanks de niet mis te verstande aanwijzingen van Global Collect dat de komst van de nieuwe General Manager (“GM” ) naar het kantoor San Francisco niet aangekondigd mocht worden voordat de VP Business Development zou hebben gehoord dat zij moest vertrekken, is de komst van die GM naar San Francisco wel door toedoen van de afdeling HR bekend geworden. Hiervoor heeft [verweerder] geen verantwoordelijkheid genomen.

6. [verweerder] heeft de verantwoordelijkheid voor de re-integratie van een zieke werknemer afgeschoven op [ZZZ].

7. [verweerder] heeft de neiging bij feedback op zijn functioneren met stemverheffing te reageren en uitlatingen te doen die er op neer komen dat hij het bedrijf zal verlaten en/of degene die de kritiek levert, meestal [XXX], ook kritiek te geven. Na dit soort gesprekken kwam [verweerder] terug op zijn eerdere uitlatingen.

8. [verweerder] heeft zich in een vergadering op 7 december 2011 onbehoorlijk tegen [AAA] - een OR-lid - uitgelaten door deze uit te maken voor leugenaar.

9. [XXX] heeft [verweerder] er herhaalde malen op gewezen zijn gedrag te temperen.

Van Global Collect kan in de geschetste omstandigheden in redelijkheid niet worden verlangd de arbeidsovereenkomst voort te zetten, aldus Global Collect.

Het verweer

[verweerder] concludeert primair tot afwijzing van het verzoek. [verweerder] heeft aangevoerd dat Global Collect niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van disfunctioneren of verlies van respect in de organisatie of een verstoorde relatie met [XXX], waardoor een verdere vruchtbare samenwerking niet meer mogelijk zou zijn en een ontbinding van de arbeidsovereenkomst is gerechtvaardigd. Weliswaar houden [XXX] en [verweerder] er verschillende managementstijlen op na, maar dit heeft aan de samenwerking niet in de weg gestaan. Voor zover de samenwerking met [XXX] onder druk is komen te staan, is dat volgens [verweerder] een gevolg van de door [XXX] zelf gekozen aanpak. Global Collect heeft namelijk niet aangetoond dat:

(i) aantoonbare, gefundeerde kritiek op het functioneren van [verweerder] bestaat;

(ii) die kritiek met [verweerder] is gedeeld;

(iii) [verweerder] de gelegenheid heeft gekregen zijn functioneren te verbeteren en

(iv) het functioneren onvoldoende is verbeterd.

Subsidiair, voor het geval de arbeidsovereenkomst toch wordt ontbonden, verzoekt [verweerder] om om toekenning van een vergoeding van € 300.000,--. De veranderingen in de omstandig-heden die de grondslag van het onderhavige verzoek vormen, liggen immers volledig in de risicosfeer van Global Collect. Daar komt bij dat [verweerder] is gebonden aan en wordt hij gehinderd door het non-concurrentiebeding. Verder zal [verweerder] moeilijk op korte termijn een andere, vergelijkbare functie kunnen vinden, aldus [verweerder].

De beoordeling

Ontbinding van de arbeidsovereenkomst

De kantonrechter stelt vast dat het verzoek geen verband houdt met een opzegverbod. Tijdens de mondelinge behandeling van de zaak is gebleken dat de onderlinge verhouding tussen partijen, meer in het bijzonder de verhouding tussen [XXX] en [verweerder], zodanig verstoord is dat een vruchtbare verdere samenwerking tussen partijen niet meer tot de mogelijkheden behoort.

Er zijn dus voldoende gewichtige redenen om de arbeidsovereenkomst op korte termijn te ontbinden, zodat het verzoek in zoverre toewijsbaar is.

Vergoeding

Global Collect heeft geen vergoeding aangeboden.

Een vergoeding is alleen niet op zijn plaats, als [verweerder] in overwegende mate een verwijt valt te maken van de oorzaak van de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Naar het oordeel van de kantonrechter is deze situatie hier echter niet aan de orde. Hiervoor is het volgende van belang.

Partijen zijn het erover eens dat [verweerder] uitstekend heeft gefunctioneerd in zijn toenmalige functie van VP-HR. Verder is uit de stellingen van partijen en de dossierstukken vast komen te staan dat [verweerder] in zijn nieuwe functie een eerste beoordelingsgesprek heeft gehad op

6 januari 2012.

Global Collect heeft gesteld dat sprake is van disfunctioneren van [verweerder]. Met [verweerder] is de kantonrechter echter van oordeel dat niet is komen vast te staan dat dit disfunctioneren, wat daar ook van zij, ooit helder is gemaakt aan [verweerder], laat staan dat [verweerder] een verbetertraject is geboden. Uit de dossierstukken noch uit de stellingen van partijen, meer in het bijzonder die bij de mondelinge behandeling, valt deze conclusie te rechtvaardigen. Uit de dossierstukken valt hooguit op te maken dat [XXX] en [verweerder] er verschillende managementstijlen op nahouden. Evenwel is niet aannemelijk geworden dat [verweerder] door zijn eigen managementstijl zijn werkzaamheden niet goed heeft uitgevoerd.

Anders dan Global Collect heeft gesteld, vinden haar stellingen ook geen steun in de 360 graden beoordelingen. Als onvoldoende weersproken staat vast dat de meeste collega’s uit de EC nog maar recent in dienst zijn bij Global Collect en [verweerder] om die reden niet lang hebben meegemaakt. Ook heeft Global Collect niets ingebracht tegen het verweer van [verweerder] dat genoemde collega's niet op de hoogte waren van de beleidsafspraken en de wijzigingen daarin. Dat de beoordelingen mede als gevolg van deze omstandigheden een vertekend beeld geven van het functioneren van [verweerder] en dat daarmee de kennelijk op die beoordeling gebaseerde conclusies van [XXX] (dat het optreden van [verweerder] valt te beoordelen als

“Partially Meets” dan wel “Unsatisfactory“) in een ander daglicht kunnen worden gesteld, valt dan ook naar het oordeel van de kantonrechter niet uit te sluiten. Het verzoek van [verweerder] aan [XXX] zijn conclusies te herzien was daarom niet vreemd of ongepast, zeker omdat [verweerder] als gevolg van de omstreden beoordeling zijn aanspraak op een bonus over 2011 dreigde mis te lopen.

Evenmin kan gezegd worden dat Global Collect, zoals zij heeft gesteld, in beginsel een verbetertraject heeft nagestreefd en niet uit is geweest op de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en dat zij [verweerder] (voldoende) gelegenheid heeft gegeven om te reageren op de beoordeling. Deze stellingen vallen namelijk niet te rijmen met de gebeurtenissen die zich na 6 januari 2012 hebben voorgedaan. Ten eerste is van enige actie van Global Collect om de doelen in het functioneren van [verweerder] nadere inhoud te geven niet gebleken. Daarnaast maakt het enkele tijdsverloop tussen het beoordelingsgesprek op 6 januari 2012 en het in details uitgewerkte beëindigingvoorstel van 11 januari 2012 ook dat de stellingen van Global Collect geen hout snijden. Onder de gegeven omstandigheden en mede gelet op het verzoek van [verweerder] in zijn onder de feiten bij i. genoemde e-mail van 9 januari 2012 had wel van [XXX] althans Global Collect mogen worden verwacht dat [verweerder] de gelegenheid zou krijgen zijn commentaar op papier te zetten en dat Global Collect naar aanleiding daarvan (mogelijk) een verbetertraject zou voorstellen. Dat dit niet is gebeurd, valt Global Collect dan ook te verwijten. Doordat [verweerder] vervolgens op 11 januari 2012 op non-actief is gesteld, onder opheffing van zijn e-mailaccount bij Global Collect en onder mededeling aan zijn medewerkers dat gestreefd werd naar een beëindiging van het onderhavige dienstverband, is handhaving van [verweerder] binnen de organisatie in wezen onmogelijk geworden.

De wijze waarop Global Collect zich tegenover [verweerder] heeft opgesteld, getuigt naar het oordeel van de kantonrechter niet van goed werkgeverschap. Daar komt bij dat [XXX] bij de mondelinge behandeling te kennen heeft aangegeven niet bereid te zijn de onstane situatie te verbeteren door bijvoorbeeld met [verweerder] een mediationtraject te volgen of [verweerder] de gelegenheid te geven een coach in te schakelen. Gelet op de dossierstukken en hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen, lijkt [XXX] het motto “It’s my way or the highway” te hanteren. Op zich hoeft dit geen verkeerd uitgangspunt te zijn, maar zoals hiervoor is overwogen, heeft [XXX] - en daarmee dus Global Collect - de (inspannings)verplichtingen die goed werkgeverschap met zich meebrengen miskend door zoals hiervoor omschreven te handelen. Daaraan doet niet af dat [XXX], naar eigen zeggen, niet eerder in Nederland heeft gewerkt en onbekend is met de Nederlandse regels op het gebied van arbeidsrecht.

Van de wijziging van de omstandigheden valt Global Collect dan ook een ernstig verwijt te maken en deze ligt daarmee volledig in de risicosfeer van Global Collect.

Het voorgaande in aanmerking nemend acht de kantonrechter de door [verweerder] verzochte vergoeding van € 300.000,-- billijk. De kantonrechter is hierbij uitgegaan van het laatstverdiende salaris met vakantietoeslag en (het gemiddelde van) de bonussen over de jaren 2008 tot en met 2010, de omstandigheden dat [verweerder] indertijd door Global Collect via een executive search bureau is benaderd, dat [verweerder] voornamelijk in HR-functies heeft gewerkt, dat het voor hem moeilijk zal zijn om elders vergelijkbare functie met eenzelfde beloningsysteem te vinden en dat [verweerder] is gebonden aan de werking van het non-concur-rentiebeding. Daarbij heeft de kantonechter uitdrukkelijk buiten beschouwing gelaten de (eventuele) bonusaanspraak van [verweerder] over 2011 en (het vervallen van) de optieregeling.

Omdat Global Collect geen vergoeding heeft aangeboden, zal de kantonrechter haar in de gelegenheid stellen het verzoekschrift in te trekken.

Global Collect wordt veroordeeld in de kosten van de procedure, omdat zij in het ongelijk wordt gesteld.

De beslissing

De kantonrechter:

- stelt partijen ervan in kennis van plan te zijn de arbeidsovereenkomst te ontbinden met ingang van 1 mei 2012 en aan [verweerder] ten laste van Global Collect een vergoeding toe te kennen zoals hierna is vermeld;

- bepaalt dat Global Collect de gelegenheid heeft het verzoek in te trekken door middel van een uiterlijk op 20 april 2012 om 15.00 uur op de griffie te ontvangen schriftelijke mededeling met gelijktijdige toezending van een afschrift daarvan aan [verweerder];

voor het geval Global Collect het verzoek niet intrekt wordt nu vast als volgt beslist:

- ontbindt de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 mei 2012;

- kent aan [verweerder] ten laste van Global Collect een vergoeding toe van € 300.000,-- bruto, ineens te voldoen, als aanvulling op een uitkering op grond van een sociale verzekeringswet of een lager inkomen uit arbeid;

- veroordeelt Global Collect tot betaling van die vergoeding;

- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

- veroordeelt Global Collect in de kosten van de procedure, aan de zijde van [verweerder] begroot op € 500,--;

- wijst af wat meer of anders is verzocht;

voor het geval Global Collect het verzoek wel intrekt:

- veroordeelt Global Collect in de kosten van de procedure, aan de zijde van [verweerder] begroot op € 500,-- .

Deze beschikking is gegeven door mr. C.A. van Dijk en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

Coll.