Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2012:BV7462

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
01-03-2012
Datum publicatie
01-03-2012
Zaaknummer
506008-CV EXPL 11-4558
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHAMS:2013:CA1760, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geen recht op uitbetaling van bonus over gespaarde ADV-dagen, nu in de cao hierover niets is bepaald.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2012-0195
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 506008/ CV EXPL 11-4558

datum uitspraak: 1 maart 2012

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid FNV BONDGENOTEN

te Utrecht

eiseres

hierna te noemen FNV

gemachtigde mr. A.A.M. Broos

tegen

de besloten vennootschap TATA STEEL IJMUIDEN B.V.

te IJmuiden

gedaagde

hierna te noemen Tata Steel

gemachtigde mr.drs. B. van Duren-Kloppert

De procedure

FNV heeft Tata Steel gedagvaard op 30 maart 2011. Tata Steel heeft schriftelijk geantwoord.

Nadat de kantonrechter had beslist dat de zaak zich niet leent voor een comparitie van partijen na antwoord, heeft FNV schriftelijk op het antwoord gereageerd, waarna Tata Steel nog een schriftelijke reactie heeft gegeven.

Na daartoe verkregen toestemming heeft FNV zich bij akte uitgelaten over de producties bij de laatste reactie van Tata Steel.

De feiten

1. FNV is met Tata Steel een cao Sociale Eenheid IJmuiden (hierna: de cao) overeengekomen, met als looptijd 1 april 2010 tot en met 31 maart 2011.

2. Artikel 4.3. cao luidt:

“Met inachtneming van eventuele nadere afspraken geldt dat de ADV-dagen van werknemers in de vijfdaagse kantoordienst kunnen worden ingeroosterd dan wel als volgt worden benut:

a. maximaal 11,5 ADV-dagen per jaar kunnen op verzoek van de werknemer volledig worden uitbetaald. Bij uitbetaling wordt over maximaal 7,5 ADV-dagen een bonus toegekend van 33,33%,

b. minimaal 1,5 en maximaal 11,5 ADV-dagen per jaar kunnen worden opgespaard voor groot verlof of eerder vertrek direct voorafgaand aan (individuele) pensionering. Over maximaal 7,5 gespaarde dagen wordt een bonus van 33,33% toegekend.”

3. Bij brief van 12 november 2010 heeft FNV Tata Steel verzocht artikel 4.3 cao na te leven in die zin dat bij het einde van het dienstverband het tegoed aan ADV-dagen inclusief toekende bonus ADV-dagen wordt uitbetaald aan werknemers.

4. Bij brief van 2 december 2010 heeft Tata Steel aan FNV geschreven dat zij bij het einde van het dienstverband ADV-dagen onverplicht uitbetaalt en dat zij geen bonus verschuldigd is over gespaarde ADV-dagen die niet worden gebruikt voor groot verlof of vertrek direct voorafgaande aan pensionering.

De vordering

FNV vordert (samengevat):

a. voor recht te verklaren dat Tata Steel op grond van artikel 4.3. cao gehouden is bij de eindafrekening aan haar werknemers over de niet opgenomen ADV-dagen de bonus van 33,33% over maximaal 7,5 ADV-dagen per jaar uit te betalen;

b. veroordeling van Tata Steel om aan al haar werknemer die in de 5 jaar vóór 12 november 2010 uit dienst zijn gegaan een overzicht te verstrekken van de niet opgenomen ADV-dagen, en over te gaan tot uitbetaling van 33,33% aan bonus over maximaal 7,5 ADV-dagen per jaar, vermeerderd met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW van 50% en de wettelijke rente vanaf de vervaldata tot de datum der voldoening, onder gelijktijdige verstrekking aan elke werknemer van een bruto/netto specificatie en een specificatie van de wettelijke rente, op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag per werknemer dat Tata Steel na betekening van dit vonnis hiermee in gebreke blijft;

c. veroordeling van Tata Steel tot betaling van € 5.000,00 aan schadevergoeding in de zin van artikel 15 en 16 Wet cao, € 700,00 aan buitengerechtelijke incassokosten en de kosten van deze procedure, een en ander vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding.

FNV legt aan de vordering ten grondslag dat Tata Steel ten onrechte weigert om aan kantoorpersoneel bij het einde van het dienstverband als onderdeel van de eindafrekening de bonus ex artikel 4.3 cao over niet opgenomen ADV-dagen uit te betalen. Tata Steel betaalt bij het einde van het dienstverband enkel de niet opgenomen ADV-dagen uit, zonder bonus.

Artikel 4.3 cao biedt werknemers de mogelijkheid om ADV-dagen te laten uitbetalen. De cao bepaalt niet wanneer het verzoek om uitbetaling moet worden gedaan. De cao sluit niet uit dat een verzoek om uitbetaling aan het einde van het dienstverband over meerdere voorgaande jaren mogelijk is. De enige beperking op grond van de cao is dat maximaal 11,5 dagen per jaar kunnen worden uitbetaald. De door Tata Steel voorgestane uitleg van artikel 4.3 cao dat het bij uitbetaling met bonus zou gaan om uitbetaling tijdens het dienstverband in het jaar waarin is gekozen voor uitbetaling, is onjuist.

FNV vordert € 5.000,00 aan schadevergoeding in de zin van artikel 15 en 16 Wet cao. FNV is geruime tijd tevergeefs doende Tata Steel te bewegen de cao na te komen. Als gevolg van de toerekenbare tekortkoming van Tata Steel heeft FNV schade geelden, bestaande uit onder meer verlies aan vertrouwen en prestige bij haar leden, ondermijning van haar gezag als vakorganisatie en imagoschade. Ook vordert FNV € 700,00 aan buitengerechtelijke incassokosten.

Het verweer

Tata Steel betwist de vordering. Zij voert aan dat uitbetaling van bonus over de ADV-dagen alleen aan de orde is in het jaar waarop de aanspraak wordt verkregen. Tata Steel wil werknemers stimuleren niet al hun ADV-dagen op te nemen, omdat dat de bezetting op het bedrijf zwaar zou aantasten. Vandaar dat het mogelijk is om de ADV-dagen deels te laten uitbetalen of te sparen voor groot verlof of eerder vertrek voorafgaand aan pensionering.

Wanneer werknemers hiervoor sparen, kan het ADV-tegoed alleen daaraan worden besteed. De cao voorziet er niet in dat de gespaarde dagen alsnog voor een ander doel mogen worden opgenomen of dat deze in geld worden uitbetaald. Tata Steel zou derhalve bij tussentijds vertrek van werknemers iedere vergoeding van gespaarde ADV-dagen mogen weigeren.

Bij een uitleg zoals FNV voorstaat, is niet te verklaren waarom artikel 4.3 sub b cao de mogelijkheid tot sparen beperkt tot de daar genoemde twee gevallen.

Voor zover Tata Steel gehouden zou zijn een bonus uit te betalen over gespaarde ADV-dagen, is dit beperkt tot 7,5 ADV-dagen en niet tot 7,5 ADV-dagen per jaar.

Tata Steel betwist de wettelijke verhoging. ADV-dagen zijn geen loon, zodat artikel 7:625 BW niet van toepassing is. Zou dat al anders zijn, dan is er –gelet op de aard van het geschil- alle reden de vergoeding tot nihil te matigen.

De gevorderde dwangsom is exorbitant. Tata Steel verzoekt om een redelijke termijn (drie maanden) om een eventueel veroordelend vonnis na te komen. Bovendien heeft FNV slechts belang bij het gevorderde voor zover bonus niet is uitbetaald.

Tata Steel betwist dat FNV schade heeft geleden, laat staan tot een bedrag van € 5.000,00. Ook betwist Tata Steel de buitengerechtelijke incassokosten. Er zijn geen werkzaamheden verricht die voor vergoeding in aanmerking komen en de incassokosten zijn niet onderbouwd.

De beoordeling

1. Tata Steel voert het verweer dat zij niet verplicht is bij het einde van het dienstverband gespaarde ADV-dagen uit te betalen, zodat zij ook geen bonus over deze ADV-dagen verschuldigd is. Dat verweer slaagt. Daartoe is het volgende redengevend.

2. Uitgangspunt is dat ADV-dagen niet zijn gelijk te stellen met vakantiedagen, zodat

-behoudens andersluidende afspraken- ADV-dagen niet kunnen worden vergoed in geld en een werknemer bij de beëindiging van de dienstbetrekking diens resterende ADV-dagen dient op te nemen. Zoals de Hoge Raad in zijn arrest van 6 februari 1998 (NJ 1998, 351) heeft overwogen, zijn ADV-regelingen in het algemeen in het leven geroepen om het verlies van arbeidsplaatsen tegen te gaan en nieuwe arbeidsplaatsen te creëren. Partijen hebben niet bestreden dat dit ook de strekking is van de onderhavige ADV-regeling. Dat brengt mee dat de onderhavige ADV-regeling niet, zoals de vakantieregeling, ten doel heeft de werknemer in verband met de werkbelasting die op hem drukt, betaald verlof te verschaffen. De in de wet opgenomen bepalingen over vakantiedagen zijn om die reden niet van toepassing op de onderhavige ADV-regeling, ook niet naar analogie.

3. Of werknemers van Tata Steel aanspraak kunnen maken op een geldelijke vergoeding voor niet-genoten ADV-dagen wordt bepaald door wat Tata Steel met haar werknemers te dien aanzien is overeengekomen, dan wel door de cao. Datzelfde geldt voor een over deze ADV-dagen uit te betalen bonus. FNV heeft niet gesteld en evenmin is gebleken dat werknemers op grond van hun arbeidsovereenkomst met Tata Steel aanspraak hebben op een bonus over ADV-dagen aan het einde van het dienstverband. FNV heeft haar vordering uitsluitend gebaseerd op de cao.

4. FNV stelt dat in artikel 4.3 cao niet is bepaald op welk moment een werknemer om uitbetaling van ADV-dagen kan verzoeken, zodat een dergelijk verzoek aan het einde van het dienstverband kan worden gedaan over meerdere voorgaande jaren. Tata Steel heeft dit betwist. Volgens Tata Steel voorziet de cao er niet in dat de gespaarde dagen alsnog in geld worden uitbetaald, zodat zij bij tussentijds vertrek van werknemers iedere vergoeding van gespaarde ADV-dagen -en dus ook de bonus hierover- mag weigeren.

5. De kantonrechter stelt voorop dat voor de uitleg van de bepalingen van een cao, de bewoordingen daarvan, gelezen in het licht van de gehele tekst van die overeenkomst, in beginsel van doorslaggevende betekenis zijn. Daarbij worden aan de bewoordingen van een cao hoge eisen van duidelijkheid gesteld als het gaat om een voor de werknemer zeer bezwarende maatregel. Bepalend is de betekenis die naar objectieve maatstaven volgt uit de bewoordingen van de cao en de toelichting, waarbij onder meer moet worden gelet op de ratio van de onderhavige regeling, de aannemelijkheid van de rechtsgevolgen en de mate waarin die uitleg past binnen het systeem van de regeling als geheel.

6. De kantonrechter is van oordeel dat een redelijke uitleg van de regeling eraan in de weg staat dat werknemers te allen tijde kunnen kiezen voor uitbetaling van gespaarde ADV-dagen inclusief bonus. Daartoe is het volgende redengevend.

7. In artikel 4.3 sub b cao is bepaald dat de ADV-dagen kunnen worden gespaard voor groot verlof of verlof direct voorafgaande aan pensionering. De cao voorziet niet in de mogelijkheid om gespaarde ADV-dagen (inclusief bonus) op enig moment te laten uitbetalen. Werknemers die eenmaal hebben gekozen voor het sparen van ADV-dagen kunnen daarom naar het oordeel van de kantonrechter niet alsnog aanspraak maken op uitbetaling van deze dagen (inclusief bonus).

8. Evenmin kunnen werknemers die géén keuze maken tussen uitbetalen of sparen van niet genoten ADV-dagen, deze ADV-dagen behouden en (jaren) later alsnog kiezen voor uitbetaling met bonus. Een redelijke uitleg van de regeling brengt mee dat werknemers eens per jaar een keuze moeten maken tussen het laten uitbetalen of het sparen van de in dat betreffende jaar opgebouwde en niet genoten ADV-jaren. Een andere uitleg, zoals FNV die voorstaat, valt niet te rijmen met het systeem van de regeling. De uitleg van FNV komt immers erop neer dat werknemers die geen keuze maken in het jaar waarin de ADV-dagen zijn opgebouwd, deze dagen behouden en op ieder willekeurig moment alsnog kunnen kiezen of zij deze dagen willen laten uitbetalen of sparen. Daarmee wordt de in de cao vastgelegde keuze tussen uitbetalen en sparen zinledig, omdat de uitleg van FNV inhoudt dat werknemers die geen keuze maken tussen uitbetaling of sparen voor een van de twee vastgelegde doelen, feitelijk hun niet genoten ADV-dagen sparen. Deze uitleg valt niet te rijmen met de beperkte spaarmogelijkheid van artikel 4.3 sub b cao, en leidt daarom tot een onaannemelijk rechtsgevolg.

9. Weliswaar is uitbetaling van gespaarde ADV-dagen (inclusief bonus) niet strijdig met de ratio van de regeling (namelijk werknemers stimuleren niet alle ADV-dagen op te nemen), maar dat is in het licht van hetgeen hiervoor reeds is overwogen naar het oordeel van de kantonrechter onvoldoende om tot het oordeel te komen dat werknemers op grond van artikel 4.3 cao recht hebben op uitbetaling van bonus over gespaarde ADV-dagen.

10. FNV voert nog aan dat het feit dat sparen enkel kan voor in de cao genoemde situaties, niet meebrengt dat hierdoor de mogelijkheid om dagen te laten uitbetalen verdergaand beperkt zou moeten zijn.

Uitgangspunt is dat pas recht bestaat op uitbetaling van ADV-dagen indien partijen hierover afspraken hebben gemaakt of als dit in de cao is bepaald. In de cao is niet bepaald dat recht bestaat op uitbetaling van gespaarde ADV-dagen inclusief bonus. Van een ‘beperking’ van het recht op uitbetaling, zoals FNV stelt, is dan ook geen sprake.

11. Op grond van het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat Tata Steel niet gehouden is om bij het einde van het dienstverband een bonus te betalen over niet-genoten ADV-dagen. De vorderingen sub a. en sub b. zullen daarom worden afgewezen.

12. Ten overvloede overweegt de kantonrechter dat ADV-dagen geen onderdeel vormen van het in geld vastgestelde loon aangezien zij niet zijn gelijk te stellen met vakantiedagen, zodat de vordering tot betaling van wettelijke verhoging ook om die reden niet toewijsbaar is.

13. Omdat niet is gebleken dat Tata Steel de cao niet naleeft, zal de vordering tot schadevergoeding worden afgewezen. Hetzelfde geldt voor de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten.

14. De proceskosten komen voor rekening van FNV omdat deze in het ongelijk wordt gesteld.

De beslissing

De kantonrechter:

- wijst de vordering af;

- veroordeelt FNV tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van Tata Steel tot en met vandaag worden begroot op € 400,00 aan salaris gemachtigde;

- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. van der Valk en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

Coll.