Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2011:BV3108

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
03-11-2011
Datum publicatie
07-02-2012
Zaaknummer
15/800457-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Promis. Witwassen. Schiphol. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het witwassen van een geldbedrag van 55.150 euro, een hoeveelheid kleding, schoenen en twee horloges. De rechtbank wijkt ten nadele van verdachte af van de eis van de officier van justitie, nu deze, anders dan de rechtbank, is uitgegaan van de bewezenverklaring van witwassen van slechts dat deel, dat in Marokko aan de belastingdienst had moeten worden afgedragen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Locatie Schiphol

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/800457-11

Uitspraakdatum: 3 november 2011

Tegenspraak ex artikel 279 van het Wetboek van Strafvordering (Sv.)

Strafvonnis

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 20 oktober 2011 in de zaak tegen:

[Verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1978 te [geboorteplaats] (Marokko),

zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd, dat:

hij op of omstreeks 31 maart 2011, te Amsterdam en/of Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, althans in Nederland, (een) voorwerp(en), te weten:

- (een) geldbedrag(en) van (ongeveer) 53.650,- euro en/of 1.500,- euro en/of

- twee horloges (merk: Rolex),

- twee, althans één, spijkerbroek(en) (merk True Religion) en/of

- veertien, althans meerdere, poloshirts (merk Muncler en/of Burberry en/of en/of Dior en/of Bikkembergs en/of Iceberg en/of Ralph Lauren en/of GF Ferré) en/of

- zes, althans meerdere, T-shirts (merk Burberry en/of Iceberg en/of GF Ferré en/of Jack & Jones en/of Dolce & Gabbana) en/of

- vijf, althans meerdere, truien (merk Bikkembergs en/of Iceberg en/of Jack & Jones) en/of

- zeven, althans meerdere, jacks (merk Armani Jeans en/of Hugo Boss en/of Moncler en/of Burberry en/of Gucci) en/of

- zestien, althans meerdere, paar schoenen (merk Sketchers en/of Dsquared2 en/of Bikkembergs en/of Dior en/of Adidas en/of Nike en/of Puma en/of Lacoste en/of Gucci) en/of

- acht, althans meerdere, flesjes parfum (merk YSL en/of Gucci en/of Armani en/of Dior en/of Marc Jacobs en/of Cartier) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten voornoemd(e) geldbedrag(en) en/of voornoemd(e) horloge(s) en/of voornoemd(e) kleding en/of voornoemd(e) schoenen en/of voornoemd(e) parfum, gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat bovenomschreven voorwerp(en) -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit en gevorderd dat verdachte ter zake zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee maanden onvoorwaardelijk, met aftrek van de tijd die verdachte voor dit feit in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.

Daarnaast heeft hij verbeurdverklaring gevorderd van de onder verdachte in beslag genomen voorwerpen, te weten:

* 2 biljetten van 10,-- euro;

* 4 biljetten van 20,-- euro;

* 15 biljetten van 50,-- euro;

* 28 biljetten van 100,-- euro;

* 100 biljetten van 500,-- euro

* 3 biljetten van 500,-- euro.

4. Bewijs

4.1. Redengevende feiten en omstandigheden[1]

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit op grond van het volgende:

Op 31 maart 2011 wordt tijdens een douanecontrole te Schiphol, in de gemeente Haarlemmermeer, aan verdachte, die voornemens is uit te reizen naar Marokko, gevraagd twee polshorloges van het merk Rolex, ter zake waarvan hij eerder die dag de betaalde BTW had teruggevraagd, bij het douane kantoor bij gate D10, opnieuw te tonen. Op de bijbehorende facturen is te zien dat de horloges cash zijn betaald. Op de vraag aan verdachte en zijn medereiziger of zij verder nog iets aan te geven hebben, antwoorden zij beiden ontkennend. Tijdens de daaropvolgende controle van de bagage blijkt dat verdachte, die ook eigenaar is van de Rolex-horloges, meer dan 10.000,-- euro aan cashgeld met zich meevoert[2]. Uiteindelijk wordt bij hem een bedrag van 55.150,-- euro aangetroffen. Het geldbedrag bestaat onder meer uit 103 biljetten van 500,-- euro[3]. Bij een grondige visitatie van de ruim- en handbagage wordt tevens een grote hoeveelheid dure kleding, zoals spijkerbroeken, polo's, t-shirts, jacks en schoenen onder andere van de merken Iceberg, Bikkemberg, Dolce & Gabbana, Burberry, Gucci, een en ander zoals in de hierna bewezen verklaarde tenlastelegging omschreven, aangetroffen[4] [5] [6].

Verdachte verklaart dat het geld van hem is[7]. Hetzelfde verklaart hij ten aanzien van de kleding en de schoenen[8].

Voor een bewezenverklaring van witwassen is vereist dat komt vast te staan dat het in de bewezenverklaring genoemde geld en de daarin vermelde goederen middellijk of onmiddellijk van enig misdrijf afkomstig zijn en dat verdachte dat wist dan wel redelijkerwijs moest vermoeden. Daarvoor is niet vereist dat uit het onderzoek naar voren komt welk concreet misdrijf dit zou zijn.

Verdachte wilde via Schiphol Nederland uitreizen met meer dan 50.000,-- euro aan contant geld, waaronder 103 biljetten van 500,-- euro, omtrent de uitvoer waarvan hij geen aangifte heeft gedaan. Daarnaast wordt bij hem een grote hoeveelheid merkkleding en schoenen aangetroffen. Krachtens vaste jurisprudentie is het dan aan verdachte om een concrete, eenduidige, verifieerbare en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk aan te merken verklaring te verschaffen over de herkomst van het geldbedrag en die goederen.

Verdachte heeft verklaard dat hij als transporteur werkzaam is in het transportbedrijf van zijn vader, genaamd [naam transportbedrijf]. Daarnaast heeft hij sinds drie jaar een eigen autoverhuurbedrijf, waarmee hij in een periode van circa 8 maanden per jaar ongeveer tussen de 10.000,-- euro tot 18.000,-- euro per maand verdient [9]. De exacte naam van dit bedrijf kan hij niet geven[10]. Tevens heeft hij een bedrijf met zijn vader en zijn broer, in de aan- en verkoop van grond. Ook van dit bedrijf weet hij de naam niet. Daarnaast handelt hij nog in onroerend goed, maar die handel is naar zijn zeggen allemaal zwart en niet bedrijfsmatig. Hij heeft van die handel geen bewijzen, omdat hij niet betrapt wil worden. Ook handelt hij zwart in de verkoop van auto's. Hij houdt ook daar geen administratie van bij. Op zijn rekening bij de [bank] heeft hij ongeveer 25.000,-- euro staan, maar hij zet niet al het geld op zijn bank, omdat het allemaal zwart verdiend geld is. Verder heeft hij contant 40.000,-- euro liggen bij zijn broer in Tanger, heeft hij een schuld bij zijn neef uitstaan ter hoogte van 50.000,-- euro en ook nog een schuld bij een andere neef ad 170.000,-- euro. Het geld dat door de douane bij hem is aangetroffen, is zwart verdiend en is afkomstig uit verschillende bronnen. Het geld was bedoeld voor de aankoop van een Mercedes bij een autohandelaar in Duitsland genaamd Jamal. De betaling van de auto heeft hij niet via de bank laten lopen, omdat dit hem heel veel geld zou kosten en hij heeft het geld zwart uitgevoerd vanuit Marokko, omdat een particulier, aldus verdachte, geen geld mag in- en uitvoeren vanuit Marokko[11]. De bij hem aangetroffen partij kleding en schoenen heeft hij in Nederland gekocht. Daarvan heeft hij geen aankoopbonnen[12].

Gelet op het voorgaande is verdachte er niet in geslaagd een concrete, eenduidige, verifieerbare en niet op voorhand als hoogst onwaarschijnlijk aan te merken verklaring te verschaffen over de herkomst van het geld en de kleding en de schoenen. Integendeel, verdachte weet van een deel van de bedrijven waaruit hij inkomsten genereert geen of geen juiste naam te noemen en geeft aan dat hij van zijn inkomsten geen opgave heeft gedaan aan de Marokkaanse staat en daarvan geen administratie bijhoudt.

Daar komt nog het volgende bij. Uit informatie overgelegd door de raadsman van verdachte is naar voren gekomen dat verdachte zijn auto wilde kopen bij de firma [naam firma], gevestigd in Duitsland[13]. Uit onderzoek is gebleken dat de firma [naam firma] het eigendom is van Jamal [achternaam], die bekend is bij de Duitse politie onder meer in verband met fraude met betrekking tot de verkoop van tweedehands auto's en vervalsing van documenten[14]. Tenslotte komt daar nog bij dat het een feit van algemene bekendheid is dat biljetten van 500,-- euro hoofdzakelijk circuleren in criminele kringen.

Bovengenoemde feiten en omstandigheden, in onderling verband en samenhang bezien, maken dat het niet anders kan dan dat het bewezen verklaarde geldbedrag, alsmede de horloges, de kleding en schoenen van enig misdrijf afkomstig zijn en dat verdachte dit ook wist.

4.3 Bewezenverklaring

Gezien het bovenstaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, in dier voege dat:

hij op 31 maart 2011, te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, voorwerpen, te weten:

- geldbedragen van 53.650,- euro en 1500,- euro

- twee horloges, merk: Rolex,

- twee spijkerbroeken, merk True Religion, en

- veertien poloshirts, merk Muncler en Burberry en Dior en Bikkembergs en Iceberg en Ralph Lauren en GF Ferré en

- zes T-shirts, merk Burberry en Iceberg en GF Ferré en Jack & Jones en Dolce & Gabbana) en

- vijf truien, merk Bikkembergs en Iceberg en Jack & Jones, en

- zeven jacks, merk Armani Jeans en Hugo Boss en Moncler en Burberry en Gucci),

- zestien paar schoenen, merk Sketchers en Dsquared2 en Bikkembergs en Dior en Adidas en Nike en Puma en Lacoste en Gucci,

voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist, dat bovenomschreven voorwerpen afkomstig waren uit enig misdrijf;

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, leest de rechtbank de tenlastelegging verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

De raadsman van verdachte heeft subsidiair verzocht de behandeling van de zaak aan te houden teneinde te onderzoeken of sprake is van een fiscaal delict, in Nederland en/of Marokko. De rechtbank ziet hiertoe geen aanleiding nu er geen noodzaak bestaat om vast te stellen uit welk misdrijf het in de bewezenverklaring genoemde geld en de daarin genoemde goederen afkomstig zijn en dus ook niet of dit goed en die goederen uit een fiscaal misdrijf afkomstig zijn. De rechtbank wijst het verzoek dan ook af.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

5. Kwalificatie en strafbaarheid van het feit

Het bewezen verklaarde levert op:

- witwassen

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezen verklaarde zou ontbreken. Het bewezen verklaarde is derhalve strafbaar.

6. Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering van sanctie

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan.

In het bijzonder heeft de rechtbank het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het witwassen van een geldbedrag van 55.150 ,--euro, een hoeveelheid kleding, schoenen en twee horloges. Verdachte heeft dit geld en deze goederen, waarvan hij wist dat deze van misdrijf afkomstig waren voorhanden gehad en geprobeerd te onttrekken aan het zicht van politie en justitie. Door opbrengsten van misdrijven aan het zicht van justitie te onttrekken en deze vervolgens zonder dat die illegale herkomst daarvan zichtbaar wordt in omloop te brengen, wordt de integriteit van het financieel en economisch verkeer ernstig aangetast. Bovendien bevordert het handelen van verdachte het plegen van delicten, omdat zonder het verschaffen van een schijnbaar legale herkomst aan criminele gelden - hetgeen verdachte heeft gedaan - het genereren van winsten een stuk minder lucratief zou zijn.

De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan en acht een gevangenisstraf op zijn plaats.

Bij het bepalen van de duur van de op te leggen gevangenisstraf heeft de rechtbank rekening gehouden met de hoogte van het geldbedrag en de hoeveelheid goederen die zijn witgewassen en het feit dat verdachte niet eerder is veroordeeld. Voorts houdt de rechtbank rekening met straffen die in soortgelijke gevallen plegen te worden opgelegd.

De rechtbank wijkt ten nadele van verdachte af van de eis van de officier van justitie, nu deze, anders dan de rechtbank, is uitgegaan van de bewezenverklaring van witwassen van slechts dat deel, dat in Marokko aan de belastingdienst had moeten worden afgedragen.

Gelet op bovenstaande en gelet op het feit dat verdachte in Nederland geen vaste woon- of verblijfplaats heeft en aannemelijk is dat hij zich aan de tenuitvoerlegging van de straf duurzaam zal trachten te onttrekken, zal de rechtbank de gevangenneming van verdachte bevelen, welk bevel afzonderlijk zal worden geminuteerd.

8. Overige beslissingen omtrent in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen

Verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

* 2 biljetten van 10,-- euro;

* 4 biljetten van 20,-- euro;

* 15 biljetten van 50,-- euro;

* 28 biljetten van 100,-- euro;

* 100 biljetten van 500,-- euro;

* 3 biljetten van 500,-- euro,

dienen te worden verbeurd verklaard. Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat het bewezen verklaarde feit met betrekking tot die voorwerpen, die aan verdachte toebehoren, is begaan of voorbereid.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

33, 33a, 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

10. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat verdachte het feit heeft begaan zoals hiervoor onder 4.3. weergegeven.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Bepaalt dat het bewezen verklaarde feit het hierboven onder 5. vermelde strafbare feit oplevert.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens dit feit tot een gevangenisstraf voor de duur van VIJF (5) MAANDEN.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de thans opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Beveelt de gevangenneming van verdachte, welk bevel afzonderlijk is geminuteerd.

Verklaart verbeurd:

* 2 biljetten van 10,-- euro;

* 4 biljetten van 20,-- euro;

* 15 biljetten van 50,-- euro;

* 28 biljetten van 100,-- euro;

* 100 biljetten van 500,-- euro;

* 3 biljetten van 500,-- euro.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. E.P.W van de Ven, voorzitter,

mr. A.C.M. Rutten en mr. R.E.A. Toeter, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier B.H.E. Zuidam,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 november 2011.

Mr. Toeter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Voetnoten:

[1] De door de rechtbank in de voetnoten als proces-verbaal aangeduide bewijsmiddelen zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door personen die daartoe bevoegd zijn en voldoen ook overigens aan de daaraan bij wet gestelde eisen.

[2] Het proces-verbaal van bevindingen en overdracht d.d. 31 maart 2011, bijlage AH-001.

[3] Het proces-verbaal van inbeslagneming d.d. 12 april 2011, bijlagen AH-002, AH-002A en AH-002B.

[4] Het proces-verbaal van bevindingen en overdracht d.d. 31 maart 2011, bijlage AH-001.

[5] Het schriftelijk stuk, te weten een overzicht van de in beslag genomen goederen, bijlage D-025.

[6] Het schriftelijk stuk, te weten een bewijs van inbeslagneming met lijst van in beslag genomen goederen, bijlage AH-003b.

[7] Het proces-verbaal verhoor van een verdachte d.d. 1 april 2011, bijlage V1-01, pag. 3

[8] Het proces-verbaal verhoor van een verdachte d.d. 7 april 2011, bijlage VI-02, pag. 2

[9] Het proces-verbaal verhoor van verdachte d.d. 1 april 2011, bijlage V1-01.

[10] Het proces-verbaal verhoor van verdachte d.d. 7 april 2011, bijlage V1-02.

[11] Het proces-verbaal verhoor van verdachte d.d. 1 april 2011, bijlage V1-01.

[12] Het proces-verbaal verhoor van verdachte d.d. 7 april, bijlage VI-02, pag. 2

[13] Het schriftelijk stuk, te weten een brief met bijlagen van [naam advocatenkantoor], bijlage D-018.

[14] Het proces-verbaal van ambtshandeling d.d. 17 mei 2011, bijlage AH-008.