Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2011:BR4501

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
21-07-2011
Datum publicatie
09-08-2011
Zaaknummer
508419 CV EXPL 11-5391
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eiseres, die een tankstation exploiteert, vordert veroordeling van gedaagde tot betaling van door een derde met de auto waarvan gedaagde kentekenhoudster was, getankte en niet betaalde brandstof. De vordering wordt afgewezen, nu uit het enkele feit dat gedaagde kentekenhoudster was niet haar (civielrechtelijke) aansprakelijkheid voor de door eiseres geleden schade kan worden afgeleid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 508419/ CV EXPL 11-5391

datum uitspraak: 21 juli 2011

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

EXPLOITATIEMAATSCHAPPIJ KENNEMERLAND B.V.

te Leidschendam

eiseres

hierna te noemen Kennemerland

gemachtigde Van der Vleuten & Van Hooff B.V.

tegen

[gedaagde]

te [woonplaats]

gedaagde

hierna te noemen [gedaagde]

procederende in persoon

De procedure

Kennemerland heeft [gedaagde] gedagvaard op 13 april 2011. [gedaagde] heeft mondeling en (aanvullend) schriftelijk geantwoord.

Kennemerland heeft schriftelijk op het antwoord gereageerd, waarna [gedaagde] nog een mondelinge reactie heeft gegeven.

De feiten

1. Op 4 februari 2011 heef[XXX] (hierna: [XXX]) bij een door Kennemerland geëxploiteerd benzinestation voor € 25,25 brandstof getankt met een personenauto waarvan het kenteken op naam van [gedaagde] stond (hierna: de auto).

2. [XXX] heeft die dag een schuldbekentenis ondertekend, waarin hij heeft verklaard binnen 48 uur per bank/giro een bedrag van € 33,25 aan Kennemerland te zullen voldoen ter zake van brandstof, vermeerderd met € 8,00 administratiekosten.

3. [XXX] is in gebreke gebleven met betaling.

4. Op 23 en 29 maart 2011 heeft de gemachtigde van Kennemerland [gedaagde] gesommeerd tot betaling van € 33,25, vermeerderd met rente en kosten.

5. Op 7 april 2011 heeft de Rijksdienst voor het Wegverkeer aan [gedaagde] een vrijwaringsbewijs voor de auto verstrekt.

De vordering

Kennemerland vordert (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 70,43. Kennemerland legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] als kentekenhouder van de auto waarmee is getankt, aansprakelijk is voor de door Kennemerland geleden schade. Nu [XXX] niet tot betaling van het aan Kennemerland verschuldigde bedrag is overgegaan en niet bereikbaar is gebleken op het door hem opgegeven telefoonnummer en adres, dient [gedaagde] het bedrag van € 33,25 te voldoen, vermeerderd met de wettelijke rente. Deze bedraagt, berekend tot 13 april 2011, € 0,18.

Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven, heeft [gedaagde] Kennemerland genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. Kennemerland heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten bedrag van € 37,00. Deze kosten komen op grond van artikel 6:96 BW voor rekening van [gedaagde].

Het verweer

[gedaagde] betwist de vordering. Zij voert aan dat zij op verzoek van [XXX] de auto op haar naam heeft laten zetten. [XXX] reed in de auto. [gedaagde] heeft zelf geen rijbewijs. Zij is verstandelijk beperkt en heeft niet altijd inzicht in de gevolgen van haar handelen. Daarvan maken anderen soms misbruik. [gedaagde] weet niets van het onbetaalde tanken. Zij kan dan ook niet aansprakelijk worden gesteld voor de door Kennemerland geleden schade.

De beoordeling

1. Nu het een civielrechtelijke vordering betreft, kan niet zonder meer gezegd worden dat [gedaagde] als kentekenhouder van de auto aansprakelijk is voor de door Kennemerland geleden schade.

2. Vast staat dat niet [gedaagde], maar [XXX] op 4 februari 2011 voor een bedrag van € 25,25 brandstof heeft afgenomen en de schuldbekentenis heeft ondertekend. Het enkele feit dat [XXX] niet heeft betaald en onbereikbaar is voor Kennemerland, brengt niet de aansprakelijkheid van [gedaagde] voor de door Kennemerland geleden schade mee. Nu Kennemerland geen andere feiten en omstandigheden aan haar vordering ten grondslag legt waaruit die aansprakelijkheid kan worden afgeleid, zal haar vordering als ongegrond worden afgewezen.

3. De proceskosten komen voor rekening van Kennemerland omdat deze in het ongelijk wordt gesteld.

De beslissing

De kantonrechter:

- wijst de vordering af;

- veroordeelt Kennemerland tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde] tot en met vandaag worden begroot op € 50,00 ter zake van reis- en verblijfkosten.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. van der Valk en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.