Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2010:BM7479

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
11-06-2010
Datum publicatie
14-06-2010
Zaaknummer
AWB 10/1151
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ongeldigverklaring rijbewijs, geen geldige reden niet verschijnen op onderzoek, geen afhaalbericht van aangetekend schrijven ontvangen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector bestuursrecht

zaaknummer: AWB 10 - 1151

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 juni 2010

in de zaak van:

[naam eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser,

tegen:

de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 13 november 2009 heeft verweerder de ongeldigverklaring van het rijbewijs van eiser in stand gelaten.

Tegen dit besluit heeft eiser bij brief van 10 december 2009 bezwaar gemaakt.

Bij besluit van 26 januari 2010 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar kennelijk ongegrond verklaard.

Tegen dit besluit heeft eiser bij brief van 5 maart 2010 beroep ingesteld.

Verweerder heeft op de zaak betrekking hebbende stukken ingezonden en een verweerschrift ingediend.

Het beroep is behandeld ter zitting van 3 juni 2010, alwaar eiser in persoon is verschenen. Verweerder is met bericht niet verschenen.

2. Overwegingen

2.1 Het besluit van verweerder van 13 november 2009 en de handhaving daarvan in het bestreden besluit is gebaseerd op het feit dat eiser zonder geldige reden niet op het onderzoek naar de geschiktheid van 31 oktober 2009 is verschenen. Verweerder had eiser daartoe per aangetekende brief van 23 september 2009 een oproep gestuurd.

2.2 Eiser heeft in beroep aangevoerd dat TNT Post grove fouten heeft gemaakt en dat hij de oproep van 23 september 2009 voor het onderzoek niet heeft ontvangen. Ook stelt eiser geen afhaalbericht te hebben ontvangen. Op de retourenveloppe staat bij ‘reden van onbestelbaarheid’ het vakje ‘geweigerd’ aangekruist, hetgeen volgens eiser onjuist is omdat hij geen brief heeft geweigerd. Eiser betoogt tot slot dat hij zijn medewerking heeft getoond door de kosten voor het onderzoek te voldoen en dat hij derhalve geen enkele reden had om een aangetekend verzonden brief van verweerder te weigeren dan wel niet van het postkantoor af te halen.

2.3 Verweerder heeft uitdraaien uit het Track&Trace-systeem overgelegd, waaruit blijkt dat op 24 september 2009 een poststuk is aangeboden. Nadat de postbesteller geen gehoor kreeg, is het poststuk achtergelaten op het postkantoor in [locatie]. Daar kon het poststuk gedurende drie weken worden afgehaald. Omdat het poststuk niet is afgehaald, is het vervolgens op 19 oktober 2009 aan verweerder retour gezonden. Verweerder meent op basis hiervan dat voldoende vast staat dat het poststuk is aangeboden, dat de postbesteller -conform de vaste werkwijze van TNT Post- een afhaalbericht heeft achtergelaten, en dat eiser niet op geloofwaardige wijze heeft ontkend dat hij een afhaalbericht heeft ontvangen.

2.4 De rechtbank overweegt als volgt.

2.5 Het betoog van verweerder slaagt. Op basis van de uitdraai uit het Track&Trace-systeem kan in voldoende mate worden vastgesteld dat aan eiser een poststuk is aangeboden, welke bij geen gehoor op het postkantoor is achtergelaten teneinde te worden afgehaald. Uit niets kan worden afgeleid dat de werkwijze van TNT Post anders is geweest dan gebruikelijk. Er moet derhalve van uit worden gegaan dat de postbesteller een afhaalbericht bij eiser heeft achtergelaten. Dat de postbesteller op de enveloppe het vakje ‘geweigerd’ in plaats van ‘niet afgehaald’ heeft aangekruist, doet aan het vorenstaande niet af. Ook de stelling van eiser dat hij door de betaling van de kosten van het onderzoek geen enkele reden zou hebben een aangetekend stuk van verweerder te weigeren dan wel niet af te halen, leidt niet tot een ander oordeel. Ten aanzien hiervan heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (LJN: BK6718) geoordeeld dat dit geen feit of omstandigheid betreft waaruit zou kunnen blijken dat door TNT Post geen afhaalbericht op eisers adres is achtergelaten, omdat deze stelling niet ziet op de vraag of een afhaalbericht bij hem in de brievenbus is achtergelaten.

2.6 Gelet op het vorenstaande heeft verweerder terecht aanleiding gezien om de ongeldigverklaring van eisers rijbewijs in stand te laten, nu eiser zonder geldige reden niet is verschenen op het onderzoek van 31 oktober 2009. Een en ander heeft tot gevolg dat eiser, anders dan hij heeft betoogd, voor het alsnog ondergaan van het onderzoek terecht opnieuw heeft moeten betalen. De rechtbank wijst in dit verband op artikel 97 van het Reglement rijbewijzen.

2.7 Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De rechtbank:

verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.M. Janse van Mantgem, rechter, in tegenwoordigheid van R.I. ten Cate, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 juni 2010.

afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het hoger beroep dient te worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen zes weken onmiddellijk liggend na de dag van verzending van de uitspraak door de griffier.