Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2010:BM2111

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
14-04-2010
Datum publicatie
23-04-2010
Zaaknummer
AWB 10/971 & AWB 10/123
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie

Vrijstelling 19.2 WRO. Het bestreden besluit is in de zaken AWB 10/978 en 09/6448 ter zitting van 14 april 2010 vernietigd, waardoor het instellen van beroep tegen dat besluit niet langer mogelijk. Het beroep dient derhalve niet ontvankelijk te worden verklaard. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector bestuursrecht

zaaknummer: AWB 10 / 971 en AWB 10 / 123

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter d.d. 14 april april 2010

in de zaak van:

[naam eisers].,

wonende te [woonplaats],

gemachtigde: mr. drs. Pasveer, advocaat te ’s Hertogenbosch,

tegen:

het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer,

verweerder,

derde partij,

Kinderdagverblijf Haarlemmermeer B.V.,

Gemachtigde: mr. B.M. Sadza, advocaat te Haarlem.

Tegenwoordig: mr. G. Guinau, voorzieningenrechter, en mr. D. Krokké, griffier.

Zitting: 14 april 2010. De zaken zijn gelijktijdig behandeld met de zaken AWB 10 / 978 en 09 / 6448.

Verschenen: Namens eisers [naam], [naam], [naam], [naam], [naam] en de gemachtigde. Verweerder vertegenwoordigd door mr. R. Vreeker, werkzaam bij de gemeente Haarlemmermeer. Namens de derde partij [naam] en de gemachtigde.

Het geschil betreft het besluit van 24 november 2009, verzonden op 25 november 2009, waarbij verweerder vrijstelling en bouwvergunning heeft verleend ten behoeve van het verbouwen van de woning met praktijkruimte op [locatie] tot een kinderdagverblijf voor 29 kinderen tot vier jaar en 30 kinderen vanaf vier jaar.

Bij mondelinge uitspraak van 14 april 2010 heeft de voorzieningenrechter het beroep van eisers met toepassing van artikel 8:86, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.

De voorzieningenrechter heeft daartoe overwogen dat het bestreden besluit bij mondelinge uitspraak van 14 april 2010 in de zaak AWB 10/6448 is vernietigd, waardoor het instellen van beroep tegen dat besluit niet langer mogelijk is.

Verder heeft de voorzieningenrechter bepaald dat aanleiding bestaat voor een proceskostenveroordeling ten aanzien van verweerder en dat verweerder het door eisers betaalde griffierecht ad. € 150,- dient te vergoeden. De proceskosten worden begroot op € 1311,- (met betrekking tot de kosten van rechtsbijstand in beroep wordt één punt toegekend voor het indienen van een beroepschrift, één punt voor het indienen van een verzoekschrift en één punt voor het verschijnen ter zitting, waarbij een wegingsfactor één in aanmerking is genomen. De waarde van één punt bedraagt € 437,-).

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal,

(griffier) (voorzieningenrechter)

afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het hoger beroep dient te worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen zes weken onmiddellijk liggend na de dag van verzending van de uitspraak door de griffier.