Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2010:BL6945

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
16-02-2010
Datum publicatie
09-03-2010
Zaaknummer
AWB 09/6449 & 09/6450
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening+bodemzaak
Inhoudsindicatie

Tijdens een controle bij eiseres is een vreemdeling aangetroffen, die volgens verweerder werkzaamheden verrichtte ten behoeve van het autobedrijf. Wav-boete ten onrechte opgelegd nu de grondslag hiervoor ontbreekt. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de gang van zaken meer het karakter heeft van het kopen van een sloopauto-onderdeel door de vreemdeling, dan dat er sprake van is geweest dat eiseres de vreemdeling arbeid heeft laten verrichten in de zin van de Wav.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector bestuursrecht

zaaknummers: AWB 09 - 6449 (voorlopige voorziening)

AWB 09 - 6450 (beroep)

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 16 februari 2010

in de zaken van:

Autobedrijf Multi Cars V.O.F.,

gevestigd te Vijfhuizen,

eiseres,

gemachtigde: mr. J.A.W. Enoch, advocaat te Utrecht,

tegen:

de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

verweerder.

Tegenwoordig: mr. W.J.A.M. van Brussel, voorzieningenrechter, en R.I. ten Cate, griffier.

Zitting: 16 februari 2010

Verschenen: Eiseres, vertegenwoordigd door [naam], bijgestaan door mr. J.A.W. Enoch. Verweerder is vertegenwoordigd door mr. E.F. Roskott en W. de Bakker, beiden werkzaam bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het geschil betreft de door verweerder aan eiseres opgelegde boete van € 8.000,- voor het overtreden van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).

De voorzieningenrechter, gehoord partijen, is van oordeel dat in deze zaak nader onderzoek redelijkerwijs niet kan bijdragen aan de beoordeling daarvan en dat ook overigens geen beletsel bestaat om met toepassing van artikel 8:86, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht (Awb) onmiddellijk uitspraak in de hoofdzaak te doen.

Bij mondelinge uitspraak van 16 februari 2010 heeft de voorzieningenrechter het beroep gegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. De voorzieningenrechter heeft voorts het bestreden besluit van 20 november 2009 vernietigd, het primaire besluit van 3 augustus 2009 herroepen en bepaald dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. Tot slot heeft de voorzieningenrechter aanleiding gezien om verweerder te veroordelen in de door eiseres gemaakte proceskosten tot een bedrag van € 874,-, te betalen aan de griffier, omdat ten behoeve van eiseres een toevoeging is afgegeven ingevolge de Wet op de rechtsbijstand. Verweerder dient de door eiseres betaalde griffierechten ter hoogte van € 594,- aan haar te vergoeden.

De voorzieningenrechter heeft daartoe het volgende overwogen.

De voorzieningenrechter gaat op basis van de stukken en de verklaringen ter zitting uit van de volgende feiten. De vreemdeling [naam] (hierna: de vreemdeling) kwam op de dag van de controle een versnellingsbak kopen bij eiseres. Eiseres had een dag eerder met de vreemdeling afgesproken dat hij die de volgende dag kon ophalen. Op het moment dat eiseres bezig was met het demonteren van de versnellingsbak, kwam de vreemdeling langs en heeft hij eiseres geholpen met het tillen van de voor hem bestemde versnellingsbak uit de auto, omdat die erg zwaar was. De versnellingsbak is op de werkbank gezet en de vreemdeling heeft de bak vervolgens getest op speling. Dat - zoals verweerder ter zitting heeft gesteld - uit het proces-verbaal kan worden opgemaakt dat de vreemdeling alleen onder de brug stond, kan de voorzieningenrechter niet vaststellen, omdat het proces-verbaal van de controle op dit punt te onduidelijk is. Dat de vreemdeling bij het verwijderen van de versnellingsbak gereedschap in zijn handen had - hetgeen eiseres heeft ontkend - is eerst in het proces-verbaal dat is opgemaakt op 1 april 2009 vermeld. Aangezien de controle ruim voor die datum, te weten op 29 oktober 2008, heeft plaatsgevonden, acht de voorzieningenrechter het proces-verbaal op dit punt onvoldoende betrouwbaar.

De voorzieningenrechter is op grond van deze feiten van oordeel dat de gang van zaken meer het karakter heeft van het aankopen van een sloopauto-onderdeel door de vreemdeling, dan dat er sprake van is geweest dat eiseres de vreemdeling arbeid heeft laten verrichten als bedoeld in de Wav. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter was er dan ook geen grondslag voor het opleggen van een boete.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal,

(griffier) (voorzieningenrechter)

afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat uitsluitend voorzover het de hoofdzaak betreft hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Het hoger beroep dient te worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen zes weken onmiddellijk liggend na de dag van verzending van de uitspraak door de griffier.