Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2009:BL5981

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
22-12-2009
Datum publicatie
01-03-2010
Zaaknummer
163942 - KG ZA 09-674
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Inzet van de vordering in kort geding tussen twee bestuurders van een vennootschap om eiseres (weer) toe te laten als bestuurder van die vennootschap, is het besluit van de Kamer van Koophandel ex artikel 2:19a BW tot ontbinding van eiseres als vennootschap omdat zij niet tijdig haar jaarstukken openbaar heeft gemaakt en het latere besluit tot ongedaanmaking van die beslissing omdat eiseres alsnog haar jaarstukken openbaar heeft gemaakt. Gedaagde heeft beroep ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven tegen het besluit van de Kamer van Koophandel tot ongedaanmaking van de ontbinding van eiseres. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft dat beroep een redelijke kans van slagen, zodat de vordering van eiseres in kort geding wordt afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK HAARLEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 163942 / KG ZA 09-674

Vonnis in kort geding van 22 december 2009

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] HOLDING B.V.,

gevestigd te Amersfoort,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. F.W. Drost te Baarn,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ONALED HOLDING B.V.,

gevestigd te Landsmeer,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat mr. M. Lingmont te Rotterdam.

Partijen zullen hierna [A] Holding en Onaled genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties 1 tot en met 10

- de brief van Onaled van 15 december 2009 met producties 1 tot en met 14

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van [A] Holding

- de pleitnota van Onaled

- de eis in reconventie.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [A] Holding en Onaled zijn sinds 31 december 2001 ieder voor 50% aandeelhouder van MensHaan Holding B.V. (hierna: MensHaan). [A] Holding en Onaled zijn tevens de gezamenlijk bevoegde bestuurders van MensHaan. Bestuurder en aandeelhouder van [A] Holding is [A]. Bestuurder en aandeelhouder van Onaled is [B].

2.2. MensHaan bezit 100% van de aandelen van Schone Lei Incassodiensten B.V. (hierna: SLI). [A] Holding en Onaled zijn de gezamenlijk bevoegde bestuurders van SLI.

2.3. Bij de oprichting van MensHaan hebben partijen een stem-, anti-concurrentie- en aanbiedingsovereenkomst gesloten, neergelegd in een notariële akte van 31 december 2001 (hierna: de stemovereenkomst). Deze overeenkomst houdt onder meer een regeling in voor het geval de bestuurders, dan wel de algemene vergadering van aandeelhouders, van MensHaan niet eensluidend stemmen. Indien de stemmen staken, heeft iedere partij het recht advies in te winnen van drie deskundigen. Partijen zijn verplicht gedurende de tijd dat een advies in voorbereiding is, zich als aandeelhouder of bestuurder van stemming over de onderwerpelijke kwestie te onthouden, op straffe van een boete van EUR 50.000,00 die terstond en zonder ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst opeisbaar wordt.

2.4. Op 10 augustus 2009 heeft de Kamer van Koophandel Gooi- Eem- en Flevoland (hierna: de KvK) [A] Holding bericht van haar voornemen tot ontbinding van deze vennootschap op grond van artikel 2:19a BW. De KvK heeft aan dat voornemen ten grondslag gelegd dat [A] Holding vanaf het jaar 2000 geen jaarrekeningen openbaar heeft gemaakt en dat zij het voor haar inschrijving in het handelsregister verschuldigde bedrag niet tijdig heeft voldaan.

2.5. Bij brief van 8 oktober 2009 heeft de KvK MensHaan bericht dat per diezelfde datum in het handelsregister is geregistreerd dat [A] Holding is opgehouden te bestaan met ingang van 7 oktober 2009. Voorts heeft de KvK het uittreden van [A] Holding als bestuurder van MensHaan geregistreerd. Onaled staat nu als enig bestuurder ingeschreven en MensHaan kan de bevoegdheid van de overgebleven bestuurder aanpassen naar alleen/ zelfstandig bevoegd, aldus de KvK. Ook [A] Holding is door de KvK bericht van het besluit tot ontbinding van [A] Holding.

2.6. Op 14 oktober 2009 heeft een bestuursvergadering van MensHaan en van SLI plaatsgevonden, waarbij alleen aanwezig was [B], als (enig) bestuurder van Onaled. Daarbij zijn de volgende besluiten genomen:

[A] Holding B.V. zal door mij niet meer toegelaten worden als bestuurder van Menshaan Holding B.V.

Met ingang van 7 oktober 2009 zal de managementvergoeding van [A] Holding B.V. worden stopgezet en zal de eventuele managementovereenkomst hierbij direct ontbonden zijn.

Met ingang van vandaag zijn alle eventuele bevoegdheden van [A] Holding B.V. en/of van haar bestuurder [A] ingetrokken of vervallen.

2.7. Per brief van 19 oktober 2009 aan [A] Holding heeft [B] namens Onaled aan [A] onder meer het volgende bericht:

Aangezien [A] Holding B.V. vanaf 7 oktober jl. heeft/was opgehouden te bestaan en geen bestuurder meer is van MensHaan Holding B.V. zijn per voorgenoemde datum alle betalingen aan [A] Holding B.V., zijnde uw managementvergoeding ad € 12.000,-, de autokostenvergoeding ad € 1.021,- per maand en de telefoonkosten van € 150,- per maand, stop gezet. De toegang tot het pand van MensHaan Holding B.V. en Schoone Lei Incassodiensten B.V. is u per 14 oktober jl. ontzegd. U hebt tevens geen toegang meer tot het (interne) netwerk.

Op grond van artikel 8 lid 1 van de statuten bent u vanwege het enkele feit van ontbinding van [A] Holding B.V. verplicht uw aandelen in MensHaan Holding B.V. te koop aan te bieden aan Onaled Holding B.V. / Schoone Lei Incassodiensten B.V.

2.8. Op 16 oktober 2009 heeft [A] Holding bij de KvK bezwaar gemaakt tegen het besluit tot ontbinding van de vennootschap. [A] Holding heeft daarbij alsnog voldaan aan het openbaar maken van haar jaarrekeningen en het betalen van haar bijdrage aan de KvK.

2.9. Per brief van 19 oktober 2009 heeft de KvK aan [A] Holding bericht dat de ontbinding van de vennootschap ongedaan is gemaakt en dat [A] Holding opnieuw is ingeschreven als bestuurder van MensHaan. In de Staatscourant van 23 oktober 2009 heeft de KvK bericht dat op 16 oktober 2009 het voornemen tot ontbinding van [A] Holding door de KvK is ingetrokken.

2.10. Op 19 oktober 2009 hebben MensHaan en Onaled bij de KvK bezwaar gemaakt tegen het besluit van 16 oktober 2009 van de KvK waarin de ontbinding van [A] Holding ongedaan is gemaakt. Bij besluit van 28 oktober 2009 heeft de KvK het bezwaar ongegrond verklaard.

2.11. Op 24 november 2009 hebben MensHaan en Onaled beroep ingesteld bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (hierna: CBB) tegen het besluit op bezwaar van de KvK van 28 oktober 2009.

2.12. Op 18 november 2009 heeft [A] een bedrag van EUR 47.198,97 opgenomen van de bankrekening van SLI.

3. Het geschil in conventie

3.1. [A] Holding vordert:

1. Onaled als bestuurder van MensHaan / SLI te gebieden om [A] Holding toe te laten tot zijn werkplek en de ongehinderde taakvervulling toe te staan, op verbeurte van een dwangsom van EUR 50.000,- en EUR 2.500,- per overtreding en per dag dat zij in gebreke blijft zulks te doen,

2. Onaled de zorgvuldige communicatie op te dragen over de terugkeer van [A] Holding, met voorafgaande afstemming met [A] Holding, op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 10.000,-,

3. De besluiten van Onaled van 14 oktober 2009 als bestuurder van MensHaan/ SLI te vernietigen, subsidiair op teschorten tot in een bodemprocedure is komen vast te staan of de besluiten rechtsgeldig zijn, waarmee de stopzetting/beëindiging van de maandelijkse managementvergoeding ad EUR 12.000.- ex BTW, de maandelijkse autokostenvergoeding ad EUR 1.021,- en de maandelijkse telefoonkosten-vergoeding ad EUR 150.- ongedaan wordt gemaakt,

4. Onaled te veroordelen tot betaling van de contractuele boete uit de stemovereenkomst van 31 december 2001, ad EUR 50 000-, althans een zodanig bedrag dat de voorzieningenrechter in goede justitie bepaalt, vanwege de schending van de stemovereenkomst van 31 december 2001,

5. Onaled te veroordelen tot vergoeding van de door [A] Holding noodzakelijk gemaakte kosten van rechtsbijstand, tot aan de zitting begroot op EUR 2.800,- ex BTW.

6. Onaled te veroordelen in proceskosten.

3.2. Onaled voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. Het geschil in reconventie

4.1. Onaled vordert [A] Holding te veroordelen:

1. tot terugbetaling aan SLI van het door [A] Holding opgenomen bedrag van de bankrekening van SLI van EUR 47.198,97, op straffe van een dwangsom van EUR 20.000,- en voorts een boete van EUR 2.000,- per dag dat [A] Holding hiermee (gedeeltelijk) in gebreke blijft,

2. mee te werken aan de overdracht van de door haar gehouden aandelen in MensHaan aan Onaled, op straffe van een dwangsom van EUR 20.000,- en voorts een boete van EUR 2.000,- per dag dat [A] Holding hiermee in gebreke blijft,

3. in de kosten van het geding.

4.2. [A] Holding voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

5. De beoordeling in conventie

5.1. [A] Holding heeft aan haar vorderingen ten grondslag gelegd dat de besluiten van Onaled als bestuurder van MensHaan om [A] Holding niet meer toe te laten als bestuurder van MensHaan en haar managementvergoeding in te trekken, ongeldig en non-existent zijn, nu de KvK het besluit tot ontbinding van [A] Holding heeft ingetrokken. Intrekking van het besluit tot ontbinding betekent volgens [A] Holding dat zij wordt geacht steeds als vennootschap te hebben voortbestaan, en dus dat Onaled niet zonder [A] Holding voornoemde besluiten van MensHaan heeft kunnen nemen. Subsidiair heeft [A] Holding zich op het standpunt gesteld dat de besluiten van Onaled als bestuurder van MensHaan nietig dan wel vernietigbaar zijn op grond van artikel 2:14 en artikel 2:15 BW en wegens strijd met de statuten van MensHaan.

5.2. Onaled heeft daartegen ingebracht dat de KvK ten onrechte het besluit tot ontbinding van [A] Holding ongedaan heeft gemaakt. Op grond van artikel 2:19a BW ontbindt de KvK een vennootschap indien de vennootschap niet binnen een termijn van acht weken na het bericht van het voornemen tot ontbinding (één van) de gronden voor ontbinding heeft gezuiverd. Volgens Onaled is de termijn van acht weken een fatale termijn en leidt het zuiveren van de gronden voor ontbinding na acht weken, zoals [A] Holding heeft gedaan, niet tot de ongedaanmaking van de ontbinding. Onaled acht het daarom voorzienbaar en aannemelijk dat haar beroep bij het CBB gegrond wordt verklaard en dat de ontbinding van [A] Holding wordt herbevestigd. Daarmee zal de beëindiging van de bestuursfunctie van [A] Holding bij MensHaan zijn geëffectueerd, aldus Onaled.

5.3. Tussen partijen staat vast dat [A] Holding niet binnen de termijn van acht weken na het voornemen van de KvK tot ontbinding van de vennootschap de gronden voor die ontbinding heeft gezuiverd, als bedoeld in artikel 2:19a lid 4 BW. [A] Holding heeft dit pas gedaan nádat aan haar het besluit tot ontbinding bekend was gemaakt en zij in het handelsregister was uitgeschreven als bestuurder van MensHaan. Naar vaste jurisprudentie van het CBB kan, indien, zoals in artikel 2:19a BW het geval is, de wetgever het nemen van een besluit oplegt indien geen gebruik wordt gemaakt van een laatste mogelijkheid tot herstel van verzuimen binnen een daartoe gestelde tijdslimiet, een eventueel later herstel van die verzuimen niet leiden tot het oordeel dat aan die dwingende termijnbepaling voorbij zou moeten worden gegaan. Dit kan evenwel anders zijn indien voor de KvK volstrekt duidelijk is of behoort te zijn dat sprake is van een rechtspersoon die nog volop activiteiten verricht in het maatschappelijk verkeer. In dat geval brengt een redelijke toepassing van de regeling mee, aldus jurisprudentie van het CBB, dat de KvK de haar toegekende bevoegdheden niet uitoefent.

5.4. Uit het voorgaande volgt dat het enkele feit dat [A] Holding na het besluit tot ontbinding, en derhalve na de termijn van acht weken, alsnog de gronden voor ontbinding heeft gezuiverd, niet betekent dat de KvK terecht de ontbinding van [A] Holding ongedaan heeft gemaakt. Nu de KvK (uitsluitend) die omstandigheid aan haar besluit op het bezwaar van Onaled en MensHaan ten grondslag heeft gelegd, zal naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter het besluit van de KvK op die grond niet in stand kunnen blijven. Dat neemt echter niet weg dat het CBB tevens zal hebben te beoordelen of het voor de KvK volstrekt duidelijk was of behoorde te zijn dat [A] Holding nog volop activiteiten verrichtte in het maatschappelijk verkeer, in welk geval de KvK terecht het besluit tot ontbinding van [A] Holding heeft herroepen. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft [A] Holding, tegenover het gemotiveerde betoog van Onaled dat [A] Holding als bestuurder van MensHaan vanaf 2003 feitelijk nauwelijks meer werkzaamheden heeft verricht ten behoeve van MensHaan, onvoldoende gesteld, laat staan bewezen, dat zij nog volop activiteiten verrichtte in het maatschappelijk verkeer.

5.5. Gelet op het voorgaande moet aan het beroep van Onaled en MensHaan bij het CBB tegen het besluit van de KvK van 28 oktober 2009 een redelijke kans van slagen worden toegedicht. Daarom kan vooralsnog ervan worden uitgegaan dat het aanvankelijke besluit van de KvK tot ontbinding van [A] Holding stand zal houden. Dat betekent dat [A] Holding als vennootschap in liquidatie geen bestuurder kan zijn van MensHaan, dat de uitschrijving op 7 oktober 2009 van [A] Holding als bestuurder van MensHaan zal blijven gehandhaafd, en dat Onaled als enig bestuurder van MensHaan de besluiten van 14 oktober 2009 om [A] Holding niet meer toe te laten als bestuurder van MensHaan en haar managementvergoeding in te trekken rechtsgeldig heeft genomen. De voorzieningenrechter zal daarom de door [A] Holding gevraagde voorzieningen die verband houden met de door haar beoogde terugkeer als bestuurder van MensHaan, weigeren.

5.6. [A] Holding heeft voorts betoogd dat het handelen van Onaled in strijd is met de stemovereenkomst van 31 december 2001. Onaled heeft volgens [A] Holding besluiten genomen waarvan op voorhand duidelijk was dat [A] Holding daarmee niet zou instemmen. Bij het staken van de stemmen dienen partijen op grond van de stemovereenkomst deskundigen te benoemen die partijen over het voorgenomen besluit zullen adviseren. Nu Onaled daarmee in strijd heeft gehandeld, is zij op grond van de stemovereenkomst een boete verschuldigd aan [A] Holding van EUR 50.000,-, aldus [A] Holding.

5.7. Dit betoog van [A] Holding slaagt evenmin, reeds omdat het, gelet op het voorgaande, naar voorlopig oordeel ervoor moet worden gehouden dat [A] Holding ten tijde van de gewraakte besluiten van MensHaan van 14 oktober 2009 geen bestuurder van MensHaan meer was omdat zij als vennootschap was ontbonden. [A] Holding was derhalve niet stemgerechtigd, zodat de stemovereenkomst niet van toepassing was. De voorzieningenrechter zal derhalve de gevraagde voorziening waarbij Onaled wordt veroordeeld aan [A] Holding de contractuele boete ad EUR 50.000,- te betalen, eveneens weigeren.

5.8. [A] Holding zal als de in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Onaled worden begroot op:

- vast recht EUR 262,00

- salaris advocaat 816,00

Totaal EUR 1.078,00

6. De beoordeling in reconventie

6.1. Onaled heeft terugbetaling aan SLI gevorderd van het door [A] Holding van de bankrekening van SLI opgenomen bedrag van EUR 47.189,97, omdat [A] Holding dit bedrag volgens Onaled buiten medeweten van Onaled heeft opgenomen zonder geldige rechtsgrond of titel. De voorzieningenrechter stelt vast dat voornoemde vordering een vordering van SLI op [A] Holding betreft. SLI is geen partij in deze procedure. De omstandigheid dat Onaled bestuurder is van SLI, zoals door haar ter zitting naar voren gebracht, geeft haar geen zelfstandig vorderingsrecht op [A] Holding. Nu ook anderszins niet is gesteld of gebleken dat Onaled een vorderingsrecht toekomt ten aanzien van voornoemd van de bankrekening van SLI opgenomen bedrag, zal de door Onaled gevraagde voorziening worden geweigerd.

6.2. Onaled heeft voorts gevorderd [A] Holding te veroordelen tot medewerking aan de overdracht van de door haar gehouden aandelen in MensHaan aan Onaled, op grond van artikel 8 van de statuten van MensHaan. De voorzieningenrechter zal deze voorziening weigeren wegens gebrek aan spoedeisend belang. Volgens Onaled is het van het grootste belang dat de aandelen van [A] Holding in MensHaan zo spoedig mogelijk worden overgedragen aan Onaled, zodat de rust onder de werknemers en de klanten van MensHaan terug kan keren. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter wordt dat belang van Onaled reeds voldoende gediend door de beslissing in conventie, op grond waarvan [A] Holding vooralsnog niet langer als bestuurder van MensHaan zal kunnen optreden. De voorzieningenrechter acht het in het belang van beide partijen, en van MensHaan, om thans de huidige situatie zoveel mogelijk te bevriezen en niet verder onder druk te zetten door een aandelenoverdracht, totdat het CBB een einduitspraak heeft gedaan en definitief duidelijkheid bestaat over de rechtspositie van [A] Holding, als bestuurder en als aandeelhouder van MensHaan.

6.3. Onaled zal als de in het ongelijk te stellen partij in reconventie in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [A] Holding worden begroot op:

- salaris advocaat EUR 527,00

Totaal EUR 527,00

7. De beslissing

De voorzieningenrechter

in conventie

7.1. weigert de gevraagde voorzieningen,

7.2. veroordeelt [A] Holding in de proceskosten, aan de zijde van Onaled tot op heden begroot op EUR 1.078,00,

7.3. verklaart dit vonnis in conventie wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

in reconventie

7.4. weigert de gevraagde voorzieningen,

7.5. veroordeelt Onaled in de proceskosten, aan de zijde van [A] Holding tot op heden begroot op EUR 527,00,

7.6. verklaart dit vonnis in reconventie wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.J. Ruijpers, bijgestaan door mr. J. van der Kluit, en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2009.?