Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2009:BK3263

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
11-11-2009
Datum publicatie
13-11-2009
Zaaknummer
15/840131-08
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHAMS:2011:BP9473, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

PROMIS; ontvankelijkheid; diefstal; schakelbewijs;

Vonnis in de zaak van de hoofdverdachte in de megazaak Amsterdam. Ontvankelijkheid officier van justitie in verband met het specialiteitsbeginsel, neergelegd in artikel 27 van het zogenoemde Kaderbesluit Europees Aanhoudingsbevel. Zwijgende verdachte. Schakelbewijs. Verdachte wordt vanwege zijn betrokkenheid bij grootscheepse autocriminaliteit – waarin hij de spilfunctie vervulde – veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 90 maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Locatie Schiphol

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/840131-08

Uitspraakdatum: 11 november 2009

Tegenspraak

Strafvonnis

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 20 oktober 2009, 21 oktober 2009 en 28 oktober 2009 in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Suriname),

thans gedetineerd in PI Noord-Holland Noord – Huis van Bewaring Zwaag, te Zwaag.

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is – na een nadere omschrijving van de tenlastelegging ex artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) en na een wijziging van die tenlastelegging ter terechtzitting van 20 oktober 2009 – ten laste gelegd dat:

Feit 1

hij op of omstreeks 05 januari 2009 te Antwerpen-Wilrijk, in elk geval in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tussen 04.00 uur en 06.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning gelegen aan de [adres 1],

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen één of meer briefje(s) ter waarde van 50 euro en/of één of meer schilderij(en) en/of één of meer muntstuk(ken) (met vermelding van Koning Boudewijn) en/of een metalen kistje of koffer (met als inhoud aktes en testamenten) en/of een mandoline, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Feit 2

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 12 november 2008 tot en met 02 december 2008 te Antwerpen en/of Gent en/of Brasschaat, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit één of meer hierna te noemen woning(en), al dan niet gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008 omstreeks 04.10 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 2] te Antwerpen, een of meer autosleutel(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] en/of [bedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008 tussen 23.00 uur en 06.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 3] te Antwerpen, een of meer autosleutel(s) en/of huissleutel(s) en/of een portefeuille, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 3] en/of [bedrijf 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008 tussen 23.00 uur en 06.30 uur, in elk geval gedurende voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 4] te Gent, een of meer autosleutel(s) en/of een vest en/of een portefeuille en/of een handtas en/of een laptop, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 01 december 2008 tussen 02.00 uur en 07.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 5] te Brasschaat, een of meer autosleutel(s) en/of één of meer champagnefles(sen) en/of een portefeuille en/of een mobiele telefoon (merk Nokia, type E71) en/of één of meer (bank)pas(sen) en/of één of meer identiteitspapier(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 5] en/of [naam 6] en/of [bedrijf 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Feit 3

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 12 november 2008 tot en met 02 december 2008 te Antwerpen en/of Gent en/of Brasschaat, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto (merk Landrover, type Range Rover, kleur zwart, voorzien van het kenteken [kentekennummer 1]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] en/of [bedrijf 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto (merk Audi, type A6, kleur zwart, met kenteken [kentekennummer 2]) (en de zich daarin bevindende goederen), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 3] en/of [bedrijf 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008 te Gent, een personenauto (merk Audi, type Q7, kleur donkergrijs met kenteken [kentekennummer 3]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 01 december 2008 te Brasschaat, een personenauto (merk Audi, type A5, kleur zwart, met kenteken [kentekennummer 4]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 5] en/of [naam 6] en/of [bedrijf 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 4

hij op of omstreeks 16 december 2008 te Antwerpen, in elk geval in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, tussen 00.00 uur en 05.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 6] (te Antwerpen)

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een of meer autosleutel(s) en/of een laptop (merk Dell) en/of een fotocamera (merk Nikon) en/of een Plasmatelevisie (merk LG) en/of een afstandsbediening en/of kleding en/of (verzekerings)papieren behorende bij een personenauto, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] en/of [bedrijf 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Feit 5

hij op of omstreeks 16 december 2008 te Antwerpen, in elk geval in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (merk Audi, type Q7, kleur grijs metallic, voorzien van kenteken [kentekennummer 5]) (en de zich daarin bevindende goederen), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] en/of [bedrijf 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 6

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 02 december 2008 tot en met 03 januari 2009 te Brecht en/of Laarne en/of Kalmthout en/of Rijkevorsel, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit één of meer hierna te noemen woning(en), al dan niet gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 14) in de nacht van 23 december 2008 tussen 02.00 uur en 07.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 7] te Brecht, een of meer autosleutel(s) en/of een laptop (merk Sony Vaio) en/of een laptop (merk Flybook) en/of een fototoestel (merk Sony) en/of overige goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 8] en/of [bedrijf 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 16) in de nacht van 02 december 2008 tussen 00.00 uur en 04.15 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 8] te Laarne, een of meer autosleutel(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 9] en/of diens zoon en/of [bedrijf 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 18) in de nacht van 03 januari 2009 tussen 03.00 uur en 03.16 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd,in/uit een woning aan de [adres 9] te Kalmthout, een of meer autosleutel(s) en/of een fotocamera (merk Canon) en/of een portefeuille met inhoud, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 10] en/of [bedrijf 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 19) in de nacht van 04 op 05 december 2008 tussen 23.00 uur en 07.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd,in/uit een woning aan de [adres 10] te Kalmthout, een of meer autosleutel(s) en/of één of meer laptops en/of huissleutel(s) en/of (bank)passen en/of identiteitspapieren en/of geld en/of klantendossiers, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 11] en/of [bedrijf 8], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 21) in de nacht van 03 januari 2009 tussen 01.30 uur en 08.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 11] te Rijkevorsel, een of meer autosleutel(s) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia) en/of een of meer (huis)sleutel(s) en/of een handtas met inhoud, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 12] en/of [naam 13] en/of [bedrijf 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming.

Feit 7

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 02 december 2008 tot en met 03 januari 2009 te Brecht en/of Laarne en/of Kalmthout en/of Rijkevorsel, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 14) op of omstreeks 23 december 2008 te Brecht, een personenauto (merk Volkswagen, type Touareq, kleur zwart, voorzien van kenteken [kentekennummer 6] (en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een mobiele telefoon (merk Iphone) en/of een Ipod Touch en/of een tankkaart), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 8] en/of [bedrijf 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 16) op of omstreeks 02 december 2008 te Laarne, een personenauto (merk BMW, type 335, kleur zwart/blauw, voorzien van kenteken [kentekennummer 7]) in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 9] en/of diens zoon en/of [bedrijf 6], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 18) op of omstreeks 03 januari 2009 te Kalmthout, een personenauto (merk Audi, type A4, kleur zwart, voorzien van kenteken [kentekennummer 8]) (en de zich daarin bevindende goederen), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 10], en/of [bedrijf 7], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 19) op of omstreeks 04 op 05 december 2008 te Kalmthout, een personenauto (merk BMW, type M5, kleur lichtgrijs, voorzien van het kenteken [kentekennummer 9]) (en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een IPOD en diverse (auto)papieren), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 11] en/of [bedrijf 8], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 21) op of omstreeks 03 januari 2009 te Rijkevorsel, een personenauto (merk BMW, type 635D, kleur zwart, voorzien van het kenteken [kentekennummer 10]) (en de zich daarin bevindende goederen), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 12] en/of [naam 13] en/of [bedrijf 9], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 8

primair

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2008 tot en met 03 januari 2009 te Brecht en/of Malle en/of Mechelen en/of Destelbergen en/of Lokeren en/of Schoten, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit één of meer hierna te noemen woning(en), al dan niet gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 22) in de nacht van 01 op 02 januari 2009 gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in/uit een woning aan de [adres 12] te Malle, een laptop (merk Dell, type C810) en/of overige goederen, waaronder een handtas en/of identiteitspapieren en/of (bank)passen en/of een huissleutel en/of geld ter waarde van 250 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 14], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 25) in de nacht van 22 op 23 december 2008 gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in/uit een woning aan de [adres 13] te Brecht, een handtas en/of geld (170 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 15], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 36) in de nacht van 24 op 25 december 2008 gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in/uit een woning aan de [adres 14] te Destelbergen, een fotocamera (merk Nikon, type coolpix P3) en/of één of meer laptops (merk Dell en/of Toshiba) en/of een mobiele telefoon (merk Nokia), en/of een portefeuille en/of (bank)passen en/of identiteitspapieren en/of een handtas, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 16], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 37) in de nacht van 23 december 2008 tussen 01.30 uur en 08.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 15] te Brecht, een horloge (merk Swatch) en/of een of meer autosleutel(s) en/of een portefeuille met inhoud, en/of geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 17], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 39) in de nacht van 26 december 2008 in/uit een woning aan de [adres 16] te Lokeren, een laptop (merk HP type Pavillion DV6700) en/of een flatscreen TV (merk Sony) en/of een Playstation 3 en/of een WII console en/of een of meer (auto)sleutel(s) en/of een of meer computerspelletje(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 18] en/of [naam 19], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 48) in de nacht van 17 december 2008 tussen 04.00 uur en 06.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in/uit een woning aan de [adres 17] te Mechelen, een laptop (merk Toshiba Satellite) en/of een laptop (merk Siemens) en/of één of meer portefeuilles met inhoud, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 20] en/of [naam 21], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en/of

- (zaak 49) in de nacht van 22 december 2008 tussen 01.30 en 05.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in/uit een woning aan de [adres 18] te Schoten, een of meer laptop(s) en/of een handtas met inhoud, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 22], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 december 2008 tot en met 05 januari 2009 in België en/of Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 22) in of omstreeks de periode van 02 tot 05 januari 2009, een laptop (merk Dell, type C810) en/of

- (zaak 36) in of omstreeks de periode van 25 december 2008 tot 05 januari 2009, een fotocamera (merk Nikon, type coolpix P3) en/of

- (zaak 37) in of omstreeks de periode van 23 december 2008 tot 05 januari 2009, een horloge (merk Swatch) en/of

- (zaak 39) in of omstreeks de periode van 26 december 2008 tot 05 januari 2009, een laptop (merk HP type Pavillion DV6700) en/of

- (zaak 48) in of omstreeks de periode van 17 december 2008 tot 05 januari 2009, een laptop (merk Toshiba Satellite);

- (zaak 49) in of omstreeks de periode van 22 december 2008 tot 05 januari 2009, een of meer laptop(s) (merk Toshiba);

terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen (telkens) wist(en), dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Feit 9

hij op één of meer tijdstippen in de periode van 22 tot en met 23 december 2008 te Brecht, in elk geval steeds in België, (telkens) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, weg te nemen

- op 23 december 2008 tussen 02.00 uur en 04.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 19] te Brecht, geld en/of goederen van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 23], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- op 23 december 2008 tussen 01.00 uur en 01.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 20] te Brecht, geld en/of goederen van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 24], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- op 23 december 2008 tussen 03.00 uur en 03.15 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 21] te Brecht, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 25], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- in de nacht van 22 op 23 december gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning aan de [adres 22] te Brecht, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 26], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- (zaak 38) in/uit een woning aan de [adres 23] te Brecht, geld en/of goederen, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 27], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s)

de na te noemen uitvoeringshandelingen heeft/hebben verricht;

- het forceren van de achterdeur en/of het achterdeurslot van de woning aan de [adres 20], althans het trachten te forceren en/of openbreken van de achterdeur en/of het achterdeurslot van de woning aan de [adres 20]

en/of

- het forceren en/of openbreken van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning(en) aan de [adres 19] en/of de [adres 21]

en/of

- forceren en/of openbreken van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning aan de [adres 22] en/of het doorzoeken van die woonkamer van die woning

en/of

- het forceren van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning aan de [adres 23], althans het trachten te forceren en/of openbreken van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning aan de [adres 23]

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf (telkens) niet is voltooid.

Feit 10

hij op één of meer tijdstippen in de periode tussen 21 tot en met 22 december 2008 te Schoten, in elk geval steeds in België, (telkens) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, weg te nemen

- in/uit een woning aan de [adres 24] te Schoten, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 28], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- in/uit een woning aan de [adres 25] te Schoten, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 29], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- in/uit een woning aan de [adres 26] te Schoten, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 30], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- in/uit een woning aan de [adres 27] te Schoten, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 31], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- in/uit een woning aan de [adres 28] te Schoten, geld en/of goederen van zijn gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 32] en/of [naam 33], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s),

de na te noemen (uitvoerings)handelingen heeft/hebben verricht;

- het forceren en/of openbreken van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning(en) aan de [adres 24] en/of de [adres 25]

en/of

- het forceren van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning(en) aan de [adres 26] en/of [adres 27] en/of de [adres 28], althans het verwijderen van het slotplaatje van de voordeur van de woning(en) aan de [adres 26] en/of [adres 29]

en/of de [adres 28]

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf (telkens) niet is voltooid.

Feit 11

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 15 april 2008 tot en met 14 juli 2008 in Nederland en/of Duitsland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 2) in of omstreeks de periode van 18 mei 2008 tot 27 juni 2008, een personenauto (merk BMW, type 335D M-paket) en/of

- (zaak 3) in of omstreeks de periode van 15 april 2008 tot 14 juli 2008, een personenauto (merk BMW, type 745i, kleur groen),

terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Feit 12

hij op één of meer tijdstippen op of omstreeks 1 mei 2008 te Beyne-Heusay, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit één of meer hierna te noemen woning(en), al dan niet gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 6) in de nacht van 1 mei 2008 tussen 02.30 uur en 06.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning gelegen aan de [adres 30] te Beyne-Heusay, een of meer autosleutel(s) en/of een of meer mobiele telefoons en/of een digitale camera en/of een of meer laptop(s) en/of geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 34], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

- (zaak 40) in de nacht van 01 mei 2008 tussen 01.00 uur en 06.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning gelegen aan de [adres 31] te Beyne-Heusay, geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 35], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

- (zaak 41) in de nacht van 01 mei 2008 tussen 01.00 uur en 06.30 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in/uit een woning gelegen aan de [adres 32] te Beyne-Heusay, geld (ongeveer 125 euro) en/of sigaretten en/of een sigarettenetui (croco) en/of een vest (kleur zwart), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 36], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

en/of

hij op of omstreeks 1 mei 2008 te Beyne-Heusay, in elk geval in België, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen in/uit een woning aan de [adres 25] omstreeks 02.00 uur, in elk geval gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, geld en/of goederen van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 37], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s), het slot van de/een (inkom)deur van die woning heeft/hebben geforceerd en/of afgebroken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Feit 13

primair

hij op of omstreeks 01 mei 2008 te Beyne-Heusay, in elk geval te België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (merk Audi, type A6, kleur grijs, voorzien van het kenteken [kentekennummer 11]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 34], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 01 augustus 2008 tot en met 20 oktober 2008 te Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, een voorwerp, te weten een personenauto (merk Audi, type A6, (originele) kleur grijs voorzien van het chassisnummer [nummer 1], heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van bovengenoemd voorwerp, gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

meer subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 01 augustus 2008 tot en met 20 oktober 2008 te Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een personenauto (merk Audi, type A6, (originele) kleur grijs voorzien van het chassisnummer [nummer 1] heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat voorwerp wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.

Feit 14

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 januari 2008 tot en met 12 december 2008 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

(telkens) goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 1) in of omstreeks de periode van 8 mei 2008 tot 2 juli 2008, een personenauto (merk BMW, type 3-serie cabriolet) en/of

- (zaak 5) in of omstreeks de periode van 17 januari 2008 tot 18 september 2008, een personenauto (merk Audi, type A3, kleur zwart) en/of

- (zaak 10) in of omstreeks de periode van 13 maart 2008 tot 17 november 2008, een personenauto (merk Audi, type A4, kleur zwart) en/of

- (zaak 12) in of omstreeks de periode van 16 april 2008 tot 12 december 2008, een personenauto (merk Peugeot, type 206 cabriolet),

terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Feit 15

primair

hij in of omstreeks de periode van 01 januari 2008 tot 13 december 2008 te Nederland en/of België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, een voorwerp, te weten een personenauto (merk Audi, type A6, (originele) kleur zwart voorzien van het chassisnummer [nummer 2], valselijk gekentekend [kentekennummer 12] en/of (vervolgens) [kentekennummer 13]), heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van bovengenoemd voorwerp, gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 21 november 2007 tot 13 december 2008 te Nederland en/of België tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een personenauto (merk Audi, type A6, (originele) kleur zwart voorzien van het chassisnummer [nummer 2], valselijk gekentekend [kentekennummer 12] en/of (vervolgens) [kentekennummer 13])) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat voorwerp wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.

Feit 16

primair

hij op of omstreeks 28 en/of 29 januari 2007 te Hoorn, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (merk Volkswagen, kleur zwart, type Golf, voorzien van het chassisnummer [nummer 3] en/of van het kenteken [kentekennummer 14]), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 38], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair

hij in of omstreeks de periode van 13 november 2008 tot 05 januari 2009 te Nederland en/of België tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een personenauto (merk Volkswagen, type Golf, voorzien van het chassisnummer [nummer 3] en/of van het (valse) kenteken [kentekennummer 15]) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat voorwerp wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.

Feit 17

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 27 september 2008 tot en met 24 december 2009 te Antwerpen en/of Schoten en/of Brasschaat, in elk geval steeds in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- (een) kentekenpla(a)t(en) met kenteken [kentekennummer 13] toebehorende aan [naam 39], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s);

- (een) kentekenpla(a)t(en) met kenteken [kentekennummer 16], toebehorende aan [naam 40], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s) en/of

- (een) kentekenpla(a)t(en) met kenteken [kentekennummer 17] toebehorende aan [naam 41], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s).

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Dit geldt in het bijzonder voor het in feit 8 primair (zaak 22) vermelde adres. Gelet op de stukken is de rechtbank van oordeel dat bij kennelijke verschrijving het huisnummer [nummer A] in plaats van [nummer B] in de tenlastelegging is opgenomen. De rechtbank zal deze verschrijving verbeterd lezen. De rechtbank acht de verdachte, blijkens het verhandelde ter terechtzitting, daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

2. Voorvragen

2.1. Geldigheid van de dagvaarding en bevoegdheid van de rechtbank

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is en dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak.

2.2. Ontvankelijkheid van de officier van justitie

Met een beroep op artikel 27 van het zogenoemde Kaderbesluit Europees Aanhoudingsbevel (Kaderbesluit van de Raad van 13 juni 2002 betreffende het Europees Aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten) heeft de raadsman van verdachte betoogd dat de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van een aantal ten laste gelegde feiten dient te worden verklaard, nu zijn cliënt voor die feiten niet is overgeleverd vanuit België.

Het betreft in de eerste plaats feit 2, voor wat betreft zaak 11, feit 6, voor wat betreft zaak 16, en feit 12, voor wat betreft zaak 6. De raadsman van verdachte heeft daarbij aangevoerd dat weliswaar in het Europees Aanhoudingsbevel (EAB) van 7 januari 2009 en de aanvulling daarop van 18 mei 2009 de autodiefstallen in deze zaken zijn genoemd, maar niet de woninginbraken.

Voorts betreft het feit 7, voor wat betreft zaak 19, en feit 8, voor wat betreft zaak 22. De raadsman van verdachte heeft hiertoe aangevoerd dat wat betreft zaak 19 zijn cliënt is overgeleverd voor een diefstal van een BMW X5, terwijl in de tenlastelegging een BMW M5 wordt genoemd. Wat betreft zaak 22 is zijn cliënt overgeleverd voor een woninginbraak op het adres [adres 12B] te Malle, terwijl in de tenlastelegging het adres [adres 12A] te Malle is genoemd.

Tot slot betreft het feit 8, voor wat betreft de zaken 39 en 49, feit 10 en feit 17, voor wat betreft de diefstal van de kentekenplaten met het kenteken [kentekennummer 17], nu deze feiten noch in het EAB noch in de aanvulling daarop zijn genoemd, aldus nog steeds de raadsman.

De rechtbank overweegt omtrent dit verweer het volgende.

Ingevolge artikel 27, tweede lid, van het voormelde Kaderbesluit Europees Aanhoudingsbevel wordt een overgeleverd persoon niet vervolgd, berecht of anderszins van zijn vrijheid beroofd wegens enig ander vóór de overlevering begaan feit dan dat welk de reden tot overlevering is geweest (in de rechtspraak en de literatuur aangeduid als het specialiteitsbeginsel).

Verdachte is door de Belgische autoriteiten aan Nederland overgeleverd op grond van het EAB van de officier van justitie van 7 januari 2009. Op 18 mei 2009 heeft de officier van justitie een aanvulling op dit EAB gemaakt, teneinde – overeenkomstig artikel 27, vierde lid juncto derde lid, aanhef en onder g, van het Kaderbesluit – de verdachte ook voor andere feiten dan genoemd in het EAB van 7 januari 2009 te mogen vervolgen. De Belgische autoriteiten hebben deze aanvulling toegestaan.

De rechtbank stelt met de raadsman van verdachte– en de officier van justitie, in zijn reactie op het betoog van de raadsman – vast dat de feiten die in de tenlastelegging onder feit 8 primair, voor wat betreft de zaken 39 en 49, feit 10 en feit 17, voor wat betreft de diefstal van de kentekenplaten met het kenteken [kentekennummer 17] (laatste aandachtstreepje), zijn vermeld, noch in het EAB van 7 januari 2009 noch in de aanvulling daarop van 18 mei 2009 zijn genoemd. Dit heeft, gelet op artikel 27, tweede lid, van het Kaderbesluit, tot gevolg dat de officier van justitie in de vervolging van deze feiten niet-ontvankelijk moet worden verklaard. In zoverre slaagt het verweer van de raadsman.

Met betrekking tot hetgeen de raadsman van verdachte heeft aangevoerd in zaak 19 (type BMW) is de rechtbank van oordeel dat in de aanvulling op het EAB van 18 mei 2009 (onder 29) bij wijze van kennelijke verschrijving het type X5 is genoemd. De rechtbank leest die verschrijving verbeterd. Gezien de stukken en de samenhang met de onder feit 6 ten laste gelegde woninginbraak aan de [adres 10] te Kalmthout – waarbij de autosleutels van dit voertuig zijn weggenomen – overweegt de rechtbank dat er, ook bij verdachte, geen enkele twijfel over kan bestaan dat de overlevering ziet op de diefstal van een BMW M5.

Met betrekking tot hetgeen de raadsman van verdachte heeft aangevoerd in zaak 22 (huisnummer [adres 12] te Malle) merkt de rechtbank op dat – zoals hiervoor is overwogen – zij de tenlastelegging in deze zaak verbeterd heeft gelezen, in die zin dat is ten laste gelegd dat de woninginbraak heeft plaatsgevonden op het adres [adres 12B] te Malle. Uitgaande van die verbeterd gelezen tenlastelegging, mist het verweer van de raadsman feitelijke grondslag. Van een schending van het specialiteitsbeginsel is geen sprake.

Ten aanzien van hetgeen is aangevoerd in de zaken 6, 11 en 16 overweegt de rechtbank ten slotte dat op grond van de volgende feiten en omstandigheden er geen redelijke twijfel over kan bestaan dat de overlevering – naast de in deze zaken ten laste gelegde autodiefstallen – tevens ziet op de ten laste gelegde woninginbraken.

In het EAB van 7 januari 2009 zijn de autodiefstallen vermeld. Daaraan voorafgaand is in het EAB opgenomen:

“Door de Bovenregionale Recherche Noordwest & Midden Nederland (politie Kennemerland) werd vanaf 29 september 2008 een onderzoek ingesteld naar een groep personen die zich schuldig maken aan het plegen van autodiefstallen uit het luxe segment, al dan niet voorafgegaan van een woninginbraak (…).Uit dit onderzoek zijn feiten en omstandigheden naar voren gekomen op grond waarvan (…) [verdachte] als verdachte kan worden aangemerkt. [verdachte] wordt verdacht van betrokkenheid bij na te noemen woninginbraken en/of diefstallen met behulp van een valse sleutel van personenauto’s (…).”

Op 7 januari 2009 was, naar de officier van justitie ter terechtzitting onweersproken heeft gesteld, het onderzoek nog in volle gang en bestond er nog geen volledig zicht op, welke autodiefstallen, waar en wanneer, waren voorafgegaan door een woninginbraak waarbij de bijbehorende sleutel(s) was/waren weggenomen. Daar moest op dat moment nog nader onderzoek naar worden gedaan, aldus de officier. Op grond van nader onderzoek is komen vast te staan dat ook de autodiefstallen in de zaken 6, 11 en 16 zijn voorafgegaan door woninginbraken waarbij de bijbehorende sleutel(s) is/zijn weggenomen, zoals in de tenlastelegging is verwoord.

Bij brief van 4 maart 2009 – nadat de overlevering op grond van het EAB van 7 januari 2009 door de Belgische rechter toelaatbaar was verklaard – heeft de procureur des Konings van België [naam 42] de officier van justitie het volgende laten weten:

“(...) conform de eerder gemaakte afspraken verzoekt mijn ambt U de strafvervolging met betrekking tot (…) (de hiernavermelde feiten gepleegd in België) over te nemen:

(…)”

In het vervolg van deze brief zijn (onder 1, 8 en 11) de in de zaken 6, 11 en 16 ten laste gelegde autodiefstallen EN woninginbraken concreet omschreven.

Gelet hierop, in samenhang beschouwd met hetgeen hierboven is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat de Belgische autoriteiten de overlevering ook hebben toegestaan voor de in zaken 6, 11 en 16 ten laste gelegde woninginbraken. Derhalve is van een schending van het specialiteitsbeginsel geen sprake.

Het verweer van de raadsman wordt derhalve voor het overige verworpen.

De rechtbank acht de officier van justitie ontvankelijk in de vervolging van verdachte, behoudens de hiervoor genoemde feiten.

2.3. Schorsing van de vervolging

Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

3. Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair, 9 (met uitzondering van het vierde gedachtenstreepje), 10, 11, 13 subsidiair, 14, 15, 16 primair en 17. Ten aanzien van de ten laste gelegde feiten onder 12 en 13 primair heeft de officier van justitie vrijspraak gevorderd.

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wat betreft de bewezen te verklaren feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 11 (elf) jaren met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.

Ten aanzien van de in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen heeft de officier van justitie gevorderd dat de op de beslaglijst vermelde voorwerpen genummerd als 143A, 146A en 150A worden geretourneerd aan de verdachte, dat de voorwerpen genummerd als 117A, 118A, 119A, 120A, 121A, 125A, 126A, 139A, 142A en 147A worden verbeurd verklaard en dat de overige op de beslaglijst vermelde voorwerpen worden geretourneerd aan de rechthebbenden.

Voor wat betreft de vorderingen van de benadeelde partijen heeft de officier van justitie als volgt gevorderd:

- gehele toewijzing van de vordering van [bedrijf 1];

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [naam 3] tot een bedrag van € 393, 94;

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 4];

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [bedrijf 3] tot een bedrag van € 2198,37

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [naam 7] tot een bedrag van € 1250,-;

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 8];

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [naam 9] tot een bedrag van € 86,-;

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [naam 43];

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [naam 10] tot een bedrag van € 986,-;

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 14];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 15];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 16];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 17];

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [naam 18];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 21];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 25];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 27];

- gehele toewijzing van de vordering van [naam 29];

- gedeeltelijke toewijzing van de vordering van [naam 30] tot een bedrag van € 116,70;

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [naam 35];

- niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij [naam 44].

Ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen waarvan de officier van justitie de gehele of de gedeeltelijke toewijzing heeft gevorderd, heeft hij de rechtbank verzocht het zogeheten hoofdelijkheidscriterium toe te passen en tevens de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

Ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen waarvan de officier van justitie de gedeeltelijke toewijzing heeft gevorderd, heeft hij voorts gevorderd de benadeelde partijen voor het overige niet-ontvankelijk te verklaren.

4. Bewijs

4.1. (Partiële) Vrijspraak

De rechtbank is met de officier van justitie en de raadsman van oordeel dat hetgeen verdachte onder feit 9 onder het vierde gedachtenstreepje, feit 12 en feit 13 primair ten laste is gelegd, niet is bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

De rechtbank is voorts met de raadsman – anders dan de officier van justitie – van oordeel dat ook hetgeen verdachte onder feit 8 primair, voor wat betreft zaak 22, feit 14, voor wat betreft de zaken 1 en 10, en feit 17 onder het eerste gedachtenstreepje ten laste is gelegd, niet wettig en overtuigend is bewezen. Voor deze feiten is onvoldoende (steun-)bewijs in het dossier voorhanden. Verdachte moet derhalve ook hiervan worden vrijgesproken.

4.2. Redengevende feiten en omstandigheden

4.2.1. Inbraken en diefstallen

Zaaksdossier 15 (Feit 1)

Op 5 januari 2009 omstreeks 05:39 uur zijn verdachte en medeverdachte [verdachte 2] (verder te noemen: [verdachte 2]), na een melding, op heterdaad door politieambtenaren betrapt bij een woninginbraak in de woning van [naam 1], [adres 1] te Antwerpen-Wilrijk (België). De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur te verwijderen. Het slot is niet meer teruggevonden. In de woning stonden laden van kasten open. [verdachte 2] en verdachte zijn in een slaapkamer van de woning aangetroffen. Beiden waren geheel in het zwart gekleed, droegen zwarte handschoenen en een zwarte muts.

Tijdens de veiligheidsfouillering is bij verdachte een autosleutel aangetroffen behorende bij een zwarte Volkswagen Touareg. In de omgeving van de woning [adres 1] is een Volkswagen Touareg aangetroffen. In deze auto bevonden zich goederen welke, blijkens een verklaring van zijn dochter, eigendom waren van [naam 1] voornoemd en afkomstig waren uit zijn woning, waaronder twee schilderijen, meerdere muntstukken met vermelding van Koning Boudewijn, een metalen geldkoffer met als inhoud aktes en testamenten en een mandoline. Tevens werden in deze auto een bahco, twee schroevendraaiers en een afgezaagde sleutel aangetroffen, goederen waarvan algemeen bekend is dat zij (ook) als inbrekersgereedschap kunnen worden aangemerkt.

[verdachte 2] heeft verklaard dat verdachte en hij samen in een zwarte Volkswagen Touareg naar de betreffende woning zijn gereden. Medeverdachte [verdachte 3] (verder te noemen: [verdachte 3]) heeft verklaard dat hij weet dat verdachte in januari 2009 rondreed in een Volkswagen Touareg, hetgeen hij heeft vernomen van [verdachte 2]. Verdachte heeft verklaard dat hij inderdaad in voornoemde woning is geweest met zijn vriend [verdachte 2] en dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal en inbraak.

Zaaksdossiers 7, 8 en 11 (Feiten 2 en 3)

In de nacht van 13 november 2008 is in de woning [adres 2] te Antwerpen ingebroken. De deur werd geforceerd door het cilinderslot van de voordeur af te breken.

Het afgebroken deel werd niet meer teruggevonden. Omstreeks 04:10 uur werd aangever [naam 2] wakker van het interne alarm en hoorde dat de autosleutels werden weggenomen vanaf een kast welke in de hal naast de voordeur stond. Toen hij beneden kwam zag hij zijn auto, een zwarte Landrover, type Range Rover, voorzien van het Belgische kenteken [kentekennummer 1], wegrijden over de [adres 34]. Deze Landrover behoorde in eigendom toe aan [bedrijf 1].

In dezelfde nacht is tussen 23:00 uur en 06:35 uur in de woning [adres 3] te Antwerpen ingebroken, zijnde de woning van [naam 3]. Het cilinderslot van de voordeur was verwijderd en is niet meer teruggevonden. Een autosleutel, huissleutels en een portefeuille zijn weggenomen. Tevens is de bij de woning geparkeerde zwarte Audi A6 Avant (Station), kenteken [kentekennummer 2], chassisnummer [NUMMER 4], weggenomen. In de auto bevonden zich onder andere sportschoenen, een sporttas, een audiodrager en een GPS “Garmin Nüvi 300 Deluxe” met het serienummer [nummer 5]. De auto behoorde in eigendom toe aan het bedrijf [bedrijf 2].

Op 13 november 2008 heeft verdachte omstreeks 16:35 uur een Landrover, type Range Rover, met kenteken [kentekennummer 1], bestuurd en omstreeks 19:28 uur een Audi Station, voorzien van kenteken [kentekennummer 2].

Op 17 november 2008 is voornoemde Landrover aangetroffen op de Tucana Ring te Dordrecht, alwaar [persoon 1] (verder te noemen: [persoon 1]) de auto eerder had geparkeerd. Tijdens zijn verhoor verklaarde [persoon 1], dat verdachte in het bezit was van de autosleutel van de Landrover en dat verdachte bij hem de auto en de sleutel had achtergelaten. Verdachte droeg bedrijfskleding met het opschrift [bedrijf 10] of iets dergelijks.

Op 29 november 2008 controleerden opsporingsambtenaren in het kader van een verkeerscontrole een zwarte Audi A6, voorzien van het gestolen kenteken [kentekennummer 12](zie zaaksdossier 4), met het chassisnummer [nummer 4]. Het betrof hier de op 13 november 2008 te Antwerpen gestolen Audi A6. In de auto reed een man genaamd [persoon 2]. Hij heeft verklaard dat hij de Audi had geleend van verdachte.

In de nacht van 17 november 2008 op 18 november 2008 tussen 23:00 uur en 06:30 uur is ingebroken in de woning van [naam 4], [adres 4] te Gent (België). Daarbij zijn een vest, een portefeuille, een handtas, een laptop, een autosleutel en een voor deze woning geparkeerde grijskleurige Audi, type Q7, gekentekend [kentekennummer 3], en voorzien van het chassisnummer [NUMMER 5], weggenomen.

Op 17 december 2008 is de gestolen Audi Q7 in Den-Haag op de [adres 35] in beslag genomen. Uit onderzoek is gebleken dat daar familie van verdachte woonachtig is en dat verdachte ten tijde van de inbeslagname van de Audi Q7 in die buurt verbleef. Tevens is diverse malen waargenomen dat verdachte gebruik maakte van deze auto. [verdachte 2] heeft eveneens gebruikgemaakt van deze Audi Q7. In de Audi Q7 werd een zwarte lederen schrijfmap aangetroffen en in beslag genomen met daarin onder andere een schrijfblok en een los vel wat ogenschijnlijk van het schrijfblok afkomstig is. Op het schrijfblok waren meerdere aantekeningen gemaakt die op typeaanduidingen van merken van personenauto’s zou kunnen duiden met de kleur en het bouwjaar.

Verklaringen [verdachte 3] ten aanzien van de zaaksdossiers 7, 8, en 11

[verdachte 3] heeft uitgebreid en gedetailleerd verklaard over zijn tochten met [verdachte 2] en verdachte in de nachtelijke uren. Hij heeft verklaard dat en hoe hij samen met [verdachte 2] en verdachte betrokken is geweest bij de woninginbraken en de (auto)diefstallen gepleegd in de nachten van 12 op 13 november 2008 en 17 op 18 november 2008 en over de daarbij toegepaste modus operandi.

Om toegang tot de woningen te verkrijgen is door verdachte en zijn medeverdachten gebruik gemaakt van een specifieke werkwijze, aangeduid als de “Bulgaarse methode”. Deze werkwijze houdt – kort gezegd – in dat het beschermplaatje van het slot van de deur verwijderd wordt, waarna het cilinderslot wordt afgebroken met behulp van een bahco. Vervolgens ontdoet men zich van het afgebroken cilinderslot, door het op een veilige afstand weg te gooien, en kan de deur met een schroevendraaier worden geopend.

Voorafgaand aan de diefstallen zijn [verdachte 2], [verdachte 3] en verdachte, zoals vaker, op voorverkenning geweest. Tijdens alle voorverkenningen maakte [verdachte 2] in een boek notities met betrekking tot straatnamen, huisnummers en type voertuigen. In voornoemde Audi Q7 is, zo stelt de rechtbank vast, een dergelijk notitieboek aangetroffen.

[verdachte 3] omschrijft in zijn verklaring de route die zij de nacht van 13 november 2008 hebben gereden vanaf de tunnel nabij het Schipperskwartier naar het adres vanwaar de Landrover is weggenomen. Wanneer deze route met behulp van ‘Google maps’wordt gevolgd vanaf de tunnel nabij het Schipperskwartier blijkt de route uit te komen bij de Van Averbekelaan te Antwerpen.

Hetzelfde geldt voor de routebeschrijving van [verdachte 3] met betrekking tot het adres vanwaar de Audi A6 is weggenomen, want wanneer deze route wordt gevolgd vanaf de tunnel nabij het Schipperskwartier blijkt de route uit te komen bij de Walter Scottstraat te Antwerpen.

[verdachte 3] verklaart dat [verdachte 2] en verdachte hem hadden verteld dat een bewoner hen tijdens een inbraak in de nacht van 12 op 13 november 2008 had betrapt. Uit de verklaring van aangever Hellemans blijkt dit detail te kloppen. Voorts verklaart [verdachte 3] dat bij de voordeur van de woning [adres 3] een Porsche geparkeerd stond. Ook dit detail blijkt te kloppen.

Uit tapgesprekken welke zijn opgenomen blijkt dat [verdachte 3] en verdachte op 12 november 2008 te 23:34, te 23:54 uur en op 13 november 2008 te 01:13, te 11:07 telefonisch contact hebben gehad.

Zaaksdossier 17 (Feiten 2, 3 en 17)

Op 1 december 2008 tussen 02:00 uur en 07:00 uur is in de woning [adres 5] te Brasschaat (België) via de voordeur, na het afbreken van het cilinderslot, ingebroken. Hierbij is een zwarte Audi, type A5 – voorzien van het kenteken [kentekennummer 4], chassisnummer [NUMMER 6] en eigendom van [bedrijf 3] – gestolen samen met twee bankkaarten/betaalkaarten, een identiteitskaart en een rijbewijs toebehorende aan [naam 6] en twee bankkaarten/betaalkaarten, een rijbewijs, een identiteitskaart, een portefeuille, een Nokia gsm type E71 en originele autosleutels van de Audi A5 toebehorende aan [naam 5]. Daarnaast zijn er twaalf flessen champagne weggenomen.

Op 3 december 2008 tussen 0:00 uur en 13:39 uur zijn in Brasschaat, [adres 38], de kentekenplaten voorzien van het kenteken [kentekennummer 16] gestolen van een Audi A5. [naam 40] heeft hiervan aangifte gedaan.

Tijdens een huiszoeking in de woning van [verdachte 3] aan de [adres 39] te Gent (België) op 8 januari 2009 is in een vest van [verdachte 3] een sleutelbos gevonden met daaraan onder meer een autosleutel van het merk Audi. In de onmiddellijke omgeving van de [adres 39] werd een Audi A5 aangetroffen met de nummerplaat [kentekennummer 16], welke reageerde op de afstandsbediening van de gevonden sleutel. Aan de hand van het chassisnummer van het voertuig werd vastgesteld dat het ging om de op 1 december 2008 gestolen Audi A5, welke ten tijde van de diefstal was voorzien van het gestolen kenteken [kentekennummer 4].

[verdachte 3] heeft verklaard dat hij op de avond van de diefstal omstreeks 23:00 uur in Gent door [verdachte 2] en verdachte was opgehaald met de door hen eerder gestolen Audi Q7. Ze hebben rondgereden in Brasschaat. Op een gegeven moment vond verdachte een geschikte auto, waarna [verdachte 2] en verdachte uit de auto zijn gestapt en [verdachte 3] plaatsnam achter het stuur. Enige tijd later hoorde [verdachte 3] een auto naderen en hij zag dat verdachte achter het stuur zat. Het betrof een Audi A5. Met z’n drieën hebben ze de auto weggebracht naar Antwerpen, in de omgeving van de [adres 40], waar ze de auto hebben achtergelaten. [verdachte 3] kreeg vervolgens de autosleutel van de Audi A5, waarmee hij op aanwijzing van verdachte, een dag later de Audi A5 heeft opgehaald en in Gent heeft geparkeerd. [verdachte 3] kreeg de gestolen Audi A5 omdat hij een derde deel van de opbrengst van de verkoop van de gestolen Range Rover zou krijgen. [verdachte 3] heeft voorts verklaard dat hij twee dagen na de inbraak te Brasschaat met verdachte wederom naar Brasschaat is gegaan, waar zij van een geschikte Belgische auto de kentekenplaten hebben afgeschroefd. Verdachte heeft, zo heeft [verdachte 3] verklaard, de kentekenplaat aan de achterzijde losgedraaid en [verdachte 3] de kentekenplaat aan de voorkant. Deze kentekenplaten zijn op de gestolen Audi A5 geplaatst.

[verdachte 2] was tijdens zijn arrestatie op 5 januari 2009 in het bezit van drie mobiele telefoons waaronder een Nokia type E71. Uit onderzoek is gebleken dat de Nokia E71 afkomstig is van de inbraak in de woning van [naam 5] en [naam 6].

Als [verdachte 2] gevraagd wordt waar hij de telefoon vandaan heeft, verklaart hij dat hij de telefoon heeft gekocht, maar dat hij niet precies weet wanneer, noch van wie of hoeveel hij ervoor heeft betaald. Daarnaast kent hij het nummer van de telefoon niet, terwijl hij wel de telefoonnummers van de andere bij hem aangetroffen mobiele telefoons kan reproduceren. Hij weet voor het overige niet hoe de telefoon werkt. Reeds gelet hierop acht de rechtbank de verklaring van [verdachte 2] dat hij de telefoon heeft gekocht ongeloofwaardig en stelt zij die terzijde.

Zaaksdossier 16 (Feiten 6 en 7)

Op 2 december 2008 tussen 00:00 uur en 04:15 uur is in de woning van [naam 9] aan de [adres 8] in Laarne (België) ingebroken. Uit de woning zijn autosleutels weggenomen. Daarnaast is de op de oprit van voornoemde woning geparkeerde zwart-blauwe BMW, type 335 – voorzien van het kenteken [kentekennummer 7] en in eigendom toebehorende aan [bedrijf 6] en/of de zoon van [naam 9] voornoemd– gestolen. Bij de toegang tot de woning is de cilinder uit het deurslot gehaald.

[verdachte 3] heeft verklaard dat [verdachte 2] en verdachte voornoemde BMW begin december 2008 gestolen hebben. [verdachte 2] en verdachte hebben de auto achtergelaten in Gent bij de autosnelweg E17 ter hoogte van een brug. [verdachte 3] verklaart dat hij nadien samen met verdachte en [verdachte 2] de auto is gaan zoeken, maar dat zij deze niet meer terug konden vinden.

De verklaring van [verdachte 3] wordt ondersteund door de bevindingen van de politie van Gent, aangezien op 2 december 2008 omstreeks 04:40 uur de gestolen BMW is aangetroffen onder het viaduct van de E17 te 9050 Gentbrugge op het einde van de [adres 41]. De op- en afrit van de E17 is op amper 500 meter gelegen.

Daarnaast is tijdens de doorzoeking in de slaapkamer van [verdachte 2] op het adres [adres 42] te [plaats 1] op 5 januari 2009 onder de matras van [verdachte 2]’s bed een autosleutel aangetroffen waarvan uit onderzoek is gebleken dat deze behoort bij de gestolen BMW.

Uit onderzoek is bekend geworden dat verdachte gebruik maakte van het Belgische telefoonnummer [nummer 7]. Op 2 december 2008 om 04:53:57 uur is kortstondig met dit telefoonnummer gebeld, waarbij gebruik werd gemaakt van de zendmast op het [adres 43] te 9000 Gent (België). De snelste route vanuit de [adres 8] te Laarne naar het [adres 43] loopt nagenoeg via de locatie waar de gestolen BMW op 2 december 2008 omstreeks 04:40 uur door de Belgische politie is aangetroffen. De afstand tussen de woning in Laarne en voornoemde zendmast in Gent, via de [adres 41] te Gentbrugge, bedraagt 15,2 kilometer, ca 17 minuten. Tussen het moment waarop de diefstal werd geconstateerd (04:15 uur) en het tijdstip waarop met voornoemd telefoonnummer werd gebeld met gebruikmaking van voornoemde zendmast in Gent (04:53:57) zit bijna 40 minuten.

Zaaksdossier 13 (Feiten 4 en 5)

Op 16 december 2008 tussen 00:00 uur en 05:30 uur is ingebroken in de woning [adres 6] te Antwerpen (België). De woning is betreden door het cilinderslot van de voordeur af te breken. Het afgebroken deel is niet meer teruggevonden. Bij de diefstal zijn de volgende goederen, toebehorende aan [naam 7], weggenomen: kledingstukken, een laptop (Dell), een plasma TV (LG) met de bijbehorende afstandsbediening, een digitaal fototoestel (Nikon Coolpix), en het verzekeringsbewijs en de sleutels van de Audi Q7, voorzien van het Belgische kenteken [kentekennummer 5], welke personenauto eveneens is weggenomen. Deze auto, kleur grijs metallic, behoort in eigendom toe aan [bedrijf 4]. In het voertuig lagen ten tijde van de diefstal een balpen, een audiodrager, een Ipod en een hondenbench.

Het weggenomen digitale fototoestel is van het merk NIKON en heeft het serienummer [nummer 8].

Op 10 december 2008 is verdachte door een observatieteam gezien als bestuurder van een Audi Q7, voorzien van kenteken [kentekennummer 18] (zaaksdossier 11). In deze auto lag een jas met daarop “[bedrijf 11]” en in de jas bevond zich een tweetal autosleutels.

Uit nader onderzoek naar deze sleutels is gebleken dat deze behoren bij de op 16 december 2008 gestolen Audi Q7 voorzien van kenteken [kentekennummer 5].

Op 18 december 2008 is deze Audi Q7 ([kentekennummer 5]) aangetroffen terwijl deze geparkeerd stond op de [adres 44] te Den Haag in de omgeving van de [adres 35].

De tante van verdachte genaamd [persoon 3] woont te [adres 45], alwaar verdachte, blijkens zijn verklaring ter terechtzitting, regelmatig verblijft.

De telefoon van verdachte heeft op maandag 15 december 2008 tussen 21:00 uur en 23:00 uur regelmatig een zendmastlocatie aangestraald in de woonwijk [wijk] te Antwerpen.

Op 16 december 2008 om 06:49:39 uur belt verdachte uit naar het telefoonnummer [nummer 9] oftewel [verdachte 2]. Er blijkt een barst in de voorkant van de TV te zitten volgens verdachte. Verdachte denkt dat dat gebeurd is in de auto.

Op 16 december 2008 belt verdachte uit naar medeverdachte [verdachte 4] (verder te noemen: [verdachte 4]), want [verdachte 4] moet met verdachte mee naar Antwerpen. [verdachte 4] zal er dan wat aan over houden. [verdachte 4] moet verdachte oppikken in Den Haag en dan rijden ze die kant op en dan kunnen ze met zijn tweeën terug. Anders moet verdachte de andere auto laten staan.

Op 16 december 2008 om 21:46 uur hebben [verdachte 2] en verdachte wederom contact. Daarbij wordt gezegd dat ze werkpartners zijn en dat er geen buit is. Verdachte vraagt of [verdachte 2] iemand weet voor “de dinges” met de barst erin. Verdachte zal deze straks aan “[persoon 4]” geven om te repareren. [verdachte 2] vraagt hoe het met dat andere ding gaat dat op hen staat te wachten. Verdachte zegt dat “ze dadelijk die kant op gaan.”

Op 17 december 2008 om 00:28:10 uur belt verdachte met [verdachte 4] en daarbij wordt gesproken over een televisie met een barst in het scherm.

Het weggenomen digitale fototoestel van het merk NIKON serienummer [nummer 8] is aangetroffen op het adres [adres 42] te [plaats 1], de woning van de moeder van [verdachte 2], in de slaapkamer alwaar [verdachte 2] verblijft.

[verdachte 4] verklaart dat hij in december 2008 naar Antwerpen in België is gereden om een Audi Q7 op te halen. [verdachte 4] heeft van verdachte een flatscreen televisie aangeboden gekregen van het merk LG. Er bleek een scheur in het beeldscherm te zitten.

Verdachte verklaart ten aanzien van de Audi die op 18 december 2008 op de [adres 44] te Den Haag door de politie werd weggesleept, dat de Audi die hij daar eerder had geparkeerd inderdaad weg was toen hij er naar terug ging. Zijn jas waarop stond “[bedrijf 11]” lag nog in die auto. Het zou kunnen dat hij twee Audisleutels in zijn jas had zitten.

De Brecht-zaken (zaaksdossier 14, 25, 37 en 38)

In de avond en nacht van 22 op 23 december 2008 hebben in Brecht (België) tijdens de nachtelijke uren meerdere diefstallen en pogingen tot diefstal plaatsgevonden, waarbij telkens gebruik is gemaakt van dezelfde modus operandi.

Zaaksdossier 14 (Feiten 6 en 7)

De inbraak en de autodiefstal

In de nacht van 23 december 2008 tussen 02:00 uur en 07:00 uur is in de woning [adres 7] te Brecht (België) ingebroken door het cilinderslot van de voordeur te verwijderen. Het cilinderslot werd niet meer aangetroffen. De volgende goederen zijn weggenomen: autosleutels, een laptop (Sony Vaio), een laptop (Flybook) en een fototoestel (Sony) en verschillende adapters, kleding, een dameszonnebril en nog meer goederen, welke goederen toebehoren aan [naam 8]. Tevens is de op de oprit geparkeerde zwarte Volkswagen Touareg, voorzien van het kenteken [kentekennummer 6] en het chassisnummer [NUMMER 10], weggenomen. In deze auto bevonden zich de volgende goederen: een mobiele telefoon (merk Iphone, imeinummer [nummer 11]), een Ipod touch en een tankkaart. De auto is eigendom van [bedrijf 5].

Aangetroffen goederen

Zoals reeds met betrekking tot zaaksdossier 15 besproken, is de zwarte Volkswagen Touareg bij de inbraak op 5 januari 2009 te Antwerpen-Wilrijk teruggevonden. In deze auto lag de gestolen Iphone (imeinummer [nummer 11]). De autosleutel van de Volkswagen Touareg werd toen bij de veiligheidsfouillering onder verdachte aangetroffen.

In perceel [adres 45] – waar [persoon 3] woonachtig is – is het serviceboekje van de Volkswagen Touareg, kenteken [kentekennummer 6], aangetroffen. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat [persoon 3] zijn tante is en dat het aangetroffen serviceboekje hem toebehoort.

Tijdens de doorzoeking van de woning aan de [adres 42] te [plaats 1], waar [verdachte 2] bij zijn moeder verblijft, wordt onder andere een fototoestel merk Sony DSF717 in een zwarte tas met diverse extra onderdelen en een metalen koffertje inhoudende een laptop van het merk Flybook met diverse accessoires aangetroffen.

Zaaksdossier 37 (Feit 8 primair)

De inbraak

Op 23 december 2008 tussen 01:30 uur en 08:30 uur is op het perceel Nollekensweg 37 te Brecht ingebroken. De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur eruit te halen. De volgende goederen zijn weggenomen: een horloge (merk Swatch), een autosleutel, een portefeuille met inhoud (identiteitskaart, bankkaart, rijbewijs) en een geldbedrag van € 200,- toebehorende aan [naam 17].

Aangetroffen goederen

Ten tijde van zijn aanhouding op 5 januari 2009 droeg verdachte een horloge van het merk Swatch. Aangever [naam 17] heeft voornoemd horloge als zijnde zijn eigendom herkend.

Zaaksdossier 25 (Feit 8 primair)

De inbraak

Tussen 22 december 2008 te 22:00 uur en 23 december 2008 te 06:00 uur is ingebroken in de woning [adres 13] te Brecht door de cilinder van de voordeur af te breken. Het afgebroken deel van het slot is niet teruggevonden. Een handtas en een geldbedrag van € 170,-, toebehorende aan [naam 15], zijn daarbij weggenomen.

Zaaksdossier 38 (Feit 9)

Pogingen tot inbraak

In de nacht van 22 op 23 december 2008 is op verschillende adressen in Brecht als volgt gepoogd in te breken.

- Tussen 02:00 uur en 04:30 uur is het cilinderslot van de voordeur van de woning van [naam 23] aan de [adres 19] afgebroken. De voordeur stond open toen aangeefster wakker werd. Het afgebroken deel van het cilinderslot is niet teruggevonden. Uit de woning is niets meegenomen.

- Tussen 01:00 en 01:30 uur is getracht de achterdeur van de woning van [naam 23] aan de [adres 20] te forceren. Ter hoogte van het slot zijn inkepingen gemaakt, maar de deur is niet open geraakt, noch zijn er spullen ontvreemd.

- Tussen 03:00 uur en 03:15 uur heeft [naam 25] een harde bonk gehoord. In de loop van de ochtend bemerkte zij dat het slot van de voordeur van haar woning aan de [adres 21] aan de buitenkant was afgebroken. De dader(s) zijn niet binnengekomen en er zijn derhalve geen spullen weggenomen.

De betrokkenheid van verdachte en [verdachte 2]

Uit de zendmastlocaties van de telefoons bij verdachte in gebruik is onder andere gebleken dat de telefoons zich tussen 22 december 2008 te 21:57 uur en 23 december 2008 te 22:48 uur verplaatst hebben van Rijswijk-Rotterdam-Hazeldonk-onbekend-Hazeldonk-Breda. Hazeldonk is – zoals algemeen bekend – de grensovergang tussen Breda en Antwerpen. Vervolgens bleef het stil op deze toestellen tot de volgende ochtend om 05:15 uur. Op dat tijdstip verplaatsten de bij verdachte in gebruik zijnde telefoons zich naar Tilburg.

[verdachte 3] heeft verklaard dat ze van verdachte tijdens het plegen van diefstallen hun GSM uit moesten zetten.

In de nacht van 23 december 2008 om 01:30 uur is waargenomen dat een Volkswagen Golf, model IV, voorzien van Nederlandse kentekenplaten beginnend met de letters “[**]”, met trage snelheid over de [adres 23] te Brecht reed. Het voertuig reed tot het einde in het doodlopende stuk van de straat, waarna het voertuig terugkeerde. In de wagen zijn twee personen gezien, waarbij de bestuurder van het voertuig waarschijnlijk een negroïde man betrof.

Nog een poging tot inbraak

In het doodlopende stuk van de [adres 23] te Brecht, op nummer A55, bevindt zich de woning van [naam 27]. Op 25 december 2008 heeft zij, geboren op [geboortedatum], aangifte gedaan wegens een poging tot inbraak in haar woning aan de [adres 23]. De woning betreft het laatste huis tegen de weilanden van de [adres 23] aan de rechterkant. In het hout van de voordeur trof zij een braakspoor aan. Met behulp van een schroevendraaier is getracht de voordeur te openen. Blijkens waarnemingen van de Belgische verbalisanten [persoon 5] en [persoon 6] kan aangeefster de exacte datum van het plegen niet bepalen. Het is heel goed mogelijk dat de poging tot diefstal met braak heeft plaatsgevonden in de nacht van 22 op 23 december 2008.

Uit onderzoek is gebleken dat [verdachte 2] en verdachte gebruik maakten van een zwarte Volkswagen Golf, model IV, voorzien van het kenteken [kentekennummer 15].

Als [verdachte 2] geconfronteerd wordt met het feit dat de Volkswagen Golf door de Belgische politie in de nacht van 22 op 23 december 2008 is waargenomen op de [adres 23] te Brecht, dan antwoordt hij dat als zijn auto daar gezien is, dit dan wel zo zal zijn.

Op 5 februari 2009 werd deze (te Hoorn ontvreemde) zwarte Volkswagen Golf, voorzien van de (op 1 april te Amsterdam ontvreemde) kentekenplaten [kentekennummer 15] aangetroffen in Brecht, alwaar [verdachte 2] het voertuig eerder had achtergelaten (zie ook zaaksdossier 9).

Uit telefoongesprekken tussen verdachte en ene [persoon 7] op 23 december 2008 te 05:37 en 06:09 kan worden afgeleid dat verdachte op dat moment een andere auto had en dat hij in een zwarte auto reed. Deze telefoongesprekken vonden zeer kort na de diefstal van de zwarte Volkswagen Touareg in de nacht van 23 december 2008 plaats.

Zaaksdossier 9 (Feit 16 primair)

Op 26 januari 2007 heeft ene “[persoon 8]” (fonetisch) te Hoorn een proefrit gemaakt in een zwarte Volkswagen Golf voorzien van het oorspronkelijke kenteken [kentekennummer 20] en het chassisnummer [NUMMER 3]. Deze auto werd door [persoon 9], de eigenaar, te koop aangeboden via Marktplaats, waarop deze [persoon 8] had gereageerd. De vriendin van [persoon 9] heeft verklaard dat [persoon 8] in haar aanwezigheid, na het zien van de auto, telefonisch contact heeft gezocht met een onbekend gebleven persoon. Tijdens dit telefoongesprek heeft [persoon 8] gezegd: “Ik heb er een (1) gevonden”. Genoemde [persoon 8] heeft daarna niets meer van zich laten horen. Vervolgens is deze Volkswagen Golf in de periode van 28 tot 29 januari 2007 in Hoorn gestolen.

Op 1 april 2008 zijn in Amsterdam van een zwarte Volkswagen Golf de kentekenplaten voorzien van het nummer [kentekennummer 15] en het kentekenbewijs deel I en II gestolen.

Op 5 februari 2009 werd – zoals hiervoor reeds besproken – de te Hoorn ontvreemde zwarte Volkswagen Golf, voorzien van de op 1 april te Amsterdam ontvreemde kentekenplaten [kentekennummer 15], aangetroffen in Brecht, alwaar [verdachte 2] het voertuig eerder had achtergelaten.

Bij de aanhouding van [verdachte 2] op 5 januari 2009 werd bij hem een autosleutel van de gestolen Volkswagen Golf voorzien van het gestolen kenteken [kentekennummer 15] aangetroffen.

[verdachte 2] is naar eigen zeggen sinds november 2008 in het bezit geweest van de auto en hij maakte hier ook gebruik van. Hij heeft dit voertuig gekregen van verdachte. Hij heeft de auto op 13 november 2008 opgehaald in Ilpendam, waar [verdachte 4] de auto eerder die dag had achtergelaten. Aanvankelijk was het namelijk de bedoeling dat [verdachte 4] gebruik zou gaan maken van de auto, die in de periode daarvoor verhuurd werd door verdachte. [verdachte 4] wilde echter niets meer met de Volkswagen Golf te maken hebben toen hij zag dat het portierslot geforceerd was en de kentekenpapieren – anders dan verdachte hem had gezegd – niet in de auto aanwezig waren. [verdachte 4] was op de hoogte van het feit dat verdachte handelde in gestolen auto’s. Het ontbreken van de kentekenpapieren was ook de reden dat [verdachte 2] verdachte nog niet had betaald voor het voertuig.

In het kader van het onderzoek in dit zaaksdossier heeft de politie aangever [persoon 9] en diens vriendin gevraagd medewerking te verlenen aan een fotobewijsconfrontatie. Beiden hebben daarmee ingestemd en tijdens de gehouden confrontaties de foto van verdachte aangewezen als zijnde de man die zich destijds als [persoon 8] aan hen had voorgesteld.

Zaaksdossier 36 (Feit 8 primair)

In de nacht van 24 op 25 december 2008 – kort na de diefstallen en pogingen tot diefstal te Brecht in de nacht van 22 op 23 december 2008 – is ingebroken in de woning [adres 14] te Destelbergen (België). De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur af te breken. De volgende goederen zijn weggenomen: een fotocamera (Nikon, type Coolpix P3), twee laptops waarvan één van het merk Dell en één van het merk Toshiba, een mobiele telefoon (Nokia), een portefeuille, bankpassen, identiteitspapieren en een handtas, welke toebehoren aan [naam 16].

Tijdens de doorzoeking in de woning van de moeder van [verdachte 2] is in de slaapkamer van [verdachte 2] een fotocamera van het merk Nikon, type Coolpix P3 aangetroffen en in beslag genomen. De fotocamera is uitgelezen en daarop bleken foto’s te staan van de auto van de vader van het slachtoffer, als ook foto’s van de auto van het slachtoffer zelf.

Er zijn tapgesprekken waaruit blijkt dat [verdachte 2] en verdachte in de avond van 24 december 2008 hebben afgesproken om elkaar te ontmoeten.

Op 25 december 2008 tussen 00:33 uur en 07:54 uur lijkt het erop dat verdachte zijn telefoon heeft uitgezet aangezien er geen telefoonverkeer meer plaatsvindt.

[verdachte 3] heeft verklaard dat ze van verdachte tijdens het plegen van diefstallen hun GSM uit moesten zetten.

Zaaksdossier 48 (Feit 8 primair)

In de nacht van 17 december 2008 rond 04:00 uur heeft aangever [naam 20] in zijn woning een deur gehoord. Twee uur later stelde hij vast dat de voordeur van zijn woning [adres 17] te Mechelen (België) – gesitueerd langs de E19 – openstond en dat het cilinderslot aan de buitenzijde was afgebroken. Uit de woning werden een tweetal laptops van de merken Toshiba en Siemens en twee portefeuilles met inhoud (waaronder contant geld) onvreemd. Deze goederen behoren toe aan [naam 20] en/of [naam 21].

In de gestolen portefeuille van [naam 21] bevonden zich waardebonnen van Ticket Restaurant op naam van [naam 20]. Deze waardebonnen zijn in de op 17 december 2008 – de dag van de diefstal – omstreeks 18:45 uur op de [adres 35] te Den Haag in beslag genomen Audi Q7, voorzien van de kentekenplaten [kentekennummer 18], teruggevonden en in beslag genomen (zaaksdossier 11).

Uit onderzoek is gebleken dat familie van verdachte op de [adres 35] woonachtig is en dat verdachte ten tijde van de inbeslagname van de Audi Q7 in die buurt verbleef. Tevens is diverse malen waargenomen dat verdachte gebruik maakte van deze auto.

[verdachte 2] heeft eveneens gebruik gemaakt van deze Audi Q7 en ook op 17 december 2008. Omstreeks 01:22 uur heeft hij met dit voertuig getankt bij het tankstation Total Minderhout, gelegen aan de autobaan E19 Breda-Antwerpen te Minderhout (België). [verdachte 2] kon het bedrag waarvoor hij getankt had op dat moment niet betalen, maar heeft het openstaande bedrag diezelfde nacht om 05:58 uur alsnog contant betaald bij het Belgische tankstation. Verdachte was hierbij aanwezig.

Verdachte en [verdachte 2] hebben op 16 december 2008 afgesproken elkaar te treffen in Den Haag op de [adres 46] (de rechtbank begrijpt: [adres 46] te Den Haag) bij de Shell en de wasstraat. Blijkens een tapgesprek zou deze ontmoeting na 22:43:49 uur plaats moeten hebben gevonden.

Uit de mastlocaties van de telefoons welke bij verdachte in gebruik waren blijkt dat de telefoons tussen 16 december 2008 te 00:28 uur en 17 december 2008 te 07:06 uur zich verplaatsten van Delft – meerdere keren onbekende locatie – Breda – Den Haag, waar de telefoon van verdachte, getapt onder tap 03 om 07:06 uur een zendmast aanstraalt.

Uit een gesprek tussen verdachte en een onbekende vrouw op 17 december 2008 om 07:59:46 uur blijkt dat verdachte en [verdachte 2] op dat moment (nog steeds) samen zijn. Verdachte en [verdachte 2] zijn moe. [verdachte 2] wil naar de KFC (de rechtbank begrijpt: Kentucky Fried Chicken) om aldaar wat te eten.

Op 5 januari 2009 is tijdens een doorzoeking in de woning [adres 45] te Den Haag, de woning van de tante van verdachte, een laptop van het merk Toshiba Satellite L40-17S Modelnr [NUMMER 11] aangetroffen en in beslag genomen.

Uit onderzoek is gebleken dat het Curriculum Vitae van [naam 21], wonende te Mechelen (België), [adres 17], op deze laptop is (terug)gevonden. Daarnaast zijn er meerdere documenten aangetroffen waar de naam “[naam 21]” in vermeld werd.

Zaaksdossiers 18, 19 en 21 (Feiten 6 en 7)

Zaaksdossier 19

Tussen 4 december 2008 te 23:00 uur en 5 december 2008 te 07:00 uur is in de woning [adres 10] te Kalmthout een inbraak gepleegd waarbij het cilinderslot van de voordeur verwijderd is. De volgende goederen zijn weggenomen: slotplaat, identiteitskaart, rijbewijs, paspoort, aktetas met laptop (merk: Hewlett Packard notebook NC6320), twee laptops van het merk HP, waaronder een laptop met het serienummer [NUMMER 12], een huisleutel, autosleutels van een Volvo, drie kredietkaarten, twee bankkaarten, toebehorende aan [naam 11], en een geldbedrag van € 180,- uit de portemonnee van zijn vrouw.

In de aktetas zaten dossiers van klanten toebehorende aan [bedrijf 8].

Ook de autosleutels van de BMW M5 Station met Belgische kentekenplaat [kentekennummer 9] zijn weggenomen waarna de desbetreffende auto, kleur grijs, welke op de oprit stond, eveneens is ontvreemd. In de auto bevonden zich de volgende goederen: IPod (Classic 80GB), inschrijvingsbewijs, gelijkvormigheidsattest, verzekeringsbewijs, veiligheidshelm en veiligheidsschoenen.

Uit een tapgesprek tussen ene [persoon 10] en verdachte kan worden afgeleid dat verdachte die ochtend in België was.

Op 6 december 2008 te 14:56 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen [verdachte 4] en verdachte inhoudende dat verdachte een nieuw speeltje heeft. Verdachte heeft gezegd: “Je weet toch wat die mof heeft” en daarna “ Ik heb nu zo eentje maar dan zeg maar met een stukkie er bij achter.”

Ten aanzien van voornoemd tapgesprek heeft [verdachte 4] verklaard dat verdachte met een M5 met een stukkie eraan, een BMW M5 Station bedoelt.

Op 5 januari 2009 heeft een doorzoeking plaatsgevonden van perceel [adres 47] te Den Haag alwaar [persoon 11], de oom van verdachte, woont. Aldaar is een HP notebook voorzien van het serienummer [NUMMER 12] aangetroffen. [persoon 11] heeft verklaard dat de HP laptop computer (die in de kast stond) van verdachte was.

[verdachte 3] heeft verklaard dat hij weet dat [verdachte 2] in het bezit is geweest van een gestolen BMW M5. Verdachte heeft aan [verdachte 3] verteld dat [verdachte 2] en hij samen een BMW M5 hadden gestolen en dat [verdachte 2] ermee rondreed.

Zaaksdossiers 18 en 21

In de nacht van 2 op 3 januari 2009 tussen 03:00 uur en 03:16 uur is in de woning [adres 9] te Kalmthout (België) ingebroken. De daders hebben zich via de voordeur – na het verwijderen van de slotplaat en het afbreken van het cilinderslot – toegang tot de woning verschaft. Uit de woning zijn diverse voorwerpen meegenomen waaronder een fotocamera van het merk Canon, een portefeuille met inhoud en een autosleutel van de voor de woning geparkeerde zwarte Audi A4 met Belgisch kenteken [kentekennummer 8]. Tevens is deze Audi A4, eigendom van [bedrijf 7], meegenomen. Het chassisnummer van de auto betreft [NUMMER 13]. [naam 10] heeft aangifte gedaan van voornoemde gestolen goederen.

In dezelfde nacht tussen 01:30 en 08:00 uur is in de woning [adres 11] te Rijkevorsel (België) ingebroken. Bij deze inbraak is eveneens gebruik gemaakt van de Bulgaarse methode. Het slot aan de voordeur aan de straatzijde is geforceerd, waarna de daders de woning binnen zijn gegaan. Uit de keuken zijn een handtas van [naam 13] met inhoud, een mobiele telefoon (Nokia 3600) en de (huis)sleutels van [naam 12] en de contactsleutels van een blauwe personenauto BMW 635 D met nummerplaat [kentekennummer 10] gestolen. Dit naast de woning geparkeerde voertuig is tevens ontvreemd. De boorddocumenten lagen nog in het voertuig. De BMW is eigendom van [bedrijf 9], het bedrijf van [naam 12].

Middels het in de BMW ingebouwde “trackingsysteem” werd het voertuig reeds dezelfde dag gelokaliseerd in Den Haag aan de Rijkswijkseweg en aldaar door de Haagse politie aangetroffen.

Tijdens de aanhouding van [verdachte 2] op 5 januari 2009 is bij hem een autosleutel aangetroffen van het merk Audi. Deze autosleutel is vergeleken met de reservesleutel van de Audi A4 welke in de nacht van 2 op 3 januari 2009 in Kalmthout gestolen werd. De sleutels bleken identiek te zijn.

Tevens heeft er op 5 januari 2009 een doorzoeking plaatsgevonden in de woning aan de [adres 42] te [plaats 1], alwaar in de slaapkamer van [verdachte 2] in de vensterbank een autosleutel bestemd voor een personenauto van het merk BMW werd aangetroffen.

Deze sleutel werd in beslaggenomen onder het zoeknummer K-2200-05, welk nummer correspondeert met index A190. Uit onderzoek is gebleken dat de onder A190 in beslag genomen autosleutel behoort bij de op 3 januari 2009 in Rijkevorsel gestolen BMW.

De telefoongesprekken van [verdachte 2] gevoerd met zijn telefoonnummer [nummer 14] zijn opgenomen en afgeluisterd onder “tap 15”. Blijkens de gespreksnummers van tap 15 genummerd 693, 697, 698 en 708 heeft [verdachte 2] in de nacht van 2 januari 2009 op

3 januari 2009 tussen 23:49:44 uur en 00:42:45 uur verschillende zendmasten van Den Haag tot Rijsbergen aangestraald, waaruit kan worden afgeleid dat [verdachte 2] vanuit Den Haag, met een auto, naar Rijsbergen is gereden. Rijsbergen is dichtbij de Belgische grens gelegen.

Om 01:02:33 uur heeft nog een telefoongesprek plaatsgevonden, echter de locatie van de aangestraalde zendmast is onbekend gebleven. Vervolgens bleef het een tijd stil. Tussen 07:18:47 uur en 08:32:21 heeft [verdachte 2] verschillende zendmasten aangestraald gelegen tussen Breda en Den Haag. Gelet op de volgorde van aanstralen en de locaties van de zendmasten heeft [verdachte 2] zich op de A16 komende uit de richting van Breda bewogen in de richting van Dordrecht en Den Haag.

Om 08:32:21 en 08:32:58 uur heeft de telefoon van [verdachte 2] de zendmast staande op de

[adres 48] te Voorburg aangestraald.

Verdachte bevond zich blijkens de opgenomen en afgeluisterde telefoongegevens onder “tap 3” die ochtend omstreeks 08:41:39 uur eveneens in Den Haag, nadat ook hij in het zuiden van het land om 07:27:15 een zendmast had aangestraald. Hij straalde daar een zendmast aan, staande op de [adres 49].

Deze twee zendmasten staan hemelsbreed respectievelijk ongeveer 450 en 850 meter vanaf de Rijswijkseweg te Den Haag, de plaats waar de uit Rijkevorsel gestolen BMW later die dag, werd teruggevonden.

4.2.2. Heling

Zaaksdossier 5 (Feit 14)

Op 17 januari 2008 is te Brunssum een zwarte Audi, type A3 Sportback, voorzien van het chassisnummer [nummer 15], gestolen.

In Amsterdam zijn op 26 maart 2008 de kentekenplaten van een zwarte Audi, type A3, voorzien van het kenteken [kentekennummer 19], en het bij voornoemde auto behorende kentekenbewijs, weggenomen.

Op 27 maart 2008 is verdachte in de Flevostraat te Purmerend bij het autobedrijf Car Control, in een zwarte Audi A3, voorzien van het kenteken [kentekennummer 19], gestapt.

Op 18 september 2008 is verdachte als bestuurder van een Audi A3, voorzien van het kenteken [kentekennummer 19], aangehouden. Verdachte had een verkeerscontrole proberen te vermijden, waarna een achtervolging met een motoragent volgde. Uit onderzoek aan de Audi A3, bleek dat deze auto de in Brunssum ontvreemde Audi A3 betrof, met daarop de gestolen kentekenplaten [kentekennummer 19].

Tijdens zijn verhoor ten overstaan van de politie op 19 september 2008 heeft verdachte verklaard dat hij de zwarte Audi A3, waarin hij op 18 september 2008 heeft gereden, heeft geheeld.

Zaaksdossier 3 (Feit 11)

Tussen 15 april 2008 en 18 april 2008 is een groene BMW 745i zonder kentekenplaten, voorzien van het chassisnummer [nummer 16], gestolen te Bergisch Gladbach in Duitsland.

Op 9 juli 2008 was er een Meld Misdaad Anoniem (MMA) melding dat bij garagebedrijf [bedrijf 12] te Purmerend aan de [adres 50] diverse gestolen auto’s geparkeerd staan en dat deze auto’s daar gestald zijn door verdachte. Op 5 juli is een van diefstal afkomstige zwarte BMW 7-serie in de [adres 50] geparkeerd.

Naar aanleiding van deze melding is op 14 juli 2008 onderzoek gedaan bij [bedrijf 12] te Purmerend. Verbalisanten troffen aldaar een groene BMW type 745i zonder kentekenplaten aan. Het voertuig is aan nader onderzoek onderworpen en verbalisanten hebben geconstateerd dat het chassisnummer [nummer 16] overeenkwam met het chassisnummer van de in Duitsland gestolen groene BMW 745i.

De eigenaren van het autobedrijf [bedrijf 12] hebben verklaard dat de auto toebehoort aan een klant genaamd [verdachte 4].

Kort nadat [verdachte 4] op 14 juli 2008 voor de eerste keer door de politie over deze zaak is verhoord, heeft hij telefonisch contact gehad met verdachte, waarin hij meldt dat zijn auto als gestolen stond opgegeven en dat deze nu in beslag genomen is. [verdachte 4] heeft daarna verklaard dat hij de eigenaar van de auto is. In de maand mei 2008 heeft hij deze auto van de verdachte gekocht.

Verdachte heeft zich, geconfronteerd met de onderzoeksbevindingen en de verklaringen van [verdachte 4], telkens, ook ter terechtzitting op zijn zwijgerecht beroepen, wat betreft (de herkomst van) de groene BMW 745i.

Zaaksdossier 2 (Feit 11)

Op 18 mei 2008 is een BMW, type 335D M-pakket, gekentekend [kentekennummer 20], chassisnummer [nummer 17], gestolen in Aken te Duitsland.

Tussen 18 juni 2008 en 19 juni 2008 is een diefstal gepleegd van de kentekenplaten van een BMW, type 335D M-pakket, kentekennummer [kentekennummer 21].

Op 23 juni 2008 heeft een politieambtenaar een proces-verbaal opgemaakt wegens een verkeersovertreding begaan door verdachte, die ten tijde van deze overtreding reed in een BMW voorzien van het kenteken [kentekennummer 21].

Op 27 juni 2008 heeft een politiesurveillance eenheid gezien dat bij de [adres 51] te Purmerend een man, genaamd [persoon 12] (verder te noemen: [persoon 12]), een BMW type 335D, voorzien van het kenteken [kentekennummer 21] aan het wassen was. [persoon 12] vertelde dat hij de auto in opdracht van verdachte moest wassen.

Naar voornoemde auto is een onderzoek ingesteld en daaruit bleek dat het chassisnummer [nummer 17] was en dat het aldus de BMW 335D betrof die op 18 mei 2008 was gestolen in Aken. Op de achterbank van de BMW lag onder meer een sweater met op de achterzijde de naam [verdachte].

[verdachte 4] heeft verklaard dat hij in de zomerperiode van 2008 een keer of tien met verdachte is mee geweest naar Brunssum teneinde daar auto’s bij een bedrijf van medeverdachte [verdachte 5] (verder te noemen: [verdachte 5]) te halen. Ze hebben daar onder meer een BMW 3-serie, type 335D opgehaald.

Bij [verdachte 5] zijn in het kader van het onderzoek ’Amsterdam’ veel gestolen goederen aangetroffen. Uit tapgesprekken is gebleken dat de verdachte een zakelijke relatie onderhield met [verdachte 5]. [verdachte 5] is bij vonnis van deze rechtbank op 11 november 2009 veroordeeld wegens onder meer gewoonteheling. Hij heeft zich op grote schaal beziggehouden met de koop en verkoop van gestolen goederen, in het bijzonder auto’s.

Zaaksdossier 12 (Feit 14)

Op 16 april 2008 te 18:05 uur kwam [naam 46] er achter dat de personenauto van zijn zus een Peugeot 206, type Cabrio, voorzien van het Belgisch kenteken [kentekennummer 22], chassisnummer [nummer 18], was gestolen te Amsterdam.

Op 12 december 2008 bleek dat voornoemde auto reeds vanaf juli 2008 in het bezit was van [naam 44] (verder te noemen: [naam 44]). De auto was voorzien van de gestolen kentekenplaten [kentekennummer 23].

[naam 44] heeft verklaard de auto te hebben gekocht van verdachte, maar dat zij – hoewel zij verdachte daar bij herhaling om heeft gevraagd – nooit de bijbehorende papieren heeft gekregen.

Dat [naam 44] de auto van de verdachte heeft betrokken, vindt steun in tapgesprekken tussen haar en verdachte, welke gaan over autopapieren die zij niet heeft ontvangen.

Daarnaast heeft [verdachte 4] verklaard dat verdachte in de zomer van 2008 onder meer een Peugeot 206 Cabrio heeft gekocht bij [verdachte 5] in Brunssum en dat verdachte deze auto heeft doorverkocht aan Linda.

4.2.3. Witwassen

Zaaksdossier 4 (Feit 15 primair)

Op 21 november 2007 is in Zaandam een personenauto – een zwarte Audi, type A6, voorzien van het kenteken [kentekennummer 24], chassisnummer [nummer 2], en eigendom van [naam 45] – gestolen.

Van een andere zwarte Audi, type A6, zijn in Ouderkerk aan de Amstel tussen 9 en 10 december 2007 de kentekenplaten voorzien van het kenteken [kentekennummer 12] weggenomen.

In de volgende maanden wordt een zwarte Audi A6 voorzien van voornoemde kentekenplaten verscheidene malen bekeurd. De zwarte Audi A6 is soortgelijk aan de zwarte Audi A6 waarvan de kentekenplaten zijn gestolen, maar het is niet dezelfde auto.

Op 13 september 2008 in Purmerend wordt het kenteken [kentekennummer 12] opnieuw waargenomen, echter dit keer in combinatie met een witte Audi A6. De bestuurder van deze auto wordt ambtshalve herkend als zijnde verdachte. Rijdend in deze auto negeerde verdachte een stopteken van de politie waarna er een wilde achtervolging volgde.

In de telefoon van verdachte zijn foto’s aangetroffen van de witte Audi A6, met zwart dak, zwarte parkeersensoren aan de voorzijde en zwarte buitenspiegels, gekentekend [kentekennummer 12]. Tevens zijn foto’s van een zwarte Audi A6 aangetroffen, waarvan de carrosserie opgeschuurd is en onderdelen afgeplakt zijn/worden.

Blijkens de verklaring van [persoon 13] is de zwarte Audi A6 – met uitzondering van het dak – door [persoon 14] wit gespoten.

Op 2 oktober 2008 is ter hoogte van de woning [adres 51] te Ilpendam, waar [verdachte 4], een contact van verdachte, verblijft, een witte Audi A6 met zwart dak aangetroffen, voorzien van het kenteken [kentekennummer 25] met landcode België. Deze witte Audi A6 vertoonde dezelfde opmerkelijke uiterlijke kenmerken – het zwarte dak, de zwarte parkeersensoren aan de voorzijde en de zwarte buitenspiegels – als de witte Audi A6 met daarop het kenteken

[kentekennummer 12] zoals afgebeeld op de foto’s afkomstig van de mobiele telefoon van verdachte.

Op 13 december 2008 heeft verdachte zich als bestuurder van de witte Audi A6 met het kenteken [kentekennummer 25] in Antwerpen onttrokken aan een controle van de Antwerpse politie door te vluchten.

Het voertuig is enkele uren later door de Belgische autoriteiten teruggevonden in Sint-Job in het Goor (Brecht), waarna het voertuig is (weg)getakeld en is onderzocht. Uit het onderzoek is gebleken dat de witte Audi A6 voorzien is van het chassisnummer [nummer 2] en dat dit (dus) de op 21 november 2007 in Zaandam gestolen Audi A6 betrof, die zoals gezegd oorspronkelijk zwart van kleur was.

De kentekenplaten genummerd [kentekennummer 25] bleken op 28 september 2008 te Antwerpen te zijn gestolen. Deze kentekenplaten behoorden toe aan [naam 39].

Verdachte is diverse malen rijdend in de witte Audi A6 met daarop de kentekenplaten

[kentekennummer 25] waargenomen, waaronder op 13 oktober 2008 in Alkmaar, op 22 oktober 2008 op de A7 van Hoorn naar Amsterdam en op 21 november 2008 te Schiphol, langs de rijkswegen A1 en A2, en te Rijen en op diverse locaties te Antwerpen.

Uit een tapgesprek tussen verdachte en zijn vriendin [persoon 7] blijkt dat verdachte op 13 december 2008 op de hoogte is van de in beslagname van de Audi A6. Hij heeft het in dat gesprek onder meer over zijn Audi A6 in het wit met zwart dak en zwarte handgrepen. Daar is er maar één van. Hij heeft de auto net een jaar.

Verdachte verklaart dat hij de Audi A6 in Limburg heeft gekocht, voorzien van een Nederlands kenteken. Nadien heeft hij de auto voorzien van een Belgisch kenteken, welk kenteken hij heeft geheeld (en dus niet gestolen, zoals onder feit 17 is ten laste gelegd).

Zaaksdossier 6 (Feit 13 subsidiair)

Omstreeks 1 mei 2008 is te Beyne-Heusay (België) een grijze Audi A6, voorzien van het chassisnummer [NUMMER 1] en gekentekend [kentekennummer 11], gestolen.

In de periode van 6 augustus 2008 tot en met 9 augustus 2008 zijn de kentekenplaten [kentekennummer 26] van een soortgelijke blauwe Audi A6 gestolen.

Op 6 en 9 oktober 2008 hebben leden van het onderzoeksteam verdachte zien rijden in een zilvergrijze personenauto met daarop het kenteken [kentekennummer 26].

Op 20 oktober 2008 is verdachte staande gehouden als bestuurder van een Audi A6, voorzien van de gestolen kentekenplaten [kentekennummer 26]. Verdachte is vervolgens echter gevlucht voor de politie door als bijrijder in een BMW te stappen, waarna de bestuurder van de BMW met hoge snelheid wegreed.

De achtergebleven Audi A6 is onderzocht. Het chassisnummer van deze auto bleek het chassisnummer van de op 1 mei 2008 gestolen Audi A6 te zijn.

4.3. Nadere bewijsoverwegingen

De raadsman van verdachte heeft zich ten aanzien van verschillende in aangiften als gestolen opgegeven goederen op het standpunt gesteld, dat niet vast staat dat deze ook daadwerkelijk zijn weggenomen, nu deze goederen niet zijn teruggevonden en er ook geen andere bewijsmiddelen zijn waaruit kan worden afgeleid dat ze zijn ontvreemd. De raadsman heeft betoogd dat ten aanzien van deze goederen een partiële vrijspraak dient te volgen.

De rechtbank verwerpt dit verweer van de raadsman. Op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting ziet de rechtbank geen enkele aanleiding om te twijfelen aan het waarheidsgehalte van de aangiften, ook voor wat betreft de daarin opgegeven gestolen goederen. Samen met de inhoud van de overige bewijsmiddelen leveren die aangiften het wettig en overtuigende bewijs op dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten, zoals hierna onder 4.4. vermeld.

De raadsman heeft voorts betoogd dat de door medeverdachte [verdachte 3] afgelegde verklaringen niet tot het bewijs kunnen worden gebezigd, omdat [verdachte 3] als onbetrouwbaar moet worden aangemerkt. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat [verdachte 3] er belang bij heeft (gehad) om te verklaren zoals hij heeft gedaan, aangezien hij in die verklaringen zijn eigen betrokkenheid bij een aantal van de ten laste gelegde feiten zo klein mogelijk houdt (heeft gehouden).

De rechtbank volgt de raadsman niet in zijn betoog en overweegt daartoe als volgt.

[verdachte 3] heeft, zowel bij de politie als (gehoord als getuige) ten overstaan van de rechter-commissaris, consistent en zeer gedetailleerd verklaard over zijn eigen betrokkenheid en/of die van verdachte en/of [verdachte 2] bij een aantal van de ten laste gelegde feiten.

Deze verklaringen komen onderling overeen en vinden, ook op detailniveau, steun in het andere zich in het strafdossier bevindende bewijsmateriaal. De rechtbank verwijst hier in het bijzonder naar hetgeen zij hiervoor onder de zaaksdossiers 7, 8, 11, 16 en 17 heeft overwogen. Veel beschrijvingen van [verdachte 3] moeten ook worden aangeduid als zijnde daderwetenschap. Gelet op het voorgaande en in aanmerking genomen dat [verdachte 3] door het afleggen van zijn verklaringen ook zichzelf heeft belast – bij vonnis van 11 november 2009 is hij mede op grond van zijn eigen bekennende verklaringen veroordeeld wegens het medeplegen van (en niet de medeplichtigheid daaraan) de feiten van de zaaksdossier 7, 8, 11 en 17 – acht de rechtbank de verklaringen van [verdachte 3] geloofwaardig en bruikbaar voor het bewijs.

Mede op grond van de verklaringen van [verdachte 3] staat vast dat verdachte zich in de maanden november en december 2008 meermalen samen met [verdachte 2] schuldig heeft gemaakt aan woninginbraken en daaropvolgende autodiefstallen, telkens gepleegd in België.

De modus operandi bestond er daarbij telkens uit dat middels de zogenoemde Bulgaarse methode de toegang tot de woning werd verschaft, dat vervolgens in de woning werd uitgekeken naar de sleutel(s) van de in de buurt van de woning staande auto – waarbij verdachte en [verdachte 2] niet nalieten af en toe ook nog andere spullen weg te nemen – en dat daarna deze auto, met behulp van de gestolen autosleutel(s), werd weggenomen. Die auto werd in de meeste gevallen vervolgens ergens “koud gezet” (mogelijk dat er een “track and trace” systeem in de auto zou zitten), waarna de auto door of namens verdachte en/of [verdachte 2] werd opgehaald en naar Nederland werd gebracht.

[verdachte 3] heeft voorts verklaard dat voordat er een woninginbraak zou worden gepleegd, in opdracht van verdachte de mobiele telefoons moesten worden uitgezet.

Op 5 januari 2009 zijn verdachte en [verdachte 2] op heterdaad ontdekt bij een woninginbraak in Antwerpen, België. Ook de toegang tot deze woning was verschaft middels de Bulgaarse methode.

Verdachte en [verdachte 2] waren in het zwart gekleed, zij droegen zwarte handschoenen en een zwarte muts. In de auto waarmee verdachte en [verdachte 2] naar de woning in Antwerpen waren gereden – de Volkswagen Touareg – is inbrekersgereedschap aangetroffen.

Uit onderzoek is gebleken dat in veel auto’s waarvan verdachte en/of [verdachte 2] gebruik heeft/hebben gemaakt (ook) inbrekersgereedschap is aangetroffen. Het gaat om de volgende voertuigen (waarbij de rechtbank verwijst naar het zogenoemde Proces-verbaal bevindingen Modus Operandi (map 3, pagina 923-931)):

- zaak 4 : de Audi A6;

- zaak 5 : de Audi A3;

- zaak 11 : de Audi Q7;

- zaak 14/15 : de Volkswagen Touareg.

De inbraken en daaropvolgende autodiefstallen waarover [verdachte 3] heeft verklaard en de woninginbraak in Antwerpen op 5 januari 2009 vonden alle plaats in de nachtelijke uren, op plaatsen die vanaf de autosnelweg E19 in België gemakkelijk zijn te bereiken.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op het bovenstaande, dat als (steun-)bewijs dient, er ook voor de andere onder 4.4. weer te geven feiten voldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden is.

Ook deze feiten vonden plaats in België, in de nachtelijke uren, op plaatsen die vanaf de autosnelweg E19 gemakkelijk zijn te bereiken, en ook bij nagenoeg al deze feiten werd er gebruik gemaakt van de Bulgaarse methode.

Naast het bovenstaande en de aangiftes is het bewijs naar het oordeel van de rechtbank in grote lijnen gelegen in:

- het ’s avonds dan wel ’s nachts afspreken van verdachte en/of [verdachte 2] en het zich vervolgens begeven in de richting van de Belgische grens, waarna de telefoons van verdachte en/of [verdachte 2] (waarmee tot die tijd telefoonverkeer werd gevoerd) plotseling stil vallen en/of

- het plaatsen van verdachte en/of [verdachte 2] op of in de buurt van de plaats delict, hetzij door zendmastgegevens van de bij verdachte en/of [verdachte 2] in gebruik zijnde telefoons, hetzij door waarnemingen van verbalisanten omtrent een bij verdachte en/of [verdachte 2] in gebruik zijnde auto (Brecht-zaken) en/of

- het in telefoongesprekken hebben over goederen soortgelijk aan goederen die bij de inbraken en/of autodiefstallen zijn weggenomen en/of

- het aantreffen van bij die vermogensmisdrijven weggenomen goederen bij verdachte en/of [verdachte 2] (dan wel op hun verblijfplaatsen),

alles in onderling verband en samenhang beschouwd.

De raadsman van verdachte heeft zich in zijn pleidooi nog op het standpunt gesteld dat de mogelijke aanwezigheid van verdachte in België op tijden dat er (ook) een woninginbraak en/of een diefstal van een auto heeft plaatsgevonden, niet automatisch de gevolgtrekking kan wettigen dat de verdachte dan wel betrokken zal zijn geweest bij dat/die misdrij(f)(ven). Verdachte kwam namelijk regelmatig in België. Hij bezocht er vaak vrienden en kennissen en ging er ook wel uit, bij voorbeeld naar de discotheek “[naam]”, aldus steeds de raadsman.

De rechtbank passeert dit betoog. Zoals uit het bovenstaande volgt is er bij de bewezen verklaarde feiten telkens meer bewijsmateriaal voorhanden dan alleen de aanwezigheid van verdachte in België. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat het op de weg van de verdachte had gelegen om dit betoog nader te onderbouwen en te concretiseren.

De verdachte heeft dit niet gedaan. Integendeel, verdachte heeft zich zowel ten overstaan van de politie als ter terechtzitting consequent op zijn zwijgrecht beroepen, dit terwijl het dossier – inhoudende hetgeen hierboven is weergegeven – vanwege veel voor hem belastende feiten en omstandigheden vaak schreeuwt om een verklaring. Naar vaste jurisprudentie van de Hoge Raad mag de rechter, indien de verdachte voor een omstandigheid die redengevend is voor het bewijs, geen redelijke, die redengevendheid ontzenuwende verklaring heeft gegeven, dit in zijn overwegingen betrekken (onder meer Hoge Raad 15 juni 2004, NJ 2004, 464). De rechtbank doet dit in deze zaak.

Gelet op het vorenstaande zal het betoog van de raadsman – dat niet meer inhoudt dan het roepen van algemene bezigheden in België – dan ook worden gepasseerd.

Hetgeen de rechtbank hiervoor over het zwijgrecht heeft overwogen, bezigt de rechtbank niet alleen ten aanzien van de ten laste gelegde woninginbraken en autodiefstallen, maar ook met betrekking tot de andere feiten die verdachte ten laste zijn gelegd – heling en witwassen – en die de rechtbank hierna onder 4.4. bewezen zal verklaren. Tevens betrekt de rechtbank bij het bewijs van deze andere feiten, het bewijs dat verdachte zich samen met anderen op grote schaal heeft schuldig gemaakt aan ’autocriminaliteit’. Daarbij wijst de rechtbank nog op zijn regelmatige contacten met medeverdachte [verdachte 5], die bij vonnis van 11 november 2009 is veroordeeld voor diverse strafbare feiten, die grotendeels in de sfeer van de autocriminaliteit gelegen waren.

Gelet op het bovenstaande en gezien de inhoud van de bewijsmiddelen per zaaksdossiers, alles in onderling verband en samenhang bezien – acht de rechtbank de na te noemen feiten wettig en overtuigend bewezen.

4.4. Bewezenverklaring

Gezien het bovenstaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de volgende ten laste gelegde feiten heeft begaan, in dier voege dat:

Feit 1

hij op 5 januari 2009 te Antwerpen-Wilrijk, tezamen en in vereniging met een ander, tussen 04.00 uur en 06.00 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning gelegen aan de [adres 1], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen schilderijen en muntstukken met vermelding van Koning Boudewijn en een metalen koffer met als inhoud aktes en testamenten en een mandoline, toebehorende aan [naam 1], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.

Feit 2

hij in de periode van 12 november 2008 tot en met 2 december 2008 te Antwerpen en Gent en Brasschaat, tezamen en in vereniging met anderen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit hierna te noemen woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008, omstreeks 04.10 uur, uit een woning aan de [adres 2] te Antwerpen, autosleutels, toebehorende aan [bedrijf 1], en

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008, tussen 23.00 uur en 06.30 uur, uit een woning aan de [adres 3] te Antwerpen, een autosleutel en huissleutels en een portefeuille, toebehorende aan [naam 3] en/of [bedrijf 2], en

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008, tussen 23.00 uur en 06.30 uur, uit een woning aan de [adres 4] te Gent, een autosleutel en een vest en een portefeuille en een handtas en een laptop, toebehorende aan [naam 4], en

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 1 december 2008, tussen 02.00 uur en 07.00 uur, uit een woning aan de [adres 5] te Brasschaat, autosleutels en champagneflessen en een portefeuille en een mobiele telefoon (merk Nokia, type E71), en bankpassen en identiteitspapieren, toebehorende aan [naam 5] en/of [naam 6] en/of [bedrijf 3],

waarbij verdachte en zijn mededaders zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.

Feit 3

hij in de periode van 12 november 2008 tot en met 2 december 2008 te Antwerpen en Gent en Brasschaat, tezamen en in vereniging met anderen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto, merk Landrover, type Range Rover, kleur zwart, voorzien van het kenteken [kentekennummer 1], toebehorende aan [bedrijf 1], en

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto, merk Audi, type A6, kleur zwart, met kenteken [kentekennummer 2] en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [naam 3] en/of [bedrijf 2], en

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008 te Gent, een personenauto, merk Audi, type Q7, kleur grijs, met kenteken [kentekennummer 3], toebehorende aan [naam 4], en

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 1 december 2008 te Brasschaat, een personenauto, merk Audi, type A5, kleur zwart, met kenteken [kentekennummer 4], toebehorende aan [bedrijf 3],

waarbij verdachte en zijn mededaders de weg te nemen goederen telkens onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 4

hij op 16 december 2008 te Antwerpen, tezamen en in vereniging met een ander, tussen 00.00 uur en 05.30 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning aan de [adres 6] te Antwerpen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen autosleutels en een laptop, merk Dell, en een fotocamera, merk Nikon, en een Plasmatelevisie, merk LG, en een afstandsbediening en kleding en verzekeringspapieren behorende bij een personenauto, toebehorende aan [naam 7] en/of [bedrijf 4], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.

Feit 5

hij op 16 december 2008 te Antwerpen, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk Audi, type Q7, kleur grijs metallic, voorzien van kenteken [kentekennummer 5] en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [naam 7] en/of [bedrijf 4], waarbij verdachte en zijn mededader de weg te nemen auto onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 6

hij in de periode van 2 december 2008 tot en met 3 januari 2009 te Brecht en Laarne en Kalmthout en Rijkevorsel, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit hierna te noemen woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 14) in de nacht van 23 december 2008 tussen 02.00 uur en 07.00 uur, uit een woning aan de [adres 7] te Brecht, autosleutels en een laptop, merk Sony Vaio, en een laptop, merk Flybook, en een fototoestel, merk Sony, en overige goederen, toebehorende aan [naam 8] en/of [bedrijf 5], en

- (zaak 16) in de nacht van 2 december 2008 tussen 00.00 uur en 04.15 uur, uit een woning aan de [adres 8] te Laarne, autosleutels, toebehorende aan [naam 9] en/of diens zoon en/of [bedrijf 6], en

- (zaak 18) in de nacht van 3 januari 2009 tussen 03.00 uur en 03.16 uur, uit een woning aan de [adres 9] te Kalmthout, een autosleutel en een fotocamera, merk Canon, en een portefeuille met inhoud, toebehorende aan [naam 10] en/of [bedrijf 7], en

- (zaak 19) in de nacht van 4 op 5 december 2008 tussen 23.00 uur en 07.00 uur, uit een woning aan de [adres 10] te Kalmthout, autosleutels en laptops en een huissleutel en bankpassen en identiteitspapieren en geld en klantendossiers, toebehorende aan [naam 11] en/of [bedrijf 8], en

- (zaak 21) in de nacht van 3 januari 2009 tussen 01.30 uur en 08.00 uur, uit een woning aan de [adres 11] te Rijkevorsel, autosleutels en een mobiele telefoon, merk Nokia, en (huis)sleutels en een handtas met inhoud, toebehorende aan [naam 12] en/of [naam 13] en/of [bedrijf 9],

waarbij verdachte en zijn mededader zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.

Feit 7

hij in de periode van 2 december 2008 tot en met 3 januari 2009 te Brecht en Laarne en Kalmthout en Rijkevorsel, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 14) op 23 december 2008 te Brecht, een personenauto, merk Volkswagen, type Touareg, kleur zwart, voorzien van kenteken [kentekennummer 6] en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een mobiele telefoon, merk Iphone, en een Ipod Touch en een tankkaart, toebehorende aan [naam 8] en/of [bedrijf 5], en

- (zaak 16) op 2 december 2008 te Laarne, een personenauto, merk BMW, type 335, kleur zwart/blauw, voorzien van kenteken kentekennummer 7], toebehorende aan [bedrijf 6], en

- (zaak 18) op 3 januari 2009 te Kalmthout, een personenauto, merk Audi, type A4, kleur zwart, voorzien van kenteken [kentekennummer 8], toebehorende aan [bedrijf 7], en

- (zaak 19) in de nacht van 4 op 5 december 2008 te Kalmthout, een personenauto, merk BMW, type M5, kleur grijs, voorzien van het kenteken [kentekennummer 9] en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een IPOD en diverse autopapieren, toebehorende aan [naam 11] en/of [bedrijf 8], en

- (zaak 21) op 3 januari 2009 te Rijkevorsel, een personenauto, merk BMW, type 635D, voorzien van het kenteken [kentekennummer 10] en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [naam 12] en/of [bedrijf 9],

waarbij verdachte en zijn mededader telkens de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

Feit 8 primair

hij in de periode van 17 december 2008 tot en met 25 december 2008 te Brecht en Mechelen en Destelbergen, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 25) in de nacht van 22 op 23 december 2008, uit een woning aan de [adres 13] te Brecht, een handtas en geld, 170 euro, toebehorende aan [naam 15], en

- (zaak 36) in de nacht van 24 op 25 december 2008, uit een woning aan de [adres 14] te Destelbergen, een fotocamera, merk Nikon, type coolpix P3, en laptops, merk Dell en Toshiba, en een mobiele telefoon, merk Nokia, en een portefeuille en bankpassen en identiteitspapieren en een handtas, toebehorende aan [naam 16], en

- (zaak 37) in de nacht van 23 december 2008 tussen 01.30 uur en 08.30 uur, uit een woning aan de [adres 15] te Brecht, een horloge, merk Swatch, en een autosleutel en een portefeuille met inhoud en geld, toebehorende aan [naam 17], en

- (zaak 48) in de nacht van 17 december 2008 tussen 04.00 uur en 06.00 uur, uit een woning aan de [adres 17] te Mechelen, een laptop, merk Toshiba Satellite, en een laptop, merk Siemens, en portefeuilles met inhoud, toebehorende aan [naam 20] en/of [naam 21],

waarbij verdachte en zijn mededader zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak.

Feit 9

hij in de periode van 22 tot en met 23 december 2008 te Brecht, telkens ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening, weg te nemen

- op 23 december 2008 tussen 02.00 uur en 04.30 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning aan de [adres 19] te Brecht, geld en/of goederen van hun gading, toebehorende aan [naam 23], en

- op 23 december 2008 tussen 01.00 uur en 01.30 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning aan de [adres 20] te Brecht, geld en/of goederen van hun gading, toebehorende aan [naam 23], en

- op 23 december 2008 tussen 03.00 uur en 03.15 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning aan de [adres 21] te Brecht, geld en/of goederen van hun gading, toebehorende aan [naam 25], en

- (zaak 38) uit een woning aan de [adres 23] te Brecht, geld en/of goederen van hun gading, toebehorende aan [naam 27],

tezamen en in vereniging met een ander de na te noemen uitvoeringshandelingen heeft verricht:

- het trachten te forceren en/of openbreken van de achterdeur en/of het achterdeurslot van de woning aan de [adres 20]

en

- het afbreken van het voordeurslot van de woningen aan de [adres 19] en de [adres 21]

en

- het trachten te forceren en/of openbreken van de voordeur en/of het voordeurslot van de woning aan de [adres 23],

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf telkens niet is voltooid.

Feit 11

hij in de periode van 15 april 2008 tot en met 14 juli 2008 in Nederland telkens goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 2) in de periode van 18 mei 2008 tot 27 juni 2008, een personenauto, merk BMW, type 335D M-pakket, en

- (zaak 3) in de periode van 15 april 2008 tot 14 juli 2008, een personenauto, merk BMW, type 745i, kleur groen,

terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen telkens wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof.

Feit 13 subsidiair

hij in de periode van 1 augustus 2008 tot en met 20 oktober 2008 te Nederland, een voorwerp, te weten een personenauto, merk Audi, type A6, originele kleur grijs, voorzien van het chassisnummer [NUMMER 1], voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

Feit 14

hij in de periode van 17 januari 2008 tot en met 12 december 2008 in Nederland telkens goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 5) in de periode van 17 januari 2008 tot 18 september 2008, een personenauto, merk Audi, type A3, kleur zwart, en

- (zaak 12) in de periode van 16 april 2008 tot 12 december 2008, een personenauto, merk Peugeot, type 206 cabriolet,

terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen telkens wist, dat het door misdrijf verkregen goederen betrof.

Feit 15 primair

hij in de periode van 1 januari 2008 tot 13 december 2008 te Nederland en België, een voorwerp, te weten een personenauto, merk Audi, type A6, originele kleur zwart, voorzien van het chassisnummer [nummer 2], valselijk gekentekend [kentekennummer 12] en vervolgens [kentekennummer 25], heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

Feit 16 primair

hij in de periode van 28 januari tot en met 29 januari 2007 te Hoorn met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk Volkswagen, kleur zwart, type Golf, voorzien van het chassisnummer [NUMMER 3] en van het kenteken [kentekennummer 20], toebehorende aan [persoon 9].

Feit 17

hij op 3 december 2008 te Brasschaat, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- kentekenplaten met kenteken [kentekennummer 16], toebehorende aan [naam 40].

Hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid van de feiten

Het bewezen verklaarde is strafbaar en levert op:

Ten aanzien van feit 1:

Diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

Ten aanzien van de feiten 2 en 3:

De voortgezette handeling van:

- diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, en

- diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels,

meermalen gepleegd.

Ten aanzien van de feiten 4 en 5:

De voortgezette handeling van:

- diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, en

- diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels.

Ten aanzien van de feiten 6 en 7:

De voortgezette handeling van:

- diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, en

- diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels,

meermalen gepleegd.

Ten aanzien van feit 8 primair:

Diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van feit 9:

Poging tot diefstal (al dan niet gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning)

door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats

van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van feit 11:

Opzetheling, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van feit 13 subsidiair:

Witwassen.

Ten aanzien van feit 14:

Opzetheling, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van feit 15 primair:

Witwassen.

Ten aanzien van feit 16 primair:

Diefstal

Ten aanzien van feit 17:

Diefstal door twee of meer verenigde personen.

6. Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering van sanctie

Bij de beslissing over de sanctie die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten [plaats 1] door de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan alsmede de persoon van verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich in de maanden november 2008 tot en met januari 2009 samen met zijn mededader(s) schuldig gemaakt aan het plegen van een reeks, te weten vijftien woninginbraken, waarbij gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in woningen werd ingebroken, terwijl de bewoners lagen te slapen. Daarbij zijn met name autosleutels en kostbare goederen weggenomen.

Vervolgens werd in elf gevallen met behulp van de gestolen autosleutels ook de bij de woningen staande auto’s – veelal uit de hogere prijsklasse – weggenomen.

Bij voornoemde woninginbraken werd, om de woningen binnen te komen, gebruik gemaakt van een vaste modus operandi, de zogenaamde Bulgaarse methode, waarbij (een deel van) het cilinderslot werd afgebroken, uit het slotgat getrokken en weggegooid, om vervolgens met een schroevendraaier het slot te openen. De weggenomen auto’s werden telkens elders veilig gesteld.

Voorafgaand aan deze inbraken vond overdag een voorverkenning plaats, waarbij meerdere auto’s werden geselecteerd, welke voor diefstal in aanmerking kwamen. Door deze brutale, ergerlijke feiten is niet alleen grote financiële, maar ook emotionele schade ontstaan voor de gedupeerden. Verdachte en zijn mededader(s) pleegden deze feiten enkel uit financieel gewin zonder stil te staan bij de mogelijke ernstige gevolgen van hun handelen voor de gedupeerden. Na de diefstal in de nacht van 17 op 18 november 2008, waarbij de Audi Q7 is weggenomen, is verdachte samen met zijn mededaders teruggereden naar de woning, om nog andere goederen weg te nemen, omdat “de bewoners toch nog sliepen”. Deze benadering getuigt van een grote brutaliteit.

Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan een viertal pogingen tot woninginbraak en de diefstal van een Volkswagen Golf.

Voorts heeft verdachte twee Audi’s A6, waarvan hij wist dat deze voertuigen van misdrijf afkomstig waren, verworven en voorhanden gehad en proberen te onttrekken aan het zicht van justitie, door de voertuigen te voorzien van gestolen kentekenplaten (het bewezen verklaarde witwassen onder de feiten 13 subsidiair en 15 primair).

Tot slot heeft verdachte zich meerdere malen schuldig gemaakt aan heling, ten aanzien van twee BMW’s, een Audi A3 en een Peugeot 206 Cabrio, en aan diefstal van kentekenplaten in vereniging.

Gelet op de aard en de hoeveelheid van de strafbare feiten, alsmede de rol van verdachte daarbij, staat voor de rechtbank vast dat verdachte de spil was binnen een min of meer georganiseerd verband van ‘autocriminaliteit’, waarbij verdachte zich bediende van een mede door hem opgezet netwerk.

De rechtbank rekent verdachte zijn handelen zeer zwaar aan en is op grond van de aard en de ernst daarvan van oordeel dat slechts een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming van lange duur met zich brengt, als passende straf in aanmerking komt.

Bij het vaststellen van de duur van de op te leggen straf laat de rechtbank in het nadeel van verdachte meewegen dat verdachte zich tijdens de politieverhoren alsmede ter terechtzitting (zeer) onwelwillend heeft opgesteld en nagenoeg geen openheid van zaken heeft gegeven over zijn rol en die van zijn mededader(s). Ter terechtzitting deed verdachte voortdurend een beroep op zijn zwijgrecht. Verdachte lijkt geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn daden te nemen.

Voorts neemt de rechtbank, ten nadele van verdachte in aanmerking dat, blijkens het hem betreffend uittreksel uit het algemeen documentatieregister, verdachte op 24 april 2006 door het gerechtshof te Amsterdam is veroordeeld tot een forse gevangenisstraf (48 maanden) voor soortgelijke vermogensmisdrijven. Dat heeft hem er kennelijk niet van weerhouden om kort nadien opnieuw op grote schaal soortgelijke strafbare feiten te plegen.

De rechtbank heeft geen aanleiding gevonden bij de strafmaat, zoals door de raadsman van verdachte is verzocht, rekening te houden met de gezondheidstoestand van verdachte dan wel die van zijn familie.

De rechtbank acht gelet op het hiervoor overwogene en gelet op de persoon van de verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden en in overeenstemming met de straffen die door de rechtbank in soortgelijke gevallen plegen te worden opgelegd.

8. Beslissingen omtrent in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen

8.1. Verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen die op de beslaglijst onder de nummers 117A, 118A, 119A, 120A, 121A, 125A, 126A, 134A, 139A, 142A, 147A staan vermeld – gelet op het bepaalde in de artikelen 33 en 33a Sr – dienen te worden verbeurd verklaard.

De rechtbank is van oordeel dat deze voorwerpen, aangetroffen in een door verdachte gestolen Audi Q7 (zaaksdossier 11) en waarvan verdachte wel de eigenaar moet zijn, voorwerpen betreffen waarvan aannemelijk is dat met behulp daarvan het onder feit 2 bewezen verklaarde en/of andere bewezen verklaarde feiten is/zijn begaan of voorbereid.

8.2. Overige beslissingen

Voor wat betreft de in beslag genomen Peugeot 206, voorzien van het kenteken [kentekennummer 27], (waarover de officier van justitie zich niet heeft uitgelaten) is de rechtbank van oordeel dat dit voorwerp dient te worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende.

Ten aanzien van de overige in beslag genomen en niet teruggeven voorwerpen zal de rechtbank beslissen overeenkomstig hetgeen de officier van justitie heeft gevorderd, nu deze beslissingen de rechtbank geraden voorkomen. Door of namens de verdachte is ter zake geen verweer gevoerd.

9. Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen

9.1 [bedrijf 1]

De benadeelde partij [bedrijf 1] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 1415,15 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder de feiten 2 en 3 (zaak 7) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet eenvoudig is vast te stellen, zodat de benadeelde partij niet in haar vordering zal kunnen worden ontvangen.

9.2. [naam 3]

De benadeelde partij [naam 3] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 563,94 ingediend tegen verdachte wegens materië¬le schade die zij als gevolg van het onder de feiten 2 en 3 (zaak 8) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 400,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 2 en 3 (zaak 8) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in haar vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 3] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 2 en 3 (zaak 8) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 400,-.

9.3. [naam 4]

De benadeelde partij [naam 4] heeft (mondeling) een vordering tot schadevergoeding van € 1050,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 2 en 3 (zaak 11) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot het gevorderde bedrag eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 2 en 3 (zaak 11) bewezen verklaarde. De vordering zal dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 4] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 2 en 3 (zaak 11) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 1050,-.

9.4. [bedrijf 3]

De benadeelde partij [bedrijf 3] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 8783,19 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder de feiten 2 en 3 (zaak 17) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 1500,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 2 en 3 (zaak 17) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in haar vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [bedrijf 3] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 2 en 3 (zaak 17) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 1500,-.

9.5. [naam 7]

De benadeelde partij [naam 7] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 1300,- ingediend tegen verdachte wegens immateriële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 4 en 5 (zaak 13) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot na te melden bedrag rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 4 bewezen verklaarde. Gelet op de onderbouwing van de vordering en het verhandelde ter terechtzitting komt de rechtbank vergoeding van de schade tot een bedrag van € 500,- billijk voor. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in haar vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 7] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 4 (zaak 13) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 500,-.

9.6. [naam 8]

De benadeelde partij [naam 8] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 6657,81 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 6 en 7 (zaak 14) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 4442,56 eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 6 en 7 (zaak 14) bewezen verklaarde. De vordering zal dan ook tot dat bedrag worden toegewezen.

Ten aanzien van de Flybook laptop, het fototoestel en de Iphone is de rechtbank van oordeel dat niet duidelijk is geworden waar deze goederen zich bevinden en of deze inmiddels zijn teruggegeven aan de benadeelde partij. De rechtbank is dan ook van oordeel dat deze schade niet eenvoudig is vast te stellen, zodat de benadeelde partij voor dat deel niet in zijn vordering zal kunnen worden ontvangen.

De rechtbank zal bepalen dat, indien een medeverdachte het toegewezen bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 8] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 6 en 7 (zaak 14) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 4442,56.

9.7. [naam 9]

De benadeelde partij [naam 9] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 136,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 6 en 7 (zaak 16) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 86,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 6 en 7 (zaak 16) bewezen verklaarde. Dit bedrag is als volgt opgebouwd: kosten voor een nieuw slot voor de voordeur (€ 36,-) en kosten voor de autosleutels, de codering en het slot (€ 50,-). In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in zijn vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 9] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 6 en 7 (zaak 16) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 86,-.

9.8. [naam 43]

De benadeelde partij [naam 43] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 850,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 6 en 7 (zaak 16) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet eenvoudig is vast te stellen, zodat de benadeelde partij niet in zijn vordering zal kunnen worden ontvangen.

9.9. [naam 10]

De benadeelde partij [naam 10] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 1411,65 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder de feiten 6 en 7 (zaak 18) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 986,65 eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder de feiten 6 en 7 (zaak 18) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

De opgevoerde kosten welke verband houden met het navigatiesysteem komen niet voor vergoeding in aanmerking, nu het navigatiesysteem voor onderzoek in beslag is genomen door de Belgische Federale Politie en het zich aldaar (in goede staat) bevindt en naar de rechtbank aanneemt na dat onderzoek aan de benadeelde partij zal worden teruggegeven.

De rechtbank zal bepalen dat, indien een medeverdachte het toegewezen bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in zijn vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 10] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder de feiten 6 en 7 (zaak 18) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 986,65.

9.10. [naam 14]

De benadeelde partij [naam 14] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 219,93 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 22) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat de schade niet rechtstreeks voortvloeit uit enig bewezen verklaard feit, nu verdachte van het onder feit 8 primair, voor wat betreft zaak 22,ten laste gelegde zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

9.11. [naam 15]

De benadeelde partij [naam 15] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 206,99 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 25) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot het gevorderde bedrag eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 8 primair (zaak 25) bewezen verklaarde. De vordering zal dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 15] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 8 primair (zaak 25) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 206,99.

9.12. [naam 16]

De benadeelde partij [naam 16] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 1456,-ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 36) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 957,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 8 primair (zaak 36) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Wat betreft de Nikon camera is de rechtbank van oordeel dat niet duidelijk is geworden waar dit goed zich bevindt en/of deze inmiddels is teruggegeven aan de benadeelde partij. De rechtbank is dan ook van oordeel dat deze schade derhalve niet eenvoudig is vast te stellen, zodat de benadeelde partij voor dit deel niet in zijn vordering zal kunnen worden ontvangen. Ten aanzien van het gevorderde bedrag ter vervanging van de sloten, ontbreekt enige onderbouwing. De rechtbank komt de vergoeding van de schade tot een bedrag van € 100,- billijk voor.

De rechtbank zal bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in zijn vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 16] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 8 primair (zaak 36) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 957,-.

9.13. [naam 17]

De benadeelde partij [naam 17] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 321,01 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 37) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 100,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 8 primair (zaak 37) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in zijn vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 17] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 8 primair (zaak 37) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 100,-.

9.14. [naam 18]

De benadeelde partij [naam 18] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 4977,32 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 39) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat de schade niet rechtstreeks voortvloeit uit enig bewezen verklaard feit, nu de officier van justitie in de vervolging van feit 8 primair, voor wat betreft zaak 39 niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

9.15. [naam 21]

De benadeelde partij [naam 21] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 1104,-ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 8 primair (zaak 48) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot een bedrag van € 505,- eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 8 primair (zaak 48) bewezen verklaarde. In zoverre zal de vordering dan ook worden toegewezen.

De Toshiba laptop komt niet voor vergoeding in aanmerking, nu de rechtbank zal bepalen dat dit in beslag genomen voorwerp wordt teruggegeven aan de benadeelde partij.

De rechtbank zal bepalen dat, indien een medeverdachte het schadebedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige niet in zijn vordering ontvangen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 21] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 8 primair (zaak 48) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 505,-.

9.16. [naam 25]

De benadeelde partij [naam 25] heeft een vordering tot schadevergoeding van € 570,-ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 9 (zaak 38) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot het gevorderde bedrag eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 9 (zaak 38) bewezen verklaarde. De vordering zal dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 25] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 9 (zaak 38) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 570,-.

9.17. [naam 27]

De benadeelde partij heeft een vordering tot schadevergoeding van € 98,58 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 9 (zaak 38) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade tot het gevorderde bedrag eenvoudig is vast te stellen en rechtstreeks voortvloeit uit het onder feit 9 (zaak 38) bewezen verklaarde. De vordering zal dan ook worden toegewezen.

Daarbij zal de rechtbank bepalen dat, indien een medeverdachte dit bedrag geheel of gedeeltelijk heeft betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd. Daarnaast dient verdachte te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken.

De tot op heden door de benadeelde partij gemaakte kosten worden vastgesteld op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank stelt vast dat verdachte jegens de benadeelde partij [naam 27] naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het onder feit 9 (zaak 38) bewezen verklaarde is toegebracht.

Daarom zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte opleggen tot het bedrag waartoe de vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen, te weten € 98,58.

9.18. [naam 29]

De benadeelde partij [naam 29] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 47,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 10 (zaak 49) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat de schade niet rechtstreeks voortvloeit uit enig bewezen verklaard feit, nu de officier van justitie in de vervolging van feit 10 (zaak 49) niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

9.19. [naam 30]

De benadeelde partij [naam 30] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 141,70 ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die hij als gevolg van het onder feit 10 (zaak 49) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat de schade niet rechtstreeks voortvloeit uit enig bewezen verklaard feit, nu de officier van justitie in de vervolging van feit 10 (zaak 49) niet-ontvankelijk zal worden verklaard. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

9.20. [naam 35]

De benadeelde partij [naam 35] heeft een vordering tot schadevergoeding van

€ 95,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 12 (zaak 40) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat de schade niet rechtstreeks voortvloeit uit enig bewezen verklaard feit, nu verdachte van het onder feit 12 (zaak 40) ten laste gelegde zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

9.21. [naam 44]

De benadeelde partij [naam 44] heeft (mondeling) een vordering tot schadevergoeding van € 3000,- ingediend tegen verdachte wegens materiële schade die zij als gevolg van het onder feit 14 (zaak 12) ten laste gelegde zou hebben geleden.

De rechtbank is van oordeel dat, aangezien deze schade niet van eenvoudige aard is, deze vordering zich niet leent voor behandeling in dit strafgeding. De benadeelde partij zal dan ook niet in de vordering kunnen worden ontvangen.

10. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

Wetboek van Strafrecht: 33, 33a, 36f, 45, 56, 57, 310, 311, 416 en 420bis.

11. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van feit 8 primair, voor wat betreft de zaken 39 en 49, feit 10 en feit 17, laatste gedachtenstreepje.

Verklaart niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen verdachte onder de feiten 8 primair, voor wat betreft zaak 22, 12, 13 primair en 14, voor wat betreft de zaken 1 en 10 ten laste is gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de overige ten laste gelegde feiten heeft begaan zoals hiervoor onder 4.4. vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Bepaalt dat de bewezen verklaarde feiten de hierboven onder 5. vermelde strafbare feiten opleveren.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens deze feiten tot een gevangenisstraf voor de duur van 90 (negentig) maanden.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de thans opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Verklaart verbeurd:

117A 1.00 STK Gereedschap BAHCO

118A 1.00 STK Schroevedraaier plat, ironside 4,0X100

119A 1.00 STK Schroevedraaier plat chrome vanadium

120A 1.00 STK Lantaarn Kl:zw/geel VARTA zak

121A 1.00 STK Schroevedraaier KRAFWELLE plat 5mm

125A 1.00 STK Handschoen FOSTEX maat 5

126A 1.00 STK Lamp VARTA zaklamp penmodel

134A 1.00 STK Papier met autoype/kleur/bouwjaar; in goed 130A

139A 1.00 STK Handschoen FOSTEX maat L

142A 1.00 STK Bon BON GAMMA bahco moersleutel 9-12-08

147A 1.00 STK Lamp ZAKLAMP RVS.

Gelast de teruggave aan de verdachte van:

143A 1.00 STK Bon TANGO tankbonnen

146A 1.00 STK Bescheiden adressen en namen van verm. disco's

150A 1.00 STK Schoeisel CONVERSE allstars zw/wit zool en gestreepte zijkant.

Gelast de teruggave aan de rechthebbende van:

105A 1.00 STK Kentekenplaat KENTEKENPLATEN met houders; [kentekennummer 12]

130A 1.00 STK Map LEDEREN MAP Ay Yiliz

131 1.00 STK Visitekaartjes in map 130A

133A 1.00 STK Schrijfmap schrijfblok met adressn en telnrs; in 130A

141A 1.00 STK Papier hierop telnr ivo ambachtlaan te Oostmalle

145A 1.00 STK Bon TICKETRESTAURANT

151A 1.00 STK Kentekenplaat KENTEKENPLATEN [kentekennummer 18]

156A 1.00 STK Laptop computer HP serialnr: [NUMMER 12]

157A 1.00 STK Boek SERVICEBOEKJE serviceboekje VW Touareg

158A 1.00 STK GSM-toestel NOKIA 3310 imei: [nummer 19]

159A 1.00 STK GSM-toestel Kl:zwart SAMSUNG SGHD500 imei: [nummer 20]

160A 1.00 STK GSM-toestel Kl:zilvergrys SAMSUNG SGHE800 imei: [nummer 21]

161A 1.00 STK GSM-toestel Kl:d.blauw NOKIA 3310

162A 1.00 STK Telefoonautomaat Kl:zilver/zw SMARTPHONE blackberry merk: vodafone

163A 1.00 STK Laptop computer TOSHIBA serienr: [nummer 22]

169A 1.00 STK GSM-toestel Kl:zilvergrys SAMSUNG SGH-E800

170A 1.00 STK GSM-toestel Kl:zilvergrys SAGEM

172A 1.00 STK GSM-toestel Kl:roze NOKIA

173A 1.00 STK GSM-toestel Kl:zilvergrys NOKIA

175A 1.00 STK Tas Kl:zwart LAPTOPTAS merk: caselogitec

177A 1.00 STK Adapter TOSHIBA model: ADP-75SB BB

178A 1.00 STK Laptop computer HP PAVILLION DV6700

179A 1.00 STK Adapter LITEON model: PA-1650-02

180A 1.00 STK Laptop computer TOSHIBA SATELIT L40-17S modelnr: [nummer 23]

181A 1.00 STK Laptop computer TOSHIBA SL-10-125 modelnr: [nummer 24]

182A 1.00 STK Adapter ACBEL model: AP-7595

398A 1.00 STK Sleutel AUDISLEUTEL [kentekennummer 18]

399A 1.00 STK Sleutel AUTOSLEUTEL AUDI van audi ter reparatie aangeboden

403A 1.00 STK Kentekenplaat [kentekennummer 26]; van audi A6.

Gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van:

1 1.00 STK Personenauto [kentekennummer 23] PEUGEOT 206 CC 2.0 16 Kl:grys.

Verklaart de benadeelde partijen [bedrijf 1], [naam 43], [naam 14],

[naam 18], [naam 29], [naam], [naam 35] en

[naam 44] niet-ontvankelijk in hun vorderingen.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 3] geleden schade tot een bedrag van € 400,- (zegge: vierhonderd euro)en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 3], voornoemd, rekeningnummer IBAN [nummer 25], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 4] geleden schade tot een bedrag van € 1050,- (zegge: duizendvijftig euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 4], voornoemd, rekeningnummer onbekend, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [bedrijf 3] geleden schade tot een bedrag van € 1500,- (zegge: vijftienhonderd euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [bedrijf 3], voornoemd, rekeningnummer IBAN [nummer 26], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 7] geleden schade tot een bedrag van € 500,- (zegge: vijfhonderd euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 7], voornoemd, rekeningnummer IBAN [nummer 27], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 8] geleden schade tot een bedrag van € 4442,56 (zegge: vierduizendvierhonderdtweeenveertig euro en zesenvijftig eurocent) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 8], voornoemd, rekeningnummer [nummer 28], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 9] geleden schade tot een bedrag van € 86,- (zegge: zesentachtig euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 9], voornoemd, rekeningnummer onbekend, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 10] geleden schade tot een bedrag van € 986,65 (zegge: negenhonderdzesentachtig euro en vijfenzestig eurocent) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 10], voornoemd, rekeningnummer [nummer 29], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 15] geleden schade tot een bedrag van € 206,99 (zegge: tweehonderdzes euro en negenennegentig eurocent) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 15], voornoemd, rekeningnummer IBAN [nummer 30], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 16] geleden schade tot een bedrag van € 957,-(zegge: negenhonderdzevenenvijftig euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 16], voornoemd, rekeningnummer [nummer 31], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 17] geleden schade tot een bedrag van € 100 (zegge: honderd euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 17], voornoemd, rekeningnummer [nummer 32], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 21] geleden schade tot een bedrag van € 505,- (zegge: vijfhonderdvijf euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 21], voornoemd, rekeningnummer [nummer 33], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 25] geleden schade tot een bedrag van € 570,- (zegge: vijhonderdzeventig euro) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 25], voornoemd, rekeningnummer [nummer 34], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Wijst toe de vordering tot vergoeding van de door de benadeelde partij [naam 27] geleden schade tot een bedrag van € 98,58 (zegge: achtennegentig euro en achtenvijftig eurocent) en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam 27], voornoemd, rekeningnummer [nummer 35], tegen behoorlijk bewijs van kwijting.

Bepaalt dat, indien voornoemde bedragen geheel of gedeeltelijk door een medeverdachte zijn betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.

Veroordeelt verdachte in de kosten door de benadeelde partijen [naam 3], [naam 4], [bedrijf 3], [naam 7], [naam 8], [naam 9]. [naam 10], [naam 15], [naam 16]s, [naam 17], [naam 21], [naam 25] en [naam 27] gemaakt, tot op heden telkens vastgesteld op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken.

Verklaart de benadeelde partijen [naam 3], [bedrijf 3], [naam 7], [naam 8],

[naam 9], [naam 10], [naam 16], [naam 17] en [naam 21] voor het overige niet-ontvankelijk in hun vorderingen.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 3] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 400,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 8 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 4] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 1050-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 20 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [bedrijf 3] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 1500,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 25 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 7] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 500,- bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 10 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 8] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 4442,56, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 54 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 9] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 86,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 1 dag hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 10] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 986,65, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 19 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 15] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 206,99, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 4 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 16] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 957,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 19 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 17] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 100,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 2 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 21] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 505,-, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 10 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 25] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 570 -, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 11 dagen hechtenis.

Legt verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van het slachtoffer [naam 27] de verplichting op tot betaling aan de staat van een bedrag van € 98,58, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 1 dag hechtenis.

Bepaalt dat, voor zover deze bedragen of een gedeelte daarvan reeds door of namens een medeverdachte aan de benadeelde partij en/of de staat is betaald, verdachte in zoverre van die verplichting zal zijn ontslagen.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partijen, voornoemd, in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan de staat en dat betalingen aan de staat in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan de benadeelde partijen.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. F.F.W. Brouwer, voorzitter,

mr. A. Eichperger en mr. S. Jongeling, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffiers mr. D. Ket en mr. M.M.L.A. Zwiersen-Dekker,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 11 november 2009.