Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2009:BJ6904

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
17-08-2009
Datum publicatie
04-09-2009
Zaaknummer
159800 / KG RK 09-720
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Verzoek tot onderhandse verkoop onroerende zaken ex artikel 3:268 lid 2 BW.

Het verzoek ten aanzien van de eerste onroerende zaak is niet-ontvankelijk, nu de openbare verkoop ten overstaan van een notaris niet aan verzoeker is aangezegd.

Het verzoek ten aanzien van de tweede onroerende zaak wordt afgewezen, omdat voorshands niet onaannemelijk is dat bij openbare verkoop een hogere opbrengst dan met de aan de voorzieningenrechter voorgelegde koopovereenkomst kan worden verkregen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK HAARLEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 159800 / KG RK 09-720

Beschikking van 17 augustus 2009

in de zaak van

[Verzoeker],

wonende te Zaandam,

verzoeker,

advocaat mr. S.A. van der Sluijs,

tegen

1. de naamloze vennootschap

RABOHYPOTHEEKBANK N.V.,

gevestigd te Utrecht,

advocaat mr. D.J. Kramer,

2. de coöperatieve

RABOBANK ZAANSTREEK U.A.,

gevestigd te Zaanstad,

advocaat mr. D.J. Kramer,

3. de naamloze vennootschap

FGH BANK N.V. h.o.d.n. RNBH HYPOTHEEKBANK,

gevestigd te Utrecht,

gemachtigde B.J.R.L Loijmans,

4. de naamloze vennootschap

SNS PROPERTY FINANCE,

gevestigd te Hoevelaken,

niet verschenen,

gerekwestreerden.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift

- de mondelinge behandeling d.d. 10 augustus 2009.

Ter terechtzitting zijn verschenen:

- namens verzoeker: mr. Van der Sluijs voornoemd,

- namens gerekwestreerden sub 1 en 2 (hierna tezamen te noemen de Rabobank): Bros, werkzaam bij de Rabobank,

bijgestaan door mr. Kramer voornoemd,

- namens gerekwestreerde sub 3 (hierna te noemen de FGH Bank): Loijmans voornoemd.

2. Het verzoek

2.1. Op 23 juli 2009 is door mr. Van der Sluijs, voornoemd, namens verzoeker een ver¬zoekschrift ingediend, ertoe strek¬ken¬de dat de voorzieningenrechter op de voet van artikel 3:268 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) zal be¬palen dat de onroerende zaken aan de Penningweg 12 te Zaandam en de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie ondershands zullen worden verkocht volgens de bij het verzoek gevoegde koopovereenkomst.

3. De beoordeling

3.1. Op de onroerende zaken aan de Penningweg 12 te Zaandam heeft de Rabobank het recht van eerste hypotheek en de FGH Bank een tweede hypotheek. Omdat verzoeker in verzuim was met de voldoening van hetgeen waarvoor die hypotheek tot waarborg strekt, heeft de Rabobank eerder dit jaar de verkoop in het openbaar ten overstaan van een notaris van die onroerende zaken aan verzoeker aangezegd. Door verzoeker - van wie overigens in strijd met het bepaalde in artikel 278 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) het verzoekschrift niet de voornamen vermeldt - is daarop op 31 maart 2009 bij deze rechtbank eerder een verzoekschrift als bedoeld in artikel 3:268 lid 2 BW ingediend. Door de indiening van dat verzoekschrift is ingevolge het bepaalde in artikel 548 lid 4 Rv de voor de openbare verkoop bepaalde dag vervallen. Bedoeld eerder verzoekschrift van verzoeker is door hem voor de aanvang van de mondelinge behandeling ingetrokken. Daarmee is de voor de openbare verkoop bepaalde dag - die inmiddels was verstreken - niet herleefd. De Rabobank heeft - naar zij ter zitting onbetwist heeft verklaard - vervolgens niet opnieuw de verkoop in het openbaar ten overstaan van een notaris van de onroerende zaken aan de Penningweg 12 te Zaandam aan verzoeker aangezegd. Naar de Rabobank ter zitting heeft verklaard, wil zij thans dat verzoeker in staat van faillissement wordt verklaard en heeft zij daartoe een verzoekschrift bij deze rechtbank ingediend.

3.2. Een verzoek als het onderhavige kan, gelet op het bepaalde in artikel 3:268 lid 2 BW eerst worden gedaan, indien de verkoop in het openbaar ten overstaan van een notaris van de onroerende zaak waarop de hypotheek is gevestigd aan de hypotheekgever is aangezegd. Nu dit laatste, gezien het hiervoor overwogene, in het onderhavige geval niet (meer) aan de orde is, is verzoeker, gelijk ook door de Rabobank is bepleit, voor zover zijn verzoek betrekking heeft op de onroerende zaak aan de Penningweg 12 te Zaandam niet-ontvankelijk in dat verzoek.

3.3. Ten aanzien van de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie heeft de FGH Bank het recht van eerste hypotheek, de Rabobank een tweede hypotheek en de gerekwestreerde sub 4 een derde hypotheek. De FGH Bank en de Rabobank hebben verweer gevoerd tegen het onderhavige verzoek op de grond dat de met de door verzoeker beoogde verkoop te behalen opbrengst, gelet op de waarde van de onroerende zaak, ontoereikend is. Ter onderbouwing van die stelling heeft de Rabobank een taxatierapport van Kuijs Reinder Kakes, adviseurs-taxateurs-makelaars te Alkmaar, overgelegd, waarin de onderhandse verkoopwaarde en de executiewaarde (telkens in verhuurde staat) van de onroerende zaken aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie per 2 april 2009 is vastgesteld op € 380.000,-- respectievelijk € 320.000,-- en een taxatierapport van A.W. Metselaar, makelaar en taxateur in onroerende zaken te Zaandam, waarin de onderhandse verkoopwaarde en de executiewaarde (telkens in verhuurde staat) van de onroerende zaak aan de Penningweg 12 te Zaandam is vastgesteld op € 80.000,-- respectievelijk € 90.000,--. Voorts is gebleken dat de door verzoeker beoogde koper van de onderhavige onroerende zaken de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie bij koopovereenkomst d.d. 22 juni 2009 heeft doorverkocht voor het bedrag van € 358.000,--.

Gelet op het vorenstaande is voorshands niet onaannemelijk is dat bij openbare verkoop van de onderhavige onroerende zaken een hogere opbrengst dan met de aan de voorzieningenrechter voorgelegde koopovereenkomst kan worden verkregen, te weten € 350.000,--. De voorzieningenrechter zal het verzoek op die grond ten aanzien van de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie afwijzen.

3.4. De verdere weren van gerekwestreerden behoeven daarmee geen bespreking.

3.5. Ter voldoening aan het bepaalde in artikel 548 lid 4 Rv. zal de voorzieningenrechter dinsdag 3 november 2009 (de eerstkomende veiling waarop de openbare verkoop kan plaatsvinden) aanwijzen als de dag waarop de openbare verkoop van de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie zal geschieden.

4. De beslissing

De voorzieningenrechter

4.1. verklaart het verzoek voor zover dat ziet op een onderhandse verkoop van de onroerende zaak aan de Penningweg 12 te Zaandam niet-ontvankelijk,

4.2. wijst het verzoek ten aanzien van de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie af,

4.3. bepaalt dat de openbare verkoop van de onroerende zaak aan de Zuiderhoofdstraat 72 te Krommenie zal plaatsvinden op dinsdag 3 november 2009.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.J. van der Meer en in het openbaar uitgesproken op 17 augustus 2009.?