Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2009:BJ5910

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
29-06-2009
Datum publicatie
25-08-2009
Zaaknummer
15-670385-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte, nu verdachte geen bestuurder meer heeft en om die reden met de strafvervolging van verdachte geen enkel redelijk strafrechtelijk doel meer gediend is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Locatie Haarlem

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/670385-05

Uitspraakdatum: 29 juni 2009

Strafvonnis

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 15 juni 2009 in de zaak tegen:

[verdachte].,

gevestigd te [adres].

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1.

zij (op een of meer tijdstippen gelegen) in of omstreeks de periode van 14 februari 2004 tot en met 28 september 2004 te Krommenie, gemeente Zaanstad, en/of te Amstelveen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 1] heeft bewogen tot de afgifte van een onroerend goed, te weten een woning gelegen aan [adres] te Amstelveen, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of haar mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- zich als NVM-makelaar voorgedaan als een bonafide makelaar en/of

- te kennen gegeven dat de aanvankelijk afgesproken vraagprijs van 300.000,- euro voor die woning te hoog was en/of vervolgens voorgesteld de vraagprijs te wijzigen tot en/of vast te stellen op een bedrag van 259.000,- euro en/of

- op de internetsite "Funda" de woning voor de vraagprijs van 999.999,99 euro te koop aangeboden en/of (vervolgens) aan [betrokkene 1] (zijnde de dochter van [slachtoffer 1]) medegedeeld dat het systeem niet de mogelijkheid had om de vraagprijs "N.O.T.K." neer te zetten en dat er een specifieke vraagprijs ingevuld moest worden en/of dat bij het invullen van een lagere vraagprijs er geen serieuze reactie's zouden volgen en zij, verdachte, en/of haar mededader(s) dat niet wilde(n) en/of

- aan [betrokkene 1] medegedeeld dat er wel biedingen van een of meer personen waren geweest en/of dat er een of meer geinteresseerde koper(s) waren maar dat deze(n) niet serieus genoeg was/waren en/of dat het contact met voornoemde perso(o)n(en) niet tot een bevredigend resultaat had geleid en dat zij, verdachte en/of haar mededader(s), [slachtoffer 1] daar niet mee lastig wilde(n) vallen en/of dat een gros van de belangstellenden gillend wegliep, althans medegedeeld dat die woning niet goed in de woonmarkt lag en/of

- een of meer potentiële koper(s) van die woning niet of nauwelijks (serieus) heeft benaderd en/of contact met hen en/of haar en/of hem heeft opgenomen, teneinde te praten over een (serieuze) vraagprijs en/of het doen van (een serieus) bod en/of een bezichtiging van de woning, waardoor voornoemde potentiële koper(s) afhaakte(n) en/of

- (vervolgens) aan [slachtoffer 1] medegedeeld dat er opeenvolgend een serieus bod lag van 145.000,- euro, 155.000,- euro en 170.000,- euro van een (potentiële) koper, welke potentiële koper zich heeft voorgedaan als (een) bonafide (potentiële) koper(s) van die woning en/of zich heeft voorgedaan als een (potentiële) koper, welke opeenvolgend een bod heeft gedaan van 145.000,- euro, 155.000,- euro en 170.000,- euro,

waardoor die [slachtoffer 1] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

zij (op een of meer tijdstippen gelegen) in of omstreeks de periode van 01 juli 2004 tot en met 01 november 2004 te Krommenie en/of Wormerveer, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer 2] heeft bewogen tot de afgifte van een onroerend goed, te weten een woning/appartement gelegen aan de [adres] te Wormerveer, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of haar mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- zich als NVM-makelaar voorgedaan als een bonafide makelaar en/of

- aan die [slachtoffer 2] medegedeeld dat het appartement niet was gemoderniseerd en/of meerdere appartementen in hetzelfde woonblok te koop stonden die wel gemoderniseerd waren en/of (vervolgens) geadviseerd en/of afgesproken de vraagprijs vast te stellen op een bedrag van 127.500,- euro onder de taxatiewaarde en/of

- niet aan die [slachtoffer 2] medegedeeld dat er een (serieuze) potentiële koper was, die opeenvolgend een bod had gedaan van (ongeveer) 128.000,- euro en 129.250,- euro en/of

- een (serieus) bod van opeenvolgend (ongeveer) 128.000,- euro en 129.250,- euro van een potentiële koper (te weten [betrokkene 2]) afgewezen, met de mededeling aan die potentiële koper dat een ander een hoger aanbod had gedaan, waardoor die potentiële koper is afgehaakt en/of

- (vervolgens) aan die [slachtoffer 2] medegedeeld dat er een (potentiële) koper was, welke opeenvolgend een bod heeft gedaan van (ongeveer) 115.000,- euro en 120.000,- euro en/of welke (potentiële) koper zich heeft voorgedaan als een bonafide (potentiële) koper en/of zich heeft voorgedaan als een bonafide (potentiële) koper, welke opeenvolgend een bod heeft gedaan van (ongeveer) 115.000,- euro en 120.000,- euro,

waardoor die [slachtoffer 2] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is en dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak.

De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk is in zijn vervolging. Vast is komen te staan dat verdachte geen bestuurder meer heeft, nu (medeverdachte) [medeverdachte] op [datum] is komen te overlijden. Met de strafvervolging van verdachte is derhalve geen enkel redelijk strafrechtelijk doel meer gediend, zodat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

3. Beslissing

De rechtbank:

verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte.

4. Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. D.H. Steenmetser-Bakker, voorzitter,

mrs. T. van Muijden en M.F. Ferdinandusse, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier, mr. E.M. ten Bos,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 29 juni 2009.