Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2009:BI7371

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
14-04-2009
Datum publicatie
11-06-2009
Zaaknummer
15/800075-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Mensensmokkel.

De raadsman van verdachte heeft aangevoerd dat er geen sprake is van een wederrechtelijke doorreis. Subsidiair heeft de raadsman betoogd dat - indien de voorgenomen doorreis wel wederrechtelijk zou zijn - geen sprake is van een voltooid delict omdat de gesmokkelden zich nog niet in het vliegtuig naar Zürich bevonden.

Hiertoe overweegt de rechtbank als volgt. Alle omstandigheden uit het dossier wijzen erop dat het handelen van verdachte en de drie Chinese personen met wie hij is aangetroffen waren gericht op een wederrechtelijke doorreis. Er is gebleken dat zij allen al enige tijd in contact waren met een mensensmokkelorganisatie. Op het moment dat de gesmokkelden werden aangehouden, bevonden ze zich met vervalste paspoorten - en inmiddels zonder hun (echte) Chinese paspoorten - in een transferruimte. Zij waren bovendien in het bezit van tickets die op valse namen waren gesteld en die geldig waren voor doorreis naar een bestemming (Zürich) waar zij niet legaal naartoe mochten reizen, en die bovendien een andere bestemming was dan de bestemming waarmee zij Nederland binnenkwamen (Casablanca). Ze waren voorts in gezelschap van een mensensmokkelaar (verdachte), die hen de weg wees naar hun illegale vlucht naar Zürich. Op grond hiervan is de rechtbank van oordeel dat er in elk geval op het moment van aanhouding sprake was van een wederrechtelijke doorreis.

Van een poging is geen sprake, nu het (voortdurende) delict mensensmokkel is voltooid op het moment dat de illegale doorreis een aanvang heeft genomen. De stelling dat die reis pas aanvangt op het moment dat de gesmokkelde personen hebben plaatsgenomen in het vervoermiddel dat hen naar de eindbestemming zal vervoeren vindt geen steun in het recht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2009, 179
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Locatie Schiphol

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/800075-09

Uitspraakdatum: 14 april 2009

Tegenspraak

Strafvonnis

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 31 maart 2009 in de zaak tegen:

[VERDACHTE],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

thans gedetineerd in PI Noord Holland Noord - HvB Zwaag.

Tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 januari 2009 tot en met 13 januari 2009 te Hong Kong (China) en/of Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, in elk geval in Nederland, een ander, te weten

- [gesmokkelde persoon 1] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China) en/of

- [gesmokkelde persoon 2] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China) en/of

- [gesmokkelde persoon 3] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China),

behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot of doorreis door Nederland, een andere lidstaat van de Europese Unie, IJsland, Noorwegen, in elk geval een staat die is toegetreden tot het op 15 november 2000 te New York totstandgekomen Protocol tegen de smokkel van migranten over land, over de zee en in de lucht, tot aanvulling van het op 15 november 2000 te New York totstandgekomen Verdrag tegen transnationale georganiseerde misdaad, of bovengenoemde perso(o)n(en) daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, immers heeft hij, verdachte

- voor/aan voornoemd(e) perso(o)n(en) een (ver)vals(t) paspoort(en) geregeld en/of gegeven en/of

- (vervolgens) voor/aan voornoemd(e) perso(o)n(en) (een) vliegticket(s) verstrekt en/of gegeven en/of gekocht en/of geboekt en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) begeleid op haar/zijn/hun reis van Hong Kong, China, naar Amsterdam Schiphol en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) begeleid op de luchthaven Schiphol en/of

- (daarbij) voornoemd(e) perso(o)n(en) aanwijzingen en/of instructies gegeven

terwijl verdachte wist of ernstige redenen had te vermoeden dat die toegang of die doorreis wederrechtelijk was.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. Oordeel van de rechtbank

3.1. Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, in dier voege dat:

hij op tijdstippen in de periode van 01 januari 2009 tot en met 13 januari 2009 te Hong Kong (China) en Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, anderen, te weten

- [gesmokkelde persoon 1] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China) en

- [gesmokkelde persoon 2] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China)en

- [gesmokkelde persoon 3] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China)

behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van doorreis door Nederland, immers heeft hij, verdachte

- aan voornoemde personen vervalste paspoorten gegeven en

- vervolgens voornoemde personen begeleid op de luchthaven Schiphol en

- daarbij voornoemde personen aanwijzingen en/of instructies gegeven

terwijl verdachte wist dat die toegang of die doorreis wederrechtelijk was.

Voorzover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

3.2 Bewijsmiddelen

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit op grond van de navolgende bewijsmiddelen:

de verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd, waarin hij onder meer - zakelijk weergegeven - heeft verklaard:

Ik heb de drie Chinezen in Hong Kong ontmoet. Ik heb ze op Schiphol Japanse paspoorten en boarding passes gegeven. Ik wist dat de paspoorten vervalst waren. Die paspoorten heb ik gekregen.

Ik heb die mensen in Hong Kong ontmoet. [opdrachtgever] mijn opdrachtgever, had mij gevraagd of ik wilde kijken waar die mensen in Hongkong aangekomen waren. De bedoeling was dat ik ze later zou kunnen herkennen. [opdrachtgever] zei dat ik niet te veel met die mensen moest praten. Ik moest wel hun naam noemen om zeker te zijn dat zij het waren.

[opdrachtgever] had gezegd dat de mensen op Schiphol niet te dicht achter mij aan mochten lopen. [opdrachtgever] heeft de boarding passes naar mij gefaxt, die moest ik aan die mensen geven.

het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen/algemene observatie (dossierparagraaf 0.4), inhoudende - zakelijk weergegeven - onder meer het navolgende:

Op 13 januari 2009 werd door verbalisanten een algemene observatie uitgevoerd binnen het beschermde gebied van de luchthaven Schiphol. Deze werd mede uitgevoerd naar aanleiding van informatie die bij het Sluisteam was binnen gekomen betreffende [gesmokkelde persoon 1] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China), [gesmokkelde persoon 2] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China) en [gesmokkelde persoon 3] (geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] China).

Deze mensen zijn door verbalisanten geobserveerd. Verbalisanten zagen dat [gesmokkelde persoon 3] samen met een andere Aziatische man de openbare toiletruimte betrad. Later bleek deze andere man te zijn genaamd [verdachte]. [gesmokkelde persoon 3] en [verdachte] gebruikten gelijktijdig het toilet en hadden daarbij verbaal contact, wat af te leiden viel uit mondbewegingen en stemgeluiden. Vervolgens ging [gesmokkelde persoon 3] één van de toilethokjes binnen. Hierna verlieten ze de toiletten kort na elkaar. [gesmokkelde persoon 3] voegde zich weer bij [gesmokkelde persoon 1] en [gesmokkelde persoon 2], terwijl [verdachte] op enige afstand stond. [verdachte] verplaatste zich en werd op enige afstand gevolgd door [gesmokkelde persoon 3], [gesmokkelde persoon 1] en [gesmokkelde persoon 2]. Daarna gingen zij alle vier richting de D-pier. Na enige tijd betraden [gesmokkelde persoon 3] en [verdachte] weer tegelijk een toilet en verlieten deze nagenoeg gelijk. Op de bezochte toiletruimte werden vliegtickets aangetroffen van [gesmokkelde persoon 3], [gesmokkelde persoon 1] en [gesmokkelde persoon 2] met betrekking tot hun reis naar Casablanca.

het in de wettelijke vorm opgemaakte (loop)proces-verbaal (dossierparagraaf 0.3), inhoudende - zakelijk weergegeven - onder meer het navolgende:

Bij controle door personeel van het Sluisteam op 13 janurari 2009 te Schiphol overhandigden de hierboven genoemde [gesmokkelde persoon 1], [gesmokkelde persoon 2] en [gesmokkelde persoon 3] alle drie een Japans paspoort.

het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen (dossierparagraaf 0.6), inhoudende - zakelijk weergegeven - onder meer het navolgende:

De door [gesmokkelde persoon 1], [gesmokkelde persoon 2] en [gesmokkelde persoon 3] overhandigde Japanse paspoorten zijn vervalst.

het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van verhoor van getuige [gesmokkelde persoon 1] bij de rechter-commissaris d.d. 21 januari 2009, waarin zij onder meer - zakelijk weergegeven - heeft verklaard:

Ik heb gereisd met een man en een vrouw die ik in Hongkong leerde kennen. Op de luchthaven van Hongkong hebben wij alle drie onze vliegtickets gekregen van een man die ons ook onze instapkaarten heeft gegeven. Hij wees ons waar wij moest instappen.

het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van verhoor van getuige [gesmokkelde persoon 2] bij de rechter-commissaris d.d. 21 januari 2009, waarin zij onder meer - zakelijk weergegeven - heeft verklaard:

Ik ben op mijn Chinese paspoort Nederland binnengekomen. Ik had een Japans paspoort toen ik naar Geneve wilde gaan. Dat heb ik gekregen van iemand met een bril. Die man zou ons begeleiden naar Geneve en vroeg bij het toilet op Schiphol of [gesmokkelde persoon 3] met hem meeging. Die man zei ook dat de Chinese paspoorten moesten worden weggegooid en dat niet in de andere paspoorten gekeken mocht worden.

3.3 Bewijsoverweging

Ter terechtzitting heeft de raadsman van verdachte aangevoerd dat er geen sprake is van een wederrechtelijke doorreis. Subsidiair heeft de raadsman betoogd dat - indien de voorgenomen doorreis wel wederrechtelijk zou zijn - geen sprake is van een voltooid delict omdat de gesmokkelden zich nog niet in het vliegtuig naar Zürich bevonden.

Hiertoe overweegt de rechtbank als volgt.

Alle omstandigheden uit het dossier wijzen erop dat het handelen van verdachte en de drie Chinese personen met wie hij is aangetroffen waren gericht op een wederrechtelijke doorreis. Er is gebleken dat zij allen al enige tijd in contact waren met een mensensmokkelorganisatie. Op het moment dat de gesmokkelden werden aangehouden, bevonden ze zich met vervalste paspoorten - en inmiddels zonder hun (echte) Chinese paspoorten - in een transferruimte. Zij waren bovendien in het bezit van tickets die op valse namen waren gesteld en die geldig waren voor doorreis naar een bestemming (Zürich) waar zij niet legaal naartoe mochten reizen, en die bovendien een andere bestemming was dan de bestemming waarmee zij Nederland binnenkwamen (Casablanca). Ze waren voorts in gezelschap van een mensensmokkelaar (verdachte), die hen de weg wees naar hun illegale vlucht naar Zürich. Op grond hiervan is de rechtbank van oordeel dat er in elk geval op het moment van aanhouding sprake was van een wederrechtelijke doorreis.

Van een poging is geen sprake, nu het (voortdurende) delict mensensmokkel is voltooid op het moment dat de illegale doorreis een aanvang heeft genomen. De stelling dat die reis pas aanvangt op het moment dat de gesmokkelde personen hebben plaatsgenomen in het vervoermiddel dat hen naar de eindbestemming zal vervoeren vindt geen steun in het recht.

4. Strafbaarheid van het feit

Het bewezenverklaarde is strafbaar en levert op:

Mensensmokkel.

5. Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dus strafbaar.

6. Motivering van de sanctie en van overige beslissingen

6.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit en gevorderd dat verdachte terzake zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden met aftrek van het voorarrest. Voorts heeft hij gevorderd dat de inbeslaggenomen voorwerpen zullen worden verbeurdverklaard.

6.2 Hoofdstraf

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte is behulpzaam geweest bij de wederrechtelijke doorreis van drie Chinese personen. Hiertoe heeft verdachte de gesmokkelde personen onder andere vervalste paspoorten gegeven en is hij op Schiphol als begeleider opgetreden.

Mensensmokkel valt in de categorie strafbare feiten die ernstig inbreuk maken op de rechtsorde en die in de samenleving gevoelens van onrust veroorzaken. De smokkel doorkruist niet alleen het overheidsbeleid aangaande bestrijding van illegaal verblijf in Nederland en illegale binnenkomst en doorreis naar alle landen van de Europese Unie, Noorwegen, IJsland en de landen die zijn toegetreden tot het voornoemde Protocol inzake mensensmokkel, maar draagt daarmee ook bij aan het in stand houden van een illegaal circuit, waardoor het maatschappelijk verkeer wordt of kan worden gefrustreerd en gecorrumpeerd, terwijl het draagvlak om echte asielzoekers, dat wil zeggen politieke vluchtelingen, ruimhartig op te vangen daardoor wordt ondermijnd.

De rechtbank houdt hierbij echter rekening met het gegeven dat verdachte zich mogelijk niet aan de top van deze mensensmokkelorganisatie bevond, maar opdrachten ontving van iemand anders.

De rechtbank acht gelet op het hiervoor overwogene een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf op zijn plaats. De rechtbank zal echter een vrijheidsstraf van kortere duur opleggen dan door de officier van justitie is gevorderd, nu zij rekening houdt met de regeling voorwaardelijke invrijheidsstelling zoals deze per 1 juli 2008 geldt.

6.3 Beslag

Verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten diverse reisbescheiden en documenten, drie telefoons en simkaarten, dienen te worden verbeurd verklaard. Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat het bewezenverklaarde feit met behulp van die voorwerpen, die aan verdachte toebehoren, is begaan of voorbereid.

7. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

Wetboek van Strafrecht: 33, 33a, 197a.

8. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan zoals hiervoor onder 3.1 vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Bepaalt dat het bewezenverklaarde feit het hierboven onder 4. vermelde strafbare feit oplevert.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte wegens dit feit tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de thans opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voorzover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Verklaart verbeurd:

– 1.00 stk telefoontoestel kl: wit

Nokia;

– 1.00 stk telefoontoestel kl: zwart

Nokia;

– 1.00 stk telefoontoestel kl: grijs

Nokia 6680;

– 3.00 stk sim-kaart

3 verschillende providers;

– 1.00 stk kaart

3 simkaarthouders;

– 5.00 stk instapkaart;

– 8.00 stk formulieren

Betreft 8 formulieren met vliegreizen;

– 1.00 stk diverse

Rekening

Betreft hotelrekening;

– 1.00 stk notitie en memo

Notitieblaadje hotel Amsterdam;

– 1.00 stk bon

Bon van taxirit;

– 1.00 stk instapkaart

Betreft een instapkaart in vorm van kassabon.

9. Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. M.F. Ferdinandusse, voorzitter,

mr. E.J. Hofstee en mr. E.P.W van de Ven, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier mr. T. Alexander,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 14 april 2009.