Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2008:BG8032

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
17-12-2008
Datum publicatie
22-12-2008
Zaaknummer
365902/CV EXPL 07-11126
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Consumentenkoop. Vermoeden dat geleverde bank niet aan overeenkomst beantwoordt. Leverancier tot tegenbewijs toegelaten. Voorgedragen getuige veschijnt zonder bericht van verhindering niet ter zitting. Kantonrechter staat nadere oproeping niet toe. Bewijs niet geleverd. Niettemin kan overeenkomst niet worden ontbonden, omdat nog wel vervanging mogelijk is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 365902/CV EXPL 07-11126

datum uitspraak: 17 december 2008

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

[eiser]

te [woonplaats]

eisende partij in conventie

verwerende partij in reconventie

hierna te noemen [eiser]

gemachtigde H. Terhoeven

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Oosten Interieur B.V.

te Haarlem

gedaagde partij in conventie

eisende partij in reconventie

hierna te noemen Oosten Interieur

gemachtigde H. Terhoeven

In conventie en in reconventie

De procedure

Voor de loop van het geding verwijst de kantonrechter naar de volgende stuk¬ken, waarvan de inhoud als hier ingevoegd is te beschouwen:

- het door de kantonrechter tussen partijen gewe¬zen en op 21 mei 2008 uitgesproken tussenvonnis en de daarin genoemde stukken,

- het proces-verbaal van het op 21 november 2008 op verzoek van Oosten Interieur gehouden getuigenverhoor.

De verdere beoordeling van het geschil

In conventie en in reconventie

1. Bij het vonnis van 21 mei 2008 was Oosten Interieur, in het kader van het te leveren tegenbewijs, toegelaten tot het bewijs dat de door haar aan [eiser] geleverde bank aan de overeenkomst beantwoordt.

2. Op verzoek van Oosten Interieur is [XXX] als getuige gehoord. Deze getuige heeft evenwel niets kunnen verklaren omtrent hetgeen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst tussen partijen is besproken. Deze getuige heeft alleen iets kunnen verklaren over zijn bevindingen tijdens het door hem, op verzoek van de fabrikant van de aan [eiser] geleverde bank, aan die bank verrichte onderzoek naar aanleiding van de klachten van [eiser].

3. Nu overigens door Oosten Interieur geen verder tegenbewijs is aangedragen, komt de kantonrechter tot de slotsom dat, zoals in het vonnis van 21 mei 2008 onder 10. al is overwogen, de aan [eiser] geleverde bank niet aan de overeenkomst beantwoordt.

4. Zoals ook in dat vonnis is overwogen, kan [eiser] zich evenwel niet op ontbinding beroepen, omdat herstel en vervanging van de bank mogelijk zijn.

5. Het vorenstaande leidt de kantonrechter tot de conclusie dat de primaire en subsidiaire vorderingen van [eiser] moeten worden afgewezen.

6. In het vonnis van 21 mei 2008 is onder 12. ook al overwogen dat de secundaire vordering van [eiser] moet worden afgewezen.

7. [eiser] is wat de geleverde bank betreft, de in het gelijk gestelde partij, omdat de kantonrechter van oordeel is dat de bank niet aan de overeenkomst beantwoordt. Daarom zijn de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten, waartegen wat de hoogte betreft geen gemotiveerd verweer is gevoerd, toewijsbaar.

8. Nu de geleverde bank niet aan de overeenkomst beantwoordt, zal deze door Oosten Interieur moeten worden hersteld of vervangen. Onder die omstandigheden stelt [eiser] zich terecht op het standpunt dat hij het restant van de koopsom niet hoeft te voldoen. De kantonrechter is met [eiser] van oordeel dat het restant eerst hoeft te worden voldaan nadat herstel of vervanging van de bank zal hebben plaatsgevonden.

9. De reconventionele vordering zal daarom wat de resterende koopsom voor de bank betreft, worden afgewezen.

10. Gelet op vorenstaande zal Oosten Interieur in de proceskosten, zowel in conventie als in reconventie, worden veroordeeld. Gelet op de samenhang tussen de beide vorderingen zullen de proceskosten in reconventie aan de zijde van [eiser] op nihil worden begroot.

Beslissing

De kantonrechter:

In conventie:

Veroordeelt Oosten Interieur om tegen behoorlijk bewijs van kwij¬ting aan [eiser] te betalen €1.000,00 wegens buitengerechtelijke incassokosten.

Veroordeelt Oosten Interieur in de kosten van deze procedure, tot op deze uitspraak aan de zijde van [eiser] begroot op €280,85 aan verschotten en € 300,00 aan salaris voor de gemachtigde.

Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voor¬raad.

Wijst het meer of anders gevorderde af.

In reconventie:

Veroordeelt Oosten Interieur in de kosten van deze procedure, tot op deze uitspraak aan de zijde van [eiser] begroot op nihil.

Wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.