Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2008:BD0831

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
25-04-2008
Datum publicatie
29-04-2008
Zaaknummer
144492
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Problemen met benoeming lid van de Raad van Toezicht na fusie van twee stichtingen in de zorgsector. Eiser, lid van de voormalige Raad van Toezicht van verdwijnende stichting, stelt dat bij de fusie is overeengekomen dat hij zonder meer zou worden benoemd in de nieuwe Raad van Toezicht en dat de gefuseerde stichting daar ten onrechte van af heeft gezien. Eiser vordert dat de gefuseerde stichting hem alsnog benoemt in de Raad van Toezicht. Eiser heeft aan die vordering echter niet zijn eigen belang maar het belang van de werkgemeenschap van de verdwijnende stichting ten grondslag gelegd. Nu eiser geen drager is van die belangen noch houder van de aanspraken die in verband met jegens de werkgemeenschap opgewekte verwachtingen zouden kunnen bestaan, wordt het gevorderde afgewezen. Ten overvloede overweegt voorzieningenrechter dat bij de werkgemeenschap van de verdwijnende stichting sprake is van onrust en dat die niet door een voorziening van de rechter kan worden weggenomen, maar dat dit vertrouwen wel door behendig optreden van het bestuur kan worden verworven.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2008-0300

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK HAARLEM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 144492 / KG ZA 08-161

Vonnis in kort geding van 25 april 2008

in de zaak van

[Eiser],

wonende te Apeldoorn,

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

procureur mr. N.M.N. Klazinga,

advocaat mr. J.P. Davids te Amsterdam,

tegen

de stichting

STICHTING ZORGCIRKEL WATERLAND,

gevestigd te Purmerend,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

procureur mr. S.CH. de Lange.

Partijen zullen hierna [eiser] en de Zorgcirkel genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de akte met producties van de zijde van de Zorgcirkel

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van [eiser]

- de pleitnota van de Zorgcirkel

- de eis in reconventie

- de aanhouding ten behoeve van het beproeven van een schikking.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Stichting Zorgspectrum Westerhout (hierna: Westerhout) was als zorginstelling actief op het gebied van het verlenen van zorg vanuit diverse locaties, met name in de kop van Noord-Holland.

2.2. Sinds 9 december 1999 is [eiser] voorzitter van de Raad van Toezicht (hierna: RvT) van Westerhout.

2.3. De Zorgcirkel is als zorginstelling actief op het gebied van het verlenen van zorg, met name in de regio Zaanstreek-Waterland.

2.4. Vanaf medio 2006 zijn tussen de Zorgcirkel en Westerhout gesprekken gevoerd over een eventuele fusie tussen beide stichtingen. Westerhout heeft daarvoor een organisatieadviseur aangesteld, [adviseur], die als fusiemakelaar is opgetreden.

2.5. [adviseur] heeft op 15 mei 2007 een fusiedocument opgesteld. Daarin staat onder meer:

4. UITGANGSPUNTEN ORGANISATIEONTWERP

[…]

De inrichting van de bestuurlijke fusie is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:

- de organisatie zal één Raad van Toezicht en één Raad van Bestuur kennen

- de Raad van Toezicht wordt ingevuld op basis van de principes van health care governance

- uit oogpunt van slagvaardigheid blijft de Raad van Toezicht een samenstelling van 7 leden behouden

- op grond van de inbreng van beide instellingen kent de Raad van Toezicht de volgende samenstelling:

- Zorgspectrum Westerhout één à twee zetels;

- De Zorgcirkel vijf à zes zetels (inclusief huidige kwaliteitszetels vanuit OR en CR)

2.6. Op 24 juli 2007 hebben de voorzitters van de Raden van Bestuur van de Zorgcirkel en Westerhout een “Voorstel tot fusie” getekend, waarbij de Zorgcirkel als de verkrijgende stichting en Westerhout als de verdwijnende stichting is aangemerkt. Daarin staat onder meer:

De besturen van de te fuseren stichtingen doen bij deze het navolgende VOORSTEL TOT FUSIE:

1. De verkrijgende stichting zal fuseren in de zin van titel 7 van Boek 2 Burgerlijk Wetboek met de verdwijnende stichting, waarbij de verkrijgende stichting het gehele vermogen van de verdwijnende stichting onder algemene titel verkrijgt en waardoor de verdwijnende stichting ophoudt te bestaan.

[…]

5. […]

De Raad van Toezicht van de verkrijgende stichting zal na de fusie als volgt zijn samengesteld: [A], […], […], […], […], […]. Daarnaast zullen in een later stadium nog twee (2) leden van de Raad van Toezicht van de verdwijnende stichting tot lid van de Raad van Toezicht van de verkrijgende stichting worden benoemd.

2.7. In een notitie van de hand van [adviseur] genaamd “Samenstelling Raad van Toezicht Stichting de Zorgcirkel” d.d. 20 augustus 2007 staat:

In het overleg tussen de delegatie van de Raden van Toezicht van Zorgcirkel Waterland en Zorspectrum Westerhout is afgesproken om de twee zetels van Westerhout in de Raad van Toezicht van de Zorgcirkel op basis van een tweetal functieprofielen in te vullen. Het is een verantwoordelijkheid van de Raad van Toezicht van Zorgspectrum Westerhout om aan de hand van deze twee profielen de posities daadwerkelijk in te vullen.

[…]

De raad van Toezicht maakt een profielschets van de Raad van Toezicht en gaat tenminste op het moment dat een lid van de Raad van Toezicht al dan niet volgens rooster aftredend is dan wel bij gelegenheid van het anderszins ontstaan van een vacature in de Raad van Toezicht na of de profielschets nog voldoet. […]

Het profiel van de leden van de Raad van Toezicht dient er toe te leiden dat de Raad van Toezicht van de Zorgcirkel zodanig is samengesteld dat:

• er voldoende affiniteit met de gezondheidszorg in het algemeen en de doelstelling van de stichting in het bijzonder aanwezig is;

• een brede maatschappelijke binding en een functioneel netwerk aanwezig is bij ieder lid van de Raad van Toezicht;

• een spreiding van maatschappelijke achtergronden, deskundigheden en disciplines aanwezig is, waarbij o.m. gedacht wordt aan bedrijfsmatige, financieel-economische, juridische en sociale achtergronden;

• de leden van de Raad van Toezicht ten opzichte van elkaar en de Raad van Bestuur onafhankelijk en kritisch opereren;

• adequaat wordt voorzien in de advies- en klankbordfunctie ten behoeve van de Raad van Bestuur.

Het profiel voor een lid van de Raad van Toezicht bevat bovendien tenminste de volgende aspecten:

• affiniteit met de doelstelling en functie van de stichting;

• algemene bestuurlijke kwaliteiten en ervaring;

• een juist evenwicht in betrokkenheid en bestuurlijke afstand;

• het vermogen en de attitude om de Raad van Bestuur met raad en als klankbord terzijde te staan;

• het vermogen om zich op hoofdlijnen een oordeel te vormen over door de Raad van Bestuur voorgelegde aangelegenheden;

• het vermogen om advies en toezicht in teamverband uit te kunnen oefenen;

• integriteit, verantwoordelijkheidsgevoel en een onafhankelijke opstelling;

• inzicht in de eisen die kwaliteit, doelmatigheid en continuïteit aan een organisatie als de stichting stellen;

• voldoende beschikbaarheid.

2.8. Bij notariële akte verleden op 31 augustus 2007 zijn Westerhout en de Zorgcirkel juridisch gefuseerd met Westerhout als verdwijnende stichting en de Zorgcirkel als verkrijgende stichting.

2.9. De statuten van de Zorgcirkel zijn op 31 augustus 2007 gewijzigd. In de gewijzigde statuten is voor wat betreft de benoeming van de leden van de RvT opgenomen:

Artikel 8

8.1 Onverminderd het bepaalde in lid 3 van dit artikel worden de leden van de Raad van Toezicht door de Raad van Toezicht zelf benoemd. Ter zake iedere benoeming dient vooraf overleg te worden gevoerd met de Raad van Bestuur en de Ondernemingsraad.

2.10. Bij brief d.d. 14 september 2007 heeft de voorzitter van de RvT de Zorgcirkel, [A] aan [eiser] in diens hoedanigheid van voorzitter van de RvT Westerhout geschreven:

De Raad van Toezicht van de Zorgcirkel kan zich vinden in het profiel van de leden van de Raad van Toezicht als opgesteld in het voorstel van [adviseur].

In de vergadering […] heeft de raad echter ook vastgesteld dat een evenwichtige samenstelling qua disciplines wenselijk is om tot een goed functioneren van de Raad te komen.

Aanwezig zijn de disciplines:

o Bestuurlijk

o Sociologie

o Financiën

o Juridisch

o Economisch

Behoefte is aan de discipline in de sfeer van:

o Zorg, behandelen, preventie, welzijn

o Vastgoed, R.O.-ontwikkeling

o Markt, maatschappelijk commercieel ondernemen

Wij vragen dan ook bij de voordracht met name aandacht te besteden naast het gestelde in het profiel aan de genoemde behoefte. Mocht het niet mogelijk zijn vanuit uw potentiële voordracht in genoemde behoefte te voorzien dan zullen we ernaar streven dit in 2008 te bewerkstelligen in het belang van de fusieorganisatie.

2.11. [eiser] heeft op deze brief gereageerd bij brief d.d. 11 oktober 2007 met de mededeling dat het hem verheugt dat ook de RvT van de voormalige stichting de Zorgcirkel de profielschets voor leden van de RvT van de fusieorganisatie de Zorgcirkel heeft goedgekeurd en vastgesteld. [eiser] heeft tevens twee leden voorgedragen vanuit de voormalige RvT Westerhout, te weten [B] en zichzelf.

2.12. Bij brief d.d. 9 november 2007 heeft [A] aan [eiser] verzocht om de cv’s van beide voorgedragen kandidaten te mogen ontvangen zodat kan worden bezien, of het gewenste profiel daarin is terug te vinden.

2.13. Op 23 november 2007 heeft [adviseur] in een notitie over het afsprakenkader van de Raden van Toezicht onder meer geschreven:

5. De Raad van Toezicht wordt samengesteld uit leden Raad van Toezicht Zorgcirkel Waterland en Westerhout. Standpunt van Zorgcirkel Waterland was dat sprake moet zijn van kwalitatief ingevulde zetels (had niet betrekking op henzelf). Standpunt van Westerhout was dat het een verantwoordelijkheid van de Raad van Toezicht van Westerhout is de zetels te vullen. Compromis is de notitie d.d. 20 augustus 2007 […], die impliceert dat er weliswaar profielen worden opgesteld, maar dat het aan de Raad van Toezicht Westerhout is deze in te vullen.

2.14. De RvT de Zorgcirkel heeft in een vergadering op 13 december 2007 geconstateerd dat [B] wel en [eiser] niet voldoet aan de eisen voor het lidmaatschap van de RvT.

2.15. Bij brief d.d. 20 december 2007 heeft [eiser] afgewezen een voorstel van de RvT de Zorgcirkel om tijdelijk voor een half jaar te worden benoemd tot lid van RvT de Zorgcirkel totdat een kandidaat zou zijn gevonden die wel in de behoefte van de RvT voorziet en die dan in de plaats van [eiser] zou worden benoemd.

3. Het geschil in conventie

3.1. [eiser] vordert – samengevat –

1. de Zorgcirkel te veroordelen binnen 24 uur na betekening van dit vonnis aan [eiser] over te leggen een besluit van de RvT de Zorgcirkel tot benoeming van [eiser] tot lid van de RvT de Zorgcirkel voor de periode van tenminste één jaar, ondertekend door alle huidige leden van de RvT de Zorgcirkel op straffe van een dwangsom;

2. de Zorgcirkel een gebod op te leggen om direct na betekening van dit vonnis [eiser] uit te nodigen voor vergaderingen van de RvT de Zorgcirkel en notulen van vergaderingen toe te zenden op straffe van een dwangsom;

3. die voorzieningen te treffen die de voorzieningenrechter in goede justitie gerade acht teneinde [eiser] in staat te stellen de belangen van (betrokkenen bij) Westerhout te waarborgen;

4. de Zorgcirkel te veroordelen in de kosten van dit geding.

3.2. [eiser] heeft aan zijn vorderingen ten grondslag gelegd dat partijen duidelijke afspraken hebben gemaakt toen zij gingen fuseren, waaronder de afspraak dat [eiser] dient te worden benoemd als lid van de RvT de Zorgcirkel, en dat deze afspraken onverkort dienen te worden nagekomen. Volgens [eiser] is de Zorgcirkel zich nadat de fusie eenmaal rond was gaan gedragen op een manier die tot gevolg heeft dat Westerhout niets meer heeft in te brengen.

3.3. De Zorgcirkel heeft bestreden dat vóór de juridische fusie is afgesproken dat [eiser] na de fusie zou worden benoemd in de RvT de Zorgcirkel of dat dit is toegezegd. In het fusievoorstel d.d. 24 juli 2007 is enkel vastgelegd dat ná de fusie twee leden (op voordracht) van de RvT Westerhout zullen worden benoemd.

Een afspraak of toezegging door een afvaardiging van de RvT die de onderhandelingen met Westerhout heeft gevoerd om bepaalde kandidaten te benoemen zou volgens De Zorgcirkel ook in strijd zijn met het bepaalde in de statuten, waarin staat dat een benoeming van een lid van de RvT een uitsluitende bevoegdheid is van de (voltallige) RvT. Ook de voltallige RvT van de Zorgcirkel is statutair niet bevoegd om benoemingsovereenkomsten te sluiten. Een dergelijke overeenkomst kan slechts op één manier worden gesloten: nadat betrokkenen zich kandidaat hebben gesteld, de RvT met de ondernemingsraad (hierna: OR) en de Raad van Bestuur over deze kandidaten overleg heeft gehad, de voordracht is vermeld in de oproeping tot vergadering en de RvT een benoemingsbesluit heeft genomen, kan de benoeming door de kandidaten worden aanvaard.

Verder wijst De Zorgcirkel erop dat [eiser] zelf heeft ingestemd met de goedkeuring en vaststelling door de RvT de Zorgcirkel van de profielschets onder toevoeging van de disciplines, zoals blijkt uit de brief van [eiser] d.d. 11 oktober 2007 (zie 2.11). [eiser] kan zich er dan ook niet op beroepen dat deze eisen voor hem niet zouden gelden.

Tenslotte heeft De Zorgcirkel betoogd dat een gebod om [eiser] uit te nodigen voor vergaderingen van de RvT de Zorgcirkel en hem van die vergaderingen notulen te zenden niet kan worden toegewezen omdat [eiser] geen lid van de RvT de Zorgcirkel is.

4. Het geschil in reconventie

4.1. De Zorgcirkel vordert – samengevat – een voorziening te treffen ingevolge welke [eiser] bevolen wordt het archief van de RvT Westerhout vanaf 1998 ter beschikking te stellen aan de Zorgcirkel, op straffe van een dwangsom, met veroordeling van [eiser] in de kosten.

4.2. [eiser] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

5. De beoordeling in conventie

5.1. Het uitgangspunt bij de beoordeling is dat er sprake is geweest van een juridische fusie waarbij Westerhout als zelfstandige juridische entiteit is opgehouden te bestaan en het vermogen onder algemene titel is overgegaan op de Zorgcirkel.

5.2. Volgens [eiser] blijkt uit twee notities van [adviseur] d.d. 11 juni 2007 en 13 juni 2007 dat tenminste twee leden van de RvT Westerhout lid zouden worden van de RvT de Zorgcirkel. Namens de RvT Westerhout waren [B] en [eiser] aangewezen om zitting te nemen in de RvT de Zorgcirkel na de fusie. Tevens was tussen beide stichtingen overeengekomen dat na de fusie nieuwe leden van de RvT de Zorgcirkel zouden worden geworven op basis van een functieprofiel waarbij als uitgangspunt dient het model van de zogenaamde Health Governance Code. Volgens [eiser] werd er steeds vanuit gegaan dat de door [adviseur] in de notitie d.d. 20 augustus 2007 (zie 2.7) geformuleerde richtlijnen waarlangs de profielen nader zouden worden ingevuld geen gevolgen zouden hebben voor de benoeming van de hiervoor genoemde leden van de RvT Westerhout in de RvT de Zorgcirkel omdat [B] en [eiser] reeds lid waren van de RvT Westerhout.

De functieprofielen zouden alleen gelden voor nieuw te benoemen leden van de RvT de Zorgcirkel na de fusie. De weigering van de Zorgcirkel om [eiser] te benoemen als lid van de RvT de Zorgcirkel omdat hij niet zou voldoen aan het profiel is dan ook geheel in strijd met hetgeen partijen eerder zijn overeengekomen, aldus [eiser].

5.3. De voorzieningenrechter stelt vast dat voornoemd fusiedocument d.d. 24 juli 2007 weliswaar niet specificeert welke personen van de RvT van het voormalige Westerhout zouden toetreden tot de RvT de Zorgcirkel, maar acht op grond van de in 2.13 beschreven notitie van [adviseur] d.d. 23 november 2007 aannemelijk dat dit fusiedocument van de zijde van Westerhout is getekend in de veronderstelling dat het aan Westerhout was om op basis van nader vast te stellen profielen kandidaten naar voren te schuiven en op basis van de verstandhouding dat die kandidaten door degenen binnen de Zorgcirkel die bij het formele benoemingsproces betrokken zijn benoembaar werden geacht. Verder acht de voorzieningenrechter aannemelijk dat die verstandhouding is terug te voeren tot de opstelling van De Zorgcirkel in de besprekingen die tussen de fusiepartners hebben plaatsgevonden.

5.4. Op zichzelf is het juist dat de statuten van de Zorgcirkel niet uitdrukkelijk voorzien in een bevoegdheid van organen van de Zorgcirkel om met derden afspraken te maken over de benoeming van leden van de RvT de Zorgcirkel, zoals de Zorgcirkel heeft aangevoerd. Dat betekent echter niet dat het opwekken van verwachtingen door de Zorgcirkel bij Westerhout omtrent de wijze waarop haar organen in een concreet geval van hun statutaire bevoegdheden gebruik zullen maken, geen bindende betekenis kan hebben.

5.5. Dat kan [eiser] evenwel niet baten. De voorzieningenrechter stelt vast dat [eiser] aan zijn vorderingen niet een eigen belang, maar het belang van de werkgemeenschap Westerhout ten grondslag heeft gelegd. Ter zitting heeft [eiser] immers aangegeven dat hij de onderhavige procedure is begonnen om de belangen van de OR, de cliëntenraad en de werknemers van Westerhout te waarborgen. [eiser] is echter geen drager van die belangen en evenmin houder van de aanspraken die in verband met jegens de werkgemeenschap Westerhout opgewekte verwachtingen zouden kunnen bestaan. Als men al wil aannemen dat er nog een entiteit is die na de fusie op naleving van die afspraken aanspraak zou kunnen maken, dan is dat niet [eiser] maar een vertegenwoordiging van belanghebbenden in of bij die werkgemeenschap, zoals een OR of een cliëntenraad. De vorderingen stranden dan ook hierop.

5.6. Teneinde te voorkomen dat in deze kwestie opnieuw een kort geding wordt aangespannen, wordt ten overvloede het volgende opgemerkt.

5.7. De aanspraken waarop in dit geding een beroep is gedaan, kunnen er hooguit toe strekken dat er op de Raad van Bestuur en de RvT de Zorgcirkel een verplichting rust om zich in te spannen om [eiser] als lid van de RvT de Zorgcirkel benoemd te krijgen. Dat houdt in dat een tot benoeming strekkend voorstel aan de OR wordt voorgelegd en in het overleg met de OR wordt verdedigd. Indien de OR met het voorstel akkoord gaat, kan dan benoeming volgen.

5.8. Afweging van de betrokken belangen brengt mee dat het verstandig lijkt om een daartoe strekkend bevel, indien in een volgend geding gevraagd, te weigeren. Niet weersproken is dat de Raad van Bestuur van de Zorgcirkel zich verzet tegen de benoeming van [eiser]. Het is niet in het belang van de organisatie om de benoeming onder die omstandigheden te laten plaatsvinden.

5.9. [eiser] heeft zijn eigen perceptie op de gang van zaken in een brief aan [A] d.d. 20 december 2007 als volgt verwoord:

De gehele gang van zaken van de afgelopen maanden, wekt de indruk dat Zorgcirkel ten tijde van de fusiebesprekingen weliswaar heeft ingestemd met een aantal duidelijke voorwaarden van de zijde van Westerhout, die ertoe zouden moeten leiden dat Westerhout ook in de afgelopen periode nog invloed van betekenis bij het samenvoegingsproces zou kunnen uitoefenen, maar dat in feite Zorgcirkel nadien in weerwil van deze afspraken volledig haar eigen plan heeft getrokken. Het moet alle betrokkenen van de zijde van Zorgcirkel volstrekt duidelijk zijn geweest dat Westerhout nimmer tot fusie zou zijn overgegaan indien de door haar gestelde voorwaarden niet zouden zijn ingewilligd en nageleefd. Indien niet alsnog de tijdens de fusie door Zorgcirkel geaccepteerde invloed vanuit de zijde van Westerhout op de uitvoering van het fusieproces zal worden gerespecteerd, overweegt Westerhout op ontvlechting van de samenwerking aan te sturen. Vooralsnog hoop ik dat het zover niet zal hoeven komen.

5.10. Daarbij sluit aan de passage uit de brief van de cliëntenraad van Westerhout d.d. 9 april 2008 aan de Raad van Bestuur van de Zorgcirkel, die is overgelegd in het gelijktijdig behandelde kort geding met zaaknummer/rolnummer 145071 / KG ZA 08-199, waarvan de voorzieningenrechter ambtshalve kennis draagt en waarin wordt opgemerkt:

In deze brief willen wij uiting geven aan onze ernstige zorgen betreffende de kwaliteit van de zorg- en dienstverlening aan de cliënten van Westerhout zowel in de zeer nabije als in de verdere toekomst. Onze grote ongerustheid wordt veroorzaakt door het feit dat het bestuur van De Zorgcirkel een groot aantal (fusie)afspraken niet blijkt na te komen.

[…]

Raad van Toezicht

Volledig in strijd met de gemaakte fusieafspraken, zijn tot op heden nog steeds niet de twee leden van de Raad van Toezicht van Westerhout […] in de Raad van Toezicht van De Stichting De Zorgcirkel benoemd. Naast de afspraak betreffende […] was deze afspraak voor de Cliëntenraad van essentieel belang om te kunnen instemmen met de fusie. De belangen van Westerhout worden op dit moment op geen enkele wijze vertegenwoordigd in de Raad van Toezicht.

[…]

Gezien bovenstaande willen wij graag op korte termijn een gesprek met u voeren om over voorgaande opheldering te verkrijgen maar vooral om onze grote zorgen verder toe te lichten en op te komen voor de belangen van onze bewoners.

5.11. Namens de Zorgcirkel is ter zitting weliswaar bij herhaling opgemerkt dat er geen sprake is van enige onrust binnen de werkgemeenschap Westerhout, maar deze brief spreekt andere taal.

5.12. De voorzieningenrechter stelt op grond van het een en ander vast dat het harmonieus laten opgaan van de werkgemeenschap Westerhout in het grotere geheel van de werkgemeenschap de Zorgcirkel tot op heden kennelijk onvoldoende aandacht van het bestuur van de Zorgcirkel heeft gekregen. Vertrouwen van die werkgemeenschap dat hun belangen bij het nieuwe gezag in goede handen zijn, kan echter niet met een door de rechter opgelegde voorziening worden afgedwongen. Het kan door behendig optreden van het nieuwe gezag wel worden verworven, bijvoorbeeld door een ruime toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 28 van de Health Care Governance Code, waarin onder meer staat:

(…).

De raad van bestuur legt ten aanzien van diegenen die het aangaat verantwoording af, stelt zijn handelen ter discussie en staat open voor de opvattingen van verschillende betrokken belanghebbenden. Informatieverstrekking, verantwoording en beleidsbeïnvloeding worden door de raad van bestuur actief bevorderd.

5.13. [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van de Zorgcirkel worden begroot op:

- vast recht EUR 254,00

- overige kosten 0,00

- salaris procureur 816,00

Totaal EUR 1.070,00

6. De beoordeling in reconventie

6.1. De Zorgcirkel heeft aan haar vordering ten grondslag gelegd dat [eiser] ten onrechte weigert eraan mee te werken dat het archief van de RvT Westerhout vanaf 1998 in bezit komt van de Zorgcirkel.

6.2. [eiser] heeft aangevoerd dat de RvT Westerhout gaarne bereid is om het archief te laten inzien, maar dat zij in het licht van dit kort geding geen behoefte heeft om alle archiefstukken zonder meer over te dragen aan de Zorgcirkel, mede omdat zij vreest dat er archiefstukken zullen verdwijnen.

6.3. Gegeven het feit dat het archief van de RvT Westerhout formeel gesproken het archief is van de Raad van Toezicht van een stichting die door fusie is opgegaan in de Zorgcirkel heeft [eiser] geen titel om het archief onder zich te houden.

De fusie heeft immers tot gevolg gehad dat alle zaken die voorheen aan Westerhout toebehoorden, waaronder vorenbedoeld archief zijn gaan toebehoren aan de Zorgcirkel.

Bij die stand van zaken bestaat er voldoende grond om het gevorderde toe te wijzen, met dien verstande dat het [eiser] zal worden toegestaan stukken uit het archief te kopiëren waarvan hij meent dat hij deze nog nodig kan hebben in het kader van de thans voorliggende problemen met betrekking tot de fusie. Grond voor dit laatste is de redelijkheid.

6.4. De gevorderde dwangsom zal worden beperkt als volgt.

6.5. [eiser] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van de Zorgcirkel worden begroot op:

- salaris procureur EUR 816,00 (factor 1,0 × tarief EUR 816,00)

- overige kosten 0,00

Totaal EUR 816,00

7. De beslissing

De voorzieningenrechter

in conventie

7.1. wijst de vorderingen af,

7.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van de Zorgcirkel tot op heden begroot op EUR 1.070,00,

7.3. verklaart dit vonnis in conventie wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

in reconventie

7.4. bepaalt dat [eiser] na betekening van dit vonnis een week de tijd heeft om uit het archief van de RvT Westerhout vanaf 1998 de stukken te kopiëren die hij nodig heeft dan wel nodig kan hebben in het kader van de thans voorliggende problemen met betrekking tot de fusie, op voorwaarde dat hij een lijst opstelt van de stukken waarvan hij kopieën houdt;

7.5. beveelt [eiser] na afloop van de in 7.4 bedoelde week het archief van de RvT Westerhout vanaf 1998 in bezit te stellen van de Zorgcirkel,

7.6. bepaalt dat [eiser] voor iedere dag dat hij in strijd handelt met het onder 7.5 bepaalde, aan de Zorgcirkel een dwangsom verbeurt van EUR 100,00, tot een maximum van EUR 10.000,00,

7.7. veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van de Zorgcirkel tot op heden begroot op EUR 816,00,

7.8. verklaart dit vonnis in reconventie tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

7.9. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H. Schotman en in het openbaar uitgesproken op 25 april 2008.?