Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2007:BD2040

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
15-08-2007
Datum publicatie
20-05-2008
Zaaknummer
15/800234-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank Haarlem spreekt verdachte vrij van de opzettelijke invoer van 16036,0 gram cocaine. De rechtbank houdt het niet voor onmogelijk dat op het vliegveld in Mexico-stad het bagagelabel van de koffer van verdachte af is gescheurd en dat dit bagagelabel op een andere koffer is gedaan. Voorts houdt de rechtbank het niet voor onmogelijk dat zijn koffer in Mexico is weg gemaakt. Verdachte heeft van meet af aan gezegd dat de koffer, in welk de rugzakken met cocaïne waren gestopt, niet van hem was. Bij het inchecken van zijn koffer zou deze 9 kg hebben gewogen. Het gewicht van 9 kg is terug te vinden op het bagagelabel. De koffer waarin de cocaïne was verstopt, woog echter ruim 24 kg. Dat verdachte wisselende en deels ongeloofwaardige verklaringen heeft afgelegd met betrekking tot zijn verblijf in Rome maakt bovenstaand oordeel niet anders.

Dat niet is gebleken dat zijn ongelabelde koffer is achtergebleven, maakt bovenstaand oordeel evenmin anders.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector Strafrecht

Locatie Schiphol

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/800234-07

Uitspraakdatum: 15 augustus 2007

Tegenspraak

Strafvonnis

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 1 augustus 2007 in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [adres],

thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Huis van Bewaring Ter Apel, te Ter Apel.

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 20 februari 2007 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer,

opzettelijk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht ongeveer

16036,0 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende

cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende

lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die

wet.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft – zakelijk weergegeven – gerekwireerd tot:

- bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit;

- de oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 43 maanden;

- de verbeurdverklaring van de op de beslaglijst voormelde voorwerpen, genummerd 5 en 7 tot en met 16;

- onttrekking aan het verkeer van het op de beslaglijst voormeld voorwerp, genummerd 4.

4. Vrijspraak

Naar het oordeel van de rechtbank is niet bewezen hetgeen verdachte onder 1. ten laste is gelegd. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. Hiertoe overweegt de rechtbank als volgt.

De rechtbank houdt het niet voor onmogelijk dat op het vliegveld in Mexico-stad het bagagelabel van de koffer van verdachte af is gescheurd en dat dit bagagelabel op een andere koffer is gedaan.

Voorts houdt de rechtbank het niet voor onmogelijk dat zijn koffer in Mexico is weg gemaakt.

Verdachte heeft van meet af aan gezegd dat de koffer, in welk de rugzakken met cocaïne waren gestopt, niet van hem was. Hij heeft zijn koffer omschreven als een Travelkoffer van een grijzige kleur en van zacht materiaal. De koffer waarin de cocaïne is aangetroffen en waaraan een gescheurd bagagelabel zat, was een bruinkleurige canvas koffer van het merk Delsey. Verdachte heeft zijn koffer in Mexico-stad zelf ingecheckt en als bewijs de claimtag met nummer 0074KL624538 gekregen. Bij het inchecken van zijn koffer zou deze 9 kg hebben gewogen. Het gewicht van 9 kg is terug te vinden op het bagagelabel nummer KL 624538 1 / 9 kg. De koffer waarin de cocaïne was verstopt, woog echter ruim 24 kg.

Dat verdachte wisselende en deels ongeloofwaardige verklaringen heeft afgelegd met betrekking tot zijn verblijf in Rome maakt bovenstaand oordeel niet anders.

Dat niet is gebleken dat zijn ongelabelde koffer is achtergebleven, maakt bovenstaand oordeel evenmin anders.

Onttrekking aan het verkeer:

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- twee rugzakken

dienen te worden onttrokken aan het verkeer omdat met deze voorwerpen het strafbare feit is begaan en het ongecontroleerde bezit hiervan, nu de geur van cocaïne er mogelijk (nog) aan zit, in strijd is met het algemeen belang.

5. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

36b en 36c van het Wetboek van Strafrecht.

6. Beslissing

De rechtbank:

Spreekt verdachte vrij van het hem tenlastegelegde feit.

Heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte.

Gelast de onmiddellijke invrijheidstelling van verdachte.

Onttrekt aan het verkeer:

- twee rugzakken (nr. 4).

Gelast de teruggave aan verdachte van:

- vier stuks kleding (nr. 5);

- één vliegticket (nr. 7);

- één bagagelabel (nr. 8);

- één claimtag (nr. 9);

- één instapkaart (nr. 10);

- twee instapkaarten (nr. 11);

- twee stuks coupon (nr. 12);

- twee visitekaarten (nr. 13);

- één slot (van de koffer) (nr. 14);

- diverse coupures Nederlands geld, ter waarde van € 1275,00 (nr. 15);

- één formulier (nr. 16).

7. Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. Van den Boogaard, voorzitter,

mrs. Koolen-Zwijnenburg en Jansen, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier Meyer,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 15 augustus 2007.