Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9697

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
04-07-2007
Datum publicatie
17-07-2007
Zaaknummer
343186/AL VERZ 07-1532
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Handelsnaamwet. Verzoekster is gebruikster van de Handelsnaam "Bistro Tante Pietje". Van latere datum is de handelsnaam "V.o.f. Tante Pietje" die verweerster voert. Beide partijen drijven een horeca-onderneming, met name een restaurant, verzoekster in 's-Hertogenbosch en verweerster in Beverwijk. Beide partijen streven naar landelijke bekendheid. Verweerster was op de hoogte van de handelsnaam van verzoekster en was door de Kamer van Koophandel gewaarschuwd voor verwarring. De kantonrechter is van oordeel dat sprake is van een slechts geringe afwijking, zodat verwarring te duchten valt ondanks de geografische afstand tussen de beide ondernemingen en beveelt verweerster haar naam te wijzigen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 343186/AL VERZ 07-1532

datum uitspraak: 4 juli 2007

BESCHIKKING VAN DE KANTONRECHTER

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Kees en Kim Horeca Exploitatie B.V. h.o.d.n. Bistro Tante Pietje

te ‘s-Hertogenbosch

verzoekster

gemachtigde mr. E.P.M. Smit

tegen

a. de vennootschap onder firma V.O.F. Tante Pietje

alsmede haar vennoten

b. [verweerder 2]

en

c. [verweerder 3]

te Beverwijk

verweerders

gemachtigde mr. D.J. Posthuma

De procedure

Voor de loop van het geding verwijst de kantonrechter naar de volgende stuk-ken, waarvan de inhoud als hier ingevoegd is te beschouwen:

- het ter griffie op 4 april 2007 ingekomen verzoekschrift, met producties,

- het ter griffie op 1 juni 2007 ingekomen verweerschrift, met producties,

- de aantekeningen van de griffier van de op 6 juni 2007 gehouden mondelinge behandeling en de bij die gelegenheid nog overgelegde producties.

De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende betwist en/of op grond van de onweerspro-ken inhoud van de overgelegde producties, staat tussen partij-en het volgende vast:

a. Sedert 10 december 2002 staat in het Handelsregister van de Kamers van Koophandel en Fabrieken ingeschreven de handelsnaam “Kees en Kim Horeca Exploitatie B.V. Bistro Tante Pietje”.

b. De bedrijfsomschrijving van verzoekster luidt: “De exploitatie van horecagelegenheden alsmede alle overige denkbare activiteiten op het gebied van de horeca.

c. In het landelijk verspreide blad “Horeca” is in een artikel aandacht geschonken aan Bistro Tante Pietje van verzoekster.

d. In het landelijk uitgegeven tijdschrift “Lady Talk” is in een column Bistro Tante Pietje van verzoekster besproken.

e. Voorts worden aan “Bistro Tante Pietje” artikelen gewijd in de tijdschriften “Wings” (het reizigersmagazine dat door de luchtvaartmaatschappij Transavia onder haar passagiers wordt verspreid), “Culinair” en het sporttijdschrift “Elf”.

f. In het Handelsregister van de Kamers van Koophandel en Fabrieken staat geregistreerd dat sedert 15 augustus 2006 de onderneming van verweerders is gevestigd onder de handelsnaam “V.O.F. Tante Pietje”

g. De bedrijfsomschrijving van de onderneming van verweerders luidt: “Horecagelegenheid voor eten en drinken”.

h. Op de website van verweerders is een aankondiging van de opening op 2 november 2006 geplaatst, waarop de woorden “Tante Pietje” zijn weergegeven in een lettertype dat zeer nauw overeenkomt met het door verzoekster gebruikte lettertype voor die woorden uit haar handelsnaam.

i. Voordat verweerders haar onderneming startte was zij bekend met de handelsnaam en de aard van de onderneming van verzoekster in ’s-Hertogenbosch.

j. Bij de inschrijving in het Handelsregister is verweerders door de betrokken medewerker van de Kamer van Koophandel en Fabrieken op de hoogte gebracht van het feit dat de handelsnaam van verweerders als handelsnaam al in gebruik was en is haar medegedeeld wat de risico’s zouden zijn indien verzoekster daartegen bezwaar zou maken.

k. Beide partijen maken gebruik van het Internet om hun ondernemingen bekendheid te geven.

Het verzoek

Verzoekster verzoekt de kantonrechter:

1. verweerders te veroordelen de naam “V.O.F. Tante Pietje” zodanig te wijzigen dat daarin in elk geval niet voorkomen de woorden “Tante” en/of “Pietje”, noch woorden/letterverbindingen die daarmee in hoofdzaak overeenstemmen, zodat de onrechtmatigheid wordt opgeheven;

2. te bepalen dat verweerders deze wijziging dienen door te voeren binnen één maand nadat de griffier hen een afschrift van de te geven beschikking heeft gezonden;

3. verweerders te veroordelen tot betaling van een dwangsom van €1.000,00, althans een door de kantonrechter te bepalen dwangsom, voor elke dag of deel daarvan dat verweerders niet voldoen aan het gevorderde onder 1. en 2.;

4. de beschikking uitvoerbaar bij voorraad zal verklaren;

5. verweerders in de proceskosten zal veroordelen.

Verzoekster heeft het volgende aan haar verzoek ten grond-slag gelegd:

Verzoekster voert sedert 10 december 2002 de handelsnaam “Bistro Tante Pietje”.

Verzoekster legt zich toe op de exploitatie van horecagelegenheden, alsmede alle overige denkbare activiteiten op het gebied van horeca en drijft voor haar rekening en risico sedert

10 december 2002 de aan haar handelsnaam gelijknamige “Bistro Tante Pietje” te

’s-Hertogenbosch.

Verzoekster geniet landelijke bekendheid en heeft sinds jaar en dag een goede naam in de horecabranche.

In februari 2006 is een groot artikel gepubliceerd in het landelijk verspreide tijdschrift

“Horeca”.

Verzoekster heeft een column in het landelijk bekende tijdschrift “Lady Talk”. Deze column wordt op zeer korte termijn overgenomen door de luchtvaartmaatschappij Transavia in haar reizigersmagazine. Verzoekster investeert eveneens in landelijke bekendheid via haar eigen website “www.bistrotantepietje.nl”.

Toeristen uit het hele land bezoeken de bistro van verzoekster.

Verweerders gebruiken zonder toestemming van verzoekster sedert 15 augustus 2006 de handelsnaam “V.O.F. Tante Pietje” en exploiteren in hun vestiging in Beverwijk een horeca-gelegenheid.

Met hun handelsnaam maken verweerders inbreuk op het handelsnaamrecht van verzoekster.

Het verweer

Verweerders hebben het verzoek vordering gemotiveerd weersproken. Zij hebben het volgende aangevoerd:

Er is geen sprake van handelsnamen die gelijk zijn of in geringe mate van elkaar afwijken.

Indien dit wel het geval mocht blijken te zijn, dan is er geen sprake van verwarring of gevaar voor verwarring bij het relevante publiek.

Verweerders bestrijden dat verzoekster landelijke bekendheid geniet. Ook indien moet worden aangenomen dat verzoekster een goede naam heeft in de horecabranche, dan nog is de horecabranche niet het relevante publiek.

De bekendheid van verzoekster beperkt zich hooguit tot haar plaats van vestiging, te weten:

’s-Hertogenbosch.

De ondernemingen van partijen zijn in compleet verschillende delen van Nederland gevestigd en bedienen aldaar de lokale markt.

Het samenstel van de woorden “Tante Pietje” heeft onvoldoende onderscheidend vermogen om voor bescherming in aanmerking te komen.

Als verzoekster wordt toegestaan één of beide Nederlandse woorden uit haar handelsnaam te monopoliseren dan zal dat een onaanvaardbare concurrentiebeperkende maatregel zijn.

Voor zover de kantonrechter tot de conclusie mocht komen dat verweerders wel inbreuk maken op de oudere handelsnaam van verzoekster, dan zijn verweerders van mening dat het ondoenlijk is om binnen een maand alle aanduidingen van haar handelsnaam te verwijderen. Zo moet er onder andere nieuw briefpapier worden ontworpen en besteld, moet de gevelreclame worden aangepast en moet nieuwe werkkleding worden besteld. Dit alles kan niet worden gerealiseerd binnen een maand. Verweerders verzoeken daarom in dat geval hen een termijn van vier maanden te gunnen.

De beoordeling van het geschil

Verzoekster heeft zich uitdrukkelijk alleen beroepen op artikel 5 Handelsnaam als grondslag voor haar verzoek. Om die reden gaat de kantonrechter niet in op wat uit de stukken ook is gebleken van het woordmerk en beeldmerk van verzoekster.

Tussen partijen staat vast dat de onderneming van verzoekster reeds werd gedreven op het moment dat verweerders haar onderneming startte en dat verzoekster haar handelsnaam eerder rechtmatig voerde dan verweerders de hare.

Ook staat tussen partijen vast dat hun beider ondernemingen, zoals blijkt uit de inschrijvingen in het Handelsregister, naar hun aard aan elkaar gelijk zijn.

Beoordeeld moet daarom worden of de handelsnaam van verweerders slechts in geringe mate afwijkt van die van verzoekster, een en ander voor zover dientengevolge, in verband met de aard van de beide ondernemingen en de plaats waar zij zijn gevestigd, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is.

De kantonrechter is van oordeel dat de handelsnaam van verweerders slechts in geringe mate afwijkt van die van verzoekster. Het gaat hierbij uiteraard om de woorden “Tante Pietje” in de handelsnamen. Dat daaraan het woord “Bistro” voor verzoekster is toegevoegd en de aanduiding “V.O.F.” voor verweerders, doet daar niet aan af. Het relevante publiek zal in beide gevallen spreken van “Tante Pietje” zonder daarbij de toevoegingen te melden.

Het feit dat de beide ondernemingen op een afstand van ongeveer 110 km van elkaar gevestigd zijn, brengt niet met zich dat er dus geen sprake kan zijn van verwarring. Gelet op de huidige middelen van vervoer is die afstand niet dermate groot dat geen verwarring zou kunnen ontstaan. Dit blijkt ook uit het feit dat verzoekster reeds is geconfronteerd met klanten die zeiden bij haar te hebben gereserveerd, terwijl dat in werkelijkheid bij verweerders was gebeurd.

Beide partijen treden naar buiten in de landelijke media en streven derhalve naar landelijke bekendheid.

Dat sprake zou zijn van monopolisering, zoals door verweerders wordt aangevoerd, is niet aan de orde. Het gebruik van de handelsnaam “Tante Pietje” is immers beperkt tot restaurants. In dat verband heeft verzoekster namelijk onweersproken gesteld dat zij geen bezwaar heeft tegen het gebruik van de aanduiding “Tante Pietje” door een cafébedrijf.

Op grond van het vorenstaande en de door verzoekster overgelegde producties met betrekking tot de bekendheid van haar handelsnaam is de kantonrechter van oordeel dat de handelsnaam van verweerders slechts in geringe mate afwijkt van die van verzoekster, en dat dientengevolge in verband met de aard van de beide ondernemingen en de plaats waar zij zijn gevestigd, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is.

Dit geldt temeer, nu ook vast staat dat verweerders voor de start van haar onderneming bekend waren met de naam en onderneming van verzoekster in ’s-Hertogenbosch en gewaarschuwd waren door de medewerker van de Kamer van Koophandel. Op zichzelf is dat ook al een aanduiding dat verwarring te duchten is. Verweerders konden ter zitting desgevraagd bovendien geen aannemelijke verklaring geven voor het feit waarom zij nu juist voor de naam “Tante Pietje” hebben gekozen. Het lijkt het erop alsof zij (bewust) hebben willen aanknopen bij de naam van verzoekster.

Op grond van het vorenstaande zal het verzoek worden toegewezen.

Voor verruiming van de door verweerders verzochte termijn bestaat geen aanleiding, omdat verweerders, zoals uit het vorenstaande volgt, rekening hadden moeten houden met de mogelijke verwarring. Zij moeten daar thans de gevolgen van onder ogen zien.

De kantonrechter zal wel aan de verzochte dwangsom een maximum stellen.

Beslissing

De kantonrechter:

Veroordeelt verweerders de naam “V.O.F. Tante Pietje” zodanig te wijzigen dat daarin in elk geval niet voorkomen de woorden “Tante” en/of “Pietje”, noch woorden/letterverbindingen die daarmee in hoofdzaak overeenstemmen, zodat de onrechtmatigheid wordt opgeheven.

Bepaalt dat verweerders deze wijziging dienen door te voeren binnen één maand nadat de griffier hen een afschrift van deze beschikking heeft gezonden.

Veroordeelt verweerders tot betaling van een dwangsom van €500,00 voor elke dag of deel daarvan dat verweerders niet voldoen aan het hierboven gegeven bevel, met bepaling van het bedrag waarboven geen dwangsom meer verbeurd zal zijn op €50.000,00.

Verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Veroordeelt verweerders in de proceskosten van deze procedure, aan de zijde van verzoekster tot op heden begroot op €285,00 aan verschotten en op €800,00 aan salaris voor de gemachtigde.

Wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.