Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2006:BD2523

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
28-11-2006
Datum publicatie
27-05-2008
Zaaknummer
15/501066-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Mensensmokkel, terwijl het feit in vereniging wordt begaan door meerdere personen, meermalen gepleegd; het in het bezit zijn van een reisdocument waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het vervalst is, meermalen gepleegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

VESTIGING SCHIPHOL

SECTOR STRAFRECHT

MEERVOUDIGE STRAFKAMER

Parketnummer: 15/501066-06

Uitspraakdatum: 28 november 2006

Tegenspraak

VERKORT STRAFVONNIS (art. 138b Sv)

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 14 november 2006 in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1973 te [geboorteplaats] (Venezuela),

zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,

thans gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Amsterdam, Huis van Bewaring Het Schouw.

1. Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat

1.

hij in of omstreeks de periode van 01 augustus 2006 tot en met 08 augustus 2006 te Venezuela en/of Aruba en/of Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, twee personen, te weten [betrokkene1] (althans een persoon zich noemende [alias1]) en/of [betrokkene2] Carrillo (althans een persoon zich noemende [alias2]), behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot en/of doorreis door en/of uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland, een andere lidstaat van de Europese Unie, IJsland, Noorwegen of een staat die is toegetreden tot het op 15 november 2000 te New York tot standgekomen Protocol tegen de smokkel van migranten over land, over de zee en in de lucht, tot aanvulling van het op 15 november 2000 te New York totstandgekomen Verdrag tegen transnationale georganiseerde misdaad,

immers heeft/hebben hij, verdachte en/of zijn mededader(s),

al dan niet tegen betaling van een geldbedrag of in het vooruitzicht gestelde beloning, te weten (een) geldbedrag(en) en/of vergoeding(en) van onkosten en/of vliegticket(s),

- voornoemd(e) perso(o)n(en) ontmoet en/of opgevangen te Venezuela en/of te Aruba en/of

- (vervolgens) met voornoemde perso(o)n(en) in (een) hotel(s) (te Venezuela en/of Aruba) verbleven en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) (een) (ver)vals(t) paspoort(en) en/of vliegticket(s) verstrekt en/of

- (daarbij) voornoemd(e) perso(o)n(en) aanwijzingen en/of instructies gegeven en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) begeleid op hun reis van Venezuela naar Aruba en/of (vervolgens) op haar/hun reis van Aruba naar Amsterdam (met eindbestemming Spanje) en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) begeleid op de luchthaven Schiphol en/of

- (daarbij) voornoemd(e) perso(o)n(en) aanwijzingen en/of instructies gegeven en/of

- (vervolgens) voornoemd(e) perso(o)n(en) begeleid naar de (paspoort)controle (ter inreis Schengen gebied)

- (vervolgens) bij voornoemde (paspoort)controle de paspoorten voor voornoemd(e) perso(o)n(en) aangeboden,

terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader(s), wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden dat die toegang en/of die doorreis en/of dat verblijf wederrechtelijk was.

2.

hij op of omstreeks 08 augustus 2006 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, in het bezit was van een reisdocument, te weten een (nationaal) paspoort (van Venezuela) (voorzien van nummer 1917672) op naam gesteld van [alias1] en/of een (nationaal) paspoort (van Costa Rica) (voorzien van nummer 107440311) op naam gesteld van [alias2], waarvan hij en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat het reisdocument vals of vervalst was;

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat het openbaar ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. De vordering van de officier van justitie

- Bewezenverklaring van de tenlastegelegde feiten;

- Oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zestien maanden.

- Ten aanzien van het beslag: alle inbeslaggenomen goederen verbeurdverklaren.

4. Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan in dier voege dat

1.

hij in de periode van 01 augustus 2006 tot en met 08 augustus 2006 te Venezuela en Aruba en Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, tezamen en in vereniging met een ander, twee personen, te weten [betrokkene1] (althans een persoon zich noemende [alias1]) en [betrokkene2] Carrillo (althans een persoon zich noemende [alias2]), behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot en doorreis door Nederland en uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland,

immers heeft hij, verdachte en/of zijn mededader,

tegen betaling van een geldbedrag en/of vergoeding van onkosten en vliegticket(s),

- voornoemde personen ontmoet en/of opgevangen te Venezuela en te Aruba en

- met voornoemde personen in een hotel te Aruba verbleven en

- voornoemde personen een vervalst paspoort en/of vliegticket(s) verstrekt en

- voornoemde personen aanwijzingen en instructies gegeven en

- voornoemde personen begeleid op hun reis van Venezuela naar Aruba en vervolgens op hun reis van Aruba naar Amsterdam (met eindbestemming Spanje) en

- vervolgens voornoemde personen begeleid op de luchthaven Schiphol en

- daarbij voornoemde personen aanwijzingen en/of instructies gegeven en

- voornoemde personen begeleid naar de paspoortcontrole (ter inreis Schengen gebied) en

- vervolgens bij voornoemde paspoortcontrole de paspoorten voor voornoemde personen aangeboden,

terwijl hij, verdachte en/of zijn mededader, wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden dat die toegang wederrechtelijk was.

2.

hij op 08 augustus 2006 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, in het bezit was van een reisdocument, te weten een nationaal paspoort van Venezuela (voorzien van nummer 1917672) op naam gesteld van [alias1] en een nationaal paspoort van Costa Rica (voorzien van nummer 107440311) op naam gesteld van [alias2], waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het reisdocument vervalst was.

Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.

Hetgeen aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid van de feiten

Het bewezen verklaarde levert op:

1. Mensensmokkel, terwijl het feit in vereniging wordt begaan door meerdere personen, meermalen gepleegd.

2. Het in het bezit zijn van een reisdocument waarvan hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het vervalst is, meermalen gepleegd.

6. Strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering van sanctie(s) en van overige beslissingen

Hoofdstraf

Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, alsmede de persoon van verdachte zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

In het bijzonder heeft de rechtbank het navolgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich –kort gezegd – beziggehouden met mensensmokkel van twee Colombiaanse vrouwen. Deze vrouwen zouden verdachte en/of zijn mededader hiervoor moeten betalen. Hierdoor heeft verdachte misbruik gemaakt van de kennelijke grote wens van de vrouwen om zich in Europa (in Spanje) te vestigen, terwijl dit voor hen op legale wijze niet mogelijk was. Verdachte dan wel zijn medeverdachte hebben hiertoe een vals paspoort en andere valse documenten voor een van deze vrouwen geregeld en voor (een deel van) hun vliegtickets gezorgd. Tijdens de reis is verdachte opgetreden als begeleider van de twee vrouwen. Ook heeft hij ze verteld wat ze moesten verklaren, indien ze zouden worden aangehouden. Eenmaal aangekomen op Schiphol heeft verdachte zijn eigen paspoort en de twee vervalste paspoorten ter inreiscontrole aangeboden.

Door commerciële mensensmokkel wordt niet alleen het overheidsbeleid inzake bestrijding van illegaal verblijf in en illegale toegang tot Nederland en andere Schengenlanden doorkruist, maar wordt ook bijgedragen aan het instandhouden van een illegaal circuit van mensen, waardoor het maatschappelijk verkeer wordt of kan worden gefrustreerd en gecorrumpeerd, terwijl het beeld van de ‘echte’ asielzoeker daardoor kan worden geschaad.

Door vervalste paspoorten voorhanden te hebben, wordt bewust beoogd de controle door een staat van de identiteit van de houder van het paspoort te omzeilen en daarbij wordt tevens het vertrouwen geschonden dat moet kunnen worden gesteld in van overheidswege verstrekte identiteitsbewijzen.

Op grond van het vorenoverwogene is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd. De rechtbank wijkt daarmee af van de eis van de officier van justitie. Het bezit van de vervalste paspoorten door verdachte vormt een feitelijkheid die reeds in aanmerking is genomen bij de strafwaardigheid van het onder 1 ten laste gelegde feit. Om die reden heeft de rechtbank het onder 2 ten laste gelegde feit weliswaar bewezen verklaard, maar geen hogere straf opgelegd dan zij op grond van het onder 1 tenlastegelegde passend en geboden acht.

Verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder verdachte inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen, genoemd achter 11 tot en met 15 op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen, te weten twee KLM instapkaarten (passagiersgedeelte), een notitie en memo, formulieren betreffende een hotelreservering Abbott, een kopie van een notariële akte en een KLM instapkaart voor de route Amsterdam-Barcelona, dienen te worden verbeurd verklaard. Uit het onderzoek op de terechtzitting is gebleken dat het bewezenverklaarde feit met behulp van die aan verdachte toebehorende voorwerpen, is begaan of voorbereid.

Op grond van het vorenoverwogene is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd.

7. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

- artikelen 33, 33a, 47, 57, 197a en 231 van het Wetboek van Strafrecht.

8. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan zoals hiervoor onder 4. vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Bepaalt dat de bewezen verklaarde feiten de hierboven onder 5. vermelde strafbare feiten opleveren.

Verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden.

Bepaalt dat de tijd die verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de thans opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voorzover die tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

Verklaart verbeurd de onder verdachte inbeslaggenomen en niet teruggegeven voorwerpen, genoemd achter 11 tot en met 15 op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen, te weten:

- twee KLM instapkaarten (passagiersgedeelte),

- een notitie en memo,

- formulieren betreffende een hotelreservering Abbott,

- een kopie van een notariële akte en

- een KLM instapkaart voor de route Amsterdam-Barcelona.

9. Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. R. Kalden, voorzitter,

mrs. M.M.A. van den Boogaard en F.B. Hoogenraad, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier mr. J.A.M. Jansen,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 28 november 2006.

Mr. Hoogenraad is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.