Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ5333

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
20-12-2006
Datum publicatie
28-12-2006
Zaaknummer
321717/ CV EXPL 06-8858
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Incasso-overeenkomst. Redelijkheid en billijkheid. Vordering tot betaling van incassokosten na intrekken incasso-opdracht door gedaagde. Gedaagde voert aan dat ingevolge de tekst van overeenkomst alleen de kosten van een gerechtelijke procedure niet zijn inbegrepen. Het verweer wordt verworpen, nu onvoldoende aannemelijk is dat incasso-werkzaamheden als juridisch advies (volgens de overeenkomst kosteloos) hebben te gelden. De onduidelijke en innerlijk tegenstrijdige tekst van de overeenkomst is echter aanleiding om de betalingsverplichting van gedaagde te beperken tot de helft van de hoofdsom.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 321717/ CV EXPL 06-8858

datum uitspraak: 20 december 2006

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

de besloten vennootschap

MELLEMA & VELTKAMP INCASSO B.V.

te Beverwijk

eisende partij

hierna te noemen: Mellema & Veltkamp

gemachtigde: R.F. Mellema

tegen

[gedaagde]

h.o.d.n. [XXX] makelaar & taxateur van assurantie ondernemingen

te [woonplaats]

gedaagde partij

hierna te noemen: [gedaagde]

gemachtigde: mr. G. Werger

De procedure

Mellema & Veltkamp heeft [gedaagde] gedagvaard op 31 juli 2006. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord. De kantonrechter heeft bij tussenvonnis van 18 oktober 2006 een comparitie van partijen gelast, welke heeft plaatsgevonden op 22 november 2006 en waarbij de griffier aantekeningen heeft gemaakt van hetgeen partijen verder naar voren hebben gebracht.

De feiten

a) [gedaagde] heeft op 3 februari 2004 met Mellema & Veltkamp een overeenkomst gesloten met betrekking tot door Mellema & Veltkamp te verlenen incassodiensten.

b) De overeenkomst luidt, voor zover van belang, als volgt:

“Opdrachtgever kan door akkoord te gaan met deze overeenkomst gebruik maken van de incassofaciliteiten van Mellema & Veltkamp Incasso B.V. en Cash®. Hiermee verbindt opdrachtgever zich een jaarlijkse bijdrage te betalen van:

? € 150,00, Cash® Zegels à € 1,00 en Cash® Sommaties à € 10,00.

[…]

Opdrachtgever verkrijgt hiermee tevens het recht te vermelden, waar nodig, dat hij gebruik maakt van Cash®.

[…]

De opdrachtgever heeft met deze overeenkomst recht op kosteloos juridisch advies in verband met de te incasseren vorderingen. Hierin is niet begrepen het voeren van gerechtelijke procedures[…]

[…]

Met deze overeenkomst verklaart opdrachtgever akkoord te gaan met onze algemene voorwaarden.”

c) Artikel 4.4 van de algemene voorwaarden luidt, voor zover van belang, als volgt:

“Naast de onder 4.1, 4.2 en 4.3 opgenomen kosten, zal aan Opdrachtgever 15% incassokosten over het geïncasseerde bedrag worden berekend […]”

d) Artikel 4.5 luidt, voor zover van belang, als volgt:

“Indien Opdrachtgever een incasso-opdracht intrekt, van verdere incassobehandeling afziet […] is Opdrachtnemer gerechtigd over de ter incasso gestelde vordering de onder punt 4.4 opgenomen incassoprovisie in rekening te brengen, als ware de vordering volledig geïncasseerd.”

e) [gedaagde] heeft Mellema & Veltkamp opdracht gegeven tot het incasseren van een vordering op zijn debiteur [YYY].

f) Bij brief van 9 augustus 2005 heeft Mellema & Veltkamp [gedaagde] onder meer bericht:

“Hierbij ontvangt u (een) kopie(ën) van de sommatie(s) die wij heden hebben verzonden.

[…]

Uw opdracht is in behandeling genomen conform onze algemene voorwaarden.”

g) Bij faxbericht van 22 augustus 2005 heeft [gedaagde] onder meer het volgende aan

Mellema & Veltkamp bericht:

“Wij verzoeken u vriendelijk het bedrag van de nota te incasseren.

Indien wij kosten moeten gaan betalen voor een advocaat dan zullen wij overgaan tot sluiting van het dossier. Wij zullen dan ook niet meer gebruik maken van uw diensten. Het abonnement zal per direct worden opgezegd.”

h) Bij faxbericht van 4 oktober 2005 heeft Mellema & Veltkamp [gedaagde] meegedeeld:

“Wij zullen genoemd dossier verder in behandeling nemen en het na ontvangst van uw schriftelijk antwoord doorsturen naar onze advocaat.”

i) Bij faxbericht van 5 oktober 2005 heeft [gedaagde] daarop onder meer geantwoord:

“Wij verzoeken u het bedrag te incasseren. Zoals aangegeven willen wij niet procederen.”

j) Hierop reageert Mellema & Veltkamp nog dezelfde dag als volgt:

“Daar u niet wilt overgaan tot procederen […] zullen wij conform onze voorwaarden overgaan tot sluiting van het dossier.”

k) Bij factuur van 11 oktober 2005 heeft Mellema & Veltkamp [gedaagde] € 3.198,13 in rekening gebracht ter zake van incassokosten en leges KvK.

l) [gedaagde] heeft deze factuur ondanks aanmaning niet betaald.

m) Bij brief van 9 januari 2006 heeft de gemachtigde van [gedaagde] onder meer aan

Mellema & Veltkamp meegedeeld:

“De behandeling van de betreffende vordering heeft plaatsgevonden op basis van de tussen cliënt en uw kantoor geldende overeenkomst inzake uw product “Cash”. Uit hoofde van deze overeenkomst, in essentie een incasso abonnement, vonden uw activiteiten in deze “kosteloos” plaats. […] Bedoelde overeenkomst bepaalt dat uw werkzaamheden, met uitzondering van het voeren van procedures, kosteloos plaatsvinden.”

De vordering

Mellema & Veltkamp vordert (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 3.836,37. Mellema & Veltkamp stelt daartoe het volgende.

[gedaagde] heeft de incasso-opdracht ingetrokken. Hij is ingevolge artikel 4.5 van de algemene voorwaarden de incassoprovisie van 15% over het te incasseren bedrag van € 17.955,63, derhalve € 3.198,13 verschuldigd, vermeerderd met de wettelijke handelsrente. Deze bedraagt tot 31 juli 2006 € 188,24.

Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven heeft [gedaagde] Mellema & Veltkamp genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. Mellema & Veltkamp heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van € 450,00. Deze kosten komen ingevolge de toepasselijke voorwaarden dan wel op grond van artikel 6:96 BW voor rekening van [gedaagde].

Het verweer

[gedaagde] betwist de vordering. Hij voert daartoe onder meer het volgende aan.

Bepalend is de inhoud van de overeenkomst die [gedaagde] met Mellema & Veltkamp heeft gesloten. Die inhoud prevaleert. Volgens de tekst van de overeenkomst zijn alleen de kosten van een gerechtelijke procedure niet inbegrepen. [gedaagde] heeft afgezien van een procedure. Mellema & Veltkamp is er niet in geslaagd de incasso tot een goed einde te brengen. [gedaagde] is Mellema & Veltkamp dus niets verschuldigd.

De buitengerechtelijke kosten zijn bovendien buitensporig en staan niet in verhouding tot

de door Mellema & Veltkamp verrichte werkzaamheden.

De beoordeling van het geschil

1. [gedaagde] betwist de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden van Mellema & Veltkamp niet. Zijn verweer dat deze voorwaarden in dit geval toepassing missen,

kan geen doel treffen. Mellema & Veltkamp heeft in opdracht van [gedaagde] incassowerkzaamheden verricht. Dat deze werkzaamheden als juridisch advies hebben te gelden en derhalve kosteloos zijn, is onvoldoende aannemelijk. Daarbij is van belang dat in de opdrachtbevestiging van 9 augustus 2006 uitdrukkelijk naar de algemene voorwaarden is verwezen. Van een ondernemer als [gedaagde] mag worden verwacht dat hij zich rekenschap geeft van de voorwaarden waaronder een overeenkomst tot stand komt, en dat hij, indien hij het daarmee niet eens is, direct bij de partij die zich op de toepasselijkheid daarvan beroept, bezwaar maakt. Verder is de kantonrechter van oordeel dat het faxbericht van [gedaagde] van 5 oktober 2005 door Mellema & Veltkamp mocht worden opgevat als een intrekking van de opdracht als bedoeld in artikel 4.5 van de algemene voorwaarden. Dit betekent dat [gedaagde] in beginsel aan de gevolgen van dit beding is gehouden.

2. Daaraan dient echter het volgende te worden toegevoegd. Met [gedaagde] is de kantonrechter van oordeel dat de tekst van de overeenkomst van 3 februari 2004 bijzonder onduidelijk en verwarrend is. Met name is voorstelbaar dat [gedaagde] door (i) het ontbreken van een uitleg van het begrip “incassofaciliteiten” en (ii) de expliciete uitsluiting van gerechtelijke procedures heeft geconcludeerd, dat alle andere, daaraan normaliter voorafgaande werkzaamheden wèl in de overeenkomst zijn begrepen. Dit geldt te meer, nu die uitsluiting in feite compleet overbodig is, aangezien het voeren van procedures - naar Mellema & Veltkamp ter zitting heeft verklaard - überhaupt geheel buiten het bereik van de overeenkomst valt. De overeenkomst houdt namelijk uitsluitend in dat de opdrachtgever recht heeft op sommatieteksten, stickers, briefpapier met daarbij desgewenst juridisch advies (gezamenlijk aangeduid als Cash-faciliteiten) teneinde zelf zijn debiteur tot betaling te bewegen, aldus Mellema & Veltkamp ter zitting.

3. Deze beperkte inhoud en strekking hadden naar het oordeel van de kantonrechter duidelijk uit de overeenkomst moeten blijken, maar doen zij niet. De omstandigheid dat ten gevolge van de onduidelijke en innerlijk tegenstrijdige tekst een misverstand, verkeerde verwachting of verwarring kan ontstaan bij de contractspartner, hetgeen in dit geval bij [gedaagde] ook is gebeurd, dient voor risico van Mellema & Veltkamp te komen.

4. De verwijzing naar de algemene voorwaarden doet dat niet anders zijn, nu deze, met uitzondering van het verstrekken van juridisch advies (dat ingevolge de overeenkomst kosteloos is), geen betrekking hebben op rest van de overeenkomst (de Cash-faciliteiten).

5. Onder rechtsoverweging 1 is overwogen dat [gedaagde] in beginsel aan artikel 4.5 van de algemene voorwaarden is gebonden. Daar staat tegenover dat het aan Mellema & Veltkamp valt toe te rekenen dat [gedaagde] de overeenkomst verkeerd heeft begrepen. Hieraan wordt het gevolg verbonden dat Mellema & Veltkamp geen aanspraak kan maken op onverkorte toepassing van artikel 4.5, omdat dat naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. De betalingsverplichting van

[gedaagde] zal daarom worden beperkt tot de helft van de hoofdsom. Toegewezen wordt derhalve € 1.599,06, vermeerderd met € 94,12 aan wettelijke handelsrente.

6. De buitengerechtelijke kosten zullen worden afgewezen, nu Mellema & Veltkamp ter voldoening buiten rechte geen externe gemachtigde heeft behoeven in te schakelen.

7. De proceskosten zullen worden gecompenseerd, nu beide partijen over en weer in het (on)gelijk worden gesteld.

Beslissing

De kantonrechter:

- veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Mellema & Veltkamp van € 1.693,18, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 1.599,07 vanaf 31 juli 2006 tot aan de dag van de algehele voldoening;

- bepaalt dat iedere partij de eigen kosten draagt;

- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.P. Stolp en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.