Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ1022

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
25-10-2006
Datum publicatie
26-10-2006
Zaaknummer
310771 CV EXPL 06-4793
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Deze zaak betreft het sluiten van een overeenkomst via internet met een bedrijf dat pornografisch materieel aan haar leden verstrekt.

Na ontvangst van een nieuwsbrief in zijn mailbox vraagt gedaagde de in die nieuwsbrief genoemde gratis DVD's aan, die hij later ook ontvangt. Na ontvangst daarvan heeft hij aan de afzender, die overigens een ander was dan degene die via de nieuwsbrief de DVD's gratis aanbood, gemeld geen prijs te stellen op verdere toezending. Nu het hier ging om een gratis toezending en niet om het aanvragen van een lidmaatschap en gedaagde heeft afgezien van verdere toezending mocht eiseres er niet op vertrouwen dat een overeenkomst tot stand was gekomen. Vordering integraal afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2006, 189
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 310771 / CV EXPL 06-4793

datum uitspraak: 25 oktober 2006

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

de besloten vennootschap BER BV

te Emmen

eisende partij

hierna te noemen BER

gemachtigde In Saldo BV

tegen

[gedaagde]

te [woonplaats]

gedaagde partij

hierna te noemen [gedaagde]

procederende in persoon

De procedure

BER heeft [gedaagde] gedagvaard op 4 mei 2006. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.

Nadat de kantonrechter had beslist dat de zaak zich niet leent voor een comparitie van partijen na antwoord, heeft BER schriftelijk op het antwoord gereageerd, waarna [gedaagde] nog een schriftelijke reactie heeft gegeven.

Vonnis is nader bepaald op heden.

De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende betwist en/of op grond van de onweerspro-ken inhoud van de overgelegde producties, staat tussen partij-en het volgende vast:

a. BER exploiteert diverse erotische websites, die de mogelijkheid bieden tot het afsluiten van diverse abonnementen.

b. BER doet onder andere zaken onder de handelsnaam en website www.butterfly.nl.

c. Eind december 2003 heeft [gedaagde] per e-mail een nieuwsbrief van www.kiosk.nl ontvangen met daarin een aanvraagformulier voor 4 gratis DVD’s. De advertentie vermeldde: “Echt gratis….zonder verdere verplichtingen”. [gedaagde] heeft dit aanvraagformulier ingevuld en verstuurd.

d. BER heeft [gedaagde] daarop een brief gestuurd met een code om te bevestigen dat hij de DVD’s zelf wilde aanvragen. Op 2 januari 2004 heeft [gedaagde] zijn aanvraag op de website www.butterfly.nl bevestigd.

e. [gedaagde] heeft snel daarna een postpakket met de 4 DVD’s ontvangen. Op het postpakket stond LIS BV als afzender vermeld.

f. [gedaagde] heeft direct na ontvangst van het pakket een brief naar op het postpakket vermelde adres gestuurd met de mededeling, dat hij verder geen post wenste te ontvangen.

g. Enkele maanden later ontving [gedaagde] een nieuw DVD-pakket.

h. Weer enige weken later ontving [gedaagde] een betalingsherinnering van BER.

i. [gedaagde] heeft daarna geen verdere pakketten van BER ontvangen.

j. Vanaf 4 februari 2005 ontving [gedaagde] van BER verdere betalingsherinneringen en aanmaningen.

De vordering

BER vordert (samengevat) veroordeling van [gedaagde] tot betaling van €1.196,84, te vermeerderen de rente over € 989,40 vanaf 15 februari 2006 tot aan de dag der algehele voldoening en met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van het geding.

BER stelt daartoe (samengevat) het volgende. [gedaagde] is met BER via internet een abonnement voor erotische DVD’s aangegaan. De hoofdsom voortvloeiende uit de overeenkomst bedraagt €989,40. Door met betaling in gebreke te blijven is BER genoodzaakt geweest de vordering ter incasso uit handen te geven. De kosten daarvoor bedragen €125,00 en dienen als vermogensschade door [gedaagde] aan BER vergoed te worden. Tevens is [gedaagde] ex art. 6:119a BW wettelijke rente aan BER verschuldigd. Deze wettelijke rente bedraagt tot aan 16 februari 2006 €82,44.

Het verweer

[gedaagde] betwist de vordering. Hij voert daartoe (samengevat) onder meer het volgende aan.

[gedaagde] heeft alleen een gratis DVD-pakket aangevraagd en is nooit een overeenkomst met BER aangegaan, noch heeft hij deze willen aangaan.

De beoordeling van het geschil

De centrale vraag is of tussen partijen een overeenkomst is gesloten. De kantonrechter overweegt dat een overeenkomst tot stand komt door aanbod en aanvaarding. De aanvaarding van een overeenkomst is een rechtshandeling en vereist daarmee een op het totstandkomen van de overeenkomst gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard.

[gedaagde] heeft niet gemotiveerd weersproken gesteld dat hij onmiddellijk na ontvangst van het eerste DVD-pakket schriftelijk aan de afzender van het pakket heeft laten weten geen verdere poststukken te willen ontvangen. De kantonrechter neemt daarom als vaststaand aan dat [gedaagde] niet de wil heeft gehad een abonnement met BER aan te gaan.

Op grond van art 3:35 BW kan [gedaagde] echter geen beroep doen op het ontbreken van zijn op het aangaan van de overeenkomst gerichte wil, indien BER er gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat hij de wil had deze overeenkomst aan te gaan. [gedaagde] heeft niet voldoende gemotiveerd weersproken gesteld dat hij de DVD’s in eerste instantie heeft aangevraagd met een aanvraagformulier gevoegd bij een advertentie waarin stond vermeld dat de DVD’s gratis en zonder verdere verplichtingen werden aangeboden. [gedaagde] heeft verder niet gemotiveerd weersproken gesteld, dat hij de code die hij op www.butterfly.nl moest invoeren, opgestuurd heeft gekregen met de mededeling dat de code diende om te bevestigen dat hij de DVD’s daadwerkelijk zelf wilde aanvragen. De kantonrechter overweegt dat onder deze omstandigheden, waarin BER in een advertentie specifiek heeft vermeld dat de DVD’s gratis zonder verdere verplichtingen konden worden aangevraagd en vervolgens een code aan de aanvrager toestuurt met de specifieke mededeling dat deze dient om de identiteit van de aanvrager te verifiëren - en dus niet om te bevestigen dat aanvrager een overeenkomst wil aangaan - BER er niet gerechtvaardigd op heeft mogen en kunnen vertrouwen dat [gedaagde] met het invoeren van de code de wil had een betaald abonnement aan te gaan.

Gezien het voorgaande is er naar het oordeel van de kantonrechter tussen partijen geen overeenkomst tot stand gekomen, waardoor de vordering haar grondslag ontbeert en integraal zal worden afgewezen.

Hetgeen partijen in de procedure verder naar voren hebben gebracht behoeft geen verdere bespreking meer, omdat het gezien het voorgaande niet tot een ander oordeel kan leiden.

BER zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld, aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.

Beslissing

De kantonrechter:

- wijst de vordering af.

- veroordeelt BER in de kosten van de procedure, welke aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.