Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2006:AY3527

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
05-07-2006
Datum publicatie
10-07-2006
Zaaknummer
303008 CV EXPL 06-2123
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Twee lease overeenkomsten voor Jaguars voor bedrijfsmatig gebruik. Eiseres vordert in conventie contractuele schadevergoeding wegens tussentijdse opzegging door gedaagde. Gedaagde beroept zich op tekortkomingen door eiseres en vordert in reconventie ontbinding. In conventie is tussentijdse opzegging komen vast te staan. Onderhandelingen over de contractuele afkoopsom afgebroken. Eiseres heeft conservatoir beslaggelegd dat door kantonrechter niet als onrechtmatige eenzijdige afbreking van de onderhandelingen kan worden beschouwd gelet op de verklaringen van gedaagde dat zij niet meer in staat was aan haar financiële verplichtingen jegens eiseres te voldoen. Beroep op matiging van de afkoopsom afgewezen. Met betrekking tot de gestelde tekortkomingen is niet gebleken van deugdelijke ingebrekestelling. Reconventionele vordering geheel afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 303008 CV EXPL 06-2123

datum uitspraak: 5 juli 2006

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Lease Connection B.V.

te Gouda

eisende partij in conventie

verwerende partij in reconventie

hierna te noemen Lease Connection

gemachtigde mr. G.C. Blom

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Optic Europe B.V.

te Nieuw Vennep, gemeente Haarlemmermeer

gedaagde partij in conventie

eisende partij in reconventie

hierna te noemen Optic

gemachtigde mr. W. Schellart

In conventie en in reconventie

De procedure

Voor de loop van het geding verwijst de kantonrechter naar de volgende stuk-ken, waarvan de inhoud als hier ingevoegd is te beschouwen:

- de dagvaarding van 15 februari 2006, met producties,

- de conclusie van antwoord in conventie, tevens conclusie van eis in reconventie, met producties,

- het door de kantonrechter tussen partijen gewe-zen en op 12 april 2006 uitgesproken tussenvonnis en de daar-in ge-noemde stukken,

- de conclusie van antwoord in reconventie, met producties,

- de aantekeningen van de griffier van de ingevolge het vonnis van 12 april 2006 op 2 juni 2006 gehouden comparitie van partijen, bij welke gelegenheid Optic haar vordering in reconventie heeft vermeerderd en Lease Connection zich het recht heeft voorbehouden om op die vermeerdering nog te reageren.

De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende betwist en/of op grond van de onweerspro-ken inhoud van de overgelegde producties, staat tussen partij-en het volgende vast:

a. Lease Connection exploiteert een leasemaatschappij en houdt zich tevens bezig met in- en verkoop van voertuigen.

b. Op 10 maart 2004 hebben partijen twee leaseovereenkomsten gesloten met betrekking tot twee personen auto's van het merk Jaguar, welke auto’s werden geleverd door Autocentrum Beelen. In beide overeenkomsten werd een looptijd van 36 maanden vastgelegd.

c. Op deze overeenkomsten tussen partijen zijn de voorwaarden van toepassing zoals vermeld in de “Mantelovereenkomst voor het operationeel leasen van auto's” (hierna: de Mantelovereenkomst).

d. Van die Mantelovereenkomst maken de volgende bepalingen deel uit:

artikel 9 lid 4:

“Indien de auto eerder wordt ingeleverd dan bij het aangaan van de orderbevestiging voorzien, is Lease Connection gerechtigd een herberekening van de leaseprijs te maken, gebaseerd op het aantal maanden, gedurende welke Huurder de auto ter beschikking heeft gehad en het aantal gereden kilometers. Het krachtens die herberekening door Huurder verschuldigde zal door deze binnen een week na factuurdatum worden voldaan.”

artikel 11 lid 6:

“Indien de auto defect raakt is Lease Connection niet aansprakelijk voor enige gevolg- en/of bedrijfsschade, veroorzaakt door of middels de auto, welke wordt geleden door Huurder of derden.”

Artikel 12:

“Indien de kosten voor vervangend vervoer in de leaseprijs zijn opgenomen, gelden de volgende bepalingen:

1. Wanneer een reparatie in Nederland van een personenauto of bestelauto meer dan 1 werkdag in beslag zal nemen, zal Lease Connection Huurder voor de duur van de reparatie desgewenst een andere (…) auto ter beschikking stellen (…).

(…)

3. Het is Huurder zonder voorafgaande toestemming van Lease Connection niet toegestaan zelf een auto te huren ter vervanging van de lease-auto.

(…)”

artikel 15 lid 1:

“(…)

Bij tussentijdse beëindiging waarbij de oorzaak te wijten valt aan één of meerdere van de in artikel 15.1 a t/m h genoemde redenen en/of op verzoek van Huurder, zal de vergoeding bestaan uit het verschil tussen boekwaarde en de handelswaarde, rentederving, winstderving, derving administratiekosten, managementfee en andere inkomsten. Voorts is Huurder verplicht aan Lease Connection te vergoeden, alle door Lease Connection terzake van de onder 15.1 a t/m h bedoelde beëindiging gemaakte kosten.”

artikel 15 lid 2:

“Ingeval een onder deze Mantelovereenkomst tot stand gekomen leasecontact anders dan door rechtswege en op verzoek van Huurder op grond van Huurder moverende redenen wordt beëindigd, zal Huurder de kosten die hieruit voortvloeien, zoals omschreven in artikel 15 aan Lease Connection vergoeden.

(…)”

e. Bij e-mail bericht van 21 december 2005 heeft Remco Karstenberg (hierna: Karstenberg) namens Optic het volgende aan Lease Connection medegedeeld:

“Per 1 januari zullen de betalingen van de leasetermijnen worden gestopt. Momenteel probeer ik tot een afronding te komen van de schuldsanering. Door de leasecontracten te beëindigen, ontstaat er een boekverlies. Ik heb voorgesteld om dit verlies met de drie betrokken partijen te delen. Frank Beelen heeft aangegeven dat hij zich uitsluitend zal inzetten om de auto's nog voor enkele maanden te verleasen en de skoda te verkopen.

Momenteel kan Optic Europe niet meer bijdragen aan de afkoop dan de skoda en Euro 5.000 ter beschikking te stellen.

(…)”

f. Bij e-mail bericht van 28 december 2005 heeft Karstenberg namens Optic het volgende aan Lease Connection medegedeeld:

“Naar aanleiding van ons gesprek van hedenmorgen het volgende. Zoals al eerder gesteld is Optic Europe niet meer in de gelegenheid om aan zijn leaseverplichtingen te voldoen. Hedenochtend hebben we besproken hoe we hierin verder zouden moeten gaan.

(...)

Mijns inziens ontbreekt het deze feiten niet aan duidelijkheid. Mocht u nog meer informatie (...) wensen, verneem ik dat graag. De Skoda en de beste Jaguar staat ter verkoop/ter verleasing reeds momenteel bij Beelen Autocentrum.

Door de zogenaamde maandleveringen zijn er op dit moment voldoende middelen om een bod te doen van Euro 7.500, naast de verkoopopbrengst van de Skoda.

(…)”

g. Eveneens op 28 december 2006 heeft Optic de Jaguar met het kenteken 56-PG-SP met de daarbij behorende papieren en sleutels bij Autocentrum Beelen ingeleverd.

h. Vervolgens heeft Karstenberg bij e-mailbericht van 4 januari 2006 het volgende aan Lease Connection bericht:

“Zoals eerder aangekondigd zal Optic Europe vanaf 1 januari niet meer in de gelegenheid zijn om de leasetermijnen te voldoen. Daarom zal de andere Jaguar ook ter verkoop/verleasing voor het eind van deze week bij Autocentrum Beelen worden aangeboden.”

i. De factuur van 1 januari 2006 ten bedrage van €3.113,73 voor de leasetermijnen van januari 2006 voor de beide auto's is door Optic onbetaald gelaten.

j. Bij faxbericht van 10 januari 2006 heeft Lease Connection aan Optic meegedeeld dat de afkoopwaarde van de Jaguar met het kenteken 55-PG-SP (boekwaarde van €32.675,00 – bieding €17.500,00 =) €15.175,00 bedroeg en dat de afkoopwaarde van de Jaguar met het kenteken 56-PG-SP (boekwaarde €32.675,00 – bieding €20.000,00 =) €12.575,00 bedroeg.

k. Wegens voortijdige beëindigingskosten heeft Lease Connection bij factuur van 18 januari 2006 voor de beide auto's in totaal €27.850,00 aan Optic in rekening gebracht.

l. Met de facturen van 18 januari 2006 en 31 januari 2006 heeft Lease Connection 2 x €652,88 en 1x €256,20 aan Optic gecrediteerd.

m. Met de factuur van 31 januari 2006 heeft Lease Connection €1.408,09 wegens kilometer afrekening aan Optic in rekening gebracht.

n. De Jaguar met het kenteken 56-PG-SP is inmiddels verkocht voor €20.000,00.

In conventie

De vordering

Lease Connection vordert dat de kantonrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad Optic zal veroordelen, om aan Lease Connection tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen:

- €30.809,86, te vermeerderen met de contractuele rente ad 1,5 procent per maand, te rekenen vanaf 14 dagen na de respectievelijke factuurdatum;

- de buitengerechtelijke incassokosten, zijnde een bedrag van €1.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding;

- de kosten van het geding, daaronder begrepen het salaris van de gemachtigde van Lease Connection en de kosten van de gelegde beslagen.

Lease Connection heeft het volgende aan haar vordering ten grond-slag gelegd:

Optic heeft de leasecontracten tussentijds beëindigd.

Optic weigert haar betalingsverplichtingen na te komen. Zij heeft aan Lease Connection te kennen gegeven de openstaande bedragen niet te zullen betalen. De bedragen terzake van de afkoop van de leaseovereenkomsten zijn berekend op basis van artikel 15 van de algemene voorwaarden.

Lease Connection heeft opeisbaar te vorderen een hoofdsom van € 30.809,86.

Ondanks herhaalde aanmaningen heeft Optic de verschuldigde bedragen niet aan Lease Connection voldaan. Optic komt hiermee toerekenbaar tekort in de nakoming van de leaseovereenkomsten en verkeert in verzuim. Inmiddels zijn de leaseovereenkomsten beëindigd, uit hoofde waarvan Optic beëindigingskosten verschuldigd is.

De boekwaarde van beide auto's was ten tijde van de beëindiging €32.675,00 per auto. De handelswaarde van de auto’s was op dat moment €17.500,00 voor de auto met kenteken

55-PG-SP en €20.000,00 voor de auto met kenteken 56-PG-SP.

Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven, heeft Optic Lease Connection genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. Lease Connection heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van €1.200,00. Optic dient deze kosten ingevolge de algemene betalingsvoorwaarden aan Lease Connection te voldoen.

Voorts is Optic de contractuele rente verschuldigd geworden. Deze bedraagt 1,5% per maand.

Lease Connection heeft haar verhaalsmogelijkheden verzekerd door het leggen van conservatoir (derden) beslag onder Optic en haar bank. Lease Connection vordert vergoeding van de kosten die samenhangen met het leggen van het conservatoire beslag.

Het verweer

Optic heeft de vordering gemotiveerd weersproken. Op het verweer zal, voor zover relevant, bij de beoordeling van het geschil nader worden ingegaan.

In reconventie

De vordering

Optic vordert dat de kantonrechter bij vonnis zo mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

I. Voor recht zal verklaren dat de leaseovereenkomsten van 10 maart 2004 op 25 januari 2006 zijn ontbonden, althans de overeenkomsten tussen partijen zal ontbinden met ingang van een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen datum;

II. Lease Connection zal veroordelen tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Optic als gevolg van ontbinding van de leaseovereenkomsten uit hoofde van haar ongedaanmakingsverbintenis te voldoen € 48.673,45, althans zodanig bedrag als de kantonrechter in goede justitie vermeent behoren, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf het moment dat Lease Connection met haar betalingsverplichtingen in verzuim is komen te verkeren tot aan de dag van algehele voldoening;

III. Lease Connection zal veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Optic op grond van artikel 6:74 BW dan wel 6:277 BW te voldoen €20.529,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 25 januari 2006, althans vanaf 12 april 2006, tot aan de dag van algehele voldoening;

IV. artikel 11 lid zes van de algemene voorwaarden op grond van artikel 6:233 BW zal vernietigen;

V. Lease Connection zal veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Optic op grond van artikel 6:74 BW dan wel 6:277 BW te voldoen €1.652,32, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 25 januari 2006, althans vanaf 12 april 2006, tot aan de dag van algehele voldoening;

VI. Lease Connection zal veroordelen om tegen behoorlijk bewijs van kwijting Optic op grond van artikel 6:96 BW te voldoen €2.116,34, althans zodanig bedrag als de kantonrechter in goede justitie vermeent behoren;

één en ander met veroordeling van Lease Connection in de proceskosten.

Optic heeft het volgende aan haar vordering ten grond-slag gelegd:

Vanaf het moment dat de auto's geleverd zijn, functioneerden deze niet naar behoren als gevolg van meerdere, aanzienlijke gebreken.

Telkens wanneer zich weer een probleem voordeed, heeft Optic zich gewend tot de leverancier. Deze voerde reparaties uit en verzorgde het vervangende vervoer. De leverancier heeft alle rekeningen op grond van de overeenkomst aan Lease Connection gestuurd, die deze aan de leverancier heeft voldaan.

Optic heeft vanwege de gebreken aan de auto's uitdrukkelijk haar betalingsverplichting opge-schort en zich tot Lease Connection gewend om een tussentijdse beëindiging van de overeen-komsten te bespreken.

Optic was eind december 2005 in minder economisch vaarwater terechtgekomen. Zij heeft zich vervolgens tot Lease Connection gewend om een tussentijdse beëindiging van de contracten te bespreken. Ter voorkoming van verdere schade heeft Optic op 28 december 2005 de auto's naar de leverancier gebracht. Vervolgens zijn partijen in onderhandeling getreden over de voor-waarden van tussentijdse beëindiging.

Tijdens die onderhandelingen heeft Lease Connection deze plotseling afgebroken door op 18 januari 2006 conservatoir beslag te leggen op roerende zaken van Optic en op haar bankrekening.

Lease Connection heeft de overeenkomsten eenzijdig onrechtmatig beëindigd.

Lease Connection handelt in strijd met de redelijkheid en billijkheid door beëindigingskosten te vorderen, terwijl zij zelf aanzienlijk tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen. De strijd met de redelijkheid en billijkheid geldt des te meer, aangezien Optic zich niet van de strekking van het onderhavige beding bewust is geweest.

Overigens betwijfelt Optic de redelijkheid van de hoogte van het gevorderde bedrag. Een van de auto's is inmiddels voor dezelfde leaseprijs als Optic betaalde ter lease aangeboden. De andere auto staat voor €23.480,00 te koop.

Indien Optic wel tussentijdse beëindigingskosten verschuldigd is, verzoekt zij de kantonrechter de begroting van de nog niet ingetreden schade uit te stellen, aangezien de totale omvang van de gestelde schade nog onzeker is.

Lease Connection verkeert op grond van artikel 6:59 BW in verzuim. Lease Connection is ook op grond van artikel 6:83 sub c BW in verzuim komen te verkeren.

Op grond van artikel 6:265 BW is Optic gerechtigd de overeenkomst (buitengerechtelijk) te ontbinden.

Vanwege de tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst door Lease Connection en de ontbinding die daarvan het gevolg is geweest, heeft Optic schade geleden.

Op grond van artikel 6:74 BW dan wel 6:277 lid 1 BW is Lease Connection verplicht de schade te vergoeden.

Vanwege een gebrek aan een van de auto's was Optic niet tijdig op een belangrijke commerciële afspraak aanwezig. Zij heeft daardoor een winst gederfd ten bedrage van

€20.529,00.

Bovendien heeft Optic diverse malen zelf voor vervangend vervoer moeten zorgen, waarvan de kosten door Lease Connection niet zijn vergoed. Uit dien hoofde heeft Optic €1.652,32 te vorderen van Lease Connection.

Optic is genoodzaakt geweest zich te wenden tot een raadsman, waarvoor zij extra kosten heeft moeten maken. Tot het indienen van de eis in reconventie belopen die kosten een bedrag van €2.116,34.

Voorts vordert Optic over het bedrag aan schadevergoeding op grond van artikel 6:119a BW de wettelijke handelsrente vanaf het moment dat Optic de overeenkomst heeft ontbonden.

Op grond van artikel 6:27 BW ontstaat als gevolg van de ontbinding voor partijen een verbintenis tot ongedaan maken van de reeds door hen ontvangen prestaties.

Optic vordert derhalve terugbetaling van het uit hoofde van de ontbonden overeenkomsten in totaal aan Lease Connection voldane bedrag van € 48.673,45.

De beide auto's zijn van Optic van nul of generlei waarde geweest zodat de vergoeding die Optic op grond van artikel 6:272 lid 2 BW aan Lease Connection zou moeten betalen nihil is.

De in artikel 11 lid zes van de algemene voorwaarden opgenomen exoneratieclausule is voor Optic onredelijk bezwarend zodat deze op grond van artikel 6:233 BW moet worden vernietigd.

Het verweer

Lease Connection heeft de vordering gemotiveerd weersproken. Op het verweer zal, voor zover relevant, bij de beoordeling van het geschil nader worden ingegaan.

De beoordeling van het geschil

In conventie

Met betrekking tot de stelling van Lease Connection dat Optic heeft besloten de leaseovereenkomsten voor het einde van de looptijd te beëindigen overweegt de kantonrechter het volgende.

De kantonrechter verwerpt het verweer van Optic tegen deze stelling. Gelet op de inhoud van de onder de vaststaande feiten onder e., f. en h. vermelde e-mailberichten en op het feit dat Optic de beide auto's bij de leverancier heeft ingeleverd, heeft Optic bij Lease Connection het gerechtvaardigde vertrouwen gewekt dat zij de overeenkomsten tussentijds wenste te beëindigen. Het verweer van Optic dat zij de auto's heeft teruggebracht om haar opties te onderzoeken brengt in het oordeel geen verandering, omdat zij immers de intentie had de overeenkomsten tussentijds te beëindigen. Dit blijkt niet alleen uit haar eigen stelling dat zij in onderhandeling was met Lease Connection, maar ook uit de mededeling ter comparitie namens Optic gedaan dat Optic al in september 2005 is gaan onderhandelen over het eerder beëindigen van de overeenkomsten.

Eén en ander geldt te meer omdat onvoldoende gebleken is dat Optic voorafgaande aan of in de genoemde e-mailberichten Lease Connection op de hoogte heeft gebracht van de beweerdelijke gebreken aan de beide auto’s. Lease Connection behoefde er dus niet op bedacht te zijn dat de beëindiging van de overeenkomsten door Optic haar oorzaak vond in gebreken aan de auto’s. In de e-mailberichten is immers slechts sprake van financiële onmogelijkheid.

Het vorenstaande leidt de kantonrechter tot de conclusie dat Lease Connection uit de verklaringen en gedragin-gen van Optic, overeen-komstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwij-ze mocht toekennen, heeft begrepen en ook kon begrijpen dat Optic de beide overeenkomsten tussentijds beëindigde.

Daarbij komt dat de onderhandelingen waar Optic op doelt niet gingen over de opzegging maar louter betrekking hadden op de hoogte van de afkoopsom.

Er moet daarom van worden uitgegaan dat Optic de beide overeenkomsten tussentijds heeft opgezegd per 1 januari 2006.

Van een onrechtmatige beëindiging van de overeenkomsten door Lease Connection, zoals door Optic ook is betoogd, is derhalve geen sprake. Ook niet omdat Lease Connection opeens de onderhandelingen zou hebben afgebroken door het leggen van conservatoir beslag. De kantonrechter is wat dat betreft van oordeel dat Lease Connection, gelet op de inhoud van de eerder genoemde e-mail berichten goede gronden had om tot beslaglegging over te gaan ter zekerstelling van haar vordering. Optic had immers te kennen geven niet tot betaling te kunnen en zullen overgaan.

Het bovenstaande brengt evenwel met zich dat Lease Connection geen aanspraak meer kan maken op de termijnbetalingen voor de maand januari 2006. Om die reden zal het in de vordering begrepen bedrag van €3.113,73 worden afgewezen.

Tegen de factuur waarbij €27.850,00 aan Optic in rekening is gebracht wegens afkoop van de leaseovereenkomsten heeft Optic aangevoerd dat het beroep van Lease Connection op artikel 15 van de Mantelovereenkomst niet opgaat, omdat toepassing van dat artikel in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (artikel 6:2 lid 2 BW).

Ook indien moeten worden aangenomen dat Optic zich niet bewust is geweest van de strekking van artikel 15 uit de Mantelovereenkomst is de kantonrechter van oordeel dat haar dat niet kan baten. Het is immers een gebruikelijk artikel in leaseovereenkomsten. Nu Optic de leaseovereenkomsten zonder enig voorbehoud ten aanzien van dit onderdeel van de overeenkomsten heeft ondertekend is zij daaraan gebonden.

Met betrekking tot de gestelde gebreken aan de auto´s is gebleken dat Optic daarvan geen melding aan Lease Connection heeft gedaan. Zij beroept zich erop dat de gebreken bekend waren bij Autocentrum Beelen en dat, omdat de leasecontracten ook via deze leverancier tot stand zijn gekomen, Lease Connection geacht moet worden op de hoogte zijn geweest van de gebreken, mede gelet op het feit dat zij de door Autocentrum Beelen ingediende reparatienota's heeft voldaan. Lease Connection heeft evenwel onweersproken gesteld dat zij van Autocentrum Beelen geen nota’s ontvangt indien sprake is van reparaties die onder de garantie vallen. De kantonrechter verwerpt daarom het betoog van Optic op dit punt. Door Optic zijn immers geen stukken in het geding gebracht waaruit blijkt dat Lease Connection reparaties aan de auto's na facturering door Autocentrum Beelen heeft betaald. Voorts heeft Optic wel gesteld dat de auto's gebreken vertonen en een gevaar waren voor de verkeersveiligheid, maar zij heeft daarvan onvoldoende bewijsstukken in het geding gebracht en haar stelling ook niet voldoende aannemelijk gemaakt. Bij dit oordeel speelt mede een rol dat het gaat om twee nieuwe Jaguars en dat ter comparitie namens Optic is verklaard dat de gebreken zich met name bij een van de auto's hebben voorgedaan. Onder deze omstandigheden kan niet gezegd worden dat het naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn Optic gebonden te achten aan het bepaalde bij artikel 15 van de Mantelovereenkomst.

Ten aanzien van de gevorderde bedragen wegens de afkoop van de leaseovereenkomsten, in totaal €27.850,00, overweegt de kantonrechter het volgende.

Voor het geval Optic wel tussentijdse beëindigingskosten verschuldigd is, verzoekt zij de kantonrechter de begroting van de nog niet ingetreden schade uit te stellen, aangezien de totale omvang van de gestelde schade nog onzeker is.

De kantonrechter acht voor uitstel van de schadebegroting geen grondslag aanwezig. De regeling van artikel 15 uit de Mantelovereenkomst strekt er nu juist toe dat discussie over de hoogte van de schade bij voorbaat (zo veel mogelijk) wordt uitgesloten. Daartoe hebben partijen de Mantelovereenkomst gesloten en Optic is daaraan gebonden.

Optic heeft de door Lease Connection gestelde boekwaarde van de beide auto’s onvoldoende gemotiveerd weersproken. Voorts is gebleken dat de Jaguar met het kenteken 56-PG-SP voor exact de genoemde bieding van €20.000,00 is verkocht.

De kantonrechter gaat er daarom vanuit dat de door Lease Connection als uitgangspunt genomen biedingen juist zijn, nu daartegenover door Optic onvoldoende concrete feiten zijn gesteld waarom dat niet zo zou zijn. Het enkele feit dat de tweede Jaguar ter lease wordt aangeboden voor dezelfde prijs als die welke Optic betaalde, betekent nog niet dat deze auto bij verkoop meer dan de bieding van €17.500,00 zal opbrengen.

Gelet op het vorenstaande komt het bedrag van €27.850,00 voor toewijzing in aanmerking. Voor matiging is geen plaats, omdat, zoals reeds is overwogen, partijen bij de Mantelovereenkomst nu juist deze methode van schaderegeling hebben afgesproken.

Lease Connection heeft met de factuur van 31 januari 2006 €1.408,09 wegens kilometer afrekening aan Optic in rekening gebracht. Optic heeft aangevoerd dat zij de overeenkomst heeft ontbonden en dat deze factuur na ontbinding is verstuurd. Dat betoog kan geen stand houden. Zoals uit het vorenstaande blijkt heeft Optic de overeenkomst zelf tussentijds beëindigd. Op grond van de overeenkomst dient er dan nog een kilometerafrekening plaats te vinden. De hoogte van het gevorderde bedrag is niet weersproken. Daarom zal ook het bedrag van €1.408,09 worden toegewezen.

Op grond van het vorenstaande worden van de gevorderde hoofdsom de volgende bedragen toegewezen:

factuur van 18 januari 2006 €27.850,00

factuur van 31 januari 2006 € 1.408,09

verminderd met de creditnota’s

factuur van 18 januari 2006 € 652,88

factuur van 18 januari 2006 € 652,88

factuur van 31 januari 2006 € 256,20

€1.561,96 -€ 1.561,96

per saldo derhalve €27.696,13

Op grond van de toepasselijke voorwaarden is Optic voorts de daarover gevorderde contractuele rente verschuldigd, alsmede in beginsel de buitengerechtelijke incassokosten. Er is evenwel onvoldoende gebleken waaruit die buitengerechtelijke incassowerkzaamheden hebben bestaan. Lease Connection is immers reeds in een vroeg stadium overgegaan tot beslaglegging. De kosten van die beslaglegging vallen onder de te liquideren kosten zoals gevorderd. Na de beslaglegging is Lease Connection overgegaan tot dagvaarding van Optic. Welke kosten door Lease Connection zijn gemaakt buiten de beslaglegging om is derhalve niet, althans onvoldoende, gebleken. Daarom zal de vordering strekkende tot vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen.

Optic zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten, waaronder begrepen de kosten van het conservatoire beslag, worden veroordeeld.

In reconventie

Voor zover deze vordering is gebaseerd op de stelling dat Optic de beide overeenkomsten op 26 januari 2006 heeft ontbonden, althans dat deze overeenkomsten moeten worden ontbonden, moet de vordering stranden. In conventie is immers komen vast te staan dat Optic de overeenkomsten zelf tussentijds heeft beëindigd per 1 januari 2006. Gesteld noch gebleken is dat Optic haar opzegging heeft ingetrokken om vervolgens tot ontbinding te kunnen overgaan.

Optic heeft ook betaling gevorderd van €1.652,32 ter zake van een factuur wegens vervangend vervoer.

Lease Connection heeft daartegen aangevoerd dat zij op grond van de Mantelovereenkomst in het buitenland geen vervangend vervoer behoeft te regelen, dat zij dit uitsluitend in zeer uitzonderlijke gevallen doet na daarvoor vooraf expliciet schriftelijk toestemming te hebben geven en dat de reparatie door Autohaus Huying zonder de vereiste toestemming van Lease Connection is uitgevoerd.

Gelet op het bepaalde bij artikel 12 van de Mantelovereenkomst slaagt dit verweer, nu gesteld noch gebleken is dat Optic toestemming voor dat vervangende vervoer in Duitsland heeft gevraagd en gekregen van Lease Connection.

De vordering tot vergoeding van gevolgschade door tekortkomingen van Lease Connection moet reeds worden afgewezen omdat gebleken is dat Optic Lease Connection niet in gebreke heeft gesteld ten aanzien van de verplichting van Lease Connection om deugdelijke auto’s ter beschikking te stellen.

Nu de daarop betrekking hebbende vordering van Optic reeds op die grond moet worden afgewezen, komt de kantonrechter niet toe aan verdere bespreking van de exoneratieclausule van artikel 11 van de Mantelovereenkomst en bestaat geen noodzaak Lease Connection in de gelegenheid te stellen zich nog uit te laten over de daarop betrekking hebbende vermeerdering van eis van Optic.

Op grond van het vorenstaande wordt de vordering van Optic afgewezen, met veroordeling van Optic, als de in het ongelijk gestelde partij, in de proceskosten.

Beslissing

De kantonrechter:

In conventie:

Veroordeelt Optic om tegen behoorlijk bewijs van kwij-ting aan Lease Connection te betalen €27.696,13, te ver-meerderen met de contractuele rente ad 1,5% per maand berekend vanaf 14 dagen na de respectievelijke factuurdata tot aan de dag der alge-hele voldoening.

Veroordeelt Optic in de kosten van deze procedure, waaronder begrepen de kosten van het conservatoire beslag, tot op deze uitspraak aan de zijde van Lease Connection begroot op €583,32 aan verschotten en €1.200,00 aan salaris voor de gemachtigde.

Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voor-raad.

Wijst af het meer of anders gevorderde.

In reconventie:

Wijst de vordering af.

Veroordeelt Optic in de kosten van deze procedure, tot op deze uitspraak aan de zijde van Lease Connection begroot op €600,00 aan salaris voor de gemachtigde.

Dit vonnis is gewezen door mr. F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.