Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2006:AX9294

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
21-06-2006
Datum publicatie
26-06-2006
Zaaknummer
305098 CV EXPL 06-2771
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Consumentenkoop, non-conformiteit.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM

Sector kanton

Locatie Haarlem

zaak/rolnr.: 305098 CV EXPL 06-2771

datum uitspraak: 21 juni 2006

VONNIS VAN DE KANTONRECHTER

inzake

[eiser]

h.o.d.n. [eiser]

te [woonplaats]

eisende partij

hierna te noemen [eiser]

gemachtigde Baldinger Gerechtsdeurwaarders

tegen

1. [gedaagde]

2. [gedaagde]

beiden te [woonplaats]

gedaagde partijen

hierna te noemen [gedaagden]

verschenen in persoon

De procedure

Voor de loop van het geding verwijst de kantonrechter naar de volgende stuk-ken, waarvan de inhoud als hier ingevoegd is te beschouwen:

- de dagvaarding van 13 maart 2006, met producties,

- de conclusie van antwoord, met producties,

- het door de kantonrechter tussen partijen gewe-zen en op 3 mei 2006 uitgesproken tussenvonnis,

- de aantekeningen van de griffier van de ingevolge dat vonnis op 23 mei 2006 gehouden comparitie van partijen.

De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende betwist en/of op grond van de onweerspro-ken inhoud van de overgelegde producties, staat tussen partij-en het volgende vast:

a. In of omstreeks februari 2005 hebben [gedaagden] bij [eiser] besteld 27 m² Vietnamese hardsteen voor de prijs van €1.350,00.

b. [eiser] heeft een partij hardsteen betrokken bij King-Stones B.V. (hierna: King-Stones) en aan [gedaagden] geleverd, waarna [gedaagden] de stenen door [naam hoveniersbedrijf] hebben laten leggen.

c. Bij brief van 4 april 2005 hebben [gedaagden] het volgende aan [eiser] geschreven:

“(…)

Wij herkennen dat de goederen geleverd zijn (begin februari) en dat we daarvoor een afgesproken prijs hadden van 1350€ (btw inbegrepen).

(…)

Wij hadden wel afgesproken dat de waaltjes van het merk Michel Oprey zouden zijn. De geleverde waaltjes zijn van het merk “Royal Stones-Old Traffic”. Esthetisch waarschijnlijk dezelfde als die van Michel Oprey maar zeker niet van dezelfde kwaliteit:

- Afwijkingen in de maten (er zat soms meer dan 5 mm verschil tussen de waaltjes). Dit heeft geresulteerd in een aanleg die veel moeilijker was dan initieel verwacht.

- Zelfs na het aanleggen blijven de waaltjes “blussen” of “schilferen” dwz kleine deeltjes vooral in de hoeken ( die soms tot 2 a 3 cm kunnen oplopen) die eraf komen. Onze tuinman durft er niet met een trilplaat overgaan.

Wij zijn de mening toegedaan dat het hier niet om een éérste keus produkt gaat maar eerder om een tweede of misschien zelfs een derde keus.

Graag lezen we, zo snel als mogelijk, uw reaktie op boven genoemde feiten.”

d. Bij brief van 11 april 2005 heeft King-Stones het volgende aan [gedaagden] geschreven:

“Naar aanleiding van uw brief d.d. 04-04-2005 aan mijn cliënt [eiser] Sierbestrating gevestigd te Akersloot wil ik onderstaande zaken uiteenzetten.

(…)

Over de kwaliteit wil ik zeggen dat een tolerantie van plus of min 3 mm normaal is. Een ervaren stratenmaker die deze stenen onder de hamer dient te verleggen heeft daar geen problemen mee. Indien deze stenen niet onder de hamer verwerkt zijn kunt u zichtbare maatproblemen tegenkomen. Het blijven schilferen van de stenen heeft warschijnlijk te maken dat er geen stootvoeg is gebruikt. Ook kan het zijn dat er niet of te weinig afstand is gehouden tussen de klinker zodat deze niet kan werken.

(…)”

e. Bij brief van 2 mei 2005 hebben [gedaagden] het volgende aan [eiser] geschreven:

“Hierbij enige reacties op het schrijven van 15-04 van uw leverancier King Stones:

(…)

Als 3mm tolerantie als normaal wordt beschouwd waarom hebben wij dan afwijkingen die dichter bij de 5mm liggen?

Aangezien er geen Michel Oprey geleverd is (wat nog altijd het hoofdprobleem blijft) kan ik begrijpen dat deze kwaliteit onder de hamer moet gelegd worden. Deze vereiste is echter niet noodzakelijk voor echte Oprey’s kwaliteit.

Betreffende het schilferen zijn we gaan kijken in show-rooms van andere leveranciers waar Michel Oprey ligt en daar duidelijk zonder stootvoeg is aangelegd.

Gezien de manier waar uw vorig bezoek is op uitgedraaid zult u wel begrip hebben dat ik u noch uw leverancier niet meer thuis kan verwelkomen.”

f. Bij brieven van 20 oktober 2005 en 25 oktober 2005 heeft de gemachtigde van [eiser] [gedaagden] aangemaand tot betaling over te gaan.

g. Bij brief van 27 oktober 2005 hebben [gedaagden] het volgende aan de gemachtigde van [eiser] geschreven:

“(…)

[eiser], desondanks mijn verschillende tussenkomsten heeft altijd geweigerd de stenen te komen ophalen.

De stenen die geleverd zijn, zijn niet van het afgesproken merk, noch van de verwachtte kwaliteit.

- Het is niet van het merk Michel Oprey (heb de verpakking nog liggen)

- Het is geen Vietnamese hardsteen (zie verpakking)

- De maatafwijkingen zijn groter dan 3mm (zichtbaar)

- De stenen blijven blussen en schilferen (zichtbaar)

Nu kunnen we, volgens ons, verder op 2 manieren:

Ofwel gaat dit dossier naar de rechter en hebben we beiden (…) kosten.

(…)

Ofwel proberen we een schikking te treffen (…)”

h. Bij brief van 31 oktober 2005 hebben [gedaagden] het volgende aan de gemachtigde van [eiser] geschreven:

“Hierbij delen wij u mede dat, vervolgens onze brief van 27-10-05, wij hebben gekozen voor de optie “schikking”.

Het bedrag dat wij als redelijk beschouwen is 850€ (achthonderd vijftig).”

i. Hierop heeft de gemachtigde van [eiser] als volgt bij brief van 7 november 2005 gereageerd:

“In bovengenoemde zaak ontving onze cliënt(e) rechtstreeks van u een bedrag van €850,00.

U verkeerd in de veronderstelling dat dit bedrag tegen finale kwijting zou zijn geweest. Cliënt(e) heeft echter nimmer ingestemd met dit voorstel en verzoeken wij u het thans openstaande saldo €924,50 binnen 5 dagen na heden aan ons te voldoen, (…)”

j. Bij brief van 16 april 2006 heeft [naam hoveniersbedrijf] het volgende aan [gedaagden] geschreven:

“(…)

Wij hebben dezelfde manier van bestraten toegepast zoals wij deze altijd toepassen bij hardstenen producten.

Eerst maken we een zandbed van stopzand wat wij aantrillen. Vervolgens egaliseren we het zandbed met een waterpas.

Wanneer dit gedaan is leggen wij de stenen op het zandbed, en knippen de randen dicht. Doordat een hardstenen bestrating niet geheel maatvast is zit er tussen de meeste stenen wat ruimte om er in ieder geval rechte banen van te maken.

Deze manier van bestraten heb ik via mijn stage en door adviezen van mijn eigen stenen leverancier [naam leverancier] ontwikkeld en is tot nog toe een goede manier van bestraten gebleken.

(…)”

De vordering

[eiser] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagden] hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, zal veroordelen tot betaling van €867,50, vermeerderd met de wettelijke rente daarover vanaf de dag der dagvaarding tot de dag der voldoening en kosten als volgens de wet.

[eiser] heeft het volgende aan zijn vordering ten grond-slag gelegd:

In of omstreeks februari 2005 heeft [eiser] aan [gedaagden] verkocht en geleverd ongeveer 27 m² Vietnamees hardsteen.

Na aanmaning hebben [gedaagden] van het factuurbedrag van €1.350,00 een gedeelte groot €850,00 voldaan.

Door ondanks aanmaning met betaling in gebreke te blijven, hebben [gedaagden] [eiser] genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven. [eiser] heeft daardoor vermogensschade geleden, bestaande uit de buitengerechtelijke incassokosten ten belope van €300,00. [gedaagden] dienen deze kosten ingevolge de algemene betalingsvoorwaarden dan wel ingevolge artikel 6:96 lid 2 sub c BW aan [eiser] te voldoen.

Voorts zijn [gedaagden] op grond van de toepasselijke voorwaarden (vertragings)rente verschuldigd geworden. Deze bedraagt, berekend tot 13 maart 2006, €67,50.

Het verweer

[gedaagden] hebben de vordering gemotiveerd weersproken. Op het verweer zal, voor zover relevant, bij de beoordeling van het geschil nader worden ingegaan.

De beoordeling van het geschil

[gedaagden] hebben gesteld, dat zij bij [eiser] Vietnamese hardsteen hebben besteld van het merk Michel Oprey en dat de Vietnamese hardsteen van dit merk van A-kwaliteit is. Dit is te lezen in een aantal overgelegde brieven van [gedaagden] aan [eiser] en ook in de conclusie van antwoord. Dit wordt niet, dan wel niet voldoende gemotiveerd weersproken door [eiser]. Gesteld en niet, althans niet voldoende gemotiveerd weersproken is daarmee, dat was afgesproken dat [eiser] Vietnamese hardsteen van het merk ‘Michel Oprey’ diende te leveren en dat de Vietnamese hardsteen van dit merk van A-kwaliteit is. Vast staat dat in casu hardsteen is geleverd van het merk ‘King-Stones Royal Stones’. Dat betekent dat [eiser] niet aan zijn leveringsverplichting heeft voldaan.

In casu betreft het een consumentenkoop. Voor zover de non-conformiteit van de levering in de zin van artikel 7:17 BW door levering van het verkeerde merk nog niet zou zijn gegeven, overweegt de kantonrechter het volgende. [gedaagden] stellen de stenen toch te hebben laten leggen, omdat zij in de overtuiging verkeerden dat de kwaliteit gelijkwaardig zou zijn aan die van het door hen oorspronkelijk bestelde merk. [gedaagden] hebben betoogd, dat de aan hen geleverde stenen niet van A-kwaliteit zijn, omdat de tolerantie te groot is en de stenen ‘blutsen’ en ‘schilferen’. Partijen zijn het erover eens dat Vietnamese hardstenen van A-kwaliteit in ieder geval geen tolerantie van meer dan 3 mm behoren te hebben. [gedaagden] hebben foto’s van de gelegde stenen overgelegd, waarop te zien is dat de tolerantie groter is dan 3 mm. De overgelegde foto’s tonen daarnaast duidelijk dat de stenen ‘blutsen’ en ‘schilferen’. De argumentatie van [eiser] en de leverancier dat het tweede probleem met de stenen, namelijk het ‘blutsen’ of ‘schilferen’, is veroorzaakt door een gebrekkige wijze van leggen, is door [eiser] niet voldoende concreet onderbouwd en/of aannemelijk gemaakt en wordt daarom door de kantonrechter van de hand gewezen. Daarbij is mede in de beschouwing betrokken, dat de stenen zijn gelegd door een professioneel hoveniersbedrijf. Dit alles in aanmerking nemende komt de kantonrechter tot de conclusie dat hier geen product is geleverd dat kwalitatief gelijkwaardig is aan het oorspronkelijk overeengekomen merk.

Aangezien het geleverde ten aanzien van merk en kwaliteit niet beantwoordt aan de overeenkomst ontbreekt de conformiteit in de zin van artikel 7:17 BW. Op grond van artikel 7:22 lid 1 sub b BW zijn [gedaagden], nu herstel en vervanging onmogelijk zijn omdat de stenen reeds zijn verwerkt, daarom bevoegd de prijs te verminderen in evenredigheid met de mate van de afwijking van het overeengekomene. De kantonrechter legt de brief van [gedaagden] van 31 oktober 2005 ambtshalve uit als een prijsvermindering in de zin van dit artikel. Overeenkomstig artikel 7:23 BW hebben [gedaagden] [eiser] tijdig in kennis gesteld van de gebrekkigheid van de tegels, zoals is terug te zien in de overgelegde correspondentie. De door [gedaagden] gekozen prijsvermindering van €500,00 komt de kantonrechter als evenredig voor. Dat oordeel baseert de kantonrechter op alle genoemde omstandigheden van het geval. De kantonrechter heeft zich bij de beoordeling van die redelijkheid vrij geacht prijzen per m² op het internet met elkaar te vergelijken, zoals hij ook op grond van artikel 6:97 BW vrij is de schade te begroten in geval van ontbinding van een overeenkomst, nu artikel 7:22 lid 3 de relevante bepalingen omtrent ontbinding van een overeenkomst bij de door [gedaagden] thans uitgeoefende bevoegdheid van overeenkomstige toepassing verklaart.

Op grond van het vorenstaande zal de vordering worden afgewezen, met veroordeling van [eiser], als de in het ongelijk gestelde partij, in de kosten van het geding.

Beslissing

De kantonrechter:

Wijst de vordering af.

Veroordeelt [eiser] in de kosten van deze procedure, tot op deze uitspraak aan de zijde van [gedaagden] begroot op €25,00 aan reis- en verblijfkosten.

Dit vonnis is gewezen door mr F.J.P. Veenhof en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.