Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBHAA:2002:AE6426

Instantie
Rechtbank Haarlem
Datum uitspraak
09-08-2002
Datum publicatie
13-08-2002
Zaaknummer
85058 - KG ZA 02-402
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
IER 2002, 56

Uitspraak

Zaaknummer: 85058/KG ZA 02-402

Vonnisdatum: 9 augustus 2002

332

RECHTBANK TE HAARLEM,

VONNIS IN KORT GEDING

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PHILILPS DOMES-TIC APPLIANCES AND PERSONAL CARE B.V.,

gevestigd te Amersfoort,

eisende partij,

procureur mr. P. Heidinga,

advocaat mr. F.W.E. Eijsvogels te Amsterdam,

-- tegen --

1. de coöperatie met beperkte aansprakelijkheid COÖPERATIEVE INKOOP-VERENIGING INTERGRO B.A.,

gevestigd te Hoofddorp, gemeente Haarlemmermeer,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid VOMAR VOOR-DEELMARKT B.V.,

gevestigd te IJmuiden, gemeente Velsen,

gedaagde partij,

procureur mr. H.K. Garvelink,

advocaat mr. A. Killan te 's-Gravenhage.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Philips respectievelijk Intergro en Vomar

1. Het verloop van het geding

1.1 Ter terechtzitting van 31 juli 2002 heeft Philips overeenkomstig de dagvaarding gesteld en gevorderd als hierna onder 3. weergegeven en die vordering toegelicht aan de hand van overgelegde pleitnotities. Intergro en Vomar hebben tegen deze vordering verweer gevoerd aan de hand van overgelegde pleitnotities.

1.2 Na verder debat in tweede termijn hebben partijen vonnis gevraagd. De uitspraak daarvan is bepaald op 14 augustus 2002 of zoveel eerder als mogelijk.

2. De vaststaande feiten

2.1 In dit geding wordt van het volgende uitgegaan:

a. Philips heeft samen met Sara Lee/Douwe Egberts (DE) een koffiezetsysteem ont-wikkeld onder de naam "Senseo Crema". Dit systeem bestaat uit een door Philips geproduceerd koffiezetapparaat, met bijpassende koffiepads (pilvormige builtjes van filterpapier, gevuld met gemalen koffie), die ondermeer worden geproduceerd door DE.

b. Het Senseo apparaat leidt onder druk water van ca. 92°C door de koffiepad, die zich in een houder in het apparaat bevindt, waarna de koffie rechtstreeks in het kopje stroomt. Als gevolg van de druk van het water en de constructie van het ap-paraat, krijgt de koffie in het kopje een romige schuimlaag. Door twee koffiepads op elkaar in de bijgeleverde dubbele padhouder te leggen, kunnen twee kopjes kof-fie worden gezet.

c. Onder de uitstroomopening van het Senseo-apparaat bevindt zich een rooster met daaronder een opvangbakje. Op dit rooster wordt het koffiekopje geplaatst.

d. Omstreeks 15 oktober 2001 heeft Vomar onder de naam "O'Lacy's café crema", koffiepads op de markt gebracht, die uitsluitend gebruikt kunnen worden in het Senseo-apparaat. De O'Lacy's koffiepads zijn verkrijgbaar in twee uitvoeringen: Regular en Cafeïnevrij.

e. Op de verpakking van de O'Lacy's koffiepads is een gedeelte van het Senseo-apparaat afgebeeld, zonder dat de naam "Senseo" en/of "Philips" wordt vermeld.

f. In haar Voordeelkrant, 19e jaargang, nr. 42, verschenen medio 2001, heeft Vomar de O'Lacy's koffiepads aangeprezen als zijnde geschikt "voor de Senseo Café Creme Koffiezetter."

g. Vomar betrekt haar koffiepads van Intergro, die de pads inkoopt bij de Belgische leverancier, Koffiebranderij Fort N.V. Fort laat de pads vervaardigen bij een pro-ducent.

h. Philips heeft de O'Lacy's koffiepads door haar eigen laboratorium, alsmede op 4 december 2001 en 26 juli 2002 door TNO laten testen op compatibiliteit met het Senseo-apparaat.

i. Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten heeft Philips Intergro en Vomar op 21 december 2001 en op 8 januari 2002 gesommeerd het verhandelen van de O'Lacy's cafeïnevrije koffiepads te staken totdat de compatibiliteit met het Senseo-apparaat zou zijn gegarandeerd.

j. Ter voldoening aan een vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank te 's-Gravenhage van 18 januari 2002 - waarbij het Intergro en Vomar op vordering van DE (de octrooihouder van het Senseo-systeem) werd verboden de O'Lacy's koffiepads te leveren of aan te bieden - hebben Intergro en Vomar de verhandeling van de koffiepads gestaakt. Dit vonnis is op 6 juni 2002 door het gerechtshof te 's-Gravenhage vernietigd, waarna Intergro en Vomar de verhandeling van de O'Lacy's koffiepads hebben hervat.

k. Vomar heeft op 9 juli 2002 aan Philips bericht dat de reclamemededeling in de Vomar Voordeelkrant niet herhaald zal worden.

l. De O'Lacy's koffiepads worden sedert begin juli 2002 door een andere producent vervaardigd. De door deze nieuwe producent vervaardigde koffiepads zijn door Philips niet getest.

m. De O'Lacy's koffiepads zijn door Fort getest. De nieuwe koffiepads zijn in op-dracht van Fort op 23 en 25 juli 2002 getest door TNO respectievelijk door TÜV Rheinland Belgium.

3. De vordering en de grondslag daarvan

3.1 Philips vordert, zakelijk weergegeven, dat de voorzieningenrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

A. Intergro en Vomar zal verbieden om onmiddellijk na betekening van het vonnis de tot juli 2002 geproduceerde O'Lacy's koffiepads aan te bieden, te verhandelen of anderszins aan derden ter beschikking te stellen, zolang de compatibiliteit met het Philips Senseo apparaat niet is aangetoond;

B. Intergro en Vomar zal verbieden om onmiddellijk na betekening van het vonnis de na juli 2002 geproduceerde O'Lacy's koffiepads aan te bieden, te verhandelen of anderszins aan derden ter beschikking te stellen, zolang de compatibiliteit met het Philips Senseo apparaat niet is aangetoond;

C. Intergro en Vomar zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van het vonnis bij alle opstaladressen en verkooppunten waar exemplaren van de hier-voor onder A. bedoelde koffiepads voorhanden zijn, deze aldaar te doen weg-halen;

D. Intergro en Vomar zal verbieden om misleidende mededelingen omtrent te kwa-liteit, herkomst vervaardiging of medewerking van Philips aan de O'Lacy's kof-fiepads te doen;

E. alles op straffe van verbeurte van een dwangsom, alsmede met veroordeling van Intergro en Vomar in de kosten van het geding.

3.2 Philips legt aan haar vordering ten grondslag dat de O'Lacy's koffiepads niet compati-bel zijn met het Senseo-apparaat, en dat Intergro en Vomar onrechtmatig jegens Philips handelen, door desalniettemin deze onveilige en kwalitatief slechte koffiepads te verhandelen. Als gevolg van dit onrechtmatig handelen wordt schade toegebracht aan de goede naam en reputatie van Philips, althans bestaat het risico dat schade aan Philips zal worden toegebracht. Ook ten aanzien van de nieuwe koffiepads bestaat de vrees dat deze niet voldoen aan de door Philips gestelde eisen.

Bovendien stellen Intergro en Vomar Philips bloot aan het risico dat zij als fabrikant van het Senseo-apparaat uit hoofde van de produktaansprakelijkheidsregeling aange-sproken zal worden, indien consumenten door het gebruik van de inferieure O'Lacy's koffiepads schade lijden.

Tenslotte wekken Intergro en Vomar, door het afbeelden van het Senseo-apparaat op de verpakking en de onder 2.1.f genoemde aanprijzing van de koffiepads in de recla-mefolder van Vomar, ten onrechte de suggestie dat Philips achter de verhandeling van de O'Lacy's koffiepads staat, hetgeen evenzeer onrechtmatig is jegens Philips.

4. Het verweer en de slotsom daarvan

4.1 Intergro en Vomar hebben tegen de vordering gemotiveerd verweer gevoerd en geconcludeerd tot afwijzing daarvan met veroordeling Philips in de kosten van het ge-ding. Op dit verweer zal, voorzover van belang, bij de beoordeling van het geschil na-der worden ingegaan.

5. De gronden van de beslissing

5.1 Philips heeft haar stelling dat de O'Lacy's koffiepads niet compatibel zijn met het Senseo-apparaat gebaseerd op de diverse, in haar opdracht uitgevoerde, onderzoeken. Uit deze onderzoeken komt naar voren dat met name bij het gebruik van O'Lacy's ca-feïnevrije pads in de dubbele padhouder veelvuldig lekkage optreedt, doordat water over de uitloopmond loopt en dat de kopjes vaak maar voor 3/4 of minder gevuld zijn. Deze problemen zouden zich, aldus Philips, met de DE koffiepads niet voordoen.

5.2 Bij de beoordeling van het geschil zullen de door Philips zelf uitgevoerde tests buiten beschouwing worden gelaten, nu deze tests niet van een onafhankelijke instelling af-komstig zijn en door Intergro en Vomar gemotiveerd zijn bestreden.

5.3 Uit de door Philips overgelegde, onafhankelijke TNO-rapporten blijkt dat de door Philips genoemde problemen zich in enkele gevallen ook voordoen bij de Perla Mok-ka koffiepads van Albert Heijn, alsmede bij DE cafeïnevrije koffiepads. Hierbij dient opgemerkt te worden dat bij de in opdracht van Philips uitgevoerde testen uitsluitend gebruik is gemaakt van de O'Lacy's koffiepads die vóór juli 2002 zijn geproduceerd.

5.4 De sedert begin juli 2002 door een andere producent vervaardigde O'Lacy's koffie-pads, zijn, tezamen met DE koffiepads en Perla koffiepads, in opdracht van Fort getest door zowel TNO als de onafhankelijke Belgische onderzoeksinstelling TÜV (Rhein-land Belgium). Het verdient opmerking dat het onderzoek bij TNO, blijkens de rap-portage, door dezelfde onderzoeker is uitgevoerd als de onderzoeken in opdracht van Philips.

5.5 Uit het TNO-onderzoek d.d. 23 juli 2002 komt naar voren dat lekkage over de uitstroomhouder bij gebruik van de O'Lacy's koffiepads zich in een enkel geval voor-deed, terwijl dergelijke lekkage bij de DE en Perla koffiepads, zowel bij enkele als bij dubbele zettingen, in veel meer gevallen optrad. Zowel bij de O'Lacy's koffiepads, als bij de DE koffiepads waren de kopjes in enkele gevallen niet geheel gevuld. Nadere inspectie door TNO van de drie gebruikte Senseo-apparaten bracht aan het licht dat er bij twee apparaten speling in het deksel bestond, hetgeen wellicht de oorzaak van de lekkages kan zijn.

5.6 Het rapport van TÜV van 25 juli 2002 vermeldt twee lekkagegevallen: het ene geval deed zich voor bij O'Lacy's cafeïnevrije koffiepads in dubbele zetting, en het andere geval bij DE cafeïnevrije koffiepads in dubbele zetting.

5.7 De twee onafhankelijke rapportages rechtvaardigen de conclusie dat zich bij de nieuwe O'Lacy's koffiepads niet vaker problemen voordoen dan bij de DE en Perla koffiepads. Uit de TNO-rapportages van Philips blijkt weliswaar dat er zich bij de ou-de O'Lacy's koffiepads meer problemen voordeden dan bij de DE en Perla koffiepads, doch niet dat zich bij die laatste koffiepads nooit problemen voordeden. Namens Intergro en Vomar is overigens aangevoerd dat deze oude koffiepads niet of nauwe-lijks meer in de Vomar-winkels verkrijgbaar zijn, hetgeen door Philips onvoldoende gemotiveerd is betwist. Uit geen van de rapportages volgt bovendien dat de problemen (uitsluitend) te wijten zijn aan de koffiepads. Immers, TNO heeft bij meerdere Senseo-apparaten speling in het deksel geconstateerd. Niet valt uit te sluiten dat de oorzaak van de lekkages hierin gevonden moet worden.

5.8 Daarnaast heeft Philips, mede gelet op de aanwezigheid van een soort gootjes op het apparaat en de opvangbak aan de onderkant van het apparaat, waarmee, respectieve-lijk waarin eventuele lekkage wordt opgevangen, verzuimd aan te geven waarin de veiligheidsrisico's van de geconstateerde lekkages voor de consument liggen. Evenmin heeft Philips gesteld en aangetoond dat zich veiligheidsrisico's verwezenlijkt hebben. Dat dergelijke veiligheidsrisico's bestaan, is dan ook niet aannemelijk geworden.

5.9 Nu uit alle onafhankelijke onderzoeken blijkt dat bij gebruik van de koffiepads van DE en Perla evenzeer lekkage kan ontstaan, terwijl, gelijk hiervoor overwogen, niet aangetoond is dat lekkage als de onderhavige tot veiligheidsrisico's voor de consument leidt, handelen Intergro en Vomar niet onrechtmatig jegens Philips door de O'Lacy's koffiepads op de markt te brengen. Hetzelfde geldt voor het probleem van de 3/4 ge-vulde kopjes.

5.10 Philips heeft nog aangevoerd dat de extractie van de O'Lacy's koffiepads onvoldoende is, waardoor de koffie te slap is, hetgeen tot klachten van consumenten bij Philips zou leiden. Ook zou de schuimlaag bij de O'Lacy's pads onvoldoende zijn. Nog los van het feit dat Philips geen enkele consumentenklacht terzake heeft overgelegd, acht de voorzieningenrechter het onwaarschijnlijk dat consumenten bij Philips zullen klagen over te slappe koffie of onvoldoende schuim. Het ligt immers veeleer voor de hand dat de consument die ontevreden is over de O'Lacy's koffie, een ander merk koffiepads zal proberen. Zijdens Intergro en Vomar is onbetwist gesteld dat bij aankoop van een Senseo-apparaat een setje DE koffiepads wordt bijgeleverd, zodat te meer aannemelijk is dat, indien consumenten de O'Lacy's koffie kwalitatief onvoldoende achten, zij over zullen schakelen op DE koffiepads, alvorens hun klachten tot Philips te richten. Dat Philips schade lijdt als gevolg van eventueel kwalitatief mindere koffie van Intergro en Vomar, heeft zij derhalve evenmin aannemelijk kunnen maken.

5.11 Ten slotte verzet Philips zich tegen het afbeelden van het Senseo-apparaat op de verpakking van de O'Lacy's koffiepads, alsmede tegen het aanprijzen van de koffie-pads in de reclamefolder van Vomar.

5.12 Met het afbeelden van het Senseo-apparaat op de verpakking hebben Intergro en Vomar de bestemming van de waar aan willen geven. Het afbeelden van het Senseo-apparaat vervult een belangrijke informatieve functie bij het doen van mededelingen over de - gelet op het hiervoor onder 5.9-5.10 overwogene - op zich geoorloofde han-del. Door slechts een gedeelte van het apparaat af te beelden, zonder daarbij de merk-namen Philips en/of Senseo te gebruiken, zijn Intergro en Vomar niet verder gegaan dan nodig was om de bestemming van de waar aan te geven. Niet valt in te zien hoe hierdoor bij consumenten de suggestie kan worden gewekt dat Philips haar medewer-king aan de vervaardiging van de O'Lacy's koffiepads zou hebben gegeven. Hetzelfde geldt voor het gebruik van de merknaam Senseo bij het aanprijzen van de koffiepads in de reclamefolder van Vomar. Nu voorshands niet aannemelijk is geworden dat de O'Lacy's koffiepads minder geschikt zijn om in het Senseo-apparaat gebruikt te wor-den dan de DE koffiepads, zijn de reclameaanprijzingen evenmin misleidend. Boven-dien heeft Philips geen belang meer bij haar vordering voorzover deze is gericht tegen de aanprijzingen in de reclamefolder, nu Vomar heeft toegezegd dat deze reclameui-ting niet zal worden herhaald.

5.13 Uit het vorenstaande moet geconcludeerd worden dat de vorderingen van Philips dienen te worden geweigerd, met veroordeling van haar, als de in het ongelijk te stel-len partij, in de kosten van het geding.

6. De beslissing

De voorzieningenrechter:

6.1 Weigert de gevraagde voorzieningen.

6.2 Veroordeelt Philips in de kosten van dit geding, tot op de uitspraak van dit vonnis aan de zijde van Intergro en Vomar begroot op € 193,-- aan verschotten en € 703,36 aan salaris voor de procureur.

6.3 Verklaart dit vonnis voor wat betreft het onder 6.2 bepaalde uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. van der Meer, voorzieningenrechter van deze rechtbank, en in het openbaar uitgesproken ter terechtzitting van 9 augustus 2002, in tegenwoordigheid van de griffier.