Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2012:BZ2206

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
20-12-2012
Datum publicatie
25-02-2013
Zaaknummer
18/830148-12
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een gevangenisstraf voor de duur van 9 jaren voor de man die zich heeft schuldig gemaakt aan

1. Diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.

2. De voortgezette handeling van

A. Poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

B. Diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

3. Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

4.Poging tot diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, verbreking of inklimming, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

5. primair Poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen.

6. primair Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg, door twee of meer personen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector Strafrecht

parketnummer: 18/830148-12 en 18/670486-12 (promis)

datum uitspraak: 27 december 2012

op tegenspraak

raadsvrouw: mr. I.A. Groenendijk

V O N N I S

van de rechtbank Groningen, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte[,

geboren te [plaats] (Land) op 11 augustus 1990,

thans verblijvende in de P.I. Ter Apel te Ter Apel.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 31 mei 2012, 13 augustus 2012, 7 november 2012 en 23 en 26 november 2012 en 20 december 2012.

Tenlastelegging

Aan verdachte is na toegestane vordering nadere omschrijving tenlastelegging ten laste gelegd dat:

Onder parketnummer 18/670486-12

1.

hij in of omstreeks de nacht van 10 juli 2011 op 11 juli 2011, te Beerta, in elk geval in de gemeente Oldambt,

meermalen, op verschillende tijdstippen, althans eenmaal (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit een aan of nabij de [straat] staande garage/schuur heeft weggenomen een hoeveelheid hennep en/of hennepplanten, een motor (merk Yamaha) en/of gereedschap, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming

2.

hij in of omstreeks de periode van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij/het pand [straat] te Tripscompagnie, in elk geval in de gemeente Menterwolde,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld een of meer personen, genaamd [aangever 1] en/of [aangever 2], te dwingen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [aangever 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), met dat oogmerk tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen,

- die [aangever 1] en/of die [aangever 2] meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd en/of tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en/of

- die [aangever 1] een of meer messen heeft getoond en/of (hierbij) die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Als je je niet stil houdt dan snijden we je een oor af", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- op die [aangever 1] is gaan zitten, en/of

- de handen van die [aangever 1] op diens rug heeft vastgebonden en/of

- de handen van die [aangever 2] op diens rug heeft vastgebonden en/of

- de benen van die [aangever 1] heeft vastgebonden en/of vastgebonden gehouden, en/of

- een (papieren) zak of tas over het hoofd van die [aangever 1] heeft gedaan en/of gehouden, en/of

- een (papieren) zak of tas over het hoofd van die [aangever 2] heeft gedaan en/of gehouden, en/of

- die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Geld, geld, geld" en/of "Waar heb je je geld" en/of "Hoeveel ligt er bij je vriendin", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- een of meer pistolen tegen het hoofd van die [aangever 1] gezet en/of gehouden, althans aan die [aangever 1] getoond, en/of

- die [aangever 1] en/of die [aangever 2] gedurende genoemde periode, althans gedurende enige dagen en/of uren in die boerderij/dat pand heeft vast gehouden en/of bewaakt en/of aldus heeft voorkomen dat die [aangever 1] en/of die [aangever 2] die boerderij/dat pand kon(den) verlaten,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

EN/OF

hij in of omstreeks de periode van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij/het pand [straat] te Tripscompagnie, in elk geval in de gemeente Menterwolde,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen

€ 320, althans geld en/of een simkaart, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en/of

een telefoontoestel en/of een portemonnee, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever 1] en/of die [aangever 2], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het

bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen,

- die [aangever 1] en/of die [aangever 2] meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd en/of tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en/of

- die [aangever 1] een of meer messen heeft getoond en/of (hierbij) die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Als je je niet stil houdt dan snijden we je een oor af", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- op die [aangever 1] is gaan zitten, en/of

- de handen van die [aangever 1] op diens rug heeft vastgebonden en/of

- de handen van die [aangever 2] op diens rug heeft vastgebonden en/of

- de benen van die [aangever 1] heeft vastgebonden en/of vastgebonden gehouden, en/of

- een (papieren) zak of tas over het hoofd van die [aangever 1] heeft gedaan en/of gehouden, en/of

- een (papieren) zak of tas over het hoofd van die [aangever 2] heeft gedaan en/of gehouden, en/of

- die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Geld, geld, geld" en/of "Waar heb je je geld" en/of "Hoeveel ligt er bij je vriendin", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- een of meer pistolen tegen het hoofd van die [aangever 1] gezet en/of gehouden, althans aan die [aangever 1] getoond, en/of

- die [aangever 1] en/of die [aangever 2] gedurende genoemde periode, althans gedurende enige dagen en/of uren in die boerderij/dat pand heeft vast gehouden en/of bewaakt en/of aldus heeft voorkomen dat die [aangever 1] en/of die [aangever 2] die boerderij/dat pand kon(den) verlaten,

3.

hij in of omstreeks de periode van 30 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij/het pand [straat] te Tripscompagnie, in elk geval in de gemeente Menterwolde,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld een of meer personen, te weten [betrokkene 1] en/of diens echtgenote [betrokkene 3] en/of hun/diens zoon(tje) [betrokkene 2] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van 15.000,- euro, althans geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 3], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen,

- die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd en/of tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en/of

- (een) (papieren) zak(ken) over het hoofd/de hoofden van die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] heeft gedaan en/of gehouden, en/of

- de handen van die [betrokkene 1] op diens rug heeft vastgebonden en/of vastgebonden gehouden, en/of

- die [betrokkene 1] de woorden heeft toegevoegd en/of doen toevoegen: "Zij moeten twee ton aan geld van je hebben", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- een of meer pistolen op die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] heeft gericht en/of gericht gehouden, althans aan die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] getoond, en/of

- die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] gedurende genoemde periode, althans gedurende enige dagen en/of uren in die boerderij/dat pand heeft vast gehouden en/of bewaakt en/of aldus heeft voorkomen dat die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] die boerderij/dat pand kon(den) verlaten;

Onder parketnummer 18/830148-12

4.

hij op of omstreeks 7 november 2011, te [plaats], in elk geval in de gemeente Slochteren, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit een aan of nabij de [straat] staande schuur/loods weg te nemen hennep(planten), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s)

en zich daarbij de toegang tot die schuur/loods te verschaffen en/of die/dat weg te nemen

hennep(planten), althans die/dat goed(eren), onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming,

met dat oogmerk met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen een (toegangs)deur van die schuur/loods heeft open gebroken,

zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

5.

hij op of omstreeks 7 november 2011, op of aan de openbare weg, de [straat], althans op of aan een openbare weg te [plaats], in elk geval in de gemeente Slochteren,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een/die) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld een of meer personen, te weten [aangever 2] en/of [aangever 1], te dwingen tot de afgifte van hennep, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan genoemde [aangever 2] en/of genoemde [aangever 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), met voormeld oogmerk met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen

met een of meer auto's naar de woning van die [aangever 2] is gereden, en/of

met (een of meer van) die auto('s) meerdere malen, althans eenmaal, met gierende banden en/of met hoge snelheid, althans met veel lawaai langs die woning van die [aangever 2] is gereden, en/of

een band van een (na)bij die woning van die [aangever 2] staande auto heeft lek gestoken en/of vernield, en/of

een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [aangever 2] en/of die [aangever 1] heeft gericht althans aan die [aangever 2] en/of die [aangever 1] heeft getoond, en/of

die [aangever 2] en/of die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Weedhok leeghalen, anders bel ik de politie", althans woorden van gelijke aard en/of strekking,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

althans, indien het vorenstaande onder 5. niet tot een veroordeling mocht leiden, dat

hij op of omstreeks 7 november 2011, op of aan de openbare weg, de [straat], althans op of aan een openbare weg te [plaats], in elk geval in de gemeente Slochteren,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen goederen/geld, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 2] en/of [aangever 1], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever 2] en/of die [aangever 1], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen

met een of meer auto's naar de woning van die [aangever 2] is gereden, en/of

met (een of meer van) die auto('s) meerdere malen, althans eenmaal, met gierende banden en/of met hoge snelheid, althans met veel lawaai langs die woning van die [aangever 2] is gereden, en/of

een band van een (na)bij die woning van die [aangever 2] staande auto heeft lek gestoken en/of vernield, en/of

een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [aangever 2] en/of die [aangever 1] heeft gericht althans aan die [aangever 2] en/of die [aangever 1] heeft getoond, en/of

die [aangever 2] en/of die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Weedhok leeghalen, anders bel ik de politie", althans woorden van gelijke aard en/of strekking,

zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

althans, indien het vorenstaande onder 3. niet tot een veroordeling mocht leiden, dat

hij op of omstreeks 7 november 2011, in de gemeente Slochteren,,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een of meer personen, te weten [aangever 2] en/of [aangever 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft/hebben verdachte en/of (een of meer van) zijn mededader(s) opzettelijk dreigend een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [aangever 2] en/of die [aangever 1] gericht althans aan die [aangever 2] en/of die [aangever 1] getoond;

6.

hij op of omstreeks 22 november 2011, in de gemeente Oldambt,

op of aan de openbare weg de [straat], althans op of aan een openbare weg, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld een jongen, genaamd [aangever], heeft gedwongen tot de afgifte van € 14.000,-, althans enig geldbedrag, en/of een simkaart, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan die [aangever] en/of [BP], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen, (terwijl verdachte en/of verdachtes mededader(s) samen met die [aangever] in een auto over de [straat] reden)

- plots en/of zonder noodzaak die auto op die [straat] tot stilstand heeft gebracht, en/of

- die [aangever] de woorden heeft toegevoegd: "Geef me je geld" en/of "Geef me je telefoon", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- door het optreden van verdachte en/of dat van verdachtes mededader(s) een zodanige sfeer hebben/heeft geschapen dat die [aangever] vreesde dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) geweld zou(den) gaan gebruiken;

althans, indien het vorenstaande onder 6. niet tot een veroordeling mocht leiden, dat

hij op of omstreeks 22 november 2011, in de gemeente Oldambt,

op of aan de openbare weg de [straat], althans op of aan een openbare weg, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen € 14.000,-, althans enig geldbedrag, en/of een simkaart, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever] en/of [BP], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat

verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededader(s), althans alleen, (terwijl verdachte en/of verdachtes mededader(s) samen met die [aangever] in een auto over de [straat] reden)

- plots en/of zonder noodzaak die auto op die [straat] tot stilstand heeft gebracht, en/of

- die [aangever] de woorden heeft toegevoegd: "Geef me je geld" en/of "Geef me je telefoon", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

- door het optreden van verdachte en/of dat van verdachtes mededader(s) een zodanige sfeer hebben/heeft geschapen dat die [aangever] vreesde dat verdachte en/of verdachtes mededader(s) geweld zou(den) gaan gebruiken;

althans, indien het vorenstaande onder 4. niet tot een veroordeling mocht leiden, dat

hij op of omstreeks 22 november 2011, in de gemeente Oldambt,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich

en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een persoon, genaamd [aangever] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van € 14.000,-, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid aan die [aangever] medegedeeld dat – zakelijk weergegeven – wanneer hij, die [aangever], voor een bedrag van € 14.000,- vuurwerk zou kopen hij, die [aangever], daarmee € 10.000,- winst zou kunnen maken wanneer hij, die [aangever], dat vuurwerk weer zou verkopen, althans woorden van gelijke aard en/of strekking,

waardoor die [aangever] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

althans, indien het vorenstaande onder 4. niet tot een veroordeling mocht leiden, dat

hij op of omstreeks 22 november 2011, in de gemeente Oldambt, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, € 14.000,-, althans een hoeveelheid geld, heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl

hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat geld wist(en) dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof.

Bewijsvraag

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft aangevoerd dat het onder 1 ten laste gelegde, de inbraak in een schuur in Beerta, niet wettig en overtuigend bewezen kan worden.

De officier van justitie heeft aangevoerd dat het onder 2 en 3 ten laste gelegde, de gijzeling en afpersing van [aangever 1], [aangever 2], [betrokkene 1] en diens zoon in het weekend van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, wettig en overtuigend bewezen kan worden. De poging tot afpersing van [aangever 2] kan niet bewezen worden. Verdachte heeft verklaard dat hij [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] naar de McDonald’s in Winschoten heeft gebracht. De officier van justitie wijst voorts op de verklaringen van [medeverdachte 6], waaruit blijkt dat verdachte een actieve rol heeft gehad, en de verklaring van [medeverdachte 7]. Voorts wijst de officier van justitie op de verklaring van [medeverdachte 3] waaruit blijkt dat verdachte een actieve rol heeft gehad bij de gijzeling. Hoewel [medeverdachte 3] deze verklaring bij de rechter-commissaris intrekt, acht de officier van justitie de verklaring die [medeverdachte 3] bij de politie heeft afgelegd geloofwaardiger, temeer nu hij niet eenmaal, maar in verschillende verhoren over de rol van [verdachte] heeft verklaard.

Op grond van voornoemde verklaringen kan worden vastgesteld dat verdachte [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] naar Winschoten heeft gebracht om [aangever 1] en [aangever 2] op te halen, dat hij aanwezig is geweest in de boerderij toen [aangever 1] en [aangever 2] daar waren en dat hij [medeverdachte 2] heeft voorzien van informatie.

Verdachte heeft daarmee een dusdanig substantiële bijdrage geleverd aan de poging tot afpersing van [aangever 1] en de diefstal met geweld tegen [aangever 1] en [aangever 2], alsmede aan de afpersing van [betrokkene 1] dan wel diens vrouw [betrokkene 3] Tel, dat gesproken moet worden van medeplegen.

De officier van justitie heeft aangevoerd dat het onder 4 ten laste gelegde, de poging tot inbraak in de loods van [aangever 2], wettig en overtuigend bewezen kan worden. De officier van justitie wijst daartoe op de aangiften, de bekennende verklaring van verdachte en de verklaringen van [medeverdachte 9], [medeverdachte 6] en [medeverdachte 7].

De officier van justitie heeft aangevoerd dat het onder 5 ten laste gelegde, te weten het medeplegen van een poging tot afpersing van [aangever 2] en [aangever 1], wettig en overtuigend bewezen kan worden. De officier van justitie wijst daartoe op de aangiften en de verklaringen van [medeverdachte 2], [medeverdachte 4] en [medeverdachte 9]. Uit de verklaringen van [medeverdachte 2], [medeverdachte 4] en [medeverdachte 9] blijkt dat er in aanwezigheid van [verdachte] verschillende malen is overlegd hoe het de tweede keer aangepakt zou worden en dat van te voren het plan is gemaakt om de bewoner mede te delen dat hij zijn hennep moest afgeven, aangezien zij anders de politie zouden bellen. Verdachte heeft door ervoor te kiezen om ook de tweede keer mee terug te gaan en ook met zijn auto meermalen voor de woning langs te rijden, door te bewerkstelligen dat [medeverdachte 4], Vüst en [medeverdachte 2] de tweede keer meegingen, almede door mee te overleggen over hoe het de tweede keer aangepakt zou moeten worden een dusdanig substantiële bijdrage geleverd aan het geheel, dat van medeplegen moet worden gesproken.

De officier van justitie heeft aangevoerd dat het onder 6 ten laste gelegde, te weten het medeplegen van afpersing van [aangever], wettig en overtuigend bewezen kan worden. De officier van justitie wijst daartoe op de aangifte en de verklaringen van [medeverdachte 7] en [medeverdachte 9]. Uit deze bewijsmiddelen blijkt dat [aangever]een deel van het geld heeft afgegeven en het mogelijk heeft gemaakt dat de tweede envelop uit de tas is weggenomen. Zonder deze gebeurtenissen, had [aangever]dit nooit toegestaan.

Gelet op het voorgaande is er dus geen sprake geweest van een afpersing en een diefstal met geweld in vereniging gepleegd.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde. Verdachte heeft geen uitvoeringshandelingen verricht zodat geen sprake is van medeplegen.

De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het onder 2 en 3 ten laste gelegde. Uit meerdere verklaringen blijkt dat verdachte niet aanwezig was bij de ten laste gelegde feiten. Het enkele feit dat [aangever 1] en [aangever 2] verdachte bij een tankstation hebben gezien maakt hem niet strafbaar. [medeverdachte 4] heeft ter zitting verklaard dat hij niet zeker is dat verdachte aanwezig was. De verklaring van [medeverdachte 3] afgelegd bij de rechter-commissaris dat verdachte niet aanwezig was, is de waarheid. De verklaring van [medeverdachte 3] bij de politie is ongeloofwaardig nu niet valt in te zien dat hij kan verklaren over het pingen tussen verdachte en [medeverdachte 1]. [medeverdachte 7] weet evenmin zeker of verdachte aanwezig was.

De raadsvrouw heeft ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Verdachte heeft bekend dat zij kwamen voor het stelen van hennep.

De raadsvrouw heeft ten aanzien van het onder 5 primair ten laste gelegde betoogd dat verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken. De handelingen waren niet gericht op het met geweld dan wel bedreiging met geweld personen te dwingen tot de afgifte van een goed. Het betreft veeleer listige kunstgrepen gericht op het afleiden. Het subsidiair ten laste gelegde onder 5 kan evenmin wettig en overtuigend worden bewezen. De handelingen waren gericht op het afleiden en niet gericht tegen aangevers. Verdachte had geen wilsbesluit genomen ter zake van het wapen van [medeverdachte 4] of de Turk. Gelet op het voorgaande kan ook het meer subsidiaire feit onder 5 niet wettig en overtuigend worden bewezen.

De raadsvrouw heeft ten aanzien van het onder 6 primair ten laste gelegde betoogd dat er geen geweldshandelingen zijn verricht dan wel bedreigingen zijn geuit tegen [aangever]. Verdachte heeft geen deel gehad aan de ping berichten die van tevoren zijn gestuurd. Het geweld zit in de bedreigende sfeer maar het gaat te ver dit als een bedreiging te kwalificeren. [aangever] had kunnen weglopen.

Beoordeling

De rechtbank heeft bij de beoordeling acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen.

Daarbij is ieder bewijsmiddel, ook in zijn onderdelen, slechts gebruikt met betrekking tot het feit of de feiten waarop het blijkens zijn inhoud in het bijzonder betrekking heeft.

Ten laste gelegde onder 1

De verklaring door verdachte op de terechtzitting afgelegd

Ik hoorde van [medeverdachte 7] dat er een hennepkwekerij in een schuur in Beerta was. Ik ben naar die schuur toe gegaan in de auto van mijn vader. Daar bleek dat er wiet in de schuur stond. Er stonden 20 man.

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 11 juli 2011, opgenomen op pagina 1 van zaaksdossier dossier nr. Proces-verbaal 01COP12001, d.d. 26 april 2012 van Regiopolitie Groningen., inhoudende de verklaring van [aangever]

Op zondagavond 10 juli 2011, heb ik omstreeks 23:30 uur mijn garage, die los staat van de woning, afgesloten door de loopdeur aan de rechterzijde van de garage op slot te doen. Hierna ben ik gaan slapen. Op maandagochtend 11 juli 2011, zag ik rond 06:00 uur dat mijn kozijn en mijn deur vernield waren en zo is mijn deur opengebroken. Ik zag dat de motor, een blauwe Yamaha R6, voorzien van kenteken [kenteken], op naam van mijn vader [aangever], uit de schuur gehaald was. Ik doe hiervoor namens mijn vader aangifte. Ook zag ik dat een industriële compressor weg was. Ook is er een Makita boormachine, een Milwaukee boormachine en een Bosch SDI boormachine weggenomen.

Een proces-verbaal d.d. 22 februari 2012, opgenomen op p. 85 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 9] inhoudende de verklaring van [medeverdachte 9]

We hebben ingebroken in een schuur in Beerta. We hebben er weed en een motor weg genomen en er waren andere jongens bij als anders. De tip kwam volgens mij van [medeverdachte 7]. We zijn er met de BMW van [aangever 1] en de auto van [verdachte] zijn vader, een donker blauwe Chrysler heen gereden. Naast mij, [aangever 1] en [verdachte] waren bij de inbraak aanwezig [medeverdachte 6], [medeverdachte 7] en een aantal mij onbekende personen. We waren volgens mij met acht of 9 personen. Ik moet eerst nog even vertellen dat we er twee keer zijn geweest met een tussentijd van een half uur tot ander half uur. Toen we er de eerste keer kwamen ben ik op de uitkijk gaan staan evenals [medeverdachte 7]. [aangever 1] en [medeverdachte 6] zijn naar de schuur gelopen en hebben een zijdeur aan de rechterzijde van de schuur proberen open te breken met een breekijzer. Ik hoorde het kraken van het hout, maar de deur bleef gesloten. In het weiland aan de overzijde van de weg gingen we zitten en overlegden wat te doen. Er werd besloten dat er iemand anders moest komen om de deur open te breken. [aangever 1] belde vervolgens iemand. Na ongeveer ander half uur kwamen er 3 mij onbekende jongens in een Vw Golf naar ons toe. We gingen vervolgens met z'n allen terug naar de schuur. Ik ging weer op de uitkijk staan. Ik stond daarbij zo dat ik zicht had op de deur die moest worden opengebroken. Ik zag dat een van de jongens die waren gekomen met het breekijzer de deur open brak. Toen de deur open was zijn er twee personen van de groep naar boven gegaan. Zij meldden even later dat ze gedroogde hennepplanten hadden gevonden. De planten werden verzameld en meegenomen. Het was niet zo'n grote hoeveelheid. Verder weet ik nog dat wij een motor, kleur blauw uit de schuur hebben weggenomen. Deze motor is meegenomen door een van de drie jongens die later kwamen. Volgens mij is nog een ratelsetje in een groen of blauw doosje weggenomen. Een van de jongens die later kwam is op de motor gaan rijden. [medeverdachte 7] is bij hem achterop gestapt.

Een proces-verbaal van verhoor aangever d.d. 9 maart 2012, opgenomen op pagina 8 van voornoemd dossier, inhoudende de verklaring van [aangever]

Het klopt dat er hennepplanten zijn weggenomen

Een proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 5 december 2011, opgenomen op pagina 111 van voornoemd dossier, inhoudende de verklaring van [medeverdachte 7]

We zijn nog naar een hennepplantage geweest in Beerta. Hier waren toen heel veel mensen bij. Ook weer [verdachte], [medeverdachte 6], [medeverdachte 9], [medeverdachte 2],[medeverdachte 4], [aangever 1] en [medeverdachte 3]. Via googlemaps zie ik dat dat aan de [straat] moet zijn. We hebben daar ongeveer 400 à 500 gram weed weggehaald. We luisterden in de auto of er een afzuiger aanstond. Ik stond op wacht.

Een proces-verbaal d.d. 6 maart 2012, opgenomen op p. 91 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 6], inhoudende de verklaring van [medeverdachte 6]

Bij een inbraak in Beerta waren we met een hele grote groep. Dit was een bergje wiet. Dit was sowieso met [medeverdachte 9]. De jongens hebben die motor er uit getrokken. Er is wiet weggehaald en misschien gereedschap. Mogelijk is [medeverdachte 7] er ook bij betrokken geweest. [verdachte] neemt die spullen altijd mee en zorgt voor de verkoop. Van [verdachte] krijg je altijd het geld. Ik heb die wiet meegenomen en misschien hier en daar wat gereedschap. [aangever 1] is er ook bij geweest. Ik ben samen met [aangever 1] door de bosjes gelopen met de wiet wat we daar hebben weggenomen. De jongens reden op de motor weg. [medeverdachte 7] is met die motor meegegaan.

Een proces-verbaal van verhoor [verdachte] d.d. 27 maart 2012, opgenomen op pagina 97 e.v. van persoonsdossier [verdachte]

Ik was bij die diefstal uit een schuur in Beerta waarbij o.a. weed en een motor is weggenomen. [medeverdachte 7] wist het adres. We hadden allemaal afgesproken in Beerta. Ik ben toen bij dat schuurtje wezen kijken.

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Uit de hiervoor gebezigde bewijsmiddelen vloeit naar het oordeel van de rechtbank voort dat sprake is geweest van een bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en medeverdachten. Verdachte heeft bekend dat hij na een tip naar de schuur in Beerta is gereden. Ter plaatse waren medeverdachten aanwezig. Uit hun verklaringen leidt de rechtbank af dat verdachte samen met anderen, in nauwe en bewuste samenwerking, als groep, de inbraak heeft gepleegd. Er is een deur geforceerd, er zijn spullen uit de schuur gestolen te weten onder meer hennep, een motor en gereedschap en de buit is achteraf verdeeld.

Gelet op het voorgaande en de gebezigde bewijsmiddelen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan.

Ten laste gelegde onder 2 en 3

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 30 augustus 2011, opgenomen op pagina 8 e.v. van dossier nr. 01COP11005, d.d. 26 april 2012 van Regiopolitie Groningen (zaaksdossier Zeespin), inhoudende de verklaring van [aangever 1]

Op 29 juli 2011, omstreeks 21.00 uur was ik in de Mac Donald vestiging te Winschoten. [medeverdachte 3] en[medeverdachte 4] kwamen en ze spraken mij aan. Ze vertelden mij vrijwel direct dat ze een weedplantage wisten te zitten, dat ze deze leeg wilden halen en dat het verschaffen van de toegang kon met een sleutel die [medeverdachte 3] had. Ik wilde wel mee omdat ik wilde weten waar de plantage zat. Ik haalde [aangever 2] op en reed vervolgens terug naar de Mac Donalds en haalde daar [medeverdachte 3] en[medeverdachte 4] op. We reden vervolgens naar een boerderij in Tripscompagnie.[medeverdachte 4] en [aangever 2] zaten achter in. Ik reed en [medeverdachte 3] zat naast mij. Hij gidste mij naar de boerderij.

Binnen werd ik gelijk aangevallen door een aantal personen dat vermomd was met bivakmutsen. Ik werd geslagen en geschopt tegen mijn hoofd en rug. Ik probeerde via de trap te vluchten maar ik werd vastgepakt en teruggetrokken. Het slaan en schoppen ging door en ook werd ik geslagen met vuurwapens. Ik kwam hierdoor op de grond te liggen. Het op mij inslaan en intrappen ging gewoon door. Ik zag dat [aangever 2] ook klappen kreeg en werd geslagen maar in veel mindere mate als ik. Ik merkte en zag dat ik erg uit mijn mond begon te bloeden en voelde dat mijn tanden er los in stonden. Ik schreeuwde heel hard. Ik zag dat meerdere personen hierop een mes trokken en ik hoorde hen zeggen dat ik mij stil moest houden. Als ik dit niet zou doen dan dreigden ze een oor van mij af te snijden. Ik hield mij daarna stil. Ondertussen zat er al iemand op mij. Kort hierop werden mijn handen op mijn rug gebonden. Ik zag dat de handen van [aangever 2] ook op zijn rug werden gebonden.

Op een gegeven moment kregen [aangever 2] en ik een papieren zak over ons hoofd.

Ik hoorde hierop mensen tegen mij zeggen "geld geld geld". Ik hoorde ze zeggen "waar heb je je geld?". Ik hoorde ze vervolgens zeggen "hoeveel ligt er bij je vriendin?". Ik zei hierop dat ik 700 euro bij mijn vriendin had liggen. Ik kreeg hierop nog meer slagen, veel meer. Ik zag dat ik deze klappen kreeg van [medeverdachte 3], [medeverdachte 2] (Marokkaanse man met kale kop die iets kleiner is dan ik) en verder een derde man die constant een bivakmuts ophield. Deze derde man sprak gebrekkig Nederlands met een zware stem. Ik zag [medeverdachte 2] vervolgens terugkomen en ik zag dat ik meerdere pistolen op mijn hoofd kreeg. Ik zag dat [medeverdachte 3], [medeverdachte 2] en de man met de bivakmuts een pistool op mijn hoofd richtten. De man met de bivakmuts en [medeverdachte 3] hadden al die tijd al een pistool in hun hand. Ik hoorde en zag dat zo nu en dan dat de wapens werden doorgeladen. Ik hoorde [medeverdachte 2] zeggen dat ik moest regelen dat [betrokkene 1] naar de boerderij kwam.

Toen ik op de grond lag werd al mijn goederen weggenomen. Bij deze goederen had ik onder andere 320 euro. Dit bestond uit een (1) honderd euro biljet, vier vijftig euro biljetten en een (1) twintig euro biljet. Ik hoorde ze verder zeggen dat zij mijn simkaart door het midden hadden geknipt. Ik werd vervolgens de badkamer in gesleept. Ik hoorde hierop [medeverdachte 4] zeggen "je weet wel wie ik ben toch". Ik keek om en zag dat [medeverdachte 4] achter mij stond. Daarna werd mij de papieren zak weer om het hoofd gedaan. Ik had het door deze papieren zak benauwd. Ik kon hierdoor moeilijk ademen. Ik denk dat ik ongeveer 4 a 5 uren lang met een zak op mijn hoofd heb gelegen. Ik merkte dat er constant iemand mij in de gaten hield en dat de personen die mij in de gaten hielden elkaar aflosten doordat ik mensen heen en weer hoorde lopen. Ik hoorde hierbij ook dat er constant wapens werden doorgeladen. Ik zag dat [medeverdachte 2] voor mij stond en ik hoorde dat hij tegen mij zei dat ik [betrokkene 1] moest bellen.

Met een pistool op mijn hoofd moest ik zeggen dat ik [betrokkene 1] zou ophalen omdat een aantal studenten handel voor hem hadden. Ik hoorde [betrokkene 1] zeggen dat het tussen 01.00 uur en of 02.00 uur was en dat hij niet kwam omdat het zo laat was. Daarbij hoorde ik [betrokkene 1] zeggen dat hij gedronken had en dat [betrokkene 3], zijn vrouw, hem ook niet zou brengen. Ik zei tegen [betrokkene 1] "het is een mooie handel, wil je alsjeblieft komen". Dit herhaalde ik een aantal keren waardoor [betrokkene 1] er zat van werd en dat hij het gesprek beëindigde. Doordat het mislukte om [betrokkene 1] te lokken werden de mensen die mij gegijzeld hadden kwader en bedreigden zij mij met doodschieten. Ze brachten mij naar een andere kamer. Ik zag [aangever 2], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4]. Ik kreeg ook een matras. Mijn benen werden die nacht vastgebonden met een sjaal van wit grijze kleur. Ik hoorde [medeverdachte 1] tegen mij zeggen "ik hoorde wat er met jou gebeurd was. Ik kwam deze kant op. Ik sta garant dat er niks meer met je gebeurt". Verder hoorde ik hem zeggen dat het allemaal goed kwam. Voordat [betrokkene 1] er was merkte ik dat mijn ketting mij was afgenomen. Ik denk dat er constant ongeveer 10 man in de woning waren. Dit waren onder andere, [medeverdachte 2], man met bivakmuts, [medeverdachte 1] en [verdachte], [medeverdachte 4], man met Gronings accent en een Mark.

Toen [betrokkene 1] naar binnen werd gebracht hoorde ik een enorm kabaal bij de achterdeur. De muziek van de televisie moest toen op maximaal volume worden gezet. Mijn handen werden tevens vrij losjes op mijn rug gebonden. Er werd mij door [medeverdachte 2] verteld dat ik mee moest werken en dat ik tegen [betrokkene 1] moest zeggen dat zij twee (2) ton aan geld van hem moesten hebben. Ik heb dit vervolgens gedaan. Ik hoorde [betrokkene 1] zeggen "ik heb ja niks". Ik keek onder de onderkant van de zak door en ik zag dat [betrokkene 1] met zijn handen op zijn rug vastgebonden zitten. Ik zag tevens het zoontje van [betrokkene 1], genaamd [betrokkene 2], tegenover [betrokkene 1] aan de tafel zitten. Ik zag dat [betrokkene 2] ook een zak over zijn hoofd had gekregen en zijn handen op zijn rug waren vastgebonden. Ik zag dat [betrokkene 1] met een zak over zijn hoofd en met zijn handen vastgebonden op zijn rug naar boven werd gebracht. Ik zag dat [betrokkene 2]in het kamertje werd gebracht waar ik eerder had geslapen. [betrokkene 2] was nu niet meer vastgebonden. Ik moest hierop naar [betrokkene 2] toe. De zak was over het hoofd van [betrokkene 2] en hij was blij dat hij mij zag. Ik hoorde [betrokkene 2]zeggen dat hij met zijn moeder, [betrokkene 3], had gebeld en dat het goed kwam. Ik hoorde [betrokkene 2] zeggen dat ik geld moest gaan halen bij zijn moeder. Mijn gijzelnemers wilden eerst iemand anders naar [betrokkene 3] sturen maar [betrokkene 2] maakte hen duidelijk dat alleen ik geld kon krijgen bij [betrokkene 3]. Hierop kreeg ik van [medeverdachte 2] een pistool op mijn hoofd gericht. Ik moest hierop met [betrokkene 3] bellen. Ik hoorde [betrokkene 3] tegen mij zeggen dat ik alleen moest komen en als er iemand bij zou zijn dan zou zij deze overhoop schieten. Ik zei dat het goed was. De gijzelnemers kregen ruzie over wie met mij mee moest. Uiteindelijk ging [medeverdachte 3] met mij mee. Ik durfde geen politie te bellen bij [betrokkene 3] omdat er eerder door de groep was gedreigd dat als ik langer dan een kwartier bij [betrokkene 3] zou blijven dat [betrokkene 1] zou worden dood geschoten. Ik kwam bij [betrokkene 3] en ik zag dat [betrokkene 3] helemaal overstuur stond. Ze had het geld al klaar staan. Ze had het contant in de hand. Ik kreeg twee eurobiljetten van 500 euro en de rest bestaande uit 200 en 100 eurobiljetten.

Onderweg naar de boerderij zei [medeverdachte 3] dat hij later naar Winschoten zou komen en dat ik de eerder genoemde 3000 euro maar aan hem moest overhandigen. Ik mocht dit aan niemand vertellen behalve aan [medeverdachte 2]. Toen ik op de boerderij aankwam stond iedereen boven klaar.

Ik overhandigde later het geld aan [medeverdachte 2].

Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 17 maart 2012, opgenomen op pagina 87 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende de verklaring van [aangever 2]

[aangever 1] belde mij, hij vroeg of ik naar de McDonald’s wilde komen in Winschoten. Ik ben daar heen gereden, hij had iets voor mij of zo. Er is een wietplantage, daar is een sleutel van. Er waren nog twee jongens, [medeverdachte 3] en[medeverdachte 4]. Deze jongens waren er al bij op de parkeerplaats bij de McDonald’s. Ze wilden niet precies vertellen waar we heen gingen. Er werden aanwijzingen gegeven aan [aangever 1], waar hij heen moest rijden. Het was ongeveer 8 uur ’s avonds op een vrijdag. [medeverdachte 3] en[medeverdachte 4] liepen voorop, ze zeiden dat ze een sleutel hadden, maar de deur was gewoon open. Toen gebeurde het, er waren ineens allemaal mensen. Ik zag dat [aangever 1] werd gepakt, [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] niet, ik kon nog ontsnappen maar later hebben ze mij gevonden. Ik zag al dat [aangever 1] boven aan de trap zat, met vastgebonden handen. Ik hoorde dat [aangever 1] zei: niet doen niet doen. Ik kon toen niet zien dat hij geslagen werd, later zag ik dat wel.

Een oudere man met een bivakmuts had de leiding. Later begreep ik dat hij [medeverdachte 2] heette. De anderen hadden bivakmutsen op, die zou ik niet herkennen. Toen zei [medeverdachte 2]: "geef hem er een", ik kreeg toen een zachte klap in mijn gezicht van een man met een bivakmuts. Ik kreeg een tas over mijn hoofd. Ik hoorde dat een man met een Gronings accent ons moest bekijken of wij de personen waren die wiet hadden geript. We hebben er wel een paar uur gezeten. We zaten mijn zijn tweeën op een matrasje. We hebben hier heel lang gezeten. Mijn gevoel zei dat de nacht voorbij was, ik hoorde de volgende dag de vogels fluiten en zo. [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] zijn de hele nacht bij ons geweest. [aangever 1] en ik mochten absoluut niet met elkaar praten. [medeverdachte 2] kwam de kamer binnen en zei dat wij niet mochten praten. Toen die [medeverdachte 2] binnen kwam had hij nog steeds die bivakmuts op. Vervolgens gingen we naar die kleine badkamer. lk had op dat moment wel weer een tas over mijn hoofd. [medeverdachte 2] en ik waren alleen in die kleine badkamer, ik zag dat hij zijn bivakmuts van zijn hoofd haalde. Ik hoorde hem zeggen, kijk dit ben ik.[medeverdachte 4] moest van [medeverdachte 2] pizza’s halen. [aangever 1] en ik moesten van [medeverdachte 2] naar onze vriendin bellen en zeggen dat we in een hotel zaten in Amsterdam, zodat ze ons niet op zouden geven als vermist.

Zondag moest [aangever 1] die bolle weer bellen. [medeverdachte 3] en[medeverdachte 4] zeiden tegen mij dat ik die bolle op moest halen. Ze hadden afluisterapparatuur in de auto geplaatst en ik moest de namen en het adres van mijn vader en moeder voor ze opschrijven. Als ik wat zou proberen zouden ze me op komen zoeken. Dat papiertje moest ik aan [medeverdachte 2] geven. Ik moest samen met[medeverdachte 4] in de auto van [aangever 1] om die bolle op te halen. Dat is [betrokkene 1]. De zoon van [betrokkene 1] ging ook mee. [betrokkene 1] liep achter mij naar binnen gevolgd door zijn zoon en[medeverdachte 4]. Bij de boerderij liep ik naar binnen, gevolgd door [betrokkene 1] en zijn zoon en[medeverdachte 4]. Toen we binnen kwamen werden we besprongen door allemaal mensen. Op een gegeven moment werd ik naar de ruimte gebracht waar [betrokkene 1] en zijn zoon waren, Ik had weer een zak over mijn hoofd en mijn handen waren weer vast gebonden. Ik zag dat er meerdere personen met vuurwapens liepen. Ik heb sowieso drie vuurwapens gezien. Alle personen droegen op dat moment bivakmutsen, Ik denk dat er buiten,[medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] nog vier personen in die ruimte waren met bivakmutsen op. Ik heb gezien dat [betrokkene 1] en zijn zoon zijn geslagen. In die kamer was dus die [medeverdachte 2], [medeverdachte 1] en een blanke jongen die ik niet ken. Hij droeg een groen Adidas trainingspak. Op een gegeven moment kwamen die jongens met die bivakmutsen die kamer waar ik was weer in. Ik hoorde die personen zeggen, hij wil niet praten. Ik zag dat ze stanleymesjes en kniptangen pakten en de kamer van [betrokkene 1] en zijn zoon binnen gingen. Die personen waren daarvoor ook al in dat kamertje geweest. Toen die mannen dat kamertje in gingen hoorde ik daarna ook allemaal geschreeuw, "niet doen, niet doen". De zoon van [betrokkene 1] werd later in een ander kamertje gezet, zodat ze elkaar niet konden horen. Ik hoorde dat ze opnieuw met [betrokkene 1] gingen praten, die personen met de bivakmutsen kwamen weer die kamer uit. Ik hoorde de personen zeggen dat ze klaar waren, er zou geld komen van [betrokkene 1]. Ik heb begrepen dat het om 15000,- euro ging. [medeverdachte 2] zei tegen [aangever 1] dat hij dat geld op moest halen bij de vrouw van [betrokkene 1]. Toen [aangever 1] terug kwam had hij het geld bij zich in een enveloppe. [medeverdachte 2] ging met die andere personen dat geld tellen, dat bedrag bleek te kloppen. Er werden van allerlei spullen bij elkaar gepakt, de telefoons, vuurwapens, messen, stanleymessen, kniptangen alles. Dit deed de jongen in het groene trainingspak. Wij mochten hierna gaan.

Kort hierna stapten [betrokkene 1] en zijn zoon achter in de auto van [aangever 1]. Ik zag dat [betrokkene 1] flink klappen had gehad, ik zag dat hij bloed in zijn gezicht had. [betrokkene 1] heeft met zijn zoon de hele zondag in de boerderij gezeten en wij het hele weekend. Bij de groep van [medeverdachte 2] hoorden [medeverdachte 1],[medeverdachte 4], [medeverdachte 3], de jongen die Gronings sprak, de jongen met het groene trainingspak en een jongen met bivakmuts en een wollen colbert. U toont mij een aantal foto’s. Daarop herken ik 1.[medeverdachte 4], waarover ik heb gesproken in mijn verklaring, 3 [medeverdachte 2], waarover ik in mijn verklaring heb gesproken, 4, [aangever 1], 5 [medeverdachte 1], die zat in de kamer, 6 [verdachte], 10 [medeverdachte 3]. [aangever 1] heeft nog wel geld betaald, 3000,- euro of zo.

Een proces-verbaal van verhoor [verdachte] d.d. 27 maart 2012, opgenomen op pagina 97 e.v. van het persoonsdossier V10 [verdachte]

Het kan zijn dat ik [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] naar de McDonalds in Winschoten heb gebracht. Het kan dat ik [medeverdachte 4], [medeverdachte 3], [aangever 1] en [aangever 2] later tegenkwam in de witte Fiat Doblo van [aangever 1].

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 4] d.d. 20 maart 2012, opgenomen op pagina 102 e.v. van het persoonsdossier V03 [medeverdachte 4]

[medeverdachte 2] heeft gezegd dat [medeverdachte 3] en ik [aangever 1] mee moesten nemen naar de boerderij in Tripscompagnie. We moesten met [aangever 1] afspreken bij de McDonald’s. Toen we binnen kwamen bij de badkamer vloog de deur open. Er kwamen drie mannen te voorschijn met bivakmutsen. Die begonnen ons direct te slaan. Ik heb gezien dat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] daar aanwezig waren. [medeverdachte 2] had de leiding. In totaal waren er 8 mensen. [medeverdachte 2] zei tegen ons dat het net zo moest lijken dat wij bij [aangever 1] en [aangever 2] hoorden. [aangever 2] zat bij mij in de slaapkamer. [medeverdachte 2] had mij verteld dat ze [aangever 1] moesten hebben en dat [aangever 2] er niets mee te maken hadden. Toen [aangever 2] bij mij in de slaapkamer kwam werd hij vastgebonden door [medeverdachte 2]. Ze kregen een zak over het hoofd. [medeverdachte 2] had in het begin een bivakmust op maar deed in een later stadium zijn bivakmuts af. [medeverdachte 2] zei tegen [aangever 1] dat hij geld wilde zien. [aangever 1] zei dat hij geen geld had maar wel een kamper wist in Groningen. [aangever 1] heeft een paar keer gebeld. Ik sliep bij [aangever 1] en [aangever 2] op de kamer. Het klopt dat [aangever 1] en [aangever 2] op de bovenverdieping werden vast gehouden in een kamer en dat zij werden bewaakt door mij en [medeverdachte 3]. Toen [medeverdachte 2] binnenkwam moest het stil zijn. [aangever 1] en [aangever 2] moesten in opdracht van [medeverdachte 2] bellen naar hun vriendinnen en ze moesten zeggen dat ze in een hotel in Amsterdam waren.

In opdracht van [medeverdachte 2] heb ik pizza gehaald samen met [medeverdachte 7]. [medeverdachte 2] schreeuwde dat ik de verkeerde pizza’s had besteld. Toen zei ik tegen [medeverdachte 2] dat [medeverdachte 1] dat tegen mij had gezegd. Ik had toen wel door dat ik [medeverdachte 1] er ook bij verlinkt had. [medeverdachte 2] zei tegen mij dat ik dom had gedaan om de naam van [medeverdachte 1] te noemen want nu wisten [aangever 1] en [aangever 2] dat [medeverdachte 1] er ook bij was.

[medeverdachte 2] had een vuurwapen toen wij voor de eerste keer in de boerderij kwamen. [aangever 1] en [aangever 2] moesten alles afgeven. [aangever 1] had een bloedlip, hij had schrammen op zijn gezicht en was 1 of 2 tanden kwijt. [aangever 1] vertelde mij dat [medeverdachte 2] had geprobeerd om een oor van het hoofd van [aangever 1] af te knippen. De volgende dag, zondag, haalde ik samen met [aangever 2] [betrokkene 1] uit Groningen naar Tripscompagnie. [betrokkene 1] stapte in de auto met zijn zoontje. Die zoon begon heel vrolijk met mij te praten of de handel, de weed zeg maar, goed was. Ik vond dat vreselijk omdat ik wist wat er in die boerderij ging gebeuren. Toen we de boerderij binnenkwamen kwamen [medeverdachte 2], [medeverdachte 7] en nog een gast er uit met een zwart Gucci trainingspak aan en een witte Armanisjaal voor zijn hoofd. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 7] hadden elk een vuurwapen in handen. [medeverdachte 2] had een zilverkleurig vuurwapen in zijn handen en [medeverdachte 7] had een zwart vuurwapen volgens mij. [medeverdachte 7] had een bivakmuts op en een groen vest aan. [betrokkene 1] en zijn zoon zijn geslagen en met vuurwapens bedreigd. Er zou betaald worden en [aangever 1] moest met [medeverdachte 3] het geld gaan halen bij de vrouw van die kamper. Het zoontje van [betrokkene 1] moest van [medeverdachte 2] bellen met zijn moeder en hij moest van [medeverdachte 2] zeggen dat [medeverdachte 2] 15.000 Euro nodig had. [aangever 1] en [medeverdachte 3] gingen het geld ophalen. [aangever 1] gaf het geld aan [medeverdachte 2]. Gezegd werd dat het € 15.000,- was. Ik kreeg van [medeverdachte 1] naderhand € 500,- als zwijggeld.

Het klopt dat [verdachte] bij dat Esso station was, toen [aangever 1] daar gestopt was op weg naar de boerderij in Tripscompagnie. Ik heb gezien dat [medeverdachte 2] [aangever 1] sloeg. Ik hoorde dat [betrokkene 1] werd geslagen. [aangever 1] had schrammen en een bloedlip en ½ tanden los. [betrokkene 1] had een snee in zijn voorhoofd. De gijzeling heeft 3 dagen en 2 nachten geduurd voor [aangever 1] en [aangever 2] en voor [betrokkene 1] en zijn zoon de zondag.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 3] d.d. 22 maart 2012, opgenomen op pagina 78 e.v. van het persoonsdossier V14 [medeverdachte 3]

Het plan is 2 dagen voor de gijzeling ontstaan. Daarbij waren [medeverdachte 2], [verdachte], [medeverdachte 1],[medeverdachte 4], een Turkse jongen uit Delfzijl en ik. Onder dwang van [medeverdachte 2] moesten [medeverdachte 4] en ik [aangever 1] halen. Ik had een sleutel van [medeverdachte 2] gekregen. We hadden [aangever 1] gebeld en afgesproken bij de McDonald’s in Winschoten. We vertelden [aangever 1] dat we een weedplantage wisten en dat we die zou gaan rippen. [aangever 1] voelde daar wel voor. [aangever 1] ging toen [aangever 2] halen. Onderweg naar de boerderij kwamen we [verdachte] tegen op de A7. Bij de boerderij zijn we naar binnen gegaan en toen hoorde ik [medeverdachte 2] schreeuwen. Ik hoorde later dat [medeverdachte 6] de deur achter ons dicht moest doen. Er was afgesproken dat ik alleen met hun naar boven zou lopen. Plotseling ging de deur van de badkamer open en ik zag een manspersoon uit de badkamer komen. Dat was [medeverdachte 2] want ik herkende hem aan zijn stem. Die Turkse jongen was er ook bij maar zijn naam ken ik niet, ik weet wel dat hij gestoken is geweest door een Antilliaans meisje en hij heeft een tatoeage op een van zijn handen een AK-47. Boven kwamen [medeverdachte 2] en die Turkse jongen uit de badkamer.

[medeverdachte 2] en die Turkse jongen begonnen ons direct te slaan. [aangever 1] kreeg klappen maar[medeverdachte 4] en ik ook. [aangever 2] was ontsnapt maar ik heb hem opgehaald. Ik zei tegen [aangever 2] dat [medeverdachte 2] alleen met [aangever 1] wilde praten omdat [aangever 1] de plantage van [medeverdachte 2] had geript. Ik ben daarna met [aangever 2] weer naar binnen gegaan en we zijn weer naar boven gelopen. Ik zag dat [aangever 1] boven zat en dat zijn handen waren vast gebonden. [medeverdachte 2] en die Turk waren bij [aangever 1], ik was bij [aangever 2]. Ik nam plaats samen met [aangever 2] in een andere hoek van de overloop. [medeverdachte 2] zei dat [aangever 2] zijn spullen moest afgeven. [aangever 2] wilde dat niet en toen kwam die Turkse jongen en die sloeg [aangever 2] Later sloeg die Turkse jongen [aangever 1]. Dat hoorde ik. Ze moesten hun spullen afgeven. [medeverdachte 2] en de Turkse jongen waren beide gemaskerd. [medeverdachte 2] heeft [aangever 1] vastgebonden en heeft hem naar de badkamer gebracht. Ik moest mee naar binnen. [medeverdachte 2] had een McDonald’s tasje en die deed hij over het hoofd van [aangever 1]. Ik moest van [medeverdachte 2] op [aangever 1] letten. De Turk had een zwart Gucci-pak aan en een bivakmuts op zijn hoofd. Het was een zwart Gucci trainingspak. Ik zag dat [aangever 2] in die badkamer was en dat[medeverdachte 4] er vlak bij in de gang stond. Ik ben de badkamer ingegaan en zag dat [aangever 2] ook vastgebonden was aan zijn handen. [medeverdachte 1] was in de woonkamer, [medeverdachte 6] en de vriendin van [medeverdachte 6], [naam vriendin medeverdachte 6] of zoiets lag te slapen. [verdachte] gaf via de ping opdrachten aan [medeverdachte 1] en die vertelde dat aan [medeverdachte 2]. [medeverdachte 2] had twee pistolen een zwarte en een zilverkleurige.[medeverdachte 4] en ik moesten van [medeverdachte 2] bij [aangever 1] en [aangever 2] slapen. Er stond een bank buiten de slaapkamer, vlakbij de deur. [medeverdachte 2], [naam], [medeverdachte 1] en[medeverdachte 6] zaten op die bank. De volgende ochtend was het zaterdag. [aangever 1] moest een man bellen uit Groningen. [medeverdachte 2] wilde 1 of 2 ton.

[medeverdachte 4] en ik hebben pizza’s gehaald. De rol van [medeverdachte 1] en [verdachte] was dat zij met informatie over [aangever 1] kwamen, zodat [medeverdachte 2] [aangever 1] onder druk kon zetten. Toen we terugkwamen waren [verdachte], [medeverdachte 1], [medeverdachte 2] en die Turk aanwezig. Op zondag is die man uit Groningen gehaald. Er was een plan gemaakt voor als die man er zou zijn. Daar waren bij [verdachte], [medeverdachte 1], die Turkse jongen, [medeverdachte 2], ik. Volgens mij zei iemand dat "ze" er aan kwamen. [medeverdachte 2] zei dat iedereen naar beneden moest. We liepen naar beneden en stonden in de kleine gang. Iedereen had zijn gezicht bedekt met hetzij een bivakmuts of een sjaal. We stonden volgens mij met vier man beneden te wachten tot zij binnen kwamen. Wij stonden in de gang. "Zij" kwamen binnen. [medeverdachte 2] was in de badkamer beneden. [medeverdachte 2] had een vuurwapen bij zich zodat die man geen kant meer op kon. Zij liepen de gang in en gingen voorbij de badkamer beneden. Dus [medeverdachte 2] benaderde het groepje van achteren. De Turk liep voorop met een pistool. [medeverdachte 2] liep dus achteraan met een pistool.

Ik zag dat de deur van de hal open gaat en dat [medeverdachte 4] voorop loopt en dat de kamper achter hem loopt. Op dat moment drukt die Turkse jongen met een vuurwapen in zijn hand [medeverdachte 4] en de kamper terug de hal in. Ik zag dat er nog iemand bij was die later de zoon van de kamper bleek te zijn. [medeverdachte 2] kwam uit de badkamer en sloot de route naar buiten af. [medeverdachte 2] was gemaskerd en had een vuurwapen in zijn hand. [medeverdachte 2] en die Turkse jongen riepen tegen de kamper en zijn zoon dat ze op de grond moesten gaan liggen. Er werd met de vuurwapens gericht en ze moesten onder dwang gaan liggen. Toen werden ze vast gebonden. [medeverdachte 2] zei tegen mij dat ik die kamper moest vastbinden. Dat deed ik ook. Ik deed dat met een stuk touw welke ik kreeg van [medeverdachte 2]. [medeverdachte 1] bond die jongen vast. Het was een lang stuk touw en [medeverdachte 1] sneed eerst het touw in tweeën. [medeverdachte 2] en die Turkse jongen stonden tijdens het vastbinden met hun vuurwapens gericht op de kamper en zijn zoon. De kamper en zijn zoon werden naar boven gebracht. Die zoon ging naar de slaapkamer met die matrassen en die kamper zelf ging naar de slaapkamer met het bed. Ik bleef bij die vader en[medeverdachte 4] was bij die zoon. [medeverdachte 2] liep aldoor tussen de beide slaapkamers heen en weer. [medeverdachte 2] sloeg en schopte de vader, ook met de achterkant van zijn pistool. [medeverdachte 2] schreeuwde dat hij 2 of 3 ton wilde hebben. De vader zei dat hij 15.000 Euro kon betalen. Ik moest in opdracht van [medeverdachte 2] samen met [aangever 1] naar Groningen rijden. [aangever 1] zette mij af en hij ging er alleen heen. Toen hij terug kwam had hij een pakketje met geld en toen zijn we terug gereden. Ik zag dat [aangever 1] het geld aan [medeverdachte 2] gaf. Het was een pakketje met bankbiljetten er zat niets om heen.

[medeverdachte 7] was er ook bij. Dat is een jongen in een groen trainingspak.

We gingen toen weg. [medeverdachte 1], [medeverdachte 2], [verdachte], die Turkse jongen en [medeverdachte 4] zaten in de witte Citroën en [medeverdachte 7] reed in een groene Opel Astra diesel van 99, dat is de auto van [medeverdachte 1] samen met mij. We zijn met ons allen naar Groningen gereden en later troffen wij elkaar bij een shoarma tent in Groningen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 30 maart 2012, opgenomen op pagina 76 e.v. van het persoonsdossier V12 [medeverdachte 7]

Eind juli begin augustus 2011 was ik met [verdachte], [medeverdachte 1], [medeverdachte 3],[medeverdachte 4],[medeverdachte 2] en een mij onbekende persoon op de bovenverdieping van de boerderij in Tripscompagnie.[medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] gingen weg. Na een tijd hoorde ik dat de achterdeur van de boerderij hard werd dichtgeslagen en hoorde ik beneden een hoop lawaai en geschreeuw. Ik zag in de badkamer drie personen met sjaals voor hun mond en mutsen over hun hoofd. Verder zag ik dat er een persoon op de grond zat met een zak over zijn hoofd. Ik wist dat de vermomde personen in de badkamer [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en de mij onbekende persoon waren omdat ik hen hoorde schreeuwen en hun stemmen herkende. Ook herkende ik hen aan hun kleding.

Toen ik de gang in kwam zag ik dat [medeverdachte 2] uit de badkamer stapte. In de gang waar de WC zit gekomen zag ik [medeverdachte 4] bij de deur van het washok zitten. Hij vertelde mij dat er twee personen waren opgesloten. Deze personen waren volgens hem met een smoes naar de boerderij gelokt. De smoes was volgens [medeverdachte 4] dat er weed in de boerderij te koop zou zijn.

[medeverdachte 1] zat in kamer op de bank. Ik zat lang met [medeverdachte 1] op de bank. Inmiddels had ik uit de gesprekken die er plaats vonden tussen [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] op gemaakt dat een van de gegijzelde jongens [aangever 1] was. Op een gegeven moment hoorde ik de deur van de badkamer, de deur van de kamer en tenslotte de deur van een slaapkamer. Ik kreeg de indruk dat de persoon die in de badkamer had gezeten naar een slaapkamer was gebracht. Inmiddels had ik uit de gesprekken die er plaats vonden tussen [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] op gemaakt dat een van de gegijzelde jongens [aangever 1] was. Een tijdje later hoorde ik dat de deur van de kamer weer open gaan gevolgd door de deur van een van de slaapkamers. Ik zag dat [medeverdachte 4] de woonkamer binnen kwam. Ik leidde hieruit af dat de tweede gegijzelde persoon ook naar de slaapkamer was gebracht. Kort hierop hoorde ik [medeverdachte 2] [medeverdachte 4] roepen. Ik hoorde dat [medeverdachte 2] tegen[medeverdachte 4] zei dat hij de slaapkamer in moest gaan. [medeverdachte 3] kwam de woonkamer vervolgens ook binnen. Hij was nog steeds vermomd. De volgende dag zag ik dat [medeverdachte 2] in de keuken was en dat [medeverdachte 1] op de bank lag te slapen. Kort hierop zag ik [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] in de woonkamer.

U toont mij een aantal foto’s.

De persoon op bijlage 1 is[medeverdachte 4]. Hij was bij de gijzeling aanwezig.

De persoon op bijlage 3 is [medeverdachte 2]. Hij had de leiding bij de gijzeling.

De persoon op bijlage 5 is [medeverdachte 1]. Hij was bij de gijzeling aanwezig.

De persoon op bijlage 6 is [verdachte]. Hij was bij de gijzeling aanwezig.

De persoon op bijlage 8 heb ik wel eens gezien. Volgens mij was hij bij de gijzeling aanwezig. Dit is de persoon die ik hiervoor heb benoemd als de mij onbekende man. Ik weet dit omdat hij op het laatst van de gijzeling zijn vermomming af deed en ik zijn gezicht zag.

De persoon op bijlage 10 is [medeverdachte 3]. Hij was bij de gijzeling.

De tweede dag hoorde ik [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] praten dat er iemand gebeld moest worden waar ze geld van wilden afpersen. Deze man moest ook naar de boerderij worden gelokt. 's Avonds kwam [medeverdachte 2] naar mij toe met de vraag of ik de man die ze naar de boerderij wilden lokken wilde gaan ophalen in Groningen met een auto. Dit was de man die door [aangever 1] was gebeld.

Ik reed met de auto naar de aangegeven plaats. Op de afgesproken plek trof ik een man. Ik sprak de man aan en zei dat [aangever 1] mij had gestuurd om hem op te halen. De man gaf aan morgen te komen. Ik reed hierop terug naar de boerderij in Tripscompagnie. Ik liep naar [medeverdachte 2] en zei tegen hem dat de man niet mee wilde en dat hij morgen zou komen. Op dat moment waren in de woonkamer in elk geval [verdachte] en [medeverdachte 1]. De volgende dag gingen [aangever 1] en [medeverdachte 4] de man ophalen. [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en de man van bijlage 8 verlieten de woonkamer. Voordat ze dit deden vermomden ze zich met sjaals en mutsen. Na een tijd hoorde ik veel lawaai beneden. Ik hoorde geschreeuw. Ik hoorde onder andere: "Ga op de grond liggen". Verder hoorde ik dat er een worsteling plaats vond. Ik kon dit alles horen omdat het in boerderij erg gehorig is. Ik zag dat [medeverdachte 2], [medeverdachte 3] en de onbekende persoon in de badkamer stonden. Ik zag dat er een man tegen de verwarming in de badkamer zat. Ik zag dat deze man geblinddoekt was. Ik zag dat er een persoon met een zak over zijn hoofd in het washok zat.

Er is € 15.000,- betaald en toen konden de gegijzelden weer vertrekken. Ik heb 250 euro gekregen van [medeverdachte 2]. Dit was omdat ik naar Groningen was gereden. Verder hebben de man van bijlage 8 en [verdachte] geld gekregen van de 15.000,- euro.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 1 april 2012, opgenomen op pagina 84 e.v. van het persoonsdossier V12 [medeverdachte 7]

Op de derde dag hoorde ik lawaai. Ik bleef toen in de woonkamer, tv kijken samen met [medeverdachte 1]. [medeverdachte 1] zette het geluid van de tv harder. Ik zag dat de man die ik de dag ervoor moest ophalen uit Groningen in één van de slaapkamers werd geduwd door [medeverdachte 3], [medeverdachte 2] en de man van bijlage 8. Later kwam [medeverdachte 2] weer in de woonkamer en deed zijn vermomming af en ik zag dat hij helemaal bezweet was. [medeverdachte 2] had een grijze muts en een grijze sjaal als vermomming, ik dacht van het merk Armani. Ik hoorde gesprekken tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] dat de man geld moest betalen. Dat de man veel geld had. Ik hoorde [medeverdachte 2] tegen [medeverdachte 1] zeggen dat het niet lang meer ging duren. ik kon horen dat ze tegen de man schreeuwden. Ik kon horen dat er tegen de man werd gezegd dat hij moest bellen of dat er anders iets ging gebeuren. Ik heb later ook gehoord dat [medeverdachte 2] hem toen bedreigd heeft met een schaar. Ik heb gehoord dat [medeverdachte 2] de man dreigde een oor af te knippen. Ik heb gezien dat [medeverdachte 2] naar de keuken ging om iets uit de keukenla te halen. Omdat er werd geschreeuwd dat [medeverdachte 2] de man een oor wilde afknippen, dacht ik dat hij een schaar ging ophalen. Ik heb ook gehoord dat [medeverdachte 2] tegen de man schreeuwde dat als de man niet ging bellen en niet ging betalen dat hij het zoontje van de man iets zou aandoen. Uiteindelijk heeft de man gebeld. Het geld is toen opgehaald. Ik zat op dat moment in de kamer met [medeverdachte 1]. [medeverdachte 2] beslist dan dat alle gegijzelden vrij gelaten mogen worden. [medeverdachte 2] heeft mij toen opdracht gegeven om de woonkamer op te ruimen.

We reden toen weg en later troffen we [medeverdachte 2], [medeverdachte ], [medeverdachte 4] en de man van bijlage 8. We gingen naar een shoarmazaak. Ik ging met [medeverdachte 2], [medeverdachte 3], [medeverdachte 1] en de man van bijlage 8 weg.[medeverdachte 4] werd afgezet bij de witte Citroen. In de auto kreeg de man van bijlage 8 geld van [medeverdachte 2], volgens mij iets van 1500 euro. Vlak voordat ik thuis was kreeg ik mijn geld, 250 euro. Twee dagen later moest ik van [medeverdachte 3] het pistool in het water gooien.

Ik herinner me dat [medeverdachte 2] zenuwachtig heen en weer liep en dat hij dan naar [medeverdachte 1] liep en dat [medeverdachte 1] toen aan [medeverdachte 2] een bericht op zijn telefoon liet zien.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 5]n d.d. 8 maart 2012, opgenomen op pagina 82 e.v. van het persoonsdossier V 08 [medeverdachte 5]

Mijn roepnaam is [voornaam medeverdachte 5]. De tatoeage AK-47 heb ik zo’n 5 jaar.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 6] d.d. 11 april 2012, opgenomen op pagina 52 e.v. van het persoonsdossier V 09 [medeverdachte 6]

Ik hoorde van [medeverdachte 2] dat ze degene die het weedhok geript had zijn geld of de weed zouden afpakken. [medeverdachte 2] vertelde dat er twee jongens zouden komen. [medeverdachte 3], [medeverdachte 4] en [medeverdachte 2] waren bij dat overleg en ook [medeverdachte 5] op bijlage 8. Heeft een tatoeage op zijn hand. [verdachte] is pas later gekomen. [medeverdachte 2] was vermomd met een wit met grijze Armani sjaal en een muts.

Boven aan de trap zag ik dat er twee mij onbekende jongens met hun buik op de grond lagen. Ik zag dat hun handen op de rug waren vast gebonden Ik zag dat bij de jongens een persoon stond die ik herkende als [medeverdachte 5], hij was ook vermomd. [medeverdachte 5] droeg een glimmend Gucci pak, ik heb zelf ook zo’n pak. De jongen in het Gucci pak herken ik ook van de foto op bijlage 8. [medeverdachte 1] zat ook in die woonkamer. Ik zei tegen hem ik heb hier geen zin in. Ik hoorde [medeverdachte 1] zeggen: "[medeverdachte 6] waarom denk je dat ik hier zit, ik heb hier ook geen zin in".

Ik moest van [medeverdachte 2] namen noemen in het Gronings. [verdachte] was er op dat moment ook, die fluisterde die namen in het oor van [medeverdachte 2]. Ik denk dat dit omstreeks 02.00 of 03.00 uur in de nacht was. Ik begreep dat ze geld van die twee jongens wilde hebben maar dat deze jongens helemaal geen geld hadden. Ik hoorde één van de jongens zeggen: "ik heb het niet, ik heb het niet.". Op het moment dat ik dit tegen die jongens moest zeggen, stonden hier bij [medeverdachte 2], [medeverdachte 5] en [medeverdachte 3]. Rond 07.00 uur ben ik weg gegaan.

Ik heb die jongens horen krijsen als speenvarkens. Ook klonk het alsof ze klappen kregen. Ze hadden vooral die ene jongen nodig, de jongen die niet is weggelopen.

Een proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 28 augustus 2011, opgenomen op pagina 100 e.v. van voornoemd dossier Zeespin, inhoudende de verklaring van [getuige 1]

Ik huur de woning aan de [straat] te Tripscompagnie. Ik hoorde twee of drie weken geleden op een zaterdag dat er iemand klappen kreeg, ik hoorde een jongen huilen. Het was rond 23.30 uur, ik hoorde het geluid van een harde slag op mensenhuid, ik kan dit niet omschrijven. Er werd luid geschreeuwd en gehuild. Het gehuil klonk als een Nederlandse jongen. De herrie ging de hele nacht door. Zondagochtend ging ik weg, toen ik 's middags terug kwam was de ruzie nog gaande.

Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 maart 2012, opgenomen op pagina 25 e.v. van voornoemd dossier Zeespin,

[betrokkene 3] [betrokkene 3]verklaart dat zij uit angst geen aangifte willen doen. Zij wil eerst met [betrokkene 1] overleggen. Ik deelde haar mede dat wij kwamen in verband met de gijzeling van haar man [betrokkene 1] en haar zoontje [betrokkene 2]in juli/augustus 2011 en de betaling van losgeld voor hun vrijlating. Wij hoorden haar hierop zeggen: "Dat jullie hier nu pas voor komen. Het is al meer dan een half jaar geleden. Ik heb inderdaad geld betaald en het koste mij veel moeite om het geld bij elkaar te krijgen. Voor [betrokkene 2]is het een erg traumatische gebeurtenis geweest en zijn gedrag is na de gijzeling veranderd. Hij zit er volgens mij nog steeds heel erg mee, maar praat er niet over." We zagen dat ze bij het uitspreken van de woorden in tranen uit barste. Wij hoorden [betrokkene 3] hierop zeggen:" We willen wel aangifte doen, maar onze veiligheid is niet gewaarborgd. We zijn bang dat men [betrokkene 2] iets aan gaat doen op het moment dat we wel aangifte doen. “

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Uit de gebezigde bewijsmiddelen vloeit naar het oordeel van de rechtbank voort dat verdachte in het weekend van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011 aanwezig is geweest en heeft deelgenomen aan de ten laste gelegde feiten in de boerderij [straat] te Tripscompagnie. Verdachte heeft verklaard dat het kan zijn dat hij [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] naar de McDonald’s heeft gebracht. Aangever [aangever 1] heeft verklaard dat verdachte in de boerderij aanwezig was. Deze aangifte wordt ondersteund door de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 3]. [medeverdachte 3] heeft onder meer verklaard dat verdachte heeft deelgenomen aan het ontstaan van het plan om [aangever 1] geld af te persen. Daarnaast heeft [medeverdachte 3] verklaard dat verdachte via de ping opdrachten gaf aan medeverdachte [medeverdachte 1], die deze op zijn beurt doorgaf aan [medeverdachte 2] (medeverdachte 2). [medeverdachte 3] heeft bovendien verklaard dat verdachte heeft deelgenomen aan het plan om [betrokkene 1] met een smoes naar de boerderij te lokken en hem geld af te persen. De aanwezigheid van verdachte wordt voorts bevestigd door de verklaring van [medeverdachte 7], die over de aanwezigheid van verdachte op twee verschillende momenten heeft verklaard. De aanwezigheid wordt tevens bevestigd door [medeverdachte 6], die heeft verklaard dat verdachte namen fluisterde in het oor van [medeverdachte 2]. [medeverdachte 7] en [medeverdachte 6] hebben daarbij specifiek verklaard omtrent het tijdstip van de aanwezigheid van verdachte. [medeverdachte 7] heeft voorts verklaard dat verdachte in de buit heeft gedeeld.

Hoewel [medeverdachte 3] later op zijn bij de politie afgelegde verklaring is teruggekomen bij de rechter-commissaris, acht de rechtbank zijn bij de politie afgelegde verklaring bruikbaar voor het bewijs. Deze verklaring is een uitvoerige en gedetailleerde verklaring die tevens wordt ondersteund door de overige gebezigde bewijsmiddelen. Deze verklaring is tevens niet het enige bewijsmiddel waaruit rechtstreeks de betrokkenheid van verdachte bij de ten laste gelegde feiten volgt. De rechtbank acht de verklaring, waarin [medeverdachte 3] op zijn bij de politie afgelegde verklaring is teruggekomen, daarom ongeloofwaardig. Het verweer van de raadsvrouw, dat de verklaring van [medeverdachte 3] die hij bij de politie heeft afgelegd niet kan worden gebezigd voor het bewijs, zal de rechtbank dan ook verwerpen.

Gelet op het voorgaande en de gebezigde bewijsmiddelen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan. De rechtbank zal het onder 2 ten laste gelegde splitsen in een A en B gedeelte.

Ten laste gelegde onder 4 en 5

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 8 november 2011, opgenomen op pagina 12 e.v. van het dossier nr. 01COP11008, d.d. 26 april 2012 van Regiopolitie Groningen, inhoudende de verklaring van [aangever 1]

Op maandag 7 november 2011 omstreeks 06.10 uur haalde ik aan het adres [straat] 22 te [plaats] mijn collega [aangever 2] op. Op het moment dat [aangever 2] en ik bij de achterdeur stonden hoorde ik het geluid van gierende banden van een auto. Ik herkende het geluid van een auto welke met zeer hoge snelheid en piepende banden wegrijdt. Aan de voorzijde van de woning zag ik op de [straat] twee auto's achter elkaar met hoge snelheid wegrijden. Toen ik bij mijn bedrijfsbus kwam die geparkeerd stond in de berm aan de zijde van de weg van de woning van [aangever 2], zag ik dat de band van de bus lek was. Later, toen ik de band verwisselde, ontdekte ik een snee, vermoedelijk ontstaan door een scherp voorwerp, waardoor het lek is ontstaan. Ondertussen zijn de voornoemde auto's een keer of drie(3) of vier(4) voorbij komen rijden. Ik zag dat een kleine blauwe Mazda met een cabriodakje aan kwam rijden en stopte ter hoogte van mijn bus. In de auto zag ik drie personen zitten. Een van de inzittenden zat op de achterbank, op de plaats achter de passagiersstoel. Ik zag dat deze persoon een op een vuurwapen gelijkend voorwerp vasthield. Ik zag dat deze persoon het vuurwapen op ons richtte. Hij hield het wapen horizontaal met gestrekte arm. Ik zag dat de inzittende met het vuurwapen uitstapte. Ik zag dat de persoon het vuurwapen nog steeds vasthield. Volgens mij heeft de blauwe Mazda wel tien (10) minuten in de buurt van de woning van [aangever 2] gestaan.

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 7 november 2011, opgenomen op pagina 17 van voornoemd dossier, inhoudende de verklaring van [aangever 2]

Op 7 november kwamen [aangever 1] en ik door de achterdeur van mijn woning aan de [straat] te [plaats]. Ik hoorde een auto met gierende banden wegrijden ter hoogte van mijn hekwerk aan de openbare weg. Ik zie dat het om twee auto’s gaat. Ik weet wel dat de Volvo Station en de Volkswagen 4 meerdere keren langs de woning zijn gereden.

We zagen dat de rechter achterband van de bestelbus van [aangever 1] lek was. Ik zag een kleine blauwe Mazda aanrijden met een stoffen dakje. Ik zie hierin zeker drie personen zitten, welke van Turks of Marokkaans uiterlijk zijn. Ik zie op dat zelfde moment dat een man, welke achter de bestuurder zit met zijn arm uit het achterraam met een vuurwapen zwaait. Ik voelde mij op dat moment erg bedreigd en was bang dat er op mij of mijn kameraad geschoten zou worden.

Ik zag toen ik binnen was dat de auto was gekeerd en dat de auto stopte voor de woning. Ik zag dat er iemand van achteruit de auto kwam gestapt. Ik zag dat deze jongen aan de zijkant van het hek bleef staan. Ik zag dat de auto met personen nog zeker 10 minuten bleven staan.

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 6 november 2011, opgenomen op pagina 21 van voornoemd dossier, inhoudende de verklaring van [aangever 2]

Ik denk dat het te maken heeft met wat er in mijn loods zat. Er zat een hennepkwekerij in een van mijn loodsen. Op 7 november hoorde ik ’s ochtends lawaai en ging kijken. Toen ik de hoek opkwam zag ik een persoon uit die loods komen. Door de lichtsensor bij de loods kon ik alles goed bekijken. Dit was een man, normaal postuur, hij droeg een capuchon. Hij kon lopen als een haas en liep richting de buren op 24, waar hij toen is heen gerend heb ik niet gezien. Ik zag dat de man niets bij zich droeg, dat hij niets in zijn handen had. Toen ik bij de deur kwam zag ik dat de volledige deur eruit lag.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 2] d.d. 8 november 2011, opgenomen op pagina 71 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 2]

We zijn er met z'n allen heengegaan en zouden 'ze' gaan rippen. Als het nodig was zouden we gaan vechten.[medeverdachte 4] vertelde dat enkele andere jongens al eerder geprobeerd hadden die ochtend het weedhok leeg te halen.[medeverdachte 4] vroeg [medeverdachte 3] en mij om mee te gaan voor extra hulp. Zij vertelden over de mislukte rip en vervolgens werd er een nieuw plan gemaakt. [medeverdachte 3],[medeverdachte 4] en ik en nog een andere jongen die ik niet ken, zouden via de achterkant naar het weedhok. Een andere groep jongens zou voor het huis in de auto blijven staan en toeteren. Dit voor afleiding. We zijn in de auto gestapt en naar de plaats gereden waar het weedhok was. Dit was in [plaats] aan de [straat] 22. We lopen naar de achterkant van de woning en we zagen daar een persoon buiten staan. Ook zagen we twee honden aan een ketting. De afleiding en de rip was weer mislukt. We kregen van de andere jongens te horen dat wij terug moesten gaan naar de woning en daar roepen "Weedhok leeghalen, anders bel ik de politie." We zijn teruggereden. Ik ben uitgestapt en heb dit geroepen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 2] d.d. 9 februari 2012, opgenomen op pagina 77 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 2]

[medeverdachte 7],[medeverdachte 4], [medeverdachte 3] en de onbekende jongen van bijlage 7 en ik waren erbij betrokken.

We gingen eerst naar een parkeerplek, een carpoolplek vlakbij Hoogezand. Wij

drieën zaten in een blauwe Mazda 121, dat is die auto van [medeverdachte 3]. [verdachte] was daar ook, [medeverdachte 7], de onbekende man op bijlage 7 en de onbekende man op bijlage 8, zij waren met 2 auto's gekomen, een Volvo V40 en een VW Golf 4. De Volvo was van [verdachte] en de VW Golf was van de onbekende Turk, op bijlage 8. De VW Golf had geblindeerde ramen, diesel, zwart van kleur. Vanaf de carpoolplaats reden we naar [plaats], We reden in de Mazda 121. Ik, [medeverdachte 7], [medeverdachte 3], de onbekende man van bijlage 7 en [medeverdachte 4]. De overige 2 mensen reden achter ons aan. De onbekende Turk, van bijlage 8 in de Golf 4 en [verdachte] reed in die Volvo. In [plaats] bleven zij wachten en wij reden naar de woning met de wietkwekerij. Bij de woning ben ik uitgestapt, alleen. Ik zag 2 mensen rondlopen en een hond. Ik ging terug en er kwam een ander plan. We zouden er heen rijden en roepen dat ze het wiethok moesten leeghalen. Dan ontmoeten we [verdachte] en de Turk van bijlage 8 in [plaats].

We reden met alle drie de auto's terug naar die woning. Iedereen zat in dezelfde auto zoals ik net al had gezegd, alleen [medeverdachte 7] zat bij [verdachte] in. De auto waar ik in zat, reed een aantal keren langs de woning. Eerst om het huisnummer goed te kunnen zien, daarna om de straat goed te kunnen zien en daarna zijn wij voor het huis gaan staan. Ik schreeuwde dat ze het wiethok moesten leeghalen. We hebben daar 3 à 4 minuten gestaan.

[verdachte], [medeverdachte 7], de onbekende man van bijlage 7 en de onbekende man van bijlage 8 die waren er die nacht al eerder geweest. Zij hadden de deur opengebroken en toen kwam `die man" eraan en toen zijn zij weggegaan. Zij hadden gezien dat de wiet klaar was.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 4] d.d. 8 november 2011, opgenomen op pagina 71 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 4]

[verdachte] belde mij gisterochtend heel vroeg. Hij zei tegen mij dat hij enkele mensen naar een weedhok had gestuurd om die te rippen. Hij vertelde dat dit was mislukt en of ik mee wilde en enkele andere mensen wist die ik mee kon nemen. Ik zei tegen hem dat het goed was en dat ik er aan zou komen. In Hoogezand trof ik [medeverdachte 1], [medeverdachte 5] (uit Delfzijl), [medeverdachte 7] (uit Winschoten). Verder waren er nog drie andere jongens. [medeverdachte 1] vertelde mij dat zij hadden geprobeerd de deur van een schuur achter een woning in [plaats] open te breken. Dit was gelukt, maar toen kwam er iemand aan, waarna zij allemaal zijn weggerend. [medeverdachte 1] zei we willen nog een keer heen, maar nu met meer mensen. Ik zei tegen [medeverdachte 1] dat het goed was, maar dat we het wel op een andere manier zouden doen. Ik zei dat we voor de woning moesten gaan staan en de mensen uit de woning voor de keus moesten gaan stellen. Ik zei tegen [medeverdachte 1] dat we zouden moeten zeggen dat wij de helft van de opbrengst wilden hebben of dat we anders de politie zouden gaan bellen. Dat vond [medeverdachte 1] goed. Daarna ben ik naar Scheemda gereden om [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] op te halen. Ik ben teruggereden naar de carpoolplaats in Hoogezand nabij de Meubelhallen. Dat was de afgesproken plaats om de andere jongens weer te treffen. De andere jongens waren in 2 auto's, een donker blauwe Golf en een Volvo V40 kleur licht blauw. We zijn richting [plaats] gereden en kwamen op de [straat]. Wij zijn iets doorgereden naar de kassen. De andere twee auto's zijn bij de woning gestopt. De bedoeling was dat zij daar voor wat kabaal zouden zorgen, zodat de bewoners naar buiten zouden komen. Daarna zijn de andere auto’s doorgereden. Toen alle drie de auto's nabij de kassen stonden, zijn wij omgekeerd en zijn alle drie de auto's weer voor de woning langsgereden. Bij de kassen was er iemand van de andere jongens, de vriend van [medeverdachte 5] (de eigenaar van de VW Golf), uit Delfzijl bij ons in de auto gestapt. De Volvo is van [medeverdachte 1]. Wij reden met onze auto achteraan. [medeverdachte 3] zat achter het stuur. [medeverdachte 2] zat naast [medeverdachte 3] voorin. Ik zat achter [medeverdachte 3] en de andere jongen uit Delfzij1 zat achter [medeverdachte 2].

Gekomen bij de woning zijn de andere twee auto's doorgereden en wij zijn voor de woning gestopt. De vriend van [medeverdachte 5] die bij ons in de auto zat, had een pistool in zijn handen. Hij had mij dit pistool in de auto laten zien. Hij stapte voor de woning uit de auto en zwaaide met het pistool in de richting van het huis en in de richting van een VW Transporter die bij het huis stond en waar iemand naast stond. Wij hebben geroepen dat wij de politie zouden bellen, we wilden hiermee de bewoners bang maken, omdat zij een hennepkwekerij hadden en niet verwachtten dat zij de politie zouden bellen. De vriend van [medeverdachte 5] is een tijd buiten blijven staan, maar stapte toch op een gegeven moment in de auto. Wij zouden de buit eerlijk verdelen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 24 november 2011, opgenomen op pagina 84 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 7] d.d. 23 april 2012

Ze hebben mij gevraagd of ik mee wilde gaan. De jongens die u net opnoemde. Ik heb het over [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] enzo. [medeverdachte 2], [medeverdachte 3],[medeverdachte 4], en een paar jongens, die ik nog nooit eerder had gezien. Die andere jongens kwamen volgens mij een uit Delfzij1 en een Hoogezand, dit weet ik niet zeker hoor. De jongen uit delfzij1 heeft een AK op zijn hand een machinegeweer. Ik ben toen met [verdachte] naar de parkeerplaats gegaan, Daar ontmoette ik [medeverdachte 2] enzo, die oudere man en twee jongens met een nieuwe golf 3, helemaal geblindeerd. Op de parkeerplaats ben ik overgestapt in de Mazda. In de golf zat [verdachte] en de jongen met een zilveren tand en praatte met een schuine mond. Hij heeft een tatoeage van een machinegeweer op zijn hand. [verdachte] vertelde dat we een wietplantage zouden leeghalen.

Die bijrijder had een BB-gun bij zich. Een neppistool die levensecht lijkt maar kleine plastic balletjes afschiet.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 27 januari 2012, opgenomen op pagina 194 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 7]

De personen die betrokken zijn bij deze zaak, (poging) beroving/ripdeal op een hennepkwekerij, [straat] 22 [plaats] zijn de personen op de foto's van bijlage 1, hem noem ik [medeverdachte 4], of Vleermuis'. Bijlage 2, dat is [medeverdachte 9]. Bijlage 6 dat is [verdachte]. Bijlage 7, van hem weet ik zijn naam niet, maar hij had een groen legerkleurig petje op, zonder logo. Bijlage 8, hem ken ik ook niet, maar ik weet wel dat een tattoo van een geweer op zijn rechter hand staat. Bijlage 14, deze persoon ken ik als [medeverdachte 3], of 'opa'. Bijlage 16, dat is [medeverdachte 2]. [medeverdachte 6] was er ook bij en ikzelf. [verdachte] nam de leiding bij de overval.

Er stond een bedrijfsbus voor het hek en voordat wij wegreden stak [medeverdachte 6] de banden lek met een mes.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 9] d.d. 21 februari 2012, opgenomen op pagina 73 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 9]

Ik was bij de overval in [plaats]. Daar waren bij [medeverdachte 7], [verdachte], [medeverdachte 6], [medeverdachte 2] en ik en nog een paar personen.

Foto’s: 1 was er bij, 6, 7, volgens mij ook, 14 ook, 16 ook, 17 ook, dat is [medeverdachte 7]. In [plaats] schrokken we van een man, we zijn op de loop gegaan.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 9] d.d. 22 februari 2012, opgenomen op pagina 79 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 9]

[verdachte] kwam met het idee om naar het pand te gaan. Hij wist dat er een hennepkwekerij in de schuur zat en wilde de plantage gaan leeg halen. Op de dag dat het gebeurd is zijn we twee keer bij de schuur geweest. De eerste keer ben ik er samen met [verdachte], [medeverdachte 6], [medeverdachte 7] en twee jongens uit Delfzijl geweest. Een van de jongens uit Delfzijl heb ik gisteren aangewezen in de foto map die u mij tijdens mijn verhoor toonde. De andere jongen weet ik niet meer. Volgens mij heeft deze jongen een zilveren of gouden tand. We kwamen samen op de carpoolplaats bij Hoogezand tegenover de meubelhallen. Ik ging er heen met [medeverdachte 6]. We reden in zijn grijze Mercedes. [verdachte] kwam samen met [medeverdachte 7] op de parkeerplaats in een blauwe Volvo station. De twee jongens uit Delfzijl kwamen met een zwarte Volkswagen Golf 4. Op de parkeerplaats stapten [medeverdachte 6] en ik bij [verdachte] in de auto. Vervolgens reden we met de Volvo en de Volkswagen naar de [straat]. Daar aangekomen hebben we de auto's op een zijweg in de nabijheid van het pand geparkeerd. We stapten uit en liepen met ons zessen via de route die ik heb getekend naar de schuur achter de woning. Ik gaf aan dat ik op de uitkijk ging staan en [medeverdachte 7] gaf aan dit ook te doen. [medeverdachte 6], [verdachte] en de twee jongens uit Delfzijl gingen naar de achterdeur in de loods. Ik zag dat zij de deur open braken met een breekijzer. Toen de deur open was is een van de jongens uit Delfzijl naar binnen gegaan. Met deze jongen bedoel ik de jongen zonder zilveren tand. Terwijl hij binnen was hoorde ik geschreeuw en zag ik [medeverdachte 7] aan komen rennen. De anderen kwamen achter hem aan. We renden terug naar onze auto's. Als laatste kwam daar de jongen uit Delfzijl aan die in de schuur was geweest. We bespraken de zaak met z'n allen en er werd besloten om er met een grotere groep nog een keer heen te gaan. We reden terug naar de parkeerplaats waar we waren vertrokken.

[verdachte] belde met iemand en korte tijd later kwam er een blauwe auto met drie personen op de parkeerplaats. De drie personen waren "opa", [medeverdachte 2] en een buurjongen van "opa". Deze jongen heb ik gister aangewezen. Het is een kleine jongen en met "opa" bedoel ik de persoon die ik gisteren als opa heb aangewezen in de mij getoonde fotomap. We overlegden samen hoe we het de tweede keer zouden aanpakken. Besloten werd om met de hele groep te gaan.

We reden met drie auto's terug naar de [straat]. Ik zat nog steeds met [medeverdachte 6], [verdachte], [medeverdachte 7] in de Volvo voornoemd. In de blauwe auto zaten "opa", [medeverdachte 2] en de buurjongen van 'opa". In de zwarte Golf zaten de twee jongens uit Delfzijl. Bij de [straat] gekomen hebben we de auto's weer in dezelfde straat geparkeerd als de eerste keer. We stapten allemaal uit en liepen met z'n allen naar de achterzijde van de schuur. Toen we achter de schuur langs waren zag ik volgens mij 3 personen op het erf lopen. Hierop is er besloten om terug te gaan naar de auto's. We hebben in de auto's even overlegd. Tijdens het overleg zag ik dat de buurjongen van "opa" een wapen uit zijn kleding pakte. Het was volgens mij een gas-alarm pistool. Het was volgens mij een zwart wapen. Er werd besloten dat er vier man zouden gaan aanbellen bij de woning voor de schuur. Dit zouden “opa”, [medeverdachte 2], de buurjongen en een van de jongens uit Delfzijl doen. Zij stapten allemaal in de blauwe auto. "Opa" reed volgens mij en waar de anderen in de auto zaten weet ik niet. "Opa"reed de auto naar het perceel en stopte er voor. Volgens mij zijn er hierna twee personen uit de auto gestapt, maar ik weet niet wie.

Ik zag dat er met het vuurwapen werd gezwaaid. Toen de bestuurder door reed zijn wij ook weg gereden. Ik bedoel hiermee wij in de Volvo en de andere jongen uit Delfzijl in de Volkswagen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 9] d.d. 23 februari 2012, opgenomen op pagina 79 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 9]

De jongen uit Delfzijl die ik bedoel en die mogelijk met het wapen heeft gezwaaid is de persoon op foto 7.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 6] d.d. 6 maart 2012, opgenomen op pagina 91 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 6]

Ik was bij die overval met [verdachte], [medeverdachte 7] en [medeverdachte 9]. De deur was geforceerd samen met een jongen ene [naam]. Alleen hij is binnen geweest. Wij zijn naar de schuur gelopen. We zijn met meerdere auto’s gegaan. [verdachte] was daar meerdere malen geweest. Foto 7 van de set wordt getoond: dat is die jongen, die kleine [naam]. Van hem lag bloed bij de deur. Hij was daar nogal heftig bezig. Hij heeft zich verwond. Opa is de man van foto 11.Wij zijn bij de carpool plaats geweest. We zijn toen naar de woning gereden.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 6] d.d. 6 maart 2012, opgenomen op pagina 101 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 6]

Ik weet bijna zeker dat de jongen van foto 8 er ook bij was. Volgens mij had die kleine jongen,[medeverdachte 4], het wapen mee.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 5] d.d. 7 maart 2012, opgenomen op pagina 75 e.v. van persoonsdossier [medeverdachte 5]

Ik heb op mijn hand een tatoeage, een AK47. Ik heb ook een zilveren hoektand.

Een proces-verbaal van verhoor [verdachte] d.d. 26 maart 2012, opgenomen op pagina 89 e.v. van persoonsdossier [verdachte]

Ik ben daar geweest in [plaats]. Ik was 1 van de personen die op het idee kwam om daar naar toe te gaan. Ik had via via gehoord dat er weed zat. Ik heb geprobeerd weed mee te krijgen. Toen er iemand was ben ik weggegaan. In ieder geval [medeverdachte 7] was bij mij. We hadden afgesproken bij het casino. Toen gingen we naar de kwekerij in [plaats]. We keken achter de boerderij of er weed was en of we het mee konden krijgen. We maakten lawaai. We hebben de tent open gescheurd om te kijken of het klaar was. Er stond een tent in de schuur. Een iemand is de schuur ingegaan. De deur is opengebroken met een koevoet of schroevendraaier. Iemand riep toen de hond en we zijn toen eerst teruggegaan naar de auto en de parkeerplaats bij het casino. Daarna weer terug naar de schuur. Er waren meer personen bij gekomen. We dachten dat we dan sneller die weed weghalen. Ik zag toen 2 mannen staan. We zijn toen teruggegaan naar de auto.

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Uit de hiervoor gebezigde bewijsmiddelen vloeit naar het oordeel van de rechtbank voort dat ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde sprake is van een bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en medeverdachten. Verdachte heeft bekend dat hij bij de eerste poging tot diefstal van de hennepkwekerij aanwezig was en dat deze poging onder meer op zijn initiatief plaatsvond. Verdachte heeft verklaard dat hij en zijn medeverdachten hebben gekeken of er hennep was en of ze het mee konden krijgen. Verdachte heeft met medeverdachten de tent open gescheurd om te kijken of het klaar was. Daarbij is iemand in de schuur gegaan. De deur is opengebroken met een koevoet of schroevendraaier. Verdachte en zijn medeverdachten zijn betrapt. Zij zijn toen teruggegaan naar de auto en de parkeerplaats bij het casino en zijn daarna weer terug gereden naar de schuur.

Uit de hiervoor gebezigde bewijsmiddelen kan naar het oordeel van de rechtbank worden afgeleid dat sprake is van medeplegen, zodat het onder 4 ten laste gelegde bewezen kan worden.

Vervolgens kan onder meer uit de verklaringen van verdachte, [medeverdachte 4], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 9] worden afgeleid dat van verdachte het initiatief is uitgegaan om meer personen op te trommelen voor een tweede poging de hennepkwekerij te [plaats] te beroven. Verdachte en medeverdachten dachten dan sneller de weed weg te halen. Daarbij heeft verdachte overlegd met medeverdachten over hoe zij te werk zouden gaan. Verdachte heeft een aantal malen langs de woning gereden. In overleg met verdachte is voorts besloten dat de bewoners bang gemaakt zouden worden teneinde afgifte van de hennep te bewerkstelligen. Dat vervolgens één van verdachtes mededaders met een wapen zou kunnen gaan zwaaien was naar het oordeel van de rechtbank voor verdachte voorzienbaar en past bij datgene waar verdachtes opzet, gezien de nauwe en bewuste samenwerking, op was gericht.

Uit het voorgaande leidt de rechtbank af dat ten aanzien van het onder 5 ten laste gelegde sprake is van een bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en medeverdachten waarbij verdachte tevens uitvoeringshandelingen heeft verricht. Uit het voorgaande kan derhalve wettig en overtuigend worden bewezen dat verdachte het onder 5 ten laste gelegde heeft begaan.

Ten laste gelegde onder 6

De verklaring door verdachte op de terechtzitting afgelegd

Ik was bestuurder van de auto waarin [aangever] was meegenomen. [aangever]zat achter in de auto. De stoelen moesten naar voren als je van achter uit de auto wilde stappen. Het klopt dat ik ook een gelijk aandeel van de buit heb ontvangen.

Een proces-verbaal van aangifte d.d. 22 november 2011 opgenomen op p. 3 e.v. van dossier nr. 01MOR11024, d.d. 26 april 2012 van Regiopolitie Groningen. inhoudende de verklaring van [aangever]

Op maandag 21 november 2011, omstreeks 17.30 uur zat ik op MSN. Ik zag dat [medeverdachte 7] mij een berichtje had gestuurd. In dit berichtje vroeg hij mij of ik nog geld had voor vuurwerk. Hierop stuurde hij een berichtje dat ik 10 duizend euro winst zou kunnen maken als ik voor 15 duizend euro aan vuurwerk zou kopen. Ik gaf naar [medeverdachte 7] aan dat ik € 14.000,- wel kon bemachtigen en dat ik er aan mee zou doen. [medeverdachte 7] gaf hierna aan dat hij het vuurwerk bij een neef van hem in Beerta zou kopen. Deze neef noemde hij [naam]. Verder gaf hij aan dat het vuurwerk na aankoop zou worden doorverkocht. Dit zou volgens hem als volgt gaan. Ik zou voor 14.000 euro vuurwerk kopen van zijn neef. Het vuurwerk zou bij de neef blijven staan en later worden opgehaald door een koper. [medeverdachte 7] zei dat hij de koper had geregeld. Deze koper zou dan 25.000 euro betalen voor de partij. Ik zou hierna 10.000 euro van [naam] krijgen.

Ik zei tegen [medeverdachte 7] via de MSN dat hij 1000 euro van de 10.00 euro zou krijgen en vroeg hem of we op de fiets naar Beerta zouden gaan. [medeverdachte 7] gaf aan dat hij ook wel vervoer zou kunnen regelen. Ik gaf aan dat dit goed was en dat ik de dag er op, vandaag 22 november 2011, omstreeks 10.10 uur naar hem toe zou komen. Ik stopte de enveloppen met geld in mijn jaszak en ging naar school. Op school gekomen heb ik mijn jas in mijn kluis gedaan.

Ik pakte mijn jas uit de kluis en pakte de enveloppen met geld uit mijn jas. Ik deed ze hierna in mijn zwarte Nike tas. Ik fietste naar de ouderlijke woning van [medeverdachte 7] aan de [straat]. Daar aangekomen zag ik dat [medeverdachte 7] mij al stond op te wachten. [medeverdachte 7] stapte bij mij achterop de fiets en ik reed naar de Kloostergang. In de tussentijd toonde ik [medeverdachte 7] het geld dat ik bij mij had. Na enkele minuten zag ik een groene Volkswagen Golf aan komen rijden. Ik zag dat er drie personen in de auto zaten. Twee voorin en een achterin. Ik stapte hierna als eerste in de auto. Ik ging in het midden op de achterbank zitten en zette mijn zwarte tas met daarin het geld tussen mijn voeten. [medeverdachte 7] stapte hierna ook achterin en ging naast mij zitten.

Toen we op de [straat] reden zag ik dat de bestuurder van de auto aan de handrem trok. Ik schrok daarvan en in een reactie bracht ik mijn handen omhoog voor mij borst. Ik hoorde de bestuurder zeggen: "geld". Ik zag dat de bestuurder omgedraaid op zijn stoel zat en mij aan keek. Direct zag ik dat de passagier voorin uit de auto stapte, dat hij de voorstoel naar voren deed en dat [medeverdachte 7] uit de auto begon te stappen. Ik weet niet meer of hem is gevraagd dit te doen of dat hij dit uit zich zelf deed. Terwij1 [medeverdachte 7] bezig was om uit te stappen voelde ik dat er een voorwerp links tegen mijn hoofd werd gezet. Het voelde hard en koud aan en ik had het idee dat het om een vuurwapen ging. Ik werd hierdoor erg bang. Ik was bang dat ik zou worden doodgeschoten. Direct hierop zag ik dat de bestuurder mijn tas tussen mijn voeten weg trok. Ik wist niet wat ik hierop moest doen. Ik was bang en wist ik niet wat ik tegen drie man met een wapen zou kunnen uitrichten. Ik zag dat [medeverdachte 7] inmiddels uit de auto was en besloot ook uit de auto te gaan. Ik wilde mij ontrekken aan de bedreiging van het voorwerp op mijn hoofd.

Buiten de auto gekomen zag ik dat [medeverdachte 7] met de passagier bij de auto stond. Ik hoorde de bestuurder zeggen: "Geef me je telefoon." Ik zei hierop tegen de bestuurder dat de telefoon van mijn vader was. De bestuurder zei hierop dat ik de simkaart uit de telefoon moest halen en aan hem moest geven. Dit deed ik. Terwij1 ik dit deed zag ik dat [medeverdachte 7] gewoon bij de passagier bleef staan. Hij zei ook niets. Nadat ik mijn simkaart aan de bestuurder had afgegeven zag ik dat de passagier weer in de auto stapte en dat de bestuurder vervolgens weg reed.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 24 november 2011 opgenomen op p. 92 e.v. van het persoonsdossier van [medeverdachte 7]

[aangever] vertelde mij dat hij zoveel geld had gevonden van zijn vader. Het was het idee van mijn vriend om het geld afhandig te maken want ik had die vriend verteld dat [aangever] zoveel geld had. De avond ervoor heb ik de afspraak gemaakt. Via de ping werd mij verteld dat we het op deze manier zouden doen. Ik zou 3200 euro krijgen en dat heb ik ook gekregen. Zij hebben hetzelfde gekregen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 7] d.d. 5 december 2011 opgenomen op p. 111 e.v. van het persoonsdossier van [medeverdachte 7]

Bij de overval op [aangever] was [verdachte] betrokken, die Marokkaanse jongen. Ze noemen hem ook Mocro. Daarnaast was [medeverdachte 9] erbij betrokken. De derde persoon was [medeverdachte 6]. [verdachte] zat achter het stuur, [medeverdachte 9] zat links achterin en [medeverdachte 6] zat rechts voorin. Het idee kwam van [medeverdachte 6].

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 6] d.d. 23 februari 2012 opgenomen op p. 78 e.v. van het persoonsdossier van [medeverdachte 6]

[medeverdachte 7] vertelde mij via de Ping dat een jongen van zijn school bij veel geld kon van zijn vader. Deze jongen kon zo bij dit geld en liet envelopjes zien aan [medeverdachte 7] via msn. [medeverdachte 7] vertelde mij dat de jongen ongeveer 22.000 euro had ofzo. Ik pingde [verdachte] dit verhaal. [medeverdachte 7] vertelde ongeveer mij via de ping dat als die jongen het geld bij zich zou hebben dat je het zo kon vragen en dat hij het zou geven. Ik heb [medeverdachte 7] weer gepingd wat resulteerde in een afspraak de volgende ochtend. Ik zou met [medeverdachte 9] naar pleintje gaan waar [verdachte] met zijn auto zou staan. [medeverdachte 7] zou ergens staan met die jongen van zijn school. Ik had mijn auto ergens anders neergezet, een (1) of andere carpoolplaats bij een winkel ik weet niet precies waar, en toen zijn we overgestapt bij [verdachte] in de auto. Ik zat voorin met de bestuurder [verdachte] en [medeverdachte 9] zat achterin. Wij zijn toen naar een soort grasachtig iets gereden waar [medeverdachte 7] dus met die jongen van zijn school stond. [verdachte] en [medeverdachte 7] hebben een plek afgesproken waar [medeverdachte 7] en die jongen van zijn school opgepikt zou worden. Ik stapte uit de auto en hun stapte in de auto. Dit moest want het is een driedeurs auto. De onbekende jongen ging in het midden naast [medeverdachte 9] zitten en daarnaast ging [medeverdachte 7] zitten. Ik deed de stoel weer naar achteren en ging ook zitten. We gingen rijden en zijn bij een plaatsje gestopt. Ik hoorde dat [verdachte] het woord nam en zei tegen die jongen geef het geld wat je bij je hebt. Ik zag dat die jongen het geld had in een tas op zijn schoot. Ik zag dat de jongen het geld gaf aan [verdachte]. Ik ben daarna weer uitgestapt heb mijn stoel naar voren gedaan en [medeverdachte 7] uit de auto getrokken. Ik hoorde dat [verdachte] vroeg om zijn telefoon. Ik hoorde dat de jongen zei ik heb geen telefoon. Ik hoorde dat [medeverdachte 7] zei, je hebt wel een telefoon. De jongen gaf toen zijn telefoon aan [verdachte]. Ik zag dat [verdachte] het simkaartje uit de telefoon haalde. Toen [medeverdachte 7] terugliep met die jongen vertelde die jongen aan hem wat moet ik nou doen, mijn vader wordt vet boos. [medeverdachte 7] zei tegen hem dat hij maar moest vertellen dat het geld bij het bedrijf gestolen was en dan zou hij ook geen problemen krijgen. We hadden dit van te voren afgesproken met elkaar dat die jongen dat aan zijn vader zou vertellen. Wij wisten er alle vier van. Het geld hebben we verdeeld. Ik heb 3500,- euro gekregen.

Een proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 9] d.d. 21 februari 2012 opgenomen op p. 73 e.v. van het persoonsdossier van [medeverdachte 9]

Het klopt dat ik ergens bij de weg naar [plaats] ben geweest om iemand geld af te persen. Daar waren bij [medeverdachte 6], [verdachte] en [medeverdachte 7]. Ik ben samen met [medeverdachte 6] in zijn auto, een Mercedes, naar een parkeerplaats gereden. Dit was een carpoolplaats nabij een brug. Daar stond [verdachte] in zijn Golf. Ik weet dan van [medeverdachte 6] dat we geld gaan verdienen. Ik wist ervan. We zouden in eerste instantie vuurwerk gaan verkopen. Er was echter geen vuurwerk. Het idee kwam van [medeverdachte 6] en [medeverdachte 7]. [verdachte] reed er zo heen. De jongen is ingestapt en wij zijn gaan rijden. [verdachte] reed. [medeverdachte 6] zat op de bijrijderstoel. Het jongetje is naast mij gaan zitten en [medeverdachte 7] ging aan de andere kant zitten van de jongen. We reden een weg in. [verdachte] keerde daar de auto en stopte. [verdachte] had eigenlijk op dat moment de leiding. [verdachte] zei tegen die jongen: Je geld hier of iets dergelijks. De auto stond stil. We wisten dat de jongen geld bij zich had. Dit was allemaal doorgesproken. De jongen had het geld in een tas. Volgens mij een rugzak Ik zag dat de jongen het geld uit de tas haalde. Ik zag dat de jongen het geld voor zich op de vloer en de console van de auto gooide. Het geld was in pakketjes verpakt en samen gebonden met elastiekjes. Hij gaf het geld niet vrijwillig af. Hij heeft dit volgens mij gedaan omdat hij bang was. [medeverdachte 6] of [verdachte] haalde nog geld uit de tas. Direct hierop zijn [medeverdachte 7] en de jongen hardhandig uit de auto gezet door [medeverdachte 6]. We hadden voor die tijd afgesproken dat het een beetje hardhandig zou gaan om te verbloemen dat [medeverdachte 7] er bij betrokken was. [verdachte] vroeg aan de jongen of hij een telefoon bij zich had. De jongen zei dat hij geen telefoon bij zich had. [verdachte] voelde bij de jongen of hij ook een telefoon bij zich had. De jongen had toch een telefoon bij zich. De kaart werd er uit gehaald en de telefoon teruggegeven aan de jongen. We hebben ongeveer 3700 euro de man. De totale buit was geloof ik 14000 euro. Het geld is later verdeeld. Alle betrokkenen hebben hetzelfde bedrag gekregen.

Een proces-verbaal van verhoor [verdachte] d.d. 27 maart 2012 opgenomen op p. 97 e.v. van het persoonsdossier van [verdachte]

We waren met een groepje, toen is het ontstaan dat er iemand was met 14000,- duizend euro die daarvoor vuurwerk wilde kopen. Die jongen, [aangever] dus, die zou het zwart geld van zijn vader meenemen. Mijn rol zou zijn het geld van die jongen aannemen. Iemand anders had contact met hem. Ik moest me voordoen als iemand die het vuurwerk bezat of verkocht. Er was verteld dat we van het geld het dubbele gingen maken. Er zou verteld worden dat ik het vuurwerk had en het geld dan aan zou nemen. Dat was het plan van de persoon die contact had met [aangever]. Ik reed. We zaten met 5 mensen in de auto. We zijn naar Groningen gereden daar hebben wij het geld verdeeld. De jongen die met [aangever] contact had is bij hem gebleven ik heb hem later ook zijn deel gegeven. Ik heb die jongen gevraagd om zijn telefoon, die jongen zei nee, dit is de telefoon van mijn vader. Vervolgens heb ik hem gevraagd om de simkaart, deze heeft hij vervolgens zelf gegeven.

U houdt mij voor de verklaring van [medeverdachte 6]: “Ik hoorde dat [verdachte] het woord nam en zei tegen die jongen geef het geld wat je bij je hebt. Ik zag dat die jongen het geld had in een tas op zijn schoot. Ik zag dat de jongen het geld gaf aan [verdachte]. Ik ben daarna weer uitgestapt heb mijn stoel naar voren gedaan en [medeverdachte 7] is toen uitgestapt".

Ja dit klopt.

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Uit de bewijsmiddelen blijkt dat [medeverdachte 7] ervan op de hoogte was dat aangever kon beschikken over een groot geldbedrag. [medeverdachte 7] heeft vervolgens met verdachte, [medeverdachte 6] en [medeverdachte 9] besproken hoe het geld afhandig kon worden gemaakt. Zij hebben een plan bedacht waarbij [medeverdachte 7] [aangever] heeft benaderd om vuurwerk te kopen. [medeverdachte 7] vertelde daarbij dat [aangever] € 10.000 euro kon verdienen, door het vuurwerk daarna door te verkopen. [aangever] is daarmee akkoord gegaan. [aangever] heeft daarop € 14.000,- van zijn vader weggenomen. [medeverdachte 7] heeft met aangever afgesproken en samen gaan ze naar de plaats waar verdachte, [medeverdachte 6] en [medeverdachte 9] zouden komen. Wanneer de Golf aan komt rijden stappen [medeverdachte 7] en [aangever] in. Wanneer zij op de [straat] rijden, trekt de bestuurder plotseling aan de handrem en vraagt om geld. Daarbij draait hij zich om en kijkt [aangever] aan. [aangever] heeft daarop 1 envelop zelf afgegeven, waarna de verdachte uit zijn tas de tweede envelop met geld heeft gepakt. Verdachte en medeverdachten verdelen na afloop de buit.

Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de situatie waarin aangever zich bevond voor hem dermate beangstigend en bedreigend is geweest, dat bij hem de reële vrees werd opgewekt dat er geweld zou worden gebruikt als hij het geld niet zou afgeven. Aangever, die 14 jaar oud was, bevond zich achter in een driedeurs auto met onbekende mannen en zat tussen twee mannen in. Verdachte en medeverdachten reden met aangever in de auto weg en zijn van de afgesproken route afgeweken. Vervolgens is de auto stil gezet zonder dat daarvoor een reden was. Aangever was gevangen in de auto en kon de situatie niet ontvluchten of hulp inroepen. In die situatie wordt door de bestuurder om geld gevraagd.

Gelet op het voorgaande en de gebezigde bewijsmiddelen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 6 primair ten laste gelegde heeft begaan.

Met betrekking tot de hiervoor weergegeven standpunten overweegt de rechtbank het volgende.

Bewezenverklaring

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2 A en B, 3, 4, 5 primair en 6 primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat

Onder parketnummer 18/670496-12

1.

hij in de nacht van 10 juli 2011 op 11 juli 2011, te Beerta,

meermalen, op verschillende tijdstippen, (telkens) tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een aan de [straat] staande garage/schuur heeft weggenomen een hoeveelheid hennep en/of hennepplanten, een motor (merk Yamaha) en gereedschap, toebehorende aan [aangever],

waarbij verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft en door middel van braak.

2.

A.

hij in de periode van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij [straat] te Tripscompagnie, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [aangever 1] te dwingen tot de afgifte van geld toebehorende aan die [aangever 1], met dat oogmerk tezamen en in vereniging met verdachtes mededaders,

- die [aangever 1] en die [aangever 2] meermalen, tegen het hoofd en tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en

- die [aangever 1] messen heeft getoond en hierbij die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Als je je niet stil houdt dan snijden we je een oor af", en

- op die [aangever 1] is gaan zitten, en

- de handen van die [aangever 1] op diens rug heeft vastgebonden en

- de handen van die [aangever 2] op diens rug heeft vastgebonden en

- de benen van die [aangever 1] heeft vastgebonden en vastgebonden gehouden, en

- een papieren zak over het hoofd van die [aangever 1] heeft gedaan en gehouden, en

- een papieren zak over het hoofd van die [aangever 2] heeft gedaan en gehouden, en

- die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Geld, geld, geld" en "Waar heb je je geld" en "Hoeveel ligt er bij je vriendin", en

- pistolen tegen het hoofd van die [aangever 1] gezet en gehouden, en

- die [aangever 1] en die [aangever 2] gedurende genoemde periode, in die boerderij heeft vast gehouden en bewaakt en aldus heeft voorkomen dat die [aangever 1] en die [aangever 2] die boerderij konden verlaten,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

EN

B.

hij in de periode van 29 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij [straat] te Tripscompagnie,

tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen € 320 euro en een simkaart, toebehorende aan [aangever 1], en

een telefoontoestel en een portemonnee toebehorende aan [aangever 2],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever 1] en die [aangever 2], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededaders,

- die [aangever 1] en die [aangever 2] meermalen tegen het hoofd en/of tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en

- die [aangever 1] messen heeft getoond en hierbij die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Als je je niet stil houdt dan snijden we je een oor af", en

- op die [aangever 1] is gaan zitten, en

- de handen van die [aangever 1] op diens rug heeft vastgebonden en

- de handen van die [aangever 2] op diens rug heeft vastgebonden en

- de benen van die [aangever 1] heeft vastgebonden en vastgebonden gehouden, en

- een papieren zak over het hoofd van die [aangever 1] heeft gedaan en gehouden, en

- een papieren zak over het hoofd van die [aangever 2] heeft gedaan en gehouden, en

- die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Geld, geld, geld" en "Waar heb je je geld" en "Hoeveel ligt er bij je vriendin", en

- pistolen tegen het hoofd van die [aangever 1] gezet en gehouden, en

- die [aangever 1] en die [aangever 2] gedurende genoemde periode in die boerderij heeft vast gehouden en bewaakt en aldus heeft voorkomen dat die [aangever 1] en die [aangever 2] die boerderij pand konden verlaten.

3.

hij in de periode van 30 juli 2011 tot en met 1 augustus 2011, in de boerderij [straat] te Tripscompagnie, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld personen, te weten [betrokkene 1] en diens echtgenote [betrokkene 3] [betrokkene 3]heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van 15.000,- euro, toebehorende aan die [betrokkene 1] en die [betrokkene 3], welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededaders,

- die [betrokkene 1] en/of die [betrokkene 2] meermalen, tegen het hoofd en/of tegen de rug en/of elders tegen het lichaam heeft geschopt, getrapt, geslagen en/of gestompt, en

- papieren zakken over de hoofden van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] heeft gedaan en gehouden, en

- de handen van [betrokkene 1] op diens rug heeft vastgebonden en/of vastgebonden gehouden, en

- [betrokkene 1] de woorden heeft toegevoegd en/of doen toevoegen: "Zij moeten twee ton aan geld van je hebben", en

- pistolen op [betrokkene 1] en/of [betrokkene 2] heeft gericht en gericht gehouden, en

- [betrokkene 1] en [betrokkene 2] gedurende genoemde periode, in die boerderij heeft vast gehouden en bewaakt en aldus heeft voorkomen dat [betrokkene 1] en [betrokkene 2] die boerderij konden verlaten.

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen meer of anders onder 2.A en 2. B en 3 is ten laste gelegd. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

Onder parketnummer 18/830148-12

4.

hij op 7 november 2011, te [plaats], ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een aan de [straat] staande schuur/loods weg te nemen hennep(planten), toebehorende aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededaders

en zich daarbij de toegang tot die schuur/loods te verschaffen en/of die/dat weg te nemen

hennep(planten), onder hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met dat oogmerk met zijn mededaders, een toegangsdeur van die schuur/loods heeft open gebroken, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid.

5. primair

hij op 7 november 2011, op de openbare weg, de [straat], te [plaats],

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en die anderen wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld personen, te weten [aangever 2] en [aangever 1], te dwingen tot de afgifte van hennep, toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en zijn mededaders, met voormeld oogmerk met zijn mededaders,

met auto's naar de woning van die [aangever 2] is gereden, en

met (een of meer van) die auto('s) meerdere malen met gierende banden en met hoge snelheid langs die woning van die [aangever 2] is gereden, en

een band van een bij die woning van die [aangever 2] staande auto heeft lek gestoken, en

een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op die [aangever 2] en die [aangever 1] heeft gericht althans aan die [aangever 2] en die [aangever 1] heeft getoond, en

die [aangever 2] en die [aangever 1] de woorden heeft toegevoegd: "Weedhok leeghalen, anders bel ik de politie",

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

6. primair

hij op 22 november 2011, in de gemeente Oldambt,

op de openbare weg de [straat], tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld een jongen, genaamd [aangever], heeft gedwongen tot de afgifte van € 14.000,- en een simkaart, toebehorende aan [BP], welke bedreiging met geweld hierin bestond dat verdachte tezamen en in vereniging met verdachtes mededaders,, (terwijl verdachte en verdachtes mededaders samen met die [aangever] in een auto over de [straat] reden)

- plots en zonder noodzaak die auto op die [straat] tot stilstand heeft gebracht, en

- die [aangever] de woorden heeft toegevoegd: "Geef me je geld" en "Geef me je telefoon", en

- door het optreden van verdachte en dat van verdachtes mededaders een zodanige sfeer heeft geschapen dat die [aangever] vreesde dat verdachte en verdachtes mededaders geweld zouden gaan gebruiken.

De rechtbank heeft de in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten hersteld. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder 1, 2 A en B, 3, 4, 5 primair en 6 primair meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van de feiten

Hetgeen de rechtbank bewezen heeft verklaard, levert de volgende strafbare feiten op:

Onder parketnummer 18/670496-12

1. Diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.

2. de voortgezette handeling van

A. Poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

B. Diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

3. Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Onder parketnummer 18/830148-12

4.

Poging tot diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, verbreking of inklimming, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

5. primair

Poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen.

6. primair

Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg, door twee of meer personen.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu ten aanzien van verdachte geen strafuitsluitings-gronden aanwezig worden geacht.

Strafoplegging

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het onder 2, 3, 4, 5 primair en 6 primair ten laste gelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de 6 jaren.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft, voor het geval de rechtbank het ten laste gelegde bewezen mocht achten, gepleit voor oplegging van een straf die lager is dan door de officier van justitie is geëist, nu verdachte alleen kan worden veroordeeld voor een poging tot het stelen van hennep. De raadsvrouw wijst er op dat verdachte van jonge leeftijd is en geen hoofdrolspeler is. Voorts heeft verdachte gerichte toekomstplannen.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting en aangaande zijn persoon opgemaakte rapportages, het hem betreffende uittreksel uit het justitiële documentatieregister, alsmede de vordering van de officier van justitie.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot afpersing, diefstal met geweld en afpersing van aangevers [aangever 1], [aangever 2], [betrokkene 1] en [betrokkene 3] Tel. Enkele slachtoffers zijn onder valse voorwendselen meegelokt naar de boerderij in Tripscompagnie met het vooropgezette plan om [aangever 1], [betrokkene 1] en [betrokkene 3]af te persen. [aangever 1], [aangever 2], [betrokkene 1] en de zoon van de laatste zijn argeloos meegegaan. Zodra zij de boerderij binnenkwamen werden zij aangevallen door meerdere gewapende personen die waren vermomd met bivakmutsen. Zij werden geslagen en geschopt waarbij ook met vuurwapens werd geslagen. Door het slaan en schoppen zijn bij [aangever 1] onder meer zijn tanden los gaan zitten. Toen de slachtoffers schreeuwden van pijn en angst werden zij bedreigd met messen. Vervolgens zijn zij vastgebonden en kregen een zak over hun hoofd. De slachtoffers zijn door verdachten van vrijdagavond tot en met zondag vastgehouden in de boerderij. Zij werden mishandeld en bedreigd en constant bewaakt door verdachte en medeverdachten met als doel een groot geldbedrag af te persen. Achterliggend motief van verdachte en medeverdachten lijkt te zijn een conflict met [aangever 1] over het rippen van een hennepplantage.

Toen duidelijk werd dat [aangever 1] geen groot geldbedrag had werd door verdachten en medeverdachten een nieuw plan gemaakt om [betrokkene 1] af te persen. [aangever 1] werd met een pistool gedwongen [betrokkene 1] te bellen en hem onder valse voorwendselen, te weten een lucratieve hennepdeal, naar de boerderij te lokken. Toen verdachten [betrokkene 1] met de auto ophaalden stapte ook [betrokkene 2], de 14-jarige zoon van [betrokkene 1], in de auto. Toen zij bij de boerderij aankwamen werden zij door verdachte en medeverdachten opgewacht. Zodra zij de boerderij binnenkwamen werden ook zij aangevallen door verdachten en medeverdachten, die met vuurwapens gewapend waren. Verdachte en medeverdachten hebben vervolgens [betrokkene 1] en zijn 14-jarige zoon vastgebonden, op ernstige wijze bedreigd en mishandeld met als doel [betrokkene 1] twee ton af te persen. Niet alleen hebben verdachte en medeverdachten ernstig geweld tegen [betrokkene 1] en zijn zoon niet geschuwd, maar ook hebben zij weerzinwekkende bedreigingen geuit richting [betrokkene 1], dat oren dan wel vingers van hem zouden worden afgeknipt. Deze bedreigingen werden kracht bijgezet met het tonen van stanleymessen en kniptangen. Dit alles in aanwezigheid van de 14-jarige [betrokkene 2]. [betrokkene 1] heeft daarbij dusdanige verwondingen opgelopen, dat hij zich in het ziekenhuis moest laten behandelen. Aan deze verschrikkingen hebben verdachte en medeverdachten pas een einde gemaakt nadat [betrokkene 2] zijn moeder had gebeld en zij had toegezegd € 15.000,- te kunnen opbrengen. Nadat het geld bij [betrokkene 3]was opgehaald zijn de slachtoffers vrijgelaten. Verdachte en medeverdachten hebben achteraf de buit gedeeld.

De beschreven gebeurtenissen moeten voor de slachtoffers van zeer traumatische, beangstigende en bedreigende aard zijn geweest, met name gelet op de lange duur waarin zij in deze situatie hebben verkeerd. De situatie moet ook zeer beangstigend zijn geweest voor

[betrokkene 3], de vrouw van [betrokkene 1] die onder druk werd gezet om geld te betalen voor de vrijheid van haar man en zoon. Door dit handelen is een zeer ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke en psychische integriteit van de slachtoffers.

Aangenomen moet worden dat de slachtoffers nog lange tijd de nadelige psychische gevolgen zullen ondervinden van hetgeen hen is overkomen. Welke ingrijpende en traumatische gevolgen de gebeurtenissen hebben gehad voor de slachtoffers is de rechtbank onder andere duidelijk geworden uit de bijlage bij de vordering benadeelde partij van [aangever 1]. Daaruit blijkt onder meer dat het voorval zijn leven drastisch heeft veranderd. [aangever 1] heeft in doodsangst verkeerd en heeft aan de gebeurtenissen angstige gevoelens en slaapproblemen overgehouden. Voorts blijkt uit het proces-verbaal van bevindingen van 21 maart 2012 welke enorme impact de gebeurtenis heeft gehad op het leven van het gezin van [betrokkene 1].

Delicten als de onderhavige, waarbij tevens gebruik is gemaakt van messen en vuurwapens dragen er bovendien aan bij dat bij burgers in het algemeen gevoelens van onveiligheid en onrust ontstaan.

Voorts heeft verdachte, met zijn medeverdachten, na herhaald vooraf¬gaand overleg en getroffen voorbereidingen, zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van een afpersing van Smid. Verdachte en medeverdachten hebben aangever, een 14-jarige jongen, bewogen om een geldbedrag van € 14.000,- van zijn vader mee te nemen en hem een lucratieve handel in vuurwerk voorgehouden. Aangever is door verdachte en medeverdachten met een smoes in een auto gelokt. Vervolgens hebben zij hem in een bedreigende en angstige situatie gebracht en hem aldus gedwongen tot de afgifte € 14.000,-. Deze traumati¬sche ervaring waarbij zijn vertrouwen ernstig is geschonden zal, naar de erva¬ring leert, het leven van het slachtoffer langdurig beïnvloeden.

Verdachte heeft zich daarnaast schuldig gemaakt aan diefstal in vereniging. Hij heeft samen met een grote groep personen in Beerta in juli 2011 andermans eigendommen gestolen en daarbij een deur van een garage of schuur beschadigd.

Voorts heeft verdachte zich tweemaal schuldig gemaakt aan een poging tot diefstal bij een hennepkwekerij in [plaats]. Verdachte en medeverdachten hebben tevergeefs geprobeerd in te breken in een loods om hennep te rippen. Wanneer deze poging mislukt gaat verdachte met meerdere mensen terug en doen een poging tot afpersing.

Door dergelijke feiten wordt materiële schade toegebracht aan de benadeelde. Bovendien wordt door dergelijke inbraken een ernstige inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de burgers, hetgeen maatschap¬pelijke onrust veroor¬zaakt en bij veel mensen een groot gevoel van onveilig¬heid.

Verdachte en zijn medeverdachten hebben zich bij hun handelen kennelijk enkel laten leiden door hun zucht naar financieel gewin en hebben alleen oog gehad voor hun eigen belangen, zonder daarbij stil te staan bij de mogelijke ernstige gevolgen van hun handelen voor de slachtoffers. Zij zijn meermalen volgens een vooropgezet plan doelgericht te werk gegaan.

Voorts heeft verdachte bij de ten laste gelegde feiten een initiatiefnemende en leidinggevende rol gespeeld.

Op feiten als de onderhavige kan, om recht te doen aan de samenleving en in het bijzonder aan de slachtoffers, niet anders worden gereageerd dan met een gevangenisstraf van lange duur. De bescherming van de maatschappij is gebaat bij een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat uit de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat verdachte reeds eerder is veroordeeld wegens vermogensdelicten.

Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf moet worden opgelegd.

Gelet op de aard en de buitengewone ernst van de bewezen verklaarde feiten zal de rechtbank een zwaardere straf opleggen dan door de officier van justitie is geëist, omdat de eis naar haar oordeel de aard en de ernst van de feiten miskent.

Vordering gevangenneming

De officier van justitie heeft ter terechtzitting de gevangenneming van verdachte gevorderd ter zake van de feiten onder parketnummer 18/670486-12 onder 2 A , 2 B en 3.

De raadsvrouw heeft geen verweer gevoerd tegen deze vordering.

De rechtbank heeft hiervoor overwogen dat zij de betreffende feiten bewezen acht, zodat aan de eis van ernstige bezwaren ruimschoots is voldaan. Verdachte bevindt zich reeds in voorlopige hechtenis. De in het betreffende bevel voorlopige hechtenis aangenomen gronden acht de rechtbank ook hier aanwezig. De vordering zal dan ook worden toegewezen.

Vordering van de benadeelde partij (feit 1)

Als benadeelde partij heeft zich in het strafproces gevoegd [aangever], wonende te Finsterwolde.

De benadeelde partij heeft schriftelijk opgave gedaan van de inhoud van de vordering en van de gronden waarop deze berust.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de vordering zal worden toegewezen waarbij de schadevergoedingsmaatregel zal worden opgelegd en de hoofdelijkheid wordt toegepast.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Beoordeling

Naar het oordeel van de rechtbank is de vordering van de benadeelde partij [aangever] onvoldoende onderbouwd. Uit pagina 16 en volgende van het dossier blijkt dat de verzekeraar van [aangever] een schadevergoeding heeft verstrekt. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, is niet vast te stellen of deze vergoeding door [aangever] in zijn vordering is meegenomen. De rechtbank zal de vordering dan ook niet-ontvankelijk verklaren.

Vordering van de benadeelde partij (feit 2)

Als benadeelde partij heeft zich in het strafproces gevoegd [aangever 1], wonende te [plaats].

De benadeelde partij heeft schriftelijk opgave gedaan van de inhoud van de vordering en van de gronden waarop deze berust.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de vordering zal worden toegewezen met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel waarbij de hoofdelijkheid dient te worden opgelegd.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Beoordeling

Naar het oordeel van de rechtbank is uit het onderzoek ter terechtzitting komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 2 bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering van € 1.600,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 juli 2011, zal worden toegewezen.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank zal aan verdachte de verplichting opleggen bovengenoemd geldbedrag ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat te betalen. De rechtbank heeft daartoe besloten omdat verdachte jegens de benadeelde partij naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het strafbare feit is toegebracht en het belang van de benadeelde partij ermee is gediend niet zelf te worden belast met het innen van de toegewezen schadevergoeding.

Hoofdelijkheid

Verdachte is niet tot vergoeding van bovengenoemd bedrag van € 1.600,- vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 juli 2011, gehouden voor zover dit bedrag al door verdachtes mededaders is voldaan.

Vordering van de benadeelde partij (Feit 6)

Als benadeelde partij heeft zich in het strafproces gevoegd [BP], wonende te [plaats].

De benadeelde partij heeft schriftelijk opgave gedaan van de inhoud van de vordering en van de gronden waarop deze berust.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de schadevergoedingsmaatregel zal worden opgelegd waarbij de hoofdelijkheid wordt toegepast.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Beoordeling

Naar het oordeel van de rechtbank is uit het onderzoek ter terechtzitting komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het onder 6 bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering van € 11.010,-, zal worden toegewezen

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank zal aan verdachte de verplichting opleggen bovengenoemd geldbedrag ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat te betalen. De rechtbank heeft daartoe besloten omdat verdachte jegens de benadeelde partij naar burgerlijk recht aansprakelijk is voor de schade die door het strafbare feit is toegebracht en het belang van de benadeelde partij ermee is gediend niet zelf te worden belast met het innen van de toegewezen schadevergoeding.

Hoofdelijkheid

Verdachte is niet tot vergoeding van bovengenoemd bedrag van € 11.010,- gehouden voor zover dit bedrag al door verdachtes mededaders is voldaan.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 24c, 36f, 45, 56, 57, 311, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslag

De rechtbank is van oordeel dat de in beslag genomen telefoon, merk Blackberry, kleur wit, aan verdachte kan worden teruggegeven.

BESLISSING

De rechtbank:

Verklaart het onder parketnummer 18/670486-12 onder 1, 2 A en B, 3, en het onder parketnummer 18/830148-12 onder 4, 5 primair en 6 primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen zoals hiervoor is aangegeven, te kwalificeren als voormeld en verklaart het bewezen verklaarde strafbaar.

Verklaart verdachte voor het bewezen verklaarde strafbaar.

Verklaart het onder parketnummer 18/670486-12 onder 1, 2 A en B, 3 en het onder parketnummer 18/830148-12 onder 4, 5 primair en 6 primair meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte voor het bewezen- en strafbaar verklaarde tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) jaren.

Beveelt dat bij de tenuitvoerlegging van deze straf de tijd die veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, in mindering zal worden gebracht tenzij die tijd op een andere straf in mindering is gebracht.

Bevel gevangenneming

Beveelt de gevangenneming van verdachte ter zake van de feiten onder parketnummer 18/670486-12 onder 2 A, 2 B en 3.

Beslissingen op de vordering van de benadeelde partij

Feit 1

Verklaart de benadeelde partij [aangever] wonende te [plaats], in de vordering niet-ontvankelijk. Bepaalt dat de benadeelde partij en de veroordeelde ieder de eigen kosten dragen.

Feit 2

Wijst de vordering van de benadeelde partij [aangever 1] wonende te [plaats], toe en veroordeelt de veroordeelde tot betaling aan de benadeelde partij van een bedrag van

€ 1.600,--, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 juli 2011.

Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Verplicht de veroordeelde aan de Staat te betalen een geldbedrag van € 1.600,--, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 juli 2011, ten behoeve van de benadeelde partij [aangever 1], wonende te [plaats], bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 26 dagen hechtenis. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op.

Ten aanzien van de vordering benadeelde partij geldt dat indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat van bovenvermeld bedrag ten behoeve van de benadeelde partij, de verplichting vervalt om dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen. Dit geldt ook omgekeerd: heeft de veroordeelde de vordering van de benadeelde partij betaald, dan vervalt de verplichting tot betaling van dit bedrag aan de Staat.

Verdachte is niet tot vergoeding van bovengenoemd bedrag gehouden voor zover dit al door (één van) verdachtes mededader(s) is voldaan.

Feit 6

Wijst de vordering van de benadeelde partij [BP] wonende te [plaats], toe en

toe en veroordeelt de veroordeelde tot betaling aan de benadeelde partij van een bedrag van

€ 11.010,--.

Veroordeelt de veroordeelde tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.

Verplicht de veroordeelde aan de Staat te betalen een geldbedrag van € 11.010,--, ten behoeve van de benadeelde partij [BP], wonende te [plaats], bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 90 dagen hechtenis. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op.

Ten aanzien van de vordering benadeelde partij geldt dat indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat van bovenvermeld bedrag ten behoeve van de benadeelde partij, de verplichting vervalt om dit bedrag aan de benadeelde partij te betalen. Dit geldt ook omgekeerd: heeft de veroordeelde de vordering van de benadeelde partij betaald, dan vervalt de verplichting tot betaling van dit bedrag aan de Staat.

Veroordeelde is niet tot vergoeding van bovengenoemd bedrag gehouden voor zover dit al door (één van) veroordeeldes mededader(s) is voldaan.

Gelast de teruggave van:

Witte blackberry aan veroordeelde.

Dit vonnis is gewezen door mrs. E.W. van Weringh, voorzitter, F. de Jong en Th.A. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. de Wind, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 27 december 2012.