Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2011:BU6759

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
20-10-2011
Datum publicatie
05-12-2011
Zaaknummer
512424 CV EXPL 11-9466
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzet tegen verstekvonnis gegrond, vordering onvoldoende gespecificeerd

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Groningen

Zaak\rolnummer: 512424 CV EXPL 11-9466

Vonnis d.d. 20 oktober 2011

inzake

Q.,

Wonende te [adres],

opposante, hierna Q. te noemen,

gemachtigde mr. A.J. Welvering, advocaat te Leek,

tegen

De besloten vennootschap ZIGGO B.V., rechtsopvolger onder bijzonder titel van ESSENT KABELCOM B.V.,

gevestigd te 3542 AB Utrecht, Atoomweg 100,

geopposeerde, hierna Ziggo te noemen,

gemachtigde DRA Debt Recovery Agency B.V., handelend onder de naam EDR Incasso, gevestigd te Den Haag.

PROCESGANG

De procesgang blijkt uit het volgende:

- verzetdagvaarding

- conclusie van antwoord in oppositie

- conclusie van repliek in oppositie

Partijen hebben producties in het geding gebracht.

Vonnis is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

1. De feiten

1. Als gesteld en erkend, dan wel niet (gemotiveerd) weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud van de overgelegde producties staat het volgende vast.

1.1 Tussen Essent Kabelcom B.V. en Q. heeft in het verleden een overeenkomst bestaan ter zake televisie en internet.

1.2 Q. is op 3 april 2003 bij verstek door de kantonrechter te Groningen veroordeeld aan Essent Kabelcom B.V. een bedrag van € 770,71 te betalen, vermeerderd met rente en kosten.

1.3 Voormeld vonnis is op 17 april 2003 betekend aan het adres [adres] aan 'haar dochter en huisgenote [naam].'

1.4 Op 15 juni 2011 hebben Bazuin & Partners gerechtsdeurwaarders te Den Haag een brief aan Q. verzonden met daarin een kennisgeving van voorgenomen politiebeslag, welke brief zij op 17 juni 2011 heeft ontvangen. Diezelfde dag heeft Q. telefonisch contact opgenomen met voornoemde gerechtsdeurwaarders.

2. De vordering

Q. vordert te worden ontheven van de veroordeling tegen haar uitgesproken bij vonnis d.d. 3 april 2003, alsmede Ziggo niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen, althans deze vorderingen af te wijzen, met veroordeling van Ziggo in de proceskosten.

3. Het standpunt van Q.

3.1 Q. heeft op 17 juni 2011 voor het eerst middels een brief d.d. 15 juni 2011 van Bazuin & Partners gerechtsdeurwaarders te Den Haag van een verstekvonnis jegens haar vernomen, waarna zij terstond telefonisch contact heeft opgenomen met voornoemde gerechtsdeurwaarder. Daarvoor heeft zij geen kennis genomen van het bestaan van een dagvaarding van de zijde van Essent Kabelcom B.V., danwel van een verstekvonnis. Het betekeningsexploot van de deurwaarder is niet aan haar in persoon overhandigd. Zij heeft ook nimmer een bedrag aan NGC Gerechtsdeurwaarders betaald. Q. is van mening tijdig verzet aangetekend te hebben.

3.2 Q. is jaren klant geweest van Essent Kabelcom B.V. en later van Ziggo. Zij is in het verleden niet geëmigreerd.

3.3 Q. betwist dat er sprake is van een achterstand. Zij betaalde altijd middels automatische incasso en het saldo op haar rekening was toereikend. Q. heeft nimmer enig bericht over openstaande facturen danwel aanmaningen van Essent Kabelcom B.V. ontvangen. Ziggo heeft de onderhavige vordering niet geconcretiseerd en niet onderbouwd.

3.4 Q. betwist buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd te zijn.

4. Het standpunt van Ziggo

4.1 Aangezien NGC Gerechtsdeurwaarders op 1 juni 2004 een betaling van € 250,00 heeft ontvangen van Q., heeft zij wel degelijk eerder dan zij stelt kennis genomen van het verstekvonnis.

4.2 Ziggo betwist dat Q. vele jaren klant is geweest van Essent Kabelcom, aangezien zij in het verleden is geëmigreerd.

4.3 Q. heeft niet aangetoond alle facturen te hebben voldaan aan Essent Kabelcom. Q. heeft voorts niet aangetoond dat de automatische incasso is mislukt als gevolg van het handelen van Ziggo. Het is voor Ziggo niet mogelijk de aanmaningen te reproduceren, nu de aanmaningen zijn verstuurd voor 27 februari 2003.

4.4 Q. dient tevens de buitengerechtelijke kosten te betalen.

5. De beoordeling

5.1 Alvorens het verzet door de kantonrechter kan worden beoordeeld, dient vast komen te staan dat het verzet tijdig is aangetekend. De kantonrechter oordeelt daarover als volgt.

5.2 Conform artikel 143 Wetboek van burgerlijke rechtsvordering dient het verzet te worden gedaan bij exploot van dagvaarding binnen vier weken na de betekening van het vonnis of van enige uit kracht daarvan opgemaakte of ter uitvoering daarvan strekkende akte aan de veroordeelde in persoon, of na het plegen door deze van enige daad waaruit noodzakelijk voortvloeit dat het vonnis of de aangevangen tenuitvoerlegging aan haar bekend is.

5.3 Volgens het betekeningsexploot d.d. 17 april 2003 is het verstekvonnis betekend aan 'haar dochter en huisgenote [naam].' Het vonnis is derhalve niet aan de veroordeelde in persoon betekend.

5.4 Ziggo stelt dat Q. door de betaling d.d. 1 juni 2004 blijk heeft gegeven van kennis van het vonnis. Ziggo heeft haar stelling echter slechts onderbouwd middels een brief d.d. 25 juni 2004 van NGC Gerechtsdeurwaarders waarin vermeld is dat er een bedrag van € 250,00 is ontvangen. Uit deze brief blijkt niet door wie deze betaling is verricht. Voorts is op deze brief een andere referentienummer (270160/pw) vermeld dan op het betekeningsexploot (285035/mk). De kantonrechter is van oordeel dat onvoldoende is gebleken dat deze betaling afkomstig is van Q.

5.5 Aangezien Q. op 17 juni 2011 middels het telefonisch contact met Bazuin & Partners gerechtsdeurwaarders een daad van bekendheid met het verstekvonnis heeft gepleegd en de verzetdagvaarding op 11 juli 2011 is uitgebracht, is zij tijdig in verzet gekomen.

5.6 Partijen zijn vervolgens verdeeld over het antwoord op de vraag of Q. de vordering met betrekking waartoe zijn in 2003 bij verstek is veroordeeld aan Ziggo dient te betalen. De kantonrechter oordeelt daarover als volgt.

5.7 De kantonrechter stelt vast dat Ziggo haar vordering niet nader heeft gespecificeerd. Het is in de onderhavige procedure onduidelijk gebleven waarop de vordering van Ziggo, destijds Essent Kabelcom B.V., betrekking heeft. Ziggo stelt dat het voor haar niet mogelijk is de aanmaningen te reproduceren, omdat die verstuurd zijn voor 27 februari 2003. Na betekening van het verstekvonnis heeft Ziggo echter tot 15 juni 2011 geen contact meer opgenomen met Q. Ziggo stelt daartoe dat Q. geëmigreerd was. Q. heeft deze stelling

echter gemotiveerd betwist. Dat Ziggo nu geen stukken meer kan reproduceren komt voor haar rekening en risico. Het is aan Ziggo de vordering te concretiseren en te onderbouwen.

5.8 Ziggo heeft bij conclusie van antwoord in oppositie echter slechts in algemene termen bewijs aangeboden en het bewijsaanbod niet geconcretiseerd. De kantonrechter acht het bewijsaanbod daarom zodanig vaag en ongericht dat daaraan voorbij zal worden gegaan. Het verzet zal gegrond worden verklaard.

5.9 Ziggo zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze verzetprocedure. Omdat Q. met een toevoeging procedeert, zal de kantonrechter bepalen dat het gemachtigdensalaris aan de griffier moet worden voldaan.

BESLISSING

De kantonrechter:

6.1 verklaart het verzet gegrond;

6.2 vernietigt het op 3 april 2003 tussen partijen onder zaak-/rolnummer 193471 CVEXPL 03-2670 gewezen verstekvonnis;

opnieuw rechtdoende:

6.3 wijst af de vordering van Ziggo;

6.4 veroordeelt Ziggo in de kosten van de verstek- en de verzetprocedure, die aan de zijde van Q. tot aan deze uitspraak worden vastgesteld op € 200,00 aan salaris van de gemachtigde, te voldoen aan de griffier van dit gerecht;

6.5 verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Fokkema, kantonrechter, en op 20 oktober 2011 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: ko