Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2011:BT8719

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
27-09-2011
Datum publicatie
20-10-2011
Zaaknummer
511633 EJ VERZ 11-86
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Ontbinding dringende reden; weigeren producties.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RAR 2012/10
AR-Updates.nl 2011-0858
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Winschoten

Zaak/rolnummer: 511633 EJ VERZ 11-86

Beschikking van 27 september 2011

inzake

de besloten vennootschap Cordial B.V.,

gevestigd en kantoorhoudend te Winschoten,

verzoekster,

gemachtigde: mr. J.A. Gimbrère, advocaat te Groningen (Postbus 1105, 9701 BC),

tegen

Q.,

wonende te [plaatsnaam],

verweerder,

gemachtigde: mevrouw mr. J.F. Terpstra, advocaat te Groningen (Postbus 7015, 9701 JA).

PROCESGANG

1. Bij verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen ter griffie op 15 juli 2011, heeft verzoekster, hierna Cordial te noemen, de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst met verweerster, hierna Q. te noemen, te ontbinden. De ontbinding wordt gevraagd op grond van gewichtige redenen die primair een dringende reden vormen en subsidiair een zodanige verandering van de omstandigheden, dat beëindiging van het dienstverband op korte termijn noodzakelijk moet worden geacht.

Q. heeft een verweerschrift met bijlagen ingediend ter griffie op 8 september 2011. Q. heeft een zelfstandig verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst ingediend. Hij vraagt een ontbindingsvergoeding van € 58.936,00 bruto. Daarna hebben beide partijen nog producties in het geding gebracht.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 13 september 2011 te Groningen. Beide partijen hebben hun standpunten nader toegelicht bij monde van hun gemachtigden. De gemachtigden hebben pleitaantekeningen overgelegd. Van het verder verhandelde heeft de griffier aantekeningen gemaakt die bij de processtukken zijn gevoegd.

De beschikking is bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

De feiten

2. De kantonrechter is van oordeel dat het volgende vast staat en van belang is.

2.1. Q. is op 13 december 2005 in dienst getreden van Cordial. Hij is laatstelijk werkzaam geweest als Business Manager Asia, USA, South Africa and Middle East. Het salaris bedraagt € 6.821,80 bruto per maand exclusief vakantiegeld. Q. is geboren op 4 maart 1963.

2.2. Op 28 oktober 2008 heeft Q. een gesprek gehad met de directeuren van Cordial, A. en B. In het daarvan gemaakte verslag staat onder meer:

[A.] geeft aan dat [Q.] veel reist maar communiceert niet goed met de organisatie en met de directie.

[B.] geeft aan dat hij de indruk heeft dat [Q.] teveel werk naar zich toetrekt (.....)

[B.] stelt voor dat [Q.] alleen nog verantwoordelijk wordt gesteld voor Verkoop. [Q.] (.....) moet nu ook echt goed gaan communiceren in de organisatie.

2.3. In het gespreksverslag van 11 december 2009 staat onder meer:

Vervolgens geeft [B.] aan dat de rapportage zoals [Q.] die uitvoert n[i]et goed is. Er wordt niet of weinig of te laat gerapporteerd. De laatste rapportage van [Q.] (afgezien van de rapportage die gisteren is binnen gekomen) dateert van september 2009. [B.] geeft aan dat hij dit onacceptabel vindt en dat dit zeker moet verbeteren. (.....) [Q.] geeft aan dat hij te weinig tijd voor het rapporteren van zaken [heeft]. (.....) [Q.] geeft aan dat hij niet meer dan de huidige hoeveelheid uren kan werken. Heel veel zaken vragen heel veel tijd van [Q.].

2.4. Op 18 mei 2010 heeft Q. voor Cordial een overeenkomst ondertekend. Het betreft een overeenkomst tussen enerzijds Nordial AB (Zweden) en Cordial en anderzijds Ignucell AB (ook wel Cellplast genoemd - ktr.). Het contract betreft als product een door Cordial te produceren en door Nordial aan Ignucell te verkopen lijm.

2.5. A. en Q. hebben op 8 juli 2010 met elkaar gesproken. Van het gesprek is een verslag gemaakt. Daarin staat onder meer:

De communicatie verloopt niet soepel, zowel intern als extern. Dit geeft ergernissen bij de directie. (.....) [Q.] is hier eerder op aangesproken en heeft hiervoor zelfs een officiële waarschuwing gehad. (.....)

Daarnaast heeft de directie vernomen dat [Q.] samen met de mensen van Nordial bezig is geweest met de overname van een lijmfabriek in Zweden (Svenska Lim, Lyckeby). (.....) [A.] geeft aan dat hij het [Q.] zwaar aanrekent dat hij de directie hierover niet geïnformeerd heeft. (.....) [Q.] geeft aan dat hij er spijt van heeft dat hij dat destijds niet gedaan heeft.

[A.] zal een coach inschakelen, op gezette tijden zal maandelijks geëvalueerd worden.

2.6. Naar aanleiding van de rapportage van de coach hebben Q., B. en A. een gesprek op 24 augustus 2010. In het gespreksverslag staat onder meer:

[A.] geeft aan dat [A.] en [B.] van mening zijn de benaming arbeidsconflict niet de juiste benaming is voor de ontstane situatie en dat Cordial er ook niet mee om wil gaan als zijnde een arbeidsconflict. (.....)

[A.] stelt voor om [Q.] verantwoordelijk te maken voor de ontwikkelingen van de nieuwe markten waaronder Zuid Afrika, Midden oosten, Dubai, China (Zuid) Amerika. (.....) [Q.] geeft vervolgens aan het als een enorme uitdaging te zien en neemt de nieuwe functie aan.

2.7. Tijdens een bespreking tussen A., B. en Q. op 16 december 2010, heeft Q. het volgende gezegd over Nordial en Cellplast:

[Q.] geeft aan dat wij een exclusiviteitscontract hebben voor buiten de Zweedse markt via Nordial en dat Nordial exclusiviteit heeft voor de Zweedse markt voor Cellplast. Echter [Q.] geeft aan dat hij nog nooit een contract heeft gezien.

2.8. Op 9 februari 2011 heeft Cellplast een bedrijfsbezoek gebracht aan Cordial. Tijdens die ontmoeting heeft Cellplast het contract van 18 mei 2010 (zie rechtsoverweging 2.4. - ktr.) getoond tussen Nordial, Cordial en Ignucell.

2.9. Op 7 maart 2011 hebben A., B. en Q. een bespreking. In het daarvan gemaakte verslag staat onder meer:

[B.] vraagt vervolgens waarom [Q.] nooit gemeld heeft dat hij bezig is geweest met het overnemen van Lyckeby en dat ook nog eens op kosten van Cordial (reis- en verblijfskosten). [B.] is van mening dat wanneer je dit soort dingen niet meld dat je dan iets te verbergen hebt. (.....) [Q.] geeft aan dat hij het destijds niet gemeld heeft ivm de slechte relatie die hij heeft met [B.].

[A.] vraagt hoe het zit met het contract. (.....) [A.] geeft aan dat [Q.] in het gesprek van 16 december 2010 heeft aangegeven dat hij nog nooit een contract heeft gezien, terwijl hij al veel eerder een contract heeft getekend met Nordial en Cellplast. (.....) [A.] vraagt waarom [Q.] de directie van Cordial daar nooit in heeft gekend. [Q.] geeft aan dat hij dat niet meer weet.

Het gesprek van 7 maart 2011 wordt halverwege afgebroken. Er zal een vervolggesprek plaatsvinden.

2.10. Op 9 mei 2011 is Q., na een gesprek met B., naar huis gegaan. Hij heeft zich op 10 mei 2011 ziek gemeld. Sindsdien heeft hij niet meer gewerkt voor Cordial. De bedrijfsarts heeft op 18 mei 2011 gerapporteerd dat er geen sprake is van arbeidsongeschiktheid op medische gronden.

2.11. Cellplast heeft op 30 mei 2011 een e-mail gestuurd aan Cordial, met de volgende inhoud:

I was informed last week from my colleague X. who was contacted by Kent at Nordial AB, that Cordial BV was close to bankruptcy and we should be concerned regarding the recipes of the glue might get lost. They made a point to X. that it might be a good idea to look for alternative suppliers, and that they had the recipe.

Regarding Q., did they say there was a legal suit from both Cordial and Q. against each other and Cordial is in most disorder due to the loss of him.

No one from Nordial has ever contacted me since I came to meet you in Holland, so I think it's surprising that they start spreading rumors behind my back of such a importance without discussing it with me as Managing Director of the company.

2.12. Q. heeft op 14 juli 2011 een procedure aanhangig gemaakt tegen Cordial bij de rechtbank Groningen, sector kanton. De hoofdvordering betreft achterstallige bonus van € 42.973,53.

2.13. Volgens een rapport van 11 september 2011 van het Israëlische recherchebureau Caerus Ltd te Tel Aviv, heeft dit bureau Q. op 6, 7 en 8 september 2011 gevolgd, tijdens een bezoek van Q. aan Israel. Blijkens het rapport zou Q. met Dor Chemicals, een lijmfabrikant in Israel, twee klanten van Cordial aldaar hebben bezocht, Frankel and Sons en Amicotube.

Het standpunt van Cordial

3. Cordial ontwikkelt lijmen voor haar klanten. De recepten vallen onder haar bedrijfsgeheim.

Het functioneren

Q. is aangenomen als business manager, bedrijfsleider. Na het functioneringsgesprek van 28 oktober 2008 wordt de functie van Q. tot minder dan de helft teruggebracht, omdat Q. niet 'in control' is. Hij is daarna enkel nog verantwoordelijk voor de verkoop.

Door onvoldoende communicatie is het in de functie Verkoop nooit heel goed gegaan door onvoldoende communicatie. In het functioneringsgesprek van 11 december 2009 heeft Cordial aangegeven dat de rapportage van Q. onvoldoende is.

Tijdens het functioneringsgesprek van 8 juli 2010 uit Cordial opnieuw onvrede over het communiceren van Q. Ook is Cordial niet tevreden over het aansturen van het verkoopteam door Q. Er wordt een coach ingeschakeld voor Q.

De coach rapporteert dat sprake is van een arbeidsconflict. In een gesprek met Q. op 24 augustus 2010 geven A. en B. aan dat 'arbeidsconflict' niet de juiste benaming is voor de ontstane situatie. Q. krijgt een nieuwe functie waarin hij verantwoordelijk wordt voor de ontwikkeling van nieuwe markten.

In de nieuwe functie haalt Q. de target niet en ziet de directie geen rapporten.

Cordial is van mening dat uit de hierna te noemen punten volgt dat Q. niet loyaal is (geweest) aan Cordial. Cordial vermoedt dat het Cellplastcontract, de belangstelling voor Lyckeby en het vrijgeven van de recepten, bewuste acties zijn geweest van Q.

Het contract Cellplast

Q. heeft zijn bevoegdheid overschreden door een contract te ondertekenen voor Cordial dat een belang van € 150.000,00 te boven ging. Daarenboven heeft hij Cordial niet op de hoogte gebracht van het bestaan van dit contract tussen Nordial en Cordial enerzijds en Ignucell anderzijds. Q. heeft zelfs gezegd van geen contract te weten. Tijdens een bezoek van Cellplast (= Ignucell - ktr.) aan Cordial op 9 februari 2011 heeft Cellplast aan Cordial het contract van 18 mei 2010 getoond.

De kwestie Lyckeby

De Zweedse agent van Cordial, Nordial, is bezig geweest met het verkrijgen van een lijmfabriek in Zweden, Svenska Lim, later geheten Lyckeby. Q. heeft met Nordial het bedrijf Lyckeby bezocht. Q. heeft Cordial niet op de hoogte gebracht van deze belangstelling van Nordial. [naam] en [naam], destijds aandeelhouder van Nordial, hebben verklaard dat Q. een aandelenpakket in Nordial zou verkrijgen. Volgens hen heeft Q. op een gegeven moment ook aangegeven dat contacten tussen Cordial en Nordial uitsluitend via hem zouden verlopen en dat bezoek van Nordial aan Cordial niet langer nodig was.

Recepturen voor Nordial

Q. heeft lijmrecepturen aan Nordial gestuurd. Daarop aangesproken heeft Q. gezegd dat dat nodig was in verband met registratie bij KEM, een Zweedse overheidsinstantie. Cordial is van mening dat de recepten via een octrooi- of advocatenkantoor bij KEM terecht hadden moeten komen.

Opnamen creditcard

Q. is lang in gebreke gebleven rekening en verantwoording af te leggen over het gebruik van de creditcard. Q. heeft een verantwoording afgelegd over de maanden november 2009 tot en met december 2010. Bij brief van zijn gemachtigde van 27 mei 2011 heeft Q. bonnen ingeleverd die bij de verantwoording horen. Cordial becijfert een tekort van € 3.954,28.

Bezoek Israel

Q. heeft Cordial een dringende reden gegeven voor ontslag, door van 6 tot 8 september 2011, nog tijdens zijn dienstverband met Cordial, samen met Dor Chemicals, een concurrent van Cordial, klanten van Cordial te bezoeken. Amicotube, een klant van Cordial, is door Dor Chemicals aangeschreven met het verzoek om op bezoek te mogen komen met Q.

Het standpunt van Q.

4. De missie van Q. was om een hechte organisatiestructuur te smeden. Dat is erg moeilijk gebleken door het gedrag van de directeuren A. en B.

Het functioneren

Bij zijn aantreden heeft Q. het bedrijf doorgelicht. Daarna heeft hij een plan opgesteld waarin onder meer de conclusies dat de communicatie slecht is en dat er geen overlegstructuur is. Juist door het optreden van de directie - geen voorbereiding en regelmatig verhinderd - bestond er geen communicatie en overleg.

Op voorstel van Q. in 2008 gaat B. R&D en Logistiek doen, A. Financieën en gaat Q. zich bezig houden met Verkoop.

Q. heeft met A. goed gecommuniceerd. B. is bot en onprofessioneel. De afgelopen vijf jaren zijn ongeveer acht managers vertrokken vanwege de slechte relatie die zij met B. hadden.

Q. ervaart dat genomen beslissingen door de directie worden veranderd of teruggedraaid; hij voelt zich regelmatig gepasseerd.

Ten onrechte heeft Cordial de door de coach geadviseerde bemiddelingsgesprekken niet laten plaatsvinden. Ook de afgesproken maandelijkse evaluaties zijn niet gehouden.

Vooral voor A., met wie Q. prettig communiceerde, is steeds de handel en wandel van Q. duidelijk geweest. Q.'s agenda was toegankelijk en hij heeft steeds gebeld en gemaild. Alleen B. heeft steeds op- en aanmerkingen over (de leesbaarheid van) de rapporten van Q.

Met A. en B. heeft Q. in maart 2011 een harmonieuze zakenreis naar China gemaakt. A. en B. waren daar tevreden met het functioneren van Q.

Cellplast

De voorbereiding en de uitvoering van het contract van 18 mei 2008 zijn met de directie besproken. Met meer klanten van Cordial heeft Q. dit soort contracten gesloten.

De kwestie Lyckeby

Dit incident speelde in 2008. Nordial wilde samenwerken met Svenska Lim. Voor Svenska Lim is Q. gevraagd als nieuwe directeur. Tijdens de onderhandelingen heeft Q. steeds gezegd pas een handtekening te kunnen zetten na met A. en B. te hebben gesproken. Q. heeft het in augustus 2010 besproken met Cordial. Hij heeft toen gezegd dat het verstandiger zou zijn geweest het toen al te melden aan Cordial.

Recepturen voor Nordial

De recepten zijn afgegeven aan Nordial voor registratie bij KEM. Nordial heeft zich verplicht tot geheimhouding in haar algemene contract met Cordial. Het gaat hier maar om twee of drie recepten.

Opnamen creditcard

Niet verantwoorde bedragen zijn niet aan Q. ten goede gekomen en houden verband met zijn werk voor Cordial. Het is niet altijd gelukt om bonnen te krijgen van de bestedingen.

Bezoek Israel

Q. heeft geen klanten van Cordial bezocht, althans niet met de bedoeling Cordial te beschadigen. Dor Chemicals is geen concurrent van Cordial.

De beoordeling

5. De kantonrechter heeft vastgesteld dat de verzoeken geen verband houden met een opzegverbod.

6. Het verzoekschrift met bijlagen is binnengekomen bij de rechtbank op 15 juli 2011. Het is op diezelfde dag naar de gemachtigde van Q. gestuurd. De gemachtigde van Cordial heeft vanwege het belang van de zaak om tijdige toezending van het verweerschrift gevraagd. Op donderdag 8 september 2011 is op de griffie het verweerschrift met bijlagen ontvangen. Het verzoekschrift is 2 cm, het verweerschrift met producties meet 2,5 cm. Q. heeft niet weersproken dat het verweerschrift, zonder producties, in de loop van donderdagmiddag 8 september 2011 bij de gemachtigde van Cordial kon binnenkomen.

De kantonrechter stelt voorop dat de indiening van een verweerschrift niet verplicht is. Er kan op de zitting voor het eerst verweer gevoerd worden. Het verstrekken van een verweerschrift sec op de donderdag voorafgaand aan de zitting van dinsdag is in deze zaak collegiaal wellicht bedenkelijk, maar in beginsel niet strijdig met het procesrecht. In deze zaak ligt dat anders waar het de producties van Q. betreft. Een aantal van die producties betreft immers niet de onderbouwing van het gevoerde verweer, maar zijn verweer op zich. In het verweerschrift wordt namelijk verwezen naar producties die uiteenzettingen van Q. zijn. De inhoud van die producties betrekt de kantonrechter niet in zijn oordeel.

7. Omdat beide partijen van mening zijn dat de arbeidsverhouding dient te worden beëindigd, zal de kantonrechter de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang ontbinden.

8. Voor wat betreft het door Cordial beweerde onvoldoende functioneren van Q. is de kantonrechter van oordeel dat onvoldoende functioneren niet aannemelijk is geworden. Uit de stellingen van partijen over en weer volgt wel dat de sfeer, met name tussen Q. en B., zo is geweest dat niet van een prettige en vruchtbare samenwerking kan worden gesproken. In beginsel kan dat een reden voor ontbinding zijn, maar niet om verwijt bij Q. te leggen.

9. De kantonrechter is van oordeel dat niet zozeer het sluiten maar wel het vervolgens verzwijgen van het contract van 18 mei 2010 Q. verweten kan worden. Het contract - en dus het achterhouden daarvan - door Q. stelt vervolgens de kwestie Svenska Lim in een nieuw daglicht. Daarom vindt de kantonrechter dat Cordial die kwestie opnieuw heeft mogen opvoeren. Ook over Svenska Lim heeft Q. immers voor Cordial zeer belangrijke informatie achtergehouden. Ten slotte, eveneens zonder Cordial daarin te kennen, heeft Q. recepten - bedrijfsgeheimen - afgegeven waardoor die bij concurrenten terecht konden komen.

In deze drie kwesties heeft Q., die een prominente functie heeft bekleed bij Cordial, zich een voor Cordial onbetrouwbare medewerker getoond. Dit is zeker zo wanneer bedacht wordt dat, aantoonbaar in de kwestie Svenska Lim, een persoonlijk belang van Q. een rol heeft gespeeld.

De kantonrechter is van oordeel dat sprake is van een dringende reden op grond waarvan de arbeidsovereenkomst ontbonden moet worden. Voor een vergoeding is dan geen plaats. Het vervolgens door Cordial aangevoerde behoeft hier en nu geen bespreking meer.

10. Gelet op de uitkomst van de procedure zal de kantonrechter Q. veroordelen in de kosten gevallen aan de kant van Cordial.

B E S L I S S I N G

De kantonrechter:

ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van heden;

veroordeelt Q. in de kosten van deze procedure gevallen aan de zijde van Cordial en tot op heden begroot op € 106,00 wegens vast recht en € 500,00 wegens salaris;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gewezen door mr. R.Tj. Terpstra, kantonrechter, en op 27 september 2011 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

coll.:

typ: RTjT