Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2011:BP6602

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
04-01-2011
Datum publicatie
03-03-2011
Zaaknummer
474221
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

inhoud dagvaarding voldoet niet aan artikelen 21 en 111 lid 1 onder d en lid 3 Rv.; daarnaast is namens eisende partij niemand ter comparitie (na antwoord) verschenen; vordering afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie

Zaak\rolnummer: 474221/10-7540

Vonnis d.d. 4 januari 2011

inzake

de naamloze vennootschap Reaal Verzekeringen N.V., gevestigd en kantoorhoudende te Alkmaar,

eiseres, hierna te noemen Reaal,

gemachtigde HNL Debiteurenbeheer & Incasso C.V. te Lelystad,

tegen

1. A en 2. B, beiden wonende te [adres],

Jan Wiegerslaan 14,

gedaagden, hierna te noemen A c.s.,

gemachtigde E. van der Veen, financieel adviseur te Stadskanaal.

PROCESGANG

Reaal heeft op de bij dagvaarding geformuleerde gronden gevorderd A c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 1.387,86 vermeerderd met rente en kosten. A c.s. hebben geantwoord met conclusie tot afwijzing van het gevorderde.

De kantonrechter heeft vervolgens een comparitie van partijen bepaald, die in aanwezigheid van de gemachtigde van A c.s. heeft plaatsgevonden op 13 december 2010. Namens Reaal is, ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, niemand ter comparitie verschenen. Van hetgeen door (de gemachtigde van) A c.s. naar voren is gebracht, heeft de griffier aantekeningen gemaakt. Hierna is vonnis bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

het standpunt van Reaal

1.1 Zij legt het volgende aan vordering ten grondslag.

1.2 Zij heeft A c.s. een bedrag van € 1.200,00 in rekening gebracht ter zake van een annulering door A c.s. van een met haar gemaakte afspraak c.q. gesloten overeenkomst.

1.3 Omdat A c.s. voormeld bedrag niet hebben voldaan, heeft zij de vordering ter

incasso uit handen gegeven. Zij maakt aanspraak op buitengerechtelijke kosten en

wettelijke rente.

het standpunt van A c.s.

2.1 Zij voert - zakelijk weergegeven en voor zover hier van belang - het volgende als verweer aan.

2.2 Zij zijn de door Reaal in rekening gebrachte kosten niet verschuldigd, omdat het aan Reaal, dan wel haar vertegenwoordiger WelkeFD te wijten is dat er nog aanvullende gegevens moesten komen, terwijl de einddatum voor de reeds door hen geaccepteerde offerte verstreken was.

de beoordeling

3.1 De kantonrechter is van oordeel dat de (inhoud van) inleidende dagvaarding niet voldoet aan de bepalingen zoals bedoeld in de artikelen 21 en 111 lid 2 onder d en lid 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv.).

3.2 Artikel 21 Rv. behelst onder meer de verplichting van partijen om de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig aan te voeren, terwijl artikel 111 lid 2 onder d voorschrijft dat de dagvaarding in ieder geval de eis en de gronden daarvoor dient te bevatten. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft Reaal in de inleidende dagvaarding aan geen van beide verplichtingen voldaan. In dit verband kan niet worden volstaan met de enkele stelling onder punt 1 van de dagvaarding, luidende: "de eisende partij van de gedaagde partij heeft te vorderen een bedrag van € 1.200,00 op grond van annulering door de gedaagde partij van van een met de eisende partij gemaakte afspraak c.q. gesloten overeenkomst, waarvoor de eisende partij aan de gedaagde partij vergoedingskosten in rekening heeft gebracht, zoals omschreven in de aan de gedaagde partij gezonden nota(s);".

3.3 Voorts is niet voldaan aan de inhoud van artikel 111 sub 3 Rv. Daarin wordt onder meer voorgeschreven dat de dagvaarding de verweren en de gronden daarvoor dient te bevatten. Anders dan in de dagvaarding omschreven - "de gedaagde partij heeft de onderhavige vordering niet inhoudelijk betwist............" - is bij conclusie van antwoord onweersproken door A c.s. aangevoerd, dat zij in ieder geval bij schrijven van hun gemachtigde op 12 augustus 2010 hun bezwaren tegen de gang van zaken aan Reaal kenbaar hebben gemaakt.

3.4 Daarnaast is namens Reaal geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om ter comparitie te verschijnen. Zij heeft schriftelijk laten weten dat zij daarvan om haar moverende redenen afziet. Uit deze proceshouding leidt de kantonrechter af dat Reaal het kennelijk niet noodzakelijk heeft geacht haar om vordering nader te onderbouwen, waarbij zij voormelde omissies eventueel had kunnen herstellen.

3.5 De voorgaande overwegingen leiden er toe dat de vordering zal worden afgewezen. Als de in het ongelijk gestelde partij zal Reaal worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.

BESLISSING

De kantonrechter:

wijst de vordering af;

veroordeelt Reaal in de kosten van deze procedure, die aan de zijde van A c.s. tot aan deze uitspraak worden vastgesteld op € 150,00 aan salaris van de gemachtigde.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.Tj. Terpstra, kantonrechter, en op 4 januari 2011 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: jg