Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2010:BL1531

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
01-02-2010
Datum publicatie
01-02-2010
Zaaknummer
18/670387-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

medeplegen poging zware mishandeling en openlijk geweld; deels voorwaardelijke gevangenisstraf

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector Strafrecht

parketnummer: 18/670387-09 (Promis)

datum uitspraak: 1 februari 2010

op tegenspraak

raadsman: mr. R.J.E. van Haarst

V O N N I S

van de rechtbank Groningen, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen:

[ naam verdachte],

geboren op [geboorte datum] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats],

thans verblijvende in P.I. Noord, De Grittenborgh te Hoogeveen.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

18 januari 2010.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij, op of omstreeks 18 september 2009,

te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

aan een of meer personen genaamd [naam slo1] en/of [naam slo 2], opzettelijk

zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet die [slo 1]en/of [slo 2] meermalen, althans eenmaal, hebben gestompt en/of (met een honkbalknuppel) geslagen en/of geduwd en/of terwijl die [slo 1] en/of [slo 2] op de grond lagen meermalen, althans eenmaal, in

zijn/hun rug(gen) heeft/hebben geschopt en/of getrapt, terwijl de uitvoering

van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij, op of omstreeks 18 september 2009,

te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal, met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, de Exloërweg, in elk geval op of aan een openbare weg,

openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer personen, te

weten [slo 1] en/of [slo 2], welk geweld bestond uit het meermalen, althans eenmaal stompen en/of (met een honkbalknuppel) slaan en/of duwen van die [ slo 1] en/of [slo 2] en/of het terwijl die [slo 1] en/of [slo 2] op de grond lagen meermalen, althans eenmaal,

in zijn/hun rug(gen) schoppen en/of trappen;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij, op of omstreeks 18 september 2009,

te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk

mishandelend een of meer personen (te weten [slo 1] en/of [slo 2])

meermalen, althans eenmaal, hebben gestompt en/of (met een honkbalknuppel)

geslagen en/of geduwd en/of terwijl die [slo 1] en/of [slo 2] op de grond lagen

meermalen, althans eenmaal, in zijn/hun rug(gen) heeft/hebben geschopt en/of

getrapt, waardoor voornoemde [slo 1] en/of [slo 2] letsel heeft/hebben bekomen en/of pijn

heeft/hebben ondervonden;

2.

hij, op of omstreeks 27 september 2009,

te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, de Duurkenakker, in elk

geval op of aan een openbare weg,

openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een fiets en de

kilometerteller op een fiets, welk geweld bestond uit het met een

honkbalknuppel slaan op die fiets en op de kilometerteller van die fiets,

waarbij hij, verdachte, opzettelijk die kilomerteller en/of een of meer spaken

van die fiets heeft vernield;

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij, op of omstreeks 27 september 2009,

te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen,

[slo 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans

met zware mishandeling, immers is verdachte en/of zijn mededader(s) toen daar

opzettelijk dreigend met een auto aan die [slo 3] voorbijgereden en/of

(daarna) met een door verdachte en/of zijn mededader(s) bestuurde auto, vóór

die [ slo 3] gestopt en/of heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s)

(vervolgens) een (honkbal)knuppel uit die auto gepakt en/of is/zijn verdachte

en/of zijn mededader(s) (toen) op die [ slo 3] toegelopen en/of heeft/hebben

verdachte en/of zijn mededader(s) (daarna) met een honkbalknuppel op de door

die [slo 3] bestuurde fiets geslagen;

3.

hij, op of omstreeks 20 september 2009,

te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal,

op de openbare weg, de Beukenhof, in ieder geval op een openbare weg,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

[slo 4], die daar reed op een bromfiets/scooter,

heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware

mishandeling, door met een motorrijtuig (auto) (erg) dicht achter en/of naast die [slo 4],

te gaan rijden en/of (vervolgens) die [slo 4] toe te voegen: "stoppen, of we

trekken je van de scooter", althans woorden van gelijke dreigende aard en/of

strekking;

4.

hij, op verschillende tijdstippen, althans op enig tijdstip, op of omstreeks

3 oktober 2009, te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal,

(telkens) opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slo 5]), heeft

gestompt en/of geslagen, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;

5.

hij, op of omstreeks 13 september 2009,

te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, de Hereweg, in elk geval

op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen

een persoon, te weten [slo 6],

welk geweld bestond uit het duwen en/of stompen tegen het lichaam van die

[slo 6] en/of het stompen en/of slaan tegen het hoofd van die [slo 6];

althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat

hij, op of omstreeks 13 september 2009,

te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slo 6] heeft geduwd

en/of gestompt en/of geslagen, waardoor voornoemde [slo 6] letsel heeft

bekomen en/of pijn heeft ondervonden.

Bewijsvraag

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht de feiten 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 wettig en overtuigend bewezen op grond van de aangiften en de verklaringen van de verdachten in het dossier.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft ten aanzien van de feiten 1, 2, 4 en 5 betoogd dat verdachte deze feiten heeft bekend. Ten aanzien van feit 3 heeft de raadsman aangevoerd dat verdachte dit feit eerst niet expliciet heeft bekend. Verdachte had in zijn beleving namelijk niks gedaan. Dat juridisch gezien de gehele groep aansprakelijk gesteld wordt, is iets wat hij pas de laatste periode is gaan leren inzien.

Beoordeling

Feit 1

De rechtbank heeft bij de beoordeling van feit 1 acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen:

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 22 september 2009, opgenomen

op pagina 135 e.v. van het dossier met dossiernummer 2009109908, inhoudende de

verklaring van aangever [slo 1];

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 23 september 2009, opgenomen

op pagina 143 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van aangever

[ slo 2];

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 6 oktober 2009, opgenomen op

pagina 165 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van verdachte;

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 20 oktober 2009, opgenomen op

pagina 187 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van verdachte [medeverdachte 1];

Feit 2

De rechtbank heeft bij de beoordeling van feit 2 acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen:

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 28 september 2009, opgenomen

op pagina 99 en 100 van bovenvermeld, inhoudende de verklaring van aangever [slo 3];

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 6 oktober 2009, opgenomen

op pagina 111 van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van [medeverdachte 2]

alsmede de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 18 januari 2010;

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 12 oktober 2009, opgenomen

op pagina 115 van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van [medeverdachte 3];

Feit 3

De rechtbank heeft bij de beoordeling van feit 3 acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen:

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 20 september 2009, opgenomen

op pagina 207 van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van aangever [ slo 4];

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 7 oktober 2009, opgenomen

op pagina 224 van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van verdachte;

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 14 oktober 2009, opgenomen

op pagina 232 van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van verdachte [medeverdachte 4];

Feit 4

De rechtbank heeft bij de beoordeling van feit 3 acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen:

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal d.d. 6 oktober 2009, opgenomen

op pagina 295 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van aangever [slo

5];

- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 18 januari 2010 afgelegd;

Feit 5

De rechtbank heeft bij de beoordeling van feit 5 acht geslagen op de volgende bewijsmiddelen.

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal, d.d. 9 november 2009, opgenomen op pagina 380 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de aangifte van [ slo 6];

- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal, d.d. 11 november 2009, opgenomen op pagina 385 e.v. van bovenvermeld dossier, inhoudende de verklaring van [getuige 1];

- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 18 januari 2009 afgelegd.

De rechtbank overweegt dat op grond van voormelde bewijsmiddelen de feiten 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair wettig en overtuigend kunnen worden bewezen.

Bewezenverklaring

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1.

hij, op 18 september 2009, te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met anderen, aan personen genaamd [slo 1] en [slo 2], opzettelijk

zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet die [slo 1] en/of [slo 2] meermalen hebben gestompt en/of met een honkbalknuppel geslagen en/of geduwd en/of terwijl

die [ slo 1] en [slo 2] op de grond lagen meermalen in hun ruggen hebben geschopt en/of getrapt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

2.

hij, op 27 september 2009, te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

met een ander op de openbare weg, de Duurkenakker, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een fiets en de kilometerteller op een fiets, welk geweld bestond uit het met een

honkbalknuppel slaan op die fiets en op de kilometerteller van die fiets,

waarbij hij, verdachte, opzettelijk die kilometerteller en spaken

van die fiets heeft vernield;

3.

hij, op 20 september 2009, te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal,

op de openbare weg, de Beukenhof, tezamen en in vereniging met anderen,

[slo 4], die daar reed op een scooter, heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door met een auto erg dicht achter en naast die [slo 4] te gaan rijden;

4.

hij, op verschillende tijdstippen, op 3 oktober 2009, te Musselkanaal, in de gemeente Stadskanaal, telkens opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slo 5], heeft

gestompt en geslagen, waardoor deze letsel heeft bekomen en pijn heeft ondervonden;

5.

hij, op 13 september 2009, te Meeden, in de gemeente Menterwolde,

met anderen, op openbare weg, de Hereweg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een persoon, te weten [slo 6], welk geweld bestond uit het duwen tegen het lichaam van die [slo 6] en het stompen tegen het hoofd van die [slo 6].

De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

De rechtbank heeft de in de tenlastelegging voorkomende schrijffouten hersteld. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

Strafbaarheid van het feit

Hetgeen de rechtbank bewezen heeft verklaard, levert de volgende strafbare feiten op:

1. Medeplegen van een poging tot zware mishandeling;

2. Het openlijk in vereniging geweld plegen tegen goederen;

3. Medeplegen van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;

4. Mishandeling, meermalen gepleegd;

5. Het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu ten aanzien van verdachte geen strafuitsluitings-gronden aanwezig worden geacht.

Strafoplegging

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair tenlastegelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, met aftrek van de voorlopige hechtenis. Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat aan het voorwaardelijke deel van de straf de bijzondere voorwaarde wordt verbonden dat verdachte zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, te geven door of namens Reclassering Nederland.

De officier van justitie heeft bij haar eis onder meer rekening gehouden met de aard en de ernst van de feiten, almede met de context waarin deze feiten zijn gepleegd. Verdachte wist wat er ging gebeuren en heeft zelf ook een actieve rol vervuld bij de feiten.

Standpunt van de verdediging

De raadsman is van mening dat aan verdachte een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden dient te worden opgelegd waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met daaraan gekoppeld als bijzondere voorwaarde een verplicht reclasseringstoezicht.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting en de aangaande zijn persoon opgemaakte rapportage, alsmede de vordering van de officier van justitie.

Verdachte heeft zich in een betrekkelijk korte periode schuldig gemaakt aan een vijftal geweldgerelateerde feiten. Verdachte heeft zich bij de feiten 1, 2 en 5 zonder enige aanleiding samen met anderen gewelddadig opgesteld tegen willekeurige slachtoffers. Verdachte heeft zich hierbij niet onbetuigd gelaten en een actieve rol vervuld. Verdachte heeft door zijn handelen blijk gegeven van een ernstig gebrek aan respect voor de lichamelijke integriteit van anderen. Verdachte maakte gebruik van de druk die van de groep uitging waarin hij zich bevond. Deze groep heeft bij onder meer feit 1, terwijl de meeste verdachten hun gezichten hadden bedekt met onder meer bivakmutsen om zo herkenning te voorkomen, gebruik gemaakt van (geprepareerde) honkbalknuppels waarmee op slachtoffers werd ingeslagen. Tevens heeft verdachte zich samen met deze groep schuldig gemaakt aan een bedreiging van een willekeurige voorbijganger en heeft verdachte zich op een kermis schuldig gemaakt aan het meermalen mishandelen van een ander. Door het plegen van deze feiten heeft verdachte de slachtoffers veel angst aangejaagd en gevoelens van onveiligheid veroorzaakt. De rechtbank rekent verdachte deze feiten zwaar aan en naar het oordeel van de rechtbank is bij dergelijk handelen een gevangenisstraf passend en geboden. Uit het reclasseringsrapport komt naar voren dat het wenselijk is om in te grijpen in het gedrag van verdachte, zodat hij meer zelfinzicht krijgt, minder snel komt tot impulsieve acties en hij zijn gedragsvaardigheden verbetert. Het recidiverisico wordt als hoog gemiddeld ingeschat. De rechtbank acht het derhalve aangewezen dat een deel van gevangenisstraf voorwaardelijk wordt opgelegd met daaraan gekoppeld als bijzondere voorwaarde een verplicht reclasseringstoezicht.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 45, 47, 63, 141, 285, 300 en 302 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank:

- verklaart het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen zoals hierboven is aangegeven, te kwalificeren als voormeld en verklaart het bewezen verklaarde strafbaar.

- verklaart het onder 1 primair, 2 primair, 3, 4 en 5 primair meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.

- verklaart verdachte voor het bewezen verklaarde strafbaar.

een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden.

Beveelt dat bij de tenuitvoerlegging van deze straf de tijd die veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, in mindering zal worden gebracht tenzij die tijd op een andere straf in mindering is gebracht.

Bepaalt dat van deze straf een gedeelte, groot 10 maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders gelast omdat de veroordeelde zich voor het einde van de op twee jaren gestelde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bepaalt dat de tenuitvoerlegging ook kan worden gelast indien de veroordeelde gedurende de proeftijd de bijzondere voorwaarden niet naleeft.

Stelt als bijzondere voorwaarde:

- de veroordeelde zal zich gedurende de proeftijd gedragen naar voorschriften en aanwijzingen te geven door of namens Reclassering Nederland, zolang deze instelling dat gedurende de proeftijd nodig oordeelt. Draagt deze instelling op om de veroordeelde hulp en steun te verlenen bij de naleving van de bijzondere voorwaarde.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Tempel, voorzitter, mrs. E.W. van Weringh en

K.K. Lindenberg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.A.B. de Jong, als griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 1 februari 2010.