Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2009:BQ5756

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
04-03-2009
Datum publicatie
24-05-2011
Zaaknummer
376 CV EXPL 08-12575
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bewijsopdracht; deskundigenbericht; telefoonmaatschappij; veelvuldig korte gesprekken. Voor opvolgende tussenvonnissen zie LJN:BQ5758 en BQ5759 en voor het eindvonnis LJN:BQ5763.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Groningen

Zaak\rolnummer: 376972 \ CV EXPL 08-12575

Vonnis van 4 maart 2009

inzake

de besloten vennootschap Lindorff B.V.,

gevestigd te Zwolle,

eiseres, hierna T-Mobile te noemen,

gemachtigde J.A. Hartman, gerechtsdeurwaarder te Groningen,

tegen

A,

wonende te [adres],

gedaagde, hierna A te noemen,

gemachtigde: mr. A.J. Welvering, advocaat te Leek (Postbus 105, 9350 AC).

PROCESGANG

1. Op de bij dagvaarding vermelde gronden heeft T-Mobile gevorderd om A te veroordelen tot betaling van € 4.154,54, met rente en kosten. A heeft bij antwoord, onder overlegging van producties, de vordering betwist. Na repliek (met producties) en dupliek is vonnis bepaald op de stukken, waarvan de inhoud als hier ingelast geldt.

OVERWEGINGEN

De feiten

2. Als gesteld en erkend, dan wel als niet of onvoldoende weersproken, alsmede op grond van de in zoverre onbetwiste inhoud der overgelegde producties staat naar het oordeel van de kantonrechter het volgende vast.

2.1. A heeft op 27 juni 2002 met (de rechtsvoorganger van) T-Mobile een overeenkomst gesloten voor het gebruik van het mobiele telecommunicatienetwerk van T-Mobile.

2.2. T-Mobile heeft haar vordering op A overgedragen aan Lindorff Purchase B.V.

2.3. T-Mobile heeft de navolgende facturen aan A gestuurd, welke hij onbetaald laat.

* 15 mei 2007 € 581,02

* 11 juni 2007 € 2.545,80

* 10 juli 2007 € 37,68

* 8 augustus 2007 € 22,25

* 10 september 2007 € 22,25

* 20 september 2007 € 14,09 -

In totaal laat A een bedrag van € 3.194,91 (inclusief € 15,00 administratiekosten) onbetaald.

2.4. Op 17 september 2007 heeft T-Mobile de overeenkomst met A beëindigd.

De standpunten van partijen

3. T-Mobile heeft zich gebaseerd op de vaststaande feiten en verder aangevoerd dat de algemene voorwaarden van toepassing zijn omdat A door met T-Mobile te contracteren zich bekend en akkoord heeft verklaard met de algemene voorwaarden.

In reactie op het verweer van A heeft T-Mobile aangevoerd dat zij gerechtigd was de overeenkomst te ontbinden omdat A haar niet betaalde. A heeft alleen de factuur van 11 juni 2007 betwist. Al het telefoonverkeer volgens deze factuur is via de SIM-kaart van A verlopen en is volledig geautomatiseerd geregistreerd.

Er is een akte van cessie en de overdracht is meegedeeld aan A.

4. Het verweer van A is dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn.

Verder heeft A aangevoerd jaren zonder problemen klant te zijn geweest van T-Mobile. De factuur van 15 mei 2007 heeft A eerst voldaan. Hij heeft echter een buitenproportionele factuur ontvangen van T-Mobile op 11 juni 2007. Ongeloofwaardig is dat A van 6 mei 2007 tot en met 5 juni 2007 soms wel 50 keer op een dag gedurende enkele seconden steeds hetzelfde servicenummer zou hebben gebeld. Daarop heeft A de betaling van de factuur van 15 mei 2007 laten terugboeken.

De vordering is niet rechtsgeldig overgedragen aan Lindorff.

De nog te vervallen abonnementskosten kunnen niet gevorderd worden.

Er wordt teveel rente in rekening gebracht.

Er zijn geen buitengerechtelijke werkzaamheden verricht die de vordering op dat punt rechtvaardigen.

De beoordeling van het geschil

5. De kantonrechter stelt vast dat na het verweer van A T-Mobile niet heeft gesteld dat haar algemene voorwaarden aan A zijn overhandigd voorafgaand aan of bij het sluiten van de overeenkomst. De kantonrechter is daarom van oordeel dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn.

6. Er is naar het oordeel van de kantonrechter voldaan aan de vereisten voor de overdracht van de vordering op A van T-Mobile op Lindorff. Er is een akte van cessie en er is mededeling gedaan aan A. Indien de door T-Mobile genoemde brief niet door A is ontvangen, dan is de dagvaarding en het processtuk waarbij de brief wordt overgelegd als mededeling te beschouwen. Van enige benadeling daardoor, aan de kant van A is de kantonrechter niet gebleken.

7. Van uitfacturatie van nog te vervallen abonnementskosten is naar het oordeel van de kantonrechter geen sprake. Wanneer vast komt te staan dat A ten onrechte niet heeft betaald, heeft T-Mobile terecht de overeenkomst ontbonden per 17 september 2007 en tot die datum abonnementskosten c.a. in rekening gebracht.

8. Omdat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn en gelet op het verweer van A moet T-Mobile een begrijpelijke renteberekening overleggen.

9. T-Mobile heeft twee standaardincassobrieven verstuurd aan A. De kantonrechter oordeelt dat niet voldoende om de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten toe te wijzen.

10 De kantonrechter is van oordeel dat T-Mobile vooralsnog heeft aangetoond dat A de door T-Mobile in rekening gebrachte telefonische contacten heeft gemaakt en daarvoor aansprakelijk is. Gelet op de bijzonderheid van deze contacten, vooral wat de frequentie en de steeds (zeer) korte duur betreft, en het daarop gerichte verweer van A, zal de kantonrechter A in de gelegenheid stellen tegenbewijs te leveren. De kantonrechter kan zich dergelijk tegenbewijs in beginsel enkel voorstellen door tussenkomst van een deskundige.

11. De zaak zal naar de rolzitting worden verwezen, opdat A te kennen kan geven of en hoe hij aan een bewijsopdracht wenst te voldoen. Uiteraard kan deze uitlating schriftelijk worden gedaan. Beide partijen worden in de gelegenheid gesteld een of meer deskundigen voor te stellen en ook de aan deze deskundige(n) te stellen vragen.

12. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

BESLISSING

De kantonrechter:

verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 1 april 2009 voor uitlating door partijen als bedoeld in overweging 11;

bepaalt dat voor de uitlating door partijen in beginsel geen uitstel zal worden verleend;

houdt elke verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.Tj. Terpstra, kantonrechter, en op 4 maart 2009 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: RTjT