Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2009:BL4368

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
08-09-2009
Datum publicatie
18-02-2010
Zaaknummer
399200 CV EXPL 09-1675
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Toerekenbare schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Tussenvonnis 1. Voor tussenvonnis 2 zie LJN BL4371.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Winschoten

Zaak\rolnummer: 399200 \ CV EXPL 09-1675

Vonnis d.d. 8 september 2009

inzake

de besloten vennootschap DGMR Bouw BV,

statutair gevestigd te Arnhem,

eiseres,

gemachtigde R. van der Laan, werkzaam bij Van der Laan & Partners B.V. te Weert

(Havenweg 11, 6006 SM),

tegen

de besloten vennootschap H.B. Horecabedrijven Exploitatie Noord-Nederland BV,

gevestigd te 9663 AV Nieuwe Pekela, Holland Marsch 14,

gedaagde,

gemachtigde mr. S. van Gessel, advocaat te Veendam

(postbus 125, 9640 AC).

PROCESGANG

Eiseres, hierna te noemen DGMR, heeft op de bij dagvaarding geformuleerde gronden gevorderd gedaagde, hierna te noemen Horecabedrijven, te veroordelen tot betaling van € 3839,18 met rente met haar veroordeling in de kosten van het geding.

Wijlen J. heeft namens Horecabedrijven geantwoord met conclusie tot afwijzing van het gevorderde.

DGMR heeft gerepliceerd, waarna mr. S. van Gessel namens Horecabedrijven heeft gedupliceerd.

OVERWEGINGEN

Het gaat in deze zaak om het volgende.

Tussen partijen staat vast dat J. aan DGMR opdracht heeft gegeven tot het verrichten van een onderzoek naar de oorzaak van de brand in de horecagelegenheid Turkish Delight in Hoogeveen. De horecagelegenheid was, in ieder geval destijds, eigendom van mevrouw K.

DGMR stelt dat J. daarbij handelde als vertegenwoordiger van Horecabedrijven. Zij heeft Horecabedrijven een factuur gestuurd en omdat deze onbetaald was gebleven deze procedure jegens Horecabedrijven aanhangig gemaakt.

J. heeft mondeling namens Horecabedrijven verweer gevoerd en gesteld dat hij bij het geven van de opdracht had gehandeld als vertegenwoordiger van K. Door J. is geen machtiging overgelegd waaruit blijkt dat hij bevoegd was het woord te voeren namens DGMR.

Nadat DGMR had gerepliceerd en daarbij haar vordering had gehandhaafd heeft mr. S. van Gessel namens Horecabedrijven gedupliceerd en daarbij gesteld dat wijlen J. niet bevoegd was om haar te vertegenwoordigen. De vennootschap wordt vertegenwoordigd door haar directeuren, de twee zonen van J., en deze hebben hun vader niet gemachtigd om de vennootschap op welke wijze dan ook te vertegenwoordigen. Zij stellen daarnaast inhoudelijk dat J. bij het geven van de opdracht niet namens haar, maar in privé, namens mevrouw K. de opdracht heeft verstrekt.

DGMR heeft op dit verweer nog niet kunnen reageren. De kantonrechter zal de zaak naar de rol verwijzen om haar daartoe alsnog in de gelegenheid te stellen. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

BESLISSING

De kantonrechter:

verwijst de zaak naar de rol van 6 oktober 2009 voor uitlating door DGMR als hierboven omschreven;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. , kantonrechter, en op 8 september 2009 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.

typ: GvB