Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2008:BD7020

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
25-06-2008
Datum publicatie
11-07-2008
Zaaknummer
102410 / JE RK 08-490
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Artikel 29a, lid 1 WJZ; artikel 29b, lid 2 WJZ; noodzaak voortzetting behandeling tijdens de meerderjarigheid; gesloten jeugdzorg na de meerderjarigheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector Civielrecht

zaaknr.: 102410 / JE RK 08-490

beschikking kinderrechter d.d. 25 juni 2008

inzake

* [minderjarige], geboren in de gemeente [gemeente] op [in 1990], hierna: [de minderjarige],

kind van:

[vader],

en

[moeder],

beiden wonende te [adres].

De ouders zijn belast met het gezag over voornoemde minderjarige.

PROCESGANG

Op 3 juni 2008 heeft het bureau jeugdzorg (bjz) een verzoek tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg ingediend, gedateerd 30 mei 2008.

Daarbij is overgelegd het indicatiebesluit.

Nu het een verlenging van een machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg betreft is ambtshalve als raadsman toegevoegd mr. R.F.M. Mullaart.

Op 25 juni 2008 is ter griffie een verklaring van een gedragswetenschapper ontvangen.

Op 25 juni 2008 zijn ter griffie brieven ontvangen van [de minderjarige] en ouders.

Op 25 juni 2008 heeft de kinderrechter de zaak ter terechtzitting met gesloten deuren behandeld.

Gehoord zijn daarbij: mr. R.F.M. Mullaart en mevrouw A. Ritsema, namens bjz.

OVERWEGINGEN

Bij beschikking d.d. 25 september 2007 is de ondertoezichtstelling uitgesproken, ingaande 4 december 2007, tot 19 juli 2008.

Bij beschikking d.d. 3 maart 2008 is de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg verlengd, met ingang van 4 maart 2008, tot 19 juli 2008.

Standpunt bjz

[de minderjarige] neemt op dit moment deel aan het project "Doen wat Werkt". Hij heeft hiervoor een behandeling gehad op zowel een gesloten als een besloten groep van het Poortje. Nu woont hij sinds 28 maart jl. weer thuis. [de minderjarige] wordt begeleid door een therapeut van Functionele Familie Therapie (FFT). Naar verwachting duurt deze begeleiding nog vier maanden. De begeleiding verloopt nu nog niet goed. [de minderjarige] drinkt nog veel alcohol en houdt zich niet aan de afspraken. Ook heeft hij een aantal keren geld gestolen van ouders.

Het is voor de therapie noodzakelijk dat er voor [de minderjarige] en ouders de mogelijkheid blijft om terug te vallen op een Time-Out, hetgeen inhoudt dat [de minderjarige], per direct, voor maximaal twee weken wordt teruggeplaatst naar de gesloten Time-Out groep van Doen wat Werkt.

Er is tot nu toe een keer gebruik gemaakt van deze mogelijkheid; voor een weekend.

Hoewel [de minderjarige] op 19 juli as. achttien jaar wordt, is het belangrijk dat de machtiging gesloten jeugdzorg gehandhaafd blijft, omdat de behandeling van [de minderjarige] nog niet is afgelopen. In verband hiermee is het van belang dat de mogelijkheid van een Time-Out in het Poortje blijft bestaan.

Naar de mening van bjz dient de komende periode gewerkt te worden aan het behalen van de volgende doelen:

- [de minderjarige] staat open voor begeleiding van de FFT therapeut;

- [de minderjarige] houdt zich aan de afspraken die hij maakt;

- [de minderjarige] volgt de lessen op zijn school en is gemotiveerd om zijn opleiding af te maken.

Beoordeling van de kinderrechter

[de minderjarige] is deelnemer aan het project "Doen wat Werkt". Binnen dit project bestaat de mogelijkheid om terug te vallen op een Time-Out. Dit houdt in dat [de minderjarige] voor een korte duur teruggeplaatst kan worden naar de gesloten Time-Out groep binnen het Poortje. Hier dient een machtiging tot gesloten jeugdzorg aan ten grondslag te liggen.

[de minderjarige] woont op dit moment weer bij zijn ouders. Het gaat soms goed, maar vaak ook niet. [de minderjarige] drinkt nog veel en houdt zich niet altijd aan de regels en afspraken die thuis gelden.

Het is voor [de minderjarige] en ouders van belang dat de gesprekken met de FFT therapeut voortgezet worden. De kinderrechter betrekt in dit oordeel dat [de minderjarige] voor een korte duur teruggeplaatst is naar de gesloten Time-Out groep.

De kinderrechter overweegt ten aanzien van het feit dat [de minderjarige] op 19 juli as. meerderjarig wordt het volgende.

Ingevolge artikel 29a, eerste lid, WJZ is het hoofdstuk dat betrekking heeft op de gesloten jeugdzorg niet alleen van toepassing op minderjarige jeugdigen, maar ook op jeugdigen die de leeftijd van 21 jaar nog niet hebben bereikt, ten aanzien van wie op het tijdstip waarop zij meerderjarig werden, een machtiging gold.

[de minderjarige] staat vanaf 19 juli 2008 niet meer onder toezicht. Een gesloten machtiging kan in een dergelijk geval ingevolge artikel 29b, tweede lid, van voornoemde wet slechts worden verleend, indien de voogdij over de jeugdige bij een stichting berust, of degene die het gezag over hem uitoefent, met de opneming en het verblijf instemt.

In casu hebben ouders een verklaring overgelegd waaruit hun instemming met de opneming van [de minderjarige] in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg blijkt.

Het voortzetten van de behandeling in de gesloten jeugdzorg tijdens de meerderjarigheid is bovendien slechts mogelijk in gevallen waarin de noodzaak van voortzetting/afronding van de behandeling duidelijk is. Uit de overgelegde stukken en het hierboven overwogene blijkt deze noodzaak.

Op grond van de verkregen informatie, zoals in opgemeld verzoek aangegeven, is de kinderrechter van oordeel dat verlenging van de termijn van de machtiging tot gesloten jeugdzorg moet worden verlengd omdat de jeugdige nog steeds opgroei- of opvoedingsproblemen heeft die zijn ontwikkeling naar volwassenheid ernstig belemmeren en die maken dat de opneming en het verblijf noodzakelijk zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan de zorg die hij nodig heeft zal onttrekken of daaraan door anderen wordt onttrokken.

Gebleken is dat zowel de minderjarige [de minderjarige] als zijn ouders het eens zijn met het verzoek van bjz. Gelet op deze instemming, de ernst van de problematiek van de minderjarige [de minderjarige], het gegeven dat er een keer gebruik gemaakt is van de mogelijkheid van een Time-Out en de noodzakelijkheid van het voortzetten van het behandeltraject, zal de kinderrechter de machtiging uithuisplaatsing in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg verlengen voor de duur van zes maanden.

BESLISSING

verlengt de termijn van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige [minderjarige] voor de duur van zes maanden in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg, met ingang van 19 juli 2008, derhalve tot 19 januari 2009;

deze beschikking is uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beslissing is gegeven te Groningen door mr. L.C. Bosch, kinderrechter, in tegenwoordigheid van de griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 juni 2008.

WJD

Van deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden na de dag van deze uitspraak door indiening van een beroepschrift ter griffie van het Gerechtshof te Leeuwarden.