Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2006:AZ5338

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
05-12-2006
Datum publicatie
29-12-2006
Zaaknummer
293617 / 06-2189
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Gedaagde verschanst zich achter een formeel juridisch schot en houdt zich van de domme. De kantonrechter kijkt door de formele kaders heen en rekent gedaagde aan dat hij geen open kaart heeft gespeeld, maar zich bewust van de domme heeft gehouden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector kanton

Locatie Winschoten

Zaak\rolnummer: 293617 / 06-2189

vonnis d.d. 5 december 2006

inzake

de besloten vennootschap DG Beveiliging & Communicatie B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te 9641 KE Veendam, Stationsstraat 4,

eiseres, hierna te noemen DG,

gemachtigde H. Meinema, gerechtsdeurwaarder,

en

de besloten vennootschap Bosma Bedden Winschoten B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te 9672 BE Winschoten, Beertsterweg 1 A,

gedaagde, hierna te noemen Bosma,

gemachtigde J.L. Werkman, gerechtsdeurwaarder.

PROCESGANG

De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende processtukken:

- dagvaarding

- conclusie van antwoord

- conclusie van repliek

- conclusie van dupliek

DG heeft producties overgelegd.

Vonnis is (nader) bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

1. De feiten

1.1 Bij de gedingstukken bevindt zich onder meer een contract Dienstverleningsovereenkomst Signaleringssysteem waarbij Dijk & Wijk Beveiliging en Communicatie v.o.f. als opdrachtnemer en Bosma als opdrachtgever partij zijn. Het betreft hier een onderhouds- en serviceovereenkomst met betrekking tot een inbraaksignaleringinstallatie voor de duur van 5 jaar.

1.2 Bij schrijven van 22 januari 2003 heeft Bosma het volgende aan Dijk & Wijk B.V. medegedeeld:

Hierbij geven wij u te kennen dat wij onze relatie met uw organisatie met directe ingang zullen beëindigen.

Wij vragen u dan ook hierbij om de standaard installateurcode terug te brengen in het inbraakbeveiligingssysteem.

1.3 Bij de gedingstukken bevindt voorts een faktuur van 5 mei 2003 waarbij een bedrag van € 1.366,12 aan Bosma in rekening is gebracht. Die faktuur bevat verder de volgende tekst:

Betreft: inbraakinstallatie

Naar aanleiding van uw schriftelijke opzegging doen wij u hierbij de faktuur toekomen betreffende de afkoop van de inbraakinstallatie in het pand aan de J. V/d Veenstraat 11 te Winschoten.

1.4 Tevens bevindt zich bij de gedingstukken een faktuur ten name van Bosma d.d.

25 februari 2004. Daarbij wordt een bedrag van € 683,06 aan Bosma in rekening gebracht. Deze factuur bevat verder de volgende tekst:

Wij crediteren uw rekening naar aanleiding van uw fax d.d. 15-02-2004 en onze faktuur 8030188 d.d. 05-05-2003.

Totaal creditbedrag € 574,00.

TE ONTVANGEN EUR € 683,06

1.5 Bosma heeft deze faktuur ondanks diverse aanmaningen onbetaald gelaten.

2. Het standpunt van partijen

2.1 DG heeft betoogd dat Bosma de overeenkomst op 22 januari 2003 heeft opgezegd, maar dat dit eerst mogelijk was tegen 26 maart 2007. Daarom heeft zij Bosma de resterende looptijd in rekening gebracht hetgeen resulteerde in de factuur van 5 mei 2003. Daarna heeft er overleg tussen partijen plaatsgehad dat heeft geleid tot de minnelijke schikking als bedoeld in de faktuur van 25 februari 2004.

2.2 Bosma heeft aangevoerd ter zake van een inbraakinstallatie geen contractuele relatie met DG te hebben gehad, zodat zij niet tot betaling van enig bedrag gehouden is. Zij wijst erop dat de door DG in het geding gebrachte opzeggingsbrief is gericht aan Dijk & Wijk B.V. en dat Dijk & Wijk Beveiliging en Communicatie v.o.f. partij is in het overgelegde contract. Deze ondernemingen zijn evenwel geen partij in onderhavige procedure.

3. De beoordeling

3.1 Hoewel de kantonrechter met Bosma van mening is dat DG formeel juridisch niet kan worden aangemerkt als partij in het contract met haar en DG daaraan jegens haar geen rechten kan ontlenen, kan dat Bosma, die zich gelet op de inhoud van de gedingstukken wel heel opzichtig van de domme houdt, niet baten.

3.2 Zo heeft Bosma niet betwist dat, gelijk DG onder 5 van de conclusie van repliek expliciet heeft gesteld, tussen partijen een minnelijke schikking tot stand is gekomen inhoudende dat zij een bedrag van € 683,06 aan DG zou voldoen.

3.3 Voorts overweegt de kantonrechter dat Bosma meer dan eens door de incassogemachtigde van DG is gesommeerd voormeld bedrag te voldoen, maar dat gesteld noch gebleken is dat zij daarop te kennen heeft gegeven DG niet als partij te aanvaarden.

3.4 Daarnaast moet het er, bij gebreke van betwisting zijdens Bosma, voor worden gehouden dat DG en Dijk & Wijk v.o.f. materieel dezelfde partijen zijn.

3.5 Ten slotte overweegt de kantonrechter in dit kader nog dat Bosma onderhouds- en servicediensten heeft ontvangen. Gesteld noch gebleken is dat deze niet aan de daaraan te stellen eisen hebben voldaan.

3.6 Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen is de kantonrechter dan ook van oordeel dat Bosma aan de eerder gememoreerde nadere partijafspraak kan worden gehouden. Aldus ligt de vordering van DG, die voor het overige niet is betwist, voor toewijzing gereed.

3.7 Als in het ongelijk gestelde partij zal Bosma tevens in de proceskosten worden veroordeeld.

BESLISSING

De kantonrechter:

veroordeelt Bosma om aan DG te betalen de somma van € 947,50, vermeerderd met de wettelijke rente over € 683,06 vanaf de dag der dagvaarding tot de dag van de algehele voldoening;

veroordeelt Bosma in de kosten van de procedure tot aan deze uitspraak aan de zijde van DG gevallen, welke kosten worden vastgesteld op € 76,32 aan explootkosten, € 149,00 aan griffierecht en € 200,00 aan salaris van de gemachtigde;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Fokkema, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 december 2006 in aanwezigheid van de griffier.

Typ: hpl

Coll: