Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGRO:2006:AW3140

Instantie
Rechtbank Groningen
Datum uitspraak
24-04-2006
Datum publicatie
24-04-2006
Zaaknummer
18/670056-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Een 46-jarige man verdachte van het in bezit hebben van kinderporno en mishandelingen in de huiselijke sfeer veroordeeld tot een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf.

De in de tenlastelegging gebezigde algemene omschrijving van de pronografische afbeeldingen acht de rechtbank voldoende feitelijk omschreven. De dagvaarding voldoet aan de eisen van artikel 261 Sv.

De verdachte heeft door zijn handelen meegewerkt aan het in stand houden van de beschikbaarstelling van kinderporno.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK GRONINGEN

Sector Strafrecht

parketnummer: 670056-05

datum uitspraak: 24 april 2006

op tegenspraak

raadsman: mr. J. Boksem

vonnis van de rechtbank te Groningen, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [adres].

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 10 april 2006.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd: dat

1.

hij in of omstreeks de periode van 20 september 2004 tot en met 4 oktober 2004

te Groningen, in elk geval in Nederland, één of meermalen (een) afbeelding(en) en/of (een) gegevensdrager(s), (te weten een harde schijf van een computer en/of 3 DVD(s) en/of cd-rom(s), waarvan een met het opschrift "Cool too" en/of een met het opschrift "Index Fotoos"), bevattende (in totaal) 690 (bestanden met) foto's en/of (digitale) afbeeldingen van een of meer (naakte en/of deels naakte) personen die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet hadden bereikt en

- die op zodanige wijze poseren en/of zijn afgebeeld, dat hun ontblote geslachtsdelen nadrukkelijk en/of uitdagend in beeld zijn gebracht (op een wijze kennelijk bedoeld althans mede bedoeld om seksuele prikkeling op te wekken), onder meer

- een naakte jongen (circa 14 jaar) met een stijve penis (DVD 2/2, bestandsnaam "gay blonde teen") en/of

- die (een) seksuele gedraging(en) met een of meer andere personen verrichten

(op een wijze in beeld gebracht kennelijk bedoeld, althans mede bedoeld, om

seksuele prikkeling op te wekken, onder meer

- een naakt jong meisje (circa 10 jaar) die een penis vasthoudt (DVD 2/2 geen titel) en/of

- bestaande die seksuele gedraging(en) onder meer uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die minderjarige perso(o)n(en) door (een) (volwassen) perso(o)n(en), onder meer

- een naakte oudere man die een naakt jong meisje (13 a 14 jaar) penetreert (DVD 2/2, bestandsnaam "opa bei teen zum bumsen")

- een naakte volwassen man die een naakt jong meisje (jonger dan 8 jaar) penetreert (CD 1/2, bestandsnaam "lolita FK 03 x (1) en DVD 2/2, bestandsnaam "preteen being fucked"),

(telkens) heeft verspreid en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of uitgevoerd

en/of in bezit heeft gehad;

2.

hij op of omstreeks 10 september 2004 te Groningen opzettelijk mishandelend een

persoon (te weten [slachtoffer]), met kracht heeft beetgepakt en/of in het

gezicht heeft geslagen, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft

ondervonden;

3.

hij op of omstreeks 16 augustus 2004 te Groningen opzettelijk mishandelend een

persoon (te weten [slachtoffer]), heeft gebeten, waardoor deze letsel heeft

bekomen;

Wijziging tenlastelegging

De officier van justitie heeft gevorderd dat de tenlastelegging ten aanzien van feit 1 als volgt zal worden gewijzigd:

Regel 1 moet gelezen worden als: hij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks van oktober 2002 tot en met 4 oktober 2004.

Deze vordering is door de rechtbank ter terechtzitting, gehoord de verdachte en diens raadsman toegewezen.

Geldigheid van de dagvaarding ten aanzien van feit 1

Door de raadsman is aangevoerd dat de dagvaarding partieel nietig moet worden verklaard omdat de in de dagvaarding genoemde afbeeldingen onvoldoende feitelijk zijn omschreven.

De rechtbank overweegt hieromtrent het navolgende.

Hetgeen verdachte wordt verweten, namelijk dat het in de dagvaarding genoemde aantal afbeeldingen dat bij hem is aangetroffen seksuele gedragingen bevat waarbij een persoon was betrokken die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is in de dagvaarding uitgewerkt door een algemene omschrijving van de afbeeldingen. Voorts is naast deze algemene omschrijving in de dagvaarding een nader uitgewerkte omschrijving gegeven van een aantal afbeeldingen waarbij wordt omschreven welke seksuele gedragingen zich voordoen.

De algemene omschrijving is zodanig dat alle afbeeldingen die voldoen aan de criteria van artikel 240b Wetboek van strafrecht daaronder kunnen worden geschaard. Deze algemene omschrijving van de afbeeldingen is naar het oordeel van de rechtbank niet louter een juridische kwalificatie van de afbeeldingen, maar is voldoende feitelijk omschreven (zie ook HR 28-09-2004, NJ 2004/684).

Daarnaast wordt naar het oordeel van de rechtbank de dagvaarding nog inzichtelijker gemaakt doordat naast de algemene omschrijving van de afbeeldingen tevens een aantal afbeeldingen nader is uitgewerkt en gedetailleerd is omschreven in de dagvaarding. Deze uitgewerkte omschrijvingen vormen tezamen een nagenoeg volledige doorsnee van de seksuele gedragingen die op het beeldmateriaal voorkomen en zijn representatief voor alle afbeeldingen.

Voorts merkt de rechtbank op dat tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat verdachte wist waarvoor hij terecht stond en waartegen hij zich diende te verdedigen.

Gelet op bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat de in de dagvaarding genoemde omschrijvingen van alle ten laste gelegde afbeeldingen voldoende duidelijk en feitelijk zijn en voldoen aan de in artikel 261 gestelde eisen. De dagvaarding voldoet ook overigens aan de eisen van artikel 261 Wetboek van strafvordering. De dagvaarding is mitsdien geldig, nu ook overigens niets is gebleken wat daaraan in de weg staat.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

hij op tijdstippen gelegen omstreeks oktober 2002 tot en met 4 oktober 2004 te Groningen, in elk geval in Nederland, meermalen afbeeldingen en/of gegevensdragers, (te weten een harde schijf van een computer en/of DVD(s) en/of cd-rom(s), waarvan een met het opschrift "Cool too" en/of een met het opschrift "Index Fotoos"), bevattende (in totaal) 690 bestanden met foto's en/of (digitale) afbeeldingen van een of meer (naakte en/of deels naakte) personen die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet hadden bereikt en

- die op zodanige wijze poseren en/of zijn afgebeeld, dat hun ontblote geslachtsdelen nadrukkelijk en/of uitdagend in beeld zijn gebracht (op een wijze kennelijk bedoeld althans mede bedoeld om seksuele prikkeling op te wekken), onder meer

- een naakte jongen (circa 14 jaar) met een stijve penis (DVD 2/2, bestandsnaam "gay blonde teen") en/of

- die seksuele gedragingen met een of meer andere personen verrichten (op een wijze in beeld gebracht kennelijk bedoeld, althans mede bedoeld, om seksuele prikkeling op te wekken, onder meer

- een naakt jong meisje (circa 10 jaar) die een penis vasthoudt (DVD 2/2 geen titel) en/of

- bestaande die seksuele gedraging(en) onder meer uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die minderjarige perso(o)n(en) door (een) (volwassen) perso(o)n(en), onder meer

- een naakte oudere man die een naakt jong meisje (13 a 14 jaar penetreert (DVD 2/2, bestandsnaam "opa bei teen zum bumsen")

- een naakte volwassen man die een naakt jong meisje (jonger dan 8 jaar) penetreert (CD 1/2, bestandsnaam "lolita FK 03 x (1) en DVD 2/2, bestandsnaam "preteen being fucked"), telkens in bezit heeft gehad;

2.

hij op 10 september 2004 te Groningen opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), met kracht heeft beetgepakt en in het gezicht heeft geslagen, waardoor deze pijn heeft ondervonden;

3.

hij op 16 augustus 2004 te Groningen opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer]), heeft gebeten, waardoor deze letsel heeft bekomen.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen onder 1, 2 en 3 meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Kwalificatie

Hetgeen de rechtbank als bewezen heeft aangenomen levert de volgende strafbare feiten op:

1. een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd;

2. mishandeling;

3. mishandeling.

STRAFBAARHEID VAN DE VERDACHTE

De rechtbank is op grond van de ter terechtzitting naar voren gekomen feiten en omstandigheden van oordeel dat niet aannemelijk is geworden dat er ten aanzien van het derde bewezenverklaarde feit sprake was van een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding waardoor verdachte genoodzaakt was het tenlastegelegde geweld te gebruiken. Er is dus naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van noodweer.

De rechtbank acht verdachte strafbaar, nu ten aanzien van verdachte ook overigens geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht.

Motivering straf

Bij de bepaling van de straf, die aan de verdachte zal worden opgelegd, heeft de rechtbank rekening gehouden met:

a) - de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan;

- de vordering van de officier van justitie te weten 240 uur werkstraf subsidiair 120 dagen en 4 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk;

b) - de persoon van de verdachte zoals naar voren is gekomen uit:

- het onderzoek op de terechtzitting d.d. 10 april 2006;

- de inhoud van een uittreksel uit het algemeen documentatieregister omtrent verdachte d.d. 22 oktober 2004. Hieruit blijkt dat verdachte niet eerder ter zake van strafbare feiten is veroordeeld;

- het over de verdachte door de reclassering uitgebrachte voorlichtingsrapport

d.d. 25 februari 2005;

- het over de verdachte door de reclassering uitgebrachte adviesrapport

d.d. 24 mei 2005;

- het over de verdachte door Vriesema, psychiater, opgemaakte pro justitia rapport d.d. 26 september 2005.

Werkstraf en vrijheidsstraf

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in bezit hebben van een grote hoeveelheid kinderporno. Verdachte heeft verklaard dat hij dit feit heeft gepleegd in verband met een zoektocht naar zijn verleden. Hij wilde begrijpen wat zijn vader en broer bezielde toen zij seksueel geïnteresseerd waren in jonge kinderen. Wat daar ook van zij, dit laat onverlet dat verdachte met dit handelen heeft meegewerkt aan het in stand houden van de beschikbaarstelling van kinderporno. Hierbij worden kinderen geëxploiteerd en op ernstig wijze misbruikt, hetgeen een ernstige aantasting is van hun lichamelijke en geestelijke integriteit.

Voorts heeft verdachte een tweetal mishandelingen gepleegd, die zich afspeelden in de huiselijke sfeer.

Gelet op bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat aan verdachte een werkstraf moet worden opgelegd. Voorts acht de rechtbank een voorwaardelijke vrijheidsstraf aangewezen om te voorkomen dat verdachte zich in de toekomst weer zal schuldig maken aan (soortgelijke) strafbare feiten. Gelet op het aantal afbeeldingen in vergelijking met andere zaken en het feit dat de verdachte first offender is zal de rechtbank een iets lagere werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen dan door de officier van justitie is geëist.

Onttrekking aan het verkeer en teruggave aan verdachte

De rechtbank is van oordeel dat het inbeslaggenomene, te weten een drietal cd-roms en de harde schijf en de daarop zich bevindende bestanden voorzover deze bestanden pornografisch materiaal bevatten, moet worden onttrokken aan het verkeer.

Het ongecontroleerde bezit daarvan is in strijd met wet.

Teruggave

Gelast de teruggave aan de verdachte van de niet pornografische bestanden die zich op de harde schijf bevinden en die op een door de verdachte ter beschikking te stellen gegevensdrager behoren te worden aangebracht en vervolgens aan hem ter hand zullen worden gesteld.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 14a,14b, 14c, 22c, 22d, 36b, 36c, 57, 242b en 300 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank:

Verklaart het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen zoals hierboven is aangegeven, te kwalificeren als voormeld en verklaart het bewezenverklaarde strafbaar.

Verklaart de verdachte voor het bewezenverklaarde strafbaar.

Verklaart het onder 1, 2 en 3 meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt de verdachte voor het bewezen en strafbaar verklaarde tot:

- het verrichten van een taakstraf bestaande uit 180 uren onbetaalde arbeid met bevel dat vervangende hechtenis voor de duur van 90 dagen zal worden toegepast als veroordeelde deze straf niet naar behoren verricht.

De taakstraf moet zijn voltooid binnen een jaar na het onherroepelijk worden van dit vonnis. De veroordeelde zal zich met betrekking tot de te verrichten onbetaalde arbeid gedragen naar de aanwijzingen te geven door of namens de Stichting Reclassering Nederland te Groningen.

Beveelt dat bij de tenuitvoerlegging van de onbetaalde arbeid de tijd die veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, geheel in mindering zal worden gebracht, waarbij de Rechtbank een in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebrachte dag waardeert op twee uren te verrichten arbeid.

- een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden.

Bepaalt dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders gelast omdat de veroordeelde zich voor het einde van de op twee jaren gestelde proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Onttrekking aan het verkeer

De rechtbank is van oordeel dat het inbeslaggenomene, te weten een drietal cd-roms en de harde schijf van de computer met de daarop zich bevindende bestanden voorzover deze bestanden pornografisch materiaal bevatten

De rechtbank is van oordeel dat het inbeslaggenomene, te weten de niet pornografische bestanden die zich op de harde schijf bevinden, op een door de verdachte ter beschikking te stellen gegevensdrager behoren te worden aangebracht en vervolgens aan verdachte moeten worden teruggegeven.

Dit vonnis is aldus gewezen door mrs. J.P. Evenhuis, voorzitter, F. Sijens en E.M.J. Brink, in tegenwoordigheid van mr. E.A.B. de Jong als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 april 2006.