Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2021:6104

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
18-11-2021
Datum publicatie
18-11-2021
Zaaknummer
05/880138-19
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank veroordeelt een 48-jarige man uit Druten tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. De man maakte zich gedurende een periode van 7 jaar schuldig aan valsheid in geschrift en oplichting van Rijkswaterstaat.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummer: 05/880138-19

Datum uitspraak : 18 november 2021

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1973 in [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres 1] .

Raadsman: mr. H.O. de Boer, advocaat in Tilburg.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 9 juli 2012
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
meermalen, althans eenmaal,
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit

te dienen, te weten
- een factuur/nota met de naam en het logo van [naam 1] (Ministerie

van [slachtoffer 2] ) gedateerd op 19 januari 2012 met vermelding van

het registratienummer [nummer 1] gericht aan [naam 2] met

betrekking tot de verkoop van een [product] voor 10.000

euro (pagina 69/577) en/of
- een factuur/nota met de naam en het logo van [naam 1] (Ministerie

van [slachtoffer 2] ) gedateerd op 30 mei 2012 met vermelding van het

relatienummer [nummer 2] gericht aan [naam 2] in verband met de

verkoop van (overtollig) gereedschap ter waarde van 5000 euro (pagina 70/614)
valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
- op deze factu(u)r(en) zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] met de

tekst 'ten name van [naam 3] ' op te nemen
met het oogmerk om dit/deze geschrift(en)/factu(u)r(en) als echt en onvervalst

te gebruiken of door anderen te doen gebruiken
en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en)
die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen,
als waren deze echt en onvervalst, door deze factu(u)r(en) te verzenden naar

[naam 2] ;

2.

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 9 juli 2012
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
opzettelijk
- een [product] met kenteken [kenteken] ter

waarde van 10.000 euro en/of
- gereedschap ter waarde van 5000 euro en/of
- een geldbedrag van 15.000 euro, in elk geval enig goed,
geheel of ten dele toebehorende aan [naam 1] , in elk geval aan
een ander of anderen dan aan verdachte,
en welke goederen verdachte anders dan door misdrijf onder zich had, te weten
vanuit zijn aanstelling als (rijks)ambtenaar bij [naam 1]

Wegverkeersmanagement en operationeel beheerder van het rollend en getrokken

materieel,
wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

3.

hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2012 tot en met 31 juli 2014
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
meermalen, althans eenmaal
een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit

te dienen, te weten
- 74 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop de naam en het

logo van het bedrijf [naam 4] (pagina's 71,

581-584, 585-613, 1984-1987)
valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 4]

diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] /

[rekeningnummer 1] op te nemen
met het oogmerk om deze factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of

door anderen te doen gebruiken
en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en)
dat/die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen,
als waren deze echt en onvervalst, door
deze factu(u)r(en) te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

4.

hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2012 tot en met 31 juli 2014
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door
listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] ,
heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten
een of meer geldbedragen,
van in totaal een bedrag van 641.480 / 634.320 euro (pag 581-584, 1984-1987)
door
met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap

[naam 1] voor het bedrijf [naam 4] (tbv het aanmaken

en indienen van (e-)facturen en/of
-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor het bedrijf [naam 4]

in het (Light Inkoop Portaal van het) SAP bedrijfssysteem

van het agentschap [naam 1] en/of
-74 valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van het bedrijf [naam 4]

met daarop het/zijn (eigen) bankrekeningnummer

[rekeningnummer 1] / [rekeningnummer 1] en/of
-(vervolgens) deze 74 valse (e-)facturen in te dienen bij/ te sturen naar het

agentschap [naam 1] en/of
-(vervolgens) deze 74 valse (e-)facturen goed te keuren en/of te verklaren dat

de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is geleverd/uitgevoerd en/of een

valse prestatieverklaring af te geven/te ondertekenen
waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap

[naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte;

5.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 31 januari 2019
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
meermalen, althans eenmaal
een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit

te dienen, te weten
a. 174 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de

naam van het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) (pagina's 93,

538-552, 558-561/651-653, 562-565, 657-690) en/of
b. 1 factuur dd 23 februari 2016 met daarop het logo en de naam van het

bedrijf [naam 6] (pagina 94, 554)
valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
a.
- op deze facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 5]

( [naam 5] ) aan te geven dat er door het bedrijf

[naam 5] ( [naam 5] ) diensten zijn verleend aan

[naam 1] en/of

- op deze facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 5]

( [naam 5] ) het BTW-nummer [nummer 3] en/of

zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] en/of zijn eigen mobiele

telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

en/of

b.

- op deze factuur dd 23 februari 2016 met daarop het logo en de naam van het

bedrijf [naam 6] aan te geven dat er door het bedrijf [naam 6]

diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze factuur het BTW-nummer [nummer 3] en/of zijn eigen

bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer

[telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

met het oogmerk om deze factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of

door anderen te doen gebruiken

en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en)

die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen,
als waren deze echt en onvervalst, door

deze facturen te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

6.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 31 januari 2019
te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland
als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door
listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1]

en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] ,
heeft bewogen tot de afgifte van enig goed,
te weten
een of meer geldbedragen, van in totaal een bedrag van 1.303.480 euro (pag

558-561 / 561-564)
door met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap

[naam 1] voor het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] )
(tbv het aanmaken en indienen van (e-)facturen) en/of
-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor het bedrijf [naam 5]

( [naam 5] ) in het (Light Inkoop Portaal van het)

SAP bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] en/of
-174 valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van het bedrijf [naam 5]

( [naam 5] ) met daarop zijn (eigen) bankrekeningnummer

[rekeningnummer 2] en/of
-(vervolgens) deze 174 valse (e-)facturen in te dienen bij / te sturen naar

het agentschap [naam 1] en/of
-(vervolgens) deze 174 valse (e-)facturen goed te keuren en/of te verklaren

dat de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is geleverd/uitgevoerd en/of

een valse prestatieverklaring af te geven/te ondertekenen

waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap

[naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap

[naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte;

7.

hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2016 tot en met 25 januari 2019

te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland

als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)

meermalen, althans eenmaal

een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit

te dienen, te weten

a. 24 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de

naam van het bedrijf [naam 7] (pagina's 97, 520-525, 729-747,

558-561/651-653)

en/of

b. 25 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de

naam van het bedrijf [naam 8] (pagina 95, 528-535, 691-711,

558-561/651-653)

en/of

c. 12 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop een logo en de

naam van het gefingeerde bedrijf [naam 9] (pagina 96, 556, 655,

713-727)

valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door

a.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 7]

diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het bankrekeningnummer

van [naam 10] [rekeningnummer 3] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer

[telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

en/of

b.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 8]

diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het

bankrekeningnummer van [naam 11] [rekeningnummer 4] en/of zijn eigen

mobiele telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te

nemen

en/of

c.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 9]

diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het

bankrekeningnummer van [naam 12] [rekeningnummer 5] en/of zijn eigen mobiele

telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

met het oogmerk om deze geschift(en)/factu(u)r(en) als echt en onvervalst te

gebruiken of door anderen te doen gebruiken

en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en) die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen,

als waren deze echt en onvervalst, door

deze facturen te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

8.

hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2016 tot en met 25 januari 2019

te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland

als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr)

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen

door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door

listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1]

en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] ,

heeft bewogen tot de afgifte van enig goed,

te weten

een of meer geldbedragen, te weten

a. 139.414 euro (pag 561/565/653) en/of

b. 173.260 euro (pag 561/565/653) en/of

c. 64.390 euro (pag 655)

van in totaal een bedrag van in totaal 377.064 euro

door

met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap

[naam 1] voor het/de (gefingeerde) bedrijf/bedrijven

a. [naam 7] en/of

b. [naam 8] en/of

c. [naam 9]

(tbv het aanmaken en indienen van (e-)facturen) en/of

-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor bovengenoemd(e)

bedrijf/bedrijven in het (Light Inkoop Portaal van het) SAP bedrijfssysteem

van het agentschap [naam 1] en/of

-valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van bovengenoemd(e)

bedrijf/bedrijven, te weten

a. 24 facturen, althans een groot aantal facturen op naam van het bedrijf [naam 7]

met daarop het rekeningnummer [rekeningnummer 3] [naam 10]

en/of

b. 25 facturen, althans een groot aantal facturen, op naam van het bedrijf

[naam 8] met daarop het rekeningnummer [rekeningnummer 4]

van [naam 11] en/of

c. 12 facturen, althans een groot aantal facturen, op naam van het

(gefingeerde) bedrijf [naam 9] met daarop het rekeningnummer

[rekeningnummer 5] van [naam 12] en/of

-(vervolgens) deze 61, althans een groot aantal, valse (e-)facturen in te

dienen bij / te sturen naar (het agentschap) [naam 1] en/of

-(vervolgens) deze 61, althans een groot aantal, valse (e-)facturen goed te

keuren en/of te verklaren dat de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is

geleverd/uitgevoerd en/of een valse prestatieverklaring af te geven/te

ondertekenen

waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap

[naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap

[naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs 1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde feiten.

Ten aanzien van feit 2 heeft de officier van justitie gesteld dat als er toestemming zou zijn gegeven voor de verkoop van de goederen, dat de opbrengst daarvan niet ten gunste van de eigen bankrekening van verdachte mocht komen. Hij heeft zich de opbrengst dan ook wederrechtelijk toegeëigend.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de feiten 1, 3, 4, 5, 6, 7 en 8.

Ten aanzien van het tenlastegelegde onder feit 2 heeft de verdediging vrijspraak bepleit. De [product] is namelijk niet verduisterd, daar is althans geen bewijs voor. Verdachte heeft verklaard dat hij toestemming had die pijlwagen te verkopen. Dat die toestemming niet is terug te vinden, kan worden verklaard door een eventuele opschoning van het archief. Daarnaast kon verdachte vrijelijk beschikken over de registratiegegevens. Evenmin is er voldoende bewijs voor het verduisteren van het gereedschap. Er is namelijk enkel een factuur waarin het gereedschap wordt genoemd. Ten slotte is er geen sprake van verduistering van het geld, omdat verdachte het geld onder zich heeft gekregen door middel van het misdrijf valsheid in geschrift.

De beoordeling door de rechtbank

Feit 1

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 572-573 met bijlage 3, p. 577, en bijlage 7, p. 614;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 1 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 2

De pijlwagen en het gereedschap

Op basis van het dossier acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de pijlwagen en het gereedschap heeft verduisterd, nu niet vast is komen te staan dat verdachte geen toestemming had gekregen voor de verkoop van deze goederen. Dat maakt dat niet is bewezen dat verdachte deze goederen anders dan door misdrijf onder zich had. Verdachte zal dan ook worden vrijgesproken van deze onderdelen van de tenlastelegging onder feit 2.

Het geldbedrag

Hierboven onder feit 1 is bewezen verklaard dat verdachte de twee facturen ten behoeve van de verkoop van de pijlwagen en het gereedschap valselijk heeft opgemaakt. Op basis van die valse facturen is het bedrijf [naam 2] overgegaan tot betaling van die facturen aan verdachte. Het geldbedrag van € 15.000,-- had verdachte vervolgens door het plegen van het misdrijf ‘valsheid in geschrift’ onder zich. Dit maakt dat bewezenverklaring van de onder feit 2 ten laste gelegde verduistering uitgesloten is. Verdachte zal daarom ook hiervan worden vrijgesproken, wat leidt tot integrale vrijspraak van feit 2.

Feit 3

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 571 met bijlage 5, p. 581-584, en bijlage 6, p. 585-613;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 3 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 4

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 571 met bijlage 5, p. 581-584, en bijlage 6, p. 585-613;

- het proces-verbaal van bevindingen, p. 1580-1581 met bijlage 1, p. 1585-1588;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 4 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 5

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 483 met bijlage 3c, p. 536-552, bijlage 3d, p. 553-554 en bijlage 4, p. 557-565;

- bijlage 7 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 651-653 en bijlage 8 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 657-690;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 5 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 6

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 483 met bijlage 3c, p. 536-552, bijlage 3d, p. 553-554 en bijlage 4, p. 557-565;

- bijlage 7 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 651-653 en bijlage 8 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 657-690;

- het proces-verbaal van bevindingen, p. 1580-1581 met bijlage 1, p. 1585-1588;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 6 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 7

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 483 met bijlage 3a, p. 518-525, bijlage 3b, p. 526-535, bijlage 3e, p. 555-556 en bijlage 4, p. 557-565;

- bijlage 7 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 651-655, bijlage 9 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 691-711, bijlage 10 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 713-727 en bijlage 11 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 729-747;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 7 wettig en overtuigend bewezen.

Feit 8

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 483 met bijlage 3a, p. 518-525, bijlage 3b, p. 526-535, bijlage 3e, p. 555-556 en bijlage 4, p. 557-565;

- bijlage 7 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 651-655, bijlage 9 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 691-711, bijlage 10 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 713-727 en bijlage 11 van bijlage 8 bij het proces-verbaal van verhoor aangever, p. 729-747;

- het proces-verbaal van bevindingen, p. 1580-1581 met bijlage 1, p. 1585-1588;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 4 november 2021.

Op basis van de opgesomde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank het tenlastegelegde onder feit 8 wettig en overtuigend bewezen.

3 De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 3, 4, 5, 6, 7 en 8 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2012 tot en met 9 juli 2012 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland meermalen, althans eenmaal, als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten
- een factuur/nota met de naam en het logo van [naam 1] (Ministerie van [slachtoffer 2] ) gedateerd op 19 januari 2012 met vermelding van het registratienummer [nummer 1] gericht aan [naam 2] met betrekking tot de verkoop van een [product] voor 10.000 euro (pagina 69/577) en/of
- een factuur/nota met de naam en het logo van [naam 1] (Ministerie van [slachtoffer 2] ) gedateerd op 30 mei 2012 met vermelding van het relatienummer [nummer 2] gericht aan [naam 2] in verband met de verkoop van (overtollig) gereedschap ter waarde van 5000 euro (pagina 70/614)
valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
- op deze factu(u)r(en) zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] met de tekst 'ten name van [naam 3] ' op te nemen met het oogmerk om dit/deze geschrift(en)/factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse en/of vervalste factu(u)r(en) die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, als waren deze echt en onvervalst, door deze factu(u)r(en) te verzenden naar [naam 2] ;

3.

hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2012 tot en met 31 juli 2014 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) meermalen, althans eenmaal een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten
- 74 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop de naam en het logo van het bedrijf [naam 4] (pagina's 71, 581-584, 585-613, 1984-1987) valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 4] diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] / [rekeningnummer 1] op te nemen
met het oogmerk om deze factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en) dat/die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, als waren deze echt en onvervalst, door deze factu(u)r(en) te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

4.

hij in of omstreeks de periode van 1 juni 2012 tot en met 31 juli 2014 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] , heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer geldbedragen, van in totaal een bedrag van 641.480 / 634.320 euro (pag 581-584, 1984-1987) door met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] voor het bedrijf [naam 4] (tbv het aanmaken en indienen van
(e-)facturen en/of
-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor het bedrijf [naam 4] in het (Light Inkoop Portaal van het) SAP bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] en/of
-74 valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van het bedrijf [naam 4] met daarop het/zijn (eigen) bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] / [rekeningnummer 1] en/of
-(vervolgens) deze 74 valse (e-)facturen in te dienen bij/ te sturen naar het agentschap [naam 1] en/of
-(vervolgens) deze 74 valse (e-)facturen goed te keuren en/of te verklaren dat de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is geleverd/uitgevoerd en/of een valse prestatieverklaring af te geven/te ondertekenen waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte;

5.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 31 januari 2019 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht)
meermalen, althans eenmaal een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten
a. 174 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) (pagina's 93, 538-552, 558-561/651-653, 562-565, 657-690) en/of
b. 1 factuur dd 23 februari 2016 met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 6] (pagina 94, 554)
valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door
a.
- op deze facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) aan te geven dat er door het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) het BTW-nummer [nummer 3] en/of zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen en/of

b.

- op deze factuur dd 23 februari 2016 met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 6] aan te geven dat er door het bedrijf [naam 6] diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze factuur het BTW-nummer [nummer 3] en/of zijn eigen bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer

[telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

met het oogmerk om deze factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse

en/of vervalste factu(u)r(en) die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen,
als waren deze echt en onvervalst, door deze facturen te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

6.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2014 tot en met 31 januari 2019 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] , heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer geldbedragen, van in totaal een bedrag van 1.303.480 euro (pag 558-561 / 561-564)
door met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] voor het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) (tbv het aanmaken en indienen van (e-)facturen) en/of
-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) in het (Light Inkoop Portaal van het) SAP bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] en/of
-174 valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van het bedrijf [naam 5] ( [naam 5] ) met daarop zijn (eigen) bankrekeningnummer [rekeningnummer 2] en/of
-(vervolgens) deze 174 valse (e-)facturen in te dienen bij / te sturen naar het agentschap [naam 1] en/of
-(vervolgens) deze 174 valse (e-)facturen goed te keuren en/of te verklaren dat de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is geleverd/uitgevoerd en/of een valse prestatieverklaring af te geven/te ondertekenen waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte;

7.

hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2016 tot en met 25 januari 2019 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) meermalen, althans eenmaal een of meer geschriften dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten

a. 24 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 7] (pagina's 97, 520-525, 729-747, 558-561/651-653)

en/of

b. 25 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop het logo en de naam van het bedrijf [naam 8] (pagina 95, 528-535, 691-711, 558-561/651-653) en/of

c. 12 facturen, althans een groot aantal facturen, met daarop een logo en de naam van het gefingeerde bedrijf [naam 9] (pagina 96, 556, 655, 713-727)

valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door

a.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 7] diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het bankrekeningnummer van [naam 10] [rekeningnummer 3] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen en/of

b.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 8] diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het bankrekeningnummer van [naam 11] [rekeningnummer 4] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen en/of

c.

- op deze facturen aan te geven dat er door het bedrijf [naam 9] diensten zijn verleend aan [naam 1] en/of

- op deze facturen het BTW-nummer [nummer 3] en/of het bankrekeningnummer van [naam 12] [rekeningnummer 5] en/of zijn eigen mobiele telefoonnummer [telefoonnummer] en/of het emailadres [mailadres] op te nemen

met het oogmerk om deze geschift(en)/factu(u)r(en) als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een of meerdere van) deze valse en/of vervalste factu(u)r(en) die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, als waren deze echt en onvervalst, door deze facturen te sturen naar / in te dienen bij [naam 1] ;

8.

hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2016 tot en met 25 januari 2019 te Druten en/of Wolfheze, althans in Nederland als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 Wetboek van Strafrecht) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] , heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer geldbedragen, te weten

a. 139.414 euro (pag 561/565/653) en/of

b. 173.260 euro (pag 561/565/653) en/of

c. 64.390 euro (pag 655)

van in totaal een bedrag van in totaal 377.064 euro door met vorenomschreven oogmerk,

-zakelijk weergegeven-, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

-een account aan te (laten) maken in het bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] voor het/de (gefingeerde) bedrijf/bedrijven

a. [naam 7] en/of

b. [naam 8] en/of

c. [naam 9]

(tbv het aanmaken en indienen van (e-)facturen) en/of

-valse inkoopopdrachten aan te maken/op te maken voor bovengenoemd(e) bedrijf/bedrijven in het (Light Inkoop Portaal van het) SAP bedrijfssysteem van het agentschap [naam 1] en/of

-valse (e-)facturen op/aan te maken op naam van bovengenoemd(e) bedrijf/bedrijven, te weten

a. 24 facturen, althans een groot aantal facturen op naam van het bedrijf [naam 7] met daarop het rekeningnummer [rekeningnummer 3] [naam 10]

en/of

b. 25 facturen, althans een groot aantal facturen, op naam van het bedrijf [naam 8] met daarop het rekeningnummer [rekeningnummer 4] van [naam 11] en/of

c. 12 facturen, althans een groot aantal facturen, op naam van het (gefingeerde) bedrijf [naam 9] met daarop het rekeningnummer [rekeningnummer 5] van [naam 12] en/of

-(vervolgens) deze 61, althans een groot aantal, valse (e-)facturen in te dienen bij / te sturen naar (het agentschap) [naam 1] en/of

-(vervolgens) deze 61, althans een groot aantal, valse (e-)facturen goed te keuren en/of te verklaren dat de prestatie/dienst/opdracht daadwerkelijk is geleverd/uitgevoerd en/of een valse prestatieverklaring af te geven/te ondertekenen waardoor het Ministerie van [slachtoffer 1] , agentschap [naam 1] en/of het Ministerie van [slachtoffer 2] , agentschap [naam 1] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1:

valsheid in geschrift, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

en

opzettelijk gebruik maken van een vals of vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225 lid 1, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 3:

valsheid in geschrift, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

en

opzettelijk gebruik maken van een vals of vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225 lid 1, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 4:

oplichting, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 5:

valsheid in geschrift, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

en

opzettelijk gebruik maken van een vals of vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225 lid 1, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 6:

oplichting, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 7:

valsheid in geschrift, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

en

opzettelijk gebruik maken van een vals of vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225 lid 1, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

feit 8:

oplichting, terwijl bij het begaan van het feit gebruik is gemaakt van macht, gelegenheid en middel hem door zijn ambt geschonken, meermalen gepleegd

5 De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren en daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering en met aftrek van het voorarrest.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht om aan verdachte een gevangenisstraf van drie dagen op te leggen, met aftrek van het voorarrest. Een resterende gevangenisstraf zou voorwaardelijk moeten worden opgelegd, met een proeftijd van twee jaren. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van langere duur zou de aflossing van het later te ontnemen bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel doorkruisen, omdat verdachte geld moet verdienen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

Verdachte heeft zich gedurende een periode van zeven jaar schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift en oplichting van [naam 1] terwijl hij tijdens die periode als ambtenaar werkzaam was voor [naam 1] . In die periode heeft hij op basis van 321 valse facturen ruim 2,3 miljoen euro aan gemeenschapsgeld aan zichzelf, maar ook aan anderen, laten uitbetalen. De rechtbank vindt dit een zeer ernstig feit, vooral omdat verdachte zich als ambtenaar geld van de belastingbetaler heeft toegeëigend. Gelet op het benadelingsbedrag past bij dit feit volgens de landelijke oriëntatiepunten voor fraude enkel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

De rechtbank heeft allereerst gelet op de justitiële documentatie van verdachte van 22 september 2021. Verdachte heeft zich niet eerder schuldig heeft gemaakt aan het plegen van een strafbaar feit. Daar houdt de rechtbank rekening mee bij de straftoemeting.

Verder is gelet op het reclasseringsrapport van 24 maart 2021, waarin is beschreven dat er zorgen zijn over de (toekomstige) financiële situatie van verdachte en over zijn denken en doen. Verdachte heeft namelijk meermaals aangegeven dat hij weliswaar fout heeft gehandeld, maar hij lijkt onvoldoende in staat om te kijken naar zijn eigen aandeel. Ook bagatelliseert hij zijn handelen door erop te wijzen dat [naam 1] inefficiënt is omgegaan met het besteden van grote geldbedragen, waardoor zijn gedrag zo lang heeft kunnen voortduren. De reclassering heeft geadviseerd om aan verdachte een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, ambulante behandeling en het meewerken aan schuldhulpverlening.

Ten slotte houdt de rechtbank rekening met de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM. Het uitgangspunt is dat een rechtbank binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn een vonnis uitspreekt. Als aanvang van de redelijke termijn geldt in onderhavige zaak de dag waarop de woning van verdachte werd doorzocht door de rechter-commissaris, 12 maart 2019. Verdachte kon op basis van deze omstandigheid in redelijkheid verwachten dat tegen hem een strafvervolging zou worden ingesteld. De rechtbank doet op 18 november 2021 uitspraak. De redelijke termijn is daarmee met een periode van ongeveer acht maanden overschreden, zonder dat daarvoor een rechtvaardiging bekend is geworden.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat, ondanks dat de rechtbank tot bewezenverklaring van minder strafbare feiten komt dan door de officier van justitie geëist, de strafeis van de officier van justitie ook in de gegeven situatie passend is. De rechtbank zal aan verdachte dan ook een gevangenisstraf opleggen voor de duur van dertig maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van drie jaren en de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering. De dagen die verdachte in verzekering heeft doorgebracht worden hiervan afgetrokken. Weliswaar kan verdachte in detentie geen geld verdienen, maar de beschreven ernst van de feiten rechtvaardigt naar het oordeel van de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van deze duur.

Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 44, 57, 225 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

9 De beslissing

De rechtbank:

 spreekt verdachte vrij van het onder 2 ten laste gelegde feit;

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde onder de feiten 1, 3, 4, 5, 6, 7 en 8, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden;

 bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten zes maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren niet heeft gehouden aan de volgende voorwaarden:

  • -

    stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

  • -

    stelt als bijzondere voorwaarden dat:

- verdachte zich binnen drie dagen na het ingaan van de proeftijd zal melden bij Reclassering Nederland, op het adres [adres 2] in Nijmegen en zich gedurende de proeftijd zal blijven melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;

- verdachte zich gedurende de proeftijd, of zoveel korter als de reclassering nodig vindt, onder behandeling zal stellen van forensische polikliniek Kairos of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, om zich te laten behandelen en - indien geïndiceerd - onderzoeken en zich zal houden aan de huisregels en de aanwijzingen die in dat kader worden gegeven;

- verdachte mee zal werken aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dat inhoudt het meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen, indien de reclassering dit noodzakelijk acht, waarbij verdachte de reclassering inzicht geeft in zijn financiën en schulden;

 stelt als overige voorwaarden dat:

  • -

    verdachte zijn medewerking zal verlenen aan het ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit afnemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;

  • -

    verdachte zijn medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht. De medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang de reclassering dit noodzakelijk acht zijn daaronder begrepen;

 geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van deze bijzondere voorwaarden en tot begeleiding van verdachte ten behoeve daarvan;

 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.H.T. Rademaker (voorzitter), mr. T.N. Ritzer en mr. M.G.E. ter Hart, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.R. van Damme, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 november 2021.

1 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] van de politie Oost-Nederland, district Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-20190447246, gesloten op 4 maart 2020 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.