Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2020:5589

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
21-10-2020
Datum publicatie
11-01-2021
Zaaknummer
7854109
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Franchise dierenspeciaalzaak. Dwaling en onrechtmatige daad, wel op grond van de ondeugdelijke omzetprognose, niet op grond van de vestigingsplaatsanalyse. Financiele gevolgen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK GELDERLAND

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaakgegevens hoofdzaak 7854109 \ CV EXPL 19-7595 \ 42693 \ 576

vrijwaring 8133807 \ CV EXPL 19-13032 \ 42693 \ 576

uitspraak van

vonnis

in de hoofdzaak van

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] , v.h.o.d.n. Pets Place

[adres 1]

eisende partij in conventie

verwerende partij in reconventie

gemachtigde mr. J.H. Kolenbrander

tegen

1. de besloten vennootschap

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

gevestigd te Ede

gedaagde partij in conventie

eisende partij in reconventie

gemachtigde mr. R.A.M. Schram

2. [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

[adres 2]

gedaagde partij in conventie

gemachtigde mrs. P.R. van der Vorst en E.C.M. Esveld

en in de vrijwaringszaak van

[gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

[adres 2]

eisende partij in conventie

verwerende partij in voorwaardelijke reconventie

gemachtigde mrs. P.R. van der Vorst en E.C.M. Esveld

tegen

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

gevestigd te Ede

gedaagde partij in conventie

eisende partij in voorwaardelijke reconventie

gemachtigde mr. R.A.M. Schram

Partijen worden hierna [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] , [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] genoemd.

1 De procedure in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak

1.1.

Het verloop van de procedure in de hoofdzaak blijkt uit:

- het tussenvonnis van 27 november 2019 en de daarin genoemde processtukken

- de akte overleggen producties tevens houdende conclusie van antwoord in reconventie aan de kant van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak]

- de akte houdende overlegging producties van 2 juli 2020 aan de kant van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] .

1.2.

Het verloop van de procedure in de vrijwaringszaak blijkt uit:

- het tussenvonnis van 27 november 2019 en de daarin genoemde processtukken

- de – niet in voormeld tussenvonnis genoemde – akte houdende overlegging producties van 30 oktober 2019 aan de kant van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

- de conclusie van antwoord in conventie tevens eis in voorwaardelijke reconventie aan de kant van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak]

- de conclusie van antwoord in voorwaardelijke reconventie aan de kant van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] .

1.3.

Ter comparitie van partijen in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak op 2 juli 2020 hebben de gemachtigden van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] , [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aantekeningen overgelegd en daaruit dienovereenkomstig voorgedragen. Voorts heeft de gemachtigde van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] op de comparitie twee op 30 november 2018 gedateerde facturen in het geding gebracht. De gemachtigde van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft ter comparitie een e-mail van 16 oktober 2011 overgelegd. De aantekeningen van de gemachtigden, de facturen en de e-mail zijn toegevoegd aan het procesdossier en maken daarvan onderdeel uit.

2 De feiten in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak

2.1.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft een franchiseformule ontwikkeld voor het exploiteren van een bedrijfsconcept voor dierenspeciaalzaken onder de formulenaam Pets Place. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] sluit franchiseovereenkomsten met zelfstandig ondernemers, op basis waarvan deze tegen betaling zijn gerechtigd een dierenwinkel onder de Pets Place formule te exploiteren binnen een bepaald vestigingsgebied.

2.2.

Medio 2011 is [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] naar aanleiding van een wervingscampagne van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in gesprek geraakt met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] over een mogelijk onder de franchiseformule Pets Place te exploiteren nieuwe dierenwinkel in [adres 3] .

2.3.

Op enig moment heeft [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een vestigingsplaatsanalyse (hierna: VPA) aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] verstrekt betreffende een nieuw te starten vestiging van Pets Place gesitueerd in een buurtwinkelcentrum in de wijk [adres 3] . De VPA is in 2010 uitgevoerd door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en op 19 november 2010 vervat in een rapportage.

2.4.

In de VPA is te lezen dat de nieuw te starten vestiging een verkoopvloeroppervlakte van circa 400 m² heeft en dat het pand over een brede opvallende pui beschikt. Op pagina 7 van de VPA is een foto van de winkeletalage van de onderzochte Pets Place vestiging opgenomen. Voorts is in de VPA te lezen dat er voldoende parkeergelegenheid is bij het pand en dat enkele landelijk bekende winkelketens in het buurtwinkelcentrum zijn gevestigd, zoals Bart Smit, Zeeman, Kruidvat, C1000 en Blokker. Op pagina 36 van de VPA staat, voor zover hier van belang, het volgende.

“Echter rekeninghoudend met alle bovenstaande gegevens, de ervaringscijfers van Pets Place, het niveau en de aantrekkingskracht van de Pets Place formule, schatten wij de omzetpotentie van deze Pets Place vestiging [adres 3] in op circa € 650.000,- incl. BTW.

Er zal rekeninggehouden moeten worden met een aanloopperiode van circa 3 jaar.

Jaar Omzetindicatie incl. BTW

1e jaar € 550.000,-

2e jaar € 575.000,-

3e jaar € 650.000,-

Uitgaande van een verder herstel van het economische klimaat.

Bij een besteding van gemiddeld € 17,- (ervaringscijfer Pets Place bij soortgelijke winkel) betekend dit 650 betalende klanten per week.

Na realisatie van de ondertunneling van de A2 zal de locatie beter bereikbaar zijn.

Dit zal de omzetkansen aanmerkelijk doen toenemen.

Uiteraard is het realiseren van de omzet indicatie in grote mate afhankelijk van de te voeren marketingstrategie door Pets Place. Het behalen van de geprognosticeerde omzet is ook in belangrijke mate afhankelijk van de talenten en vakmanschap van de ondernemer.”

2.5.

Bij e-mail van 16 oktober 2011 met bijlagen aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft [naam regiomanager] , regiomanager Pets Place, het volgende laten weten.

“Naar aanleiding van het prettige gesprek met [naam 1] stuur ik je hierbij aanvullende informatie. In de bijlage zit een concept franchisecontract. Daarnaast stuur ik je VPO van de locatie welke door een extern bureau is gedaan. Vervolgens ook de besproken exploitatie.

Vervolgtraject is om alle informatie door te nemen. Mocht je vragen hebben hoor ik dit graag. Ik stel voor dat je me midden volgende week belt om het vervolgtraject af te stemmen. (…)”

2.6.

In het dossier bevindt zich een exploitatiemodel Pets Place (opstartbegroting nieuwe locatie). In dit document wordt [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] als kandidaat genoemd en is sprake van een Pets Place vestiging aan [adres 3] met een verkoopvloeroppervlakte van 284 m². Het document (versie 21 oktober 2011) vermeldt een consumentenomzet voor het eerste jaar van € 450.000,-, voor het tweede jaar € 550.000,- en voor het derde jaar € 650.000,-. Het besteedbaar inkomen wordt geraamd op € 24.500,- voor het eerste jaar, op € 45.000,- voor het tweede jaar en op € 65.800,- voor het derde jaar.

2.7.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zijn op of omstreeks 6 december 2011 voor de periode 2 januari 2012 tot en met 31 augustus 2021 een franchiseovereenkomst aangegaan voor een nieuw op te starten vestiging van Pets Place aan [adres 3] . Op of omstreeks 6 december 2011 heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voor eveneens de periode 2 januari 2012 tot en met 31 augustus 2021 een (onder-)huurovereenkomst gesloten betreffende [adres 3] . Daarnaast is tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een leaseovereenkomst franchisenemer / franchisegever winkelautomatisering met een looptijd van 28 november 2011 tot 30 november 2016 tot stand gekomen.

2.8.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] is op 2 januari 2012 gestart met de exploitatie van de vestiging van Pets Place aan [adres 3] .

2.9.

In het dossier bevinden zich diverse door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] opgemaakte gespreksverslagen van een aantal gesprekken tussen 2012 en 2015. In die verslagen wordt ingegaan op de exploitatie van de Pets Place vestiging van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] . Ook komen in de verslagen de problemen die [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] daarbij ondervindt aan de orde en de eventuele instructies daarover van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . In het verslag van de bespreking tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] van 11 oktober 2012 wordt door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gesignaleerd, voor zover hier van belang, dat de omzet van de winkel zich nog niet op het begrote niveau van € 450.000,- bevindt, maar dat wel duidelijk sprake is van een stijgende lijn. Uit de in het geding gebrachte verslagen van de gesprekken tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de jaren 2013 tot en met 2015 volgt telkens dat ten opzichte van het oorspronkelijke begrotingsniveau sprake is van een achterblijvende omzet. In het bezoekverslag van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] van 21 augustus 2014 is te lezen dat de omzet zich niet ontwikkelt zoals gehoopt en dat er volgens het destijds uitgevoerde onderzoek een marktruimte zou moeten zijn van € 450.000,-. Blijkens deze door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] opgestelde verslagen schommelt de jaaromzet in de jaren 2013 tot en met 2015 rond een bedrag van € 300.000,- inclusief btw. Na 2015 zijn [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] met elkaar in gesprek gebleven over de omzet van Henneken en is geen noemenswaardige verandering gekomen in de jaaromzetten van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] .

2.10.

In opdracht van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft MKB Adviseurs een onderzoek ingesteld naar de onderbouwing van de omzetindicatie zoals opgenomen in de VPA van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . De conclusie van het onderzoeksrapport van MKB Adviseurs van 6 september 2018 luidt, voor zover hier van belang, als volgt.

“(…)

In het onderzoek naar de onderbouwing van de afgegeven omzetindicatie zoals gesteld in het rapport (vestigingsplaatsanalyse) uitgevoerd door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] hebben wij meerdere tekortkomingen en onzorgvuldigheden geconstateerd. De afgegeven omzetindicatie is op basis van de gepresenteerde informatie in het rapport naar onze mening onvoldoende onderbouwd. Essentieel hierbij zijn de volgende constateringen:

 Onjuiste bepaling van het primair marktgebied, waardoor een te groot marktpotentieel wordt geschetst;

 Onjuiste weergave van de grootte van de winkel;

 Onjuiste weergave van de locatie van de winkel;

 De concurrentie is groter dan door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] geschetst;

 Er is bij de omzetindicatie geen enkele rekening gehouden met koopkrachtbinding en koopkrachtafvloeiing.

 De omzetprognose is gebaseerd op de gemiddelde vloerproductiviteit, terwijl niet is aangetoond dat er sprake is van een gemiddelde marktpositie voor een dierenspeciaalzaak;

 Hoewel [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zelf berekent dat het marktpotentieel uitkomt op een niveau van afgerond € 467.000,- gaat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de uiteindelijke prognose van de omzet wel uit van een aanzienlijk hoger omzetniveau: € 650.000,- met een afslag naar € 550.000 in het 1e jaar en € 575.000 in het 2e jaar.

 De werkelijk gerealiseerde omzetten (inclusief het aanloopjaar) komen over de eerste 4 jaren van de exploitatie uit op een niveau van gemiddeld € 299.000,- inclusief btw. Dat is 48,6% van de door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] geprognosticeerde omzet.

Ten gevolge van bovengenoemde constateringen is door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] op geen enkele wijze rekening gehouden met de werkelijke marktsituatie en evenmin met de juiste locatie en is er derhalve sprake van een onjuiste en ondeugdelijke en te rooskleurige omzetindicatie.”

2.11.

Bij brief van 8 oktober 2018 aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft de toenmalige gemachtigde van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aansprakelijk gesteld voor het verstrekken van onjuiste prognoses en omzetindicaties.

2.12.

Bij brief van 21 december 2018 aan de gemachtigde van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft de gemachtigde van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] namens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] de vernietiging dan wel ontbinding van de franchise-, huur- en leaseovereenkomst ingeroepen.

2.13.

Met ingang van 7 januari 2019 heeft [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] de exploitatie van de vestiging van Pets Place aan [adres 3] overgenomen en zijn de franchise- en huurovereenkomst met wederzijds goedvinden beëindigd.

3 De vordering en het verweer in de hoofdzaak in conventie

3.1.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] vordert, samengevat,

primair:

- een verklaring voor recht dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] buitengerechtelijk de franchise-, onderhuur- en leaseovereenkomst heeft vernietigd, dan wel dat de kantonrechter voormelde overeenkomsten alsnog vernietigt;

- de veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot (terug)betaling € 107.876,00 in verband met de vernietigde franchiseovereenkomst, € 185.088,00 in verband met de vernietigde onderhuurovereenkomst en € 10.989,40 in verband met de vernietigde leaseovereenkomst, althans in goede justitie vast te stellen bedragen, telkens te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 4 januari 2019;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW en/of artikel 6:248 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW en/of artikel 6:248 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

subsidiair:

- een verklaring voor recht dat de franchise- en onderhuurovereenkomst op 21 december 2018 buitengerechtelijk zijn ontbonden, dan wel dat de kantonrechter voormelde overeenkomsten alsnog ontbindt per 21 december 2018, althans een in goede justitie vast te stellen datum;

- de veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot (terug)betaling € 107.876,00 in verband met de ontbonden franchiseovereenkomst en € 185.088,00 in verband met de ontbonden onderhuurovereenkomst, althans in goede justitie vast te stellen bedragen, telkens te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 4 januari 2019;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] ;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW, artikel 6:248 BW, artikel 6:277 BW en/of artikel 6:74 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW en/of artikel 6:248 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

meer subsidiair:

- een verklaring voor recht dat de franchise- en onderhuurovereenkomst op 7 januari 2019 zijn geëindigd, dan wel per 31 augustus 2021 komen te eindigen, dan wel dat zij eindigen op een in goede justitie vast te stellen datum;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] ;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW, artikel 6:248 BW, artikel 6:277 BW en/of artikel 6:74 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en/of in strijd met de redelijkheid en billijkheid;

- een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW en/of artikel 6:248 BW nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

primair, subsidiair en meer subsidiair:

- de, waar mogelijk hoofdelijke, veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling van € 12.950,00, althans een in goede justitie vast te stellen bedrag, aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding;

- de, waar mogelijk hoofdelijke, veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling van de proceskosten, te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het in deze te wijzen veroordelend vonnis en te vermeerderen met de wettelijke rente gerekend vanaf de vijftiende dag na dagtekening van dat vonnis, alsmede de nakosten indien [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en/of Van de Pluijm niet (tijdig) aan het vonnis voldoen.

3.2.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] legt aan zijn vorderingen jegens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ten grondslag dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] hem wat betreft Pets Place [adres 3] een gebrekkig vestigingsplaatsonderzoek en ondeugdelijke exploitatieprognoses heeft verstrekt. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft door haar inlichtingen een onjuiste voorstelling van zaken gecreëerd bij [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en haar mededelingsplicht jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] geschonden, zodat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] terecht de buitengerechtelijke vernietiging van de franchiseovereenkomst en de daarmee nauw verbonden onderhuur- en leaseovereenkomst voor winkelautomatisering heeft ingeroepen. Volgens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] zou hij, indien [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] hem geen ondeugdelijke informatie had verstrekt, de overeenkomsten niet zijn aangegaan. De vernietiging van de overeenkomsten heeft tot gevolg dat de uit hoofde daarvan verrichte prestaties onverschuldigd zijn gedaan. Door een gebrekkig vestigingsplaatsonderzoek en ondeugdelijke exploitatieprognoses te verstrekken aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens hem ook onrechtmatig en in strijd met de redelijkheid en billijkheid gehandeld en is [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tegenover [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] schadeplichtig. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] begroot zijn schade vooralsnog op € 297.616,- aan gederfd inkomen en € 16.300,- aan verlies van eigen inbreng. Subsidiair en meer subsidiair is [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tevens schadeplichtig op grond van toerekenbare tekortkoming en heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] terecht de buitengerechtelijke ontbinding c.q. beëindiging ingeroepen van de franchise- en onderhuurovereenkomst.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] stelt dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig dan wel in strijd met de redelijkheid en billijkheid jegens hem heeft gehandeld en tegenover hem schadeplichtig is door aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een ondeugdelijke en onrealistische vestigingsplaatsanalyse en exploitatieprognose af te geven in de wetenschap dat deze informatie ten behoeve van kandidaat-franchisenemers als [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] zou kunnen worden gebruikt.

3.3.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voeren verweer. Op deze verweren wordt hierna, waar nodig, ingegaan.

4 De vordering en het verweer in de hoofdzaak in reconventie

4.1.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] vordert, samengevat, de veroordeling van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] tot betaling aan haar binnen twee dagen na het te dezen te wijzen veroordelend vonnis van een bedrag van € 156.657,45 aan openstaande facturen, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119a BW vanaf de vervaldata van de betreffende facturen, met veroordeling van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] in de proceskosten.

4.2.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] legt aan de vordering ten grondslag dat zij [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] goederen en diensten heeft geleverd. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] is gehouden de op hem rustende betalingsverplichting voor de geleverde goederen en diensten na te komen.

4.3.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] voert verweer waarop hierna, waar nodig, wordt ingegaan.

5 De beoordeling in de hoofdzaak in conventie en in reconventie

5.1.

Door de verwevenheid van de standpunten van partijen in conventie en in reconventie, zal de kantonrechter deze hierna gezamenlijk behandelen. Ten aanzien van de conventie zullen eerst de primaire vorderingen en het verweer daartegen worden beoordeeld. De subsidiaire en meer subsidiaire vorderingen en het verweer daartegen zullen slechts worden beoordeeld als in conventie het verweer tegen een of meer primaire vorderingen slaagt.

Verjaring, klachtplicht en rechtsverwerking

5.2.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft bij wijze van verweer tegen de door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] ingeroepen vernietiging op grond van dwaling een beroep gedaan op verjaring. Artikel 3:51 BW bepaalt dat een beroep in rechte op een vernietigingsgrond te allen tijde kan worden gedaan ter afwering van een op de rechtshandeling steunende vordering. Voor zover [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] bij wijze van verweer tegen de vordering van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een beroep doet op vernietiging van onder meer de franchiseovereenkomst, is verjaring dus niet aan de orde. Uit artikel 3:52 lid 1 aanhef en onder c BW volgt voorts dat een rechtsvordering tot vernietiging van een rechtshandeling uit hoofde van dwaling verjaart drie jaren nadat de dwaling (daadwerkelijk) is ontdekt. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft geen feiten of omstandigheden gesteld waaruit volgt dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] vóór het verschijnen van het rapport van MKB Adviseurs van 6 september 2018 bekend is geraakt met de mogelijke ondeugdelijkheid van de in deze procedure overgelegde VPA en/of exploitatieprognoses. Het enkele feit dat de omzet van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] sinds 2012 jaarlijks ver achterbleef bij de in de VPA en de exploitatieprognoses vermelde omzetten is onvoldoende om aan te nemen dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] bekend was met de mogelijke ondeugdelijkheid van de VPA en de exploitatieprognoses. In zoverre faalt het beroep van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] op verjaring.

5.3.

Voor het beroep van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] op onrechtmatig handelen geldt het volgende. In artikel 3:310 BW is onder meer bepaald dat een vordering tot vergoeding van schade wegens onrechtmatige daad verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de benadeelde zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon bekend is geworden, en in ieder geval door verloop van twintig jaren na de gebeurtenis waardoor de schade is veroorzaakt. In dit geval heeft de door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] gestelde schadeveroorzakende gebeurtenis, te weten het verstrekken van de VPA en de omzetprognoses in 2011, minder dan twintig jaar geleden plaatsgevonden. Voorts heeft [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tegenover de betwisting door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] geen feiten of omstandigheden gesteld die de conclusie rechtvaardigen dat meer dan vijf jaren zijn verstreken sinds het moment waarop [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] voldoende zekerheid heeft verkregen dat zijn schade is veroorzaakt door tekortschietend of foutief handelen van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] als zodanig daadwerkelijk in staat was jegens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een rechtsvordering tot vergoeding van de schade in te stellen. Gezien het vorenstaande faalt het beroep van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] op verjaring ook wat betreft de vorderingen van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] c.s. uit hoofde van onrechtmatige daad.

5.4.

Het beroep van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] op schending van de klachtplicht in de zin van artikel 6:89 BW wordt verworpen. Toepassing van artikel 6:89 BW is niet aan de orde. De in artikel 6:89 BW vastgelegde plicht om binnen bekwame tijd te protesteren is beperkt tot gebreken in een prestatie als bedoeld in voormeld artikel. Er is in deze zaak geen sprake van een (gebrekkige) prestatie van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de zin van artikel 6:89 BW waartegen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] tijdig had moeten protesteren. Bovendien heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] zich binnen bekwame tijd bij [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gemeld na door de verschijning van het rapport van MKB Adviseurs bekend te zijn geraakt met de mogelijke ondeugdelijkheid van de in deze procedure overgelegde VPA en/of exploitatieprognoses.

5.5.

Het beroep op rechtsverwerking en op de redelijkheid en billijkheid biedt [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ook geen soelaas. Volgens vaste rechtspraak is voor een geslaagd beroep op rechtsverwerking enkel tijdsverloop of enkel stilzitten onvoldoende. Vereist is de aanwezigheid van bijzondere omstandigheden als gevolg waarvan (1) hetzij bij de wederpartij het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de gerechtigde zijn aanspraak niet (meer) geldend zou maken, (2) hetzij de wederpartij in zijn positie onredelijk zou worden benadeeld in geval de gerechtigde zijn aanspraak alsnog geldend zou maken. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft in het kader van haar beroep op rechtsverwerking en de redelijkheid en billijkheid slechts aangevoerd dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] reeds in 2012 wist dat de omzetten opgenomen in de opstartbegroting niet realistisch waren en dat hij ook al lang wist dat de VPA met de daarin genoemde omzetten niet was geschreven voor de locatie van zijn vestiging. De stelling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] zijn rechten heeft verwerkt of jegens haar afstand van recht heeft gedaan door in augustus/september 2014 met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] een zogenoemde subsidieovereenkomst aan te gaan, stuit af op het feit dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] vóór het verschijnen van het rapport van MKB Adviseurs van 6 september 2018 niet bekend mag worden verondersteld met de mogelijke ondeugdelijkheid van de in deze procedure overgelegde VPA en/of exploitatieprognoses. Voor zover de subsidieovereenkomst zich al uitstrekt over een beroep op dwaling of onrechtmatige daad op grond van omstandigheden vóór het sluiten van onder meer de franchiseovereenkomst, is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zich hier op de subsidieovereenkomst beroept. Daartoe is redengevend dat de subsidieovereenkomst is aangegaan op een moment dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] nog niet bekend was met de eventuele ondeugdelijkheid van de VPA en/of omzetprognoses of daarmee bekend had kunnen zijn.

5.6.

Daarmee ligt de meer inhoudelijke vraag voor of de overeenkomsten tot stand zijn gekomen onder invloed van dwaling en op die grond vernietigbaar zijn. Voorts is de vraag aan de orde of de handelwijze van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voorafgaande aan het sluiten van de overeenkomsten jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] onrechtmatig was.

Dwaling

5.7.

Artikel 6:228 lid 1 aanhef en onder a BW bepaalt dat een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, vernietigbaar is indien de dwaling is te wijten aan een inlichting van de wederpartij, tenzij deze mocht aannemen dat deze overeenkomst ook zonder deze inlichting zou worden gesloten. Op grond van artikel 6:228 lid 2 BW is een vernietiging wegens dwaling desondanks niet mogelijk indien de dwaling een uitsluitend toekomstige omstandigheid betreft of de dwaling in verband met de aard van de overeenkomst, de in het verkeer geldende opvattingen of de omstandigheden van het geval voor rekening van de dwalende behoort te blijven.

5.8.

Een franchisegever is niet verplicht om aan potentiële franchisenemers prognoses te verstrekken. Als echter sprake is van het verstrekken van cijfermateriaal met een op basis daarvan voorspelde omzet, is sprake van een omzetprognose. Zoals een franchisegever weet of behoort te weten, is zulke informatie voor een potentiële franchisenemer van cruciaal belang voor de beoordeling van zijn of haar exploitatiekansen en van de vraag of het sluiten van een franchisecontract een verantwoorde keus is. Het enkele feit dat een verstrekte prognose achteraf niet haalbaar is gebleken, is echter onvoldoende grond voor vernietiging van de overeenkomst wegens dwaling.

5.9.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] baseert zijn vorderingen in de eerste plaats op de stelling dat de aan hem verstrekte VPA van 19 november 2010 ondeugdelijk is. Ten tweede stelt [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] dat het door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aan hem verstrekte exploitatiemodel Pets Place (hierna ook: de opstartbegroting nieuwe locatie) onjuist is.

5.10.

Wat betreft de VPA wordt het volgende overwogen. Tussen partijen staat vast dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] de door [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in 2010 opgestelde VPA heeft verstrekt. Weliswaar kan worden geconstateerd dat volgens het onderzoek van MKB Adviseurs de VPA een aantal tekortkomingen bevat maar de gestelde tekortkomingen zijn in dit geval van onvoldoende gewicht om een geslaagd beroep op dwaling te rechtvaardigen. Redengevend hiervoor is dat geen feiten of omstandigheden zijn gesteld waaruit blijkt dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] wist van ernstige fouten in de VPA en dat niet in geschil is dat voor de in de VPA gegeven omzetindicatie van doorslaggevend belang is geweest het aantal vierkante meters verkoopvloeroppervlakte van de winkelruimte. Uit de VPA volgt zonneklaar dat is uitgegaan van een winkelruimte met een verkoopvloeroppervlakte van circa 400 m² en dat sprake is van een winkelruimte op een aantrekkelijke locatie aan [adres 3] . De winkelruimte waar [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] uiteindelijk is gestart als franchisenemer bevindt zich weliswaar ook aan [adres 3] , maar op een geheel andere locatie dan de winkelruimte bedoeld in de VPA en de winkelruimte van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft ook een volstrekt andere uitstraling. Voor de kantonrechter van doorslaggevend belang is echter dat uit de opstartbegroting nieuwe locatie (versie 21 oktober 2011) en de huurovereenkomst blijkt dat de – op dat moment nog beoogd te huren – winkelruimte van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] over significant minder vierkante meters beschikt dan de winkelruimte die in de VPA tot uitgangspunt is genomen. Van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] had hierover kritische vragen mogen worden verwacht, nu niet in debat is dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] de VPA (als ook de opstartbegroting nieuwe locatie en de huurovereenkomst) voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst heeft kunnen bestuderen en dat hij daarover vragen heeft kunnen stellen. Dit geldt temeer omdat, zoals ook in de rapportage van MKB Adviseurs naar voren komt, uit de VPA duidelijk is af te leiden dat het aantal vierkante meters verkoopvloeroppervlakte bepalend was voor de daarin gestelde omzetpotentie van de winkel.

5.11.

Uit de informatie die [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst en de andere overeenkomsten ter beschikking is gesteld, blijkt dus duidelijk kenbaar dat de VPA betrekking heeft op een andere, grotere, winkelruimte dan de winkelruimte aan [adres 3] en dat in de VPA alleen het aantal vierkante meters verkoopvloeroppervlakte bepalend is voor de omzetpotentie. Deze kenbaarheid brengt mee dat het verwijt aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] dat zij [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] er, kort gezegd, niet op zou hebben gewezen dat de VPA niet de winkelruimte aan [adres 3] betreft – indien al juist, [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] betwist dit – geen doel treft. Nu vaststaat dat in de VPA alleen het aantal vierkante meters verkoopvloeroppervlakte bepalend is voor de daarin gestelde omzetpotentie, geldt voor de in de rapportage van MKB Adviseurs genoemde tekortkomingen die geen betrekking hebben op de grootte en locatie van de winkel dat geen sprake is van een zodanige onjuiste voorstelling van zaken dat het beroep op dwaling kan worden gerechtvaardigd.

5.12.

Aan dit oordeel kan niet afdoen dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] geen relevante ondernemerservaring had en dat hij, zo heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] naar eigen zeggen althans gesteld, op 2 januari 2012 overhaast aan de exploitatie is begonnen. Niet gebleken is dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] op enigerlei wijze onder druk heeft gezet om haar franchisenemer te worden of hem heeft belemmerd om een gedegen afweging te maken over de vraag of hij daadwerkelijk franchisenemer van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] wilde worden.

5.13.

Ten aanzien van het exploitatiemodel Pets Place (de opstartbegroting nieuwe locatie) wordt het volgende overwogen. In de kern verwijt [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] dat het exploitatiemodel een onrealistisch hoge omzet vermeldt van € 450.000,- in het eerste jaar, van € 550.000,- in het tweede jaar en van € 650.000,- in het derde jaar.

5.14.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] betwist in de eerste plaats dat het cijfermateriaal ingevuld in het exploitatiemodel van haar afkomstig is en door haar is geaccordeerd. De kantonrechter verwerpt deze betwisting, althans in ieder geval met betrekking tot de vermelde omzet. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft in diverse door haar opgemaakte gespreksverslagen gesteld dat oorspronkelijk de jaaromzet op € 450.000,- is begroot dan wel dat er volgens het destijds uitgevoerde onderzoek een marktruimte zou moeten zijn van € 450.000,-. In dit licht wordt de stelling dat de genoemde omzet van € 450.000,- niet van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] afkomstig is en niet door haar akkoord is bevonden, ongeloofwaardig geacht. Dit geldt ook voor de stelling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] dat het exploitatiemodel pas is opgesteld nadat partijen reeds overeenstemming hadden bereikt over de franchiseovereenkomst, nu uit aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] gerichte emailcorrespondentie uit oktober 2011 afkomstig van [naam regiomanager] , destijds regiomanager Pets Place van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , en de datering van de opstartbegroting nieuwe locatie anders blijkt. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] merkt, anders dan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft betoogd, de omzet vermeld in het exploitatiemodel ook terecht aan als omzetprognose. Het is cijfermateriaal dat de strekking heeft van een prognose van de omzet die door de franchisenemer met de door hem te exploiteren onderneming zou kunnen worden behaald.

5.15.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] moet in beginsel instaan voor de deugdelijkheid van de omzetprognose die zij aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft verstrekt. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] mocht aannemen dat hij op de door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] verstrekte informatie kon afgaan, omdat een grote franchisegever zoals [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , met ongeveer honderdtachtig franchise-dierenspeciaalzaken in Nederland, geacht kan worden bij uitstek op de hoogte te zijn van alle voor de potentiële omzet van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] relevante marktomstandigheden, en op basis daarvan in staat te zijn om realistische schattingen te maken van de uit die omstandigheden voortvloeiende omzetkansen. Indien sprake is van dwaling van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] als gevolg van ondeugdelijke omzetprognose van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , komt die daarom in beginsel voor rekening van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] .

5.16.

De vraag is dus aan de orde of (de omzetprognose in) het exploitatiemodel ondeugdelijk is, zoals [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] stelt en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] betwist. Bij de beantwoording van die vraag is met name van belang of de verstrekte prognose berust op deugdelijk en met voldoende deskundigheid uitgevoerd markt- en vestigingsplaatsonderzoek.

5.17.

De door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] opgestelde gespreksverslagen bevestigen de stelling van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] dat de door hem in werkelijkheid behaalde omzetten substantieel lager zijn uitgevallen dan de omzetten genoemd in het exploitatiemodel. Voormelde stelling is niet of onvoldoende weersproken, zodat van de juistheid daarvan hierna wordt uitgegaan. Dat hoeft echter niet te betekenen dat sprake is van een onjuiste voorstelling van zaken of dat de in het exploitatiemodel genoemde omzetten ondeugdelijk waren. Het kan bijvoorbeeld ook wijzen op gebreken in de wijze van bedrijfsvoering door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] . Daarnaast kunnen ook onvoorzienbare externe effecten een negatieve invloed op de omzetten hebben gehad.

5.18.

Onduidelijk is op welke concrete uitgangspunten de door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] afgegeven omzetprognose in het exploitatiemodel is gebaseerd. De stellingen van partijen bieden in dit verband geen houvast. Vaststaat wel dat de omzetten in het exploitatiemodel, behoudens de omzet in het derde jaar, niet overeenkomen met de omzetten genoemd in de VPA. Voorts staat vast dat de omzetverwachting in de VPA is gerelateerd aan een verkoopvloeroppervlakte van 400 m² en dat in het exploitatiemodel wordt uitgegaan van een verkoopvloeroppervlakte van 284 m². Volgens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] is er met betrekking tot de winkelruimte aan [adres 3] , anders dan artikel 1.2 van de franchiseovereenkomst en het door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] opgestelde gespreksverslag van 21 augustus 2014 vermelden, geen onderzoek uitgevoerd. Uitgaande van de juistheid van deze stelling berust de door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] verstrekte omzetprognose in het exploitatiemodel dus niet op deugdelijk en met voldoende deskundigheid uitgevoerd onderzoek. Reeds hierom wordt geoordeeld dat (de omzetprognose van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in) het exploitatiemodel ondeugdelijk is.

5.19.

Gelet op het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat de franchiseovereenkomst tot stand is gekomen onder invloed van dwaling als gevolg van fouten in de door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] verstrekte prognose. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft in dit verband tegenover de betwisting door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voldoende toegelicht dat hij de franchiseovereenkomst met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] (en alle opvolgende overeenkomsten ten aan zien van Pets Place [adres 3] ) bij een juiste voorstelling van zaken niet zou hebben gesloten. Aannemelijk is geworden dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] de franchiseovereenkomst bij een juiste voorstelling van zaken niet zou hebben gesloten. Anders dan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft aangevoerd, gaat het hier niet om een dwaling die uitsluitend een toekomstige omstandigheid betreft. De dwaling is immers gebaseerd op een onjuiste voorstelling over bij het sluiten van de franchiseovereenkomst aanwezige omstandigheden.

5.20.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft er nog op gewezen dat in artikel 1.3 van de franchiseovereenkomst en in het exploitatiemodel is vastgelegd dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] zich zelf dient te vergewissen van uitgangspunten en prognoses en dat aan verstrekte cijfers geen rechten kunnen worden ontleend. De kantonrechter is het met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] eens dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] hiermee uitdrukkelijk is gewezen op zijn eigen verantwoordelijkheid. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] had aan deze bepalingen in redelijkheid de betekenis moeten toekennen dat resultaten mede afhankelijk zijn van de ondernemerskwaliteiten van de franchisenemer en dat zich onvoorziene omstandigheden kunnen voordoen die de resultaten drukken, maar niet dat hij er rekening mee moest houden dat de geprognosticeerde cijfers een deugdelijke grondslag ontberen. Dit betoog wordt dus verworpen.

5.21.

De conclusie is dat de franchiseovereenkomst met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] vernietigbaar is wegens dwaling en dat de buitengerechtelijke vernietiging door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] van deze overeenkomst effect heeft gehad. De min of meer tegelijkertijd met de gesloten (onder-)huurovereenkomst van de winkel en de leaseovereenkomst hangen in tijd, naar hun doel en in economisch opzicht zeer nauw onderling samen. Zeker in een constellatie als hier aan de orde, zullen deze overeenkomsten ook niet los van elkaar worden gesloten. Deze samenhang rechtvaardigt dat ook deze overeenkomsten zijn vernietigd. De in conventie gevorderde verklaring voor recht dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] buitengerechtelijk de franchise-, onderhuur- en leaseovereenkomst heeft vernietigd, is derhalve toewijsbaar.

5.22.

Op de gevolgen van de vernietiging van de overeenkomsten wordt verderop in dit vonnis teruggekomen.

Onrechtmatige daad

5.23.

De vorderingen jegens [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zijn gegrond op onrechtmatige daad en de redelijkheid en billijkheid. De vorderingen jegens [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] stuiten af op hetgeen onder 5.10 en 5.11 is overwogen. De omzetprognose is blijkens de VPA alleen gebaseerd op het aantal vierkante meters verkoopvloeroppervlakte vermenigvuldigd met de landelijk gemiddelde omzet van Pets Place per vierkante meter, terwijl de VPA duidelijk kenbaar betrekking heeft op een andere winkelruimte met aanmerkelijk meer verkoopvloeroppervlakte dan de ruimte waarin [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] de exploitatie van de Pets Place winkel is gestart. Dit betekent dat het verwijt van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] door de VPA het risico in het leven heeft geroepen dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] onder een onjuiste voorstelling van zaken zou gaan contracteren met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] geen doel treft. In het midden kan blijven of de VPA overigens fouten bevat. De vorderingen op [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] worden dus afgewezen.

5.24.

Ten aanzien van de vorderingen van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] jegens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] die zijn gegrond op onrechtmatige daad en de redelijkheid en billijkheid wordt het volgende overwogen. Onder omstandigheden kan het verstrekken van een ondeugdelijke prognose onrechtmatig zijn. In het arrest Paalman/Lampenier (Hoge Raad 25 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7329) heeft de Hoge Raad overwogen dat de franchisegever die een rapport over de te verwachten omzet en de te verwachten winst aan zijn wederpartij verschaft, onder omstandigheden onrechtmatig handelt, indien hij weet dat dit rapport ernstige fouten bevat en hij zijn wederpartij niet op deze fouten opmerkzaam maakt. Deze regel ziet op het in dat arrest aan de orde zijnde geval waarin de franchisegever het onderzoek en het opstellen van het daarop gebaseerde rapport aan een derde heeft uitbesteed. Ook de franchisegever mag dan in de regel op de juistheid daarvan vertrouwen, zodat in beginsel van onzorgvuldig handelen zijnerzijds pas sprake is in geval van wetenschap als hiervoor bedoeld. Dat laatste is anders als de franchisegever zelf, of een persoon waarvoor hij aansprakelijk is op de voet van een van de artikelen 6:170 - 6:172 BW, het onderzoek uitvoert en de resultaten daarvan aan zijn wederpartij verstrekt. In dat geval kan ook sprake zijn van onzorgvuldig handelen zonder dat de franchisegever (of de persoon voor wie hij aansprakelijk is) weet dat het rapport fouten bevat, en wel indien onzorgvuldigheid van de franchisegever (of van de persoon voor wie hij aansprakelijk is) heeft geleid tot de fouten in het rapport (Hoge Raad 24 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:311, Street One).

5.25.

Met betrekking tot eventuele fouten in de VPA heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] onvoldoende aangevoerd om aan te nemen dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens hem aansprakelijk is op grond van onrechtmatige daad dan wel enige andere rechtsgrondslag. Dit is anders voor (de omzetprognose in) het exploitatiemodel. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft (de omzetprognose in) het exploitatiemodel zelf opgesteld en aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] verstrekt. Zoals hiervoor overwogen, moet deze prognose als ondeugdelijk worden aangemerkt. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] mocht van een grote franchisegever als [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] verwachten dat de door haar afgegeven prognose berustte op deugdelijk en met voldoende deskundigheid uitgevoerd markt- en vestigingsplaatsonderzoek. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft in dat verband voldoende toegelicht dat de ondeugdelijkheid van de prognose is te wijten aan de onzorgvuldigheid van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] op geen enkel moment op die ondeugdelijkheid gewezen. Bezien in het licht van de onder 5.24 geformuleerde maatstaf wordt geoordeeld dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld door deze prognose aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te verstrekken. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] is gehouden de schade te vergoeden die [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] daardoor heeft geleden. Die gevorderde schade kan slechts bestaan uit zogenaamd negatief contractsbelang. De dwalende moet immers in de positie worden gebracht waarin hij bij een juiste voorstelling van zaken zou hebben verkeerd. In dat geval zou [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] niet zijn begonnen aan de Pets Place winkel, zoals hij ook zelf stelt. Negatief contractsbelang bestaat dan dus uit een vergelijking van die situatie (er niet aan zijn begonnen) met de daadwerkelijk verlopen situatie. Voor zover [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] verwijst naar de als productie 16b overgelegde ‘Opstelling Schadestaat inzake Pets Place [adres 3] ’, geldt dat die opstelling betrekking heeft op positief contractsbelang. Die opstelling zal daarom niet kunnen dienen om de schade in dit geval aan te tonen. Dit neemt niet weg dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] onder 231 van de dagvaarding zijn schade in meer algemene zin heeft benoemd, zodat hij daarmee de drempel voor verwijzing naar de schadestaat - het aannemelijk zijn dat mogelijk schade is geleden - heeft gehaald. Dat betekent dat voor recht zal worden verklaard dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en ook dat de verklaring voor recht met betrekking tot schadevergoeding overeenkomstig de vordering zal worden toegewezen.

5.26

De subsidiaire en meer subsidiaire vorderingen kunnen verder buiten beschouwing worden gelaten.

De gevolgen

5.27.

De vraag die nu voorligt betreft de financiële gevolgen van de buitengerechtelijke vernietiging van de overeenkomsten met [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en de aanspraak van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] op schadevergoeding. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] beantwoorden deze vraag grotendeels verschillend.

5.28.

De vernietiging van de drie overeenkomsten werkt terug tot het tijdstip waarop de rechtshandeling is verricht (artikel 3:53 lid 1 BW). Dat heeft tot gevolg dat de [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] diverse vorderingen uit onverschuldigde betaling heeft als bedoeld in artikel 6:203 lid 2 BW. Partijen dienen de verrichte prestaties daarom over en weer zoveel mogelijk ongedaan te maken. De rechtsverhouding tussen partijen dient te worden hersteld in de staat zoals deze vóór aansluiting van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] bij de franchiseformule van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] was.

5.29.

Partijen zijn het erover eens dat het gebruik van het gehuurde en het gebruik van door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] geleverde diensten – zoals voor IE-rechten, marketing en winkelautomatisering – en goederen prestaties van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zijn die niet ongedaan kunnen worden gemaakt. Anders dan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft aangevoerd, beschouwt de kantonrechter het huren en in gebruik geven van de winkelruimte, binnen de gegeven zakelijke verhoudingen tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , als een prestatie waarvoor een waardevergoeding redelijk is. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft door de exploitatie van de Pets Place winkel een, zij het beperkt, inkomen gerealiseerd, zodat niet kan worden gesteld dat hij geen huurgenot heeft gehad. Dit geldt ook voor de aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] geleverde goederen en diensten. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] heeft niet of onvoldoende gemotiveerd dat de waarde van voormelde prestaties in redelijkheid niet gelijk te stellen is aan de hiervoor door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gefactureerde bedragen, zodat van deze bedragen wordt uitgegaan. Dit betekent dat de conventionele vorderingen van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] tot terugbetaling van de door hem aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] betaalde bedragen in verband met de vernietigde overeenkomsten zullen worden afgewezen.

5.30.

De in reconventie gevorderde betaling voor onbetaald gebleven goederen en diensten zal worden afgewezen. De gesloten koopovereenkomst(en) betreffende de onbetaald gebleven goederen en diensten vloei(t)(en) voort uit de franchiseovereenkomst en zij delen dan ook het lot van vernietiging. Door de vernietiging kan geen nakoming van de koopovereenkomst(en) ter zake van de levering van goederen en diensten worden gevorderd.

Afronding: buitengerechtelijke kosten en proceskosten

5.31.

Onder het mom van buitengerechtelijke kosten vordert [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] enerzijds een forfaitair bedrag van € 6.775,00 gebaseerd op het rapport Voorwerk II en anderzijds een bedrag van € 6.175,00 aan door bij hem in rekening gebrachte deskundigenkosten van MKB Adviseurs.

5.32.

De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten ten bedrage van € 6.775,00 worden afgewezen. Gesteld noch gebleken is dat sprake is van incassohandelingen die meer omvatten dan het verzenden van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een (niet aanvaard) schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De gevorderde kosten moeten dan ook worden aangemerkt als kosten ter voorbereiding van de procedure. Deze zijn onderdeel van de proceskosten, waarover een aparte beslissing wordt genomen. Op grond van artikel 6:96 lid 2 onder a en b BW zijn de door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] gevorderde deskundigenkosten van MKB Adviseurs wel afzonderlijk toewijsbaar. Deze kosten moeten door [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] worden gedragen en zullen als onvoldoende betwist worden toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding.

5.33.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] wordt tegenover [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in het ongelijk gesteld en hij moet daarom de proceskosten van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] inclusief nakosten dragen. De gevorderde nakosten zullen worden begroot op een bedrag van € 120,00 zijnde een half salarispunt van het toe te wijzen salaris van de gemachtigde met een maximum van € 120,00, te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis. De rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf veertien dagen na de datum van het vonnis.

5.34.

[eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] worden in conventie beiden voor een deel in het ongelijk gesteld. Hierin ziet de kantonrechter aanleiding te bepalen dat zij in conventie ieder hun eigen kosten dragen.

5.35.

In reconventie moet [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] de proceskosten inclusief nakosten dragen, nu zij in reconventie in het ongelijk wordt gesteld. De gevorderde nakosten zullen worden begroot op een bedrag van € 120,00 zijnde een half salarispunt van het toe te wijzen salaris van de gemachtigde met een maximum van € 120,00, te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis. De rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf veertien dagen na de datum van het vonnis.

6 De vordering en het verweer in de vrijwaringszaak in conventie

6.1.

[gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] vordert, samengevat:

1. een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] verplicht is aan [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] te betalen al datgene waartoe [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld;

2. de veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling van al datgene waartoe [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de hoofdzaak jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] mocht worden veroordeeld, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na de datum van het veroordelend vonnis;

3. de veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de kosten van de hoofdzaak en de vrijwaringszaak, inclusief nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over een en ander vanaf veertien dagen na de datum van het veroordelend vonnis, indien de kosten binnen die termijn niet zijn betaald.

6.2.

[gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] legt aan zijn vorderingen het volgende ten grondslag. [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] stelt voorop dat hij geen rechtens relevante fouten heeft gemaakt bij het opstellen en afgeven van zijn rapportage, alsmede dat hij voor eventuele fouten niet aansprakelijk kan worden gehouden. Hij wijst er in dit verband op dat de door hem in opdracht van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gegeven omzetindicatie is afgegeven voor een andere locatie met substantieel meer verkoopvloeroppervlakte. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] is pas een jaar na de afgegeven omzetindicatie bij [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in beeld gekomen. [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] was toen uit beeld bij [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft destijds geen contact gehad met [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] . Voor het geval dat in de hoofdzaak komt vast te staan dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] geheel of gedeeltelijk gehouden is [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] schadeloos te stellen, dient [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] hem te vrijwaren. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] is gehouden de in de algemene voorwaarden van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] opgenomen contractuele vrijwaringsverplichting na te komen. Voorts dient [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] te compenseren op grond van de ingevolge de artikelen 6:10, 6:102 lid 1 en 6:101 BW op [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] rustende hoofdelijke bijdrageplicht.

6.3.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voert verweer waarop hierna, waar nodig, wordt ingegaan.

7. De vordering en het verweer in de vrijwaringszaak in voorwaardelijke reconventie

7.1.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] vordert voorwaardelijk – indien en voor zover de rapportage van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ondeugdelijk is:

a. een verklaring voor recht dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] wanprestatie heeft gepleegd;

b. de veroordeling van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling van al datgene waartoe [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de hoofdzaak jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] mocht worden veroordeeld, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 8 januari 2020;

c. de veroordeling van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] van een bedrag van € 2.677,50;

d. de veroordeling van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de kosten in de hoofdzaak en de vrijwaringszaak.

7.2.

[gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] legt aan haar vorderingen ten grondslag dat [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ernstig tekort is geschoten in haar verplichtingen jegens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] en tevens onrechtmatig heeft gehandeld, indien – naar de kantonrechter begrijpt: in de hoofdzaak komt vast te staan dat – de rapportage van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ondeugdelijk is. Indien en voor zover [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] wordt veroordeeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] tot betaling vanwege fouten in de rapportage van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , betreft dit schade die voortvloeit uit deze wanprestatie van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] is daarvoor jegens [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] aansprakelijk. In dat geval vordert [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voorts partiële ontbinding van de overeenkomst met [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , voor zover ingevolge die overeenkomst een betalingsverplichting gold voor [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . Dit betekent dat het door IJsvolgel aan [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voor de rapportage betaalde bedrag van € 2.677,50 als onverschuldigd betaald aan [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] moet worden terugbetaald.

7.3.

[gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] voert verweer waarop hierna, waar nodig, wordt ingegaan.

8. De beoordeling in de vrijwaringszaak in conventie en in voorwaardelijke reconventie

8.1.

De vorderingen in de vrijwaringszaak in conventie behoeven geen inhoudelijke behandeling en zullen worden afgewezen, nu in de hoofdzaak de vorderingen van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] jegens [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] zijn afgewezen.

8.2.

In het midden kan blijven of de voorwaarde verbonden aan de inhoudelijke beoordeling van de reconventie is vervuld. [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft daar geen belang bij gezien hetgeen verder in deze overweging en hetgeen in de volgende overweging over de proceskosten wordt overwogen. In de hoofdzaak is niet gebleken van relevante fouten in de rapportage van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , althans de VPA van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ligt in de hoofdzaak niet ten grondslag aan de veroordeling van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] . In de hoofdzaak is de aansprakelijkheid van [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] niet gebaseerd op een ondeugdelijke VPA van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] . De vorderingen in voorwaardelijke reconventie zullen dus worden afgewezen.

8.3.

In de hoofdzaak zijn de vorderingen van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] jegens [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] afgewezen. Dit betekent dat de vordering in vrijwaring in conventie niet kan slagen. [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] heeft de keuze gemaakt om een vordering in vrijwaring in te stellen terwijl hij ook de uitkomst van de hoofdzaak had kunnen afwachten alvorens een vordering in te stellen. De omstandigheid dat het niet tot een inhoudelijke beoordeling van de vordering in vrijwaring in conventie komt daarom voor zijn rekening en risico. Hetzelfde geldt voor [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] ten aanzien van de vorderingen in voorwaardelijke reconventie. Aldus zal worden bepaald dat partijen in conventie en in voorwaardelijke reconventie ieder hun eigen kosten dragen.

9 De beslissing

De kantonrechter

in de hoofdzaak in conventie

9.1.

verklaart voor recht dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] buitengerechtelijk de franchise-, onderhuur- en leaseovereenkomst heeft vernietigd;

9.2.

verklaart voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] ;

9.3.

verklaart voor recht dat [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] gehouden is de schade van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] te vergoeden op grond van artikel 6:162 BW, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

9.4.

veroordeelt [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] tot betaling aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] van een bedrag van € 6.175,00 betreffende de kosten van MKB Adviseurs, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf de dag van de dagvaarding tot aan de dag van volledige betaling;

9.5.

wijst het meer of anders gevorderde af;

9.6.

veroordeelt [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] in de proceskosten aan de kant van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] , tot deze uitspraak aan de kant van [gedaagde partij sub 2 in conventie in de hoofdzaak + eisende partij in conventie / verwerende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] begroot op € 960,00 aan salaris voor de gemachtigde en € 120,00 aan kosten die na dit vonnis zullen ontstaan, te vermeerderen, indien betekening van dit vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over de proceskosten vanaf veertien dagen na de datum van het vonnis tot aan de dag van volledige betaling;

9.7.

compenseert tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] en [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] de proceskosten in die zin dat zij de eigen kosten dragen;

9.8.

verklaart de veroordelingen onder 9.4 en 9.6 uitvoerbaar bij voorraad;

in de hoofdzaak in reconventie

9.9.

wijst de vordering af;

9.10.

veroordeelt [gedaagde partij sub 1 in conventie / eisende partij in reconventie in de hoofdzaak + gedaagde partij in conventie / eisende partij in voorwaardelijke reconventie in de vrijwaringszaak] in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie in de hoofdzaak] begroot op € 1.260,50 aan salaris voor de gemachtigde en € 120,00 aan kosten die na dit vonnis zullen ontstaan, te vermeerderen, indien betekening van dit vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis, te vermeerderen met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over de proceskosten vanaf veertien dagen na de datum van het vonnis tot aan de dag van volledige betaling;

9.11.

verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

in vrijwaring in conventie

9.12.

wijst de vorderingen af;

9.13.

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

in vrijwaring in voorwaardelijke reconventie

9.14.

wijst de vorderingen af;

9.15.

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. S.E. Sijsma en in het openbaar uitgesproken op