Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2019:666

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
19-02-2019
Datum publicatie
20-02-2019
Zaaknummer
05/880424-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor een gewoonte en beroep maken van overdragen van vuurwapens en munitie over een periode van ruim anderhalf jaar, het voorhanden hebben van wapens en het telen van hennep. Gevangenisstraf van 54 maanden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer : 05/880424-17

Datum uitspraak : 19 februari 2019

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedatum] 1969 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] ,

thans gedetineerd te P.I. HvB Grave (Unit A + B) te Grave,

raadsvrouw: mr. S. Striekwold, advocaat te Doetinchem.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 13 juni 2018, 4 september 2018, 27 november 2018, 29 januari 2019 en 5 februari 2019.

1 De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is, na een toegewezen vordering nadere omschrijving tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

1.

op meer tijdstippen in de periode van 1 januari 2015 tot en met 26 februari

2018 te Nijmegen en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen, in

elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen,

althans alleen, meermalen wapens van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten vuurwapens en/of

dat hij in de periode van 01 januari 2015 tot en met 26 februari 2018 te

Nijmegen, en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen,in elk

geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen munitie van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten scherpe patronen/kogels,

terwijl hij, verdachte van het verhandelen van wapens en/of munitie een beroep of een gewoonte heeft gemaakt;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

2.

hij op of omstreeks 27 februari 2018 te Nijmegen één of meer wapen(s) van categorie III, te weten

- een revolver (BBM Olympic 6, kaliber .22) (IBN A.03.01.001) en/of

- onderdelen van een patroonmagazijn van het merk Zastava, type M57 dan wel

Tokarev, type T-33 (IBN A.05.01.001), zijnde een vuurwapen en/of een onderdeel van een vuurwapen, en/of

munitie van categorie III, te weten

- in totaal 936 stuks, althans een grote hoeveelheid, scherpe patronen/kogels, te weten 52 stuks in een doos met opschrift 'Digitenne' (IBN A.02.01.002) en 884 stuks in een rugzak met opschrift 'Olé' (IBN A.03.01.001A), voorhanden heeft gehad;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

3.

hij op of omstreeks 27 februari 2018 te Nijmegen opzettelijk heeft geteeld

en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig

heeft gehad (in een pand aan [adres] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 34, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs 1

Feit 1

De feiten

Op grond van de bewijsmiddelen wordt het volgende, dat verder ook niet ter discussie staat, vastgesteld.

Op 20 november 2017 heeft verdachte aan een pseudokoper, A-4088, te Nijmegen, voor

een bedrag van € 4.050,- de volgende wapens en munitie verkocht:

 Een machinepistool, merk IMI, type Uzi, kaliber 9x19 mm met een bijbehorend patroonmagazijn. Dit betreffen vuurwapens als bedoeld in categorie II onder 2 van de Wet wapens en munitie.

 Een pistool, merk Zastava, type M57, kaliber 7.62 x 25 mm. Dit betreft een vuurwapen als bedoeld in categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

 50 stuks munitie, type volmantel van het kaliber 9x19 mm.

 49 stuks munitie, type volmantel van het kaliber 9mm.

 81 stuks munitie, type volmantel van het kaliber 7.62 x 25 mm.

Alle munitie valt onder categorie III van de Wet wapens en munitie.2

Op 12 december 2017 heeft verdachte aan een pseudokoper, A-4088, te Nijmegen, voor een bedrag van € 350,- het volgende wapen en de volgende munitie verkocht:

 Een revolver, merk Umarex, type Little Joe en kaliber .22 Lr. Dit betreft een vuurwapen als bedoeld in categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

 50 kogelpatronen van het kaliber .22. Dit betreft munitie als bedoeld in categorie III van de Wet wapens en munitie.3

Op 9 februari 2018 heeft verdachte aan een pseudokoper, A-4103, te Nijmegen, voor een bedrag van € 850,- een gedemonteerd wapen verkocht. Dit betrof een pistool van het merk CZ, type 100, kaliber 9x19 mm, hetgeen een vuurwapen is in de zin van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.4

Op 16 februari 2018 heeft verdachte aan een pseudokoper, A-4103, te Nijmegen, voor een bedrag van € 4.000,-, de volgende wapens en munitie verkocht:

 Een pistool van het merk Zastava, type M57, kaliber 7.62 x 25 mm. Dit betreft een vuurwapen als bedoeld in categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie.

 Een machinepistool merk CZ, type Scorpion, kaliber 7.65 mm, met bijbehorend patroonmagazijn. Dit betreffen vuurwapens als bedoeld in categorie II onder 2 van de Wet wapens en munitie.

 150 stuks munitie, type volmantel, kaliber 7.65 mm.

 50 stuks munitie, type volmantel van het kaliber 7.62 x 25 mm.

 50 stuks munitie, type volmantel van het kaliber 7.62 mm Nagant.

 25 stuks kogelpatronen kaliber 7.62 x 25 Tokarev.

Alle munitie valt onder categorie III van de Wet wapens en munitie.5

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich over de gehele ten laste gelegde periode meermalen schuldig heeft gemaakt aan de handel in wapens en munitie en dat hij hier een beroep en gewoonte van heeft gemaakt.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat slechts kan worden bewezen dat verdachte een paar keer wapens en munitie heeft verkocht. Bewezen kan worden dat verdachte wapens en munitie aan onder anderen de pseudokoper heeft verkocht. Deze wapens betroffen de eigen wapenverzameling van verdachte, die hij al eerder, in 2016, aan anderen had verkocht. Deze personen wilden de wapens vervolgens weer aan hem kwijt en dus moest hij op zoek naar andere kopers, hetgeen hem lukte. Voor grootschalige wapenhandel, ofwel handel waarvan verdachte een gewoonte of beroep heeft gemaakt, is volgens de verdediging onvoldoende bewijs. Hierbij heeft de verdediging naar voren gebracht dat verdachte weliswaar tegenover de pseudokoper heeft verklaard dat hij op grote schaal in wapens en munitie handelde, maar dat dit grootspraak was. Daarnaast wordt een groot deel van zijn verklaringen hierover niet bevestigd en soms zelfs tegengesproken door andere bewijsmiddelen. Verder heeft de verdediging gesteld dat in de tapgesprekken in veel gevallen niet in versluierde taal over wapens en munitie wordt gesproken, maar daadwerkelijk over de goederen die werden genoemd. Ook blijkt volgens de verdediging uit de houding en handelingen van [verdachte] niet dat hij de wil heeft gehad om stelselmatig te handelen uit winstbejag of om in zijn onderhoud te voorzien. Tot slot heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat verdachte de wapens alleen verkocht heeft en er daarom geen sprake is van handelen samen met anderen.

Beoordeling door de rechtbank

Zoals onder het kopje ‘feiten’ is omschreven heeft verdachte bekend dat hij meermalen wapens en munitie heeft verkocht aan een pseudokoper. Daarnaast heeft verdachte ter zitting verklaard dat hij voor die tijd ook een aantal keer wapens en munitie heeft verkocht.6 Volgens verdachte ging het bij die eerdere verkopen om dezelfde wapens als die hij later aan de pseudokoper heeft verkocht, en wilden de eerdere kopers weer van de wapens af. Het betrof wapens die oorspronkelijk uit de persoonlijke verzameling van verdachte kwamen en waar hij wegens geldgebrek vanaf wilde. Verdachte ontkent dat hij heeft gehandeld in andere wapens dan deze.

De vraag die de rechtbank dan ook dient te beantwoorden is of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan veelvuldige handel in wapens en munitie en of verdachte daarmee van deze handel een beroep en/of gewoonte heeft gemaakt.

Betrouwbaarheid verklaringen verdachte tegenover de pseudokoper

Verdachte heeft tegenover de pseudokoper verschillende dingen verteld over zijn handel in wapens. Verdachte heeft hierover ter zitting verklaard dat hij die dingen inderdaad heeft verteld, maar dat veel hiervan grootspraak was en niet waar is. De rechtbank is van oordeel dat de verklaringen van verdachte tegenover de pseudokoper wél als betrouwbaar kunnen worden gezien omdat de verklaringen op vele punten worden bevestigd door andere bewijsmiddelen. Dit volgt met name uit het ‘proces-verbaal van bevindingen WOD pv’, waarin de politie heeft onderzocht of de verklaringen van verdachte verifieerbaar waren.7 Onder andere zijn de volgende door verdachte afgelegde verklaringen bevestigd door andere bewijsmiddelen:

 Verdachte heeft verklaard dat hij twee wiethokjes had, waarvan één samen met zijn vriendin [naam 1] . Deze verklaring is bevestigd doordat tijdens de doorzoeking op 27 februari 2018 in de woning van verdachte een in werking zijnde hennepkwekerij is aangetroffen en in de woning van [naam 1] resten van een hennepkwekerij.

 Verdachte heeft verklaard dat hij in 1995 in Duitsland betrokken was bij een verkeersongeval waarbij hij na een achtervolging door de politie met een gestolen auto op een motoragent is ingereden. Uit onderzoek volgt dat iemand die was gevlucht na een auto-inbraak inderdaad in 1995 in Duitsland is ingereden op een motoragent.

 Verdachte heeft verklaard dat zijn dochter en schoonzoon zijn aangehouden toen ze wiet hadden geoogst en dit naar de afnemer wilde brengen. Vervolgens zijn in hun auto speed en twee vuurwapens aangetroffen. Daarnaast had zijn schoonzoon nog een geldbedrag van € 8.000,- in de auto liggen. Na onderzoek bleek dat de schoonzoon van verdachte, [medeverdachte 1] , inderdaad is aangehouden, en hij hierbij onder meer in het bezit was van een grote hoeveelheid hennepgruis, een pistool en een grote hoeveelheid geld. Ook is er later nog een wapen in beslag genomen dat in de kamer van de dochter van verdachte werd gevonden.

 Verdachte heeft verklaard dat zijn schoonzoon een keer in Nijmegen een magazijn op een rolluik heeft leeggeschoten, omdat een man een schuld niet had betaald. Uit het politiesysteem volgt dat er op 31 januari 2015 aangifte is gedaan van het (bij de DRE Nijmegen onder de naam 08 [naam 2] bekende) feit dat er op een rolluik van een woning was geschoten.

 Verdachte heeft op 9 februari 2018 verklaard dat de pseudokoper zijn maatje [medeverdachte 4] net had gemist. Uit een observatie van diezelfde dag volgt dat medeverdachte [medeverdachte 2] die dag bij verdachte is langs geweest vlak voordat de pseudokoper er was.

 Verdachte heeft een grote hoeveelheid geld, naar eigen zeggen € 10.000,-, en een wapen getoond. Van het wapen zou hij hebben verklaard dat het zijn persoonlijke wapen is. Bij de doorzoeking van de woning van verdachte op 27 februari 2018 werd een vuurwapen en een geldbedrag van € 8.000,- aangetroffen.

Voorts worden de verklaringen van verdachte op een aantal punten bevestigd door verschillende tapgesprekken, waarop de rechtbank verderop in het vonnis nader zal ingaan. De rechtbank overweegt dat het feit dat de politie een deel van de verklaringen van verdachte niet heeft kunnen bevestigen, niet hoeft te betekenen dat de verklaringen op deze punten niet juist zijn. Daarnaast wil de rechtbank wel aannemen dat een aantal details in de verklaringen van verdachte niet klopt en door verdachte zijn overdreven. Op hoofdlijnen acht de rechtbank de verklaringen die verdachte tegenover de pseudokoper heeft afgelegd echter betrouwbaar en zij gaat er dan ook vanuit dat deze verklaringen op hoofdlijnen in overeenstemming zijn met de werkelijkheid.

Processen-verbaal pseudokoper

Verdachte heeft op 20 november 2017 tegenover de pseudokoper verklaard dat hij veel wapens en munitie kocht en verkocht. Met het geld dat hij daarmee verdient deden ze alle extra’s. Op dit moment verkocht hij vooral veel Tokarev 7.62 mm pistolen, maar hij had ook Uzi’s en Scorpion automatische wapens in bezit. Verdachte heeft gezegd dat de pseudokoper het maar moest aangeven als hij een wapen van hem wilde kopen.8

Op 21 november 2017 heeft verdachte verklaard dat hij die dag twee revolvers type snotneus binnen zou krijgen. Dat zijn revolvers met een korte loop.9

Op 29 november 2017 heeft verdachte verklaard dat hij de afgelopen week meerdere wapens heeft verkocht aan vier afnemers in Nederland. Hijzelf neemt minimaal tien wapens per week af. Verdachte heeft aangegeven dat hij pistolen, Uzi’s en Scorpions doet.10

Op 5 december 2017 heeft verdachte verklaard dat hij voor de kerst nog één levering op ging halen met vier Tokarev pistolen, twee Magnum 3.57 revolvers en twee Scorpions. Verdachte slaat de wapens bij een maat van hem op en heeft ze alleen thuis liggen als er een concrete afspraak is.11 Dit laatste wordt bevestigd door zijn vriendin [naam 1] , die tegenover een andere politie-infiltrant heeft verklaard dat verdachte steeds een stuk of vijf vuurwapens in huis had die hij direct weer doorverkocht.12

Op 12 december 2017 heeft verdachte verklaard dat zijn wapens en munitie bij een bevriend gezin liggen. Daarnaast heeft hij verklaard dat hij een druk weekend had gehad. Hij heeft een aantal wapens gekregen die hij ook direct weer had doorverkocht. Hij had nog twee wapens liggen waarvan hij er één, een .22 revolver, kon verkopen aan de pseudokoper en de andere wilde bewaren voor zijn verzameling.13 De revolver die verdachte uiteindelijk heeft verkocht aan de pseudokoper, bleek een revolver van het type Little Joe te zijn.14 De rechtbank acht bewezen dat verdachte dat weekend en op 11 december 2017 meerdere wapens, waaronder vier revolvers van het merk Little Joe, heeft opgehaald en leidt dat naast deze verklaring van verdachte tegenover de pseudokoper af uit de volgende bewijsmiddelen.

 Een telefoongesprek dat tussen verdachte en [medeverdachte 2] is gevoerd op 11 december 2017 om 14:52 uur:

“N: kom je effe bij mijn effe bij de loods effe die remblokken kijken van mijn auto

T: uhhh ja, is het een beetje te rijden (…) ja oke luister bij mijn loods?

(…)

N: Nee kom dan maar eerst effe kijken bij mij als de remblokken goed zijn dan kan je daar effe kijken want anders blijf ik op en neer aan het rijden met die blokken versleten.” 15

De rechtbank leidt uit het dossier af dat indien gesproken wordt over auto-onderdelen dit versluierd taalgebruik is voor wapens en munitie. Hierop zal de rechtbank hierna onder het kopje tapgesprekken nader ingaan.

 Uit de peilbakengegevens van de Audi van verdachte volgt dat verdachte op
11 december 2017 naar Malden is gereden. Omstreeks 15:11 uur is hij het industrieterrein De Hoge Brug in Malden opgereden. Tussen 15:13:38 en 15:14:31 uur stond de Audi daar stil. Vervolgens is hij naar het industrieterrein aan de Sluisweg gereden en heeft hij daar van 15:24:22 tot 15:28:36 uur stil gestaan. De rechtbank overweegt dat uit de website Google Maps volgt dat de Sluisweg een zijweg is van de Schutkolk, aan welke straat in Heumen [medeverdachte 2] een loods heeft.16 De rechtbank heeft dan ook, gelet op het eerdere telefoongesprek tussen verdachte en [medeverdachte 2] , de overtuiging dat verdachte naar de loods van [medeverdachte 2] is geweest. Omstreeks 15:54 uur heeft verdachte zijn auto voor zijn eigen woning geparkeerd.

Verdachte heeft diezelfde dag op meerdere tijdstippen met zijn vriendin [naam 1] gebeld.

16:13 uur.

“T: Ik ben eventjes de boel op orde aan het maken (…) Ik heb ook Little Jo hahahaha (…) ook een paar meegenomen ja toch?”

17:55 uur.

“T: Toen ben ik naar die jong geweest. heb het een en ander gedaan voor hem en wat dingen geregeld. Bezig geweest. De helft is al weer weg. Dus dat is mooi.”

19:53 uur.

“T: (…) Ik was naar hem geweest (…) Eerst spreek ik hem af in Malden. (…) Sta ik daar te wachten, zegt hij je moet naar mijn loods komen. Moest ik helemaal de andere kant weer rijden. (…) dus ik kom thuis he he vier van die kleine dingetjes helemaal nieuw. Dus heb ik 2. 2 weggebracht. En la maar zeggen dat he ander. ander dingetje. Zo’n klein MP3 spelertje ook gelijk weggedouwd. Heb ik nog zo’n grote en twee van die hele kleintjes over.” 17

Verdachte heeft verklaard dat hij het in het gesprek met [naam 1] inderdaad over een Little Joe revolver had.18

Naar het oordeel van de rechtbank volgt uit voornoemde verklaring van verdachte, de tapgesprekken en de peilbakengegevens dat verdachte op 11 december 2017 meerdere wapens, waaronder revolvers van het type Little Joe bij [medeverdachte 2] , heeft opgehaald. Vervolgens heeft hij een deel daarvan dezelfde dag verkocht, en één revolver de volgende dag aan de pseudokoper.

Op 24 januari 2018 heeft verdachte tegenover een andere pseudokoper, A-4089, verklaard dat hij meerdere vuurwapens per week verkocht en een marge van € 200,- als winst hanteerde.19 Op 26 januari 2018 heeft verdachte tegenover de pseudokoper, A-4088, verklaard dat hij momenteel nog maar via één contact aan wapens kon komen, maar dit telkens maar om drie tot vijf stuks ging. Verdachte had twee snotneuzen (korte revolvers) en een shotgun van het merk Mossberg gekocht, die hij inmiddels weer heeft doorverkocht.20

Op 7 februari 2018 heeft de pseudokoper gezien dat verdachte wordt gebeld. Er vindt een gesprek plaats en verdachte geeft in dit gesprek aan dat hij het spul heeft en dat hij kan langskomen. Verdachte heeft vervolgens tegenover de pseudokoper verklaard dat deze jongen veertig dozen munitie moest hebben, dat verdachte deze voor hem had en dat de jongen dit zou komen ophalen.21

Op 9 februari 2018 heeft verdachte onderdelen van een pistool aan de pseudokoper laten zien, en heeft de pseudokoper deze onderdelen uiteindelijk gekocht. Deze onderdelen waren afkomstig van zijn maatje [medeverdachte 4] , die net langs was geweest.22 Uit een observatie van [medeverdachte 2] volgt dat hij op 9 februari 2018 om 12:20 uur bij verdachte naar binnen is gegaan met iets in zijn handen. Om 12:32 uur is hij weggegaan zonder iets in zijn handen. Om 12:55 uur gaat een onbekend persoon (de rechtbank neemt aan de pseudokoper) bij verdachte naar binnen.23

Op 16 februari 2018 heeft verdachte verklaard dat hij revolvers van het type Little Joe had besteld en dat deze er aan kwamen. Hij had vervolgens met iemand contact over deze revolvers via de applicatie Wickr. Daarnaast heeft verdachte verklaard dat [medeverdachte 3] uit Beuningen hem gisteren nog drie kilo kruit had verkocht die verdachte weer had doorverkocht. Verder heeft verdachte aan de pseudokoper laten zien dat hij een plastic tas heeft waar heel veel doosjes met patronen van verschillende kalibers in zitten.24

Op 20 februari 2018 heeft verdachte aan de pseudokoper verklaard dat hij 20 doosjes met 25 stuks stalen munitie voor een Scorpion heeft gekocht en dat hij al 8 van deze doosjes kwijt is.25

Tapgesprekken

Niet alleen uit de verklaringen die verdachte tegenover de pseudokoper heeft afgelegd, maar ook uit verschillende tapgesprekken volgt naar het oordeel van de rechtbank dat verdachte meer heeft gehandeld in wapens en munitie dan hij ter terechtzitting heeft verklaard. Hieromtrent overweegt de rechtbank eerst als volgt.

Het dossier bevat verschillende tapgesprekken die over verscheidene onderwerpen lijken te gaan waaronder kleintjes, tokkiepakken, uitlaten, slippers en filmpjes. De rechtbank heeft de overtuiging dat hier telkens in versluierd taalgebruik over wapens of munitie wordt gesproken. Hierbij hecht de rechtbank allereerst waarde aan het feit dat een aantal benamingen voor wapens ook daadwerkelijk wordt genoemd in de tapgesprekken. Zo heeft verdachte eens drie sms‑berichten achter elkaar gestuurd met de letters U Z I,26 heeft hij in een gesprek dat over een wieldoppenset leek te gaan de naam Bernadelli genoemd,27 hetgeen een merk van vuurwapens is,28 en heeft hij in een gesprek met [naam 1] gesproken over een Little Joe, wat een type wapen is.29 Ten tweede acht de rechtbank de verklaring van verdachte tegenover de pseudokoper van belang. Hij heeft verklaard dat hij een crypto telefoon heeft en dat hij over zijn andere telefoon in code spreekt. Ook heeft hij aangegeven dat hij over de telefoon altijd over auto-onderdelen spreekt en nooit over wapens. Met mensen waar hij echt auto’s voor repareert spreekt hij nooit over de telefoon over onderdelen.30 Dat verdachte gebruik maakt van een crypto telefoon wordt bevestigd door de waarneming van de pseudokoper zelf. Hij heeft namelijk meermalen gezien dat verdachte gebruik maakt van de applicatie Wickr, waarmee crypto-berichten kunnen worden gestuurd.31 Ten derde blijkt uit meerdere bewijsmiddelen dat verdachte ook ander versluierd taalgebruik bezigt dan auto-onderdelen. Zo heeft hij verklaard dat hij met de benaming ‘snelle jelle’ doelt op een automatisch vuurwapen.32 Daarnaast heeft verdachte nadat hij voor € 350,- een wapen van het type Little Joe aan de pseudokoper heeft verkocht, in een telefoongesprek tegen [naam 1] gezegd: “zo’n kleintje heb ik aan hem verkocht voor 3,5 (…) 3,5 honderd voor zo’n klein dingetje’.33 De rechtbank heeft de overtuiging dat hij met dit ‘kleintje’ heeft gedoeld op een vuurwapen van het type Little Joe. Verder heeft [medeverdachte 4] verklaard dat hij telefonisch met verdachte over wapens sprak en dat met woorden als ‘accuboormachine’ en ‘afgekeurde fiets’ wapens werden bedoeld, en met woorden als ‘spiegels’ en ‘vishengels’ munitie.34 Ten vierde overweegt de rechtbank met betrekking tot munitie dat er in de gesprekken verschillende cijfers worden genoemd, die een aanduiding kunnen zijn voor het kaliber. Zo is 357 een kaliberaanduiding35 en is 9mm kaliber een gangbare munitie die wordt geleverd met een open punt van de kogel (hollow point munitie),36 waarbij verdachte en [medeverdachte 3] naar de open punt kunnen hebben verwezen door te spreken over onder meer ‘en dan krijg je die maat 9 nog met die open slippers’ (zie het hierna te noemen tapgesprek van 4 juli 2017).

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank niet aannemelijk dat in plaats van over wapens en munitie in versluierd taalgebruik over drugs werd gesproken. Ook passen bepaalde bewoordingen zoals ‘dingetje’ en ‘hem’ en de prijzen die verdachte voor de goederen noemt niet bij drugs.

De rechtbank heeft van de relevante tapgesprekken een selectie gemaakt. Hierbij overweegt de rechtbank nog dat verdachte ter zitting desgevraagd heeft bevestigd dat hij degene is die deze telefoongesprekken heeft gevoerd.37

In de periode van 2 juli 2017 tot en met 6 juli 2017 hebben verdachte (T) en [medeverdachte 3] (W) meermalen telefonisch contact gehad.38 Onder andere zijn de volgende gesprekken gevoerd:

Op 4 juli 2017.

“T: had die kameraad nog werkschoenen maat 40

W: uhhh die ken ik zo meebrengen dan ja

(…)

T: oke luister, uhum doe maar sowieso, doe maar, doe maar sowieso een keer

W: die van 40, maat 40

T: ja, ja maat 40 doe die die die maar sowieso

W: en dan krijg je die maat 9 nog met die open slippers

(…)

W: en die andere moest je ook twee doosjes van hebben

T: welke?

W: die aparte, met die verrekte neuzen erin

T: uhum, nee heb ik nog 7 van liggen

W: Nee die lange moest je hebben

T: die lange, die lange bedoel je (…) ken je eraan komen dan gewoon 100 losse

W: Ja dan ik 400 (onverstaanbaar) brengen

T: Uhum effe kijken, dan ga ik hem eerst eventjes die jongen effe bellen” 39

Op 5 juli 2017.

“T: ja met mij, he heb je toevallig misschien ook nog uhm een stuk of 20 van die uhhh, van die maggie

W: ik breng vanavond wel het een en ander mee

T: ja is goed, om vijf uur he

W: om vijf uur ja maar zijn die van dezelfde maat?

T: Welk, ja, ja luister wat ik bestel sowieso maar die uhh eindigt , eindigt op 7, 357. Heb je die ook 20 stuks.

W: Die heb ik ook ja.” 40

Op 5 juli 2017 om 16:27:37 uur.

“W: luister eens jij moest één paar slippers hebben 7 op het eind he

(…)

T: ik ben onderweg daarheen

W: o nou, dan kom ik nou ook die kant op 41

Bij een observatie zien verbalisanten op 5 juli 2017 omstreeks 16:52 uur de Ford van [medeverdachte 3] (kenteken [kenteken 1] ) de parkeerplaats van de McDonalds in Beuningen op komen rijden. Ze herkennen de bestuurder als [medeverdachte 3] en de bijrijder als verdachte. De auto werd geparkeerd naast een Audi (kenteken [kenteken 2] ), die op naam staat van verdachte. In deze auto zat op dat moment niemand. Vervolgens is verdachte uit de Ford gestapt met een plastic tas van Albert Heijn, die aan de bovenzijde dichtgevouwen is en voor ongeveer een kwart gevuld. Verdachte is uiteindelijk in de Audi gestapt, en beide auto’s zijn weggereden.42

Op 21 en 22 november 2017 hebben verdachte en [medeverdachte 3] ook meerdere telefoongesprekken gevoerd.43 Zij hebben onder meer de volgende gesprekken gevoerd, beide op 21 november 2017:

“W: Oooo dan hobbel ik effe wel langs (…) moet ik uhhh

T: ja neem effe die DVD’s mee, ja. Effe kijken, voor, voor laten we maar zeggen voor een 19 jarige dat snap je wel denk ik? Een 19 jarige?

W: ja

T: En dan uhh die van al die ijscootjes met dat chocolade eromheen, die ook

W: die kleintjes

T: nee die grote” 44

“T: (…) Hé lui…is het misschien mogelijk uh da’k dat ik richting jou ophaal vanavond. Lukt dat of niet meer?

W: dat ik nog naar jou toe kom?

T: Ja, of ik naar jou, maakt ook niet uit..je mag ook naar mij komen. Misschien da’k ze straks kwijt ben en dan zijn ze compleet….(…)

W: Morgenvroeg (…) Die slippers van maat negen (9) moest je ook hebben?

T: ja één keer ja en dan die, die, die grote, drie vijf “zeef” (357)

W: ja, nee is goed” 45

Verdachte heeft verklaard dat hij weleens munitie heeft gekocht van een man uit Beuningen en dat hij die munitie toen weer heeft doorverkocht.46 [medeverdachte 3] woonde in Beuningen.47 De rechtbank heeft gelet op deze verklaring en de inhoud van de tapgesprekken dan ook de overtuiging dat verdachte telkens munitie bij [medeverdachte 3] heeft gekocht die hij grotendeels weer heeft doorverkocht.

De schoonzoon van verdachte, [medeverdachte 1] (S of NNM0769), maakt gebruik van verschillende telefoonnummers.48 Verdachte (T) heeft met Bounjouai onder meer de volgende gesprekken gevoerd:

Op 22 maart 2017.

“T: Dus voor 6 tientjes heb. Heb ik morgen denk ik al. Dat is probleem niet. (…) Maar dan moet. Moet je wel heel zeker weten. Want anders ligt het er weer. Ligt. Ligt die ene grote van jou ligt er nog en dan liggen er nog 5, 6 dingetjes van mij. Daar kom ik wel vanaf. Dat is allemaal gangbaar spul. Maar voor dit komen niet zoveel mensen. Omdat ik met die andere maten zit, snap je.

S: Ja. Je hebt korte en lange. Dat zijn lange die je nu gaat bestellen he?

T: Ja, gewoon de normale (…) ja, bestellen?

S: Ja

T: Oké top.” 49

11 april 2017.

“NNM0769: heeee je he je leuke filmpjes deze week

[verdachte] : Ik heb nog eentje, nog 1 kleine en die ga ik om 16 uur wegbrengen en dan is het op

NNM0769: dus ehh op is op kom niks nieuws meer

[verdachte] : Ja luister, kijk moet er nog alleen zijn , dat zijn die kleinere modellen en laat maar zeggen die ehh die caroussels die rollen (…) die ene die kleinere kan ik altijd halen, die zijn er nog sowieso (…) maar ik heb, die andere, die die ehhhh die trainingspakken laat maar zeggen”. 50

5 mei 2017.

“T: (…) Ik heb het ook nou stervens druk hier. (…) ja ik heb alles, alles loopt weer (…) gisteren ben ik de hele dag wezen rijden met dat spul. Want ik heb dan uhhh. Ik heb die kleintjes uhh, kleintjes heb ik opgehaald en heb ik er dan nog gisteren 3 van opgehaald heb ik er nog eentje van. En had dan toevallig en ik heb een zo’n Tokkapak, Tokkiepak (…) als jij wilt hebben mag je hem gewoon voor 12 meiertjes hebben.” 51

8 mei 2017.

“T: (…) Ik heb 4 van die kleintjes (…) ja 4 wel allemaal goedje ram ram nieuw. Echt hele mooie (…) die andere verwacht ik ook elk ogenblik maar weet je wat het is uhhmm. Hij laat die andere die die die sloeberpakjes, die tokkiepakken. (…) die laat ie pas komen als.de lossen onderdeeltjes ervoor heeft snap je?” 52

12 september 2017.

“S. vraagt of T wat heeft liggen. [verdachte] zegt dat er de afgelopen week niets ontvangen is. (…)

T: (…) het ligt allemaal klaar maar ze hebben niemand die het, die het wilt brengen (…) ja in principe heb ik gezegd vier van die, vier van die en van dat andere snelle Jelle mag er een twee bij en van die rollen mag er een twee bij. 9 mag erbij en mijn standaard spullen die ik besteld heb. Want daar ben ik er in principe al ja vier, vijf van kwijt. Ik heb vanmorgen nog contact gehad met een andere jongen en die zei ook als je die hebt en die hebt wil ik er allebei wel eentje hebben. Dus in principe wat ik besteld heb, die 4, 4 ben ik er in principe met jou erbij en die andere jongens ben ik er 6 kwijt snap je? (…) Ja want het gaat om een kleine 100 dingen he. Je praat over een ton he.” 53

Met [medeverdachte 4] (nnm) heeft verdachte (T, [verdachte] ) onder meer de volgende gesprekken gevoerd:

16 juni 2017.

“ [verdachte] vraagt of nnm een accuboormachine moest hebben.

NNm zegt ja

[verdachte] zegt dat hij die type’s weer heeft.(…)

[verdachte] zegt dat als ze voor een hondertje of 8 kunnen pakken dat ding dan kan NNm het voor een rooitje. [verdachte] zegt dat hij dan dan een meier winst heeft.” 54

[medeverdachte 4] heeft over dit gesprek verklaard dat ze hebben gesproken over een wapen dat [medeverdachte 4] moest verkopen.55

24 juni 2017.

“NNm0186 vraagt of [verdachte] nog spiegels heeft liggen. 4 dumers(fon), die lange (…)

[verdachte] zegt dat hij die 665 nog klein beetje heeft liggen. (…)

NNm0186 zegt dat dat goed is en zegt dat hij ze morgen komt halen.” 56

[medeverdachte 4] heeft over dit gesprek verklaard dat vier dumers volgens hem vier duimen betekent en de grootte van de munitie aangaf. De lange zijn 9mm.57

12 oktober 2017.

“D: Uhh ha je nog nieuws of niet, want dr is haast

(..)

T: Ik heb uhhh ik heb 3,5 week geleden voor het laatst uhhhh, ja voor het laatst uhh het hele riedeltje opgehaald, ja dat is allemaal de deur uit.” 58

29 oktober 2017.

“T: ik heb gewoon liefst dat jij zegt van nou ik heb hier iemand zitten of in Venlo en luister die heeft er een stuk 5 of 10 liggen (…) dan ga ik ze opkomen (…) Kijk maar ik wil gewoon laat maar zeggen van die handzame dingetjes hebben weet je, gewoon zo’n beetje tussen den 900 en 12.5. 3,4 door elkaar. 50 (onverstaanbaar) en de volgende dag al het twee dagen later, dingen weg zijn weer 5 zo doe ik dat altijd.” 59

Verdachte (T) heeft met een man met het telefoonnummer [telefoonnummer 1] (N/NNV) de volgende telefoongesprekken gevoerd:

27 maart 2017.

“NNV toen had je dat doppen doosje bij je, zou je die misschien eventueel twee kunnen leveren of niet

[verdachte] zegt dat hij op spullekes zit te wachten, afgelopen weken heeft hij zat gehad. Dat is allemaal al weg. Dat waren allemaal die grotere. En van die snelle doos, van die snelle ratelaars.” 60

31 maart 2017, 10:47 uur.

“N: Hee, luister eens jongen uh..ik moet zo’n vrachtwagendoppendoos hebben.

T: Oke, ja luister uh…om vijf (5) uur ga ik er heen en om uh..half zeven (18:30 uur) weet ik meer.” 61

Op dezelfde dag wordt om 14:07 uur door verdachte het volgende sms-bericht verstuurd:

“Heb een mooie kleine doppen set.nieuwste 2 kleurig .titanium /zwart.” 62

Om 17:03 uur stuurt NNV het volgende sms-bericht:

“Wel intresen intresen in die kleinen.” 63

Om 17:23 uur vindt er nogmaals een telefoongesprek plaats tussen verdachte en NNV:

“nnm vraagt of [verdachte] morgen naar hem kan komen. [verdachte] vraagt of hij in de loop van de ochtend thuis is. Nnm zegt voor 12 uur. [verdachte] vraagt of hij zijn adres wil smsen.” 64

4 april 2017, 19:13 uur.

“T: (…) weet je nog een tijdje terug die doppenset die twee kleurige (…) iets vergelijkbaars, ook een Italiaanse

N: ja daar heb ik wel interesse in (…) Dan kom ik morgen even langs (…)

T: (…) en is echt een heel leuk dingetje. Tweekleurig, lichtgewicht

N: is goed, is die zo goed als nieuw

T: Ja gewoon zo goed als nieuw, echt mooi.” 65

Om 19:56 uur stuurt verdachte het volgende bericht naar N.

“Bernadelli Italiaans. Zelfde kwaliteit.” 66

Op 9 mei 2017 heeft verdachte een gesprek met een man met het telefoonnummer [telefoonnummer 2].

“T: Oke. He luister. Ik ben terug. Ik heb weer partijtje. (…) Heb je morgen tijd?

Nnm: Ja. Ik denk het wel. (…)

T: Oke. Luister. Het zijn drie (3) stuks. (…)

Nnm: Drie (3) kleintjes

T: Drie kleine. Dan weet je voldoende toch?” 67

Op 5 juli 2017 heeft verdachte wederom een gesprek met de man met het telefoonnummer [telefoonnummer 2] .

“NNM (…) heb je die CZ nog

[verdachte] jazeker luister ik heb ook nog een toka” 68

Op 28 augustus 2017 stuurt verdachte het volgende sms-bericht naar telefoonnummer [telefoonnummer 3] :

“Cz Scorpion (LF) 2 magazijn 10/20 schots (LF) Vol doosje van 50 erbij.” 69 , “€ 1850” 70 en “Yo .intresse erin.”71 Verdachte ontvangt vervolgens van nummer [telefoonnummer 3] een bericht: “ja zeker ik meld morgen ochtend vroeg”72. Verdachte heeft hierop met het volgende sms-bericht geantwoord: “oke. Dan zeg ik onder voor behoud die jongen mrg middag af”73

Op 25 september 2017 heeft verdachte het volgende sms-bericht naar [telefoonnummer 3] gestuurd:

“Origineel kaliber 12 kort jacht geweer.super mooi ding.met veel munitie” 74

Op 30 september 2017 heeft verdachte het volgende sms-bericht van [telefoonnummer 3] ontvangen:

“he maat iemand van mij heeft boontjesnodig wat jij in die apparaat zet en er uit knalt.” 75

Op 2 oktober 2017 heeft verdachte het volgende sms-bericht naar [telefoonnummer 3] gestuurd:

“Oke.want ik had heel veel munitie gekocht. Is bijna op.” 76

Op 17 november 2017 heeft verdachte de volgende sms-berichten naar [telefoonnummer 3] gestuurd:

“Ken je wat met een snelle rakker” 77en “U”78, “Z”79en “I”80. Hierop heeft verdachte het volgende bericht van [telefoonnummer 3] ontvangen: “ja laat jou zo weten hoe duur”81

Op 19 november 2017 heeft verdachte van [telefoonnummer 3] het volgende bericht ontvangen: “welke is er nog?”82 Hierop heeft verdachte geantwoord: “.snelle”.83

[verdachte] en zijn vriendin [naam 1] hebben onder meer de volgende gesprekken gevoerd:

8 juni 2017.

“de jongens pakken mij om 8 uur op. Dan ga ik daar maar eens effetjes effe neuzen ja dat is wel niet geen echt nieuw gereedschap maar wel uhhh ja wel allemaal (…) gebruikt maar wel allemaal goed gereedschap en merk snap je. Dus echt merk en goed gereedschap, dus dan ga ik kijken of er iets bijzit, ja (…) want ik moet toch zorgen dat ik een beetje gereedschap krijg (…) want ik heb een paar jongens die bellen mij elke keer gek.” 84

28 juni 2017.

“ [verdachte] : Ik heb hij al heel veel van dat soort shit liggen en niemand komt het ophalen. (...)

[naam 1] : jajaja patje pitamientje

[verdachte] : ja da hek 5 doosjes voor gehaald, maar uhhhh krijg nog geen bericht, vanmorgen weer bericht gestuurd bij jou thuis maar krijg niks terug en uhhh die andere voor die speciale muni.. muni speciale dinge.” 85

30 juni 2017.

“ [naam 1] : (…) die ene jongen is hier, ene jongen met dat petje op uit Arnhem

[verdachte] : Ja oke, ben je bij mij thuis

[naam 1] : ja

(…)

[verdachte] : In 1 tas zitten 5 doosjes (…) in een doos zitten 5 doosjes groen met rood (…) Ja die doosjes, die moet je hem geven en 300 afpakken.

[naam 1] : effe kijke 12345 doosjes, 12345 doosjes, 5

[verdachte] : ja, staat daar 9maal 19 op? (…)

[naam 1] : 9 keer 19, groen met rood” 86

Verbalisant heeft in google de zoekvraag ‘doosje 9x19’ ingevoerd. Uit deze zoekvraag waren bij de afbeeldingen meerdere doosjes munitie te zien, waaronder een aantal doosjes in de kleuren rood en groen.87

2 juli 2017.

“ [verdachte] zegt (…) Petje pietamientje is geweest en heeft die twee doosjes meegenomen voor 130 euro.” 88

Verdachte heeft bij de politie verklaard dat hij een aantal keren een wapen heeft gekocht en verkocht. Hij kon aan de wapens CZ 7.65 en CZ 7.62 komen, had weleens alarmpistolen van het type Little Joe en heeft weleens een Uzi en een Scorpio 7.65 gekocht en verkocht.89

Uit voornoemde tapgesprekken in combinatie met hetgeen verdachte tegen de pseudokoper heeft gezegd volgt naar het oordeel van de rechtbank dat verdachte veelvuldig in wapens en munitie heeft gehandeld. Dit leidt de rechtbank allereerst af uit de vele gesprekken die hij over wapens heeft gevoerd met verschillende personen, waarin verdachte wapens of munitie heeft aangeboden (zoals ook de gesprekken met de pseudokoper) of wapens of munitie heeft willen kopen dan wel waarin anderen aan verdachte vroegen of hij nog wapens of munitie had. Verdachte heeft hierover op zitting verklaard dat hij vier wapens van zijn persoonlijke verzameling kwijt wilde waarvoor hij bij verschillende mensen heeft zitten leuren. Toen hij ze eenmaal kwijt was, bleven de mensen om wapens en munitie vragen. Ook wilden de mensen waar hij zijn persoonlijke verzameling aan had verkocht deze wapens weer kwijt en heeft hij ze teruggenomen, om ze vervolgens weer te verkopen. De rechtbank acht deze verklaring van verdachte niet aannemelijk. Verdachte heeft immers ook wapens en munitie aangeboden in perioden waarin hij volgens zijn eigen verklaring zijn wapens al zou hebben verkocht. Daarnaast heeft verdachte ook wapens aangeboden (bijvoorbeeld van het type Tokarev) die volgens zijn eigen verklaring niet bij zijn persoonlijke verzameling hoorden en komen de aantallen wapens waarover verdachte in de tapgesprekken spreekt niet overeen met de verkoop van ‘slechts’ zijn verzameling wapens. Ook heeft verdachte tegenover de pseudoverkoper verklaard dat hij nooit een wapen terugkoopt, omdat er misschien wel iemand mee is bedreigd of afgebonkt.90

De rechtbank leidt de veelvuldige handel ook nog af uit het feit dat verdachte op verschillende tijdstippen in een aantal telefoongesprekken en aan de pseudokoper heeft verteld dat hij wapens en munitie had gekocht en vervolgens weer verkocht, waarbij het soms over grote aantallen ging. Dat hier telkens sprake was van grootspraak acht de rechtbank niet aannemelijk, nu de uitlatingen van verdachte tegenover de pseudokoper en zijn uitlatingen in de telefoongesprekken elkaar over en weer bevestigen. Zo heeft verdachte op 11 december 2017 tegenover [naam 1] verteld dat hij vier Little Joe’s had gekocht en een deel weer verkocht, en heeft hij de volgende dag tegenover de pseudokoper verklaard dat hij afgelopen weekend een aantal wapens had gekocht en direct weer doorverkocht. Voorts acht de rechtbank het niet aannemelijk dat hij telkens tegenover zijn eigen vriendin heeft opgeschept over zijn wapenhandel. Tekenend voor de veelvuldigheid van zijn handel acht de rechtbank ook dat nadat verdachte en de pseudokoper overeen zijn gekomen dat verdachte een wapen zal leveren, hij dezelfde dag nog twee wapens met bijbehorende munitie weet te regelen. De rechtbank overweegt tot slot dat de verklaring van verdachte ter terechtzitting op vele punten verschilt van zijn verklaring bij de politie. De rechtbank heeft de indruk dat hij op zitting zijn eerdere verklaring heeft proberen af te zwakken. Ook dit maakt zijn verklaring ter terechtzitting ongeloofwaardig.

Periode

Verdachte heeft bij de politie verklaard dat het kopen en verkopen van wapens allemaal ongeveer halverwege 2016 is begonnen.91 De rechtbank acht dan ook bewezen de handel in wapens over de periode van juli 2016 tot aan de aanhouding van verdachte op 27 februari 2018.92 In tegenstelling tot de officier van justitie oordeelt de rechtbank dat onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig is dat verdachte voorafgaand aan juli 2016 al in wapens heeft gehandeld. In het bijzonder overweegt de rechtbank hiertoe dat TCI processen-verbaal niet als bewijs kunnen dienen en dat het feit dat verdachte voor juli 2016 al foto’s van wapens op zijn computer had staan en websites over wapens bezocht, niet zonder meer betekent dat hij toen al in wapens handelde.

Gewoonte en beroep maken

De rechtbank overweegt ten aanzien van het maken van een beroep of gewoonte van de handel in wapens en munitie het volgende. Onder ‘gewoonte’ wordt verstaan de pluraliteit van feiten die niet slechts toevallig op elkaar volgen maar onderling in zeker verband staan. Bij het handelen uit beroep gaat het om de wil om eenzelfde feit stelselmatig te begaan uit winstbejag of om in het onderhoud te voorzien. Waar het kenmerkende van de gewoonte in de herhaling ligt, gaat het bij handelen uit beroep om het oogmerk om te herhalen. De rechtbank overweegt dat verdachte blijkens de voornoemde bewijsmiddelen over een periode van ruim anderhalf jaar meermalen verschillende typen wapens en munitie heeft verkocht. Hij ging telkens op dezelfde wijze te werk door een aantal wapens in te kopen die hij in een korte periode weer kwijt kon aan zijn klantenkring. Uit zijn verklaring tegenover de pseudokoper en uit meerdere tapgesprekken volgt dat hij hiermee geld verdiende en dit ook (mede) het doel van de wapenhandel was. Daarnaast heeft hij verklaard dat zij met dit geld ‘de extra’s deden’. Gelet op de vele verkopen die verdachte heeft gedaan, het stelselmatige karakter hiervan en het oogmerk van winstbejag is de rechtbank dan ook van oordeel dat verdachte een beroep en een gewoonte heeft gemaakt van de handel in wapens en munitie.

In vereniging

De rechtbank is van oordeel dat verdachte een deel van het feit tezamen en in vereniging met [medeverdachte 2] heeft gepleegd. Immers heeft hij op 11 december 2017 en 9 februari 2018 (onderdelen van) wapens van [medeverdachte 2] gekocht om die vervolgens door te verkopen. Ook heeft verdachte op

9 februari 2018 nog contact met [medeverdachte 2] gehad over de onderdelen die verdachte voor [medeverdachte 2] ging verkopen en welke prijs hij hiervoor ging vragen.93 [medeverdachte 2] wist dus dat verdachte de wapens door zou verkopen. Daarnaast heeft verdachte, waar het gaat om munitie, gehandeld tezamen en in vereniging met [medeverdachte 3] . De rechtbank overweegt hierover nog dat verdachte in de tapgesprekken met [medeverdachte 3] uitspraken heeft gedaan waar duidelijk uit blijkt dat hij de munitie weer door ging verkopen. [medeverdachte 3] was hierdoor dus op de hoogte van de munitiehandel door [verdachte] , waardoor er een bewuste en nauwe samenwerking was. Voor het overige dient, bij gebreke van voldoende bewijs voor medeplegen, te worden aangenomen dat verdachte alleen heeft gehandeld.

Feit 2

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming DZK-A-16-24;

- het proces-verbaal onderzoek wapen DZK-A-61;

- het proces-verbaal onderzoek wapen DZK-A-67;

- het proces-verbaal onderzoek wapen DZK-A-80-81;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 29 januari 2019.

Feit 3

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij ZD07-7-9;

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 29 januari 2019.

3 Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij op meer tijdstippen in de periode van 1 juli 2016 tot en met 26 februari

2018 te Nijmegen en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen, in

elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen,

althans alleen, meermalen wapens van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten vuurwapens en/of

dat hij in de periode van 1 juli 2016 tot en met 26 februari 2018 te

Nijmegen, en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen, in elk

geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen munitie van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten scherpe patronen/kogels,

terwijl hij, verdachte van het verhandelen van wapens en/of munitie een beroep en een gewoonte heeft gemaakt;

en

hij op meer tijdstippen in de periode van 1 juli 2016 tot en met 26 februari

2018 te Nijmegen en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen, in

elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen,

althans alleen, meermalen wapens van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten vuurwapens en/of

dat hij in de periode van 1 juli 2016 tot en met 26 februari 2018 te Nijmegen, en/of Beuningen en/of Plasmolen en/of Malden en/of Heumen, in elk

geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen munitie van categorie II en/of categorie III heeft overgedragen en/of

voorhanden heeft gehad, te weten scherpe patronen/kogels,

terwijl hij, verdachte van het verhandelen van wapens en/of munitie een beroep en een gewoonte heeft gemaakt;

2.

hij op of omstreeks 27 februari 2018 te Nijmegen één of meer wapen(s) van categorie III, te weten

- een revolver (BBM Olympic 6, kaliber .22) (IBN A.03.01.001) en/of

- onderdelen van een patroonmagazijn van het merk Zastava, type M57 dan wel

Tokarev, type T-33 (IBN A.05.01.001), zijnde een vuurwapen en/of een onderdeel van een vuurwapen, en/of

munitie van categorie III, te weten

- in totaal 936 stuks, althans een grote hoeveelheid, scherpe patronen/kogels, te weten 44 stuks in een doos met opschrift 'Digitenne' (IBN A.02.01.002) en 884 stuks in een rugzak met opschrift 'Olé' (IBN A.03.01.001A), voorhanden heeft gehad;

3.

hij op of omstreeks 27 februari 2018 te Nijmegen opzettelijk heeft geteeld

en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig

heeft gehad (in een pand aan [adres] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 34, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1:

Medeplegen van handelen in strijd met artikel 31, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, en van het in strijd met de wet verhandelen van wapens of munitie een beroep of een gewoonte maken

en

Handelen in strijd met artikel 31, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, en van het in strijd met de wet verhandelen van wapens of munitie een beroep of een gewoonte maken

Ten aanzien van feit 2:

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, terwijl het feit is begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd

en

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie

Ten aanzien van feit 3

Opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3, onder B, van de Opiumwet gegeven verbod

5 De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft gezeten. De officier van justitie heeft daarnaast verzocht de inbeslaggenomen wapens en munitie te onttrekken aan het verkeer.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht om, indien naar het oordeel van de rechtbank ook het bestanddeel “beroep of gewoonte maken” bewezen kan worden, een gevangenisstraf van 18 maanden op te leggen, gelet op straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op:

- het uittreksel justitiële documentatie, gedateerd 18 december 2018;

- een voorlichtingsrapportage van Reclassering Nederland, gedateerd 5 juni 2018.

De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft zich over een periode van ruim anderhalf jaar schuldig gemaakt aan het een beroep en gewoonte maken van de handel in vuurwapens en munitie en heeft ook (onderdelen van) een vuurwapen en munitie voorhanden gehad. Hij heeft telkens verschillende soorten vuurwapens en munitie opgekocht om dit vervolgens, met winst, weer door te verkopen aan verschillende klanten. Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het telen van hennep.

Vuurwapens vormen een onaanvaardbaar risico en een aanzienlijke bedreiging voor de veiligheid van personen en de veiligheid van de samenleving. De rechtbank rekent het verdachte zwaar aan dat hij totaal geen besef heeft getoond voor de grote gevaren die wapens met zich brengen en het doel waarmee deze wapens door zijn klanten konden worden gebruikt. Tegenover de pseudokoper heeft hij verklaard dat klanten van hem weleens een ripdeal doen, dat hij ook wapens levert die door een kogelwerend vest schieten en dat dat hem “geen flikker” uitmaakt omdat hij niet degene is die de trekker overhaalt. Verdachte heeft hiermee blijk gegeven van een totaal gebrek aan normbesef. Ook is hij hiermee zijn eigen verantwoordelijkheid volledig uit de weg gegaan en heeft hij miskend dat hij een bijdrage heeft geleverd aan de beschikbaarheid van deze vuurwapens, terwijl illegale wapens overwegend in het criminele circuit worden gebruikt om strafbare feiten, waaronder levensdelicten, mee te begaan. Verdachte heeft slechts oog gehad voor zijn eigen financiële belang. De rechtbank heeft daarnaast de indruk dat het hebben van en handelen in wapens voor verdachte heel gewoon is geworden gelet op het gemak waarmee hij over wapens spreekt, het feit dat hij vaak verkleinwoorden gebruikt wanneer hij over wapens spreekt en hij in het bijzijn van zijn 12‑jarige dochter over wapens heeft gepraat en wapens heeft getoond. Tot slot weegt de rechtbank in het nadeel van verdachte mee dat hij ter zitting geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen, maar de omvang en ernst daarvan slechts af heeft willen zwakken.

Gelet op de ernst van het feit en de houding van verdachte is slechts een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van langere duur passend. De rechtbank zal wel een lagere straf opleggen dan geëist door de officier van justitie. De eis van de officier van justitie is onder meer gebaseerd op het beeld van een enorme wapenhandel waarbij verdachte veelal wapens verhandelde die uit het buitenland, voormalig Joegoslavië, afkomstig waren. Hoewel de rechtbank wel van oordeel is dat verdachte veelvuldig in wapens heeft gehandeld, is deze wapenhandel met contacten over de grens naar het oordeel van de rechtbank niet vast komen te staan. Daarnaast acht de rechtbank een kortere periode bewezen dan de officier van justitie. Gelet op deze omstandigheden, afgezet tegen de strafverzwarende omstandigheden die de rechtbank eerder heeft genoemd, acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 4,5 jaar passend. Hierop dient de tijd die verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht in mindering te komen.

Beslag

De rechtbank is van oordeel dat de bij verdachte in beslag genomen en nog niet teruggegeven wapens (merk Zastava en Olympic) en munitie dienen te worden onttrokken aan het verkeer, aangezien zij van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang en de wet.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 36b, 36d, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 26, 31 en 55 van de Wet wapens en munitie en de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet.

9 De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot

een gevangenisstraf voor de duur van 54 (vierenvijftig) maanden;

 beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

 beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

 Wapen Zastava M57 AAKS7108NL, magazijn/houder (nr. 1 beslaglijst d.d. 4 januari 2019);

 52 stuks munitie AAKS7107NL, 7.65 8x en 7.62 t 44x (nr. 2 beslaglijst d.d. 4 januari 2019);

 884 stuks munitie AAKS7194NL, 7.65, 6.35, .22, 7.62, 9mm (nr. 3 beslaglijst d.d.
4 januari 2019);

 Wapen, zwart, BBM Olympic 6 AAKS7195NL, .22 (nr. 4 beslaglijst d.d. 4 januari 2019).

Dit vonnis is gewezen door mr. L.C.P. Goossens (voorzitter), mr. K.A.M. van Hoof en mr. G.J.H. Boerhof, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L. Ruizendaal-van der Veen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 19 februari 2019.

Bijlage

Het bewijs is terug te vinden in:

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180626.1100.1434 (tap), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD01.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180626.1130.1434 (1e aankoop), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD02.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180626.1200.1434 (2e aankoop), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD03.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180628.0830.1434 (3e aankoop), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD04.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180628.1030.1434 (4e aankoop), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD05.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180702.0815.1434 (Handel in (vuur)wapens/munitie met [medeverdachte 4]), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD06.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180326.1145.1434 (Hennepkwekerij), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 9 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als ZD07.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180529.0930.1434 (WOD Cuijk-Dumas), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als WOD.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180326.1615.1434 (proces-verbaal IBN dossier object A), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 23 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als DZK-A.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180619.1145.1434 (proces-verbaal IBN dossier objecten WW, XX, YY en ZZ), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 11 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als DZK-W.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer PL0600-2018329891 (Documentendossier), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 24 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als DD.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180626.1325.1434 (persoonsdossier verdachte [verdachte]), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als PD01.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180626.1530.1434 (persoonsdossier Verdachte [medeverdachte 3]), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 12 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als PD02.

 het in de wettelijke vorm door verbalisant van de politie Oost Nederland, district Gelderland Zuid, opgemaakte proces-verbaal, proces-verbaalnummer 20180712.1140.1434 (persoonsdossier verdachte [medeverdachte 2]), onderzoek Cuijk/Dumas, gesloten op 23 juli 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld. Naar dit dossier zal in het vonnis worden verwezen als PD04.

1 Het bewijs is terug te vinden in de processen-verbaal zoals vermeld in de bijlage bij het vonnis.

2 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper WOD-032, proces-verbaal van bevindingen begeleiding A-4088 WOD-028, proces-verbaal van bevindingen DZK-W-9, proces-verbaal onderzoek wapen ZD02-12-15 en verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

3 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-051, proces-verbaal bevindingen inname handgreep en inbeslagname DZK-W-20, proces-verbaal onderzoek wapen ZD03-12-13 en verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

4 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-082-083, proces-verbaal bevindingen inbeslagneming vuurwapens DZK-W-5, proces-verbaal onderzoek wapen ZD04-12 en verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

5 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-086-087, proces-verbaal bevindingen inbeslagneming vuurwapens DZK-W-4, proces-verbaal onderzoek wapen ZD05-11-14 en verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

6 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

7 Proces-verbaal van bevindingen WOD-0113-0120.

8 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper WOD-029-033.

9 Proces-verbaal van bevindingen informant/infiltrant A-4088 WOD-037.

10 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-040.

11 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper WOD-045.

12 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4104, WOD-104.

13 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088, WOD-050-051.

14 Proces-verbaal onderzoek wapen ZD03-12.

15 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-1077, en proces-verbaal van verhoor verdachte PD04-75 en PD04‑84.

16 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] PD04-64.

17 Proces-verbaal van bevindingen DD-106-111.

18 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

19 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4089 WOD-057.

20 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-060-061.

21 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-75.

22 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-082-083.

23 Proces-verbaal van observatie vrijdag 9 februari 2018 DD-191, 193.

24 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-087.

25 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-092.

26 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-972, 974 en 975.

27 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-655.

28 Proces-verbaal van bevindingen DD-63.

29 Proces-verbaal van bevindingen DD-109.

30 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-045.

31 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-061, proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-073-075, proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-082 en proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-087.

32 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

33 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-1086.

34 Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 4] ZD06-081-084.

35 Proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken DD-92-93 en proces-verbaal bevindingen tapgesprekken DD-88.

36 Proces-verbaal bevindingen tapgesprekken DD-44.

37 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

38 Proces-verbaal van bevindingen tapgesprekken DD-89-93.

39 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-778.

40 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-789.

41 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-790.

42 PV observeren d.d. 05-07-2017 DD-181-183.

43 Proces-verbaal bevindingen tapgesprekken DD-68-70.

44 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-1009.

45 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-1015-1016.

46 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 29 januari 2019.

47 Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 3] PD02-75.

48 Proces-verbaal van bevindingen PD03-17

49 Proces-verbaal van bevindingen DD-114-115.

50 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-661.

51 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-677-678.

52 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-679.

53 Proces-verbaal van bevindingen DD-115-116.

54 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-729.

55 Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 4] ZD06-81.

56 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-742.

57 Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 4] ZD06-84.

58 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-945.

59 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-959.

60 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-610.

61 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-630.

62 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-633.

63 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-635.

64 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-637.

65 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-651.

66 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-655.

67 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-682.

68 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-795.

69 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-902.

70 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-903.

71 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-905.

72 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-906.

73 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-907.

74 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-934.

75 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-937.

76 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-938.

77 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-973.

78 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-972.

79 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-974.

80 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-975.

81 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-976.

82 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-1004.

83 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-1005.

84 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-717.

85 Gesprek ON5R016074 Cuijk DD-751 en proces-verbaal bevindingen tapgesprekken DD-72-73.

86 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK DD-759.

87 Proces-verbaal van bevindingen DD-49-50.

88 Overzicht gesprekken m.b.t. nummer, ON5R016074 CUIJK ZD01-65.

89 Proces-verbaal van verhoor [verdachte] PD01-62.

90 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4088 WOD-031.

91 Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] PD01-61.

92 Proces-verbaal aanhouding [verdachte] PD01-21.

93 Proces-verbaal van bevindingen politieel pseudokoper A-4103 WOD-082-083.