Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2019:2830

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
26-06-2019
Datum publicatie
26-06-2019
Zaaknummer
05/780056-17, 05/780093-17 en 05/780085-17 (gev. ttz. 7 december 2017)
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2020:2263, Overig
Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2021:11610, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank heeft in het onderzoek Bosnië - met de deelonderzoeken Brandberg, IJshamer en Maan - 6 mannen veroordeeld tot gevangenisstraffen variërend van 7 jaar tot levenslang. De mannen krijgen deze straffen voor hun aandeel in een reeks liquidaties, poging tot liquidaties en de voorbereidingen hiervan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zitting houdende in de extra beveiligde zittingszaal van de rechtbank Noord-Holland, Haarlemmermeer (Justitieel Complex Schiphol) te Badhoevedorp.

Parketnummers : 05/780056-17, 05/780093-17 en 05/780085-17 (gev. ttz. 7 december 2017)

Datum uitspraak : 26 juni 2019

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaken van

de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland

tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedatum 1] 1990 te [geboorteplaats 1] , wonende te [adres 1] ,

thans gedetineerd te HvB Ooyerhoekseweg te Zutphen,

raadsman: mr. S.L.J. Janssen, advocaat te Rotterdam.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 20 september 2017, 7 december 2017, 5 februari 2018, 10 april 2018, 27 juni 2018, 24 september 2018, 13 december 2018, 11 maart 2019, 14 mei 2019, 21 mei 2019, 22 mei 2019, 27 mei 2019, 28 mei 2019, 29 mei 2019 en 26 juni 2019.

1. De inhoud van de tenlastelegging 1

[verdachte] wordt onder parketnummer 05/780056-17 (Bosnië) – kort gezegd – verweten dat

  • -

    hij op 31 december 2015 in Kerkdriel samen met een ander of anderen of alleen met voorbedachten rade [slachtoffer 1] om het leven heeft gebracht, dan wel dat hij dit feit heeft uitgelokt. Indien dit niet kan worden bewezen, wordt [verdachte] verweten dat hij aan dit feit medeplichtig is geweest (feit 1);

  • -

    hij op 31 december 2015 in Kerkdriel samen met een ander of anderen of alleen geprobeerd heeft [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] met voorbedachten rade om het leven te brengen, dan wel dat hij dit feit heeft uitgelokt. Indien dit niet kan worden bewezen, wordt [verdachte] verweten dat hij aan dit feit medeplichtig is geweest (feit 2).

[verdachte] wordt onder parketnummer 05/780093-17 (Brandberg) – kort gezegd – verweten dat hij op 7 november 2015 in Krommenie samen met een ander of anderen of alleen met voorbedachten rade [slachtoffer 4] om het leven heeft gebracht, dan wel dat hij dit feit heeft uitgelokt. Indien dit niet kan worden bewezen wordt [verdachte] verweten dat hij aan dit feit medeplichtig is geweest.

[verdachte] wordt onder parketnummer 05/780085-17 (IJshamer) – kort gezegd – verweten dat hij op 3 april 2016 in Amsterdam samen met een ander of anderen of alleen geprobeerd heeft [slachtoffer 5] en een onbekend gebleven persoon met voorbedachten rade om het leven te brengen, dan wel dat hij dit feit heeft uitgelokt. Indien dit niet kan worden bewezen wordt [verdachte] verweten dat hij aan dit feit medeplichtig is geweest.

2 Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Bewijsverweren inzake Ennetcom

Het standpunt van de verdediging

Door de verdediging is aangevoerd dat de inhoud van de e-mailberichten en de notities afkomstig van de Ennetcom-server (verder gezamenlijk aangeduid als Ennetcom-data) door technische omstandigheden zouden kunnen zijn aangetast of door menselijk ingrijpen zouden kunnen zijn vervalst. Dit maakt dat de authenticiteit en de betrouwbaarheid van de Ennetcom-data feitelijk en juridisch niet kan worden gecontroleerd. Daartoe is aangevoerd dat:

  • -

    voor Ennetcom B.V. meerdere werknemers werkten die toegang hadden tot de servers. Zo ook bij de door Ennetcom ingehuurde bedrijven [naam 2] B.V. en [naam 3] B.V., de resellers van de PGP-telefoons en [bedrijfsnaam] , de verhuurder van de server in Canada. Wie er allemaal over de wachtwoorden kon beschikken is onduidelijk, maar alle Ennetcom-data konden worden benaderd en ontsleuteld als men de beschikking had over al de benodigde wachtwoorden. Na de ontsleuteling kunnen berichten worden gelezen, gekopieerd, verplaatst en aangepast;

  • -

    door het retentiebeleid op de [naam 13] -server grote hoeveelheden e-mailberichten zijn bewaard, terwijl deze berichten na korte tijd automatisch zouden worden verwijderd;

  • -

    de eigenaar en bestuurder van Ennetcom door het Openbaar Ministerie wordt verdacht van het onderhouden van nauwe relaties met bekende criminelen en criminele organisaties;

  • -

    er hardnekkige geruchten zijn dat Ennetcom gefinancierd is door partijen die stevig verankerd zijn in het internationale drugsmilieu en dat deze partijen een stevige vinger in de pap hebben gehouden bij het bedrijf om informatie te krijgen over anderen in het criminele milieu en om zelf een sturende rol te kunnen spelen;

  • -

    uit de beschikbare Ennetcom-data blijkt dat er beveiligingsproblemen waren bij Ennetcom, te weten bij de behandeling van kopieer- en wipe verzoeken, dat het “stelen” van een Ennetcom-adres mogelijk was en dat e-mails werden ontvangen die niet bestemd waren voor de ontvanger;

  • -

    beheer en manipulatie van versleutelde communicatie voor criminele groeperingen aantrekkelijk is, wat volgt uit het [naam 4] -onderzoek waar de criminele groepering over een eigen reseller (van PGP-telefoons) zou kunnen beschikken en men probeerde om de schuld van een vergismoord bij [verdachte] te leggen.

Daarom dient bij de controle van de authenticiteit van de Ennetcom-data ervan uit te worden gegaan dat (onbekende) derden toegang tot de (key)servers hadden en het oogmerk hadden om informatie te manipuleren. Door deze kwetsbaarheid en de manipuleerbaarheid van het Ennetcom-systeem moeten voorafgaand aan de interpretatie van de Ennetcom-data de volgende vragen gesteld worden:

  1. is de inhoud van de tekst van de e-mailberichten en notities authentiek;

  2. zijn de tijdstippen en de data van verzending en ontvangst wel correct (geregistreerd);

  3. zijn de e-mails en notities wel afkomstig van de geregistreerde afzender en zijn deze teksten wel ontvangen door de geregistreerde ontvanger.

Artikel 344 lid 5 Sv

De informatie afkomstig van de Ennetcom-server dient juridisch gezien gekwalificeerd te worden als “andere geschriften” als bedoeld in artikel 344 lid 5 van het Wetboek van Strafvordering (verder: Sv) en kunnen slechts als bewijsmiddel gelden “in verband met den inhoud van andere bewijsmiddelen”. Voorts is de bewijskracht van de Ennetcom-data door de kwetsbaarheid en de manipuleerbaarheid zwakker dan de bewijskracht die volgens de CAG bij het arrest van de Hoge Raad van 28 september 2004, ECLI:NL:PHR:2004:AO9193 aan door verbalisanten uitgewerkte tapverslagen kan worden toegekend.

Daarbij komt dat de Ennetcom-berichten en notities regelmatig afkomstig zijn van onbekend gebleven personen en in gevolge het bepaalde in artikel 344a derde lid Sv slechts voor het bewijs mogen worden gebruikt:

  • -

    als het geschrift in belangrijke mate steun vindt in ander bewijsmateriaal;

  • -

    waarbij de rechter in gevolge het bepaalde in artikel 360 Sv het gebruik van een schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een onbekend gebleven persoon moet motiveren.

Gelet op jurisprudentie van het EHRM en de toetsing van het ter beschikking stellen van de Ennetcom-data door de rechter-commissaris die in strijd is met artikel 1 Sv, mogen deze schriftelijke bescheiden slechts voor het bewijs worden gebruikt wanneer de inhoud voldoende steun vindt in andersoortige, los van deze schriftelijke bescheiden staande bewijsmiddelen die zien op het daderschap van verdachte.

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

Het Openbaar Ministerie kan zich niet verenigen met het standpunt van de verdediging over het gebrek aan integriteit en beveiliging van het Ennetcom-systeem. Het Openbaar Ministerie baseert zich daarbij op de volgende punten.

  1. Het Ennetcom-systeem is ontwikkeld om betrouwbaar te zijn, om communicatie af te schermen en geheim te houden. Als bekend zou worden dat het systeem ondeugdelijk was, zou dat funest zijn voor de bedrijfsvoering. Voorts volgt uit het dossier dat er binnen de Ennetcom-organisatie zorg werd besteed aan het bewaken van de integriteit en dat er werd opgetreden in het geval van bedreiging daarvan.

  2. Anders dan de verdediging suggereert, staat niet vast dat hele groepen personen van verschillende bedrijven toegang hadden tot cruciale delen van de servers. Medewerkers van [naam 2] en Ennetcom hadden beheerderstoegang tot bepaalde servers, maar zij konden de versleutelde e-mails niet lezen. Verder is uit de verhoren bij de rechter-commissaris niet gebleken dat iemand voor zijn werkzaamheden toegang had tot de keyserver en de zich daarop bevindende private keys. Voor het werk van [naam 3] B.V. was geen toegang tot de server nodig. [naam 5] ( [bedrijfsnaam] ) was de verhuurder van de servers.

  3. Om de data te kunnen veranderen is naast toegang tot de servers middels de wachtwoorden ook (algemene) kennis nodig over Microsoft Exchange en de BlackBerry Enterprise Servers en specialistische kennis over de wijze waarop de sleutels opgeslagen waren op de [naam 13] server, omdat hiervoor niet was gekozen voor een standaard IT-oplossing.

  4. Hoewel het onderzoek van de server niet gericht was op het vinden van sporen die er op duiden dat de Ennetcom-servers gehackt of gemanipuleerd waren, zijn er geen aanwijzingen gevonden dat hiervan sprake was.

Op basis van de voorgaande argumenten mag de rechter ervan uit gaan dat bestanden die zijn aangetroffen in een digitale omgeving, daar geplaatst zijn door de gebruiker van die digitale omgeving. Een bewezenverklaring op basis van de data is mogelijk, zelfs als deskundigen in het algemeen of theoretisch niet kunnen uitsluiten dat er is gehackt. Dit is pas anders als aannemelijk is dat de integriteit van de data is aangetast.

Overige onderzoeksresultaten valideren de integriteit van de Ennetcom-data.

Context-informatie uit andere onderzoeksresultaten valideren de integriteit en authenticiteit van de Ennetcom-data, bijvoorbeeld als via een Ennetcom-account wordt gemaild over een afspraak bij de reclassering en de gebruiker van dat account een afspraak met de reclassering heeft.

De communicatie tussen de Ennetcom-accounts verloopt adequaat.

Het Openbaar Ministerie kan zich niet verenigen met het standpunt van de verdediging over de bewijswaarde van de Ennetcom-berichten en volgt de vergelijking met de unus testis rechtspraak niet op grond van het volgende:

  • -

    uit het arrest van de Hoge Raad van 2004 volgt dat “andere geschriften”, inhoudende de weergave van telefoontaps, kunnen worden bevestigd door de weergave van andere telefoontaps, ook zijnde “andere geschriften” in de zin van artikel 344 Sv. Dit geldt ook voor de weergave van Ennetcom-berichten.

  • -

    de Ennetcom-berichten zijn middels processen-verbaal van bevindingen in het dossier gevoegd, en de inhoud van deze berichten wordt in deze processen-verbaal bevestigd door andere bewijsmiddelen.

  • -

    er daarom geen sprake is van een situatie waarin het unus-testis beginsel geldt, het gaat immers niet om het aannemen van een gebeurtenis op basis van één getuigenverklaring.

  • -

    ook uit de unus-testis jurisprudentie volgt niet dat sprake moet zijn van twee bewijsmiddelen die de verdachte als dader aanwijzen.

Toestemming gebruik Ennetcom-data niet in strijd met artikel 1 Sv

Voorts is er geen sprake van een onrechtmatige/buitenwettelijke toetsing door de rechter-commissaris nu de Canadese rechter het speelveld heeft bepaald en de Nederlandse opsporingspraktijk dit heeft gerespecteerd in het kader van de beginselen van internationaal recht door te toetsen aan artikel 126ng Sv, de zwaarste toets binnen de Wet bijzondere opsporingsbevoegdheden, een toetsing die in de lijn is van het smartphone-arrest van de Hoge Raad (net als in de zaak Tandem, r.o. 6. 4 .1).

Beoordeling door de rechtbank

Voordat de rechtbank de verweren zal behandelen, zal zij in het algemeen ingaan op de Ennetcom-data en het gebruik daarvan in de onderzoeken Bosnië, Brandberg en IJshamer.

De Ennetcom-data

Het Nederlandse bedrijf Ennetcom B.V. verkocht “Pretty Good Privacy telefoons” (verder PGP-telefoons) waarmee alleen versleutelde e-mails konden worden verstuurd en ontvangen en waarmee notities konden worden opgeslagen. De e-mailadressen bestonden uit een willekeurige, niet tot een persoon te herleiden, combinatie van cijfers en letters. De e-mailadressen werden door de gebruikers op de “telefoons” opgeslagen onder door hen gebruikte en bij hen bekende bijnamen. Door de versleuteling konden derden de e-mailberichten niet lezen en door het gebruik van bijnamen bleven de verzender en de ontvanger van de berichten voor derden anoniem. Ennetcom maakte gebruik van BlackBerry Enterprice Servers (verder: BES) gehuurd bij het bedrijf [bedrijfsnaam] in [plaatsnaam 1] , Canada. Ongeveer 19.000 mensen maakten gebruik van deze dienst van het bedrijf Ennetcom B.V.

[slachtoffer 1] werd op 31 december 2015 te Kerkdriel geliquideerd. [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] raakten gewond maar overleefden de aanslag. Uit de historische verkeersgegevens van een zendmast in de directe omgeving van de plaats delict, bleek dat deze mast in de periode van deze aanslag en in de dagen daarvoor werd aangestraald door een PGP-toestel voorzien van het telefoonnummer eindigend op [nummer 2] met het bijbehorende IMEl-nummer [nummer 1] . Uit gegevens gevorderd van BlackBerry Nederland bleek dat het toestel gebruik maakte van het e-mailadres beginnende met [naam 6] . Naar aanleiding van deze liquidatie werd een strafrechtelijk onderzoek opgestart onder de naam Bosnië. Uit dit onderzoek kwamen de volgende deelonderzoeken voort:

  • -

    Brandberg, naar de liquidatie van [slachtoffer 4] op 7 november 2015 te Krommenie;

  • -

    IJshamer, naar een poging tot liquidatie van [slachtoffer 5] op 3 april 2016 te Amsterdam;

  • -

    Maan, naar voorbereidingshandelingen voor de liquidatie van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] op 20/21 november 2015 te Utrecht.

Toestemming gebruik Ennetcom-data in strijd met artikel 1 Sv

In het strafrechtelijk onderzoek [naam 7] , naar de verdenking van deelneming aan een criminele organisatie en witwassen door het Nederlandse bedrijf Ennetcom en zijn directeur [naam 8] , is op 8 april 2016 een rechtshulpverzoek gedaan aan de bevoegde autoriteiten in Canada om forensische kopieën te maken van de data op de BES-server(s) in [plaatsnaam 1] , Canada. Aan dit verzoek is mede ten grondslag gelegd dat in drie andere Nederlandse strafrechtelijke onderzoeken het ernstige vermoeden is gerezen dat personen die betrokken zijn bij liquidaties gebruik maakten van PGP-telefoons die geleverd zijn door Ennetcom B.V.

Op 19 september 2016 heeft het Superior Court of Justice in [plaatsnaam 1] een zogenoemde “sending order” uitgegeven, waarbij is bepaald dat alle in beslag genomen data aan Nederland worden overgedragen. Dit onder de voorwaarden dat de Ennetcom-data alleen mogen worden gebruikt voor onderzoek en vervolging van strafbare feiten als deelneming aan criminele organisatie, moord, doodslag, witwassen, brand /ontploffing, alsmede pogingen en voorbereidingshandelingen daartoe, die direct verband houden met de onderzoeken [naam 9] , [naam 10] , [naam 11] en [naam 7] , tenzij hiervoor van tevoren een gerechtelijke machtiging door het Koninkrijk der Nederlanden is afgegeven. De Canadese rechter heeft dus geen toestemming verleend voor het gebruik van de Ennetcom-data in de strafrechtelijke onderzoeken Bosnië, IJshamer, Brandberg en Maan, maar heeft deze beslissing overgelaten aan een Nederlandse rechter.

Om te voldoen aan de voorwaarden van de Canadese rechter, moest een Nederlandse rechter toestemming geven voor het gebruik van de Ennetcom-data in de onderhavige opsporingsonderzoeken. Met de verdediging en de officieren van justitie stelt de rechtbank vast dat het Wetboek van Strafvordering, noch enige andere wet, een procedure kent tot het afgeven van een machtiging, zoals door de Canadese rechter wordt geëist. Daarom heeft het Openbaar Ministerie voor de vorm waarin het onderzoek plaatsvindt, gekozen voor een vordering aan de rechter-commissaris tot het verrichten van onderzoekshandelingen aan de Ennetcom-data, onderzoekshandelingen die de rechter-commissaris heeft gedelegeerd aan verbalisanten (artikel 181 jo. artikel 179 Sv). Voor de inhoudelijke toetsing van de vordering heeft de rechter-commissaris aansluiting gezocht bij artikel 126ng Sv, de bepaling die vordering van digitale gegevens van Nederlandse telecommunicatie-aanbieders mogelijk maakt. Dit artikel bepaalt dat de rechter-commissaris aan de volgende drie vereisten moet toetsen:

  • -

    het moet gaan om een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan en dat een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert;

  • -

    het belang van het onderzoek moet dringend vorderen dat toegang tot de gegevens wordt verkregen, en

  • -

    het moet gaan om gegevens die klaarblijkelijk van de verdachte afkomstig zijn, voor hem bestemd zijn, op hem betrekking hebben of tot het begaan van het strafbare feit hebben gediend, of met betrekking tot welke gegevens klaarblijkelijk het strafbare feit is gepleegd.

Artikel 1 Sv luidt: “Strafvordering heeft alleen plaats op de wijze bij de wet voorzien”. In deze bepaling is het legaliteitsbeginsel voor het strafprocesrecht vastgelegd. De overheid wordt bij het maken van inbreuk op vrijheden of rechten van haar burgers gebonden aan de wet. De uitvoerende macht, politie en het Openbaar Ministerie, en de rechterlijke macht mogen geen nieuwe opsporingsbevoegdheden scheppen, waardoor inbreuken op rechten en vrijheden van burgers mogelijk worden. Hieronder valt ook de inbreuk op het recht op privacy. Zoals hiervoor reeds is vermeld, kent de Nederlandse wet geen bepaling die is geschreven voor de toetsing die de Canadese rechter als voorwaarde stelt aan het gebruik van Ennetcom-data in andere strafzaken. Voor de beantwoording van de vraag of artikel 1 Sv zo strikt moet worden uitgelegd dat daarom het onderzoek aan de Ennetcom-data in deze strafzaken onrechtmatig is geweest, vindt de rechtbank het volgende van belang:

  • -

    De Canadese rechter heeft nadrukkelijk de mogelijkheid opengelaten dat ook in andere strafrechtelijke onderzoeken naar ernstige misdrijven gebruik werd gemaakt van de Ennetcom-data, en waarbij de toetsing daarvan wordt overgelaten aan een Nederlandse rechter.

  • -

    Als de Ennetcom-servers in Nederland hadden gestaan, dan was de inbeslagneming van de Ennetcom-data in de opsporingsonderzoeken [naam 9] , [naam 10] , [naam 11] en [naam 7] volgens artikel 126ng Sv mogelijk geweest en had de officier van justitie toestemming kunnen verlenen om deze informatie ook in andere opsporingsonderzoeken te gebruiken.

  • -

    Ook als de Canadese rechter voorafgaand aan het gebruik van de Ennetcom-data in andere strafzaken geen toets door een rechter had geëist, had de officier van justitie toestemming kunnen verlenen om deze informatie ook in andere strafzaken te gebruiken.

  • -

    Uit het stelsel van de wet volgt dat bij een inbreuk op de vrijheden of rechten van burgers de autoriteit die toestemming moet verlenen, hoger moet zijn als de ernst van de inbreuk toeneemt (bij een beperkte inbreuk is bevoegdheid verleend aan alle verbalisanten en naar mate de ernst van de inbreuk toeneemt, is de bevoegdheid verleend aan respectievelijk een hulpofficier van justitie, een officier van justitie of een rechter-commissaris). Toestemming voor ernstige inbreuken op vrijheden of rechten kan alleen worden verleend voor de opsporing van zware misdrijven (het proportionaliteits-beginsel). Ook wordt alleen toestemming verleend als het doel niet op andere wijze dan door een inbreuk op rechten of vrijheden kan worden bereikt (het subsidiariteits-beginsel).

  • -

    Onder andere door de snelle technische ontwikkelingen in de afgelopen decennia is in de rechtspraktijk het bewustzijn ontstaan dat niet elk strafvorderlijk handelen van een functionaris gebaseerd kan zijn op een expliciet in de wet geformuleerde bevoegdheid. Zo bepaalde de Hoge Raad in het Zwolsman-arrest dat opsporingsmethoden alleen bij ernstige of stelselmatige inbreuken op grondrechten een expliciete wettelijke basis in de zin van artikel 1 Sv nodig hebben. Lichtere inbreuken op grondrechten vallen onder de algemene bevoegdheidstoewijzing van artikel 3 van de Politiewet. Ook heeft de wetgever het in de rechtspraktijk ontwikkelde toetsingskader voor de inbreuk op grondrechten gelegaliseerd. Een deel van de Wet bijzondere opsporingsbevoegdheden (verder: Wet BOB) is hier een voorbeeld van.

Ennetcom B.V. is een Nederlands bedrijf met deels Nederlandse klanten. De PGP-telefoons van Ennetcom B.V. maakten gebruik van mobiele telecommunicatie via het internet. In de praktijk betekent dat de servers, de hardware benodigd voor deze vorm van communicatie, zich overal ter wereld konden bevinden, zolang men ter plaatse maar beschikte over elektriciteit en een snelle internetverbinding. Ook onderhouds- en beheersactiviteiten op de servers door Ennetcom B.V. waren vanaf elke plaats ter wereld mogelijk.

Dit is een technische ontwikkeling waarvan de juridische implicaties bij de totstandkoming van de Wet BOB niet zijn voorzien. Ook kon niet worden voorzien dat een buitenlandse rechter toetsing door een Nederlandse rechter zou eisen voorafgaand aan het verdere gebruik van de in het buitenland in het kader van een Nederlands rechtshulpverzoek in beslaggenomen data. De rechtbank vindt dat het ontbreken van een expliciet juridisch kader a priori niet in de weg mag staan aan opsporing en vervolging van ernstige misdrijven als moord, poging tot moord of de voorbereiding van moord. De volgende vraag die de rechtbank dan moet beantwoorden is of andere feiten of omstandigheden in de weg staan aan het gebruik van de Ennetcom-data in de onderhavige strafzaken.

Voor de inhoudelijke toetsing van de beschikbaarstelling van de Ennetcom-data heeft de rechter-commissaris gekozen voor artikel 126ng Sv. De toets in dit artikel ligt bij de rechter-commissaris, de hoogste toetsingsfunctionaris binnen de Wet BOB. De rechter-commissaris heeft zijn toestemming verleend op basis van een plan van aanpak waarin de zoektermen zijn opgenomen waarmee de Ennetcom-data zullen worden doorzocht.

De strafbare feiten die onderzocht werden in de opsporingsonderzoeken Bosnië, Brandberg en IJshamer vallen binnen de voorwaarden die door de Canadese rechter en artikel 126ng Sv worden gesteld. Uit het omvangrijke dossier volgt dat er weinig ander bewijs is dat kon leiden tot de identificatie van de daders.

Daarom vindt de rechtbank dat de gekozen werkwijze en het toetsingskader past in het stelsel van de Nederlandse wet, maximale waarborgen bieden om een onnodige inbreuk op de privacy van andere Ennetcom-gebruikers te voorkomen zonder dat dit strijd oplevert met de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat toetsing ex de artikelen 181 jo. 177 Sv en artikel 126ng Sv niet in strijd met artikel 1 Sv is. Het enkele feit dat voor deze unieke situatie geen expliciete wettelijke bepaling is, maakt dus niet dat het gebruik van de Ennetcom-data onrechtmatig is. De rechtbank verwerpt het verweer.

De betrouwbaarheid en authenticiteit van de Ennetcom-data

De rechtbank stelt voorop dat Ennetcom B.V. de communicatie met PGP-telefoons heeft ontwikkeld om anonieme en versleutelde communicatie tussen de gebruikers mogelijk te maken.

Verdachte ontkent dat hij een PGP-telefoon in zijn bezit heeft gehad.

De rechtbank merkt op dat de verdediging als zij spreekt over de betrouwbaarheid en authenticiteit van de Ennetcom-data vaak de woorden “het valt niet uit te sluiten” en “het is niet ondenkbaar” gebruikt of woorden met een soortgelijke betekenis.

Met de verdediging en de officieren van justitie is de rechtbank van oordeel dat kan worden gesteld dat van geen enkel ICT-systeem dat verbinding heeft met het internet “valt uit te sluiten” dat het systeem kan worden gehackt of dat data op andere wijze door technische omstandigheden zouden kunnen zijn aangetast of door menselijk ingrijpen zouden kunnen zijn vervalst. Iedereen die het nieuws volgt, weet bijvoorbeeld dat zelfs computers van het Amerikaanse ministerie van defensie zijn gehackt en dat een containeroverslagbedrijf in de Rotterdamse haven is lamgelegd door een computervirus.

Echter, voor een bewezenverklaring die mede gebaseerd is op de Ennetcom-data hoeft de rechtbank geen “bewijsmiddelen” op te nemen waaruit volgt dat de theoretische mogelijkheid is uitgesloten dat de Ennetcom-data zijn aangetast of vervalst. De rechtbank moet beoordelen of de verweren van de verdediging hierover voldoende aannemelijk zijn geworden. Het is aan de verdediging om aannemelijk te maken dat de Ennetcom-data zijn aangetast of vervalst door deze stelling met feiten en omstandigheden te onderbouwen. Bij de beoordeling van de verweren mag de rechter volgens vaste jurisprudentie, naast de weerlegging in de bewijsmotivering, ook de onwaarschijnlijkheid, onaannemelijkheid en/of de ongeloofwaardigheid van alternatieve scenario’s in zijn oordeelsvorming betrekken.

Uit het voorgaande volgt dat de rechtbank -behoudens aanwijzingen van het tegendeel- als uitgangspunt neemt dat Ennetcom-berichten of notities aangetroffen in het account van een gebruiker, afkomstig is van deze gebruiker of aan hem zijn verzonden en dat deze berichten of notities niet zijn aangetast of vervalst.

Met betrekking tot de aangevoerde verweren overweegt de rechtbank als volgt.

 Het enkele feit dat het bedrijf Ennetcom B.V. en de eigenaar zijn vervolgd wegens witwassen en deelneming aan een criminele organisatie of dat er volgens de verdediging “hardnekkige geruchten” zijn dat Ennetcom B.V. is gefinancierd door een partij die stevig verankerd is in het internationale drugsmilieu, is onvoldoende onderbouwing voor de stelling dat het Ennetcom-systeem zo was ingericht dat de Ennetcom-data konden worden aangetast of vervalst, en zeker niet voor de verweren dat dit daadwerkelijk is gebeurd in de onderhavige strafzaken.

 Ennetcom B.V. had ongeveer 19.000 gebruikers. Dit betekent dat er accounts moesten worden geactiveerd en verwijderd, dat er onderhoud aan het systeem moest worden verricht en service aan de gebruikers moest worden verleend. Daarvoor moesten helpdesk- en onderhoudsmedewerkers van Ennetcom (beperkte) toegang hebben tot de Ennetcom-servers. Ook medewerkers van de serververhuurder [bedrijfsnaam] zullen werkzaamheden op de servers hebben moeten verrichten en daartoe (beperkt) toegang hebben gehad tot de servers. Dat deze medewerkers ook toegang hadden tot de keyserver en de kennis hadden om (metadata van) de Ennetcom-berichten en notities aan te aanpassen, is onvoldoende onderbouwd. Dit volgt ook niet uit de verhoren van verbalisanten, noch uit de verhoren van andere getuigen en de deskundige [naam 12] . De theoretische mogelijkheid dat één of meer personen beschikten over de benodigde wachtwoorden en daarbij ook de kennis hadden om daarmee de Ennetcom-data te vervalsen, betekent nog niet dat aannemelijk is dat dit ook daadwerkelijk is gebeurd. Dit geldt te meer nu op de Ennetcom-servers de personalia van de gebruikers niet aan hun accounts zijn gekoppeld.

  • -

    De verdediging heeft gesteld dat uit het [naam 4] -onderzoek is af te leiden dat een criminele organisatie [verdachte] de schuld probeerde te geven van een vergismoord. Als deze stelling al waar is, volgt uit hetgeen de verdediging ter onderbouwing heeft aangevoerd enkel dat hierover is gecommuniceerd met PGP-telefoons, niet dat de valse beschuldiging tot stand is gekomen door het vervalsen van PGP-berichten.

  • -

    De verdediging heeft gewezen op communicatie tussen gebruikers en helpdeskmedewerkers van Ennetcom, waaruit zou volgen dat data van het ene naar het andere account konden worden gekopieerd, er fouten zijn gemaakt bij de uitvoering van wipe-verzoeken en een gebruiker e-mails heeft ontvangen die niet voor hem bestemd waren. Dit is onvoldoende onderbouwing voor de stelling dat het gehele Ennetcom-systeem onbetrouwbaar is. Ten eerste kende Ennetcom ongeveer 19.000 gebruikers en het gaat slechts om enkele voorbeelden. Ten tweede kan sprake zijn van menselijke fouten van een of meer gebruikers en een of meer helpdeskmedewerkers.

  • -

    De PGP-communicatie die via de [naam 13] -server verliep, kende een retentiebeleid waarbij berichten automatisch na één dag werden verwijderd. Als berichten werden verplaatst naar een andere map op de server, was dit retentiebeleid niet meer van kracht. Door een bericht handmatig te wissen, werd dit bericht naar de map “prullenbak” verplaatst. Ook door de “verplaatsing naar de prullenbak” werd het bericht niet meer automatisch en definitief gewist. Anders dan de verdediging gaat de rechtbank uit van een systeemfout en niet van boze opzet om berichten tegen de zin van de gebruiker te bewaren. Dit omdat:

o dit retentiebeleid gold voor alle gebruikers van PGP-toestellen die via de [naam 13] -server communiceerden, niet voor slechts enkele accounts;

o de informatie hierdoor slechts gefragmenteerd beschikbaar kwam, immers alleen handmatig “gewiste” informatie bleef op de server achter;

o en de informatie versleuteld werd bewaard.

Het dossier bevat daarnaast informatie, die de betrouwbaarheid en authenticiteit van de Ennetcom-data bevestigt. De rechtbank wijst hiervoor op de volgende punten die verder zullen worden uitgewerkt bij het linken van de PGP-accounts aan de verschillende gebruikers:

 Onderzoeksgegevens uit andere bronnen valideren de integriteit en authenticiteit van de Ennetcom-data. Het gaat hier bijvoorbeeld om:

o reizen van de gebruiker van de PGP-telefoon waarbij de PGP-telefoon lijkt mee te reizen met een gewone telefoon of de auto van de gebruiker;

o het aanstralen van telefoonmasten in de directe omgeving van Schiphol door de PGP-telefoon, op de momenten dat de gebruiker aankomt in Nederland of vanaf Schiphol vertrekt;

o afspraken en gebeurtenissen waarover wordt gemaild en waarvan uit andere onderzoeksgegevens blijkt dat die daadwerkelijk hebben plaatsgevonden;

o berichten over en notities van telefoonnummers van familie en/of de vriendin van de gebruikers.

  • -

    De berichtenuitwisseling tussen de verschillende gebruikers van de PGP-telefoons verloopt adequaat. Ondanks dat e-mailberichten slechts gedeeltelijk zijn bewaard, valt uit de bewaarde data te concluderen dat men weet met wie men mailt en (een deel) van de berichten sluit op elkaar aan.

  • -

    Zoals hiervoor reeds is opgemerkt, wordt een deel van de berichten gerelateerd aan gebeurtenissen die bevestigd worden door andere onderzoeksresultaten. Hierdoor wordt het account niet alleen gelinkt aan een gebruiker, maar wordt ook het tijdstip en de datum van verzending bevestigd.

Gelet op het voorgaande oordeelt de rechtbank dat de Ennetcom-data voldoende betrouwbaar zijn.

Het beroep op artikel 344 lid 5 Sv

De rechtbank overweegt hierover als volgt.

  • -

    Zoals de verdediging terecht opmerkt kan “het andere bewijsmiddel” dat het gebruik van “andere geschriften” voor het bewijs mogelijk maakt, ook “een ander geschrift” zijn. Gelet op de vaststelling hiervoor dat de rechtbank de berichten in beginsel als betrouwbaar heeft beoordeeld, hoeft hier niet terughoudend mee om te worden gegaan.

  • -

    De inhoud van de Ennetcom-data is vaak opgenomen in een proces-verbaal van bevindingen waarin, naast de inhoud van de Ennetcom-data, vaak ook andere feiten en omstandigheden zijn opgenomen. Het gaat dan niet meer om een schriftelijk bescheid, maar om een op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal.

  • -

    Voor zover de Ennetcom-data in de vorm van een schriftelijk bescheid voor het bewijs zijn opgenomen, gaat het om e-mailverkeer tussen twee of meer gebruikers van PGP-telefoons. Zelfs als de gebruiker of gebruikers van deze telefoons niet bekend zijn geworden, is geen sprake van een schriftelijk bescheid inhoudende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet is gebleken, als bedoeld in art 344a lid 3 Sv. Het gaat immers om de tekst van een e-mailwisseling, niet om de verklaring van één anonieme getuige. De unus-testis jurisprudentie is dan ook niet van toepassing.

Gelet op de vaststelling hiervoor dat de rechtbank de berichten als betrouwbaar heeft geoordeeld, hoeft hier niet terughoudend mee om te worden gegaan. Het beroep op artikel 344 lid 5 wordt daarom verworpen.

Onderzoek Bosnië (05/780056-17) 2

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

Het Openbaar Ministerie heeft gesteld dat verdachte een motief heeft gehad voor de aanslag op de gebroeders [naam 14] en dat de betrouwbaarheid van het Ennetcom-systeem als geheel wordt bevestigd door externe gegevens en door het feit dat op de accounts [naam 15] en [naam 16] persoonlijke gegevens van familie en vrienden van [verdachte] zijn opgeslagen. Op grond van het zich in het dossier bevindende wettige bewijs is het Openbaar Ministerie tot de overtuiging gekomen dat [verdachte] kan worden veroordeeld voor het medeplegen van:

  • -

    de moord op [slachtoffer 1] op 31 december 2015 te Kerkdriel, en

  • -

    de poging tot moord op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] op 31 december 2015 te Kerkdriel.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit van de liquidatie van [slachtoffer 1] en de poging tot liquidatie op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] . Daartoe is onder meer aangevoerd dat [naam 17] of een soortgelijke bijnaam niet de bijnaam van [verdachte] was, deze bijnaam door meerdere mensen werd gebruikt, de afkorting [afkorting] veelvuldig door anderen werd gebruikt, het account [naam 16] ook werd gebruikt door een Spaanstalig persoon en de inhoud van de berichten van de [naam 16] op verschillende momenten niet past bij de verblijfplaats van [verdachte] . Als al zou kunnen worden bewezen dat [verdachte] op enig moment de gebruiker was van de [naam 15] en [naam 16] , betekent dit niet dat hij de enige gebruiker was.

Tot slot heeft de verdediging aangevoerd dat niet kan worden bewezen dat de rol van [verdachte] van zodanig gewicht is geweest dat sprake is van het medeplegen van de moord op [slachtoffer 1] dan wel de pogingen hiertoe op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] . Evenmin kan worden bewezen dat sprake is geweest van het opdracht geven tot de (pogingen tot) moord.

Beoordeling door de rechtbank

Vooraf

De rechtbank zal de bewijsverweren van de verdediging -voor zover de aannemelijkheid daarvan kan worden getoetst- bespreken tijdens de behandeling van de bewijsmiddelen.

Wat verder door en namens verdachte is aangevoerd ter ondersteuning van de Ennetcom-verweren en de overige bewijsverweren, wordt weerlegd door de bewijsmiddelen of hoeft niet besproken te worden omdat het verweer onvoldoende is onderbouwd en/of omdat de verdediging niet heeft aangegeven welk rechtsgevolg aan het verweer dient te worden verbonden.

De feiten

Op 31 december 2015 om 18:14 uur vertrokken [slachtoffer 3] (achterin), [slachtoffer 2] (bijrijder) en [slachtoffer 1] (bestuurder) van de camping in Kerkdriel. Ze verbleven pas maximaal drie weken, vanaf na Sinterklaas, in het chalet van [naam 18] (rechtbank: [naam 18]). Ze reden naar de slagboom. De slagboom ging open en [slachtoffer 3] hoorde knallen. Zijn broertje [slachtoffer 1] schreeuwde, hij was geraakt. Er waren twee schutters. Ze werden van rechts en van voren beschoten. [slachtoffer 3] zag een schutter voor hem staan. Er ging door het portier een kogel langs zijn hoofd.3

[slachtoffer 2] zag een schutter recht voor hem. Het was een getinte man van ongeveer 1.83 meter met een normaal dan wel slank postuur, een zwarte hoodie, een korte jas tot aan de heupen en gezichtsbedekkende kleding van kin tot neus. De man begon gericht te schieten. [slachtoffer 2] dook weg. Hij ging in een foetushouding zitten en hoorde knallen van rechts. Hij werd door een kogel via de bijrijdersdeur geraakt. Dit was rechts boven zijn bil, in zijn onderrug. De schoten waren heel snel achter elkaar. Hij hoorde [slachtoffer 1] zeggen dat hij ook was geraakt en zag bloed op zijn T-shirt.4

Niettemin reed [slachtoffer 1] door. Ze sloegen bij de uitgang van de camping links af en vervolgden hun weg via de dijk. [slachtoffer 1] hield het vervolgens niet meer vol en [slachtoffer 3] nam het stuur vanuit de achterbank over. Samen met [slachtoffer 2] bracht hij het voertuig tot stilstand, waarna [slachtoffer 1] achterin werd gelegd en [slachtoffer 3] verder reed. Een paar minuten later kwamen ze aan bij een woning waar [slachtoffer 2] aanbelde.5

Aan de [adres 2] werd tussen 18:15 uur en 18:20 uur getoeterd door een auto. De bewoners van nummer 4 , waaronder [naam 19] , zagen ineens een vrij nieuwe [getuige 5] [merk auto 1] met kenteken [kenteken 1] op hun oprit staan. Deze auto was met grote snelheid aan komen rijden. Er werd geroepen dat ze beschoten waren en er een ambulance gebeld moest worden. De jongen (rechtbank: [slachtoffer 3]) haalde daarop een gewonde man, zijn broertje (rechtbank: [slachtoffer 1]), uit de auto. De derde betrokken persoon (rechtbank: [slachtoffer 2] ) – met een verwonding aan zijn heup – belde bij de overburen aan, waar hij vervolgens in elkaar zakte.6

De melding luidde vervolgens als volgt:

“M: Goedendag met [naam 19] (de rechtbank begrijpt: [naam 19] ), [adres 2] . Ik heb met spoed een ambulance nodig. (…) De zijn mensen hier melden zich bij mij die zijn beschoten. Ik heb een gewonde man op straat en de bestuurder is ook gewond. De man vertelt over 3 man, 3 man die gewond zijn. (…) 3 gewonden waarvan 1 man op straat ligt te kermen. (…)

A: zijn de daders daar nog mijnheer?

M: nee hun zijn weggereden. (…) Ik geef u even 1 van de gewonden.

NM1: hij krijgt moeilijk adem. Moet ik hem optillen of laten liggen?

A: laten liggen mijnheer.

NM1: Ok laten liggen. Hij krijgt moeilijk adem wat moet ik dan?

A: U kunt hem het beste even op de zij draaien. Lukt dat?

NM1: Op de zij, ga maar op je zij liggen [slachtoffer 1] .

A: Luister eens. Hij is beschoten zegt u?

NM1: hij is beschoten in zijn buik.

A: in zijn buik geschoten.

NM1: Ja ik ben in mijn hoofd geraakt.

A: U in uw hoofd geraakt en die ander?

NM1: die ander is ook geraakt. (…) Ik weet niet waar mevrouw. Mevrouw wilt u aub. Mijn broertje is even belangrijker op dit moment. (…)

NM1; Hoe laat zijn ze hier denkt u. Mevrouw ik kan daar niet over beginnen. Alleen mijn broertje. weet u hoe lang ze hier zijn? Ik ben geraakt in mijn gezicht volgens mij. Hij krijgt moeilijk adem.

A: Ademt diegene nog wel?

NM1: Ja je ademt toch nog een beetje [slachtoffer 1] . Je ademt nog.

(…)NM1: ja er komt bloed uit de buik. Moet ik me hand daar houden?

(…) NM1: Ja ik weet het niet mevrouw. Ik voel geen pijn, maar ik ben wel geraakt. Paar keer in mijn gezicht volgens mij.(…)”. 7

De politie kwam na de melding van omstreeks 18:19 uur ter plaatse bij de [adres 2] aan. Midden op de weg lag een man op zijn linkerzij. Er was bloed op zijn borst te zien. Een ander slachtoffer, met zijn hele hoofd onder het bloed, hing over hem heen. Hij vertelde dat ze beschoten waren op de camping bij de grote sporthal en sportschool. Het was de verbalisant ambtshalve bekend dat de sporthal de [naam 20] zich nabij camping [naam 21] aan de [adres 3] bevond. Het slachtoffer gaf zijn eigen en zijn broers personalia door, [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum 5] ) en [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 4] ). Het derde slachtoffer lag in de voortuin, rechts naast een voordeur, op de grond. Deze persoon, [slachtoffer 2] , hield een doek op zijn rechterbil vast en zei dat hij was beschoten. Vervolgens werden alle slachtoffers de ambulance in geholpen en naar het ziekenhuis gebracht. Verder werden de [getuige 5] [merk auto 1] met kenteken [kenteken 1] met diverse schotbeschadigingen en bloedvegen -en spatten, en de bebloede [getuige 5] toegangspas in de berm veiliggesteld.8

[slachtoffer 1] werd tussen 19:00 en 19:10 uur op de SEH van het UMCU binnengebracht met vele kogelverwondingen. Er was sprake van ernstig inwendig bloedverlies. Om 19: 28 uur werd [slachtoffer 1] officieel als overleden beschouwd.9 Er werd dan ook sectie op het lichaam van [slachtoffer 1] verricht. Er waren totaal ongeveer 27 perforaties, grotendeels het gevolg van schotletsels. Het betrof zowel directe als indirecte schotletsels, al dan niet via het afketsen van kogels dan wel ook door uiteenspattende munitiedelen, losgeschoten autodelen en/of losgeschoten botdelen. Er bevonden zich circa 15 projectiel(delen) in het lichaam. Alle schotletsels en schotkanalen bevonden zich aan de rechterzijde van het lichaam. Als gevolg van de schotverwondingen was massaal bloedverlies en algehele orgaanschade door zuurstofgebrek opgetreden. De patholoog concludeerde: “ [slachtoffer 1] , 27 jaar oud geworden, is overleden als gevolg van verwikkelingen van meermalen bij leven opgelopen schotverwondingen”.10

[slachtoffer 3] werd op 31 december 2015 ook in het Universitair Medisch Centrum te Utrecht behandeld aan zijn verwondingen. Het ging daarbij om een schotwond aan de linkerzijde van de borstkas, een schotwond aan het onderbeen rechts en tot slot een schampwond van een kogel op de bovenzijde van het hoofd.11 Bij [slachtoffer 2] werden op 31 december 2015 twee huiddefecten in de bilregio waargenomen. Daarbij was sprake van ernstig bloedverlies.12

Beelden

Van de schietpartij zijn camerabeelden beschikbaar, die door de politie zijn bekeken. Op de beelden is te zien dat er om 17:35 uur een donkerkleurige auto, type stationwagen, met dimlicht over de [adres 3] komt aanrijden en op de parkeerplaats van camping [naam 21] parkeert (met de achterzijde richting de dijk). De auto wordt vervolgens, zodra mogelijk, twee keer dichterbij de ingang van de camping geparkeerd. Om 18:14 uur is te zien dat er een lichtgekleurde personenauto stopt voor de slagboom. Het logo van het automerk [merk auto 1] wordt herkend. De bestuurder steekt zijn arm uit in de richting van de detectiepaal. Op dat moment komt vanuit de donkerkleurige personenauto schutter 1 ( [naam 22] ) over de stoep aangerend. De slagboom gaat omhoog en rechtsvoor van de [merk auto 1] komt een capuchon dragende (met bontkraag en verder schoenen met anders gekleurde neuzen) schutter 1 aangerend in de richting van de [merk auto 1] . Schutter 1 schiet vervolgens gericht, op ongeveer een afstand van twee meter, op de [getuige 5] [merk auto 1] in de richting van de bestuurder. Terwijl de slagboom verder omhoog gaat, blijft schutter 1 in de richting van de [merk auto 1] schieten. Rechtsachter schutter 1 is schutter 2 ( [naam 23] met een jas met een horizontale reflecterende streep op borsthoogte) te zien. De [getuige 5] [merk auto 1] rijdt onder de slagboom door, in de richting van de uitgang, terwijl schutter 1 doorgaat met schieten. Wanneer de auto ter hoogte van schutter 2 is, vuurt deze schutter voor de eerste keer in de richting van de [merk auto 1] . Schutter 1 en 2 blijven op de [getuige 5] [merk auto 1] schieten, terwijl het voertuig verder richting de uitgang rijdt. De [merk auto 1] rijdt met hoge snelheid het parkeerterrein van de camping af, links de [adres 3] op in de richting van [plaatsnaam 2] . Op de beelden is gezien (en geteld) dat schutter 1 en 2 allebei meer dan 10 keer hebben gevuurd. Omstreeks 18:15 uur stappen de schutters in een donkerkleurige auto, type stationwagen, en rijden weg richting sporthal de [naam 20] .13

Camping

De politie heeft op 31 december 2015 ter plaatse op de camping aan de [adres 3] , gemeente Maasdriel, nader onderzoek verricht. Voor het bedrijfsgebouw op de camping – waarin de receptie, het eetcafé [naam 24] en de cafetaria [naam 25] zijn gevestigd – langs loopt de toegangsweg naar het campingterrein. Deze toegangsweg is versperd door één slagboom. Bij het onderzoek zijn (in)schotbeschadigingen in het bedrijfsgebouw, waaronder in een ruit die behoorde tot de receptie van de camping en een ruit die behoorde tot de cafetaria (met ook een dergelijke beschadiging in de reclamepop die buiten in de hoek voor cafetaria [naam 25] stond), waargenomen. Op het wegdek van het parkeerterrein zijn verder 17 hulzen aangetroffen. Alle aangetroffen hulzen op de parkeerplaats (AAIP8573NL, - 74NL, -75NL, - 76NL, -77NL, - 78NL, - 79NL, -80NL, -81NL, -82NL, -83NL, -84NL, -85NL, -86NL, -87NL, -88NL, -89NL) en op de tafel – welke al door de beheerder waren opgeveegd en daar waren neergelegd – in de receptie (AAIP8563NL, - 62NL, -61NL, -60NL, -59NL en -58NL) zijn veiliggesteld.14

[merk auto 2]

Op 31 december 2015 is vervolgens omstreeks 18:24 uur een autobrand ter hoogte van de [adres 4] gemeld.15 Op het moment dat de brandweer arriveert, staat de auto al helemaal in brand. Nadat de brandweer rondom de auto hulzen en kogels vindt, wordt de politie ingeschakeld. Het kenteken van de auto is [kenteken 2] , aldus de getuigen [getuige 1] en [getuige 2] van de brandweer.16

De vraag is of dit ook het echte kenteken van de auto betreft en zo ja aan wie deze auto toebehoort. Daartoe is onder meer onderzoek gedaan naar het chassisnummer. Op de rechter schroefveerkoker onder de motorkap is chassisnummer [nummer 4] aangetroffen, een nummer dat behoort bij een personenauto van het merk [merk auto 2] , type [type 1] , kleur zwart met kenteken [kenteken 3] . Dit voertuig staat sinds 23 oktober 2015 als gestolen geregistreerd. Sinds 10 januari 2014 is [naam 26] de eigenaar van dit voertuig. Het kenteken [kenteken 2] hoort, aldus navraag bij het RDW, bij een [merk auto 2] van het type [type 2] , kleur blauw met chassisnummer [nummer 5] en staat sinds 19 april 2015 op naam van [naam 27] .17 Hieruit volgt dat een gestolen voertuig en valse/van diefstal afkomstige kentekenplaten zijn gebruikt.

De politie heeft ook de inhoud van de auto en de omgeving rondom de auto onderzocht. In een straal van ongeveer twintig meter bevonden zich restanten van munitie. Deze munitie bestond uit losse onderdelen (hulzen, kogelpunten en manteldelen) van geëxplodeerde geweerpatronen, wat onder meer kan plaatsvinden in geval van hitte-inwerking zoals bijvoorbeeld door een brand. In het voertuig zelf werden voor de bijrijdersstoel verbrande resten van twee wapens aangetroffen.18 De wapens (SIN [nummer 6] en [nummer 7]) konden aan de hand van nader onderzoek worden aangemerkt als automatische wapens van het merk [merk 1] , type [type 3] met kaliber 7,62 mm.19

Vervolgens werd onderzoek gedaan naar een mogelijk verband tussen de schietpartij en de negen minuten later aangetroffen [merk auto 2] in Zaltbommel. Hiervoor is onder meer gekeken naar uiterlijke overeenkomsten tussen foto’s van de [merk auto 2] [type 4] in originele en uitgebrande staat en vervolgens de donkerkleurige personenauto op de camerabeelden van camping [naam 21] .

Bij de vergelijking zijn overeenkomsten aangetroffen qua:

  • -

    Merk/Type: [merk auto 2] type 5 serie;

  • -

    Model [model] (stationwagen);

  • -

    Donkerkleurig/zwart carrosserie;

  • -

    Lijn van de koplichten behorende bij het model;

  • -

    Dakrails;

  • -

    Shadowline zijraam lijsten kleur zwart;

  • -

    Derde remlicht in achterruit;

  • -

    GPS antenne op het dak (driehoekige vorm);

  • -

    Naar binnen gebogen achterlichten;

  • -

    Richtingaanwijzer op spatschermen voor;

  • -

    Originele [merk auto 2] lichtmetalen velgen (dubbelspaak).20

Vervolgens zijn de twee (verbrande) automatische wapens met de aangetroffen hulzen op de camping (en later ook in het lichaam van [slachtoffer 1] ) vergeleken. Bij dit onderzoek zijn naar aanleiding van alle veiliggestelde hulzen twee groepen gevormd, waarbij beide groepen hulzen bestaan uit zowel hulzen van de parkeerplaats als hulzen van de tafel op de camping. Deze hulzen zijn vergeleken met de twee automatische wapens. Het NFI-concludeert dat het meer dan één miljoen keer waarschijnlijker is (rechtbank: hoogste gradatie van het NFI) dat de hulzen uit groep І (AAIP8558NL, -60NL, -61NL, -62NL, -63NL, -81NL, -82NL, -86NL, -87NL, -88NL en -89NL) zijn verschoten met het geweer [nummer 7] dan dat zij zijn verschoten met één of meer vuurwapens van hetzelfde kaliber en met dezelfde systeemkenmerken.

Hetzelfde geldt vervolgens voor de hulzen van groep ІІ (AAIP8559NL, -73NL, -74NL, -75NL, -76NL, -77NL, -78NL,-79NL, -80NL, -83NL, -84NL en -85NL), waarvan ook wordt geconcludeerd dat het meer dan één miljoen keer waarschijnlijker is (rechtbank: hoogste gradatie van het NFI) dat zij zijn verschoten met het geweer [nummer 6] dan met één of meerdere wapens van hetzelfde kaliber en met dezelfde systeemkenmerken. Verder zijn 12 kogels dan wel delen van munitie uit het lichaam van [slachtoffer 1] veiliggesteld (SIN: [nummer 8]). Daarvan wordt geconcludeerd dat het 10 tot 100 keer waarschijnlijker is dat de kogelmanteldelen ( #8.1 en -#11) zijn afgevuurd uit de loop van het geweer [nummer 7] dan uit het geweer [nummer 6] of een andere loop van hetzelfde kaliber en met dezelfde kenmerken.21

Gelet op deze resultaten van het vergelijkend onderzoek in samenhang met de genoemde overeenkomsten tussen de auto op de beelden van de camping en het voertuig aan de [adres 4] , acht de rechtbank bewezen dat deze wapens door de schutters op de camping zijn gebruikt en dat de auto is gebruikt voor de vlucht vanaf de camping naar Zaltbommel.

Voorbereiding

Zoals overwogen, verbleven de broers [achternaam slachtoffers] pas hooguit drie weken in het chalet op de camping in [plaatsnaam 3] . Het gaat hierbij om chalet [nummer 9] , waarvan de sleutel ook aan de sleutelbos in de [merk auto 1] [type 7] met kenteken [kenteken 1] is aangetroffen.22

Het chalet ligt aan het water, een eind van het hoofdpad af. Eén van de buurtbewoners noemt de waterscooter van [naam 18] van chalet [nummer 9] .23 Over het chalet heeft [slachtoffer 3] verklaard dat het moeilijk te vinden is. Je moet echt weten om welk chalet het gaat.24

[slachtoffer 2] bevestigt dat ze verbleven aan een huisje aan het einde van een pad. Hij verklaart: “het is aan het water ongeveer 300 of 400 meter en dan ga je naar rechts en dan zie je een huisje met een terras”.25 De [getuige 5] [merk auto 1] hebben ze ook maar maximaal drie weken in hun bezit gehad. Daarvoor is het een [merk auto 3] geweest.26

De getuige [getuige 3] verklaart dat hij één-twee dagen voor de schietpartij rond 19:00 uur met zijn [merk auto 4] de camping op reed en werd aangesproken door twee Marokkaanse jongens. Eén van de jongens vroeg waar chalet [nummer 10] was. De getuige had geantwoord dat dit ongeveer in het midden was. De andere jongen liep door, de camping af, en riep tegen de jongen die bij de getuige stond dat hij moest opschieten. De jongen gaf vervolgens aan hij weg moest en liep achter hem aan. De jongen die de getuige aan had gesproken, was begin twintig, mager en ongeveer 1.90 meter lang. Verder had hij een licht getinte huidskleur, kort zwart haar, en droeg hij naast donkere kleding een capuchon (zonder verdere kraag) over zijn hoofd. De jongen die door liep, was ook rond de 20 jaar oud. Verder had de jongen een licht getinte huidskleur, donker kort haar, een mager postuur, een lengte van ongeveer 1.80 meter en droeg hij donkere kleding.27 Chalet [nummer 10] lag net voor het pad dat leidt naar chalet [nummer 9] . Als vanuit het naastgelegen grindpad naar het water werd gelopen, was chalet [nummer 9] goed zichtbaar.28

Tot slot overweegt de rechtbank dat het chalet een schuiladres was. [naam 167] (rechtbank: [naam 167]) had aangegeven dat hij “die broers” zou gaan pakken. Vanuit de groep van [naam 167] en [naam 29] werden [slachtoffer 3] en zijn broertje [slachtoffer 1] “de [naam 85] ” genoemd.29

Eerdere bezoeken aan de camping

De rechtbank leidt uit dit voorgaande af dat voor wat betreft het achterhalen van de verblijfplaats van de broers [achternaam slachtoffers] een voorbereiding kort voor het feit nodig is geweest. Naast de camerabeelden van 31 december 2015, zijn vervolgens ook de overige camerabeelden bekeken om te onderzoeken of de verdachten dan wel de door hen gebruikte voertuigen, de [merk auto 2] en zoals nog volgt de [merk auto 5] , eerder op de beelden van de camping zijn geregistreerd. Dit heeft geleid tot een beschrijving van vijf bezoeken.

Op de beelden van 28 december 2015 (bezoek 1) zijn daarbij de volgende bijzonderheden geconstateerd. Omstreeks 20:38 uur lopen twee onbekende mannen vanaf de [adres 3] richting de ingang van camping [naam 21] . Eén van de personen heeft een capuchon op zijn hoofd en draagt schoenen met verschillende kleuren (persoon 2, [naam 23] ). Deze persoon heeft een vreemd loopje. De andere persoon (persoon 1, [naam 22] ) heeft zijn capuchon met bontkraag niet op zijn hoofd en draagt verder schoenen met anders gekleurde neuzen. Op de hoek van de receptie blijven ze staan. Omstreeks 20:42 uur lopen de twee onbekende personen langs de slagboom in de richting van het campingterrein.

Om 20:47 uur rijdt een donkerkleurige [merk auto 4] het terrein op en stopt enkele meters na de slagboom. Omstreeks 20:48 uur is te zien dat de twee onbekende personen het campingterrein af lopen, langs de slagboom, terug in de richting van de parkeerplaats aan de dijk.30 Gelet op de inhoud van deze beelden in samenhang met de verklaring van de getuige [getuige 3] – in de zin dat hij met zijn [merk auto 4] het terrein is opgereden en vervolgens is gevraagd naar een chalet dichtbij het chalet van de slachtoffers (passend bij een voorbereidend bezoek en waarna de jongens ook snel zijn vertrokken) –, acht de rechtbank bewezen dat de bewoner [getuige 3] getuige is geweest van het laatste deel van het eerste bezoek van de mannen aan de camping.

Op 29 december 2015 zijn er meerdere bezoeken waar te nemen, te beginnen met een donkerkleurige personenauto, type stationwagen, die om 03:20-03:21 uur (bezoek 2) over de [adres 3] komt aanrijden uit de richting van Zaltbommel. De auto rijdt het parkeerterrein van camping [naam 21] op en wordt met de achterzijde in de richting van de [adres 3] geparkeerd. Twee onbekende personen stappen uit en lopen via de slagboom het campingterrein op. Wederom gaat het om een persoon met een jas zonder bontkraag (en schoenen met verschillende kleuren, [naam 23] ) en persoon met een jas met bontkraag ( [naam 22] en schoenen met anders gekleurde neuzen). Verder is een op een automatisch vuurwapen gelijkend voorwerp bij [naam 23] te zien. Deze persoon heeft opnieuw een afwijkende manier van lopen. Vervolgens komen de twee onbekende personen om 03:36 uur teruggelopen uit de richting van het campingterrein en stappen in de donkerkleurige personenauto, type stationwagen, die boven aan de [adres 3] rechts in de richting van Zaltbommel rijdt.31

Later deze dag, om 20:42 uur, is op de beelden waar te nemen dat er twee onbekende personen vanaf de parkeerplaats aan de dijk in de richting van de receptie lopen (bezoek 3). Het betreffen opnieuw twee personen, waarvan één persoon een jas met bontkraag ( [naam 22] ) en de andere persoon een jas zonder bontkraag ( [naam 23] , met verder een afwijkende manier van lopen) draagt. Om 20:53-20:54 uur komen de personen uit de richting van het campingterrein en lopen over de parkeerplaats in de richting van de [adres 3] , waar om 20:55 uur een donkerkleurige stationwagen uit de richting van [plaatsnaam 2] komt rijden en in de richting van Zaltbommel gaat. Het voertuig lijkt op het model en type waarmee de twee verdachten na de schietpartij zijn weggereden.

Om 21:30 uur komt vervolgens een donkerkleurige personenauto, type stationwagen, aanrijden over de [adres 3] . De auto komt uit de richting van Zaltbommel, rijdt links het parkeerterrein van camping [naam 21] op en parkeert daar met de achterzijde in de richting van het watersportcentrum. De bestuurder van de donkerkleurige personenauto ( [naam 22] ) en de bijrijder ( [naam 23] ) stappen om 22:11 uur uit de auto. Zij passeren de slagboom en lopen in de richting van het campingterrein. Zij dragen dezelfde kleding als eerder deze avond. Om 22:13 uur komen deze personen uit de richting van het campingterrein teruggelopen en stappen de donkerkleurige personenauto weer in. Om 22:35-22:36 uur gaat het autoportier van de bestuurder open en stapt [naam 22] uit de auto. Deze persoon rent – vermoedelijk met een vuurwapen, model automatisch geweer, in zijn linkerhand – in de richting van een kleine lichtkleurige personenauto, merk [merk auto 6] . Nadat er een auto voorbij is gereden, rent [naam 22] terug naar de donkerkleurige personenauto en stapt weer aan de bestuurderszijde in. Om 23:01 uur en 23:03-23:04 uur herhaalt zich dit, waarbij [naam 22] zich de laatste keer ook achter de [merk auto 6] verbergt tot een bestelauto voorbij is gereden. Om 23:06 uur verlaat de donkerkleurige personenauto de parkeerplaats en gaat rechts boven aan de dijk richting Zaltbommel. De auto die op 29 december 2015 is gebruikt, vertoont grote overeenkomsten met de auto waarmee de twee verdachten na het schietincident zijn weggereden,32 zijnde de [merk auto 2] met kenteken [kenteken 2] . Gelet op de overeenkomsten voor wat betreft de auto en de kleding in de avond, acht de rechtbank bewezen dat in het tijdvak van 20:42 tot 23:06 uur de camping meermalen door dezelfde personen is bezocht.

Op 30 december 2015 zijn de volgende bijzonderheden waargenomen. Omstreeks 19:20 uur komen er twee NN-mannen uit de richting van de campinginrit aan de dijk gelopen. Zij lopen met gebogen hoofd en capuchon langs de slagboom het campingterrein op. Daarbij is te zien dat bij het lopen het linkerbeen van één van de mannen een opvallende “zwabberbeweging” maakt. De man ( [naam 23] ) draait zijn linkervoet bij het neerzetten naar “links buiten” (en draagt weer schoenen met verschillende stoffen/kleuren). Omstreeks 19:29 uur komt een fors gebouwde NN-man het campingterrein afgelopen in de richting van het parkeerterrein, gevolgd door de twee NN-mannen. De mannen verdwijnen uit het zicht tot omstreeks 20:44 uur [naam 23] (met dezelfde kleding) weer uit de richting van de campinginrit aan de dijk, langs de slagboom, het campingterrein oploopt. Deze persoon vertoont grote gelijkenis met één van de twee onbekende personen eerder die avond om 19:20 uur. Tien minuten later (20:54 uur) rent [naam 23] terug, het campingterrein af, in de richting van het parkeerterrein.33 De rechtbank acht ook hier – mede in samenhang met de nog te volgen reisbewegingen – bewezen dat het gaat om dezelfde persoon die deze avond meermalen op de camping is geweest.

Vervolgens is gekeken naar de overeenkomsten van deze personen met de verdachten van de schietpartij op 31 december 2015. Daarbij is het volgende naar voren gekomen:

“ [naam 22] (rechtbank: schutter 1)

Man ongeveer een halve hoofdlengte groter dan [naam 23] (…)

Geschatte lengte tussen de 1,70 meter en 1,95 meter

Normale manier van lopen

Kort geknipt kapsel, vermoedelijk donkerkleurig haar

Op 28 -12, 29-12 's nachts en op 31-12 draagt hij een jas met capuchon met daaraan een

bontkraag. (…)

Op 28 -12, 29-12 ’s nachts en op 31-12 draagt hij schoenen waarvan de neus anders gekleurd is (…)

[naam 23] (rechtbank: schutter 2)

Man ongeveer een halve hoofdlengte kleiner dan [naam 22] (…)

Geschatte lengte tussen de 1,65 meter en 1,85 meter

Afwijkende manier van lopen (…)

Op 28 , 29 en 30 december draagt hij een jas met capuchon, zonder bontkraag. (…)

Schoenen met verschillende kleuren en/of materiaal (…)

Op 31 december draagt hij een jas met een horizontale reflecterende streep op borsthoogte.

Deze streep is zowel op de voor- als achterkant waar te nemen (…)”.34

Uit het voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank dat sprake is geweest van een vijftal bezoeken. Het gaat om bezoeken op:

  • -

    28 december 2015 tussen 20:38 uur en 20:48 uur (bezoek 1);

  • -

    29 december 2015 tussen 03:20 en 03:36 uur (bezoek 2);

  • -

    29 december 2015 tussen 20:42 en 23:06 uur (bezoek 3);

  • -

    30 december 2015 tussen 19:20 en 20:54 uur (bezoek 4 );

  • -

    31 december 2015 tussen 17:35 uur en 18:15 uur (bezoek 5).

Bij deze bezoeken zijn voor wat betreft het signalement op meerdere dagen overeenkomsten waar te nemen.

[merk auto 5]

Naast de [merk auto 2] die in ieder geval op 31 december 2015 – en zoals ook nog zal volgen op 29 december 2015 – is gebruikt, is sprake geweest van een tweede voertuig waarmee de verdachten zich vanaf de [adres 4] hebben verplaatst. Om te ontdekken welk voertuig dit is geweest, is onderzocht of de [merk auto 2] met (duplicaat) kenteken [kenteken 2] samen reist met een ander voertuig. Hiertoe zijn de geregistreerde kentekens in de periodes van vijf minuten voor en na de registraties van het kenteken [kenteken 2] opgevraagd.

Vervolgens is te zien dat het voertuig met het kenteken [kenteken 4] op 29 december 2015 om 02:21:06 uur en de [merk auto 2] met kenteken [kenteken 2] op 29 december 2015 om 02:21:08 uur dezelfde Vialis camera passeren. Er is sprake van een tussenruimte van twee seconden. Dit geldt vervolgens ook voor de registratie van het kenteken [kenteken 4] op 29 december 2015 om 02:21:08 uur en de registratie van de [merk auto 2] ( [kenteken 2] ) op dezelfde dag om 02:21:10 uur door dezelfde ARS-camera aan de [adres 5] richting de ringweg Noord/A10 (richting zuid oost).

Tot slot worden de kentekens [kenteken 4] en [kenteken 2] om 02:21:21 uur en 02:21:24 uur – met een tussenruimte van drie seconden – door dezelfde ARS camera op de oprit A10 vanaf de N247 richting [plaatsnaam 4] geregistreerd.35 Uit dit voorgaande volgt dat de [merk auto 2] en de [merk auto 5] zich in ieder geval op deze momenten in elkaars onmiddellijke nabijheid bevonden en zich in dezelfde richting verplaatsten, waarbij de beide auto’s tenminste éénmaal van rijrichting veranderen.

Het kenteken [kenteken 4] is afgegeven voor een groene [merk auto 5] en heeft in de periode van 19 december 2015 tot en met 5 januari 2016 op naam gestaan van [medeverdachte 1] , wonend aan de [appellant] .36 Kenmerkend voor dit type voertuig is onder meer dat het derde remlicht aan de bovenkant zit, de achterlichten zich redelijk hoog ten opzichte van het nummerbord bevinden en dat de voorlichten – door de gebolde vorm – enigszins uitstralen naar de zijkant.37

Hierop zijn vervolgens (nogmaals) de beelden van de camera’s op en rond de in-/uitgang van camping [naam 21] bekeken.

Op de camerabeelden is zoals voornoemd onder meer te zien dat op 28 december 2015 omstreeks 20:38 uur twee personen de parkeerplaats van de camping op lopen. Zij komen lopend vanaf de [adres 3] (uit de richting van [plaatsnaam 2] ). Gelet daarop is gekeken naar voertuigen die tussen 20: 28 en 20:38 uur over de [adres 3] zijn gereden. Vervolgens zijn aan de hand van kenmerken van het voornoemde type [merk auto 5] – voornamelijk aan de hand van de positionering van de achterlichten en de reflectoren op de achterbumper – drie voertuigen gezien die grote overeenkomsten vertonen met het model van deze [merk auto 5] . Het gaat om een auto om 20:30:02 uur vanuit de richting Zaltbommel in de richting van [plaatsnaam 2] , een voertuig om 20:32:50 uur – beduidend langzamer rijdend dan het overige verkeer – vanuit de richting [plaatsnaam 2] naar Zaltbommel en tot slot een auto om 20:34:58 uur vanuit Zaltbommel naar [plaatsnaam 2] .38

De vervolgvraag is of dit ook daadwerkelijk de [merk auto 5] met kenteken [kenteken 4] is geweest. De rechtbank beantwoordt deze vraag bevestigend en verwijst hiertoe naar de reisbewegingen van de auto. Op onder meer 28 december 2015 reizen met de auto mee de telefoonnummers [nummer 11] , [nummer 12] en [nummer 13] . Telefoonnummers ten aanzien waarvan de rechtbank – zoals nog volgt – zal overwegen dat [medeverdachte 1] de gebruiker is geweest. De reisbewegingen van deze nummers, het nummer [nummer 14] – zoals nog volgt van [medeverdachte 2] – en tot slot de [merk auto 5] zullen nog nader aan de orde komen.

[medeverdachte 1] heeft onder meer verklaard dat hij “de auto (…) die jullie aantonen” (de rechtbank begrijpt onder meer de [merk auto 5] met kenteken [kenteken 4]) in gebruik heeft gehad.39 Hij verklaart echter ook dat hij de auto in de periode van 28 tot en met 31 december 2015 heeft uitgeleend (p. 4270). Deze alternatieve verklaring acht de rechtbank niet aannemelijk. De rechtbank overweegt hiertoe dat, zoals zal volgen, bij alle bezoeken één of meerdere telefoonnummers van [medeverdachte 1] meereizen met de [merk auto 5] . Daar komt nog bij dat [medeverdachte 1] ook meermalen praat over zijn auto (m’n waggie/wakkie), te beginnen op 25 december 2015:

Tapgesprek d.d. 25 december 2015 om 16:35 uur van 6666 ( [naam 30] ) naar [nummer 15] ( [medeverdachte 1] ):

“(…) H: ... ik ga naar garage, vriend, m'n waggie is kapot (…)

H:...ntv...een kleine ... autootje (praten door elkaar)

R: wat dan gewoon zo'n wegwerpding?

H: juist, zo'n [type 5] , een beetje die nieuwe, je weet toch

R: hee man je moet ééntje halen die je kan weggooien soldier, gewoon wegwerp-tielie je weet toch, zo eentje moet je halen....

H: ja he he he (lacht)

R: gewoon weggooie-oes, broer, gewoon uitstapp-oes (fon) weggooie-oes, loesoe, rot op, je weet zelf!(…)

H: he maar die ...ntv (klinkt als een naam of 'die ander') mag echt niet weten he, dat snap je toch?

R ja ja ja nee ik ga hem bellen ik ga zeggen ja man [naam 31] heeft gedaan man, ben je gek, of zo?!

H: nee nee, ben je gek, bek je gek, nou maak je niet druk! (…)”. Via stemherkenning is vastgesteld dat de gebruiker van telefoonnummer [nummer 15] [medeverdachte 1] was,40 die in dit gesprek dus ook [naam 31] werd genoemd.

Vervolgens stuurt [medeverdachte 1] als gebruiker van het account [naam 32] aan de gebruiker van account [naam 16] ( [verdachte] ) – waarbij de rechtbank hierna nog op de identificatie zal ingaan – op 1 januari 2016 de volgende berichten:

“19:59:25 [naam 32] Bro met die wakkie weggrijden van mij als vluchtauto is ook fuckingg heet he gaan we nooit meer doen man beter huren en op iemand andere naam gooien ofso (…)

20:53:42 [naam 32] Top broo lovee youu bro echt alleen aan wat ik nu denk bro is me wakkie ze kunnen niks doen toch is geen bewijs dat ik daar ben geweest met me wak neetoch (…)”. 41

Uit al dit voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank niet alleen dat het niet aannemelijk is dat [medeverdachte 1] de auto heeft uitgeleend – hij heeft immers over “die wakkie van mij” en “me wakkie” en zijn telefoons reizen met de auto mee – , maar ook dat deze [merk auto 5] bij de liquidatie als verkennings- en vluchtauto is gebruikt.

Reisbewegingen:

Vervolgens zal de rechtbank, zoals aangekondigd, ingaan op de reisbewegingen van onder meer de verschillende telefoonnummers van [medeverdachte 1] en het telefoonnummer

[nummer 14] , een telefoonnummer van [medeverdachte 2] .42 Bij de reisbewegingen zullen ook de PGP-toestellen [naam 6] en [naam 33] worden betrokken, de toestellen – zoals de rechtbank later zal concluderen – van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] .

Bezoek 1: maandag 28 december 2015 (op de camping tussen ongeveer 20:38 en 20:48 uur)

Telefoonnummer (eindigend op de laatste vier cijfers)/kenteken

Tijd

Locatie mast / camera en/of bijzonderheden

[nummer 2] ( [naam 6] )

15:40 uur

[adres 6] (thuismast)

[nummer 15]

15:44 en 16:00 uur

[adres 6] (thuismast)

[nummer 16]

17:03 uur

[adres 7] (thuismast)

[nummer 16]

vanaf 17:03 uur

Meerdere gesprekken naar een taxibedrijf, waarbij om 16:51 uur een taxi is besteld vanaf de [adres 8] . Om 17:03 uur is door de taxichauffeur gebeld naar het telefoonnummer eindigend op [nummer 16] . De taxichauffeur verklaart dat hij heeft gebeld toen hij het adres niet kon vinden en dat de klant op de kruising van de [adres 109] is uitgestapt. Dit is om 17:25 uur geweest, aldus de rittenstaat.

[kenteken 4]

17: 28 - 17:31 uur

[adres 10] , zijnde in de richting van centrum Rotterdam/ [adres 109]

[nummer 2] ( [naam 6] )

18:27 uur

[adres 12] (bij de A59, de snelweg tussen de A16 en Den Bosch)

[nummer 16]

18: 28 uur

[adres 13] (bij de A59, de snelweg tussen de A16 en Den Bosch)

[nummer 16] gebruikt 7x

19:49 - 20:16 uur

[adres 14] op 20:15 en 20:16 uur

[nummer 17]

20:12 uur

[adres 15]

[kenteken 4]

20:15:53

20:17:12

20:17:46

A59 van Den Bosch naar Zevenbergen

A59 van Zevenbergen naar Den Bosch

A59 oprit naar A2, HMP 139,9 richting Noord West

[nummer 2] ( [naam 6] )

20:31 uur

[adres 16] (gemeten tijdens netwerkmeting camping)

NN1 en NN2

20:38 - 20.48 uur

Camping [naam 21] , Kerkdriel

IMSI: [nummer 18] (behorend bij IMEI: [nummer 19] en e-mailadres [naam 33] )

21:13 uur

[adres 17]

[nummer 2] ( [naam 6] )

22:01 uur

[adres 16]

[naam 34] (in gebruik bij [slachtoffer 1] )

22:05 uur

Verlaten camping [naam 21]

[nummer 17]

22:18 uur

[adres 18] (aan de snelweg A2 tussen Den Bosch en Eindhoven)

[naam 34] ( [slachtoffer 1] ) 7x geregistreerd

22:24 – 23:05 uur

[adres 19] .

[kenteken 4] 6x geregistreerd

22:26 – 23:14 uur

Verschillende locaties op [adres 20] (eerste registratie om 22:25 uur net na de afrit van de snelweg A50)

[nummer 16] gebruikt 6 x

22:36 – 22:59 uur

Eindhoven

[nummer 20] ( [slachtoffer 1] ) 3x

23:04 – 23:05 uur

[adres 21]

[nummer 2] ( [naam 6] ), [nummer 15] en [kenteken 4]

23:17 uur tot 29-12-2015 om 00:43 uur

Reisbeweging van Best (een paar kilometer ten noorden van Eindhoven) via Liempde, Enspijk, Beesd, Utrecht en Oudekerk aan de Amstel naar Amsterdam.

[nummer 15]

00:40 uur

[adres 22]

[kenteken 4]

00:43 uur

Registratie Amsterdam op ongeveer 5,2 kilometer van de [adres 23] .

[nummer 17]

00:48 uur

[adres 24] (afstand camera auto [kenteken 4] om 00:48 uur en deze zendmast bedraagt ongeveer 240 meter).43

Zowel het telefoonnummer eindigend op [nummer 2] als op [nummer 15] straalt voorafgaand aan bezoek 1 de mast aan de [adres 6] aan. Deze zendmast bevindt zich op ongeveer 530 meter afstand van de woning van [medeverdachte 1] aan de [appellant] .44

Vervolgens is te zien dat het voertuig met het kenteken [kenteken 4] zich vanaf 17: 28 uur voor het eerst – niet eerder in deze stad geregistreerd – in Rotterdam bevindt ( [adres 25] ) en richting het centrum van Rotterdam rijdt ( [adres 26] ). Vanaf het Stadshouderviaduct is het vervolgens 11 minuten rijden naar de kruising [adres 109] , waar [medeverdachte 2] omstreeks 17:25 uur ook uit de taxi is gestapt.

Vervolgens worden door de telefoons met de nummers eindigend op [nummer 2] ( [medeverdachte 1] ) en [nummer 16] ( [medeverdachte 2] ) telefoonmasten aangestraald die dichtbij elkaar liggen, zoals Oosterhout om 18:27 uur (nummer [nummer 2] ) en Raamsdonkveer om 18: 28 uur (nummer [nummer 16] ) op hemelsbreed 3,2 kilometer afstand. Vervolgens is het voertuig met kenteken [kenteken 4] om 20:15:53, 20:17:12 en 20:17:46 uur vlakbij de afrit 48 op de A59 en het knooppunt Hintham (snelwegen A59 en A2) geregistreerd. Deze camera’s bevinden zich op vier kilometer afstand van de zendmasten aan de [adres 28] en [adres 29] , waarvan het telefoonnummer eindigend op [nummer 17] (van [medeverdachte 1] ) om 20:12 uur gebruik gemaakt heeft. Voor wat betreft het telefoonnummer eindigend op [nummer 16] , straalt de telefoon om 20:15 en 20:16 uur een mast aan op ongeveer 200 meter afstand van de camera waarmee de auto met het kenteken [kenteken 4] om 20:17:46 uur is geregistreerd. De afstand van deze camera naar de camping in Kerkdriel bedraagt daarna ongeveer 13,6 kilometer, zijnde dertien minuten rijden.

Vervolgens straalt het telefoonnummer eindigend op [nummer 2] ( [medeverdachte 1] ) na bijna veertien minuten de mast aan de [adres 52] – welke ook vanuit de camping wordt gebruikt – aan, waarna vervolgens zeven minuten later het eerste bezoek op de camerabeelden is te zien.45 Tijdens dit bezoek straalt verder de PGP-telefoon met e-mailaccount [naam 33] (en bijbehorend IMSI-nummer [nummer 18] en IMEI-nummer [nummer 21] ) – zoals nog aan de orde komt te relateren aan [medeverdachte 2] – de mast aan de [straatnaam 1] in Kerkdriel aan. De afstand van deze zendmast tot de zendmast aan de [adres 30] is hemelsbreed ongeveer 260 meter. De afstand van de mast aan de [adres 30] tot de ingang van de camping bedraagt hemelsbreed ongeveer 530 meter.46

Na 22:02 uur is aan de hand van de door de telefoonnummers [nummer 15] , [nummer 16] en [nummer 17] – de telefoonnummers van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] – en tot slot de registraties van kenteken [kenteken 4] een reisbeweging naar Eindhoven te zien. Zo straalt bijvoorbeeld de telefoon van [medeverdachte 1] ( [nummer 17] ) om 22:18 uur de mast in Boxtel – op de snelweg van Den Bosch naar Eindhoven – aan en wordt vervolgens de [merk auto 5] ongeveer acht minuten – en 15, 4 kilometer – later (net als ook de auto van [slachtoffer 1] ) in Eindhoven geregistreerd. Vervolgens wordt vanaf 22:36 uur ook door de telefoon van [medeverdachte 2] zesmaal gebruik gemaakt van een mast in Eindhoven.47

Gelet op al dit voorgaande acht de rechtbank bewezen dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 28 december 2015 samen – waarbij ook het aanstralen van de PGP-telefoon van [medeverdachte 2] past in de reisbewegingen – met de [merk auto 5] in de richting van Kerkdriel en daarna naar Eindhoven zijn gereisd. Nu verder de [merk auto 5] om 20:17 uur op een afstand van 13 minuten van de camping is geregistreerd, vervolgens vanaf 20:30 uur driemaal een auto wordt gezien met de kenmerken van dit specifieke type [merk auto 5] en tot slot de telefoon van [medeverdachte 1] om 20:31 uur ook gebruik gemaakt van de mast aan de [straatnaam 2] in Kerkdriel, acht de rechtbank bewezen dat niet alleen de telefoons met de gebruikers [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] maar ook dat de [merk auto 5] omstreeks het tijdstip van het eerste bezoek bij/op de camping is geweest.

Bezoek 2: 29 december 2015 (op de camping tussen ongeveer 03:20 uur en 03:36 uur)

Telefoon/kenteken

Tijd

Locatie mast / camera

[kenteken 4]

Vanaf 00:43 tot 02:01:06 uur

Registraties in Amsterdam

[kenteken 4]

02:21:06 uur

Afrit [straatnaam 16] , Amsterdam (richting NO)

[kenteken 2]

02:21:08 uur

Afrit [straatnaam 16] , Amsterdam (richting NO)

[kenteken 4]

02:21:08 uur

Oprit A10 vanaf N247 richting [plaatsnaam 4]

[kenteken 2]

02:21:10 uur

Oprit A10 vanaf N247 richting [plaatsnaam 4]

[kenteken 4]

02:21:21 uur

ASR-camera 169-A

[kenteken 2]

02:21:24 uur

ASR-camera 169-A

[kenteken 2]

02:23 uur

Amsterdam, Ringweg Oost/A10

NN1 en NN2

03.20 - 03.36 uur

Camping [naam 21] , Kerkdriel

[nummer 2] ( [naam 6] )

03:40 uur

[adres 31] (gemeten tijdens netwerkmeting camping)

[kenteken 4] (3x)

04:33 - 04:45 uur

[adres 32]

[nummer 15]

04:45 uur

[adres 33]

[nummer 15]

04:45 - 05:43 uur

Verplaatsing van Capelle aan den IJssel naar

Amsterdam

[kenteken 4]

05:24 uur

Bekeurd op de Autosnelweg A2 (Baambrugge), bekeuring betaald door ouders [medeverdachte 1]

[kenteken 4]

Vanaf 05:30 uur

Registraties in Amsterdam

[nummer 17]

05:52 uur

[adres 34] (220 meter van de woning van [medeverdachte 1] ).

[nummer 2]

06:48 uur

[adres 35] (530 meter van de woning van [medeverdachte 1] ).48

Bij dit bezoek komt de [merk auto 2] met kenteken [kenteken 2] – welke kort na de liquidatie brandend is aangetroffen – in beeld. Zoals overwogen worden de [merk auto 2] en [merk auto 5] vervolgens driemaal in elkaars nabijheid (binnen twee tot drie seconden na elkaar op dezelfde locatie) gezien. Vervolgens vindt 57 minuten later het tweede bezoek aan de camping plaats, waarbij de telefoon van [medeverdachte 1] ( [nummer 2] ) ook omstreeks dit bezoek (03:40 uur) een mast aanstraalt die vanuit de camping wordt gebruikt. Vervolgens is zowel via de registraties van het telefoonnummer van [medeverdachte 1] ( [nummer 15] ) als via het kenteken [kenteken 4] (ook op naam van [medeverdachte 1] ) een beweging via Capelle aan den IJssel naar Amsterdam waar te nemen. [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij in deze periode in de woning aan de [adres 36] sliep.49 Er is, aldus de verbalisanten, ruimte geweest om tussen de registraties van het kenteken [kenteken 4] in Capelle aan den IJssel langs de [straatnaam 3] te rijden.50

De rechtbank overweegt dat na het eerste bezoek niet is gebleken van registraties van het telefoonnummer [nummer 16] dan wel van de PGP-telefoon van [medeverdachte 2] onderweg naar dan wel in Capelle aan den IJssel. De verklaring van [medeverdachte 2] hiervoor – een niet goed werkende telefoon met nummer [nummer 16] (en verder het nemen van een taxi) – acht de rechtbank alleen al in verband met het vanaf Rotterdam meereizen met de telefoons van [medeverdachte 1] en de [merk auto 5] niet aannemelijk geworden. Zij acht bewezen dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] samen, met behulp van de [merk auto 5] , hebben gereisd.

Uit de historische gegevens van de telefoon van [medeverdachte 1] en de registraties van het kenteken [kenteken 4] volgt vervolgens dat zij na het eerste bezoek zijn teruggekeerd naar Amsterdam en daar tot omstreeks 02:01 uur zijn gebleven. Daarna vindt er, opnieuw rondom het tijdstip van een bezoek, een reisbeweging naar Kerkdriel plaats, waar de telefoon van [medeverdachte 1] ook omstreeks dit tijdstip gebruik maakt van een mast. Hierna volgt zoals genoemd, via Capelle aan den IJssel, een reisbeweging naar Amsterdam. De rechtbank overweegt ten aanzien van dit laatste punt dat de route van Kerkdriel ( [adres 3] ) via Capelle aan den IJssel naar Amsterdam ( [straatnaam 4] ) ruim vijftig minuten langer in beslag neemt (bron: Google maps) dan de rechtstreekse route van de camping naar de woning van [medeverdachte 1] . Gelet op al dit voorgaande, in onderlinge samenhang en in samenhang met de genoemde overeenkomsten in de signalementen, zal de rechtbank tot haar uitgangspunt nemen dat [medeverdachte 1] [medeverdachte 2] hier alsnog na het tweede bezoek aan de camping thuis heeft afgezet.

Bezoek 3: 29 december 2015 (op de camping tussen 20:42 en 23:06 uur)

Telefoon/kenteken

Tijd

Locatie mast / camera

[nummer 16] , 3 x contact

18:00 - 18:09 uur

[adres 37]

[nummer 16]

18:11 - 18:25 uur

Reisbeweging naar Delfgauw, Rijswijk en Den Hoorn

[nummer 2] ( [naam 6] )

18:09 uur

[adres 6] (op 530 meter afstand van de woning van [medeverdachte 1] )

[nummer 15]

17:48, 18:18 uur

[adres 6]

36PTNH

18:23 uur

Nieuw Leeuwardenweg in Amsterdam (Noord), richting IJtunnel

[nummer 15] (3x)

18:26 -18:29 uur

[adres 38]

NL601NGB0749424141

18:39 uur

Pinbetaling bankrekening [medeverdachte 1] bij tankstation [adres 39]

[nummer 15]

18:41-19.23 uur

Reisbeweging van Amsterdam naar Delft (Hoofddorp, Hoogmade, Zoeterwoude, Den Haag, Rijswijk en tot slot Delft). Past bij een reisbeweging over de A4 en A13.

[kenteken 4]

19:23 uur

Kruithuisweg in Delft (iets ten westen van afrit A13)

[kenteken 4]

19:26 uur

Oprit A13 richting Rotterdam

[nummer 15] 3x

19:27-19:32 uur

[adres 40] in Delft

[nummer 15] 7x

19:33-19.39 uur

Masten in Rotterdam

[nummer 2] ( [naam 6] )

20:35 uur

[adres 41] (gemeten tijdens netwerkmeting plaats delict)

[nummer 15]

20:40 uur

Voicemail, toestel mogelijk uitgeschakeld.

NN1 en NN2

20:42 - 23:06 uur

Camping [naam 21] .

[nummer 2] ( [naam 6] )

21:26 uur

[adres 16] (gemeten tijdens netwerkmeting plaats delict)

[nummer 16]

21:40 en 21:41 uur

[adres 42] (uit - en ingaand SMS-bericht van/aan [naam 35] )

[nummer 2] ( [naam 6] )

23:09 uur

[adres 41] (gemeten tijdens netwerkmeting plaats delict).

[nummer 15]

30-12-2015, vanaf 00:33 - 01:13 uur

Reisbeweging vanaf Enspijk naar Capelle aan den IJssel (Enspijk, Sliedrecht en Capelle aan den IJssel, met drie contacten met [naam 35] ).

[nummer 15]

00:48 uur

Hardinxveld-Giessendam

[kenteken 4]

01:08 uur

Bekeurd op de [straatnaam 5] (ter hoogte van perceel 399) te Capelle aan den IJssel, betaald vanaf de rekening van de ouders van [medeverdachte 1] .

[nummer 2] ( [naam 6] )

01:09 uur

Hardinxveld-Giessendam

[nummer 15]

01:13 uur

[adres 43] (gesprek met [naam 35] )

[kenteken 4]

01:21 uur

[adres 44]

[nummer 16]

01:50 - 03:23 uur

[adres 7] (thuismast), contacten met [naam 62] en [naam 35] .

[nummer 15]

01:46 - 02:27 uur

Reisbeweging via Utrecht naar Amsterdam (Utrecht, Vinkeveen en Amsterdam).

[nummer 52]

01:58 uur

Pinbetaling bankrekening [medeverdachte 1] [naam 36] , A2, Breukelen.

[nummer 15]

01:13-02:27 uur

Reisbeweging van Capelle a.d. IJssel via Utrecht naar [adres 45] (thuismast).

[kenteken 4]

02:15 en 02:16 uur

Ringweg Noord A10 en de [adres 5] (passend bij een route over de A20, A12 en A2 van Capelle naar Amsterdam)

[nummer 15]

02:27 uur

[adres 6] (530 meter van de woning van [medeverdachte 1] )

[nummer 2] ( [naam 6] )

03:09, 05:09 en 07:09 uur.

[adres 46] (aan de A2 tussen Breukelen en Vinkeveen)

[nummer 2] ( [naam 6] )

07:53 uur

[adres 6]

[nummer 17]

01:04 en 03:50 uur

[adres 47] (niet meegereisd).51

Uit het voorgaande volgt dat de telefoon met het nummer eindigend op [nummer 2] ( [naam 6] ) rond 18:09 uur de thuismast aanstraalt en zowel voor (zeven minuten ervoor), tijdens als na het derde bezoek (drie minuten erna) masten gebruikt die binnen de netwerkmeting van de camping naar voren zijn gekomen. De telefoon met nummer [nummer 15] straalt om 17:48 uur en 18:18 uur de thuismast in Amsterdam aan en reist daarna via Delft naar Rotterdam. Om 18:39 uur vindt een pinbetaling plaats van de bankrekening van [medeverdachte 1] bij tankstation [adres 39] . Om 20:40 uur is het telefoontoestel met nummer [nummer 15] mogelijk uitgeschakeld. Op grond van het bovenstaande komt de rechtbank tot de conclusie dat [medeverdachte 1] tussen ongeveer 18:23 uur en 20:35 uur met de [merk auto 5] vanaf Amsterdam via Delft/Rotterdam naar camping [naam 21] is gereisd.

Op grond van al dit voorgaande kan naar het oordeel van de rechtbank worden bewezen dat in ieder geval [medeverdachte 1] , als gebruiker van de PGP-telefoon ( [naam 6] ), omstreeks het tijdstip van het derde bezoek op de camping is geweest.

Gelet op de voorgaande reisbewegingen, waarbij in de nacht van 29 december 2015 de [merk auto 2] (samen met de [merk auto 5] ) is gesignaleerd en waarbij bij het bezoek aan de camping in de avond ook meermalen een donkerkleurige stationwagen – met grote overeenkomsten met de auto op 31 december 2015 op de camerabeelden – is gezien, acht de rechtbank bewezen dat bij dit derde bezoek gebruik is gemaakt van de [merk auto 2] .

Bezoek 4 : 30 december 2015 (op de camping tussen 19:20 en 20:54 uur)

Telefoon/kenteken

Tijd

Locatie mast / camera

[nummer 15]

14:46 uur

[adres 48]

[nummer 15]

Vanaf 15:06 uur

Geen contacten met een mast tot 21:58 uur

[nummer 2] ( [naam 6] )

15:15 - 16:45 uur

6 contacten met thuismast, [adres 49]

[kenteken 4]

17:23 uur

Vialis camera, de nieuwe Leeuwardenweg, Amsterdam

[nummer 16] , 14 x contact

15:24 - 16:57 uur

[straatnaam 3] 5, Capelle aan den IJssel (thuismast)

[nummer 16]

17:41 - 18:05 uur

Reisbeweging via Rotterdam naar Delft ( [adres 50] en vervolgens tweemaal [adres 51] ). Vervolgens geen registraties meer tot 21:42 uur

[nummer 2] ( [naam 6] )

19:15 uur

[adres 52] (tijdens netwerkmeting gemeten)

NN1 en NN2

19:20 - 20:55 uur

Camping [naam 21]

[nummer 2] ( [naam 6] )

19:38 en 20:41 uur

Contact met masten aan [adres 41] en de [adres 52] (gemeten in netwerkmetingen bij de camping).

[nummer 16]

21:42 uur

Vanaf dit tijdstip een reisbeweging van Herwijnen naar Capelle aan den IJssel, eerste mast: [adres 53] .

[nummer 16] (2x)

21:44 uur

[adres 54]

[nummer 16]

21:49 uur

[adres 55]

[nummer 16] 3x

21:55, 21:56 en 22:00 uur

Rijksweg A15, Hardinxveld-Giessendam (beweging van mast eindigend op 485 naar 487)

[nummer 15] 3x

21:58 - 21:59 uur

Rijksweg A15, Hardinxveld-Giessendam (beweging van mast eindigend op 485 naar 487)

[nummer 16]

22:04 uur

[adres 56]

[nummer 16]

22:15 uur

[adres 57]

[nummer 16]

22:16 uur

[adres 58]

[nummer 16] 2x

22:16 en 22:17 uur

[adres 59]

[nummer 16]

22:19 uur

[adres 60]

[kenteken 4]

22:19 uur

[straatnaam 5] in Capelle aan den IJssel

[nummer 16]

22:20 uur

[adres 61]

[nummer 16] 2x

22:25 - 22:26 uur

[adres 33]

[nummer 16]

Vanaf 22:26 uur (onder meer ook 22:30 uur)

[straatnaam 3] 5, Capelle aan den IJssel (thuismast)

[nummer 15]

22:30 uur

[adres 7]

[nummer 15]

22:31 uur

[adres 33] (uitgaand gesprek naar de moeder van [medeverdachte 1] )

[kenteken 4]

22:33 - 22:35 uur

[adres 62] .

[kenteken 4]

22:40 uur

Capelle aan den IJssel, oprit A16 (vanaf [straatnaam 6] ), vervolgens drie seconden later op [adres 63] .

[kenteken 4]

22:57 uur

Den Haag, Oprit A4 vanaf A12

[kenteken 4]

22:58 uur

[adres 64]

[nummer 15]

23:05 uur

[adres 65]

[nummer 15]

23: 28 uur

[adres 66]

[kenteken 4]

23:32 uur

[adres 67]

[nummer 2] ( [naam 6] )

31-12-15, vanaf 02:42 uur-03.36 uur

3 contacten via de mast aan de [adres 6] (op 530 meter afstand van de woning van [medeverdachte 1] ). Om 03:56 uur wordt ook contact gemaakt met een mast, maar hiervan zijn geen gegevens bekend

[nummer 15]

03:58 uur

[adres 68] 52

Uit het voorgaande volgt dat het PGP-toestel van [medeverdachte 1] ( [nummer 2] ) zowel voor als tijdens het bezoek (tweemaal) masten heeft aangestraald, die vanuit de camping worden gebruikt.

De toestellen [nummer 15] (vanaf 15:06 uur) en [nummer 16] (vanaf 18:05 uur) zijn op dit moment van de radar verdwenen en maken pas vanaf 21:42 en 21:58 uur weer gebruik van masten. Wat opvalt, is dat de eerste masten (485 en 487 in Hardinxveld-Giessendam) die de telefoon met het nummer eindigend op [nummer 15] gebruikt dezelfde masten zijn als van het nummer eindigend op [nummer 16] (om 21:55, 21:56 en 22:00 uur). Daarbij is ook dezelfde beweging van oost naar west te zien.53 Vervolgens vindt ook een verdere beweging naar het westen plaats, namelijk naar Rotterdam en Capelle aan den IJssel, waar vervolgens niet alleen de [merk auto 5] meermalen (waaronder wederom aan de [straatnaam 5] en de [straatnaam 6] ) wordt geregistreerd, maar ook de telefoons eindigend op de nummers [nummer 15] en [nummer 16] op hetzelfde tijdstip de mast aan de [straatnaam 3] 4 in Capelle aan den IJssel (thuismast [medeverdachte 2] ) aanstralen. Binnen de registraties van de [merk auto 5] (om 22:19 uur en 22:33 uur) is er ruimte geweest om langs de [straatnaam 3] in Capelle aan den IJssel te rijden.54 Uit dit voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank – na een bezoek aan de camping waar de PGP-telefoon van [medeverdachte 1] ook voor en tijdens het bezoek masten in Kerkdriel en Velddriel aanstraalt – opnieuw dat sprake is geweest van een samen reizen van de gebruikers van de telefoonnummers eindigend op [nummer 15] ( [medeverdachte 1] ) en [nummer 16] ( [medeverdachte 2] ) in combinatie met de [merk auto 5] . De dag wordt vervolgens afgesloten met een reisbeweging naar Amsterdam, waar de toestellen eindigend op [nummer 2] (eerstvolgend na Kerkdriel) en [nummer 15] , aansluitend op elkaar de thuismast van [medeverdachte 1] gebruiken.

Gelet op de gezamenlijke reisbewegingen van telefoonnummer [nummer 16] ( [medeverdachte 2] ) samen met de telefoon eindigend op nummer [nummer 15] ( [medeverdachte 1] ) en de [merk auto 5] in samenhang met het daarvoor door toestel [nummer 2] ( [naam 6] ) tussentijds (voor en tijdens het bezoek) aanstralen van masten in de nabijheid van de camping en tot de slot het (gezamenlijke) gebruik van masten die naar het oordeel van de rechtbank passen bij een route vanaf de camping naar Capelle aan den IJssel, acht de rechtbank niet alleen bewezen dat de telefoons van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] samen hebben gereisd maar ook dat daar een gezamenlijk bezoek aan de camping aan vooraf is gegaan.

Bezoek 5: 31 december 2015 (op de camping tussen 17:35 uur en 18:15 uur)

Telefoon/kenteken

Tijd

Locatie mast / camera

[nummer 16]

12:27, 13:19 uur

[adres 69]

[nummer 15] (4x)

12:55-13:23 uur

[adres 68] (thuismast)

[nummer 2] (gb16)

13:02-13:15 uur

[adres 70]

[nummer 16] (20 x)

13:23-15:14 uur

Masten in Rotterdam

[kenteken 4]

14:56 uur

[adres 5]

[nummer 15]

13:57-15:02 uur

[adres 71] , met om 15:01 en 15:02 uur uit -en inkomende gesprekken met/van de moeder van [medeverdachte 1]

[nummer 16]

15:19-15:36 uur

Reisbeweging via Delft naar Den Haag, masten aangestraald aan de [adres 40] Delft, [adres 72] (15:29 uur), [adres 73] (bij centraal station Den Haag).

[nummer 2]

15:34 uur

[adres 78]

[nummer 2]

Vanaf 15:34 uur

Reisbeweging, waarbij enkel van het aanstralen om 15:46 uur mastgegevens bekend zijn ( [adres 74] , vlakbij de A4 van Amsterdam naar Den Haag).

[nummer 15]

15:47 uur

Geen contact met een telecomnetwerk

[nummer 16]

16:06, 17:08 uur

Geen contact met een telecomnetwerk

[nummer 2] ( [naam 6] )

17:33 uur

[adres 30] Kerkdriel (gemeten binnen netwerkmeting plaats delict)

IMEI: [nummer 19] en IMSI: [nummer 18] ( [naam 33] )

17:33 uur

[adres 30] Kerkdriel

Auto schutters (donkerkleurige stationwagen)

17:35 uur

De auto rijdt, aldus de camerabeelden, de camping op en wordt vervolgens met de achterkant naar de dijk geparkeerd.

[nummer 16]

17:37 en 17:52 uur

Geen contact met een telecomnetwerk

[nummer 15]

17:47 uur

Geen contact met een telecomnetwerk

Auto schutters (donkerkleurige stationwagen)

18:15 uur

Verlaat de camping en gaat vervolgens rechts de dijk op, richting Sporthal de [naam 20] .

[merk auto 2]

18:24 uur

Melding brandende auto aan de [adres 4]

[nummer 16]

18:40 -19:32 uur

Reisbeweging van Schelluinen naar Rotterdam/Capelle aan den IJssel, via [adres 75] en vervolgens vanaf 18:53 uur diverse masten in Rotterdam (en één mast aan de [adres 76] om 18:55 uur). Hierbij 1 inkomend SMS-bericht om 19:09 uur van telefoonnummer [nummer 15] ( [medeverdachte 1] ) via de mast [adres 77] (voorafgaand aan deze registratie en daarna, onder meer ook om 19:11 uur aan de [straatnaam 7] ). Betreffen diverse in -en uitgaande gesprekken van/naar [naam 35] .

[kenteken 4] 5x

18:56-19:00 uur

[straatnaam 6] in Capelle aan den IJssel, [straatnaam 8] in Rotterdam (3 x) en de Jacques Dutilhweg.

[nummer 15]

19:09 uur

Uitgaand SMS-bericht naar het nummer [nummer 16] via de zendmast [straatnaam 7] , Rotterdam (eerste contact [nummer 15] en [nummer 16] ).

[nummer 15] 5 x

19:44-19:58 uur

Masten aan de [adres 82] (om 19:44 uur een uitgaand gesprek naar [nummer 16] , 19:54 uur en 19:58 uur), de [adres 80] (19:46 en 19:58 uur).

[nummer 16]

19:44-20:15 uur

Masten aan de [adres 82] om 19:46 uur, [adres 81] om 20:06 uur en aan de [adres 40] in Delft om 20:15 uur (bij inkomend gesprek van telefoonnummer [nummer 15] om 19:44 uur is geen mast bekend).

[nummer 15]

vanaf 20:20 uur

Reisbeweging via Schiphol (20:20 uur), Badhoevedorp (20:21 uur) naar Amsterdam (22:43 uur).

[nummer 16]

20:26 - 21:04 uur

Reisbeweging naar Rotterdam en Capelle aan den IJssel (mast [straatnaam 3] 5, thuismast).55

Uit het voorgaande volgt dat de telefoons met de nummers eindigend op [nummer 15] en [nummer 16] vanaf 15:47 uur ( [nummer 15] ) en 16:06 uur ( [nummer 16] ) geen contact meer maken met een telecomnetwerk, wat erop duidt dat de toestellen zijn uitgeschakeld. Na het bezoek aan de camping maken de telefoons weer gebruik van masten, namelijk vanaf 18:40 uur ( [nummer 16] ) en 19:09 uur ( [nummer 15] ), waarbij dit eerste contact van het telefoonnummer eindigend op [nummer 15] met het nummer [nummer 16] is. Zij stralen hierbij ook omstreeks hetzelfde tijdstip dezelfde mast in Rotterdam aan ( [straatnaam 7] ). Verder is niet alleen te zien dat de telefoons in Rotterdam aanstralen (en de telefoon met nummer [nummer 16] binnen dit tijdvak eenmaal in Capelle aan den IJssel), maar ook dat de [merk auto 5] zich vanaf 18:56 uur in Capelle aan den IJssel en Rotterdam bevindt. [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij tegelijk, samen, met [medeverdachte 1] in Rotterdam ( [straatnaam 9] ) is geweest en zij samen naar Delft zijn gereisd. [medeverdachte 1] heeft daar de [merk auto 7] laten staan.56

Om 19:44 uur stralen ze opnieuw omstreeks hetzelfde tijdstip de mast aan de [adres 82] aan. Hierna lopen de reisbewegingen uiteen, naar Amsterdam en Capelle aan den IJssel, zoals overwogen de woonplaatsen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] .

Naast deze reisbewegingen die na het bezoek duiden op het (gedeeltelijk) samen reizen van de telefoonnummers eindigend op [nummer 15] ( [medeverdachte 1] ) en [nummer 16] ( [medeverdachte 2] ) met de [merk auto 5] tot Delft, is er het gebruik door de PGP-telefoons [naam 6] en [naam 33] van de mast aan de [adres 52] , van welke telefoons de rechtbank ook zal concluderen dat deze aan [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] toebehoren.

Deze telefoons maken, slechts twee minuten – op precies hetzelfde tijdstip – voordat de auto van de schutters op de camerabeelden van de camping is te zien, gebruik van de mast die (ook) vanuit de camping wordt aangestraald. Dit duidt daarmee op gezamenlijke aanwezigheid op de camping omstreeks het tijdstip dat de schutters op de camping arriveren. De rechtbank zal later nog terugkomen op de inhoud van de berichten tussen onder meer de PGP-telefoons met de e-mailadressen [naam 6] en [naam 33] .

Conclusies

Daarmee kan naar het oordeel van de rechtbank het volgende uit de reisbewegingen worden geconcludeerd dat:

  • -

    de gebruikers van de telefoons, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , op 28 december 2015 met behulp van de [merk auto 5] samen naar Kerkdriel zijn gereisd en daar omstreeks het tijdstip van het eerste bezoek allebei op de camping zijn geweest;

  • -

    [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] een paar uur later op 29 december 2015 (’s nachts) wederom samen naar Kerkdriel afreizen en daar – gelet op de registratie van de telefoon van [medeverdachte 1] – opnieuw de camping hebben bezocht;

  • -

    in ieder geval de gebruiker van de PGP-telefoon met account [naam 6] , [medeverdachte 1] , zowel voor, tijdens als enkele minuten na het tijdstip van het derde bezoek op de camping aanwezig is geweest;

  • -

    bij bezoek 4 de gebruikers van de telefoons, [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , opnieuw samen hebben gereisd en omstreeks het tijdstip van het bezoek (vanaf vijf minuten ervoor) de camping hebben bezocht; en

  • -

    de gebruikers van de PGP-telefoons, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] , omstreeks het tijdstip van aankomst van de schutters opnieuw op de camping aanwezig zijn geweest en tot slot (gedeeltelijk) samen terug reizen.

Signalementen

Uit het voorgaande volgt dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] in de dagen voorafgaand aan de schietpartij en op de dag van de schietpartij zelf omstreeks de tijdstippen van de bezoeken op de camping zijn geweest.

Zoals overwogen, is ook naar de camerabeelden van deze bezoeken gekeken, waarbij ook voor wat betreft de signalementen van de bezoekers op de verschillende dagen overeenkomsten zijn waar te nemen. Daarmee duiden niet alleen de reisbewegingen maar ook deze overeenkomsten op het door dezelfde personen bezoeken van de camping.

De vervolgvraag is of [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] passen in deze signalementen en de beschrijving van de getuige [getuige 3] van de mannen tijdens het eerste bezoek.

De signalementen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zijn als volgt:

[medeverdachte 1] :

  • -

    een manpersoon met een Noord-Afrikaans/Arabisch uiterlijk;

  • -

    destijds 21 jaar;

  • -

    tenger postuur;

  • -

    lengte 1.79 centimeter

  • -

    kort zwart haar;

  • -

    zwarte/bruine ogen.

[medeverdachte 2] ;

  • -

    een manspersoon met een Noord-Afrikaans/Arabisch uiterlijk;

  • -

    destijds 25 jaar;

  • -

    Breed/krachtig postuur;

  • -

    Lengte 1.85 centimeter;

  • -

    Kort/zwart haar;

  • -

    Zwarte/bruine ogen.57

Voor wat betreft [medeverdachte 1] is verder van belang dat hij in december 2015 mank liep. De getuige [getuige 4] van de reclassering heeft verklaard dat [medeverdachte 1] zich vanaf 17 december 2015 met deze klacht afmeldde. Het was alsof hij door zijn been zakte, aldus de getuige die [medeverdachte 1] ook zelf op 24 december 2015 mank zag lopen. 58

Gelet op al dit voorgaande is de rechtbank van oordeel dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] passen in de beschrijvingen van de mannen tijdens de bezoeken – waarbij ook een verschil van lengte tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] bestaat en [medeverdachte 1] in deze periode een afwijkende manier van lopen had (zoals schutter 2/ [naam 23] tijdens alle bezoeken) – en de signalementen zoals door de getuige [getuige 3] genoemd.

PGP-telefoons

Naast onder meer de camerabeelden en reisbewegingen – naar aanleiding waarvan het onderzoek naar de eerste PGP-telefoon met account [naam 6] is gestart –, spelen in deze zaak verder de ontsleutelde berichten van dit account en de accounts die in het onderzoek verder naar voren zijn gekomen een rol. Naar aanleiding van deze berichten is in relatie tot [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] ook de verdachte [verdachte] in beeld gekomen.

Het gaat in onderzoek Bosnië om de accounts: [naam 32] , [naam 33] , [naam 37] , [naam 16] en [naam 15] (proces-verbaal Ennetcom, p. 7442 e.v.). Voorafgaand aan de bespreking van de inhoud van deze berichten zal worden ingegaan op de identificatie van de gebruikers van deze accounts.

Identificatie van de Ennetcom-accounts

De accounts van [medeverdachte 1] ( [naam 6] en [naam 32] )

[medeverdachte 1] erkent dat hij de telefoons met de telefoonnummers eindigend op [nummer 15] , [nummer 17] en [nummer 2] in gebruik had.59 Aan het telefoonnummer [nummer 2] is een Ennetcom-account gekoppeld met bijbehorend e-mailadres [e-mailadres 1] (hierna te noemen: [naam 6]).60 De rechtbank concludeert dat [medeverdachte 1] de gebruiker was van Ennetcom-account [naam 6] en dat alle e-mailberichten met betrekking tot dit account aan [medeverdachte 1] zijn toe te schrijven. Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [naam 6] aanduiden als [medeverdachte 1] .

Ennetcom e-mailadres [e-mailadres 2] (hierna: [naam 32] )

Op 31 december 2015 is het Ennetcom-account [naam 6] van [medeverdachte 1] voor het laatst gebruikt.61 [medeverdachte 1] wordt door anderen in hun accounts opgeslagen onder de contactnaam ‘ [naam 38] ’ (2x), ‘ [naam 39] ’ (3x), ‘ [naam 40] ’, ‘ [naam 38] ’, ‘ [naam 41] ’, ‘ [naam 42] ’, ‘ [naam 43] ’ en ‘ [naam 44] ’.62

Vanaf 1 januari 2016 zijn e-mailberichten van en naar het Ennetcom-account met e-mailadres [e-mailadres 2] (hierna te noemen: [naam 32]) beschikbaar en wordt [naam 32] ook in andere accounts opgeslagen.63 De contactnamen waaronder dit is gebeurd zijn ‘ [naam 45] ’, ‘ [naam 46] ’, ‘ [naam 38] ’, ‘ [naam 39] ’ (2x), ‘ [naam 47] ’, ‘ [naam 40] ’, ‘ [naam 48] ’, ‘ [naam 43] ’, ‘ [naam 49] .’, ‘ [naam 50] ’, ‘ [naam 51] ’, ‘ [naam 52] ’, ‘ [naam 42] ’ en ‘ [naam 53] ’.64

Naar het oordeel van de rechtbank duidt dit er op dat het account [naam 32] de opvolger is van de [naam 6] , in gebruik bij [medeverdachte 1] . De vraag is dus of [medeverdachte 1] ook de gebruiker is geweest van de [naam 32] . De rechtbank overweegt hierover als volgt.

De bijnamen ‘ [naam 54] ’ en ‘ [naam 51] ’

De bijnaam ‘ [naam 54] ’ of varianten daarop wordt – zoals hiervoor vermeld – door anderen toegeschreven aan [medeverdachte 1] . Ook in het herkenningsdienstsysteem van de politie staat als bijnaam van [medeverdachte 1] ‘ [naam 54] ’ vermeld.65

De bijnaam ‘ [naam 51] ’ en varianten daarop komen voor het eerst voor in de [naam 32] . Volgens [medeverdachte 2] wordt [medeverdachte 1] ‘ [naam 51] ’ genoemd.66 In een gesprek tussen hen noemt [medeverdachte 2] [medeverdachte 1] ‘groot hoofd’, waarop [medeverdachte 1] antwoordt ‘nou eh groot hoofd de tweede’.67 Op 25 december 2015 geeft [naam 55] het telefoonnummer van [medeverdachte 1] door en vermeldt daarbij ‘is nummer van [naam 31] ’.68 Op 20 mei 2016 wordt [medeverdachte 1] gebeld door een onbekende man. [naam 56] neemt ook deel aan dit gesprek met een ander telefoonnummer en hij noemt [medeverdachte 1] ‘ [naam 51] ’.69 De rechtbank concludeert op grond hiervan dat ook de naam ‘ [naam 51] ’ of varianten daarop bijnamen zijn voor [medeverdachte 1] .

Snackbar [naam 57]

Op 1 januari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling tussen [naam 32] en [e-mailadres 3] (hierna te noemen: [naam 16] ) plaats:

19:04:17 uur [naam 32] : Ben net klar met eten bij [naam 57] daar70

Op 1 januari 2016 maakt het telefoonnummer [nummer 15] van [medeverdachte 1] om 18:58, 19:01 en 19:30 uur gebruik van de zendmast aan de [adres 83] .71 De snackbar [naam 57] , [adres 84] , ligt in de zendrichting van deze zendmast, op hemelsbreed 220 meter afstand.72

De gebruiker van [naam 32] mailt bovendien in de periode dat de [nummer 15] een zendmast aanstraalt in de directe omgeving van de snackbar [naam 57] , [adres 84] .

De auto van [medeverdachte 1]

Zoals reeds is vastgesteld is de personenauto van het merk [merk auto 5] met kenteken [kenteken 4] gebruikt als vluchtauto bij de liquidatie in Kerkdriel op 31 december 2015. Deze auto stond van 19 december 2015 tot en met 5 januari 2016 op naam van [medeverdachte 1] .

Op 1 januari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling tussen [naam 32] en [naam 16] plaats:

19:59:25 uur [naam 32] : Bro met die wakkie (de rechtbank begrijpt: auto) weggrijden van mij als vluchtauto is ook fuckingg heet he gaan we nooit meer doen man

20:53:42 uur [naam 32] : Top broo lovee youu bro echt alleen aan wat ik nu denk bro is me wakkie ze kunnen niks doen toch is geen bewijs dat ik daar geweest ben met me wak (de rechtbank begrijpt: auto) neetoch.73

De rechtbank concludeert op grond hiervan dat de [naam 32] communiceert over de [merk auto 5] [kenteken 4] , van [medeverdachte 1] als zijnde zijn auto.

Afspraken [naam 32] en [medeverdachte 1]

Op 5 februari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [naam 32] en [e-mailadres 4] :

11:23:34 uur [naam 32] : Oke ik heb half 2 afspraak bij [naam 59] in noord dan mail ik je74

Op 29 januari 2016 is namens [naam 58] , medewerkster WPI75, een uitnodiging aan [medeverdachte 1] verzonden voor een vervolggesprek op 5 februari om 13.30 uur aan de [straatnaam 10] in Noord.76 De rechtbank stelt vast dat [medeverdachte 1] en [naam 32] dezelfde afspraak hebben bij de [naam 59] in Amsterdam Noord.

Op 14 februari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [naam 32] en [e-mailadres 5] (hierna te noemen: [naam 33]):

19:11:39 uur [naam 32] : heb morgen om 4uur reclaseriingg bulshit ze hebben brief gestuurd naar [naam 60] laatste kans anders moet ik me voorwaardelijke uitzitten (…)77

Op 15 februari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [naam 32] en [naam 33] :

14:04:45 uur [naam 32] : (…) zo ja snel na die afspraak gaan

14:06:30 uur [naam 32] : (…) [naam 60] ga zo naar keizrgracht

16: 28 :30 uur [naam 32] : Nu west was bij recla net.78

[naam 61] , medewerkster Reclassering, heeft verklaard dat er een afspraak met [medeverdachte 1] is geweest op 15 februari 2016 tussen 13.00 uur en 15.00 uur op de locatie [straatnaam 11] . [medeverdachte 1] heeft zich op die datum ook gemeld en gesproken met een collega van [naam 61] .79 De rechtbank leidt hieruit af dat [naam 32] en [medeverdachte 1] beiden rond dezelfde tijd op 15 februari 2016 naar een afspraak met de Reclassering aan de [straatnaam 11] zijn geweest.

Conclusie [medeverdachte 1] is ook de gebruiker van [naam 32]

Gelet op het voorgaande en in het bijzonder:

  • -

    dat het account van [medeverdachte 1] op 31 december 2015 voor het laatst actief was en [naam 32] op 1 januari 2016 vervolgens actief werd;

  • -

    deze twee e-mailadressen in andere accounts onder soortgelijke namen worden opgeslagen;

  • -

    deze namen grotendeels afgeleid zijn van de bijnamen van [medeverdachte 1] , te weten ‘ [naam 40] ’ en ‘ [naam 51] ’;

  • -

    [naam 32] op 1 januari 2016 mailt dat hij net klaar is met het eten bij snackbar [naam 57] , [adres 84] en de telefoon [nummer 15] van [medeverdachte 1] op hetzelfde moment in de directe omgeving van deze snackbar aanwezig is geweest;

  • -

    [naam 32] een gesprek heeft met [naam 16] over de [merk auto 5] op naam van [medeverdachte 1] , als zijnde zijn auto;

  • -

    [naam 32] en [medeverdachte 1] dezelfde afspraak hadden op 5 februari 2016 bij de [naam 59] in Amsterdam Noord;

  • -

    [naam 32] en [medeverdachte 1] op 15 februari 2016 rond dezelfde tijd naar een afspraak met de reclassering aan de [straatnaam 11] zijn geweest,

acht de rechtbank bewezen dat [medeverdachte 1] de gebruiker van het Ennetcom-account met e-mailadres [naam 32] was en dat -zoals hiervoor reeds is overwogen- alle e-mailberichten met betrekking tot dit account aan [medeverdachte 1] zijn toe te schrijven. Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [naam 32] ook aanduiden als [medeverdachte 1] .

De accounts van [medeverdachte 2] ( [naam 33] en [naam 37] )

Zoals reeds is vastgesteld, reisde het telefoonnummer [nummer 16] op meerdere bezoeken aan de camping mee met het nummer [nummer 15] en de [merk auto 5] , beide in gebruik bij [medeverdachte 1] . Dit telefoonnummer – eindigend op [nummer 16] – is van [medeverdachte 2] .80 In de telefoon van [naam 62] staat dit nummer van [medeverdachte 2] opgeslagen als ‘ [medeverdachte 2] ’. Ook het telefoonnummer [nummer 22] (hierna te noemen: [nummer 22]) was onder die naam opgeslagen.81 [naam 62] herkent [medeverdachte 2] van een foto als deze [medeverdachte 2] . Zij kent geen andere [medeverdachte 2] .82 De stem van de gebruiker van [nummer 22] wordt bovendien herkend als zijnde de stem van [medeverdachte 2] .83

De rechtbank stelt op grond hiervan vast dat, naast [nummer 16] , ook het telefoonnummer [nummer 22] in gebruik was bij [medeverdachte 2] . Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [nummer 16] en [nummer 22] aanduiden als [medeverdachte 2] .

Verkoop van de [merk auto 5]

Zoals reeds vastgesteld stond de personenauto van het merk [merk auto 5] met kenteken [kenteken 4] – die is gebruikt als vluchtauto bij de liquidatie in Kerkdriel – van 19 december 2015 tot en met 5 januari 2016 op naam van [medeverdachte 1] .

Op 2 januari 2016 vindt een berichtenwisseling plaats tussen [medeverdachte 1] en [e-mailadres 5] (hierna te noemen: [naam 33]).

00:58: 28 uur [naam 33] : Yo [naam 140] bro hoe is het wat moet er gebeuren met die waggie (de rechtbank begrijpt: auto) (…)

01:30:01 uur [naam 33] : (…) hij is gewassen en schoon en hij staat geparkeerd

17:16:21 uur [medeverdachte 1] : ja rustig [naam 63] is er shie koper voor die auto84(de rechtbank

begrijpt: is er een koper voor de auto?).

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat [medeverdachte 1] aan hem vroeg ‘ken je iemand die deze auto – een donkergroene [merk auto 5] [kenteken 4] – wil kopen voor een spotprijsje’.85 [medeverdachte 2] heeft die auto van [medeverdachte 1] op 5 januari 2016 verkocht aan [naam 64] . De auto werd overgeschreven bij een sigarenboer op de [straatnaam 12] . Dezelfde dag is [medeverdachte 2] naar Amsterdam gereden en heeft hij de papieren bij [medeverdachte 1] opgehaald.86 [naam 64] kende de persoon van wie hij de auto heeft gekocht als ‘ [naam 65] ’.87

Naar het oordeel van de rechtbank duidt de berichtenwisseling tussen [medeverdachte 1] en [naam 33] erop dat de [naam 33] betrokken was bij de verkoop van de auto van [medeverdachte 1] en zij ziet zich, mede gelet op de verklaringen van [medeverdachte 2] en [naam 64] , voor de vraag gesteld of [medeverdachte 2] de gebruiker van [naam 33] was. De rechtbank overweegt hierover als volgt.

Bijnamen

Het e-mailadres [naam 33] wordt door anderen in hun accounts opgeslagen onder meer onder de accountnamen ‘ [naam 66] ’, ‘ [naam 67] ’, ‘ [naam 68] ’, ‘ [naam 69] ’ (2x), ‘ [naam 70] ’, ‘ [naam 71] ’.88 De rechtbank stelt vast dat ‘ [naam 71] ’ straattaal is voor Rotterdam. [medeverdachte 2] verbleef aan de [adres 36] , naast Rotterdam.89

De bijnaam ‘ [naam 71] ’

In verschillende gesprekken tussen [medeverdachte 2] en anderen zegt [medeverdachte 2] :

- ‘ ‘Ik ben het van/uit [naam 71] .’ 90

- ´(…) ´(…) zeg tegen hem, [naam 71] is wel teleurgesteld, [naam 71] zegt tegen je euh, je vraagt niet of [naam 71] wat nodig heeft of zo, he! Zeg tegen hem [naam 71] is teleurgesteld.’91

- ‘ ‘zeg tegen hem [naam 71] zegt, je staat op [naam 71] verzocht nummer 1!’92

De rechtbank concludeert op grond hiervan dat [medeverdachte 2] zichzelf regelmatig ‘ [naam 71] ’ noemt en dat dit een bijnaam van hem is.

De bijnaam ‘ [naam 65] ’

[medeverdachte 2] heeft veelvuldig contact met het telefoonnummer [nummer 23] van [naam 72] .93 Zij had hem in haar telefoon staan als ‘ [medeverdachte 2] ’ en herkent [medeverdachte 2] als deze [medeverdachte 2] . De bijnaam van [medeverdachte 2] was ‘ [naam 65] ’.94 Ook volgens [naam 73] is de bijnaam van [medeverdachte 2] ‘ [naam 65] ’.95 In de telefoon van [naam 74] staat [medeverdachte 2] omschreven als ‘ [naam 75] ’.96

De rechtbank concludeert op grond hiervan dat de namen ‘ [naam 65] ’ en ‘ [naam 75] ’ en varianten daarop bijnamen zijn voor [medeverdachte 2] .

Het kopen van een nieuwe telefoon

De telefoon van [medeverdachte 2] straalt op 3 maart 2016 – verkort weergegeven – de volgende zendmasten aan:

  • -

    om 15:05:45 uur [adres 85] in Rotterdam;

  • -

    om 15:21:14 uur [adres 86] in Rijswijk;

  • -

    om 15:24:57 uur [adres 87] in Den Haag;

  • -

    om 16:43:13 uur [adres 88] in Amsterdam;

  • -

    om 18:04:36 uur [adres 89] in Amsterdam;

  • -

    om 20:17:07 uur [adres 90] in Amsterdam.97

De rechtbank overweegt dat hieruit blijkt dat [medeverdachte 2] op 3 maart 2016 tussen 15:05 uur en 18:04 van Rotterdam via Rijswijk en Den Haag naar Amsterdam is gereisd en dat hij om 15:24 uur in Den Haag was.

Op 3 maart 2016 vindt een berichtenwisseling plaats tussen [medeverdachte 1] en [naam 33] :

16:04:51 uur [naam 33] : Yo [naam 140] bro ik vertrek nu van den haag naar [naam 43] (de rechtbank begrijpt: Amsterdam)(…)

16:11:45 uur [naam 33] : Ik moet daar toch zijn want ik moest een nieuwe phonna (de rechtbank begrijpt: telefoon) ophalen dan timer ik gewoon op je want ik [naam 165] niet in [naam 71] meer begrijp je. (…)

16:23:26 uur [naam 33] : Ik ben al onderweg ben daar bijna maar je weet toch die chick van laatst bij jou deur ik ken wehd vriendin van der ik heb er gebeld ze gaat komen ga ik met haar tijd dooien tot [naam 17] reageert. (…)

16:42:59 uur [medeverdachte 1] : Ewa hoelang ben je der ongeveer

16:44:30 uur [naam 33] : Max 10 min.98

Nu de telefoon van [medeverdachte 2] om 15:24 uur in Den Haag was, de gebruiker van [naam 33] omstreeks 16:04 uur is vertrokken vanuit Den Haag richting Amsterdam, de gebruiker van [naam 33] om 16:42 uur over maximaal 10 minuten in Amsterdam is en [medeverdachte 2] van 16:43 tot en met 20:17 uur gebruik maakt van zendmasten in Amsterdam, stelt de rechtbank vast dat de beweging van [medeverdachte 2] past bij de berichtenwisseling tussen [medeverdachte 1] en [naam 33] .

Conclusie [medeverdachte 2] is de gebruiker van [naam 33]

Gelet op het voorgaande en in het bijzonder dat:

  • -

    het gesprek tussen de [naam 33] en [medeverdachte 1] erop wijst dat [naam 33] betrokken is bij de verkoop van de [merk auto 5] ;

  • -

    [medeverdachte 2] vervolgens heeft verklaard dat hij de auto van [medeverdachte 1] heeft verkocht aan [naam 64] ;

  • -

    [naam 64] zijn auto heeft gekocht van ‘ [naam 65] ’;

  • -

    [naam 33] in andere accounts grotendeels wordt opgeslagen onder afgeleiden van de bijnamen ‘ [naam 65] ’ en ‘ [naam 71] ’;

  • -

    ‘ [naam 65] ’ en ‘ [naam 71] ’ bijnamen van [medeverdachte 2] zijn, en

  • -

    de [naam 33] vanuit Den Haag naar Amsterdam vertrekt om een nieuwe telefoon te kopen en de reisbeweging van de telefoon van [medeverdachte 2] op dat moment exact daarbij past,

acht de rechtbank bewezen dat [medeverdachte 2] de gebruiker van het Ennetcom-account met e-mailadres [naam 33] was en dat alle e-mailberichten met betrekking tot dit account aan [medeverdachte 2] zijn toe te schrijven. Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [naam 33] aanduiden als [medeverdachte 2] .

Overgang naar [e-mailadres 6] (hierna te noemen: [naam 37] )

Het e-mailbericht van 3 maart 2016 om 18:39:48 uur, vlak na voormelde aankoop van een nieuwe telefoon, is het laatste bericht dat op het account van [medeverdachte 2] aanwezig is.99 Op 3 maart 2016, 18:53:50 uur – 14 minuten na het laatste bericht van [medeverdachte 2] – wordt het eerste e-mailbericht vanaf account [naam 37] verzonden.100

Naar het oordeel van de rechtbank kan dit er op duiden dat [naam 37] de opvolger is van het [naam 76] -account van [medeverdachte 2] . De vraag is of hij dus ook de gebruiker is geweest van [naam 37] . De rechtbank overweegt hierover als volgt.

Gegevens uit [naam 37]

Zoals reeds vastgesteld, werd [medeverdachte 2] in verschillende accounts opgeslagen onder contactnaam ‘ [naam 66] ’ en ‘ [naam 71] ’ dan wel afgeleiden daarvan. Het account [naam 37] werd met name opgeslagen onder ‘ [naam 69] ’, ‘ [naam 70] ’, ‘ [naam 71] ’, ‘ [naam 69] ’, ‘ [naam 68] ’ en ‘ [naam 77] ’. Hiervan sloegen de accounts [e-mailadres 7] en [naam 16] de [naam 76] van [medeverdachte 2] en [naam 37] onder identieke namen op, te weten ‘ [naam 69] ’ en ‘ [naam 77] ’.101 De rechtbank concludeert hieruit dat [naam 37] door anderen vrijwel onder dezelfde namen wordt opgeslagen als het account [naam 76] van [medeverdachte 2] en dat deze anderen [medeverdachte 2] en de gebruiker van [naam 37] dan ook kennen onder dezelfde bijnamen.

Zoals reeds vastgesteld, noemde [medeverdachte 2] zichzelf regelmatig ‘ [naam 71] ’. Op 3 maart 2016 vindt een berichtenwisseling plaats tussen [naam 37] en [naam 16] :

19:43:49 [naam 37] : Yo bro nieuwe mail [naam 71] .

Op 3 maart 2016 vindt ook een berichtenwisseling plaats tussen [naam 37] en [medeverdachte 1] :

19:44:09 [naam 37] : Yo bro nieuwe mail [naam 71] .

Conclusie [medeverdachte 2] is ook de gebruiker van [naam 37]

Gelet op het voorgaande en in het bijzonder dat:

  • -

    [medeverdachte 2] een nieuwe telefoon gaat halen op 3 maart 2016;

  • -

    14 minuten na het laatste bericht van [medeverdachte 2] het account [naam 37] in gebruik wordt genomen;

  • -

    op 3 maart 2016 – vlak na het in gebruik nemen van [naam 37] – mails worden verzonden vanaf [naam 37] waarin wordt aangegeven dat het gaat om het nieuwe mailadres van ‘ [naam 71] ’,

  • -

    [medeverdachte 2] zichzelf regelmatig ‘ [naam 71] ’ noemt;

  • -

    [naam 37] onder grotendeels dezelfde contactnamen wordt opgeslagen als het account [naam 76] van [medeverdachte 2] , en

  • -

    twee gebruikers de [naam 37] onder identieke contactnamen opslaan als het account [naam 76] van [medeverdachte 2] ,

acht de rechtbank bewezen dat [medeverdachte 2] , naast [naam 33] , ook de gebruiker van het opvolgende Ennetcom-account met e-mailadres [naam 37] was en dat alle e-mailberichten met betrekking tot dit account aan hem zijn toe te schrijven. Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [naam 37] aanduiden als [medeverdachte 2] .

De accounts van [verdachte] ( [naam 15] en [naam 16] )

De accounts [naam 15] en [naam 16]

Uit onderzoek naar de e-mailadressen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zijn, zoals later zal blijken, ook de volgende voor dit vonnis relevante e-mailadressen naar voren gekomen:

  • -

    [e-mailadres 8] (hierna te noemen: [naam 15]);

  • -

    [e-mailadres 3] (hierna te noemen: [naam 16]).

Van deze accounts werden het daarbij behorende IMEI- en IMSI-nummer en Sim-ID verkregen. Dit betreffen bij [naam 15] IMEI [nummer 24] (hierna te noemen: IMEI [nummer 24]), IMSI [nummer 25] en Sim-ID [nummer 27] .

Voor [naam 16] waren dit IMEI [nummer 26] , IMSI [nummer 25] en Sim-ID [nummer 27] .102

De rechtbank stelt vast dat de gebruiker van de genoemde accounts gebruik maakt van twee verschillende telefoons (IMEI-nummers), maar van dezelfde SIM-kaart (IMSI en Sim-ID).

Bij beide accounts:

  • -

    zijn 61 unieke e-mailaccounts opgeslagen als contact door zowel [naam 15] als [naam 16] ;

  • -

    zijn er van deze 61 unieke e-mailaccounts 53 e-mailaccounts onder een identieke contactnaam opgeslagen door zowel [naam 15] als [naam 16] ;

en

  • -

    zijn er in totaal 39 unieke e-mailaccounts waarvan de gebruikers zowel [naam 15] als [naam 16] hebben opgeslagen;

  • -

    zijn er van deze 39 unieke e-mailaccounts 10 e-mailaccounts zijn waarvan de gebruikers een identieke contactnaam hebben gegeven aan zowel account [naam 15] als [naam 16] ;

  • -

    zijn er van deze 39 unieke e-mailaccounts 14 e-mailaccounts waarvan de gebruikers een zeer gelijkende contactnaam hebben gegeven aan zowel account [naam 15] als [naam 16] .103

De rechtbank concludeert op grond hiervan dat door de [naam 15] en [naam 16] dezelfde e-mailaccounts grotendeels zijn opgeslagen onder een identieke, dan wel gelijkende contactnaam. Bovendien worden [naam 15] en [naam 16] ook door 39 andere e-mailaccounts onder identieke, dan wel zeer gelijkende contactnamen opgeslagen. De rechtbank stelt dan ook vast dat de gebruikers van [naam 15] en [naam 16] bekend zijn met veelal dezelfde contacten.

In de contactenlijst van [naam 15] is op 15 november 2015 het account [naam 16] opgeslagen onder de accountnaam ‘nieuwe’.104 De laatste opgeslagen verzonden berichten van [naam 15] zijn van 17 november 2015.105

Op 1 januari 2016 vindt de volgende berichtenwisseling tussen [medeverdachte 1] en [e-mailadres 9] plaats.

13:41:18 [medeverdachte 1] : Die andere zegt dat hij niks van mij ontvangt heb hem 6x gemald maar er komt niks aan bij hem ben die gozer die net tel bij je heeft gehaald.

13:47:22 2229 : Ooo wacht. Ik heb je denk ik die oude mail van hem gegeven. Zie onderaan.

T12:07:18 2229 : [naam 16]

[naam 15]

Ik denk dat je de bovenste moet hebben. Probeer ze allebei maar. Ik mail hem altijd met die tweede.106

Tussenconclusie [naam 15] en [naam 16] zijn van dezelfde gebruiker

Gelet op het voorgaande in onderlinge samenhang bezien, concludeert de rechtbank dat de e-mailaccounts [naam 15] en [naam 16] dezelfde gebruiker hebben. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld wie als de gebruiker van deze e-mailaccounts kan worden geïdentificeerd en overweegt hierover het volgende.

Het artikel in [naam krant]

Naar aanleiding van de liquidatie van [slachtoffer 4] verschijnt op 7 november 2015 een bericht op de internetwebsite van de krant ‘ [naam krant] ’. In dit artikel worden de namen genoemd van de volgende personen:

  • -

    [verdachte]

  • -

    [slachtoffer 4] : vermoord op 7 november 2015;

  • -

    [naam 78] : vermoord op 13 juli 2014;

  • -

    [naam 79] : vermoord op 29 december 2012;

  • -

    [naam 80] : vermoord op 3 september 2014;

  • -

    [naam 81] : vermoord op 18 oktober 2012;

  • -

    [naam 82] : vermoord op 25 mei 2013;

  • -

    [naam 167] .107

Op 8 november 2015 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [naam 15] en [e-mailadres 10] (hierna te noemen: [naam 83] ).

[naam 83] : Je naam staat kk heet op parol wtf

[naam 15] : Hahahahaha ja man die denken natuurlijk dat ik erachter zit

[naam 15] : Ja lekker belangrijk ahahah. Praten mensen op straat?

[naam 83] : Nee parol praat madefackers.108

[naam 167] is naar aanleiding van de moord op [naam 81] veroordeeld en zat ten tijde van de liquidatie van [slachtoffer 4] gedetineerd.109 Gelet op de door middel van de historische verkeersgegevens verkregen locatiebepalingen van [naam 15] in relatie tot de detentie van [naam 167] kan hij niet de gebruiker zijn van [naam 15] . Immers, de PGP-telefoon voorzien van IMEI-nummer [nummer 24] waarmee de berichten van [naam 15] werden verstuurd, heeft in de periode na 2 november 2015 geen verbindingen afgewikkeld in het Nederlands radionetwerk. Indien er met deze telefoon in de periode van 6 tot en met 11 november 2015 gecommuniceerd zou zijn vanuit de penitentiaire inrichting zou dit in de historische verkeersgegevens zichtbaar zijn geweest.110

De rechtbank stelt op grond van het voorgaande vast dat enkel [verdachte] en [naam 167] nog in leven zijn van de personen van wie de namen worden genoemd in het artikel in [naam krant] . De opmerking van [naam 83] “je naam staat kk heet op parol wtf” moet dus op één van deze personen betrekking hebben. Gelet op zijn detentie kan [naam 167] niet degene zijn die heeft gecommuniceerd met behulp van het account [naam 15] . Dit wijst er dan ook op dat [verdachte] de gebruiker was van e-mailaccount [naam 15] .

Contacten [naam 15] en [naam 16]

Op 24 september 2014 is op het account [naam 15] het volgende bericht opgeslagen:

‘ [naam 84] ’.

Op 23 januari 2016 werd eveneens een opmerking aangemaakt door de gebruiker van account [naam 16] . Ook daar werd het telefoonnummer [nummer 28] genoemd. Daarnaast werd het telefoonnummer [nummer 29] genoemd.111

Het telefoonnummer [nummer 28] staat op naam van [naam 85] , met als aansluitingsadres [adres 91] in Amsterdam.112 In de Gemeentelijke Basis Administratie staat op dit adres [naam 85] ingeschreven, een [naam 85] van [verdachte] .113 [verdachte] heeft hierover verklaard dat hij zijn [naam 85] opslaat als ‘ [naam 85] ’, ‘ [naam 85] ’ of ‘ [naam 85] ’. Geen van zijn broers heeft een PGP. De ouders van [verdachte] wonen aan de [adres 91] .114

Het telefoonnummer [nummer 29] staat op naam van [naam 86] , wonende op de [adres 92] .115 [naam 86] is de broer van [verdachte] , [naam 18] , die aan de [adres 92] woont.116

De rechtbank stelt op grond hiervan vast dat in de accounts [naam 15] en [naam 16] telefoonnummers van een broer en [naam 85] van [verdachte] zijn opgeslagen. Deze telefoonnummers staan ook geregistreerd op adressen van deze broer en de ouders van [verdachte] .

Reisgegevens van en naar Marokko

Door de Marokkaanse autoriteiten is een overzicht verstrekt van de in- en uitreisgegevens van [verdachte] over de periode van 9 augustus 2007 tot en met 22 juni 2017.117 Ook zijn de historische gegevens van IMEI-nummer [nummer 24] (hierna te noemen: de telefoon van [naam 15] ) verstrekt over de periode van 23 september 2015 tot en met 2 november 2015.118 Deze gegevens zijn samengevat in onderstaande tabel.119

In- en uitreisgegevens Marokko/Thailand [verdachte]

Verblijf in Nederland [verdachte]

Telefoon van [naam 15]

Berichtenverkeer vanaf accounts [naam 15] en [naam 16]

Vanaf 23 juni 2015 tot en met 23 september 2015 in Marokko

Eerste contact 23 september 2015 op zendmast nabij luchthaven Schiphol

6 augustus 2015 [naam 15] : ‘Ik ga morgen naar tanger (…)’

7 augustus 2015 [naam 15] : ‘Ok rij rustig ik rij nu kech (de rechtbank begrijpt: Marrakech) uit’

Van 23 september 2015 tot en met 27 september 2015

Registraties binnen Nederland, voornamelijk in Amsterdam

27 september 2015 aankomst in Marokko

Twee registraties op 27 september 2015 op zendmasten op Schiphol

Vanaf 27 september 2015 tot en met 30 oktober 2015 in Marokko, met korte onderbreking naar Verenigde Arabische Emiraten volgens paspoort

Geen registraties in Nederland, op 30 oktober 2015 weer registraties op twee zendmasten op (luchthaven) Schiphol

10 oktober 2015 [naam 15] : ´Ok ben zelf in het buitenland’

30 oktober 2015 tot en met 2 november 2015

Registraties binnen Nederland, voornamelijk in Amsterdam

Vanaf 2 november 2015 tot en met 23 januari 2016 in Marokko

Na laatste registratie op zendmast in Amsterdam, na 2 november 2015 geen registraties meer in Nederland, ondanks verzonden berichten van 6 tot en met 11 november 2015 en 17 november 2015.

1 november 2015 [naam 15] : ´gewoon thuis heb je hajar gesproken? (…) avond rond 22.30 ik ga daarna ochtendvlucht pakken naar mocro’ (de rechtbank begrijpt: Marokko)

1 januari 2016 [naam 16] : ‘heel marokko praat erover. (…) iedereen is hier toch met nieuwjaar’

Vanaf 26 januari 2016 tot en met 14 april 2016 in Marokko

17 februari 2016 [naam 16] :

‘Heeft gesneeuwd in de bergen daardoor is kech koud, en daar? (…) Hier was hele winter top tot afgelopen dagen’

15 april 2016 tot en met 25 april 2016 in Thailand

17 april 2016 [naam 16] :

‘Ahahaha nee man ben ver ver man bro sorry’

18 april 2016 [naam 16] :

‘Ja rustig is warm man’

De rechtbank overweegt dat uit voornoemde gegevens, in- en uitreisgegevens Marokko en Thailand, zendmastregistraties van de telefoon van [naam 15] en de berichten die door zowel [naam 15] als [naam 16] zijn verstuurd blijkt dat [verdachte] op exact dezelfde momenten in Marokko was als de gebruiker van [naam 15] en [naam 16] . Bovendien reist de gebruiker van [naam 15] op exact dezelfde dagen als [verdachte] van en naar Marokko. Dat blijkt uit het feit dat de [naam 15] telkens zendmasten aanstraalt op en rondom luchthaven Schiphol op het moment dat [verdachte] een reisbeweging maakt naar of vanuit Marokko. Tenslotte volgt uit de berichten van [naam 15] en [naam 16] ook dat de gebruiker van deze e-mailadressen in Marokko verblijft. Dit geldt ook voor het verblijf van [verdachte] in Thailand, nu de berichten dat de gebruiker ‘ver is’ en dat het daar ‘warm is’ passen bij een verblijf in Thailand. Naar het oordeel van de rechtbank duidt dit er dan ook op dat [verdachte] de gebruiker van zowel [naam 15] als [naam 16] is.

Conclusie [verdachte] is de gebruiker van [naam 15] en [naam 16]

Gelet op al het voorgaande en in het bijzonder dat:

  • -

    is vastgesteld dat [naam 15] en [naam 16] dezelfde gebruiker hebben;

  • -

    [verdachte] de enige persoon is die bedoeld kan worden met het bericht aan [naam 15] over het artikel in [naam krant] inzake de moord op [slachtoffer 4] ;

  • -

    telefoonnummers van de [naam 85] en broer van [verdachte] staan opgeslagen in zowel [naam 15] als [naam 16] ;

  • -

    [verdachte] van en naar Marokko reist op exact dezelfde momenten dat [naam 15] en [naam 16] zendmasten op en rondom luchthaven Schiphol registreren, en

  • -

    e-mailberichten, verzonden met [naam 15] en [naam 16] , er op wijzen dat de gebruiker in Marokko is, net als [verdachte] op dat moment,

acht de rechtbank bewezen dat [verdachte] de gebruiker is van zowel het Ennetcom-account [naam 15] als [naam 16] , dat bijbehorende telefoons ook in zijn bezit waren en dat alle e-mailberichten met betrekking tot deze accounts aan hem zijn toe te schrijven. Hierna zal de rechtbank de gebruiker van [naam 15] en [naam 16] aanduiden als [verdachte] .

Ennetcom-berichten

Uit dit voorgaande is gevolgd dat de volgende accounts toebehoren aan:

  • -

    [naam 15] en [naam 16] : [verdachte] ;

  • -

    [naam 6] en [naam 32] : [medeverdachte 1] ;

  • -

    [naam 33] en [naam 37] : [medeverdachte 2] .

Vervolgens is gekeken naar de inhoud van de berichten en notities van deze gebruikers, te beginnen met de notitie van de gebruiker van account [naam 15] ( [verdachte] ) zoals aangemaakt op 28 augustus 2015 (en laatst gewijzigd op 17 september 2015).

“(…) Lifelounge [naam 168] amersfoort. [naam 85]

[nummer 30] [type 6]

[nummer 31] [merk auto 1] ML.. Van 2007 die model..

lk ben hun gevolgd... Dat is auto van die [slachtoffer 3] .

Ja van foto ze zijn weg... Dat is plaat. Spaanse

Platen (…)”.120

Uit dit voorgaande volgt dat [verdachte] zich in augustus/september 2015 al bezig houdt met het vergaren van informatie over verblijfplaatsen/auto’s van de broers [achternaam slachtoffers] , ook wel de ‘ [naam 85] ’ genoemd.

Niet alleen [verdachte] houdt zich hiermee bezig, maar ook [medeverdachte 1] . Op 25 september 2015 wordt immers het adres [adres 93] – een adres waar de broers [achternaam slachtoffers] , aldus [slachtoffer 3] zelf, vaak kwamen – toegevoegd aan de contactenlijst behorende bij het Ennetcom account met het emailadres [naam 6] .121

Vervolgens heeft de gebruiker van het Ennetcom account [naam 87] contact met de gebruiker van het Ennetcom account [naam 15] , [verdachte] , en de gebruiker van het Ennetcom account [naam 6] , [medeverdachte 1] .

Op 10 oktober 2015 vindt er een berichtenwisseling plaats tussen de [naam 87] en [verdachte] , onder meer inhoudende:

“Zender Bericht

(…)

[verdachte] Ik sprak met hem, hij zei dat ik je naar een actie kon sturen

[naam 87] (…) Je zou wat voor me klaar leggen, ik zou er eventueel morgen om kunnen rijden

[naam 87] Ik kan vrij praten toch? Je weet wat ik jou heb uitgelegd binnen, ik heb nu nog even een project, die moet ik nog afhandelen, daarna kan ik jou klus aannemen broer, maar ik had wel ff dat gene nodig waar ik je om vroeg, 2 klein 1 grote alvast, en ik heb ff een nummer nodig van ogen, je weet wie ik bedoel toch

[verdachte] Je kan vrij praten. Ik ben broertje van die [naam 116] vriend trouwens dat je dat weet. Ben op de hoogte van alles. Ik heb 2kleine voor je maar helaas geen patronen. Van grote heb ik alles compleet (…)

[verdachte] Ok, ben zelf in het buitenland. Die jongen die het jou gaat geven die geeft je alle info (…)”.122

Op 11 oktober 2015 is er weer een berichtenwisseling tussen de [naam 87] en [verdachte] vanaf

09.02.05

uur, inhoudende:

“Zender Bericht

[verdachte] Dit is die jongen die je die spullen gaat geven. Klik op die mailadres dan kan je hem een bericht sturen

[e-mailadres 1]

[naam 87] Ok top!”.123

Daarop volgt een berichtenwisseling tussen de [naam 87] en [medeverdachte 1] (als tussenpersoon) op 11

oktober 2015, onder meer inhoudende:

“Zender Bericht

(…)

[naam 6] [adres 93] .

Die rechter en op die andere foto is die ander (…)”.

Verbalisant [verbalisant] herkent op de door [naam 6] meegezonden foto’s [slachtoffer 3] en [slachtoffer 1] .124

Op 11 oktober 2015 is er ook een berichtenwisseling tussen de [naam 87] en [verdachte] , waarin

[verdachte] zijn bedoelingen verduidelijkt en een vinger aan de pols houdt:

“Zender Bericht

(…)

[verdachte] Oke adres heb je toch? Het zijn 2 broers waarvan we 1 belangrijker vinden dan de ander. Met baard moeten we hebben. Mochten ze met zn 2 zijn dan moeten allebei weg, maar met baard is ons doel. Ik stuur je hun foto. Als je vragen hebt moet je die stellen. (…)

[verdachte] Dit is onze hoofddoel! Is 1 en dezelfde persoon (…) img- [nummer 32] .jpg (…)

[naam 87] Alles is goed broeder, de project gaat van start

[verdachte] Dit is zn broertje Op die 1ste foto zie je hem zitten met verband om zn pols (…) IMG- [nummer 33] .jpg (…)

[verdachte] Ja voor ons is belangrijk dat die met baard weggaat. Maar als zn broertje daar is, is mooi meegenomen. Daar komen we samen uit (…)

[naam 87] Ik heb alles, alleen ik had begrepen, dat het om 1 persoon ging. Vandaag werd het me pas duidelijk dat het er 2 waren. (…)

[naam 87] Top! Ik had er niet aan getwijfel. Jullie horen vanzelf wanneer ze met pensioen zijn (…)”.

Verbalisant [verbalisant] herkent op de door [naam 15] meegezonden foto’s wederom [slachtoffer 3]

(IMG eindigend op 208) en [slachtoffer 1] (IMG eindigend op 239).125 Uit dit voorgaande

volgt dat met de persoon met de baard [slachtoffer 3] wordt bedoeld.

De gebruiker van [naam 15] , [verdachte] , zendt op 18 november 2015 om 00.13.25 uur het volgende

Bericht naar de gebruiker van account [naam 87] : “Hee bro! Hij is binnen”,126 waarmee hij

informatie voor wat betreft de verblijfplaats doorspeelt.

De gebruiker van account [naam 87] reageert hier op om 18.20.30 uur:

“Ja shit man! Ik hoor net dat die klojo van een neef van me niks heeft georganiseert gisteren avond, ben echt fucking boos op die gozer! (…)

Ik ben daar de hele weekend vanaf vrijdag avond. Mochten ze er dit weekend niet zijn, blijf ik weg van de open kamp om dit op te lossen, want ik word momenteel ook aangesproken voor de klus die ik voor de jouwe had aangenomen. Ik heb de hele situatie met open kamp gewoon verkeerd in geschat. Ik heb nog nooit gefaald! En iedereen die mij kent weet dit! Dus ik peins er niet over om hier in te falen. Blijf vertrouwen in me hebben bro!”.127

[slachtoffer 3] verklaart op 31 december 2015 dat ze hem en zijn broer een aantal weken

geleden op de [adres 94] (rechtbank: op 21 november 2015 nabij

restaurant [naam 88] aan de [adres 93]) – het weekend direct volgend op

18 november 2015 – met [type 10] wilden beschieten, maar dat dit door een oplettende

caféhouder niet was gelukt. De broers [achternaam slachtoffers] kwamen veelvuldig bij [naam 88] .128 Dit

volgt ook uit de melding die op zaterdag 21 november 2015 omstreeks 02.40 uur

binnenkomt bij de politie. Melder is achter een inbreker aangerend, die zich verdacht ophield

in de tuin van de [adres 95] (in de directe omgeving van restaurant [naam 88]

).129 In de achtertuin van [adres 95] , treffen de verbalisanten twee

automatische vuurwapens aan.130

Tussenconclusie

Uit het voorgaande volgt dat [verdachte] de gebruiker van [naam 87] naar een actie stuurt, waarna hij

[medeverdachte 1] als tussenpersoon laat optreden om de gebruiker van [naam 87] van de nodige

informatie en spullen te voorzien. Uit de mail van [verdachte] : “Ik heb 2kleine voor je maar

helaas geen patronen”, leidt de rechtbank af dat [verdachte] vuurwapens laat leveren aan de

gebruiker van [naam 87] . [medeverdachte 1] geeft vervolgens het adres aan de [adres 93]

– welk adres hij eerder op 25 september 2015 al in zijn eigen account had opgeslagen – door

en stuurt de gebruiker van het account [naam 87] foto’s van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 1] . [verdachte]

houdt hierbij een vinger aan de pols en verduidelijkt zijn bedoelingen. Het gaat om twee

broers, waarvan ze de broer met de baard (rechtbank: [slachtoffer 3]) belangrijker vinden. De broer

met de baard is het doel, maar als ze met zijn tweeën zijn, moeten ze allebei weg. Daar

komen ze samen wel uit. De gebruiker van account [naam 87] geeft aan dat het project van start

gaat en ze vanzelf horen wanneer ze met pensioen zijn. Vervolgens wordt, na een

laatste berichtenwisseling op 18 november 2015, waarin de gebruiker van het account [naam 87]

aangeeft dat hij het het komende weekend gaat oplossen, op 21 november 2015 een liquidatie

bij [naam 88] aan de [straatnaam 25] voorkomen.

Uit dit voorgaande volgt dat de broers [achternaam slachtoffers] een (liquidatie)doelwit van [verdachte] vormen en hij zich samen met [medeverdachte 1] al langer bezig houdt met het verkrijgen dan wel leveren van inlichtingen/middelen om dit doel te bewerkstelligen (zoals informatie over verblijfadressen en voertuigen van de broer(s)).

Verdere voorbereiding

Vervolgens wordt op 22 november 2015 om 20:09 uur – de dag na de mislukte aanslag – een

Notitie in het account [naam 15] van [verdachte] aangemaakt. Deze notitie is op 23 januari 2016 om

09:49 uur het laatst gewijzigd. Deze notitie luidt:

“(…) [merk auto 3] zwart blauwe kleur met creme interieur dus die [naam 116] [merk 2]

Die flikker [slachtoffer 3] woont als goed is in [naam 71] . Weet nog niet adress maar ben mee bezig hij

woont in zuid rijd een zwarte [merk auto 2] . coupe hij chilt veel in utrecht alleen woont rot zuid. En

hij gaat met een chik [naam 89] .

Bungelow met jetsky voor ht strand [adres 3]

Kenteken is [kenteken 1] ”.131

Uit onder meer de verklaringen van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] volgt dat de broers [achternaam slachtoffers] inderdaad sinds maximaal drie weken verbleven in chalet nr. [nummer 9] , Camping [naam 21] , [adres 3] . De eigenaar van het chalet had een jetski en zij reden een [merk auto 1] met dit kenteken (en daarvoor een [merk auto 3] ). Gelet op de duur van het verblijf van de broers [achternaam slachtoffers] op de camping en de duur van de huur van de auto – telkens maximaal drie weken –, neemt de rechtbank tot haar uitgangspunt dat deze laatste wijziging van december dateert. Hieruit volgt dat [verdachte] zich toen nog altijd bezig hield met het achterhalen van de verblijfplaats en vervoersmiddelen van de broers [achternaam slachtoffers] .

Berichten vanaf 1 januari 2016

Vervolgens vinden er na de schietpartij berichtwisselingen plaats, waaronder op 1 januari 2016 tussen 18:52 uur en 19:15 uur tussen de gebruiker van account [naam 32] ( [medeverdachte 1] ) en de gebruiker van de accountnamen [naam 16] en [naam 15] ( [verdachte] ).

“Zender Bericht

(…)

[verdachte] Hoe is ie dan soldaat

[medeverdachte 1] Hahahah rustiggg broo met jouu

[verdachte] Hahahahaha heel goed ewa [naam 140] dan, heb je gisteren

gespaced wella?

[medeverdachte 1] Hahah kleinbeetje je weetzelf hahahah e hoor dan ahahah vandaag ik

word wakker me moeder zegt tegen me [slachtoffer 3] is overledenn

ik zeg hoe weet je dat ze zegt tegen me ja je tante ze vriendin is der neef hahahahaha toen ik ging naar boven ik was kkk blij hahahahahahaha

[medeverdachte 1] Hahahahah die andere brada was bijna ook loesoe ze kk moer we hebben leip op ze gelostt

[verdachte] Ahahahahahahahhahaha helemaal lijp

[verdachte] Ja ik heb gehoord man pffff heel marokko praat erover. Ze zeggen die gasten zijn lijp. Iedereen is hier toch met nieuwjaar

[medeverdachte 1] Hahahahah bro je weet van mij geen grappen alles gaat gewelddadig (…)

[verdachte] Oke wat moet ik je betalen?

[medeverdachte 1] Bro zeg jij maar hoeveel staat op hun hoofd ze waren we'll wat waard he hahah

[medeverdachte 1] Meer dan die aap he of niet

[verdachte] Hahahahah ik ga goed met je doen (…)”.132

In deze voorgaande berichten wordt de dag na de liquidatie expliciet gesproken over het overlijden van [slachtoffer 3] (rechtbank: [slachtoffer 1] en niet [slachtoffer 3] is overleden), waarmee [medeverdachte 1] “kkk blij” is. De andere “brada” was ook bijna “loesoe”, aldus [medeverdachte 1] . Dit past bij [slachtoffer 3] , bij wie een kogel net langs zijn hoofd is gegaan (wel een schampwond). [medeverdachte 1] geeft vervolgens aan dat “we” leip op ze hebben gelost. Dit duidt naar het oordeel van de rechtbank, in samenhang met de eerder genoemde reisbewegingen en de camerabeelden, op het zijn van [medeverdachte 1] van één van de schutters bij de liquidatie van [slachtoffer 1] en de poging tot liquidatie op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] .

Zoals uit de berichten volgt, vraagt [verdachte] daarna aan [medeverdachte 1] wat hij hem moet betalen. Hij vraagt letterlijk: “Wat moet ik je betalen”, waarop [medeverdachte 1] antwoordt dat [verdachte] maar moet zeggen hoeveel er op hun hoofd stond. Uit dit voorgaande leidt de rechtbank af dat de broers [achternaam slachtoffers] niet alleen een doelwit voor [verdachte] vormen – waartoe hij inlichtingen heeft ingewonnen/verstrekt – , maar hij ook de prijs voor de liquidatie bepaalt en betaalt.

Op 1 januari 2016 wordt vervolgens onderhandeld over de prijs/beloning. De gebruiker van account [naam 32] ( [medeverdachte 1] ) mailt hier vanaf 19:47 uur over met de gebruiker van account [naam 16] ( [verdachte] ).

“Zender Bericht

[medeverdachte 1] Bro wat gaat er betaald worden voor die flikkers dan (…)

[medeverdachte 1] Bro met die wakkie weggrijden van mij als vluchtauto is ook fuckingg heet he gaan we nooit meer doen man beter huren en op iemand andere naam gooien ofso

[verdachte] Ja ik weet man, we gaan zelf apparaat kopen dan nakken we die waggies zelf.

Hoeveel wil je? Je moet niet te duur worden he ahahahaha

[medeverdachte 1] Bro je weet deze man was veel waard volgens mij he en 1 is loesoe en die andere is gewond is we'll iets ik dacht aan 85 zo maar jij moet het zeggen bro.

[verdachte] Broer je beseft wel dat dat echt heel veel is he, de vorige x had ik je 60 gegeven omdat ik vond dat je het meeste had gedaan.

Echt [naam 93] normaal gaven we hitters 40 a 50 max

Maar bij jou betaal ik omdat ik weet dat jij nog voor andere mensen zorgt.

[medeverdachte 1] Ewa aan wat denk jij bro 70 is dat goed bro ?

[verdachte] Ben je daar tevreden mee??

[medeverdachte 1] Kijk ik heb vorige x veel opgemaakt maar kijk als je 75kan missen ben ik er blij mee ik wil een snuif tel halen voor [naam 90] loop ik hem afentoe en laat ik hem iemand lopen snapje.

[verdachte] Hahahahaha heel slim. [naam 91] isgoed. lk geef je nu 70 en geef je later 5 akkoord??

[medeverdachte 1] Hahah ja isgoed bro je weet anders gaat het heel snel op he maar ik zeg je strax waneer ik het kan ophalen

[verdachte] Oke als [naam 71] je vraagt hoeveel zeg je bankoe (rechtbank: 50.000) goed?

[medeverdachte 1] Top broo lovee youu bro echt alleen aan wat ik nu denk bro is me wakkie ze kunnen niks doen toch is geen bewijs dat ik daar ben geweest met me wak

neetoch

[verdachte] Nee sowieso niet man. Zorg dat je die kleren weggooit die je aan had klaar. Voor de rest geen bewijs bro. Had je je waggie wel beetje sneaky gezet? Uit zicht van cammies

[medeverdachte 1] Ja bro

[verdachte] Dan is dat niets en ook al komen ze. Is geen bewijs.

[verdachte] Maak je niet teveel druk bro (…)”.133

In dit gesprek wordt gesproken over eventueel achtergelaten bewijs – waarbij [verdachte] meedenkt en verder [medeverdachte 1] instrueert zijn kleding weg te gooien – en wordt verder onderhandeld over de beloning voor de liquidatie. Bij deze onderhandeling wordt aangegeven dat ‘normaal’ hitters 40 tot 50 krijgen, maar [medeverdachte 1] de vorige keer 60 heeft gekregen omdat hij het meeste heeft gedaan. Deze opmerking en het eerdere bericht van [medeverdachte 1] dat ze (de rechtbank begrijpt: de broers [achternaam slachtoffers]) wel meer waard zijn dan die aap, duiden naar het oordeel van de rechtbank op de betrokkenheid van [medeverdachte 1] en [verdachte] bij de eerdere liquidatie van [slachtoffer 4] op 7 november 2015.

Voor wat betreft het resultaat van deze onderhandeling, 75 (de rechtbank: duizend euro), geeft [verdachte] tot slot nog aan dat als “ [naam 71] ” het vraagt [medeverdachte 1] moet zeggen dat hij “bankoe” (rechtbank: 50.000) – de ‘normale’ prijs voor een hitter – heeft gekregen. Zoals overwogen betreft [naam 71] / [naam 69] een bijnaam voor [medeverdachte 2] . Dit voorgaande duidt, ook tegen de achtergrond van de reisbewegingen, naar het oordeel van de rechtbank op [naam 71] / [medeverdachte 2] als tweede schutter (hitter).

[medeverdachte 2]

Er zijn echter nog meer berichten waaruit de betrokkenheid van [medeverdachte 2] is af te leiden. Het gaat hierbij onder meer om een berichtenwisseling op 1 januari 2016 vanaf 19:32 uur tussen de gebruiker van het account [naam 33] ( [medeverdachte 2] ) en de gebruiker van het account [naam 32] ( [medeverdachte 1] ):

“Zender Bericht

(…)

[medeverdachte 2] Happy new yeaarrrr bro

[medeverdachte 1] Hahahhahaha jo brother

[medeverdachte 2] Hahaha hij is weg haahahha

[medeverdachte 1] Ja broo die andere is gewond

[medeverdachte 2] We hebben het toch goed gedaan gangster shit

hopelijk gaat ie daar diddie (rechtbank: dood)

[medeverdachte 1] Pff diekalew is weg (rechtbank: die kale) en die andere hoop ik snel ook

[medeverdachte 2] Ja toch bro ik hoop het

[medeverdachte 1] Ja man”.134

Het gaat hierbij wederom om een gesprek op de dag na de liquidatie waarbij wordt gesproken over de kale die weg is en de ander die gewond is en hopelijk ook snel dood gaat, passend bij de overleden [slachtoffer 1] en de gewonde [slachtoffer 3] (met de baard). Hierbij wordt door [medeverdachte 2] aangegeven: “we” hebben het goed gedaan. Deze uitlating past bij [medeverdachte 2] ( [naam 71] ) als tweede schutter, tegen wie [medeverdachte 1] ook moest zeggen dat hij ‘slechts’ bankoe (de rechtbank begrijpt: 50.000) had gekregen.

Niet alleen via de voorgaande gesprekken, maar ook via de berichtenwisseling tussen de gebruikers van de accounts [naam 37] ( [medeverdachte 2] ) en [naam 16] ( [verdachte] ) op 14 maart 2016 wordt [medeverdachte 2] in verband gebracht met de liquidatie dan wel de poging hiertoe (voor wat betreft [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] ). Het gaat om de berichten:

“Zender Bericht

(…)

[medeverdachte 2] Ja man bro dat zeker [naam 93] moeders voelen de meeste pijn in zo een geval

Ja praten kan je ook in de problemen brengen [naam 93]

bro bij mij bro zijn al 2 mensen gekomen hebben mij gevraagd of ik veeg ik zeg ze hoe kom je daaropze zeggen dat wordt gezegd daarom zei ik je na deze actie ga ik loezoe van [naam 71] praten is het laatste wat je moet doen indruk hoef niet gemaakt te worden een staitment we'll als het erop aankomt

[verdachte] Bro wie zou jij gedaan hebben dan?

[medeverdachte 2] Van oudjaarsdag die [naam 85]

[verdachte] Wat een kk flikkertjes. lk ga boodschap doorgeven aan [naam 92] . Weet hoe, ik ga zeggen vrienden ik heb schijt aan jullie rotzooi maar jullie praten veel. Ga niet zeggen hoe wat of waar. Laat ze maar gissen zodat ze voor elke letter die ze willen uitspreken bang zijn

[medeverdachte 2] Ja toch en die kikkers die mattie van me gaat ze toch vegen iets tussen hun hoef ik me handen niet vies te maken en bro [naam 93] maak niet uit wie je zou vragen om mij in [naam 71] bro ik ben elke dag al1 zoek geen hoofdpijn met niemand maar laat ook niemand hoofdpujn met mij zoeken en je hebt jaloezie toch ze haten maar [naam 93] wat ik doe en heb gedaan neem ik mee me graf in is niet gemaakt om te delen (…)”.135

In dit voorgaande wordt gesproken over [medeverdachte 2] die in verband zou worden gebracht met de

liquidatie op oudejaarsdag van “die [naam 85] ”, een bijnaam van de broer(s) [achternaam slachtoffers] . [verdachte]

windt zich hierover op en geeft aan dat hij ze – vanuit kennelijk zijn positie – hierop zal

aanspreken. Hij zegt tegen [medeverdachte 2] dat hij ze maar moet laten gissen. [medeverdachte 2] reageert hierop

door in dit gesprek over de liquidatie aan te geven dat hij, wat hij gedaan heeft, het graf mee

in neemt. Dit gesprek duidt zoals overwogen opnieuw op de betrokkenheid van [medeverdachte 2] als

schutter bij de liquidatie.

Naast gesprekken met betrekking tot deze concrete liquidatie zijn er ook gesprekken waaruit

volgt dat [medeverdachte 2] ( [naam 71] / [naam 69] ) klaar staat om iemand snel te ontvoeren of doden. [medeverdachte 2] laat

ook aan [verdachte] weten dat hij klaar staat en het weer tijd wordt om “iemand te vegen”. Zijn

handen jeuken om een trekker over te halen. Het gaat hierbij om de volgende

berichtenwisselingen:

Vanaf 3 maart 2016 (telkens voortgezet, waaronder op 14 en 27 maart 2016) tussen onder

meer [medeverdachte 2] ( [naam 37] ) en [verdachte] ( [naam 16] ):

“Zender Bericht

(…)

14 maart 2016

[naam 125] Ja broer [naam 93] drm [naam 94] en ik zeggen het vaak

[naam 93] [naam 69] is echt een man broer

Soldaat broer zoizo broers [naam 93] voor altijd en alles kan je ons ook txten broer iemand snel ontvoeren of doden broer geen problee we helpen je er mee

[medeverdachte 2] Hahahha ja toch [naam 93] echt bro s is cool ja toch we staan voor mekaar klaar met alles ai

[medeverdachte 2] aan [verdachte] En [naam 93] bro je moet weten wat je me zegt om te doen ik doe bro hoofd had me naar jou gestuurd ik zal nooit in me leven vergeten hoe je met mij bent bro echt nooit ik vergeet geen elgir [naam 93]

echt bedankt je weet zeg het alleen ik sta klaar (…)

27 maart 2016 (…)

[medeverdachte 2] Yo bro effe tussen ons

[naam 93] laatse dagen ik voel me slecht

Volgens mij wordt het tijd bro om weer iemand te vegen ik doe echt mij best voor een waggie [naam 93] bro want is een kick hahaah

[verdachte] Hahahah maar hoe bedoelje slecht bro, toch niet ziek ofzo

[medeverdachte 2] Neeee voel me nooit ziek hahhaa

Me handen jeuken er moet een trekker overgehaald worden hahaha (…).136

Concluderend

Gelet op al het voorgaande, in onderlinge samenhang bezien, kan naar het oordeel van de rechtbank het volgende worden geconcludeerd.

  • -

    Op 31 december omstreeks 18:14 uur – na een aankomst om 17:35 uur – wordt door twee schutters, allebei meer dan tien keer, op de [merk auto 1] met daarin [slachtoffer 1] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] geschoten;

  • -

    [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zijn aldus de historische gegevens, omstreeks dit tijdstip op de camping geweest;

  • -

    [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] – met daarbij in het bijzonder het loopje – passen in de signalementen van de schutters zoals op de beelden te zien;

  • -

    de [merk auto 2] (met daarin ook de wapens die zijn gebruikt bij de schietpartij) is vervolgens tot Zaltbommel als vluchtauto gebruikt;

  • -

    de schutters hebben toen hun weg vervolgd met de [merk auto 5] van [medeverdachte 1] ;

  • -

    [medeverdachte 1] geeft na de schietpartij op 1 januari 2016 met betrekking tot de liquidatie aan dat ze leip op hun hebben gelost – waarbij het ook wel heet was om zijn auto als vluchtauto te gebruiken – en onderhandelt vervolgens met [verdachte] over wat er op hun hoofd staat en aan hem als hitter moet worden betaald;

  • -

    [verdachte] geeft na de onderhandelingen aan dat [medeverdachte 1] tegen [medeverdachte 2] moet zeggen dat hij € 50.000,- krijgt;

  • -

    [medeverdachte 2] geeft naar aanleiding van de liquidatie aan dat ze het goed hebben gedaan, en

  • -

    [medeverdachte 2] zegt in een gesprek over de liquidatie van de broers [achternaam slachtoffers] dat hij, wat hij gedaan heeft, het graf mee in neemt.

De rechtbank acht dan ook bewezen dat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 december 2015 de schutters zijn geweest die de broers [achternaam slachtoffers] en [slachtoffer 2] allebei meer dan tien keer hebben beschoten.

Verder acht de rechtbank op grond van de volgende omstandigheden, namelijk dat:

  • -

    [verdachte] en [medeverdachte 1] zich allebei in augustus/september 2015 al bezig houden met het achterhalen van de verblijfplaatsen en/of auto’s van de broers [achternaam slachtoffers] ;

  • -

    de broers [achternaam slachtoffers] en in het bijzonder [slachtoffer 3] een doelwit vormen van [verdachte] ;

  • -

    [verdachte] dit in oktober 2015 ook concreet maakt door deze ‘actie’/klus aan de gebruiker van PGP-account [naam 87] te geven (het onderzoek Maan);

  • -

    na de mislukte actie [verdachte] in december 2015 opnieuw informatie vergaart over de verblijfplaats en auto van de broers [achternaam slachtoffers] (bungalow met jetski voor het strand, adres [adres 3] en kenteken [kenteken 1] );

  • -

    er volgens eind december ook vier bezoeken aan deze camping volgen;

  • -

    [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op zowel 28 december 2015, 29 december 2015 (’s nachts) – en in ieder geval ook [medeverdachte 1] in de avond van 29 december 2015 – als 30 december 2015 omstreeks de tijdstippen van de bezoeken op de camping zijn geweest;

  • -

    tijdens het eerste bezoek is gevraagd naar een chalet in de nabijheid van het chalet van de slachtoffers (rechtbank: getuige [getuige 3]);

  • -

    bij de vervolgbezoeken vervolgens op vuurwapens gelijkende voorwerpen op de beelden zijn te zien;

  • -

    [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] ook passen in de signalementen van de mannen die tijdens deze bezoeken op de beelden zijn te zien – welke signalementen ook overeenkomsten vertonen – en die door de getuige [getuige 3] zijn beschreven; en tot slot;

  • -

    de uiteindelijke liquidatie op 31 december 2015 ook door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] is uitgevoerd,

niet alleen bewezen dat de bezoeken aan de camping met onder meer de [merk auto 5] en de [merk auto 2] in het kader van de voorbereiding van de liquidatie zijn geweest, maar ook dat sprake is geweest van een vooropgezet plan waaraan een zorgvuldige voorbereiding vooraf is gegaan. Daarmee acht de rechtbank bij de schutters [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] het samen plegen (medeplegen) van de moord – met voorbedachte raad – op [slachtoffer 1] bewezen. Door met dit plan allebei in ieder geval tien maal op een voertuig met daarmee ook twee andere inzittenden – waarbij [slachtoffer 3] ook een specifiek doel was – te schieten, is ook duidelijk sprake geweest van een begin van uitvoering van de moord op deze twee personen. Daarmee kan ook het door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] samen plegen van de poging tot moord worden bewezen, nu [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] beiden de aanslag hebben overleefd.

Voor wat betreft de rol van [verdachte] acht de rechtbank eerst het volgende belang:

  • -

    [verdachte] verzamelt in augustus/september 2015 al informatie over de broers [achternaam slachtoffers] , ofwel de ‘ [naam 85] ’;

  • -

    [verdachte] stuurt in oktober 2015 vervolgens de gebruiker van PGP-account [naam 87] ook naar een actie gericht op de broers [achternaam slachtoffers] , waarbij hij aangeeft dat ze allebei weg moeten (rechtbank: dood moeten) maar dat de broer met de baard – [slachtoffer 3] – het hoofddoel is;

  • -

    [verdachte] laat [medeverdachte 1] als tussenpersoon optreden, waarna ook contacten tussen [medeverdachte 1] en de opdrachtnemer plaatsvinden over onder meer het adres waar de [achternaam slachtoffers] `s vaak komen;

  • -

    [verdachte] houdt zelf een vinger aan de pols bij de gebruiker van PGP-account [naam 87] en informeert hem over de verblijfplaats (“hij” – duidend op één van de broers [achternaam slachtoffers] – is binnen);

  • -

    op 21 november 2015 een aanslag op de broers [achternaam slachtoffers] is mislukt;

  • -

    [verdachte] daarna bezig blijft met het verkrijgen van de meest actuele informatie over de verblijfplaats(en) en voertuig(en) van de broers [achternaam slachtoffers] .

Uit dit voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank dat de broers [achternaam slachtoffers] in augustus/september 2015 een doelwit van [verdachte] waren en dit ook tot en met de liquidatie op 31 december 2015 zijn gebleven.

Vervolgens volgt uit de berichten dat:

  • -

    [verdachte] in de voorbereiding een ander als tussenpersoon laat optreden om de (eerste) opdrachtnemer/hitter van de nodige informatie en onder meer wapens te voorzien;

  • -

    [verdachte] in de voorbereiding een vinger aan de pols houdt en informatie aan de bedoelde schutter blijft doorspelen;

  • -

    [verdachte] de beloning voor de uiteindelijke gelukte liquidatie bepaalt en betaalt;

  • -

    [verdachte] [medeverdachte 1] aanstuurt voor wat betreft het bedrag dat hij tegenover de andere schutter moet noemen en hij ook – met het oog op het bewijs – de instructie geeft om zijn kleding weg te gooien;

  • -

    [verdachte] zich opwindt over het vele praten over de liquidatie van het ‘ [naam 85] ’ – waarmee [medeverdachte 2] in verband wordt gebracht – en in de positie is om daar deze mensen op aan te spreken; en tot slot dat

  • -

    [verdachte] zich ook bezig houdt met andere liquidaties, zoals ook nog volgt in de onderzoeken IJshamer en Brandberg, waarin hij bij de uitvoering ook duidelijk een aansturende rol heeft en instructies aan de schutters geeft.

Het dossier bevat geen bewijsmiddelen waaruit expliciet volgt dat [verdachte] degene is geweest die de opdracht tot de aanslag op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] op 31 december 2015 aan [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] heeft gegeven. Echter, gelet op al dit voorgaande in samenhang bezien, acht de rechtbank bewezen dat [verdachte] de opdrachtgever is geweest van deze liquidatie en een bepalende/aansturende rol heeft gehad.

Dit begint in de voorbereiding, door met zijn opdracht een aanzienlijk geldbedrag in het vooruitzicht te stellen en daarmee de schutters (mede) tot de liquidatie te bewegen. Hij vergaarde actuele informatie over de verblijfplaatsen en voertuigen van de broers [achternaam slachtoffers] en hij speelde deze informatie in de voorfase van de mislukte liquidatie op 21 november 2015 door (aan de gebruiker van account [naam 87] ). Ook na deze mislukte aanslag bleef [verdachte] informatie verzamelen over de verblijfplaatsen en voertuigen van de broers [achternaam slachtoffers] .

Naast deze essentiële rol bij de voorbereiding – als opdrachtgever een onmisbare schakel – blijkt zijn hiërarchische positie zich bij deze concrete liquidatie ook in de ‘afwikkeling’. [verdachte] onderhandelt met [medeverdachte 1] over de prijs van de liquidatie en hij is uiteindelijk de persoon die de prijs bepaalt en betaalt. Verder bleef hij [medeverdachte 1] ook na de aanslag aansturen en instrueren. Hij bepaalde de prijs die [medeverdachte 1] tegenover de andere schutter moest noemen en gaf opdracht bewijs van de liquidatie weg te werken (weggooien kleding).

Dat [verdachte] de opdrachtgever was van de aanslag op de broers [achternaam slachtoffers] op 31 december 2015 blijkt niet alleen uit zijn rol in de voorbereiding en ‘afwikkeling’ van deze aanslag. Dat hij de opdrachtgever was volgt ook onder meer uit zijn rol in het onderzoek naar de poging tot liquidatie van [slachtoffer 5] (IJshamer). In dat onderzoek trad [verdachte] op als opdrachtgever, een opdrachtgever die volhardend en verbeten jacht maakte en liet maken op zijn slachtoffer. In dat onderzoek liet hij zich niet alleen strak informeren, maar speelde hij ook informatie door en instrueerde – net als ook in het onderzoek Brandberg – nauwlettend de schutters.

Dit alles maakt naar het oordeel van de rechtbank dat de intellectuele en materiele bijdrage aan de aanslag van [verdachte] van zodanig gewicht is dat deze kan worden aangemerkt als medeplegen. Daarmee acht de rechtbank ook in de zaak [verdachte] het medeplegen van moord op [slachtoffer 1] (feit 1 primair) en het medeplegen van de pogingen tot moord op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] (feit 2 primair) bewezen.

Onderzoek Brandberg (05/780093-17) 137

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitieren hebben gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van moord op [slachtoffer 4] .

Voor het standpunt van de verdediging verwijst de rechtbank hieronder naar de kwalificatie van de rol van [verdachte] .

Beoordeling door de rechtbank

Plaats delict 1, Krommenie

Op 7 november 2015 omstreeks 01.49 uur wordt aan de politie gemeld dat er schoten zijn gehoord op de [adres 96] , gemeente Zaanstad. Ter hoogte van perceel nr. 41 lag een man op de grond. In de jas van het slachtoffer was een gat zichtbaar bij de buik/borst. Onder zijn jas droeg de man een kogelwerend vest. Ter hoogte van de borst zat een gat in het vest.138 Het slachtoffer is geïdentificeerd als [slachtoffer 4] .139Zijn dood is het gevolg van functiestoornissen van vitale organen (primair het hart, de longen) en algehele weefselschade door doorgemaakt bloedverlies, opgelopen door een doorschot aan de borstkas.140

Getuige [getuige 5] ( [adres 97] ) hoorde op straat een zestal schoten, [naam 20] meteen naar buiten en zag een zwarte [merk auto 8] met hoge snelheid wegrijden.141 Op de plaats delict zijn hulzen veilig gesteld.142 Diverse voertuigen van omwonenden zijn beschadigd als gevolg van rondvliegende kogels. 143

Plaats delict 2, [straatnaam 13] Amsterdam

Op 7 november 2015 omstreeks 1.59 uur werd bij de politie melding gedaan van een autobrand op de [straatnaam 13] in Amsterdam.144 De brand is aangestoken. De auto was van oorsprong zwart van kleur.145 De brandende auto is een op een [merk auto 8] gelijkende auto.146

In de nacht van 6 op 7 november 2015 stonden vier vrienden onder het viaduct op de [straatnaam 13] in Amsterdam te chillen.147 Er komt er een auto aan gescheurd met piepende banden, een [merk auto 8] , vrij nieuw. Die auto werd geparkeerd en er stapten 2 jongens uit. (…). Een van hen riep: “he jongens ga alsjeblieft weg. Ik smeek jullie om weg te gaan. Ik wil dat jullie geen problemen krijgen.148 Hij had een vuurwapen in zijn hand.149

Forensisch onderzoek

Op de plaats delict in Krommenie en in de omgeving daarvan zijn hulzen aangetroffen van het kaliber 9x19mm en 7.62x39 mm.150

Het op de [straatnaam 13] aangetroffen uitgebrande voertuig betrof een [merk auto 8] , kleur zwart. In het voertuig werden een machinegeweer en een vuistvuurwapen aangetroffen.151 De restanten van het vuistvuurwapen passen bij een semiautomatisch pistool merk [merk 3] . Kaliber 9mm Parabellum. Het geweer heeft de uiterlijke kenmerken van een semi automatisch geweer merk [merk 4] , kaliber 7.62x39mm.

De bevindingen van het door het NFI uitgevoerde vergelijkend hulsonderzoek zijn extreem veel waarschijnlijker (>1.000.000) wanneer de hulzen zijn verschoten met de [merk 4] dan dat ze verschoten zijn met vuurwapens van hetzelfde kaliber en met dezelfde systeemkenmerken als de [merk 4] .152

Voorts zijn de bevindingen van het door het NFI uitgevoerde vergelijkend schotrestenonderzoek extreem veel waarschijnlijker (>1.000.000) wanneer de inschotbeschadiging in het midden van de achterzijde van de jas van het slachtoffer is veroorzaakt door het verschieten van de munitie in het kaliber 7.62x39mm ( [merk 4] ) dan dat de inschotbeschadiging is veroorzaakt door munitie van het kaliber 9mm Parabellum.153

Vluchtauto [merk auto 9] plaats delict 2

Een van de jongens die onder het viaduct van de [straatnaam 13] aan het chillen waren, zag een zilverkleurige of grijze auto met hoge snelheid langsrijden.154

Voor het kenteken [kenteken 5] is voor de periode 11 oktober 2015 – 7 november 2015 een blokbevraging gedaan teneinde zicht te krijgen op min of meer gelijktijdig met het kenteken [kenteken 5] meereizende voertuigen.

Op 23 oktober 2015 om 21.48 uur en om 22.31 uur is het kenteken [kenteken 6] op hetzelfde moment geregistreerd als het kenteken [kenteken 5] op respectievelijk de [straatnaam 14] en de [straatnaam 15] . Op 1 november 2015 worden beide kentekens geregistreerd op de [straatnaam 16] om respectievelijk 1:24 uur ( [kenteken 5] ) en 1:27 uur ( [kenteken 6] ).

Het voertuig met kenteken [kenteken 6] , een grijze personenauto merk [merk auto 9] , stond tussen 6 augustus 2015 en 11 november 2015 op naam van [naam 95] .155

[naam 95] , heeft verklaard dat iemand anders de zilveren [merk auto 9] heeft opgehaald en dat hij de auto kreeg met papieren en sleutels.156 Hij reed zelf af en toe in de auto. Aan [medeverdachte 1] heeft hij de auto een aantal keren uitgeleend. Op respectievelijk 5 en 28 september 2015 is de [merk auto 9] gecontroleerd door de politie. Bestuurder van de auto betrof telkens [medeverdachte 1] .157 De auto is op 11 november 2015 weggedaan, maar niet door [naam 95] .158 Op 11 november 2015 werd de wettelijke aansprakelijkheid van de [merk auto 9] op naam gesteld van [naam 96] .

Op 8 november 2015 tussen 21.44 uur en 22.07 uur vond er een berichtenwisseling plaats tussen de accounts [naam 83] en [naam 6] (hieronder geïdentificeerd respectievelijk als [naam 97] en [medeverdachte 1] ):

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Ja tog e samsa dat autotje van je al naar de sloop?”

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Nee man kijk shie koper.”

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Fik ze KK moer”

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Dan maak je die honde wakker”159

Relatie tussen [medeverdachte 3] en [slachtoffer 4]

Op de plaats delict is op het lichaam van [slachtoffer 4] een telefoon gevonden met het telefoonnummer eindigend op 3843. In die telefoon komt als contactpersoon tweemaal de naam [naam 98] voor met de telefoonnummers eindigend op 4524 en 6610.160 De vriendin van [slachtoffer 4] heeft verklaard dat [slachtoffer 4] op vrijdag 6 november 2015 om half acht in de avond wegging. Hij had met een vriend afgesproken en zij hoorde de naam [naam 98] vallen. Hij ging lopend naar het station in Krommenie en zou naar Amsterdam gaan. Vlak voor [slachtoffer 4] wegging, werd hij gebeld. Zij zag op het display dat er [naam 98] stond. [slachtoffer 4] zei tegen [naam 98] dat hij over een paar minuutjes de deur uit zou gaan.161

[medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij dagelijks contact had met [slachtoffer 4] , sms’en en bellen, en dat de telefoonnummers eindigend op 4524 en 6210 zijn nummers zijn en dat het klopt dat hij met die nummers in de telefoon van [slachtoffer 4] staat onder “ [naam 98] ”. [medeverdachte 3] herkent zichzelf op de foto met [slachtoffer 4] op CS Amsterdam CS op 7 november 2015 om 00.01.16 uur.162

De identificatie van de Ennetcom-accounts

Uit het onderzoek zijn de volgende voor dit vonnis relevante e-mailadressen naar voren gekomen:

  • -

    [e-mailadres 11] (hierna te noemen: [naam 6]) geïdentificeerd als [medeverdachte 1] ;

  • -

    [e-mailadres 12] (hierna te noemen: [naam 15]) geïdentificeerd als [verdachte] ;

  • -

    [e-mailadres 13] (hierna te noemen [nummer 34]);

  • -

    [e-mailadres 14] (hierna te noemen [naam 83]);

  • -

    [e-mailadres 15] (hierna te noemen [nummer 35]).

Gelet op de onderlinge contacten en de inhoud van de berichten tussen (onder andere) deze accounts is het vermoeden ontstaan dat de gebruikers ervan zich schuldig hebben gemaakt aan het plegen van een strafbaar feit of strafbare feiten. Eerder zijn de gebruikers van de accounts [naam 6] en [naam 15] geïdentificeerd als respectievelijk [medeverdachte 1] en [verdachte] . De rechtbank zal hieronder ingaan op de identificatie van de overige accounts.

Ennetcom-account [nummer 34] identificatie [medeverdachte 3]

Op 6 november 2015 was [slachtoffer 4] in de loop van de avond op het adres [adres 98] . Daar was toen ook aanwezig ene [naam 99] .163

Op 6 november 2015 was in de periode tussen 20.30 en 23.30 uur rond de woning [adres 98] het mobiele nummer [nummer 36] (hierna te noemen [nummer 36] ) actief. Dit nummer werd gebruikt van 30 oktober 2015 tot en met de ochtend van 7 november 2015.164 Aan het telefoonnummer [nummer 36] is het Ennetcom-account [nummer 34] gekoppeld.165

[medeverdachte 3] wordt [medeverdachte 3] en [medeverdachte 3] genoemd.166 Ennetcom-account [nummer 34] wordt door andere Ennetcom-accounts opgeslagen onder de naam [medeverdachte 3] en SW2 [medeverdachte 3] .167

Op 30 oktober 2015 stuurt [slachtoffer 4] een bericht naar het telefoon nummer 4524 van [medeverdachte 3] . Het bericht bevat de volgende tekst: “ Ben met vrouwtje kan der niet alleen laten gaan”.168

Op 30 oktober 2015 wordt met de camera van [nummer 34] een scherm van een ander toestel gefotografeerd met de tekst : “ Ben met vrouwtje kan der niet alleen laten gaan”.169

Op 6 november 2015 om 19.51 uur wordt een bericht van de telefoon van [slachtoffer 4] aan de telefoon van [medeverdachte 3] gestuurd:“vertraging en shit ben in de trein zie je zo cap? Toch” Een minuut later bericht van [nummer 34] naar [nummer 39] “Zijn trein heeft vertraging, hij is wel onderweg”.170

Op 7 november om 00.01 uur is [medeverdachte 3] samen met [slachtoffer 4] op het centraal station in Amsterdam (zie hiervoor). Om 00.04 uur bericht van [nummer 34] aan [nummer 39] “Hij gaat zo de trein pakken”.

Op 7 november 2015 om 01.44 uur bericht van GSM [slachtoffer 4] aan GSM van [medeverdachte 3] “Ben bijna thuis”.

Op 7 november 2015 01.44.53 bericht van [nummer 34] naar [nummer 39] “Waar ben je? Hij is er bijna.”171

Naar het oordeel van de rechtbank staat hiermee vast dat [medeverdachte 3] de gebruiker was van Ennetcom-account [nummer 34] .

Ennetcom-account [naam 83] identificatie [naam 97]

maakte gebruik van een PGP telefoon.172

In de geautomatiseerde datasystemen van de politie heeft [naam 97] de bijnaam longa/ [naam 116] . [naam 97] was ongeveer 1.95m lang.173 Op 7 november 2015 stuurt [naam 15] naar [naam 83] “Nog even [naam 116] a.u.b. Na deze actie kom je bij me op vakantie” en “ [naam 116] en [naam 38] geen genade aub!!!” En op 9 november 2015 “gooi die shit weg a [naam 116] luister naar me aub”174

In het Ennetcom account [naam 83] zijn onder andere de nummers Ma work= [nummer 37] en Pa work= [nummer 38] opgeslagen. Het eerste nummer is in gebruik bij [naam 100] . Zij is de moeder van [naam 97] . Het tweede nummer is in gebruik bij [naam 101] , de vader van [naam 97] .175

Naar het oordeel van de rechtbank staat hiermee voldoende vast dat [naam 97] de gebruiker was van Ennetcom-account [naam 83] .

Ennetcom-account [nummer 35] identificatie [naam 102]

In het Ennetcom-onderzoek is onder andere het email-adres [nummer 35] naar voren gekomen (hierna te noemen [nummer 35] ). Van dat adres zijn zowel de contacten als berichten onderzocht. [naam 102] was in het bezit van een BlackBerry.176

In het Ennetcom-account [nummer 35] zijn onder andere als contacten de voornaam en als tweede contact de voor- aan achternaam van de vriendin van [naam 102] , [naam 103] , opgeslagen.

De voornaam van [naam 102] is [naam 102] . In een berichtenwisseling waarbij betrokken zijn [naam 97] , [medeverdachte 1] en [nummer 35] , noemt [naam 97] met betrekking tot account [nummer 35] de naam [naam 102] .177

Op 8 april 2016 is door [nummer 35] een e-mail verzonden met de tekst “Oke bro is bijna man moest ook voorkomen voor witwas zogenaamd moest komen ben vet niet gegaan. En die recla lult ook miss gaan ze me op singa gooie”. 178

Op het uittreksel justitiële documentatie ten name van [naam 102] is vermeld: Datum beslissing 10 september 2015, feit 420 bis/420 ter pleegperiode 1 januari 2012 tot en met 31 maart 2015 Amsterdam. Status gedagvaard.179

Op 17 april 2016 bericht de gebruiker van [nummer 35] aan [naam 169] : “Bro ik kan niet vliegen snap je dat niet denkje ik wil met de kk waggi na daar gaan alleen maar problemen voor niks man”.

De [naam 169] bericht aan [nummer 35] : “Ik bel nu [naam 104] voor je op ze persoonlijke mobiel zondag thuis op de bank vraagg ik gwn kann hij vliegen jah of nee”.

De [nummer 35] antwoord aan [naam 169] : “Ja vraag voor me dan ben alleen niet na recla gegaan dus. Heb over 26 taakstraf dus moet wel terug gaan ook”.180

Op het uittreksel justitiële documentatie ten name van [naam 102] staat vermeld: beslissing gerechtshof Amsterdam 23 april 2015 (...) 100 uren taakstraf subsidiair 50 dagen hechtenis. Tussen 9 februari 2016 en 19 september 2016 zijn meerdere uitnodigingen en oproepen door de reclassering naar [naam 102] gestuurd. De taakstraf is uitgevoerd van 10 oktober 2016 tot 16 november 2016.181

Naar het oordeel van de rechtbank staat hiermee vast dat [naam 102] de gebruiker was van Ennetcom-account [nummer 35] .

Ennetcom berichten 182

Op 31 oktober 2015 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [medeverdachte 3] en de gebruiker van Ennetcom-account [naam 105] .

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 105] : “Vorige keer hadden we hem gevolgd naar zn huis???? Of ongeveer”

  • -

    (...) [medeverdachte 3] aan [naam 105] : “Ja, want volgens hem zelf wordt hij gevolgd [naam 113] door [merk auto 10] ”.

  • -

    [naam 105] aan [medeverdachte 3] : “zal ik die man weer op Sloterdijk zetten en hun krmmenie.kijk als ze hem nu zien sloterdijk is hij zeker dood in kromenie”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 105] : “Ja perfect. Vind ook vervelend voor die gasten dat ze voor niks staan. Ik voel ze. Maar we moeten blijven proberen, tot het voldaan is”.

  • -

    [naam 105] aan [medeverdachte 3] : “ja ik heb die man al gestuurt sloterdijk en de auto met hitters is niet ver weg als ze hem zien zeggen ze hitters en gaan ze rijden naar daar bosjes in direct”.183

Berichtenwisseling op 31 oktober 2015 tussen [naam 105] en [medeverdachte 3] :

  • -

    [naam 105] aan [medeverdachte 3] : “Dit sturen de hitters … Broer we waren daar, op een gegeven moment reed hondenbrigade en touran langs bro. Daarna nog een keer en toen zeiden we tegen elkaar weg weg. Ze hebben ons denk ik gezien, maar [naam 93] broer zo is het gegaan. Ik wil die man smooth nakken broer. Sorry bro”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 105] : “Damn man hij is nu thuis we kunne niks meer”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 105] : “Ik zag die mannen. Ik dacht klaar. Maja die man heeft de train gepakt en is thuis”.184

Op 3 november 2015 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [nummer 34] ( [medeverdachte 3] ) en onbekend gebleven derden [naam 111] ( [naam 106] / [naam 107] ) en [naam 110] ( [naam 108] / [naam 109] ).

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : “luister ik ga je mail aan [naam 108] geven ok. Want ik ben veel niet bereikbaar ik reis veel snap je. Hij regeld het met je die torie van die eneas.Ok”.

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] [naam 112] : “ [naam 108] ze mail”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “En ik moet spionen hebben vanaf Amsterdam centraal”. (…)

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 110] : “ Ben je klaar vo alles?? Die bitch is thuis. Door de weeks is ie meestal [naam 131] . [naam 113] gamen, maar donderdag is t aan”.

  • -

    [naam 110] aan [medeverdachte 3] : “Je weet ik ben altijd klaar zeg. In noord toch”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 110] : “Nee krommenie. Vorige stonden de leeuwen in Noord ma wist niet precies de nummer meer maar wel ongeveer , en zaterdag was er een mis communicatie. anders was t al klaar”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Ja hij slaapt daar elke dag daar. Ik ga weekendhem zien . Met drinken ... En dan pakt hij de trein en daar moet t gebeuren”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 110] : “Ik zet hem zelf op de trein. En daar moeten ze klaar staan zoals de andere keer. Zaterdag”.185

Op 4 november 2015 vindt de volgende berichtenwisseling plaats tussen [medeverdachte 3] aan [naam 110] ( [naam 109] ).

  • -

    “Die andere zou morgen doekoe sturen , zodat ik goed kan bewegen voor weekend. Laat je t voor me brengen??”

  • -

    [naam 110] aan [medeverdachte 3] : “Bro ik ga je 10 kop sturen”.186

Berichtenwisselingen op 6 november 2015 tussen [medeverdachte 3] en [naam 111] ( [naam 106] / [naam 107] ).

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : (...) “Ik ga nu die hitters mailen ook”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Hun zijn wel ready. Dat weet ik wel”.

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : “Ja bro ik ga mailen nu. Ga je die teringlijer straks zien bro?”

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Ja vanavond, als ie maar niet afzegt”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Ik zet hem op de trein, en die leeuwen wachten hem op bij station krommenie”.

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : “Ja bro is goed je weet niet hoe laat?”187

Op 6 november 2015 tussen [verdachte] enerzijds en [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 97] anderzijds. En tussen [medeverdachte 3] en [naam 111] .

  • -

    [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 97] : “We staan klaar voor vanavond. Gaan die Krommenie geven”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Nee weet nie precies, ieder geval voor twaalf”.

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : “Voor 12 uur ga je hem zien.? Of ga je hem af zetten bij station”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [naam 111] : “Zeg maar wat zuipen en zo rond 7 en voor twaalf pakt die altijd de trein .... Maar dat hoor wel van me”.

  • -

    [naam 111] aan [medeverdachte 3] : “Ok broer is goed we staan klaar mail mij gewoon”.

  • -

    [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 97] : “Dit is wat mn gabber zegt: Ja bro dat is bedoeling hij ziet hem rond 19.00 uur. En dan gaat die wat zuipen met hem en daarna op trein afzetten.dus ze moeten klaar staan 20.00 of 21.00 22.00 00.00 of later snap je weet geen exacte tijd wanneer die teruggaat snap je. Maar hij gaat mailen van tevoren maar moeten klaar staan aub?”?188

Op 6 november 2015 tussen Ennetcom-account [naam 115] ( [naam 114] ) en [medeverdachte 3] .

[naam 115] aan [medeverdachte 3] : “Ja broer. Je gaat me zeker zien broeder. Heb doekoe voor je”. 189

Op 6 november 2015 vanaf 17.52 uur tussen [naam 97] , [medeverdachte 1] en [naam 102] .

  • -

    [naam 102] aan [naam 97] : “Gaan we alvast het ene en ander klaarzetten”.

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Gaan w het een en ander klaarzetten?”

  • -

    [naam 102] aan [naam 97] : “Zoals wat dan bro”.

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Ja bro gaa me wakkie daar zetten op die plek dan komt kleine me halen”.

  • -

    [naam 97] aan [naam 102] : “Die ganies en zo”. (Rechtbank: straattaal voor geweer)

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Oke en dan die ganies in die wagie”.

  • -

    [naam 102] aan [naam 97] : “Ja die zijn in de box. Wil je ze alvast in de waggi zette”.

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Ja dan vertrekken we gelijk. Van [getuige 5] als we die mail krijgen”.190

Op 6 november 2015 tussen Ennetcom-account [nummer 39] en [medeverdachte 3] .

  • -

    18.19 uur [medeverdachte 3] naar [nummer 39] :De bitch ga nu uit de deur”.

  • -

    18.23 uur [nummer 39] naar [medeverdachte 3] : “Ok nu gaayt die naar jou komen?”.

  • -

    18.22 uur [medeverdachte 3] naar [nummer 39] : “Hij gaat nu komen naar Amsterdam, naar mij”.191

Bericht van de telefoon van [slachtoffer 4] naar de telefoon van [medeverdachte 3] : “ Ben thuis zou net de deur uit gaan je tel stond uit”.192

Op 6 november 2015 tussen ongeveer 18.30 een 20.00 uur tussen [nummer 39] en [medeverdachte 3] .

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Ok bro laat hem zuipen zodat ze bloed dun word door alcohol dan bloed die kankerrat sneller dood ze kanker moer”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 53] : “Jazeker!!! Ga wodka voor z'n moeder halen. Uurtje ongeveer is ie bij me”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Bro waar is die ouwe telefoon van je? Heb je die kapotgemaakt?”

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Ok bro kijk als dit lukt moet je eerst verkeerde codes doen tot hij blokkeerd snap je.en dan doe je in pan met kokend water zonder de batterij dat al de chips binnen smelten. Laat 20 minuten in kokend water”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “en in stukken en weggooien in sloot ergens bro. Of gewoon breken en in sloot gooien als geen tijd is. Maar wel verkeerde codes doen tot die alles heb gewist en als we nieuwe telefoon nemen niet over deze actie praten snap je. Als je wat hoort over zo kan je gewoon zeggen natuurlijk wat je hoort . Maar niet dat we die gedaan hebben. Snap je bro”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “zijn trein heeft vertraging. Hij is wel onderweg”.

  • -

    [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 116] : “Die man is buiten. Zorg dat jullie samen zijn”.193

Op 6 november 2015 om 19.56 uur bericht van de telefoon van [slachtoffer 4] naar de telefoon van [medeverdachte 3] : Vertraaging en shit ben in de trein zie je zo cap? Toch”.194

Op 6 november 2015 tussen 20. 28 en 21. 28 uur tussen [medeverdachte 3] en [nummer 39] ( [naam 107] ).

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “We staan klaar bro”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Stuur me wat hij aan heb aub kleur schoenen broek jas aub??”

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Helemaal in zwart en hij heeft zn vest aan” (rechtbank: kogelwerend vest).

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 54] : “Hij is met zn gab. Ik zeg hem zo kom we gaan naar Zeedijk hoeren neuken. En voor twaalf uur pak hij de trein”.195

Op 6 november 2015 om 21.33 uur tussen [medeverdachte 3] en [nummer 39] .

- “ “Laat ze alvast staan bij de station in de buurt van krom. Ik kan zo niet smsn... Je hoort zo van me??”196

Op 6 november 2015 tussen 22.41 en 23.12 uur tussen [medeverdachte 3] en [nummer 39] .

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “ Ben met hem. Laat me zo afzetten bij. Amsterdam CS”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 102] , [naam 97] en [medeverdachte 1] : “Hij gaat de trein in!!! Ga alvast daar staan”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Staan klaar in Krom”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Ja broo is hij alleen? Is die al op station centraal”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Nee, ik laat je zo weten als ie in de trein’. 197

Op 6 november 2015 tussen 23.11 en 23.12 tussen [verdachte] en [naam 97] .

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Yoo al daar?”

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Ja in dd bosjes”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Top”. 198

Op 6 november 2015 tussen 23.14 en 7 november 2015 00.04 uur grotendeels tussen [verdachte] en [naam 97] .

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Hij is er pas met 20minuten”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Trein komt pas 23.40 aan”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Hij is niet op Krommenie gestopt. Ga maar in de waggie zitten tot ik je tekst”.

  • -

    [verdachte] aan [medeverdachte 1] [naam 102] en [naam 97] : “Eerst volgende trein komt pas 10 over 1 uit adam. Dat is onze kans”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Ik heb iemand op het station staan”.

  • -

    [naam 97] aan [naam 102] : “Rij die. Wagie naar die paqrkeerplaats waar we net stonden”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Hij gaat zo de trein pakken”.199

Berichten op 7 november 2015:

  • -

    Om 00.09 bericht [verdachte] aam [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 97] : “Krijg net door dat ie nu pas trein gaat pakken”.

  • -

    Om 00.09 bericht [verdachte] aan [naam 97] : “Zorg dat jullie 00.55 daar staan weer”.

  • -

    Om 00.17 bericht [medeverdachte 3] aan [nummer 39] :“Hij zit in de trein, dus …”

  • -

    Om 00.18 bericht [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 102] en [naam 97] : “Hij zit nu echt in de trein !!!!”

  • -

    Om 00.24 uur bericht [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Hij is onderweg daar naar toe …Krom”.200

  • -

    Om 00. 28 uur bericht [nummer 39] naar [medeverdachte 3] : “Wis alle berichten bro. Ze staan in

  • -

    bosjes te wachten hij gaat ze vangen die kankkerrat??”

Om 00.21 uur bericht [verdachte] aan [naam 97] : “00.50 is ie daar”.

Om 00.23 uur bericht [verdachte] aan [naam 97] : Lees onder

Van: [naam 107] Aan:

Eigen/own Onderwerp:

Verzonden: 6 Nov 2015 23:26 Hij is alleen broo aub zeg ze helemaal leeg magazijnen en door hoofd ballen nek armen benen tenen nagels zelfs als kan. Alles bloed en hij heb vest! (Rechtbank: kogelwerend vest)

Tussen 00.29 uur en 00.35 uur berichten tussen [medeverdachte 3] en [nummer 39] :

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Hij is er zo.... Nu is de kans”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Ja bro ik laat je zo weten zitten uren in bosjes en heb

iemand op het station ook bro die gaat hem zoiezo zien die ziet exact hoe die loopt”.

  • -

    Om 00.49 uur bericht [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Hij is nog in Amsterdam”.

  • -

    Om 00.55 uur bericht [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Maar zit hij in trein of is uitgestapt of niet ingestapt snap niet?”

Om 00.51 uur bericht [verdachte] aan [naam 97] en [naam 102] :

  • -

    “Die hond moest overstappen op sloterdijk, hij wacht daar nu op de trein”.

  • -

    En om 01.08: “Die gast was bij sloterdijk uistgestapt om op zn vriendin te

wachten. Hij komt met half uur”.

Om 00.52.35 uur belt [slachtoffer 4] [medeverdachte 3] . Gespreksduur 56 seconden.201

Om 01.13 uur bericht [naam 97] aan [verdachte] : “Met ze chika?”

Om 01.19 uur bericht [verdachte] aan [naam 102] en [naam 97] : Denkt wel, maar pop zn kk moer. Deze kans krijg ik niet meer”.

Om 01.20 uur bericht [verdachte] aan [naam 97] : “ [naam 116] en [naam 38] geen genade aub !!!”

Tussen 00.32 en 00.40 uur berichtenwisseling tussen [medeverdachte 3] en [nummer 39] .

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Hij zit in de trein ….”.

  • -

    [naam 97] aan [naam 102] : “Ja dat is die snel trein die echte trein komt over 5min”.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Ja... ik ga hem zo bellen”.

  • -

    7553 aan [medeverdachte 3] “Niet te opvallend doen bro teveel bellen of bel je hem altijd veel?”

  • -

    [verdachte] aan [naam 102] en [naam 97] :”5min“.

  • -

    [medeverdachte 3] aan [nummer 39] : “Waar ben je? Hij is er bijna”.

  • -

    [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Ja bro paar minuten vertraging trein we zien alles. We staan klaar!”.202

Om 01.44.11 uur een bericht van de GSM van [slachtoffer 4] naar de GSM van [medeverdachte 3] : “ Ben bijna thuis”.r ben je

Bericht van [nummer 39] aan [medeverdachte 3] : “Hij is uitgestapt!!!! Je hoord zo”.203

Berichten op 7 november 2015 na het tijdstip van overlijden van [slachtoffer 4]

Tussen 01.58 uur en 02.06 uur tussen [verdachte] en [naam 97]

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “gefixt”

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Is ie dood?”

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Broer ik heb me 9 op hemm geleegd [naam 40] rende achter me aan met [naam 117] ”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “We rende wel een hele stuk achter em aan bro laaste shot was ie gevallen”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Door zn hoofd gegeven??”

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Die man is overhoop”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Is ie dood”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Niet hoofd kunnen raken broer whoellaa hij rende weg en scheeuwd”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Hij lag op de grond in een tuin van mensen”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Maar wat denk je zelf??”

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Ik denk dat ie fucking doood is broer [naam 117] heeft em geraakt”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] ” “Waar heb je m geraakt?”

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Boven lichaam hele [merk 6] op m geleegd”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Hij draagt vest bro”. (Rechtbank: kogelwerend vest)204

- [naam 97] aan [verdachte] : “Broer hij is zoiezo geraakt in zijn bovenlichaam met [naam 117] ”.205

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “Oke bro zijn jullie veilig”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Ja die wagie is gefruteerd eeh kijk at”.206

Om 03.38 uur bericht [verdachte] aan [naam 97] , [naam 102] en [medeverdachte 1] : “Op internet staat ook dat er maar 1 schot is gelost. En ze hebben die waggie gevonden. Helemaal uitgebrand bij [straatnaam 13] ”.

Tussen 03.43 en 03.55 uur berichtenwisseling tussen [verdachte] en [naam 97] .

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “1 shot broer ben je dom me hele [merk 6] was leeg”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Jij moet gwn wachten tot morgen ik praat niet veel staat er al of ie dood is”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Ja dat gaat moeilijk als iemand met een ak ook op hem shiet halloooooo ik wil niet dood gap”.

  • -

    [verdachte] aan [naam 97] : “wat denk je heeft [naam 39] hem goed geraakt”.

  • -

    [naam 97] aan [verdachte] : “Die man weet het zelf niet is ze eerste keer of zo weet ik veel ik had die kanker [naam 117] moeten pakken”.207

Tussen 04.52 en 06.14 uur berichtenwisseling tussen [naam 97] en [medeverdachte 1] .

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Bro kijk nu.nl hij is doooddddd gappppp

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 97] : “Wolllahhhhh kan je foto accepteren”.

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “ja”.

  • -

    [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Wis alle kanker berichten van je pgp af zo snel mogelijk als je dit leest”.

  • -

    [medeverdachte 1] aan [naam 118] : “Heb gestuurd is laden hij Is net eropp gegooiddd half5”.208

Publicatie datum artikel nu.nl over doodgeschoten slachtoffer in Krommenie; 7.11.15 om 04.23 uur.209

Om 06.15 uur bericht [naam 97] aan [medeverdachte 1] : “Jaaaa man ik heb gelezen kanker gruwelijk brol We hebben naam gemaakt bij die fucking orga het gaat goed komen [naam 38] we gaan kapot maken ee wis die gesprken alles oke”.210

Concluderend

Op grond van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen is naar het oordeel van de rechtbank komen vast te staan dat [medeverdachte 1] en de inmiddels overleden [naam 97] de schutters zijn van de aanslag op [slachtoffer 4] . Daarbij is het dodelijke schot afkomstig uit het geweer waarmee door [medeverdachte 1] is geschoten. De inmiddels ook overleden [naam 102] bestuurde de vluchtauto. [medeverdachte 3] verzorgde de informatie waardoor de anderen via het contact van [medeverdachte 3] met [slachtoffer 4] op de hoogte waren van de reisbewegingen van [slachtoffer 4] . [verdachte] had een aansturende rol, in die zin dat hij [naam 97] , [medeverdachte 1] en [naam 102] op de hoogte hield van de reisbewegingen van [slachtoffer 4] . [verdachte] bepaalde telkens wanneer de schutters en de chauffeur in actie moesten komen. De samenwerking tussen alle betrokkenen was gericht op de dood van [slachtoffer 4] en heeft uiteindelijk geresulteerd in zijn liquidatie.

Kwalificatie van de rol van [verdachte]

Voor zover de rechtbank komt tot de vaststelling dat [verdachte] omstreeks de liquidatie degene is geweest die gebruik heeft gemaakt van Ennetcom account [naam 15] en degene is geweest die de berichten met die telefoon heeft verzonden, stelt de verdediging dat vrijspraak moet volgen voor het primair tenlastegelegde medeplegen en voor de subsidiair tenlastegelegde uitlokking. Met betrekking tot de meer subsidiair tenlastegelegde medeplichtigheid, refereert de verdediging zich aan het oordeel van de rechtbank.

Naar het oordeel van de rechtbank biedt het bewijs onvoldoende aanknopingspunten dat [verdachte] de moord op [slachtoffer 4] heeft uitgelokt. De vraag in deze is of er sprake is van medeplegen of medeplichtigheid.

De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard, indien is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking.

Ook indien het tenlastegelegde medeplegen in de kern niet bestaat uit een gezamenlijke uitvoering tijdens het begaan van het strafbare feit, maar uit gedragingen die doorgaans met medeplichtigheid in verband worden gebracht (zoals bij voorbeeld het verstrekken van inlichtingen), kan sprake zijn van de voor medeplegen vereiste nauwe en bewuste samenwerking. De materiële en/of intellectuele bijdrage van de verdachte aan het strafbare feit zal dan van voldoende gewicht moeten zijn.

Bij de beoordeling of daaraan is voldaan, kan rekening worden gehouden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip.

Uit de hiervoor genoemde Ennetcom-berichten leidt de rechtbank met betrekking tot de betrokkenheid van verdachte bij het tenlastegelegde het volgende af.

[verdachte] had direct contact met [medeverdachte 1] , [naam 97] en [naam 102] , respectievelijk de schutters en de chauffeur van de vluchtwagen, en hield hen nauwgezet op de hoogte van de bewegingen van [slachtoffer 4] met het oog op diens aanstaande liquidatie. Daarbij gaf [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 97] en [naam 102] ook instructies, zoals dat ze klaar moesten staan, waar ze moesten gaan staan, dat ze in de wagen moesten gaan zitten totdat hij ze zou berichten en dat ze om 00.55 uur daar weer moesten staan.

Uit de navolgende berichten is af te leiden dat [verdachte] er alles aan gelegen is dat [slachtoffer 4] sterft, dat het ook nu moet gebeuren en dat [naam 97] en [medeverdachte 1] hoe dan ook moeten doorzetten.

Om 00.23 uur stuur bericht [verdachte] aan [naam 97] het volgende bericht door:

Eigen/own Onderwerp:

Verzonden: 6 Nov 2015 23:26 Hij is alleen broo aub zeg ze helemaal leeg magazijnen en door hoofd ballen nek armen benen tenen nagels zelfs als kan. Alles bloed en hij heb vest!

Om 01.13 uur bericht [naam 97] aan [verdachte]

Met ze chika?

Om 01.19 uur bericht [verdachte] aan [naam 102] en [naam 97]

Denkt wel, maar pop zn kk moer. Deze kans krijg ik niet meer

Om 01.20 uur bericht [verdachte] aan [naam 97]

[naam 116] en [naam 38] geen genade aub !!!

Uit het voorgaande, in onderlinge samenhang beschouwd, leidt de rechtbank af dat de bijdrage van [verdachte] aan het tenlastegelegde van zodanig gewicht is dat deze kan worden aangemerkt als medeplegen. Daarmee acht de rechtbank het primair tenlastegelegde medeplegen bewezen.

Onderzoek IJshamer (05/780085-17) 211

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitieren hebben gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van een poging tot moord.

Het standpunt van de verdediging

Door de verdediging is vrijspraak bepleit. Daartoe is aangevoerd dat rond de pleegdatum [verdachte] niet de gebruiker kan zijn van de [naam 16] , omdat hij op dat moment in Marokko verbleef, terwijl de gebruiker van de [naam 16] op dat moment aantoonbaar in Nederland is.

Beoordeling door de rechtbank

Melding

Op zondag 3 april 2016 omstreeks 22.40 uur komt bij de politie een melding binnen van een schietincident op de [adres 99] . Verschillende agenten gaan ter plaatse.212 Omstreeks 22.50 uur krijgen twee agenten de opdracht naar het station Sloterdijk te gaan, alwaar twee getuigen van de schietpartij zich bevonden.

De getuigen [getuige 6] en [getuige 7] verklaren dat zij ter hoogte van de wasserette op de [adres 99] hebben gezien dat daar een donkerkleurige vierdeurs [merk auto 1] - [type 7] werd beschoten door de opzittende van een witkleurige scooter. De agenten zijn vervolgens met de getuigen naar de plaats delict gereden.213

Onderzoek ter plaatse

De plaats delict betreft de [adres 99] , bestaande uit een rijbaan met aan de noordzijde parkeervakken, daarnaast een betegeld fietspad en een stoep waaraan de voortuinen van aangrenzende woningen zich bevinden. Aan de zuidzijde ligt een groenstrook met daarnaast een fietspad.214

Ter plaatse verklaart een onbekend gebleven buurtbewoonster dat zij heeft gezien dat er een [merk auto 1] aan kwam rijden, die stopte naast een [merk auto 11] . De buurtbewoonster wijst hierbij de geparkeerde [merk auto 11] aan de agent aan. Vervolgens verklaart zij dat vanuit de [merk auto 11] iemand in de [merk auto 1] stapte. De [merk auto 1] reed weg en keerde verderop. Op het moment dat de [merk auto 1] terugreed in de richting waar die vandaan kwam, heeft zij gezien dat er vanaf een brommertje die net was komen aanrijden, geschoten werd op de [merk auto 1] .215

De geparkeerde [merk auto 11] is een blauwe [merk auto 11] met het kenteken [kenteken 7] , bouwjaar 2010. Tevens staat er een zwarte [merk auto 12] met het kenteken [kenteken 8] met daarin enkele inslagen. Beide voertuigen zijn in beslag genomen.216 Achter de [merk auto 12] ziet de politie nog een [merk 5] met een beschadiging op het dak, net achter de voorruit, aan de zijde van de passagiersstoel. Het betreft een ellipsvormige beschadiging in de lak, die qua uiterlijke verschijningsvorm door de politie wordt herkend als een schotsbeschadiging.217

Getuigen

Door de politie is een aantal getuigen gehoord. Getuige [getuige 8] verklaart meerdere knallen te hebben gehoord. Hij heeft de gordijnen open gedaan en heeft toen op het fietspad een brommer gezien waar twee jongens op zaten. Dit is tussen 22.30 en 23.00 uur geweest.218 In een nadere verklaring verklaart [getuige 6] dat hij een knal heeft gehoord en toen op een afstand van 15 tot 20 meter een man zag staan met een automatisch vuurwapen op de [adres 99] kruisende met de [straatnaam 17] . Het automatische vuurwapen betreft volgens hem een [type 8] . Hij heeft gezien dat de man hurkte en nog een schot afvuurde. Hij heeft een lichtflits uit het wapen zien komen en opnieuw een harde knal gehoord. Hij heeft gezien dat de man de kolf van het vuurwapen tegen zijn rechterschouder aanhield. De man schoot in oostelijke richting, richting een rijdende zwarte/donkerkleurige [merk auto 1] vierdeurs.219 Getuige [getuige 9] heeft in totaal vijf knallen gehoord.220 Ook getuige [getuige 7] heeft een nadere verklaring afgelegd. Zij heeft achter de [merk auto 1] een [getuige 5] scooter zien staan met een bestuurder en een passagier. Zij heeft de schutter met gespreide benen op de rijbaan zien staan en een zilverkleurige loop op de [merk auto 1] zien richten. Zij heeft daarbij meerdere schoten gehoord. Ze stond op ongeveer 10 tot 20 meter afstand.221

Getuige [getuige 10] , eigenaresse van de aangetroffen [merk auto 11] , verklaart dat zij haar auto heeft uitgeleend aan haar broertje [naam 119] .222

Sporenonderzoek en forensisch onderzoek

Op de plaats delict is er nabij de wasserette, op het betegelde fietspad en in het gras een kogelhuls aangetroffen. In de groenstrook is een patroon aangetroffen. Onder het linker achterwiel van de [merk auto 12] [type 9] zijn kogelfragmenten aangetroffen. Deze sporen zijn veilig gesteld. Gezien de schotsbeschadiging in de ruit linksachter, de achterruit en het kunststof daartussen van de [merk auto 12] [type 9] , de kogelfragmenten op straat en de beschadiging op de [merk 5] is er vanaf het wegdek/de groenstrook van zuidwestelijke in noordoostelijke richting geschoten.223

De hulzen, het patroon en de manteldelen zijn door het NFI onderzocht. Er zijn aanwijzingen gevonden dat de gevonden manteldelen zijn afgevuurd vanuit één loop. De hulzen zijn vermoedelijk verschoten met een aanvalsgeweer van het kaliber 7,62x33mm, type [type 10] ( [type 8] of een afgeleide hiervan). De afvuursporen in de manteldelen passen eveneens bij dit vuurwapen.224

De [merk auto 11] en de [merk auto 12] [type 9] zijn voor nader onderzoek overgebracht naar de onderzoeksgarage van de Forensische Opsporing. In de linker voorband van de [merk auto 12] [type 9] zijn delen van een projectiel aangetroffen. In de linker achterruit zit een schotsbeschadiging en de veiligheidsgordel en het kunststof zijn beschadigd.225 Er is op de sierlijst van de handgreep van het linkervoorportier van de [merk auto 11] een dactyloscopisch spoor aangetroffen.226 De uitslag van het dactyloscopisch onderzoek is dat dit spoor is geïndividualiseerd op [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum 3] in [geboorteplaats 2] .227

Vermoedelijk (beoogd) slachtoffer

In de Gemeentelijke Basisadministratie persoonsgegevens stond [slachtoffer 5] tot 25 januari 2016 ingeschreven op het adres [adres 100] . Hij heeft drie kinderen. Op het adres [adres 101] staat [naam 120] ingeschreven. Zij is de moeder van zijn kinderen. Op 9 december 2015 zijn [slachtoffer 5] en [naam 119] , degene die op 3 april de [merk auto 11] had geleend, samen in een auto aangetroffen. Dit is vastgelegd in de politiesystemen met daarbij de opmerking dat [naam 121] de bijnaam [naam 121] heeft en in verband werd gebracht met bekende criminele groepen als die van [naam 122] .228

Telefoonnummer [nummer 40]

Van het telefoonnummer [nummer 40] (hierna te noemen het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] ) zijn de historische gegevens opgevraagd. Door de provider zijn deze gegevens verstrekt van 15 maart 2016 tot en met 18 april 2016. [medeverdachte 1] heeft met dit telefoonnummer op 18 april 2016 een politieambtenaar in Amsterdam gebeld. Van het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] en het IMEI nummer [nummer 41] zijn van 18 april 2016 tot en met 20 april 2016 gesprekken opgenomen en uitgeluisterd. Op 19 april 2016 noemt de gebruiker van het telefoonnummer zich [medeverdachte 1] . Tijdens de telefoontap was het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] geplaatst in het toestel met het IMEI nummer [nummer 41] .229

Het schietincident vond plaats op zondag 3 april 2016 omstreeks 22:40 uur aan de [adres 99] ter hoogte van perceel 28 in Amsterdam. Rond dit tijdstip zijn in de historische gegevens van het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] de volgende gegevens beschikbaar:

  • -

    21:33: 28 uur, een inkomend SMS bericht van het telefoonnummer [nummer 42] , op naam van [naam 123] , [straatnaam 4] 361, [adres 110] via KPN zendmast [nummer 43] [adres 102] ;

  • -

    21:33:40 uur, een inkomend SMS bericht van het telefoonnummer [nummer 42] , op naam van [naam 123] , [straatnaam 4] 361, [adres 110] via KPN zendmast [nummer 43] [adres 102] ;

  • -

    21:34:00 uur, een uitgaand SMS bericht naar het telefoonnummer [nummer 42] , op naam van [naam 123] , [straatnaam 4] 361, [adres 110] via KPN zendmast [nummer 43] [adres 102] ;

  • -

    22:19:19 uur, een uitgaand gesprek van 80 seconden naar het telefoonnummer 1244 via KPN zendmast 304012160, [adres 103] ;

  • -

    22:20:58 uur, een uitgaand gesprek van 83 seconden naar het telefoonnummer 1244 via KPN zendmast 304012160, [adres 103] .

Het telefoonnummer [nummer 42] staat bij het [naam 124] op naam van [naam 123] , [adres 110] , [adres 110] . Dit betreft de moeder van [medeverdachte 1] . Het telefoonnummer 1244 van KPN betreft een telefoonnummer waar je prepaid tegoed kunt opwaarderen.230 De rechtbank concludeert op grond van het bovenstaande dat [medeverdachte 1] in de genoemde periode de gebruiker is geweest van het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] .

Zendmasten

De gebruikte zendmast aan de [straatnaam 18] ligt aan de westkant van het centrum van Amsterdam en is hemelsbreed ongeveer 2,75 km verwijderd van de plaats delict, de [adres 99] . Het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] maakt op zondag 3 april 2016 om 21.33 en 21.34 uur gebruik van deze zendmast.

Op 3 april 2016 is er vanaf 20:51:37 uur de volgende e-mailwisseling tussen de gebruikers van de [naam 32] ( [medeverdachte 1] ), de [naam 16] ( [verdachte] ), de [naam 37] ( [medeverdachte 2] ) en de [naam 125] :

Zender Ontvanger Bericht

[medeverdachte 1] [verdachte] Jo bro ben met [naam 126] die man is [straatnaam 19] we gaan hem proberen eraf tehalen dan die andere zijn [naam 60] standby

(…)

[medeverdachte 2] [naam 125] Yo bro [naam 140] is gelukt

[medeverdachte 1]

[medeverdachte 2] [naam 125] Yo [naam 140] dan bros hoe dan

[medeverdachte 1]

[naam 125] [verdachte] Nee bro nog niet. Die kk flikker rijdt van centerum naaar west bro we

komen aan in centerum en hij is in west die gprs reageert traag bro we

rijden nu naar west hij staat daar nu bro

[medeverdachte 1] gaat dus met [naam 126] naar de [straatnaam 19] (Amsterdam Centrum) om ‘hem’ eraf te halen. Om 21.31 uur stuurt de gebruiker van account [naam 125] dat ze op dat moment van Amsterdam Centrum naar Amsterdam West rijden. Dit e-mailbericht is 2 en 3 minuten voordat het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] gebruik maakt van KPN zendmast aan de [straatnaam 18] in Amsterdam, de mast aan de westzijde van het centrum van Amsterdam.

Tot slot is er nog een e-mailwisseling waarbij [medeverdachte 1] om 22.15.17 uur aan [verdachte] stuurt:

Zender Bericht

[medeverdachte 1] Bro hij is eraf heb hem eraf gehaald hij was 100m van de cafe waar hij chillt hij is in cafe in west bij [straatnaam 20]

De rechtbank concludeert dat met " [straatnaam 20] " de [straatnaam 20] in Amsterdam wordt bedoeld, gelet op de inhoud van de hierboven genoemde berichten. De [straatnaam 20] ligt in dezelfde wijk als de [adres 99] in Amsterdam. De afstand van de [straatnaam 20] tot de plaats delict varieert (hemelsbreed) van 410 tot 590 meter. Het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] maakt om 22:19 en 22:20 uur gebruik van KPN zendmast [nummer 45] aan de [adres 104] in Amsterdam. De [straatnaam 20] ligt in de zendrichting van deze KPN zendmast.231

Analyse Ennetcom-data

Zoals hiervoor al is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat [verdachte] de gebruiker is van het account [naam 16] , [medeverdachte 2] de gebruiker is van de [naam 37] en [medeverdachte 1] de gebruiker is van de [naam 32] .

Anders dan door de verdediging is betoogd, is de rechtbank van oordeel dat uit de berichten die door de gebruiker van de [naam 16] in de eerste week van april 2016 zijn verstuurd niet ondubbelzinnig kan worden afgeleid dat de gebruiker van de [naam 16] zich op dat moment in Nederland bevond. In geen enkel bericht wordt dit expliciet benoemd. Uit de berichten van de gebruiker van de [naam 16] dat hij bezig is met een huis in Eindhoven, de zin ‘hier rwina spanje wrina wat is dit man’ en het maken van een afspraak in Marokko met de gebruiker van de [naam 125] kan niet worden geconcludeerd wat zijn verblijfplaats op dat moment is. Ook uit berichten die aan de gebruiker [naam 16] zijn verstuurd, kan zijn verblijfplaats niet worden afgeleid. Het betreffen berichten die aan meerdere gebruikers zijn verstuurd en het kan dan ook niet worden uitgesloten dat die berichten slechts ter informatie aan de gebruiker van de [naam 16] zijn gestuurd, om hem op de hoogte te houden.

Op 19 mei 2015 is door [verdachte] het volgende als opmerking opgeslagen:

Hit

Bro wat info.

Fletje met wie [naam 129] was opgepakt is al op vrije voeten.

Men zegt dat ie nog vast zit.

Er is een bodygard van hem genaamd atoombom met een duitse herder.

Woont in de straf van [naam 170] (jongen van ons).

Rijdt in een zwarte ds3.

Tweeling broertjes van [naam 129] lopen nu ook voor em zij wonen in [straatnaam 21] .

Waar precies is nog niet duidelijk ong bij kogschip.

[naam 121] heeft ook een gezin.

Kleine van hem speelt bij [naam 127] . Dus hij moet denk ik we’ll regelmatig in NL zijn. Sinds ie geklemd was is ie ook niet meer gezien. Nieuwe cafetje in [naam buurt] die is van [naam 128] ’s. Zij schijnen nu wat werk te doen voor [naam 121] . Benni rijdt op dit moment een [merk 2] gepanserd. Is op dit moment gwn thuis bij zijn ouders. [naam 116] baard gelaten. Vreemd dat hij hier in NL is

[slachtoffer 5] heeft als bijnaam [naam 121] en heeft vastgezeten in deze periode. Hij heeft tweelingbroertjes en een gezin.232

Op 17 december 2015 om 21.16.03 uur wordt door [verdachte] het volgende als opmerking opgeslagen:

Hit

Bro heb heel veel info [naam 121] !! [straatnaam 22] woond ze vrouw hij heb 2 kinderen achternaam van ze vrouw is: [naam 130]

Dit is in [straatnaam 21] .

[naam 121] heet nordin [naam 121]

Broertje woond: [adres 105]

Moeder: [adres 106]

Ik weet geen huisnrs. Ik ga proberen te regelen!

De broertje van die cobra rijd zwarte [merk auto 13] . Kenteken ga ik zo snel voor je halen bro. En de lijfwacht van die cobra rijd zwarte [merk auto 14] hij is ook de gene met die hond met tetanium tanden als woon locatie van hem relevant is kan ik je die aanwijzen neffo.

Dit is die adres

[straatnaam 23] bro en staat vaak bij [adres 107]

Jo neef hoe is het die [naam 121] is gewoon in de buurt man. Ik ben met me gabber zoef hij heeft hem gister gezien eergister gewoon in de buurt met ze lijfwacht ze rijden nu een donker grijze [merk auto 11] ogneveer bouwjaar 2013. Hij was bij die [naam 131] waar we je zeiden. En gister was is bp gewoon sigaretje aan het roken rustig233

De gegevens die in deze opmerking worden beschreven, komen overeen met de al eerder genoemde persoonlijke gegevens van [slachtoffer 5] .

Op 27 maart 2016 is er een berichtenwisseling tussen de gebruiker van de [naam 132] en [verdachte] vanaf 16.02.59 uur.

Zender Bericht

[naam 132] ( [naam 133] ) Br k zag net die [naam 121] op de snelweg [merk auto 15]

[naam 16] ( [verdachte] ) Serieus? Oke thnx bro

[naam 132] Ja. Bro echt toevallig

[naam 16] Ik ga laten checken

[naam 132] Oke bro laat me wete

Op zondag 27 maart 2016 om 17.33.34 uur wordt door [verdachte] vervolgens het volgende bericht als opmerking opgeslagen:

Hlr

[merk auto 15]

Op maandag 28 maart 2016 is er vanaf 15.56.49 uur een berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] .

Zender Bericht

[verdachte] Oke we hebben een actie. Gister heeft [naam 134] iemand gezien die we moeten hebben. Een kale mocro genaamd [naam 121] . Heb iemand naar adres van zn vrouw gestuurd. Die waggie stond er

[medeverdachte 2] Ai ja toch is cool bro

Hoe moeten we doen bro

[verdachte] Check eerst die buurt van zn vrouw. Dat is daar bij die boys in de buurt. [adres 108] . [naam 43] kent het.

Die gast is gezien in een [merk auto 15]

[naam 134] kent die auto.

Hebben we nog die gps??

[medeverdachte 2] Ja toch alles is bij me [naam 60] van ouders en die audi apparaat ook

(…)

[verdachte] Doe pxj

(…)

[verdachte] Geef aub aan [naam 135] en [naam 134]

[medeverdachte 2] Ja klopt zwarte [type 11]

[medeverdachte 2] Oh ik heb het [naam 60] ik pak het gelijk vandaag voor hun

(…)

[medeverdachte 2] Ja die straat van hem is doodlopend hij eindigt met een ronde kleine parkeerplaats

(…)

[verdachte] Ja snachts want zn vrouw woont daar met zn kinderen

Volgens het RDW behoort het kenteken [kenteken 9] sinds 7 mei 2015 toe aan [naam 120] , wonende [adres 100] . Het kenteken hoort bij een zwarte [merk 5] [type 11] .234

Op 28 maart 2016 en 29 maart 2016 is er een berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] vanaf 22.09.01 uur op 28 maart 2016.

Zender Bericht

[verdachte] Yoo rustig met jou?

[medeverdachte 2] Ja relax man bro

Ik wou je zeggen bro ik ben bezig met een auto als we er een hebben bro en we moeten nog timeren moeten we alvast die [naam 121] pakken [naam 93] die is goed man die plek

[verdachte] Ja ja bro die [naam 121] moet!!!! Ik zoek hem al jaren

[medeverdachte 2] [naam 93] bro die is goed man moeten we die gprs zetten bij hem en dan waggie daar parkeren en als we zien hij komt slaan we toe

[verdachte] Hij is wel scherp dus doe voorzichtig. Die man is verloren glorie. Geen doekoe meer

[medeverdachte 2] Ja toch zoiezo en verloren glorie snap je niet man bro

[verdachte] Die man was vroeger aan en zat bij een groep die wel doekoe had. Maar die groep is kapot. Die gsten die vastzitten [naam 136] en [naam 137] hoorde bij hun.

[medeverdachte 2] Oh ok ja toch bro is cool dan pakken we hem hoofd zei me al binnen zeker die [naam 138] of niet bro

[verdachte] Nee die [naam 138] horen ook bij hun. Maar deze flikker heeft die staatslieden georganiseerd.

[verdachte] Ja man bro en deze moet snel. Kijk of daar bosjes zijn en of die waggie van m er vannacht staat. Laat me weten wat jullie nodig hebben dan gaan we er werk van maken.

[medeverdachte 2] Ai is cool ja toch bro heb daar gechekt maar we’ll een park is daar

[verdachte] Bro wrm willen jullie gps bij die man zetten?

[medeverdachte 2] Bij welke man bro

[verdachte] Die [naam 121]

[medeverdachte 2] Nee man bro die man is een kwestie van timeren voor ze deur en geven

[verdachte] Ja drm en hij is net net weer gezien bro

[verdachte] Hahahahah nee man, ik ga ook ff op intern kijken voor motro

[medeverdachte 2] Hahahah ai ja toch is cool bro want je hebt wehd bankje naast ze [naam 60] kan je gewoon zitten

[verdachte] Nooo hij moet jullie niet zien anders weet ie gelijk235

Op 30 maart 2016 stuurt [verdachte] een bericht aan [medeverdachte 2] vanaf 02.13.56 uur:

Zender Bericht

[verdachte] Ja ken [naam 139] . Oke oke die gaan we goed plannen. We gaan ff snel die [naam 121] pakken dan pakken we die negers236

Op 31 maart 2016 is er een berichtenwisseling tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] vanaf 15.39.05

uur.

Zender Bericht

[medeverdachte 2] Bro [naam 140] kom zo richting [naam 43] heb die gps bij me ja en kijk uit waar je parkeert was boete binnen hahaaha

(…)

[medeverdachte 2] Oh ok haahaha waar is [naam 126] hij reageert niet man of ben jij al in west bro

[medeverdachte 1] Ik ben thuis bro [naam 126] was om half9 ochtend al aan het timeren bij die flikker voor de deur tot 2uur had ik hem gebracht naar huis kan datie slaapt bro

[medeverdachte 2] Oh ok ja toch ik rij alvast die kant maar ik parkeer me waggie ga ik liever rondjes lopen hahaha is heet daa

[medeverdachte 1] Wacht ik ga [naam 134] mailen kijken of hij thuis is

(…)237

Op 31 maart 2016 en 1 april 2016 is er een berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] vanaf 23.55.56 uur:

Zender Bericht

[verdachte] [afkorting] met jou?

[medeverdachte 2] Ja relax man bro

Ben hier in [naam 43] bij de boys we gaan daar checken zo en als we die motro hebben dan plakken we die gprs en dan doen we onze ding

[verdachte] Ja doen jullie wat nodig is, maar denk je dat die zender goed is? Ben bang dat ie m gaat vinden man

[verdachte] We kunnen die zender zetten, morgen gaat ie moskee misschien. Dan kunnen jullie gelijk zn kop zien. Maar hij mag er niet te lang onder blijven

[medeverdachte 2] Zeg maar bro als je het te riskant vind dan gaan we gewoon loeren want je hebt gelijk als tie em vind is actie we’ll gelijk verpest

Op 1 april stuurt [medeverdachte 2] een bericht naar [verdachte] om 11.39.52 uur:

Zender Bericht

[medeverdachte 2] Bro hoe we kwamen checken het is hij want hij had ze vrouw afgezet wij stappen uit liepen ergens heen kwamen terug kwamen we ze vrouw weer tegen zij stapte in een die [type 11]

Hij bro rijd die oude e klasse en hoe we daar kwamen ik wist hij was het hij heeft zo een [naam 121] hoofd en we hebben die plakka van die e klasse niet kunnen pakken

(…)238

Op 2 april 2016 is er een berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] en tevens tussen [medeverdachte 2] en [naam 125] en [medeverdachte 1] :

Zender Ontvanger(s) Bericht

[medeverdachte 2] [naam 125] + [medeverdachte 1]

Yo bro ik vertrek nu van [naam 71] ben er binnen 45 min

(…)

[medeverdachte 2] [verdachte] Ja relax man bro

We hebben gisteren die ding geplakt op die e klasse stond bij die [naam 60] we hebben die motro als alles goed loopt vegen we die man vanavond

[verdachte] [medeverdachte 2] Die gps moet er wel af he bro, we gaan geen sporen

achter laten

[medeverdachte 2] [verdachte] Ja toch zoiezo hoe we geven pakken we die gprs

zoiezo anders kan tie gelinkt worden aan [naam 43]

(…)239

Op 2 april 2016 is er een berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] en tevens tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] en [naam 125] :

Zender ontvanger Bericht

[naam 125] [medeverdachte 2] Yo bro we zijn effe hier in west die flikker timeren

tot ie er uit komt je hebt navi tog dan stuur ik. Het adres kom je na hier is niet ver van ons [naam 60] is richting de shopa kant.

(…)

[naam 125] [medeverdachte 2] Nee niet bij die [naam 60] bro we Zijn met die [merk auto 8] effe

timeren Bevestiging krijgen dat het hem is want

[naam 134] heeft met em vastgezeten hij kent hem goed goed bro drm

(…)

[verdachte] [medeverdachte 2] Oke beter man, met zn 3 valt op. Maar wat gaan

jullie met die zender doen. Die moet moet er echt af

[medeverdachte 2] [verdachte] Bro ik veeg hem [naam 43] trekt em eraf of niet en

weet je wat het als we met ze 3en die kant rijden op

die ding kunnen we hoofdpijnkrijgen

( …)

[verdachte] [medeverdachte 2] Ja man zorg alleen dat jullie die man pas geven als ie

stilstaat want als zn motor nog aan is dan kan ie

wegrijden dan ben je die zender helemaal kwijt.

[medeverdachte 1] [medeverdachte 2] Bro die gps moet eraf van barca die ding is aan

geweest in die [naam 60] bro

(…)

[medeverdachte 2] [verdachte] Bro als ik die teken krijg dat ie er aankomt via [naam 134]

dan

verstop ik tussen autos als tie uitstapt is tie weg

[verdachte] [medeverdachte 2] Oke dan. Laat [naam 43] zich richten op die zender

[medeverdachte 2] [verdachte] Yes bro

(…)

[medeverdachte 2] [verdachte] Bro we hebben net die vluchtroute gechelkt [naam 141]

en [naam 126] gaan die gps nu eraf halen en houden die man in de gaten tot ie wegrijd ik ga em doen met [naam 134]

(…)240

Op 3 april 2016 zijn er diverse berichtenwisselingen tussen [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [naam 132] , [naam 125]

en [verdachte] over het volgen en in de gaten houden van ‘hij’.

Vervolgens vinden de volgende berichtenwisselingen plaats op 3 april 2016.

Vanaf 20.51.37 uur tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] :

Zender Ontvanger Bericht

[medeverdachte 1] [verdachte] Jo bro ben met [naam 126] die man is [straatnaam 19] we gaan hem

proberen eraf tehalen dan die andere zijn [naam 60] standby

[verdachte] [medeverdachte 1] Oke bro

(…)

[medeverdachte 1] [verdachte] Bro hij is eraf heb hem eraf gehaald hij was 100m van de

cafe waar hij chillt hij is in cafe in west bij [straatnaam 20]

[medeverdachte 1] [verdachte] Ee bro we kunne hem kk goed neukenn nu nu we rijdennu

naar die andere we gaan ze laten zien die plek dan rijd ik met

[naam 126] weg hij is

aan het eten bro241

vanaf 22.22.41 tussen [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [naam 125] en [verdachte] :

[medeverdachte 1] [medeverdachte 2] Ee kom na huiss snelllll

[medeverdachte 1] [medeverdachte 2] Bro kommmmmmmm

[verdachte] [medeverdachte 1] Pffff gruwelijk. Laat ze het doen dan

[medeverdachte 1] [verdachte] Jaa maar ze z-jn niet [naam 60] in west sta nu hierr wacht

(…)

[medeverdachte 1] [verdachte] Jaa bro luister ik loop nu naar daar [naam 126] laat ze zien als ze

daar die wakkie daar nog staat mail ik hun zeg ik ze hij staat

er dan ren ik naar mijn wakkie heb die andere 2gesproken

[verdachte] [medeverdachte 1] Oke bro

(…)

[medeverdachte 1] [naam 125] Bro hij is er nog maar volgens mij is hij liep hij net naar de

wa’kie hij is 2mans met nog iemnad je kan hem niet missen hij kaa

(…)

[naam 125] [medeverdachte 1] Kom op de weg bro

(…)242

vanaf 22.46.49 uur tussen de gebruiker van de [naam 132] en [verdachte] :

[naam 132] [verdachte] Yo bro met [naam 71] we hebben die man te pakken gehad

[naam 93] bro die ak is troep hij gaat niet af ik sta

tegenover hem bro ik geef hem 3 stuks verder blijft ie

haken [naam 93] hij doet het niet

[naam 132] [verdachte] ik heb 3 op ze waggie gemikt ik heb mij best gedaan

[naam 93] echt maar die k kak doet het niet man bro

[verdachte] [naam 132] Kk he man, ewa dan heeft ie gelukt gehad

[naam 132] [verdachte] Bro [naam 93] we. komen daar hij rijd weg eindstand we

hebben Hem gevolgd alles [naam 93] liveshow voor ik weet niet

hoeveel man

(…)

[verdachte] [naam 132] Oke bro afwachten dan of is sowieso mislukt? Bro maak je

zelf niet para je hebt je best gedaan

[naam 132] [verdachte] Ai ja toch bro is cool die [naam 134] is ook soldaat [naam 93] en

toen tie wegblaazde reden we achter hem en bleven geven

maar hij wil niet

[verdachte] [naam 132] Maar is hij geraakt of denk je niet??

[naam 132] [verdachte] Ik weet niet man bro ik heb hem eentje zoiezo gegeven

voor ze neus en daarna nog 3 tijdens achtervolging en

daarna liep tie vast moest steeds laden opnieuw

[verdachte] [naam 132] Oke afwachten dan. Herkende [naam 134] hem ahaha

[naam 132] [verdachte] Hahaha ja toch ik ook en ik had schijt ze waren 2 mans

zou ze alle 2 geven maar was druk daar bro [naam 93] maar

geen streesss motro is weg geparkeerd [naam 134] is met mij in

de waggie richting [naam 71]

(…)243

vanaf 22.46.44 uur tussen [medeverdachte 1] en [verdachte] :

[medeverdachte 1] [verdachte] Bro [naam 126] hoorde 3schoten hij rent naar mij naar de wakkie hoe hoe we weg rijden we zien die wakkie die meri op de

hoofdweg rijdennn ik weet niet wat die gasten hebben

gedaan daar244

vanaf 22.47.07 uur van de gebruiker van de [naam 132] aan [naam 125] en [medeverdachte 1] :

[naam 132] [naam 125] + [naam 32] Kom naar [naam 60] snel

(…)

[naam 132] [medeverdachte 1] Is misukt die k kak loopt vast bro wat is dat kom naar die

pompstation op snelweg richting [naam 71] die bij schiphol kom

praten we daar snel [naam 142]

(…)245

Het tijdstip van de poging liquidatie was omstreeks 22.40 uur.

Op 4 april 2016 vinden er diverse (onderlinge) berichtenwisseling plaats tussen [medeverdachte 2] ,

[verdachte] , [naam 132] en [medeverdachte 1] vanaf 00.01.04 uur:

(…)

[naam 132] [verdachte] Yo bro sorry dat die man niet loezoe is he zit me dwars man

afz [naam 71] mij bb (Rechtbank: BlackBerry) is bij [naam 43]

(…)

[verdachte] [naam 132] Oke bro maak je niet druk

(…)

[medeverdachte 2] [verdachte] Ai ja toch is geen stress bro [naam 93] heb zoiezo schijt deins

voor geen een achteruit hij heeft geluk gehad maar geluk

raakt op en dit was die ak die in die van don was hoor ik net

pas.

[medeverdachte 2] [verdachte] Maar bro deze is niet gegaan hoe tie moet gaan is geen stress

shit

happens

Maar who is next hahaha

[verdachte] [medeverdachte 2] Hahahaha tfoe die kk don is echt ongeluk man kk hond
(….)

[verdachte] [medeverdachte 2] Maak werk van die negers

[medeverdachte 2] [verdachte] Ai ja toch is cool bro zeke

vanaf 02.09.42 uur:

[verdachte] [medeverdachte 2] Bro wat moet ik jullie geven?

[verdachte] [medeverdachte 2] Voor die actie bro

[verdachte] [medeverdachte 1] Bro we praten morgen verder, is mislukt jammer maar ga

jullie kleinigheidje geven voor dit. Sorry voor deze actie

[medeverdachte 1] [verdachte] E bro jij sorry [naam 93] weet je hoe ik me voel dat ik daar niet

wass jij

kan daar niks aan doen broe

[verdachte] [naam 132] Bro ik tekst morgen met je ja. Dan geef ik je wat doekoe.

Jammer dat het mislukt is, maar fuck it. Voor mij ben je soldaat [naam 93]

[verdachte] [medeverdachte 1] Nee man fuck it bro. Zeg ook tegen [naam 126] aub

[naam 132] [verdachte] Nee bro woelah fuck die doekoe bro echt jaa zeker jammer

die ding haakte te lijp man lijpe reed k achter em aan maar

die ding ging maar niet aff ze kk moerr !!

(…)

[naam 132] [verdachte] ja tog bro mucho lovee broo !! Die kk lijer gaat ie nu

vluchten denk je

[verdachte] [naam 132] Much love bro. Ja sowieso, maar zijn genoeg andere prooien

ahaha fuck hem vergeet hem

(…)246

Op 4 april 2016 zijn er diverse (onderlinge) berichtenwisselingen tussen de gebruikers van de [naam 125] , [naam 132] , [verdachte] en [medeverdachte 1] vanaf 03.36.07 uur:

Zender Ontvanger Bericht

[verdachte] [naam 132] Is die motor veilig?

[naam 132] [verdachte] hy staat voro de deur weer met zeil had em ergens anders

eerst gezet ben net gegaan stond ie er nog heb k em

gepakt en voor de deur met zeil gezet goed

085 [verdachte] Yo bro had vraag je kan ik die motro gebruiken voor die

lounge?

[verdachte] [naam 132] Jullie moeten m ergens anders zetten of fikken bro weg

ermee

[verdachte] [naam 125] Nee fuck die lounge bro, Die motro moet weg bro

(…)

[naam 125] [verdachte] Jo Bro die ding staat in west moet ik hem nu fikken dan

wordt het meschien gelinkt aan vandaag als je wilt doen we

het nu bro?

[verdachte] [naam 125] Bro ik ben banger dat ze m gaan vinden man. Dat is [naam 143]

(…)

[medeverdachte 1] [verdachte] Bro kan die ding ook in het water gegooid worden wella

[verdachte] [medeverdachte 1] Ja toch beter man. Gooi m in t water

Vanaf 22.09.33 uur

[verdachte] [medeverdachte 1] Ja man. Is die motro trouwens weg

[medeverdachte 1] [verdachte] Ha bro heb hem gister in de water gegooid die ak is ook

ergens anders indewater

Op 4 april 2016 een berichtenwisseling tussen [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] vanaf 11.24.16 uur.

Zender Bericht

[medeverdachte 1] Jo brroo

[medeverdachte 2] Jo [naam 140] ben net pas opgestaan ik ga nu douchen ga ik datregelen waggie

gebeuren

[medeverdachte 1] Kan je hem niet alvast bellen die gozer van die [merk auto 8] die ik heb dan geef me adres kom ik naar je toe

(…)

[medeverdachte 1] Neee trouwens heb je gelezen

(…)

[medeverdachte 1] Ze weten meri. Praten zo

(…)

[medeverdachte 1] Bro ik rij gewoon bij we gaan het bij [naam 69] dan deze waki is heet hier beter niet gezien erin worden in [naam 43] ben snelweg rigti rof

(…)

Op 4 april 2016 is er een berichtenwisseling tussen de gebruiker van [medeverdachte 2] en [verdachte] vanaf 14.36.22 uur.

Zender Bericht

[verdachte] [afkorting] met jou?

[medeverdachte 2] Ja man relax man

Op internet stat van andere waggie geraakt ik weet niet wie die geraakt heeft ik niet man waren er 2 acties gisteren

[verdachte] Nee check [naam 144]

[verdachte] Drm bro

Op 3 april 2016 staat het volgende bericht op de nieuwssite [naam 144] :

‘Er is vanavond rond 23.00 uur geschoten op een auto op de [adres 99] in Nieuw-West. De kogels kwamen uiteindelijk terecht in een andere geparkeerde auto (…)’ 247

Op 5 april 2016 is er tot slot nog de volgende berichtenwisseling tussen [verdachte] en [medeverdachte 2] :

Zender Bericht

[verdachte] Ja man, bro ik ga je 10kop geven goed?

[medeverdachte 2] Ai ja toch is cool bro je weet toch ik zei je al wat jij geeft is boen

[verdachte] Ja man ik betaal van mezelf voor deze actie. Jammer dat zo is gelopen maar

vind fucked up om niets te geven248

Conclusie

Op grond van het aangetroffen dactyloscopisch spoor in de [merk auto 11] en de inhoud van de PGP-berichten is de rechtbank van oordeel dat op 3 april 2016 is geprobeerd om [slachtoffer 5] te liquideren.

De vraag is vervolgens of verdachte zich hieraan heeft schuldig gemaakt. Gelet op de zendmastgegevens van het telefoonnummer eindigend op [nummer 40] , waarvan de rechtbank heeft geconcludeerd dat dit nummer toebehoorde aan [medeverdachte 1] en de inhoud van de Ennetcom berichten, beantwoordt de rechtbank deze vraag bevestigend.

Uit de Ennetcom berichten komt het volgende naar voren.

Op 19 mei 2015 wordt door [verdachte] voor het eerst informatie opgeslagen over ‘ [naam 121] ’(de bijnaam van [slachtoffer 5] ). Op 28 maart 2016 stuurt [verdachte] aan [medeverdachte 2] het bericht ‘Oke we hebben een actie. Gister heeft [naam 134] iemand gezien die we moeten hebben. Een kale mocro genaamd [naam 121] .’. Vervolgens wordt er naar meer informatie over deze persoon gezocht. In het verlengde hiervan meldt [medeverdachte 1] op 30 maart 2016 aan [medeverdachte 2] dat [naam 126] van half negen tot twee uur ‘aan het timeren was bij die flikker’, hetgeen inhoudt dat de man in de gaten werd gehouden. In de dagen daarna vinden er tussen [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] berichtenwisselingen plaats over het (al dan niet) plaatsen en verwijderen van een gps-tracer. Duidelijk is ook uit die berichtgeving dat [verdachte] wil dat er pas geschoten wordt, als de tracer eraf is. [medeverdachte 2] laat vervolgens aan [verdachte] weten dat de vluchtroute is bekeken, dat [medeverdachte 1] en [naam 126] de gps-tracer eraf zullen halen en de man in de gaten houden tot hij wegrijdt en dat hij, [medeverdachte 2] , met [naam 134] de man zal ‘doen’. Op 3 april 2016 wordt [verdachte] door [medeverdachte 1] op de hoogte gehouden van het eraf proberen te halen van de tracer door hem en [naam 126] , wat uiteindelijk lukt. Diezelfde dag stuurt [medeverdachte 1] aan [medeverdachte 2] vanaf 22.22.41 uur ‘Ee kom na huiss snellll’ en ‘Bro kommmmmm’. Ondertussen stuurt [verdachte] aan [medeverdachte 1] ‘Pff gruwelijk. Laat ze het doen dan’. [medeverdachte 1] antwoordt dat ze niet in ‘ [naam 60] ’ (straattaal voor huis) west zijn maar dat hij op wacht staat en zegt dat hij hen zal mailen als ‘hij’ er staat. De rechtbank concludeert hieruit dat [medeverdachte 1] aan de schutters zal melden wanneer [naam 121] er is. [medeverdachte 1] stuurt dan ook naar de [naam 125] dat ‘hij’ er nog is en ‘je kan hem niet missen’. Even later stuurt de [naam 125] aan [medeverdachte 1] ‘Kom op de weg bro’. De poging liquidatie vindt rond 22.40 uur plaats. Daarna neemt [medeverdachte 2] via de telefoon van [naam 132] contact op met [verdachte] om te melden dat ze de man te pakken hebben gehad, maar dat het wapen weigerde. Hij zegt de man er in ieder geval één voor zijn neus te hebben gegeven en daarna nog drie tijdens de achtervolging. [medeverdachte 1] stuurt om 22.46.44 uur nog het bericht naar [verdachte] dat [naam 126] drie schoten hoorde en naar zijn wakkie (straattaal voor auto) rende en dat ze zijn weg gereden. [medeverdachte 1] heeft naderhand de scooter in het water gegooid. Ondanks dat het mislukt is, wil [verdachte] [medeverdachte 2] toch uit eigen zak 10kop (straattaal voor tienduizend euro) geven voor deze actie. Op grond van het voorgaande concludeert de rechtbank dat [verdachte] de opdrachtgever is van de aanslag. [medeverdachte 1] is degene die in de dagen voor de aanslag een gps-tracer op de auto van [naam 121] heeft geplaatst en vlak voor de aanslag weer heeft verwijderd. Daarna heeft hij [naam 121] gevolgd en stuurt hij de schutter naar de verblijfplaats van [naam 121] . Tijdens de aanslag is hij in de buurt en nadien gooit hij de scooter in het water. [medeverdachte 2] is de schutter.

Dat sprake is van voorbedachte raad en dus moord volgt uit de bewijsmiddelen waaruit blijkt dat sprake is van een langdurige voorbereiding die uiteindelijk leidt tot het schieten met een automatisch geweer op [slachtoffer 5] . Gelet op de rol van verdachte en die van zijn medeverdachten is de rechtbank bovendien van oordeel dat wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte deze poging tot moord in nauwe en bewuste samenwerking met anderen heeft gepleegd.

3 Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 05/780056-17 feit 1 (primair) en feit 2 (primair), 05/780093-17 primair en 05/780085-17 primair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

Onderzoek Bosnië (05/780056-17)

1.

Primair

hij op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] (geboren [geboortedatum 4] ) opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven heeft beroofd, door met een of meer -automatische- vuurwapens een of meer kogels in het lichaam van die [slachtoffer 1] te schieten;

2.

Primair

hij in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, en/of Amsterdam, en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren [geboortedatum 5] ) en/of [slachtoffer 2] opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven te beroven, een (moord-)aanslag op die [slachtoffer 3] en/of (eventueel) personen in zijn directe nabijheid heeft geregeld/gepland, waarna verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich op 31 december 2015 hebben/heeft begeven naar de plaats delict (camping [naam 21] te Kerkdriel) en/of aldaar met een of meer -automatische- vuurwapens op/in de richting van die [slachtoffer 3] en/of die [slachtoffer 2] hebben/heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Onderzoek Brandberg (05/780093-17)

Primair

hij op of omstreeks 07 november 2015 te Krommenie, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [slachtoffer 4] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven heeft beroofd, door tezamen met zijn mededader(s), althans alleen, (meerdere malen) met twee, in elk geval één, (automatisch[e]) vuurwapen(s), te weten een geweer (merk [merk 4] , kaliber 7,62x39mm) en/of een pistool (merk [merk 6] , kaliber 9 mm Parabellum), een of meerdere kogel(s) op die [slachtoffer 4] af te

vuren, waardoor die [slachtoffer 4] in zijn borstkas en/of zijn borst, althans in zijn lichaam, werd geraakt, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden.

Onderzoek IJshamer (05/780085-17)

Primair

hij en/of zijn mededader(s) op of omstreeks 03 april 2016 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of verdachtes mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, met een of meer (automatische) vuurwapens een of meer kogels hebben/heeft afgeschoten

op/in de richting van die [naam 121] en/of die onbekend gebleven persoon, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van 05/780056-17 (feit 1 primair) en 05/780093-17 (primair), telkens:

Medeplegen van moord.

Ten aanzien van 05/780056-17 (feit 2 primair):

Medeplegen van poging tot moord, meermalen gepleegd.

Ten aanzien van 05/780085-17 (primair):

Medeplegen van poging tot moord.

5 De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 Overwegingen ten aanzien van de straf

Het standpunt van het Openbaar Ministerie
De officieren van justitie hebben geëist dat [verdachte] wordt veroordeeld voor het medeplegen van

  • -

    de moord op [slachtoffer 1] op 31 december 2015 te Kerkdriel;

  • -

    de poging tot moord op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] op 31 december 2015 te Kerkdriel;

  • -

    de moord op [slachtoffer 4] op 7 november 2015 te Krommenie, en

  • -

    de poging tot moord op [slachtoffer 5] op 3 april 2016 te Amsterdam.

[verdachte] heeft in een periode van een half jaar verspreid over 3 verschillende incidenten opdracht gegeven voor en aangestuurd op twee moorden en 3 pogingen tot moord. Hij heeft niet geschoten maar opereerde op de achtergrond en was veelal zelfs niet in Nederland. Hij regisseerde de aanslagen en liet het vuile werk door anderen opknappen. Zijn handelen getuigt van een volkomen gebrek aan respect voor het leven van een ander. Hij maakt zich alleen zorgen of een liquidatie gelukt is en op een “goede” manier is uitgevoerd. Het dossier roept daarnaast het duidelijke beeld op dat [verdachte] bezig is met zijn lijst af te werken. Hij beschikt steeds weer over leven en dood en is bereid om te betalen wat hij vindt dat een leven waard is. Dit feitencomplex vindt het Openbaar Ministerie zo ernstig dat een andere straf dan die van de levenslange gevangenisstraf onvoldoende recht doet aan deze feiten en de omstandigheden waaronder de feiten zijn gepleegd.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit om, als de rechtbank tot een bewezenverklaring van de tenlastegelegde feiten komt, geen levenslange gevangenisstraf op te leggen. Daartoe is aangevoerd dat het opleggen van een levenslange gevangenisstraf ondanks de invoering van het Besluit Adviescollege levenslanggestraften in strijd is met het verbod op onmenselijke behandeling, als bedoeld in artikel 3 van het EVRM. De raadsman laat hierbij meewegen dat in het besluit geen duidelijke termijnen zijn vastgelegd en er geen rechtsmiddel is tegen een afwijzende beslissing van de minister.

Ten tijde van de tenlastegelegde feiten was verdachte 25 jaar en tijdens zijn aanhouding in augustus 2017 was hij net 27 jaar. Bij de oplegging van de maximale tijdelijke gevangenisstraf van 30 jaar zou hij pas in 2037 in aanmerking komen voor voorwaardelijke invrijheidstelling en tot 2047 onder toezicht staan, waarbij hem vrijheidbeperkende voorwaarden kunnen worden opgelegd. Dit is al een zeer zware straf voor een jonge man, zonder strafblad.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van wat bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, waarbij onder meer is gelet op het volgende.

Verdachte en zijn medeverdachten hebben zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van twee moorden en drie pogingen tot moord.

De achtergrond van deze moorden en pogingen tot moord

De rechtbank vindt het belangrijk om kort de achtergrond van de tenlastegelegde feiten te schetsen. Sinds 2012 is er een voortdurend conflict tussen verschillende criminele groeperingen. Aanleiding hiervoor zou zijn dat de ene groep criminelen de andere groep ervan verdenkt een partij cocaïne in de haven van Antwerpen te hebben geript. In deze partij cocaïne zou gezamenlijk zijn geïnvesteerd door een groep personen onder leiding van [naam 29] [achternaam 1] / [naam 167] en een groep personen onder leiding van [naam 122] . Dit conflict leidde tot een [merk auto 8] van liquidaties en pogingen daartoe.

Eén van de meest gewelddadige schietincidenten in deze [merk auto 8] van liquidaties vond plaats op 29 december 2012 in Amsterdam (de zogenaamde Staatsliedenbuurt-zaak). Daarbij kwamen [naam 18] [achternaam 2] en [naam 79] , de broer van verdachte, om het leven. Deze aanslag zou gericht zijn op [naam 167] , maar hij wist te ontkomen. Verdachten in deze zaak zouden behoren tot de groep van [naam 122] . Van de gebroeders [achternaam slachtoffers] is bekend dat zij eerst hoorden bij de groep van [naam 167] , maar dat zij zich later bij de groep van [naam 122] hebben aangesloten. [slachtoffer 1] was aanwezig bij de liquidatie van [naam 145] . Voorts wordt hij in het criminele milieu ervan verdacht [naam 167] naar de Staatliedenbuurt te hebben gelokt. [naam 122] is op 22 mei 2014 geliquideerd.

[slachtoffer 4] zou [naam 116] tijd bij de groep van [naam 122] hebben gehoord. [slachtoffer 4] is aangemerkt als verdachte van de moord op [naam 146] . In het onderzoek naar deze moord zijn aanwijzingen gevonden dat het een vergismoord betrof en dat [verdachte] het beoogde doelwit van deze aanslag was.

De liquidatiegolf is extreem gewelddadig en kenmerkt zich door:

  • -

    het plaatsen van mensen op een dodenlijst,

  • -

    het zoeken naar en volgen van mensen die op de dodenlijst zijn geplaatst, waarbij onder meer gebruik wordt gemaakt van peilbakens die onder auto’s worden geplakt,

  • -

    het gebruik van automatische wapens bij de liquidaties, schietpartijen waarbij letterlijk met kogels wordt gesproeid;

  • -

    het uitvoeren van deze liquidaties in woonwijken, waarbij de mogelijkheid wordt geaccepteerd dat anderen gewond raken of gedood worden;

  • -

    dat de schutters zich al meerdere malen hebben “vergist”. Er zijn verschillende mensen vermoord die geen enkele band hadden met een criminele organisatie;

  • -

    het stelen van auto’s en nummerplaten voor de liquidaties, die later in de brand worden gestoken.

De opsporing van deze feiten vraagt een enorme inzet van politie en justitie en desondanks lijkt er nog geen einde aan te komen. Het extreme aanhoudende geweld zorgt voor onrust in de maatschappij. Mensen worden bang, omdat de schietpartijen letterlijk op openbare plaatsen plaatsvinden.

De aanslag op [slachtoffer 1] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2]

Op 31 december 2015 om ongeveer 18:15 uur wordt de auto waarin [slachtoffer 1] , [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] vertrekken vanaf camping [naam 21] te Kerkdriel door twee schutters met automatische wapens onder vuur genomen. [slachtoffer 1] overlijdt korte tijd later in het ziekenhuis aan zijn verwondingen. [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] raken beiden gewond, maar overleven de aanslag.

De rechtbank vindt bewezen dat [verdachte] de opdrachtgever voor de aanslag was en de hoogte van de beloning voor de liquidatie vaststelde. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] waren de twee schutters. Zij hebben samen ten minste 20 kogels afgevuurd op de bestuurder en passagiers die in de auto zaten. In de receptie van de camping en in een reclamepop die voor de snackbar stond, zijn kogelgaten gevonden. Kijkend naar het aantal verschoten kogels, de plaatsen waar de kogels zijn ingeslagen en het tijdstip en de plaats van de schietpartij, is het ook in deze strafzaak niet aan de verdachten te danken dat er niet meer (dodelijke) slachtoffers zijn gevallen. Dit was puur geluk.

De aanslag was gericht op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] . De schutters moeten hebben gezien dat er een derde persoon in de auto zat. Toch hebben zij het vuur op de auto geopend en de dood van [slachtoffer 2] op de koop toegenomen.

Uit het dossier Maan, een onderdeel van het dossier Bosnië, blijkt dat er al eerder geprobeerd is de broers [achternaam slachtoffers] te liquideren. Ook hierbij was [verdachte] betrokken. In de periode van 28 tot 31 december 2015 is [medeverdachte 1] op verschillende tijdstippen vanaf Amsterdam naar Kerkdriel gereden. [medeverdachte 2] stapte onderweg ergens in. Op meerdere momenten hadden zij vuurwapens bij zich. De rechtbank trekt hieruit de conclusie dat zij op zoek waren naar de latere slachtoffers en/of al eerder klaarstonden om de aanslag te plegen. De rechtbank begrijpt hieruit dat er door de criminele organisatie en onder leiding van [verdachte] letterlijk werd gejaagd op [slachtoffer 1] en [slachtoffer 3] . [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] waren de schutters die in de laatste fase van de jacht de dodelijke schoten op [slachtoffer 1] hebben gelost.

Uit de PGP-berichten na afloop van de schietpartij blijkt dat [medeverdachte 1] blij is als hij hoort dat [achternaam slachtoffers] is overleden en trots is op de wijze waarop zij de aanslag hebben uitgevoerd. Vervolgens overleggen [verdachte] en [medeverdachte 1] over de hoogte van het “salaris”. Voor de moord op [slachtoffer 1] en de poging tot moord op [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] krijgen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] betaald.

De liquidatie van [slachtoffer 4]

Op 7 november 2015 werd [slachtoffer 4] doodgeschoten aan de [straatnaam 24] te Krommenie. Veel getuigen horen de aanslag omdat er in een woonwijk wordt geschoten. Verschillende auto’s van omwonenden zijn beschadigd door de rondvliegende kogels. Uit de aangetroffen hulzen blijkt dat er ten minste 29 keer is geschoten, 17 keer met een automatisch geweer en 12 keer met een pistool.

Uit de PGP-berichten tussen [verdachte] , [medeverdachte 1] , [naam 97] , [medeverdachte 3] en de niet geïdentificeerde [naam 105] , [naam 106] / [naam 107] en [naam 108] / [naam 147] blijkt dat de aanslag al sinds 31 oktober 2015 werd voorbereid. [slachtoffer 4] zelf heeft tegen getuigen verteld dat hij al eerder verdachte auto’s in de omgeving zag. [slachtoffer 4] droeg in verband met een mogelijke aanslag op zijn leven een kogelwerend vest. Een vest dat uiteindelijk niet bestand was tegen een schot afgevuurd met een automatisch wapen.

De inhoud van het intensieve PGP-verkeer tussen [medeverdachte 3] , de informant van de criminele organisatie, de organisatoren en de schutters en van de sms-berichten tussen [medeverdachte 3] en [slachtoffer 4] is zeer schokkend. Hieruit blijkt dat [medeverdachte 3] in de nacht van 6 op 7 november 2015 met [slachtoffer 4] in Amsterdam gaat stappen. Terwijl [medeverdachte 3] met [slachtoffer 4] aan het stappen is, houdt hij de organisatie van de aanslag op de hoogte van de verblijfplaats van [slachtoffer 4] . Hij gaat samen met [slachtoffer 4] naar het centraal station en geeft aan de organisatie door dat [slachtoffer 4] in de trein stapt. Vervolgens krijgen de schutters van [verdachte] opdracht om [slachtoffer 4] bij het station van Krommenie op te wachten en geen genade te tonen. Na de aanslag wordt de auto in Amsterdam-Noord in brand gestoken.

[medeverdachte 3] was een “vriend” van [slachtoffer 4] die dagelijks via sms-berichten en telefoongesprekken contact met hem had. Het was [medeverdachte 3] die de schutters naar [slachtoffer 4] leidde, die [slachtoffer 4] letterlijk voor de loop van het automatische geweer plaatste dat hem doodde. [medeverdachte 1] en [naam 97] waren de schutters. [naam 97] is inmiddels zelf vermoord.

[verdachte] had direct contact met [medeverdachte 1] , [naam 97] en [naam 102] , respectievelijk de schutters en de chauffeur van de vluchtwagen, en hield hen nauwgezet op de hoogte van de bewegingen van [slachtoffer 4] met het oog op diens aanstaande liquidatie. Daarbij gaf [verdachte] aan [medeverdachte 1] , [naam 97] en [naam 102] ook instructies, zoals dat ze klaar moesten staan, en hij heeft de schutter(s) betaald.

De poging tot liquidatie van [slachtoffer 5]

Op zondag 3 april 2016 omstreeks 22.40 uur vindt er een schietincident plaats op de [adres 99] te Amsterdam. Er zijn verschillende getuigen op straat en auto’s worden beschadigd. [slachtoffer 5] , het doelwit van de aanslag, heeft geen aangifte willen doen. [naam 121] zou behoren tot de groep van [naam 122] en heeft de bijnaam [naam 121] . Dat hij het doelwit was, blijkt uit een aangetroffen dactyloscopisch spoor in de auto en uit PGP-berichten. Uit deze berichten blijkt dat men al vanaf 19 mei 2015 de verblijfplaats van [naam 121] probeert te achterhalen. [verdachte] is de opdrachtgever van de aanslag. Hij mailt aan [medeverdachte 2] : “We gaan ff snel die [naam 121] pakken dan pakken we die negers”.

[medeverdachte 1] heeft in de dagen voor de aanslag een gps-tracer op de auto van [naam 121] geplaatst en deze vlak voor de aanslag weer verwijderd. Na het verwijderen van de gps-tracer volgt hij [naam 121] en stuurt hij de schutter naar de plaats waar de man dan verblijft. Tijdens de aanslag was hij in de buurt en na afloop was hij degene die de scooter in het water gooit.

[medeverdachte 2] is de schutter. De [type 8] waarmee hij schiet, hapert na 3 schoten. Dat de schutter weet dat veel mensen op straat zijn blijkt uit de woorden: “ [naam 93] liveshow voor ik weet niet hoeveel man”. Dat [naam 121] of omstanders niet gewond zijn geraakt of zijn gedood, is enkel te danken aan een technisch mankement van het automatische geweer.

De strafmaat

De officieren van justitie hebben geëist dat [verdachte] een levenslange gevangenisstraf krijgt opgelegd. Dit is de zwaarste straf in het Wetboek van Strafrecht en deze straf moet dan ook alleen voor uitzonderlijk zware misdrijven worden opgelegd.

[verdachte] heeft samen met anderen twee mensen op gruwelijke wijze vermoord en geprobeerd om drie andere mensen te vermoorden. Als [verdachte] al berouw heeft, dan heeft hij dat niet getoond. Hij lijkt gewetenloos, de dood van toevallige omstanders wordt op de koop toegenomen. Naast het leed en verdriet bij de nabestaanden en slachtoffers, ontstaat er door het extreme geweld grote onrust in de samenleving. Er is in het wilde weg geschoten met automatische wapens. Ook het gevaar wat hierdoor ontstaat voor omstanders moet tot uiting komen in de op te leggen straf. De bewezenverklaarde feiten en de omstandigheden waaronder deze feiten zijn gepleegd, rechtvaardigen de oplegging van een levenslange gevangenisstraf.

[verdachte] heeft zich zowel bij de politie als ter terechtzitting grotendeels op zijn zwijgrecht beroepen. Ook over zijn persoonlijke omstandigheden heeft hij nauwelijks iets verklaard en aan rapportages heeft hij niet mee willen werken. Dit mag, maar heeft als consequentie dat de rechtbank geen informatie heeft over zijn persoon en daar bij het opleggen van een straf dus ook geen rekening mee kan houden.

[verdachte] is niet eerder voor dit soort ernstige feiten met politie en justitie in aanraking gekomen. Naar het motief van [verdachte] kan de rechtbank dus slechts raden. Wel blijkt uit het dossier dat zijn broer is vermoord en dat [achternaam slachtoffers] er van verdacht is hierbij een rol te hebben gespeeld. Ook de moord op [slachtoffer 4] zou een vergelding kunnen zijn voor de moord op [naam 146] , een “vergismoord” waarvan [verdachte] het beoogde slachtoffer was.

Ook voor het inschatten van het gevaar op herhaling heeft de rechtbank weinig andere aanknopingspunten, dan de gruwelijke feiten die [verdachte] in betrekkelijk korte tijd heeft gepleegd en het gemak waarmee hij anderen extreem geweld lijkt te laten gebruiken. Ook de raadsman kon de rechtbank geen enkel inzicht geven in de gedachten en motieven van [verdachte] . De reden waarom [verdachte] zeer weinig verklaart over zijn persoonlijke omstandigheden kent de rechtbank niet, maar uit zijn handelen blijkt dat [verdachte] zich buiten de samenleving plaatst en kiest voor een criminele levenswijze. De rechtbank houdt er ernstig rekening mee dat [verdachte] ook in de toekomst bereid is soortgelijke feiten te plegen.

De raadsman heeft bepleit om vooral geen levenslange gevangenisstraf op te leggen. Hierbij heeft hij gewezen op de jeugdige leeftijd van [verdachte] en de enorme impact die een levenslange gevangenisstraf op zijn leven heeft en op de strijd met artikel 3 van het EVRM.

Zoals de raadsman zelf al heeft aangegeven, heeft de Hoge Raad bepaald dat oplegging van een levenslange gevangenisstraf niet in strijd is met artikel 3 van het EVRM, omdat het Nederlands recht door de regelgeving over de tenuitvoerlegging van levenslange gevangenisstraf en in het bijzonder het Besluit Adviescollege levenslanggestraften een stelsel van herbeoordeling kent op grond waarvan in zich daarvoor lenende gevallen kan worden overgegaan tot verkorting van levenslange gevangenisstraf. In wat de raadsman daartoe heeft aangevoerd, ziet de rechtbank geen aanleiding om af te wijken van voormeld standpunt van de Hoge Raad. Daarom is de rechtbank van oordeel dat artikel 3 van het EVRM niet in de weg staat aan de oplegging van een levenslange gevangenisstraf.

Bovenstaande overwegingen leiden tot de conclusie dat [verdachte] zulke uitzonderlijk zware misdrijven heeft gepleegd dat oplegging van een levenslange gevangenisstraf passend is. [verdachte] zet anderen aan tot buitensporig geweld, heeft minachting voor mensenlevens en hij accepteert dat ook omstanders tijdens de uitvoering van de door hem opgedragen liquidaties het leven kunnen verliezen. Hij kiest voor een crimineel leven en het gevaar op recidive is groot.

Argumenten om geen levenslange gevangenisstraf op te leggen, zou de rechtbank kunnen vinden in de persoon van de verdachte en de ontwikkeling die hij heeft doorgemaakt. Deze argumenten heeft verdachte noch zijn raadsman aangevoerd. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, vindt de rechtbank de oplegging van een levenslange gevangenisstraf passend en geboden.

Voor het beslag:

De na te melden in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, volgens opgave van [verdachte] aan hem toebehorend, zijn vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het voorwerpen zijn met behulp waarvan het bewezenverklaarde is begaan:

  • -

    iPhone zwart, en

  • -

    simkaart.

7a. De beoordeling van de civiele vorderingen, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel

De volgende benadeelde partijen hebben zich ten aanzien van de zaak met parketnummer 05/780056-17 in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding:

- [benadeelde] (feit 1 primair) vordert een schadevergoeding van € 3.911,67 bestaande uit uitvaartkosten van € 2.500,- + vliegtickets voor de familie om de begrafenis bij te wonen ten bedrage van € 1.411,67 te vermeerderen met de wettelijke rente.

- [slachtoffer 2] (feit 2 primair) vordert een schadevergoeding van € 253.449,33 bestaande uit materiële schade ter hoogte van € 203.449,33 (bestaande uit € 146.014,33 autoverhuurbedrijf, € 52.800,- winstderving en € 4 .635,- kleding). Aan immateriële schade vordert hij een bedrag van € 50.000,-, alles te vermeerderen met de wettelijke rente.

Beide benadeelde partijen verzoeken de rechtbank over te gaan tot oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De vordering van [benadeelde] kan worden toegewezen.

De vordering van [slachtoffer 2] is voor een deel van de kleding toewijsbaar en voor het overige deel daarvan is de benadeelde partij niet ontvankelijk in de vordering. Wat betreft het materiële deel dat ziet op de autohandel en op de winstderving is, gelet op de beschikbare gegevens, een adequate bepaling van de hoogte van de gederfde inkomsten een te grote belasting voor het strafproces. Voor dat deel moet de benadeelde partij niet ontvankelijk in de vordering worden verklaard. De immaterieel gevorderde schade van € 50.000,- is aan de hoge kant. Toewijzing tot een bedrag van € 5.000,00 euro is redelijk, naast niet ontvankelijkheid in de vordering voor het restant. Daarnaast vorderen de officieren van justitie oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft de vordering van [benadeelde] niet betwist en refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.

Met betrekking tot de vordering van [slachtoffer 2] stelt de verdediging in de eerste plaats dat de vordering te laat is ingediend en gelet op de complexiteit van de zaak, de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering dient te worden verklaard. De verdediging stelt verder dat de schade inzake het autoverhuurbedrijf en de winstderving onvoldoende is onderbouwd en zoveel vragen oproept, dat de behandeling ervan een onevenredige belasting van het strafproces oplevert met niet-ontvankelijkheid in de vordering tot gevolg. De schade aan kleding, schoenen en riem is op geen enkele wijze nader onderbouwd en moet om die reden worden afgewezen. Wat betreft de immateriële schade wijst de verdediging erop dat ook deze post onvoldoende is onderbouwd. Uit de door [slachtoffer 2] overgelegde stukken blijkt dat [slachtoffer 2] op 4 januari 2016 het ziekenhuis in goede gezondheid heeft kunnen verlaten en dat informatie over al dan niet blijvend letsel of enige onderbouwing van psychische schade ontbreekt. Primair verzoekt de verdediging de gevorderde immateriële schade af te wijzen en subsidiair de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te verklaren.

Beoordeling door de rechtbank

Vordering [benadeelde]

Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en wat verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van de onder parketnummer 05/780056-17 bewezen verklaarde moord op de zoon van [benadeelde] tot het gevorderde bedrag van € 3.911,67 schade heeft geleden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht hoofdelijk aansprakelijk is. De vordering dient tot dit bedrag te worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente over € 1.411,67 vanaf 4 januari 2016 en over € 2.500,- vanaf 7 januari 2016.

Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partij.

De gevorderde en toegewezen vergoeding voor proceskosten is daar niet bij inbegrepen.

De verdachte is niet meer tot vergoeding gehouden indien en voor zover het gevorderde door zijn mededader(s) is of wordt voldaan.

Vordering [slachtoffer 2]

De vordering van de benadeelde partij kan worden ingediend tot het moment dat de officier van justitie het woord voert voor het requisitoir. De vordering is tijdig ingediend, zodat het tijdstip van indiening geen grond is voor de niet ontvankelijkheid van de benadeelde partij in de vordering.

Materiële schade

Autoverhuurbedrijf en inkomstenderving

De materiële vordering van [slachtoffer 2] is voor wat betreft het gevorderde bedrag voor het autoverhuurbedrijf en de inkomstenderving, te weten € 198.814,33, omvangrijk en roept vele vragen op. Recht doen aan de vordering en aan de belangen van de verdediging levert een onevenredige belasting van het strafproces op, zodat om die reden de benadeelde partij voor dit deel niet-ontvankelijk in de vordering zal worden verklaard.

Kleding

Het aan kleding gevorderde bedrag van € 4 .635,- vergt, gelet op de hoogte daarvan op zijn minst enige onderbouwing. Nu iedere onderbouwing daarvan ontbreekt, zal dit bedrag worden afgewezen.

Immateriële schade

Met betrekking tot het immateriële deel van de schade te weten € 50.000,- zijn naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende gegevens overgelegd. Naast stukken over de medische behandeling is er een schrijven van het Jeroen Bosch Ziekenhuis van 21 oktober 2016 waarin melding wordt gedaan dat [slachtoffer 2] op 4 januari 2016 in goede conditie het ziekenhuis heeft verlaten en zich daarna niet meer heeft gemeld in de polikliniek. Zijn fysieke klachten zoals omschreven in de slachtofferverklaring lijken daarmee in strijd en wat betreft zijn psychische klachten is er geen enkele nadere onderbouwing te vinden in de stukken. Ter voorkoming van een onevenredige belasting van het strafproces zal ook

de benadeelde partij voor dit deel niet-ontvankelijk in de vordering worden verklaard.

De benadeelde partij kan derhalve haar vordering, voor zover hierin niet-ontvankelijk verklaard, aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen 24c, 33, 33a, 36f, 45, 47, 57 en 289 van het Wetboek van Strafrecht.

9 De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4 ;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot

 een levenslange gevangenisstraf.

Ten aanzien van het beslag

verklaart verbeurd de in beslag genomen, nog niet teruggegeven goederen, te weten:

o een iPhone zwart, en

o een simkaart.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] (05/780056-17 feit 1 primair)

  • -

    veroordeelt verdachte ten aanzien van 05/780056-17 feit 1 primair tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde], van een bedrag van € 3.911,67 (drieduizendnegenhonderdelf euro en zevenenzestig cent), vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 1.411,67 vanaf 4 januari 2016 en over een bedrag van € 2.500,- vanaf 7 januari 2016 tot aan de dag der algehele voldoening en met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

  • -

    verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd;

  • -

    legt aan veroordeelde de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde] , een bedrag te betalen van € 3.911,67 (drieduizendnegenhonderdelf euro en zevenenzestig cent), vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 1.411,67 vanaf 4 januari 2016 en over een bedrag van € 2.500,- vanaf 7 januari 2016 tot aan de dag der algehele voldoening, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 49 dagen hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

  • -

    bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.

De beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] (05/780056-17 feit 2 primair)

  • -

    wijst af de vordering tot schadevergoeding tot een bedrag van € 4 .635,-;

  • -

    verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in zijn vordering.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.P.M. Kester (voorzitter), mr. J.J.H. van Laethem en mr. M.A. van Leeuwen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.W.A. Nabbe en mr. D.T.P.J. Damen, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 26 juni 2019.

BIJLAGE I

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

Onderzoek Bosnië (05/780056-17)

1.

Primair

hij op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] (geboren [geboortedatum 4] ) opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven heeft beroofd, door met een of meer -automatische- vuurwapens een of meer kogels in het lichaam van die [slachtoffer 1] te schieten;

Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer andere personen op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] (geboren [geboortedatum 4] ) opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven hebben/heeft beroofd, door met een of meer -automatische- vuurwapens een of meer kogels in het lichaam van die [slachtoffer 1] te schieten, welk feit verdachte in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Amsterdam, Kerkdriel en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging of misleiding en/of door het verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) de opdracht heeft gegeven om die [slachtoffer 1] te liquideren en/of ter zake aanwijzingen en/of instructies heeft gegeven en/of een beloning in het vooruitzicht heeft gesteld en/of aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) een of meer foto's van [slachtoffer 1] heeft verstrekt en/of informatie heeft verschaft over [slachtoffer 1] en/of diens verblijfplaats;

Meer Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer andere personen op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, [slachtoffer 1] (geboren [geboortedatum 4] ) opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven hebben/heeft beroofd, door met een of meer -automatische- vuurwapens een of meer kogels in het lichaam van die [slachtoffer 1] te schieten, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Amsterdam, Kerkdriel en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko medeplichtig is geweest door het opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen en/of door opzettelijk behulpzaam te zijn, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) informatie heeft verschaft over vuurwapens en/of geregeld heeft dat hij/zij kon(den) beschikken over een of meer vuurwapens, en/of aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) een of meer foto's van [slachtoffer 1] heeft verstrekt en/of informatie heeft verschaft over [slachtoffer 1] en/of diens

verblijfplaats.

2.

Primair

hij in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, en/of Amsterdam, en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren [geboortedatum 5] ) en/of [slachtoffer 2] opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven te beroven, een (moord-)aanslag op die [slachtoffer 3] en/of (eventueel) personen in zijn directe nabijheid heeft geregeld/gepland, waarna verdachte en/of verdachtes mededader(s) zich op 31 december 2015 hebben/heeft begeven naar de plaats delict (camping [naam 21] te Kerkdriel) en/of aldaar met een of meer -automatische- vuurwapens op/in de richting van die [slachtoffer 3] en/of die [slachtoffer 2] hebben/heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer andere personen op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of verdachte en/of hun/zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren [geboortedatum 5] ) en/of [slachtoffer 2] opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven te beroven, met een of meer -automatische- vuurwapens op/in de richting van die [slachtoffer 3] en/of die [slachtoffer 2] hebben/heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welk feit verdachte in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Amsterdam, Kerkdriel en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging of misleiding en/of door het verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) de opdracht heeft gegeven om die [slachtoffer 3] en/of (eventueel) personen in zijn directe nabijheid te liquideren en/of ter zake aanwijzingen en/of instructies heeft gegeven en/of een beloning in het vooruitzicht heeft gesteld en/of aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) een of meer foto's van [slachtoffer 3] heeft verstrekt en/of informatie heeft verschaft over [slachtoffer 3] en/of diens verblijfplaats;

Meer Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer andere personen op of omstreeks 31 december 2015 te Kerkdriel, gemeente Maasdriel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of verdachte en/of hun/zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 3] (geboren [geboortedatum 5] ) en/of [slachtoffer 2] opzettelijk en met voorbedachten rade, althans opzettelijk, van het leven te beroven, met een of meer -automatische- vuurwapens op/in de richting van die [slachtoffer 3] en/of die [slachtoffer 2] hebben/heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van de maand oktober 2015 tot en met 31 december 2015 te Amsterdam,

Kerkdriel en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko medeplichtig is geweest door het opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen en/of door opzettelijk behulpzaam te zijn, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) informatie heeft verschaft over vuurwapens en/of geregeld heeft dat hij/zij kon(den) beschikken

over een of meer vuurwapens, en/of aan die [medeverdachte 1] en/of die [medeverdachte 2] en/of die andere perso(o)n(en) een of meer foto's van [slachtoffer 3] heeft verstrekt en/of informatie heeft verschaft over [slachtoffer 3] en/of diens verblijfplaats.

Onderzoek Brandberg (05/780093-17)

Primair

hij op of omstreeks 07 november 2015 te Krommenie, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, [slachtoffer 4] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven heeft beroofd, door tezamen met zijn mededader(s), althans alleen, (meerdere malen) met twee, in elk geval één, (automatisch[e]) vuurwapen(s), te weten een geweer (merk [merk 4] , kaliber 7,62x39mm) en/of een pistool (merk [merk 6] , kaliber 9 mm Parabellum), een of meerdere kogel(s) op die [slachtoffer 4] af te

vuren, waardoor die [slachtoffer 4] in zijn borstkas en/of zijn borst, althans in zijn lichaam, werd geraakt, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden;

Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [naam 148] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meerdere andere perso(o)n(en) op of omstreeks 07 november 2015 te Krommenie, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, [slachtoffer 4] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven heeft/hebben beroofd, door tezamen met zijn/hun mededader(s), althans alleen, (meerdere malen) met twee, in elk geval één, (automatisch[e]) vuurwapen(s), te weten een geweer (merk [merk 4] ,

kaliber 7,62x39mm) en/of een pistool (merk [merk 6] , kaliber 9 mm Parabellum), een of meerdere kogel(s) op die [slachtoffer 4] af te vuren, waardoor die [slachtoffer 4] in zijn borstkas en/of zijn borst, althans in zijn lichaam, werd geraakt, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden, welk feit verdachte in of omstreeks de periode 1 oktober 2015 tot en met 07 november 2015 te Amsterdam en/of te Krommenie, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, en/of in Marokko, opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging of misleiding en/of

door het (telkens) verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [naam 97] en /of die [medeverdachte 3] en/of die andere perso(o)n(en) de opdracht heeft gegeven om die [slachtoffer 4] te liquideren en/of ter zake (telkens) aanwijzingen en/of instructies heeft

gegeven en/of een beloning in het vooruitzicht heeft gesteld en/of aan die [medeverdachte 1] en/of die [naam 97] en/of die [medeverdachte 3] en/of die andere perso(o)n(en) informatie heeft verschaft over waar die [slachtoffer 4] zich bevond;

Meer Subsidiair

[medeverdachte 1] en/of [naam 148] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meerdere andere perso(o)n(en) op of omstreeks 07 november 2015 te Krommenie, gemeente Zaanstad, in elk geval in Nederland, [slachtoffer 4] opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven heeft/hebben beroofd, door tezamen met zijn/hun mededader(s), althans alleen (meerdere malen) met twee, in elk geval één, (automatisch[e]) vuurwapen(s), te weten een geweer (merk [merk 4] , kaliber 7,62x39mm) en/of een pistool (merk [merk 6] , kaliber 9 mm Parabellum), een of meerdere

kogel(s) op die [slachtoffer 4] af te vuren, waardoor die [slachtoffer 4] in zijn borstkas en/of zijn borst, althans in zijn lichaam werd geraakt, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 4] is overleden, bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 30 oktober 2015 tot en met 07 november 2015 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, (telkens) medeplichtig is geweest door het (telkens) opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen en/of door (telkens) opzettelijk behulpzaam te zijn, hierin bestaande dat verdachte tezamen met zijn mededader(s), althans alleen, aan die [medeverdachte 1] en/of die [naam 97] en/of die andere perso(o)n(en) (telkens) informatie heeft verschaft over de plek waar die [slachtoffer 4] kon worden geliquideerd/doodgeschoten en/of waar de schutter(s) zich kon(den) opstellen/schuilhouden en/of waar die [slachtoffer 4] zich bevond en/of over de bewegingen van die [slachtoffer 4] en/of over de kleding en/of het kogelwerend vest dat die [slachtoffer 4] droeg.

Onderzoek IJshamer (05/780085-17)

Primair

hij en/of zijn mededader(s) op of omstreeks 03 april 2016 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of verdachtes mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, met een of meer (automatische) vuurwapens een of meer kogels hebben/heeft afgeschoten

op/in de richting van die [naam 121] en/of die onbekend gebleven persoon, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

Subsidiair

[medeverdachte 2] en/of een persoon, genaamd " [naam 134] " en/of een of meer andere personen op of omstreeks 03 april 2016 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door die [medeverdachte 2] en/of die " [naam 134] " en/of verdachte en/of hun/zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, met een of meer (automatische) vuurwapens een of meer kogels hebben/heeft afgeschoten op/in de richting van [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van 17 december 2015 tot en met 03 april 2016 te Amsterdam en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko

opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging en/of misleiding en/of het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen, te weten door tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 2] en/of die " [naam 134] " en/of andere -bij deze poging liquidatie- betrokken personen een beloning voor het liquideren van die [naam 121] in het vooruitzicht te stellen en/of opdracht tot die liquidatie

te geven en/of informatie over die [naam 121] en diens verblijfplaats(en) te verschaffen en/of aan/voor genoemde perso(o)n(en) wapens te verschaffen/regelen;

Meer Subsidiair

[medeverdachte 2] en/of een persoon, genaamd " [naam 134] " en/of een of meer andere personen op of omstreeks 03 april 2016 te Amsterdam, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door die [medeverdachte 2] en/of die " [naam 134] " en/of verdachte en/of hun/zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon opzettelijk en met voorbedachten rade van het leven te beroven, met een of meer (automatische) vuurwapens een of meer kogels hebben/heeft afgeschoten op/in de richting van [slachtoffer 5] en/of een onbekend gebleven persoon, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van 17 december 2015 tot en met 03 april 2016 te Amsterdam en/of (elders) in Nederland en/of in Marokko medeplichtig is geweest door het opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen en/of inlichtingen en/of door opzettelijk behulpzaam te zijn, hierin bestaande dat verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, aan die [medeverdachte 2] en/of die " [naam 134] " en/of andere -bij deze poging liquidatie- betrokken personen een beloning voor het liquideren van die [naam 121] in het vooruitzicht heeft gesteld en/of opdracht tot die liquidatie heeft gegeven en/of informatie over die [naam 121] en diens verblijfplaats(en) heeft verschaft en/of aan/voor genoemde perso(o)n(en) wapens heeft verschaft/geregeld.

1 De volledige tenlastelegging is opgenomen in bijlage I.

2 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [naam 149] brigadier van de politie Eenheid Oost Nederland, Team Grootschalige Opsporing, opgemaakte proces-verbaal, nummer [nummer 46] , documentcode ZD02, onderzoek [nummer 47] (TGO Bosnië), gesloten op 1 februari 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

3 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4104, p. 4118-4119 en p. 4127-4128 en het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4139.

4 Proces-verbaal van bevindingen inzake verhoor [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3888-3889 en p. 3891, het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3894, 3896-3897 en het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3907.

5 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4118-4119 en p. 4128 t/m 4131 en het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4139.

6 Het proces-verbaal buurtonderzoek, ZD02, p. 3488-3489 en het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 205.

7 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 344 t/m 346.

8 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 202, het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 205, het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 207-208 en het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD02, p. 4648 t/m 4650.

9 Bijlage bij het proces-verbaal sporenonderzoek en schouw, ZD02, p. 4822-4823 en p. 4826.

10 NFI-rapport, ZD02, p. 5006, 5008 en 5010-5011.

11 Geneeskundige verklaring [naam 150] , ZD02, p. 5146b t/m 5146d en het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD02, p. 4904 t/m 4906.

12 Geneeskundige verklaring [slachtoffer 2] , ZD02, p. 5146h.

13 Het proces-verbaal inzake camerabeelden camping [naam 21] , p. 2944 t/m 2946 en het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 3120-3121.

14 Het proces-verbaal van sporenonderzoek, ZD02, p. 4685 t/m 4689, 4691 en 4693.

15 Het proces-verbaal van sporenonderzoek, ZD02, p. 4773.

16 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 151] , ZD02, p. 4059-4060 en het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] , ZD02, p. 4063.

17 Het proces-verbaal van sporenonderzoek, ZD02, p. 4775 en het rapport bevraging kentekens, ZD02, p. 240.

18 Het proces-verbaal van sporenonderzoek, ZD02, p. 4774 t/m 4776.

19 Het proces-verbaal van aanvullend sporenonderzoek, ZD02, p. 4943 t/m 4945 en het proces-verbaal Wet Wapens en Munitie, ZD02, p. 4990.

20 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 917-918.

21 Aanvraag extern forensisch onderzoek met bijlagen, ZD02, p. 5113 en het NFI-rapport, ZD02, p. 5062 en p. 5069-5070.

22 Stamproces-verbaal forensische opsporing, ZD02, p. 4633 en het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD02, p. 4987-4988 (in samenhang met het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD02, p. 4649).

23 Het proces-verbaal buurtonderzoek, ZD02. p. 3487 en het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD02, p. 4988.

24 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4104, p. 4125-4126 en het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4140.

25 Het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3888-3889.

26 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4104, het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3895 en het proces-verbaal van verhoor getuige [slachtoffer 2] , ZD02, p. 3904.

27 Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 3] , ZD02, p. 3805.

28 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 348.

29 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4104 en het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 150] , ZD02, p. 4153-4154 en het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 2614.

30 Het proces-verbaal van bevindingen camerabeelden, ZD02, p. 773-774 en p. 783 en het proces-verbaal van bevindingen camping [naam 21] , ZD02, p. 3115-3116.

31 Het proces-verbaal van bevindingen camerabeelden, ZD02, p. 779-780 en het proces-verbaal van bevindingen camping [naam 21] , ZD02, p. 3117.

32 Het proces-verbaal van bevindingen camerabeelden, ZD02, p. 780 t/m 782 en het proces-verbaal van bevindingen camping [naam 21] , ZD02, p. 3117-3118.

33 Het proces-verbaal van bevindingen camerabeelden, ZD02, p. 778-779 en het proces-verbaal van bevindingen camping [naam 21] , ZD02, p. 3119.

34 Het proces-verbaal inzake camerabeelden camping [naam 21] , ZD02, p. 2944 t/m 2946 en het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 3120-3121.

35 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1685-1686 en het stamproces-verbaal, ZD02, p. 40.

36 Uitdraai RDW, ZD02, p. 399a en het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1665.

37 Het proces-verbaal camerabeelden [naam 21] , ZD02, p. 3198.

38 Het proces-verbaal camerabeelden [naam 21] , ZD02, p. 3196-3197 en p. 3199-3200.

39 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] , ZD02, p. 4270, alinea 9, zevende regel.

40 Het proces-verbaal tapdossier relevante gesprekken, ZD02, p. 5440 en het tapgesprek d.d. 25 december 2015, ZD02, p. 5456, 5458-5489.

41 Het proces-verbaal identificatie, ZD02, p. 7890.

42 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4472.

43 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1669 t/m 1679, p. 1681 t/m 1685, het proces-verbaal analyse identificatie, ZD02, p. 7918, het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 152] , ZD02, p. 3654 en het proces-verbaal van bevindingen, p. 433.

44 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1669.

45 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1671-1672 en p. 1674 t/m 1677.

46 Het proces-verbaal aanvulling reisbeweging, ZD02, p. 2391 t/m 2394.

47 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1676-1678.

48 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1685 t/m 1689.

49 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4473.

50 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1687.

51 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1689 t/m 1696.

52 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1696 t/m 1705.

53 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1704.

54 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1702.

55 Het proces-verbaal analyse reisbewegingen, ZD02, p. 1705 t/m 1714 en het proces-verbaal analyse identificatie, ZD02, p. 7918.

56 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4481-4482 (enkel met betrekking tot de gezamenlijke aanwezigheid in Rotterdam en het reizen naar Delft).

57 Stamproces-verbaal, ZD02, p. 60.

58 Het proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 4] , ZD02, p. 3628 en p. 3630-3631.

59 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] , ZD02, p. 4270 en 4271 met betrekking tot het zelf in gebruik hebben gehad van de toestellen.

60 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 1421.

61 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7889 en 7890.

62 Het proces-verbaal contacten PGP [naam 6] , ZD02, p. 7884.

63 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7889 en 7890.

64 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7889 en het proces-verbaal contacten PGP [naam 32] , ZD02, p. 7916.

65 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7887.

66 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4506.

67 Een tapgesprek sessienr. 2247, ZD02, p. 2455.

68 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 1303.

69 Het proces-verbaal stemherkenning [medeverdachte 1] , ZD02, p. 627.

70 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7890.

71 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7891.

72 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7891 en 7892.

73 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7890.

74 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7894.

75 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 1897.

76 Het proces-verbaal verstrekking gevorderde gegevens, ZD02, p. 2422.

77 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7895.

78 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7896.

79 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 153] , ZD02, p. 4007.

80 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4471.

81 Het proces-verbaal PV identificatie gebruiker [nummer 22] , ZD02, p. 2290.

82 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 154] , ZD02, p. 3585 en 3595.

83 Het proces-verbaal PV identificatie gebruiker [nummer 22] , ZD02, p. 2291 en het proces-verbaal getuigenverhoor bij de rechter-commissaris van [naam 155] , d.d. 6 februari 2017.

84 Het rapport analyse [medeverdachte 1] als gebruiker van account [naam 32] , ZD02, p. 7893.

85 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4495.

86 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4483.

87 Het proces-verbaal getuigenverhoor bij de rechter-commissaris van [naam 155] , d.d. 6 februari 2017.

88 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 33] , ZD02, p. 7919.

89 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] , ZD02, p. 4473.

90 Het tapgesprek sessienr. 816, ZD02, p. 5477.

91 Het tapgesprek sessienr. 3032, ZD02, p. 5487.

92 Het tapgesprek sessienr. 289, ZD02, p. 5489.

93 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 156] , ZD02, p. 4087.

94 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 156] , ZD02, p. 4093, 4096 en 4098.

95 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 157] , ZD02, p. 3814.

96 Het proces-verbaal van bevindingen uitlezen telefoon [naam 158] , ZD02, p. 1130.

97 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 33] , ZD02, p. 7923 en 7924.

98 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 33] , ZD02, p. 7922.

99 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 33] , ZD02, p. 7925.

100 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 37] , ZD02, p. 7934.

101 Het rapport analyse identificatie [medeverdachte 2] als gebruiker [naam 33] , ZD02, p. 7926.

102 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7858.

103 Het proces-verbaal van bevindingen vergelijking accountnamen [naam 15] en [naam 16] , ZD02, p. 8012 en 8015.

104 Het proces-verbaal contacten PGP- [naam 15] , ZD02, p. 7994.

105 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7976.

106 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7976.

107 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7979 en 7980.

108 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7979.

109 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7979 en 7980.

110 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7980.

111 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8006.

112 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8007.

113 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 7978.

114 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] , ZD02, p. 4538 en 4548.

115 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8006 en 8007.

116 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] , ZD02, p. 4548.

117 Het rapport, ZD02, AV-01, p. 244 en bijlage op p. 261 t/m 263.

118 Het rapport, ZD02, AV-01, p. 244.

119 Het rapport, ZD02, AV-01, p. 244, 245, 246 en 247 en het proces-verbaal aanvullend pv 18 april 2019, ZD02, p. 105, 112 en het rapport, ZD02, p. 8019.

120 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8478.

121 Het proces-verbaal Contacten PGP – 9b16845160, ZD02, p. 7884.

122 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8444-8446.

123 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8448.

124 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8449-8450 met bijlagen.

125 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8450-8451.

126 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8452.

127 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8452.

128 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 213 en stam proces-verbaal, ZD02, p. 28 en p. 104.

129 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD03, p. 62.

130 De processen-verbaal van bevindingen, ZD03, p. 62-64 en p. 65-66.

131 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8478-8479.

132 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8471-8472.

133 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8473-8475.

134 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8473.

135 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8477.

136 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD02, p. 8535 en 8540 en 8542.

137 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [naam 159] brigadier van politie werkzaam bij de Eenheid Noord-Holland Oost Nederland, opgemaakte proces-verbaal nummer [nummer 48] documentcode ZD01 onderzoek NHRAB 15029/TGO Brandberg, gesloten op 2 februari 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

138 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 145-146.

139 Het proces-verbaal herkenning [slachtoffer 4] , ZD01, p. 151.

140 Het sectierapport NFI door [naam 160] van 16 november 2015.

141 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 160.

142 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 139-141.

143 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 158.

144 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 327.

145 Het proces-verbaal van bevindingen met verklaring [naam 161] , bevelvoerder brandweer Amsterdam en verklaring onbekend gebleven brandweerman, ZD01, p. 331.

146 Het proces-verbaal bevindingen, ZD01, p. 332.

147 Het proces-verbaal verhoor getuige (onder nummer 525211), ZD01, p. 367.

148 Het proces-verbaal verhoor getuige (onder nummer 525230), ZD01, p. 338.

149 Het proces-verbaal verhoor getuige (onder nummer 525211), ZD01, p. 368.

150 Het proces-verbaal sporenonderzoek: bijlage forensisch onderzoek, ZD01, p. 3627 (p. 57-61).

151 Het proces-verbaal sporenonderzoek: bijlage forensisch onderzoek, ZD01, p. 3627 (p 171-175 en 177).

152 Het rapport NFI van 23.2.2016: bijlage forensisch onderzoek, ZD01, p. 3627 (p 411 en 417-418).

153 Het rapport NFI van 19.1.2018: bijlage forensisch onderzoek, ZD01, p. 3627 (p 497 en 498).

154 Het proces-verbaal van verhoor van getuige (onder nummer 525226), ZD01, p. 336.

155 Het proces-verbaal bevindingen blokbevraging Vialis, ZD01, p. 708-710.

156 Het proces-verbaal verhoor getuige [naam 162] , ZD01, p. 743.

157 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 720 en 721.

158 Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 162] , ZD01, p. 740, 746 en 750.

159 Afbeelding, ZD01, p. 1578.

160 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 486.

161 Het proces-verbaal verhoor getuige [naam 163] ZD01, p. 505 en 514.

162 Het proces-verbaal verhoor [medeverdachte 3] (getuige), ZD01, p. 578 en 579.

163 Het proces-verbaal verhoor getuige [naam 164] , ZD01, p. 597.

164 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 872.

165 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 873.

166 Het proces-verbaal verhoor verdachte, ZD01, p. 1716.

167 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2631.

168 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2635.

169 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2635.

170 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2636.

171 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 1571.

172 Het proces-verbaal verstrekking gebruik PGP: verhoor getuige [naam 165] , ZD01, p. 1256.

173 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2595.

174 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2596 en 2597.

175 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD01, p. 2596.

176 Het proces-verbaal bevindingen, ZD01, p. 2613.

177 Het proces-verbaal bevindingen afbeelding, ZD01, p. 2607.

178 Het proces-verbaal bevindingen, ZD01, p. 2604.

179 Het proces-verbaal; bevindingen, ZD01, p. 2604.

180 Het proces-verbaal bevindingen, ZD01, p. 2605/2606.

181 Het proces-verbaal bevindingen, ZD01, p. 2606.

182 Bijlagen en afbeeldingen bij processen-verbaal van verhoor [medeverdachte 1] , [verdachte] en [medeverdachte 3] .

183 Bijlage 6, ZD01, p. 1720 en 1721.

184 Bijlage 7, ZD01, p. 1721.

185 Bijlage 9, ZD01, p. 1728-1730.

186 Bijlage 12, ZD01, p. 1731.

187 Bijlage 14, ZD01, p. 1732.

188 Afbeelding, ZD01, p. 1557.

189 Bijlage 14, ZD01, p. 1733.

190 Afbeelding, ZD01, p. 1560.

191 Bijlage 15, ZD01, p. 1734.

192 Bijlage 16, ZD01, p. 1734.

193 Bijlage 18, ZD01, p. 1734 en 1735.

194 Bijlage 17, ZD01, p. 1734.

195 Bijlage 19, ZD01, p. 1735.

196 Bijlage 21, ZD01, p. 1736.

197 Afbeelding, ZD01, p. 1564

198 Afbeelding, ZD01, p. 1564.

199 Bijlage 22, ZD01, p. 1737.

200 Bijlage 24, ZD01, p. 1738.

201 Bijlage 26, ZD01, p. 1738 t/m 1741.

202 Bijlage 25, ZD01, p. 1738-1740.

203 Bijlage 27, ZD01, p. 1741.

204 Bijlage 25, ZD01, p. 1738.

205 Bijlage 12, ZD01, p. 1741.

206 Afbeelding, ZD01, p. 1572.

207 Afbeelding, ZD01, p. 1574.

208 Afbeelding, ZD01, p. 1575.

209 Afbeelding, ZD01, p. 1576.

210 Afbeelding, ZD01, p. 1576.

211 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [naam 166] van de politie Eenheid Amsterdam, Bureau Districtsrecherche West, opgemaakte proces-verbaal, nummer [nummer 49] , documentcode ZD04, onderzoek 13IJshamer/ [nummer 50] , gesloten op 21 september 2016, het in de wettelijke vorm door [naam 149] , brigadier van de politie eenheid Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal, nummer [nummer 46] , documentcode ZD02, onderzoek [nummer 47] (TGO Bosnië), gesloten op 1 februari 2018 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

212 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD04, p. 28 en het proces-verbaal van bevindingen, ZD04, p. 39.

213 Het proces-verbaal van bevindingen van de AD43.01, ZD04, p. 31-33.

214 Het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, p. 317-318.

215 Het proces-verbaal van bevindingen ZD04, p 39.

216 Het proces-verbaal van bevindingen, ZD04, p. 39-40, met bijlagen.

217 Het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, p. 211-212, met bijlagen.

218 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 8] , ZD04, p. 43.

219 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 6] , ZD04, p. 44-46.

220 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 9] , ZD04, p. 47.

221 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 7] , ZD04, p. 48-49.

222 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 10] , ZD04, p. 52-53.

223 Het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, p. 211-212, met bijlagen, het proces-verbaal van bevindingen van de Ad43.01, ZD04, p. 31-33, met bijlagen en het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, p. 228-229, met bijlagen.

224 Het rapport munitieonderzoek naar aanleiding van een schietincident in Amsterdam op 3 april 2016 van het NFI, ZD04, p. 272-280.

225 Het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, o. 257, met bijlagen.

226 Het proces-verbaal sporenonderzoek, ZD04, p. 233-235.

227 Het proces-verbaal uitslag sporenonderzoek n.a.v. dactyloscopisch onderzoek, ZD04, p. 247-248, met bijlage.

228 Het proces-verbaal data Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8494-8495.

229 Het rapport betreffende analyse historische telecomgegevens [medeverdachte 1] ten tijde van poging liquidatie [slachtoffer 5] , ZD04, p. 174-175 en het rapport betreffende IMEI nummer [nummer 51] en telefoonnummer [nummer 13] , ZD02, p. 574-576.

230 Het rapport betreffende analyse historische telecomgegevens [medeverdachte 1] ten tijde van poging liquidatie [slachtoffer 5] , ZD04, p. 174-175.

231 Het rapport betreffende analyse historische telecomgegevens [medeverdachte 1] ten tijde van poging liquidatie [slachtoffer 5] , ZD04, p. 174-179, met bijlagen.

232 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8496-8497.

233 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8496-8497.

234 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8497-8498.

235 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8499-8500.

236 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8500.

237 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8500-8501.

238 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8501-8502.

239 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8502-8503.

240 Het proces-verbaal Ennetcom, ZD02, p. 7510-7511.

241 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8509.

242 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8510.

243 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8510-8511.

244 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8511.

245 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8512-8515.

246 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8513-8515.

247 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8515-8519.

248 Het proces-verbaal Ennetcom poging liquidatie 03-04-2016, ZD02, p. 8515.