Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2018:4013

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
18-09-2018
Datum publicatie
18-09-2018
Zaaknummer
05-922002-13
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank heeft de drie verdachten die betrokken waren bij JKE Vastgoed BV veroordeeld tot deels onvoorwaardelijke gevangenisstraffen. De drie verdachten hebben door middel van oplichtingspraktijken geld van niets vermoedende slachtoffers afhandig gemaakt. De slachtoffers is voorgespiegeld dat zij op een veilige manier hoge rendementen konden behalen door geld te investeren in vastgoed in Polen. Een klein deel van het ingelegde geld is uitgeleend aan een bedrijf in Polen, zonder dat daar enige zekerheid tegenover stond. Ook is er geld aan andere doelen besteed. De verdachten hebben daarmee voor zichzelf goede financiële omstandigheden en daarmee een riant levensonderhoud gecreëerd, hoewel niet is gebleken dat zij daarmee grote en dure luxeartikelen hebben aangeschaft. Een groot aantal slachtoffers ondervindt ook nu nog steeds de negatieve financiële gevolgen van het handelen van de verdachten.

Gelet op de forse overschrijding van de termijn waarbinnen een strafzaak afgedaan moet worden heeft de rechtbank de op te leggen straffen gematigd.

Aan twee verdachten is een gevangenisstraf opgelegd voor de duur van 18 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Aan de derde verdachte, die zich in aanzienlijk mindere mate heeft bevoordeeld dan zijn medeverdachten, is een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden opgelegd, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.

Verder zijn de verdachten veroordeeld tot vergoeding van schade aan een groot aantal benadeelden.

In de ontnemingsprocedures zijn tussenbeslissingen uitgesproken. In die ontnemingsprocedure zal een schriftelijke voorbereiding worden gedaan voordat er een inhoudelijke behandeling zal plaatsvinden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummer : 06/922002-13

Datum uitspraak : 18 september 2018

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie bij het functioneel parket

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] .

Raadsman: mr. R.W. van Faassen, advocaat te Zwolle.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 21 januari 2014, 23 mei 2014, 24 november 2015, 21 juni 2018, 22 juni 2018 en 4 september 2018.

1. De inhoud van de tenlastelegging 1

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich schuldig zou hebben gemaakt aan:

1. (mede)plegen van opdracht geven dan wel feitelijk leiding geven aan (mede)plegen van oplichting;

subsidiair (mede)plegen van oplichting;

meer subsidiair medeplichtigheid aan (mede)plegen van oplichting;

meer meer subsidiair (mede)plegen van feitelijk leiding geven aan (mede)plegen van verduistering;

meer meer meer subsidiair (mede)plegen van verduistering;

uiterst subsidiair medeplichtigheid aan (mede)plegen van verduistering;

2. ( (mede)plegen van opdracht gegeven dan wel feitelijk leiding geven aan (mede)plegen van overtreding van art. 3.1 Wet toezicht effectenverkeer 1995;

subsidiair (mede)plegen overtreding van art. 3.1 Wet toezicht effectenverkeer 1995

3. ( (mede)plegen van opdracht geven dan wel feitelijk leiding geven aan medeplegen van overtreding art. 6.1 Wet toezicht kredietwezen 1992

subsidiair (mede)plegen van overtreding van art. 6.1 Wet toezicht kredietwezen 1992;

4A. (medeplegen) opdracht geven dan wel feitelijk leiding geven aan (mede)plegen van overtreding artikel 7 Wet toezicht effectenverkeer 1995;

subsidiair (mede)plegen van overtreding artikel 7 Wet toezicht effectenverkeer 1995;

meer subsidiair (mede)plegen van medeplichtigheid aan (mede)plegen van overtreding van artikel 7 Wet toezicht effectenverkeer 1995;

4B. (mede)plegen van opdracht geven dan wel feitelijk leiding geven aan (mede)plegen van

overtreding van artikel 2:96 Wet op het financieel toezicht;

subsidiair (mede)plegen van overtreding van artikel 2:96 Wet op het financieel toezicht;

meer subsidiair (mede)plegen van medeplichtigheid aan (mede)plegen van overtreding van artikel 2:96 Wet op het financieel toezicht.

1a. Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie

De raadsman heeft ter terechtzitting van 21 en 22 juni 2018 namens verdachte aangevoerd dat het Openbaar Ministerie (hierna: OM) niet-ontvankelijk verklaard moet worden in de vervolging. Er is niet alleen sprake van een forse overschrijding van de redelijke termijn maar ook sprake van strijd met een goede procesorde en strijd met het beginsel van een eerlijk proces.

Er is bijna achtenhalf jaar verstreken sinds de eerste daad van vervolging en de zitting van 21 juni 2018. De verdediging heeft voortdurend verzocht om onderzoek in Polen te laten verrichten naar hoe het door [bedrijf 1] naar [bedrijf 2] overgemaakte geld in Polen is besteed. Dit heeft niet plaatsgevonden omdat de Poolse autoriteiten geen medewerking zouden willen verlenen. Het OM had dit onderzoek ook ambtshalve kunnen verrichten omdat veel van de gevraagde informatie openbaar te verkrijgen is. Het is een onherstelbaar verzuim en een ernstige inbreuk op de beginselen van de goede procesorde, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming aan de belangen van verdachte tekort is gedaan aan zijn recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak. De ernst van de verzuimen en het nadeel dat daar voor de verdediging uit voortgevloeid is, is zodanig dat de enige passende sanctie daarop niet-ontvankelijkverklaring van het OM is.

Tot slot is als verweer gevoerd dat het OM niet-ontvankelijk verklaard moet worden omdat het in redelijkheid niet kon besluiten tot vervolging. Al in 2014 is door de verdediging gesteld dat de zaak niet in het strafrecht thuis hoort, maar in het civiele recht.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat wel sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn, maar dat dit gelet op de jurisprudentie van de Hoge Raad niet kan leiden tot niet-ontvankelijkheid.

De eerste handeling waaraan verdachte in redelijkheid de verwachting kon ontlenen dat tegen hem een strafvervolging zou worden ingesteld is verdachtes aanhouding op 11 januari 2011. In beginsel is, indien er een vonnis gewezen zou worden op 6 juli 2018, sprake van schending van de redelijke termijn van 5 jaren en 140 dagen. Dit moet worden gecompenseerd door vermindering van de op te leggen straf.

De stelling dat de Poolse autoriteiten geen medewerking hebben willen verlenen mist feitelijke grondslag. De Poolse autoriteiten hebben bij brief van 25 juli 2016 een kopie van de tenlastelegging in de strafzaak tegen M. [getuige] toegezonden, die aanhangig was bij de rechtbank te Krakau. Daarmee wordt antwoord gegeven op alle vragen zoals die door de rechtbank zijn geformuleerd in de tussenbeslissing van 24 november 2015.

Naar aanleiding van het getuigenverhoor van [getuige] en de ontvangst van voornoemd stuk is op 13 juli 2017 door de griffier van de rechter-commissaris aan de raadslieden in het [bedrijf 1] -onderzoek verzocht om vóór 1 september 2017 te laten weten of wat hen betreft voldoende is voldaan aan de verwijzingsopdracht/ het rechtshulpverzoek richting Polen. Daarop is geen reactie ontvangen. Het OM is daarom ontvankelijk in de vervolging.

Beoordeling door de rechtbank

Strafrecht of civiel recht:

Uitgangspunt is dat het aan de officier van justitie is om binnen de hem gegeven beleidsvrijheid – daargelaten de voor rechtstreeks belanghebbenden bestaande beklagmogelijkheden van artikel 12 van het Wetboek van Strafvordering – te beslissen of strafvervolging al dan niet opportuun is. Slechts indien het OM in redelijkheid niet tot vervolging had kunnen besluiten of wanneer anderszins sprake is van schending van enig beginsel van behoorlijke procesorde kan het recht tot strafvervolging vervallen worden verklaard. Het is de rechtbank niet gebleken dat de officier van justitie – in het kader van de afweging van de betrokken straf- en civielrechtelijke belangen – in redelijkheid niet tot zijn vervolgingsbeslissing ten aanzien van verdachte heeft kunnen komen.

Onderzoekswensen

De rechtbank heeft vastgesteld dat onderzoekswensen van de verdediging zijn doorgeleid naar de Poolse autoriteiten en deze ook deels zijn uitgevoerd zoals is verzocht. Zo zijn er getuigen gehoord en is er een brief, gedateerd 25 juli 2016, met bijlage, van de Poolse autoriteiten ontvangen. Deze bijlage ziet op de strafzaak tegen [getuige] en zijn echtgenote in Polen. Het betreft niet alleen een verdenking jegens [getuige] en zijn echtgenote, maar daarin zijn ook onderzoeksresultaten opgenomen die zijn vastgesteld tijdens het onderzoek dat door de Poolse autoriteiten in Polen is verricht en die ook onderdeel uitmaken van bovengenoemde onderzoekswensen.

Uit het over verdachte en de medeverdachten opgemaakte strafdossier blijkt dat van het geld dat door [bedrijf 1] in Nederland is opgehaald tijdens de ten laste gelegde periode een bedrag van ongeveer € 2.000.000,-- naar de Poolse vennootschap [bedrijf 2] is overgemaakt. Dit is door geen van de verdachten betwist.

Uit de door de Poolse autoriteiten beschikbaar gestelde gegevens komt een duidelijk beeld naar voren over het functioneren van [bedrijf 2] en haar bestuurders, die overigens ook nog zijn gehoord, zij het in een laat stadium.

De rechter dient overigens met de nodige behoedzaamheid te beoordelen of bewijsmateriaal, gelet op de soms beperkte toetsbaarheid, tot het bewijs kan meewerken. In verband met deze beperkte mogelijkheden om de betrouwbaarheid te toetsen, is het denkbaar dat het gebruik van bewijs niet verenigbaar is met het in artikel 6 van het Europees verdrag voor de rechten van de mens (EVRM) verankerde recht. Voor zover er onzekerheden zouden zijn blijven bestaan over onder meer het verloop van projecten in Polen en de financiële situatie/vermogenspositie van de Poolse rechtspersonen, zal de rechtbank die in de bewijsvoering niet ten nadele van verdachte uitleggen.

Redelijke termijn

De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn in de zin van artikel 6, eerste lid, EVRM is aangevangen op 11 januari 2011, zijnde de dag van verdachtes aanhouding.

Daaraan kon verdachte in redelijkheid de verwachting ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het Openbaar Ministerie een strafvervolging zou worden ingesteld.

Tot op de datum van heden 18 september 2018 heeft verdachte circa 7 jaar en 8 maanden moeten wachten op de uitspraak in deze strafzaak. Deze lange termijn heeft zijn oorzaak in de volgende omstandigheden.

  1. De ingewikkeldheid van de zaak. De strafzaak betreft een omvangrijk en complex onderzoek vanwege de financiële component, de buitenlandse vertakkingen en de grote hoeveelheid benadeelden. Een groot deel van de procedure is gelijktijdig met drie medeverdachten gevoerd.

  2. Onderzoekswensen. De verdediging heeft een aantal verzoeken gedaan die veel tijd hebben gekost. Er is een groot aantal getuigen gehoord.

  3. Het opsporingsonderzoek is, de complexiteit in aanmerking genomen, redelijk voortvarend geschied.

Vertraging die niet aan verdachte is toe te rekenen is gelegen in de volgende omstandigheden. In de periode van juli 2011 (afronding strafdossier) tot november 2013 (afstemming eerste regiezitting) is weinig met de strafzaak gebeurd. In een later stadium heeft het lang geduurd alvorens getuige [getuige] door middel van een videoverbinding door de rechter-commissaris kon worden gehoord. In de tussenbeslissing van 24 november 2015 heeft de rechtbank de zaak (onder meer) daartoe verwezen naar de rechter-commissaris. Het verhoor heeft plaatsgevonden op 10 juli 2017.

De rechtbank hanteert de vaste jurisprudentie dat overschrijding van de redelijke termijn niet leidt tot niet-ontvankelijkheid van het OM in de strafvervolging, ook niet in uitzonderlijke gevallen. Uitzonderlijk is dit geval echter zeker. De rechtbank acht de overschrijding van de redelijke termijn extreem en zal dat oordeel betrekken bij de bepaling van de straf.

Conclusie

Over het strafproces in zijn geheel kan gelet op het bovenstaande niet worden geconcludeerd dat het recht van verdachte op een eerlijke behandeling tekort is gedaan. De conclusie moet zijn dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk is gebleven in zijn recht op vervolging.

1b. Verweer nietige dagvaarding ten aanzien van feit 3

Verwijzend naar hetgeen door de raadslieden in de zaken van de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] is aangevoerd heeft de raadsman ten aanzien van feit 3 de nietigheid van de dagvaarding bepleit. Deze voldoet niet aan de eisen zoals gesteld in artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering. Er is ten laste gelegd het op één of meer tijdstippen in de ten laste gelegde periode zonder vergunning uitoefenen van een kredietinstelling. Het dossier bevat een oneindige hoeveelheid documenten met betrekking tot allerlei financiële transacties tussen [bedrijf 1] en een veelvoud aan partijen. De dagvaarding is ten aanzien van dit feit dermate onduidelijk en ongrijpbaar dat het op basis van die tenlastelegging onduidelijk is voor welke feitelijkheden verdachte zich moet verdedigen.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de dagvaarding voldoende duidelijk is.

De rechtbank overweegt als volgt. Gezien de inhoud van het dossier en het geheel van de tenlastegelegde strafbare feiten in onderlinge samenhang bezien, moet verdachte in staat worden geacht de tekst van de tenlastelegging te begrijpen. Daar doet de omvang van het dossier niet aan af. Bovendien is onder de tekst in de tenlastelegging de verwijzing naar artikel 6, eerste lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 opgenomen, welk artikel het verbod inhoudt voor een in Nederland gevestigde onderneming of instelling om zonder vergunning het bedrijf van kredietinstelling uit te oefenen. Uit de wijze waarop de raadsman ter terechtzitting namens verdachte verweer heeft gevoerd, is de rechtbank gebleken dat het ook voor de raadsman voldoende duidelijk is geweest waar de tenlastelegging op ziet. De tenlastelegging behelst naar het oordeel van de rechtbank een voldoende duidelijke opgave van de feiten nu de tekst van de tenlastelegging voldoende duidelijk, begrijpelijk, feitelijk en niet tegenstrijdig is. De rechtbank verwerpt daarom het verweer met betrekking tot de nietigheid van de dagvaarding.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs 2

Aanleiding onderzoek

De Stichting Autoriteit Financiële Markten (hierna: AFM) heeft in januari 2007 melding ontvangen van de CVB Bank NV. Die melding hield in dat klanten van de bank door tussenkomst toetraden tot een vastgoed-CV. Op een later moment werd door de bank gemeld dat er op een rekening gelden werden ontvangen met de omschrijving “ [bedrijf 3] en dat het in een aantal gevallen ging om een inleg van minder dan € 50.000,--. Een deel daarvan was doorgeboekt naar Polen, een deel naar derden wegens provisie en een deel aan participanten wegens rendement. De AFM heeft vervolgens onderzoek ingesteld en aangifte gedaan.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ten aanzien van de onder 4A primair en 4B primair ten laste gelegde feiten gesteld dat daarvoor vrijspraak moet volgen.

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1 primair, 2 primair en 3 primair, 4A subsidiair en 4B subsidiair ten laste gelegde feiten. Ter terechtzitting heeft de officier van justitie de bewijsmiddelen opgesomd en toegelicht.

De officier van justitie heeft gesteld dat verdachte gedurende de gehele pleegperiode feitelijk leiding heeft gegeven. Dat verdachte op enig moment is vertrokken doet daar niet aan af omdat het complex van gedragingen dat heeft geleid tot het oplichten van alle in de tenlastelegging genoemde personen al voorafgaand aan zijn vertrek in gang was gezet. De oplichting van die personen was het onvermijdelijke gevolg van het algemeen door hen gevoerd beleid. De officier van justitie heeft daarbij verwezen naar feiten en omstandigheden en naar zijn oordeel relevante jurisprudentie, waaronder ECLI:NL:HR:1983:AC7905.

Het standpunt van de verdediging

Met een toelichting als vermeld in diens pleitnotitie en eveneens verwijzend naar hetgeen door de raadslieden in de zaken van de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] is aangevoerd, heeft de raadsman vrijspraak bepleit voor alle aan verdachte ten laste gelegde feiten. Voor het geval de rechtbank mocht komen tot bewezenverklaring van één van de onder feit 2 ten laste gelegde varianten dient verdachte te worden ontslagen van alle rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld. Verdachte heeft advies ingewonnen, mocht daarop vertrouwen en heeft dus gehandeld in een verontschuldigbare onbewustheid ten aanzien van de ongeoorloofdheid van de gedraging.

Ten aanzien van feit 3 heeft de raadsman aangevoerd dat verdachte na zijn uittreden uit [bedrijf 1] op geen enkel moment de intentie heeft gehad om te fungeren als kredietinstelling en daartoe dus geen (voorwaardelijk) opzet heeft gehad, zodat verdachte vrijgesproken dient te worden. Dit geldt ook ten aanzien van de feiten 4A primair en 4B primair. Verdachte heeft ook ten aanzien van feit 4A en 4B verder geen (voorwaardelijk) opzet gehad, omdat het als werknemer in loondienst verwijzen geen verlening van beleggingsdiensten is.

Beoordeling door de rechtbank

Feit 1

De AFM heeft aangifte gedaan tegen [bedrijf 1] en de daarbij betrokken (rechts)personen. De AFM heeft na onderzoek geconcludeerd dat sprake is van overtreding van artikel 3, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995 (oud; hierna Wte) en artikel 5:2 van de Wet op het financieel toezicht (hierna: Wft), namelijk het sinds eind 2005 door [bedrijf 1] in Nederland effecten aanbieden zonder dat terzake van die aanbieding een door de AFM goedgekeurde prospectus algemeen verkrijgbaar was. Verder heeft de AFM geconcludeerd dat – volgens de prospectus – [bedrijf 1] de aangetrokken gelden gebruikte om te ondernemen en [bedrijf 1] derhalve niet als beleggingsinstelling moet worden aangemerkt. Ook heeft de AFM geconcludeerd dat sprake is van commune delicten, onder meer omdat [bedrijf 1] opdracht heeft gegeven om het rendement voor de beleggers lager te laten uitvallen, gelden zijn overgemaakt naar rekeningen waarvan de participanten niet op de hoogte waren en gelden, anders dan in de prospectus voorgehouden, zijn gebruikt als lening aan [bedrijf 2] en niet als investering.3 Ook is door [bedrijf 1] de prospectus van [bedrijf 3] CV niet ter goedkeuring aan de AFM aangeboden.4

Uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel van 13 maart 2009 blijkt dat de besloten vennootschap [bedrijf 1] Vastgoed B.V. (hierna: [bedrijf 1] ) sinds 15 november 2005 onder die naam is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en dat de statutaire naam daarvoor [bedrijf 4] betrof.5 [verdachte] is vanaf die datum in functie getreden als bestuurder, evenals [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] . 678 Tijdens de aandeelhoudersvergadering op 16 januari 2006 is door het voltallige bestuur van [bedrijf 1] besloten dat verdachte met terugwerkende kracht alleen als aandeelhouder van [bedrijf 1] zou optreden.9

Uit de CV-akte en uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel van 13 maart 2009 blijkt dat de commanditaire vennootschap met een beherende vennoot [bedrijf 3] CV (hierna [bedrijf 3] ) op 15 november 2005 is opgericht, met als handelsnaam [bedrijf 3] . Met ingang van die datum is [bedrijf 1] als enig beherend vennoot met onbeperkte bevoegdheid toegetreden.10en 11

De eerste leenovereenkomst tussen [bedrijf 1] als “the lender” en [bedrijf 2] Invest (hierna: [bedrijf 2] ) als “the borrower” is op 29 november 2005 te Warschau gesloten en namens [bedrijf 1] door [medeverdachte 2] ondertekend. Daarbij is overeen gekomen dat op die datum een bedrag van

€ 200.000,-- werd uitgeleend door het te storten op een rekening van de “borrower”. Dit betrof een lening voor onbepaalde tijd (“loan is granted for a indefinite period of time”) tegen een rentepercentage van 4%.12

Er is een overzicht opgesteld en ondertekend door [medeverdachte 2] , gedateerd 5 december 2005, met als kenmerk [bedrijf 1] . Daarop staat vermeld dat op de derdenrekening van [bedrijf 5] tot op dat moment is binnengekomen € 225.000,-- (klant [medeverdachte 1] ) en € 50.000,-- (klant [verdachte] ). Ook staat daarop vermeld: inmiddels doorgestort naar [bedrijf 2] € 200.000,--.13

De verdachte heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij samen met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] aan [bedrijf 1] is begonnen. Ieder van hen had één derde deel van de aandelen van [bedrijf 1] . Naast [bedrijf 1] werd [bedrijf 3] opgericht. Daarin zouden de personen die inlegden een participatie krijgen. Toen zij samen met [medeverdachte 3] in Polen waren heeft verdachte besloten vanwege gezondheidsredenen uit [bedrijf 1] te gaan. Hij is twee keer in Polen geweest: eind 2005 om alles door te spreken en wat later om de overeenkomst te tekenen. [bedrijf 2] heeft beide keren projecten laten zien. [bedrijf 2] werkte al met CV’s die geld inbrachten. Eind 2005 is begonnen met het werven van klanten. De eerste aktes van participanten werden begin 2006 gepasseerd. Hijzelf heeft vanaf ongeveer november 2005 klanten benaderd. Het waren bedragen van € 50.000,-- of meer. Hij wist dat de participaties hoger moesten zijn dan € 50.000,--. Als ze lager waren moest er toestemming zijn van de AFM. Dat is uiteindelijk niet gelukt.14 [medeverdachte 3] was adviseur van [bedrijf 1] en [bedrijf 3] en beheerder van de rekening waar gelden van [bedrijf 1] op binnen kwamen. Hij heeft niet gezien dat geld is teruggekomen. Van het geld dat werd binnengehaald zou een percentage van 14% aan kosten afgaan voor [bedrijf 1] . Daarvan werd de 8% voorschotrendement aan de belegger uitbetaald en werden de personeelskosten en de huurkosten van het pand betaald. Hij wist dat het geld dat naar [bedrijf 2] ging werd uitgeleend voor 4% per jaar. [bedrijf 1] of [bedrijf 3] werd zelf geen eigenaar van gronden of projecten in Polen. De eigendom bleef bij [bedrijf 2] liggen.15 Hij heeft de prospectus van [bedrijf 1] in eerste instantie tekstmatig overgeschreven vanuit die van Smid en Koopman. Dat ging niet helemaal omdat zij bepaalde plaatjes niet hadden. [medeverdachte 3] heeft er voor gezorgd dat zij de prospectus van Smid en Koopman digitaal kregen. Hij heeft deze taalkundig aangepast, waarna de vrouw van [medeverdachte 1] , [betrokkene 2] , deze vervolgens heeft aangepast met enkele foto’s. Uiteindelijk is de prospectus door [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en hemzelf akkoord bevonden. Deze zal eind 2005, januari 2006 gemaakt zijn.16

[medeverdachte 2] heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat [bedrijf 1] eind 2005 is opgericht. Het was een naamswijziging van een bestaande lege BV die [medeverdachte 1] al had. Vervolgens is een CV opgericht, eerst met de naam [bedrijf 3] CV. Die naam is later gewijzigd in [bedrijf 3] CV omdat er al een BV was met die naam. [medeverdachte 1] , [verdachte] en [medeverdachte 3] zijn begonnen met [bedrijf 1] en zij zochten er een man bij. Hij is via [medeverdachte 3] met de anderen in contact gekomen. Het idee was dat [bedrijf 1] geld zou ophalen bij particulieren om vastgoedprojecten te ontwikkelen. Zij hebben voorbeelden van prospectussen gekregen en ook gedownload en die gebruikt als voorbeeld.17Hij heeft de functie financieel manager in de brochure gezet om aan te gegeven dat hij betrokken was bij financiële zaken van bedrijven. Achteraf gezien was het beter geweest als in de brochure accountmanager had gestaan. Het klopt dat hij geen functie heeft gehad op directieniveau.18 Als een belegger € 100.000,-- inlegde werd daarvan maximaal € 76.000,-- geïnvesteerd in Polen.19 Voorschotrendement werd betaald uit de 14%. Waarom dat niet in de prospectus is opgenomen? Daar heeft hij niet over nagedacht. Hij vindt ook niet dat het in de prospectus opgenomen hoeft te worden. Als in de prospectus staat dat zij zaken met [bedrijf 6] hebben gedaan dan klopt dat in feite niet. De zin: De CV heeft een aandeel in [bedrijf 6] en daarmee in het project van 100% en heeft daardoor recht op 100% van de uiteindelijke projectwinst die in de prospectus staat klopt niet. Er is geld naar [bedrijf 2] overgemaakt, maar daar hadden zij geen zeggenschap over.20 Er is geen rendement uit Polen gekomen vanwege al verkochte woningen van het project, dus het rendement kon ook niet uit die inkomsten betaald worden. 21

[medeverdachte 1] heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat zij de mensen die zij benaderden om geld in te leggen informeerden op basis van informatie die zij van [bedrijf 2] hadden ontvangen. Zij hadden ook prospectussen en flyers op basis van die informatie. Tijdens de gesprekken werd gesproken over de rendementen die [bedrijf 2] behaalde, de duur van het project, het storten van het te beleggen bedrag.22 Zij hebben bij [bedrijf 2] geprobeerd om zekerheden van de grond te krijgen. Dat is niet gelukt.23 [bedrijf 6] moest voor de betaling van belasting in Polen worden opgericht. Gelden moesten vanuit Nederland in principe daar heen en dan weer naar [bedrijf 2] . Uiteindelijk heeft dat niet gefunctioneerd. Dat stond in de prospectus, dus de klanten zijn op dat punt onjuist voorgelicht.24 Voor het opstarten van [bedrijf 1] zijn gelden van inleggers gebruikt. Dat is niet aan de klanten verteld.25 Het inhouden van 14% van het ingelegde bedrag is gekopieerd van Smid en Koopman. Dat zou in de prospectus horen te staan.26

[benadeelde 1] heeft aangifte gedaan. Hij heeft – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij [medeverdachte 1] al heel lang kende en via hem met [bedrijf 1] in aanraking is gekomen. Aan de verkoop van een huis heeft hij een bedrag van € 40.000,-- overgehouden, waarvan [medeverdachte 1] zei dat het geld naar het buitenland moest. Het zou dan belegd worden en hij zou ongeveer € 266,-- per maand krijgen aan rente. Vervolgens zijn [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] bij hem geweest. [medeverdachte 1] voerde het woord, [medeverdachte 2] praatte alleen maar mee. [medeverdachte 1] vertelde dat het geld belegd zou moeten worden in [bedrijf 3] , daar had hij goede connecties mee. Hij heeft geen brochures laten zien of andere informatie gegeven. Op de donderdag erna kwam [medeverdachte 1] met [medeverdachte 2] langs. [benadeelde 1] heeft toen het formulier ondertekend voor deze belegging. [medeverdachte 1] kon het geld van zijn rekening halen en overboeken naar [bedrijf 3] . Dat speelde begin 2006. In het begin kreeg hij de rente van € 266,-- netjes. Op enig moment kreeg hij geen rente meer. Bij de notaris [naam 1] te Beilen is hem helemaal niets uitgelegd. Hij kreeg twee aktes. Hij had het volste vertrouwen in [medeverdachte 1] , ook omdat er een notaris bij betrokken was. Hem is nooit verteld wat [bedrijf 1] en/of [bedrijf 3] CV met zijn ingelegde geld zouden doen.27

Uit de afspraakbevestiging blijkt dat een afspraak is gemaakt om de investering af te handelen op 6 januari 2006 en dat op 9 januari 2006 een bevestiging is gestuurd van de ontvangst van het inschrijfformulier in [bedrijf 3] , waarin wordt meegedeeld dat [benadeelde 1] het voorschotrendement van 8% 6 weken na zijn storting zal ontvangen.2829

Uit het “Deelnameformulier [bedrijf 3] ” blijkt dat [benadeelde 1] door tekening van dat formulier verklaart en bevestigt met de inhoud van de prospectus inzake [bedrijf 3] CV bekend te zijn en daarin wil deel nemen met een participatie van € 40.000,--, dat hij zich verbindt het bedrag over te maken op bankrekening 59.16.17.412 ten name van [bedrijf 1] en dat de rente maandelijks zal worden overgemaakt op zijn privé-rekening.30

[benadeelde 2] heeft aangifte gedaan. Hij heeft – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij en zijn vrouw in november 2005 in contact zijn gekomen met [bedrijf 1] / [bedrijf 3] CV. Het eerste contact was met [medeverdachte 1] omdat hij advies wilde over het beleggingsgedeelte van de hypotheek. Die vertelde over een financieel expert uit de accountancy: [medeverdachte 2] , die mogelijk een constructie had via het ophogen van de hypotheek en gebruik van overwaarde. Hij zou daar mee langskomen. Zij zijn op 23 november 2005 langs geweest en zeiden een mooi plan te hebben in Polen. Een man in Polen had samen met de Nederlandse Kamer van Koophandel in Polen een project opgezet: [naam project 1] . Zij konden aan dat project meedoen als zij voor 25 november 2005 geld beschikbaar hadden, dus binnen heel korte termijn. [bedrijf 1] zou wel 40% rendement kunnen behalen. Zijzelf zouden 8% ontvangen. Zij hadden vertrouwen in [medeverdachte 1] . De naam [bedrijf 1] zagen zij voor het eerst op briefpapier, waarin de investering in [bedrijf 7] werd bevestigd. Het geld moest worden overgemaakt op een rekening ten name van [bedrijf 5] . [medeverdachte 2] heeft op het deelnameformulier geschreven: “de investering/storting zal na 2 jaar teruggestort worden, eea in overleg”. Op 24 november 2005 is de spoedboeking gegeven. Zij hebben op 9 januari 2006 een bevestiging ontvangen van de storting. Bij de notaris heeft hij een volmacht getekend omdat de stukken er nog niet waren. Ter controle heeft hij gekeken op de website van [bedrijf 2] . [medeverdachte 1] had gezegd dat daar foto’s op stonden. Hij kent via [bedrijf 1] / [bedrijf 3] : [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] . Verder heeft hij [verdachte] een keer gezien. [bedrijf 2] was het bedrijf dat in Polen het geld binnen haalde. Marcel [getuige] was de directeur. Bij het tekenen van het deelnameformulier is verteld dat dit deelnameformulier nodig was in verband met vergunning verlenen door de AFM.31

Uit het “Deelnameformulier [bedrijf 3] CV” blijkt dat [benadeelde 2] door tekening van dat formulier op 23 november 2005 verklaart en bevestigt met de inhoud van de prospectus inzake [bedrijf 3] CV bekend te zijn en daarin deel wil nemen met een participatie van € 225.000,--; dat hij zich verbindt met het voldoen door het bedrag over te maken op bankrekening 59.16.17.412 ten name van [bedrijf 1] .32 In de brief van 23 november 2005 wordt het gesprek van die middag bevestigd en verzocht het geld over te boeken naar de rekening derdengelden 93979550 ten name van [bedrijf 5] te Doetinchem.33 In de brief van 9 januari 2006 is de ontvangst van het geldbedrag bevestigd.34

[benadeelde 3] heeft aangifte gedaan. Hij heeft – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij en zijn vrouw een bankrekening hadden bij de CVB bank in Dwingeloo. In dat pand zat ook [medeverdachte 1] met zijn makelaarskantoor. [medeverdachte 1] had deze bank overgenomen. [medeverdachte 1] zag dat zij veel belasting betaalden en vond dat het minder kon. Hij heeft toen de belastingzaken geregeld. Toen zij hun huis verkochten bleef er geld over. [medeverdachte 1] kwam bij hen en vroeg € 200.000,--: voor een vastgoedproject in Polen. Mede omdat zij zo veel vertrouwen in hem hadden hebben zij € 100.000,-- toegezegd. Het moest in twee keer € 50.000,-- gestort worden in verband met de AFM, zei [medeverdachte 1] . Zij hebben een looptijd afgesproken van 1 jaar en een rendement van 12%. Dat is later teruggebracht tot 8%. De lening zou via notaris [naam 1] geregeld worden. De akte is op 28 februari 2006 getekend en het bedrag in twee keer overgeboekt via de rekening van de notaris. Het geld was bestemd voor woningbouw in Polen. Zij hebben geen controle gedaan: zij hadden een onbegrensd vertrouwen in [medeverdachte 1] en later ook in [medeverdachte 2] .35

Uit de twee formulieren “Deelnameformulier [bedrijf 3] CV” blijkt dat [benadeelde 3] door tekening van die twee formulieren op 10 januari 2006 telkens verklaart en bevestigt met de inhoud van de prospectus inzake [bedrijf 3] CV bekend te zijn en daarin wil deel nemen met een participatie van € 50.000,-- en dat hij zich verbindt met het voldoen door de bedragen over te maken op bankrekening 59.16.17.412 ten name van [bedrijf 1] .36

[benadeelde 4] heeft een vordering benadeelde partij ingediend tegen [bedrijf 1] / [medeverdachte 3] . De vordering is onderbouwd met een bankafschrift op zijn naam. Daaruit blijkt dat [benadeelde 4] op 30 december 2005 een bedrag van € 50.000,-- heeft overgemaakt op rekening 939797550 van [bedrijf 5] met als omschrijving deelname CV.37 Dat [benadeelde 4] één van de commandieten van [bedrijf 3] CV is blijkt ook uit de mailberichten die in het dossier zijn opgenomen, die hem en anderen als commandieten van [bedrijf 3] in die hoedanigheid worden toegezonden.38

In de prospectus is onder meer het volgende opgenomen, zakelijk weergegeven:

  • -

    dat [bedrijf 1] belast is met de dagelijkse leiding van de [bedrijf 3] CV;

  • -

    dat [bedrijf 6] Sp.zo.o de ontwikkelaar is van de onroerend goed projecten;

  • -

    dat [bedrijf 6] SP.zo.o door de AFM wordt aangeduid als de uitgevende instelling;

  • -

    dat de CV daarin voor 100% participeert;

  • -

    dat de onroerend goed investeringen zich vooral kenmerken doordat door [bedrijf 3] CV enkel wordt gewerkt met risicodragend vermogen en niet met bankkrediet in welke vorm dan ook;

  • -

    dat het risicodragend vermogen wordt verstrekt door [bedrijf 3] CV en door aanbetalingen van de kopers van appartementen;

  • -

    dat het startsein voor de bouw van een project pas wordt gegeven, wanneer ten minste 50% van het te realiseren gebouw is verkocht en dat de rest tijdens de looptijd van de bouw verkocht wordt aan particuliere kopers;

  • -

    dat de door [bedrijf 3] CV gefinancierde investeringen van [bedrijf 6] in de projecten met name liggen in de opstartfase van de bouw, er op deze wijze slechts een beperkt deel van de financieringsbehoefte door [bedrijf 3] CV wordt geïnvesteerd en verder geen geldverstrekkers behoeven te participeren, waardoor het gehele resultaat (verkoopopbrengst minus bouwkosten) van het complex woningen ten goede komt van de projectontwikkelaar waarin de CV voor 100% participeert;

  • -

    dat het financiering betreft van diverse woningbouwprojecten in Warschau, Poznan en Krakow;

  • -

    dat inmiddels een tweede project is gestart: [naam project 2] ;

  • -

    dat de participaties door de AFM worden beschouwd als zogenaamde rechten van deelgenootschap, zijnde certificaten van aandelen in het kapitaal van [bedrijf 6] ;

  • -

    dat de bestuurders en oprichters [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , directeuren, beide ervaren managers zijn op commercieel en financieel gebied, namelijk respectievelijk directeur van een makelaardij en assurantiën en commercieel manager ( [medeverdachte 1] ) en financieel manager bij de ABNAMRO, financieel manager bij ACA Accountancy en bedrijfsadviseur;

  • -

    dat notaris [naam 1] te Beilen als notariaat bij [bedrijf 1] betrokken is;

  • -

    dat de prospectus is opgesteld met inachtneming van de Europese prospectusrichtlijn die als bijlage bij de Wet beleggingsinstellingen (Wtb) en de Wet toezicht effectenverkeer (Wte) hoort en is geconformeerd aan de hiervoor geldende wettelijke vereisten.39

De rechtbank merkt op dat in het dossier meerdere prospectussen zijn opgenomen die niet gelijkluidend zijn, maar dat de verschillen slechts marginale verschillen betreffen.

Conclusie van de rechtbank

Uit voornoemde bewijsmiddelen blijkt dat verdachte samen met [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] in 2005 in Polen is geweest. Zij hebben daar met de oprichters van [bedrijf 2] gesproken en samen met hen bouwprojecten bekeken. Er is toen afgesproken dat [bedrijf 1] in Nederland geld zou gaan ophalen bij particulieren en dit zou gaan lenen aan [bedrijf 2] . Op 15 november 2005 is [bedrijf 1] opgestart, waarbij verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] zijn ingeschreven als bestuurders. Op diezelfde dag is ook [bedrijf 3] opgericht, met [bedrijf 1] als enig beherend vennoot met onbeperkte bevoegdheid.

Tijdens één van de volgende bezoeken, op 29 november 2005, is de eerste leenovereenkomst te Warschau gesloten en namens [bedrijf 1] door [medeverdachte 2] ondertekend. Daarbij is overeen gekomen dat op die datum een bedrag van € 200.000,-- werd uitgeleend. Dit betrof een lening voor onbepaalde tijd tegen een rentepercentage van 4%. Dit bedrag is al vóór 5 december 2005 naar een rekening van [bedrijf 2] in Polen overgeboekt.

[bedrijf 1] is vervolgens verder opgestart. Eind november werden ook al de eerste gesprekken gevoerd met potentiële beleggers. In die persoonlijke gesprekken is informatie aan de toekomstige investeerders verstrekt.

De aangevers hebben verklaard dat zij tijdens de gesprekken mede door één of meer van de hiervoor genoemde voorgespiegelde zekerheden uiteindelijk werden bewogen tot de afgifte van de ingelegde geldbedragen. Er is tijdens die persoonlijke gesprekken informatie aan toekomstige investeerders verstrekt waarvan verdachte en zijn mededaders wisten dat deze niet juist was.

Hen zijn deelnameformulieren voorgelegd die zij hebben ondertekend. Daarmee verklaarden en bevestigden zij telkens met de inhoud van de prospectus inzake [bedrijf 3] CV bekend te zijn, terwijl zij die prospectus feitelijk niet hadden gezien en deze eigenlijk nog in een ontwerpfase was. Ook hebben zij bij toetreding als commandiet van [bedrijf 3] ervoor getekend de inhoud van de bepalingen van de vennootschap te kennen en ermee bekend te zijn dat de CV een koopovereenkomst/koopovereenkomsten had gesloten, welke strekten tot aankoop/levering van registergoederen in Polen. Ook deze akte van toetreding was in strijd met de waarheid.

Er zijn dus toezeggingen gedaan en verplichtingen aangegaan waarvan verdachte en zijn medeverdachten wisten dat deze niet nagekomen zouden worden. De investeerders zijn wel op de juistheid van de verstrekte informatie afgegaan en zijn daardoor bewogen tot investering. [bedrijf 1] verkreeg daardoor de beschikking over gelden, waarover zij anders niet de beschikking zou hebben verkregen. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte mede feitelijk leiding heeft gegeven aan het feit dat [bedrijf 1] door een valse voorstelling van zaken personen heeft bewogen tot afgifte van gelden.

Verdachte en diens medeverdachten hebben in dat kader als directieleden van [bedrijf 1] nauw en bewust samengewerkt, zoals onder meer blijkt uit hun eigen verklaringen.

Uit voornoemde bewijsmiddelen blijkt dat er vanaf de oprichting van [bedrijf 1] en [bedrijf 3] CV op 15 november 2005 feitelijk drie directeuren waren, namelijk [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en verdachte zelf. Ook blijkt daar uit dat zij feitelijke werkzaamheden binnen [bedrijf 1] hebben verricht. Uit voornoemde bewijsmiddelen blijkt verder dat verdachte met ingang van 16 januari 2006 met terugwerkende kracht alleen nog als aandeelhouder wilde optreden, en dus niet meer als één van de directeuren van [bedrijf 1] en [bedrijf 3] .

De rechtbank is van oordeel dat verdachte in de periode van 1 november 2005 tot en met 16 januari 2006 een zodanige machtspositie binnen [bedrijf 1] heeft bekleed, dat hij daardoor zeggenschap heeft gehad over de bedrijfsvoering binnen [bedrijf 1] en de verboden handelingen die daar plaatsvonden. Zolang hij de machtspositie bekleedde rustte op hem de zorgplicht om voortduring of herhaling te voorkomen. Hoewel verdachte na zijn uittreden en vertrek bij [bedrijf 1] die wetenschap ook nog heeft gehad, kan het dragen van die wetenschap niet tot gevolg hebben dat hij ook toen nog die zorgplicht had om voortduring of herhaling van verboden gedragingen te voorkomen (ECLI:NL:HR:1983:AC7905, 3.2.1 en 3.2.3).

De rechtbank acht ten aanzien van het onder 1 primair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen verdachtes betrokkenheid in de periode van 1 november 2005 tot en met 16 januari 2006 ten aanzien van de met name genoemde benadeelden [benadeelde 1] , [benadeelde 2] en [benadeelde 3] en een ander, namelijk de benadeelde [benadeelde 4] .

Dit betekent dat verdachte voor het overige onder 1 primair ten laste gelegde vrijgesproken dient te worden.

Feiten 2 en 4A en 4B:

Onder feit 2 is ten laste gelegd het verbod in of vanuit Nederland buiten een besloten kring bij uitgifte effecten aan te bieden dan wel zodanige aanbieding door middel van advertenties of documenten in het vooruitzicht te stellen.

Onder feit 4A is ten laste gelegd het verbod om zonder vergunning als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder in of vanuit Nederland diensten aan te bieden of te verrichten (art. 3 Wte 1995, geldend tot en met 31 december 2006) en onder 4B het verbod in Nederland zonder een daartoe door de AFM verleende vergunning beleggingsdiensten te verlenen (Wte 1995, iwtr.1 januari 2007).

De rechtbank zal deze feiten – gelet op de onderlinge samenhang – gelijktijdig bespreken.

Onder 2 primair, 4A primair en 4B primair is ten laste gelegd het feitelijk leiding geven van verdachte aan door [bedrijf 1] gepleegde verboden gedragingen na 16 januari 2006.

Zoals hiervoor onder 1 reeds uiteen is gezet is de rechtbank van oordeel dat verdachte in de periode van 1 november 2005 tot en met 16 januari 2006 als (mede)leidinggevende wel een zodanige machtspositie binnen [bedrijf 1] heeft bekleed, dat hij daardoor zeggenschap heeft gehad over de bedrijfsvoering binnen [bedrijf 1] en de verboden handelingen die daar plaatsvonden. Zolang hij de machtspositie bekleedde rustte op hem de zorgplicht om voortduring of herhaling te voorkomen. Na verdachtes uittreden en vertrek bij [bedrijf 1] op 16 januari 2006 kan het dragen van die wetenschap niet tot gevolg hebben dat hij ook toen nog die zorgplicht had om voortduring of herhaling van verboden gedragingen te voorkomen.

Verdachte moet daarom vrijgesproken te worden van het onder 2 primair, 4A primair en 4B primair ten laste gelegde.

De verdachte heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij vanaf mei 2006 tot en met maart 2008 heeft gewerkt bij [bedrijf 5] , het bedrijf van [medeverdachte 3] . Hij verkocht onder andere hypotheken en vertelde klanten dat dat zij eventueel meer geld konden opnemen en dit bedrag konden investeren in vastgoed in Polen. Als mensen interesse hadden dan zorgde hij dat iemand van [bedrijf 1] bij deze mensen thuis kwam. De adviseurs van [bedrijf 5] brachten het product van [bedrijf 1] aan de man. Hij deed dat dus ook, namelijk de participatie in vastgoed in Polen. Hij kende het product van haver tot gort vanuit zijn tijd bij [bedrijf 1] . Het product was zo dat de klant een vast rendement kreeg van 8% over zijn investering. Eén participatie zou 7 tot 8 jaar lopen en na afloop zouden de klanten hun geld terug krijgen of natuurlijk kunnen doorgaan met beleggen. Hij heeft ongeveer 30 klanten via [bedrijf 5] bij [bedrijf 1] aangebracht. Hij adviseerde de klanten in dit product te investeren en als de klanten interesse hadden gaf hij dat door aan [medeverdachte 2] of hij liet de klant zelf bellen met [bedrijf 1] . Vervolgens vroeg hij de klant of hij bij het gesprek moest zijn dat [bedrijf 1] in de persoon van [medeverdachte 2] of [naam 2] hield met de klant. In veel gevallen was hij aanwezig omdat het natuurlijk invloed had op de hypotheek die opgenomen moest worden. Vaak was het zo dat de hoogte van de participatie afhankelijk was van het bedrag dat de klant maximaal aan hypotheek kon opnemen.40

[medeverdachte 2] heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat [bedrijf 1] eind 2005 is opgericht. Het idee was dat [bedrijf 1] geld zou ophalen bij particulieren teneinde vastgoedprojecten te ontwikkelen. Zij hebben voorbeelden van prospectussen gekregen en ook gedownload en die gebruikt als voorbeeld.41Als een belegger € 100.000,-- inlegde werd er maximaal € 76.000,-- geïnvesteerd in Polen.42Er is geld naar [bedrijf 2] in Polen overgemaakt.43

In het dossier zijn aangiftes opgenomen van personen die hebben verklaard dat zij via [bedrijf 1] hebben geparticipeerd in [bedrijf 3] . Dit geld zou belegd gaan worden in Polen.

Zo hebben onder andere [benadeelde 5] , [benadeelde 6] , [benadeelde 7] en [benadeelde 8] verklaard dat zij via [verdachte] , de hypotheekverstrekker van [bedrijf 5] , met [bedrijf 1] in aanraking zijn gekomen. [benadeelde 5] heeft verklaard dat hij daarna met [naam 2] , adviseur van [bedrijf 1] heeft gesproken en heeft besloten geld in te leggen. Hij heeft dat twee keer gedaan, in totaal voor een bedrag van € 130.000,--. [benadeelde 6] heeft verklaard dat [verdachte] bij hen thuis is geweest en dat daar een [medeverdachte 2] van [bedrijf 1] bij was. Zij hebben belegd voor € 40.000,--. [benadeelde 7] heeft verklaard dat zij met [verdachte] heeft gesproken over [bedrijf 3] en € 100.000,-- heeft ingelegd.44454647

[benadeelde 1] heeft verklaard dat hij via [medeverdachte 1] met [bedrijf 1] in aanraking is gekomen. Tijdens de tweede afspraak kwam hij met [medeverdachte 2] langs. Hij heeft € 40.000,-- ingelegd in [bedrijf 1] / [bedrijf 3] .48

[benadeelde 9] heeft verklaard dat hij is gebeld door [medeverdachte 3] Beheer en dat hij met [medeverdachte 3] heeft gesproken over het beleggen in [bedrijf 1] . In 2007 heeft hij een gesprek met [medeverdachte 2] gehad en aangegeven dat hij wilde beleggen. Hij heeft in november 2007 € 50.000,-- ingelegd, in januari 2008 nog eens € 50.000,-- en in oktober 2008 nog eens € 50.000,--.49

De AFM heeft aangifte gedaan tegen [bedrijf 1] en de daarbij betrokken (rechts)personen. De AFM heeft aan de hand van onderzoek vastgesteld dat sprake is van overtreding van artikel 3 lid 1 Wte 1995 (oud) en artikel 5:2 Wft, namelijk het sinds eind 2005 door [bedrijf 1] in Nederland effecten aanbieden zonder dat ter zake van die aanbieding een door de AFM goedgekeurde prospectus algemeen verkrijgbaar was. De conclusie van de AFM is verder dat – volgens de prospectus – de door [bedrijf 1] aangetrokken gelden werden gebruikt om te ondernemen en [bedrijf 1] derhalve niet als beleggingsinstelling moet worden aangemerkt. Dit maakt dat de aanbieding door [bedrijf 1] van de participaties in [bedrijf 3] prospectusplichtig is. [bedrijf 1] valt niet onder een vrijstelling, omdat [bedrijf 1] de aanbieding ook op haar website heeft gedaan en daarmee de deelnemingsrechten in [bedrijf 3] aan een onbepaald aantal personen heeft aangeboden. Het in de prospectus gepresenteerde product verschilde van het product dat feitelijk werd gerealiseerd. [bedrijf 3] bleek niet te investeren in [bedrijf 2] , maar slechts uit te lenen.50 Ook is door [bedrijf 1] de prospectus van [bedrijf 3] niet ter goedkeuring aan de AFM aangeboden.51

Naar het oordeel van de rechtbank was aldus sprake van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en andere natuurlijke personen en rechtspersonen om zonder een goedgekeurde prospectus en zonder een vergunning effecten aan te bieden en beleggingsdiensten en beleggingsactiviteiten te verlenen.

De raadsman heeft aangevoerd dat, voor het geval de rechtbank mocht komen tot bewezenverklaring van één van de onder feit 2 ten laste gelegde varianten, verdachte dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld omdat hij advies heeft ingewonnen, daarop mocht vertrouwen en dus heeft gehandeld in een verontschuldigbare onbewustheid ten aanzien van de ongeoorloofdheid van de gedraging.

De rechtbank is van oordeel dat de feitelijke grondslag van het verweer niet aannemelijk is geworden. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat over het inwinnen van advies tegenstrijdig is verklaard. Er is door verdachte en de medeverdachten wisselend verklaard waar advies is ingewonnen en wat het gegeven advies inhield. Ook is verklaard dat door de advocaten is gezegd dat al zonder een vereiste vergunning gestart zou kunnen worden. Voorts is verklaard dat niet in alle gevallen een vergunning vereist was.

Uit het onderzoek dat door de AFM is verricht blijkt dat wel gesprekken zijn gevoerd met het door [bedrijf 1] benaderde advocatenkantoor [naam 4] , maar dat dit na de eerste gesprekken niet heeft geleid tot een opdracht. De beoogde relatie is door het advocatenkantoor beëindigd, omdat men het gevoel kreeg dat het advies niet goed bij [bedrijf 1] was geland en dat [bedrijf 1] het idee kreeg dat zij geen vergunning nodig had.

Daarnaast geldt dat een beroep op verschoonbare rechtsdwaling (in beginsel) niet alleen kan worden gebaseerd op een handelen naar aanleiding van adviezen van een advocaat. Verdachte en zijn medeverdachten hadden zich van tevoren voor het verkrijgen van informatie kunnen en moeten wenden tot de ter zake bevoegde autoriteiten, in dit geval de AFM. Gelet op dit alles wordt het verweer verworpen.

De raadsman heeft ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde aangevoerd dat verdachte geen (voorwaardelijk) opzet heeft gehad, omdat het als werknemer in loondienst verwijzen geen verlening van beleggingsdiensten is.

In het economisch strafrecht moet de term opzet worden uitgelegd als ‘kleurloos’ opzet. Dit betekent dat verdachtes opzet slechts gericht behoeft te zijn op de gedraging en niet op de wederrechtelijkheid daarvan. In het onderhavige geval houdt dat in dat verdachtes opzet gericht diende te zijn op het verlenen van beleggingsdiensten, zonder dat daarvoor een vergunning was verleend. Verdachte had daar betrokkenheid bij. Hij had dat eenvoudig kunnen voorkomen en dat kon ook van hem verwacht worden. Verdachte wist namelijk uit de tijd dat hij mede leiding had gegeven aan [bedrijf 1] dat [bedrijf 1] zich niet hield aan de rechtsregels die van toepassing waren. Desondanks heeft hij vanuit een andere functie klanten gewezen op en geadviseerd over het product van [bedrijf 1] en hen naar [bedrijf 1] doorverwezen. Ook dit verweer gaat daarom niet op.

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 2 subsidiair, 4A subsidiair en 4B subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan.

De rechtbank heeft vastgesteld dat de feiten 4A en 4B afzonderlijk ten laste zijn gelegd. De pleegperiodes sluiten aan op elkaar. Dit heeft te maken met verandering van wetgeving, nu de Wet toezicht effectenverkeer 1995 is vervallen met ingang van 1 januari 2007 en op die datum de Wet op het financieel toezicht in werking is getreden.

De rechtbank stelt vast dat bij de feiten 2 subsidiair, 4A subsidiair en 4B subsidiair sprake is van meerdere gelijksoortige feiten of handelingen die voortkomen uit één ongeoorloofd wilsbesluit. Er is dus sprake van een voortgezette handeling.

Feit 3

De eerste leenovereenkomst tussen [bedrijf 1] als “the lender” en [bedrijf 2] Invest (hierna: [bedrijf 2] ) als “the borrower” is op 29 november 2015 te Warschau gesloten en namens [bedrijf 1] door [medeverdachte 2] ondertekend. Daarbij is overeengekomen dat op die datum een bedrag van

€ 200.000,-- werd uitgeleend door het te storten op een rekening van de “borrower”. Dit betrof een lening voor onbepaalde tijd (“loan is granted for a indefinite period of time”) tegen een rentepercentage van 4%.52

Er is een overzicht opgesteld en ondertekend door [medeverdachte 2] , gedateerd 5 december 2005, met als kenmerk [bedrijf 1] . Daarop staat vermeld dat op de derdenrekening van [bedrijf 5] tot op dat moment is binnengekomen € 225.000,-- (klant [medeverdachte 1] ) en € 50.000,-- (klant [verdachte] ). Ook staat daarop vermeld: inmiddels doorgestort naar [bedrijf 2] € 200.000,--.53

De verdachte heeft tegenover de verbalisanten – zakelijk weergegeven – verklaard dat hij samen met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] aan [bedrijf 1] is begonnen. Hij is twee keer in Polen geweest: eind 2005 om alles door te spreken en wat later om de overeenkomst te tekenen. Naast [bedrijf 1] werd [bedrijf 3] opgericht. Daarin zouden de personen die inlegden een participatie krijgen. [medeverdachte 3] was adviseur van [bedrijf 1] en [bedrijf 3] en beheerder van de rekening waar gelden van [bedrijf 1] op binnen kwamen. Als je participaties wilde binnenhalen die lager waren dan € 50.000,-- had je toestemming nodig van de AFM. Dat kon je overal lezen, ook op de internetsite van de AFM.54 Hij wist dat het geld dat naar [bedrijf 2] ging werd uitgeleend voor 4% per jaar. [bedrijf 1] of [bedrijf 3] werd zelf geen eigenaar van gronden of projecten in Polen. De eigendom bleef bij [bedrijf 2] liggen.55

De AFM heeft aangifte gedaan tegen [bedrijf 1] en de daarbij betrokken (rechts)personen. De AFM heeft aan de hand van onderzoek geconcludeerd dat [bedrijf 1] de door haar aangetrokken gelden gebruikte om te ondernemen, namelijk voor ontwikkeling van vastgoedprojecten in Polen. De conclusie van de AFM is verder dat – volgens de prospectus – de door [bedrijf 1] aangetrokken gelden werden gebruikt om te ondernemen en [bedrijf 1] derhalve niet als beleggingsinstelling moet worden aangemerkt. Dit maakt dat de aanbieding door [bedrijf 1] van de participaties in [bedrijf 3] prospectusplichtig is. [bedrijf 1] valt niet onder een vrijstelling, omdat [bedrijf 1] de aanbieding ook op haar website heeft gedaan en daarmee de deelnemingsrechten in [bedrijf 3] aan een onbepaald aantal personen heeft aangeboden. Het in de prospectus gepresenteerde product verschilde van het product dat feitelijk werd gerealiseerd. [bedrijf 3] bleek niet te investeren in [bedrijf 2] , maar slechts geld uit te lenen aan [bedrijf 2] tegen een rente van 4%.56 Ook is door [bedrijf 1] de prospectus van [bedrijf 3] niet ter goedkeuring aan de AFM aangeboden.57

Naar het oordeel van de rechtbank was sprake van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en andere natuurlijke personen en rechtspersonen om meerdere malen gelden aan te trekken en weer gelden uit te lenen. Voor het op deze wijze aantrekken en uitlenen van gelden is een vergunning vereist, maar [bedrijf 1] beschikte daar niet over.

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 3 primair ten laste gelegde feit heeft begaan.

Zoals hiervoor onder 1 reeds uiteen is gezet is de rechtbank van oordeel dat verdachte in de periode van 1 november 2005 tot en met 16 januari 2006 als (mede)leidinggevende wel een zodanige machtspositie binnen [bedrijf 1] heeft bekleed, dat hij daardoor zeggenschap heeft gehad over de bedrijfsvoering binnen [bedrijf 1] en de verboden handelingen die daar plaatsvonden. Zolang hij die machtspositie bekleedde rustte op hem de zorgplicht om voortduring of herhaling te voorkomen. Na verdachtes uittreden en vertrek bij [bedrijf 1] op 16 januari 2006 kan het dragen van die wetenschap niet tot gevolg hebben dat hij ook toen nog de zorgplicht had om voortduring of herhaling van verboden gedragingen te voorkomen. De rechtbank zal daarom de pleegperiode inkorten tot en met 16 januari 2006 en verdachte voor het overige vrijspreken.

3 Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2 subsidiair, 3 primair, 4A subsidiair en 4B subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

[bedrijf 1] Vastgoed B.V., op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 november 2005 tot en met 31 december 2009 16 januari 2005, in de gemeente(n)

Westerveld en/of Doetinchem en/of Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander (en) wederrechtelijk te bevoordelen, (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, onder meer

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro 130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag (en) van een of meer ander(en),

heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedrag(en) en/of het

ter beschikking stellen van gegevens met geldswaarde in het handelsverkeer

en/of tot het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld,

(tot een totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16),

hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte(n) en/of een of meer ander(en)

toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

voorgewend en/of doen voorwenden

(in (persoonlijke) gesprek (ken) en/of in een prospectus en/of bij

presentatie(s) en/of in brochures en/of in folder(s) en/of in flyer(s) en/of

in nieuwsbrief/nieuwsbrieven en/of in e-mailbericht (en) en/of op website(s)):

A. zich aan het publiek, althans aan een of meer van voornoemde personen

gepresenteerd als ware [bedrijf 1] Vastgoed B.V. door de AFM gecontroleerd en/of

goedgekeurd en/of [bedrijf 1] vastgoed B.V. beschikte over een vergunning om effecten

(aan het publiek) aan te bieden; en/of

B. (vervolgens) aan het (benaderde) publiek, althans aan een of meer van

voornoemde personen (tot zekerheid van de belegging(en) en/of investering (en)

en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening(en))

voorgespiegeld/voorgewend en/of doen voorspiegelen/voorwenden:

B1. dat de directie van [bedrijf 1] Vastgoed B.V. bestond uit een

ex-directeur/financieel manager van de ABN-Amro en/of ervaren managers geweest

waren bij grote ondernemingen; en/of

B2. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) (volledig) zouden worden geïnvesteerd

(in vastgoed in Polen via projectontwikkelaar [bedrijf 6] s.p.z.o.o.); en/of

B3. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening (en) veilig en/of (vrijwel) risicoloos

was/waren, althans een beperkt risico kende(n); en/of

B4. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) na (de oplevering van) een project

terug zou (den) worden betaald, althans vrij beschikbaar kwam(en); en/of

B5. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) volledig

(100%) zouden meedelen in de projectwinst; en/of

B6. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) maandelijks

een of meer geldbedrag(en) uitbetaald/uitgekeerd kre(e)g(en) als ware het een

of meer rendement(en) en/of opbrengst(en) van hun/zijn/haar belegging(en)

en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of

geldlening (en) ; en/of

B7. dat het (geprognosticeerde en/of gegarandeerde) rentepercentage,

afhankelijk van het project, per jaar tussen de 10 en 20 procent, althans 8

procent bedroeg; en/of

B8. dat het eerste voorschot rendement van 8 procent 6 weken na de

stortingsdatum van de belegging(en) en/of investering (en) en/of

participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening (en) zou

plaatsvinden; en/of

B9. dat het tweede voorschot rendement 12 maanden na de eerste

rendementsuitkering zou plaatsvinden; en/of

B10. dat het project [naam project 1] was afgerond en op 1 juli 2007 zou worden

opgeleverd en/of het project Niepomolice/ [naam project 2] goed, althans (geheel) volgens

plan liep en/of

B11.dat kosten zouden worden bekostigd uit de 'zuivere winst',

waardoor een of meer van voornoemde perso(o)n(en) en/of een of meer andere

perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

zulks terwijl hij verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

andere(n), tot bovenomschreven strafbare feit(en) opdracht heeft gegeven, dan

wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden

gedraging(en);

2.

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 28 februari

2006 tot en met 30 september 2006 16 januari 2006, in de gemeente Westerveld, althans in

Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e)

perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, tezamen

en in vereniging met (een) ander (en) een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of

een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, al dan niet

opzettelijk, effecten heeft aangeboden terwijl er ter zake van de aanbieding

geen prospectus algemeen verkrijgbaar was dat was goedgekeurd door Onze

Minister of door een toezichthoudende autoriteit in een andere lidstaat;

3.

[bedrijf 1] vastgoed B.V., op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 29 november 2005 tot en met 30 september 2006 16 januari 2006 in de gemeente Westerveld, althans in Nederland en/of in Polen, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, als een in Nederland gevestigde onderneming en/of instelling, al dan niet opzettelijk, het bedrijf van kredietinstelling heeft uitgeoefend zonder een daartoe van de Bank verkregen vergunning,

zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer anderen, tot bovenomschreven strafba(a)r(e) feit (en) opdracht heeft gegeven, dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden gedraging(en);

4.

A)

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 oktober 2006 tot en met 31 december 2006,in de gemeente Duiven, en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet opzettelijk, zonder vergunning als effectenbemiddelaar, in of vanuit Nederland, diensten heeft aangeboden en/of doen aanbieden of heeft verricht en/of doen verrichten;

4.

B)

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari

2007 tot en met 29 februari 2008 te Duiven, en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een

of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet opzettelijk, zonder een daartoe door de Autoriteiten Financiële Markten verleende vergunning beleggingsdiensten heeft verleend en/of doen verlenen en/of beleggingsactiviteiten heeft verricht en/of doen verrichten.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

4 De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1 primair:

medeplegen van oplichting, begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd, terwijl verdachte tezamen en in vereniging met een ander tot dat feit opdracht heeft gegeven dan wel feitelijk leiding heeft gegeven aan de verboden gedraging;

Ten aanzien van feit 2 subsidiair, 4A subsidiair en 4B subsidiair :

De voortgezette handeling van:

  • -

    medeplegen van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 3, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd, terwijl verdachte tezamen en in vereniging met een ander tot dat feit opdracht heeft gegeven dan wel feitelijk leiding heeft gegeven aan die verboden gedraging; (2) en

  • -

    medeplegen van het overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 7 van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd; (4B) en

  • -

    medeplegen van het overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2:96 van de Wet op het financieel toezicht, opzettelijk begaan ( [4A] ).

Ten aanzien van feit 3 primair:

medeplegen van het overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 6, eerste lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd, terwijl verdachte tezamen en in vereniging met een ander tot dat feit opdracht heeft gegeven dan wel feitelijk leiding heeft gegeven aan die verboden gedraging.

5 De strafbaarheid van het feit

De feiten zijn strafbaar.

6 De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7 Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft onder meer aangevoerd dat hij er bij de strafeis rekening mee houdt dat verdachte en zijn mededaders in nauwe en bewuste samenwerking met [bedrijf 1] , waarvan zij bestuurders en feitelijk leidinggevenden waren, grootscheepse oplichtingdelicten hebben gepleegd en ruim 70 personen hebben bewogen tot afgifte van forse geldbedragen. Bij de hoogte van de te vorderen gevangenisstraf heeft hij als uitgangspunt genomen de LOVS-oriëntatiepunten, waarbij een fraudebedrag van één miljoen euro gelijk staat aan een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden en ook heeft hij gekeken naar wat in soortgelijke zaken wordt opgelegd. Wegens een veroordeling in 2015 is het bepaalde van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing. Rekening houdend met de overschrijding van de redelijke termijn vordert de officier van justitie voor de feiten die naar zijn mening bewezen verklaard kunnen worden dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 22 maanden, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht. Zonder overschrijding van de redelijk termijn zou hij een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden een passende strafeis hebben gevonden.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft naast de bepleite vrijspraak en het eventuele ontslag van alle rechtsvervolging ten aanzien van feit 2 subsidiair verder nog aangevoerd dat, indien de rechtbank tot een strafoplegging mocht komen, een strafkorting toegepast dient te worden wegens overschrijding van de redelijke termijn. De strafeis is buiten proporties. De raadsman is van mening dat geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd dient te worden omdat verdachte zijn zieke vrouw dan niet meer kan verzorgen. Een al dan niet voorwaardelijke werkstraf is dan op zijn plaats, eventueel in combinatie met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest, zelfs als de rechtbank de oplichtingshandelingen bewezen zou verklaren.

Beoordeling door de rechtbank

Bij het bepalen van de strafmaat heeft de rechtbank rekening gehouden met:

  • -

    de aard en ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde en met de omstandigheden waaronder verdachte zich daaraan schuldig heeft gemaakt;

  • -

    de persoon van verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden;

  • -

    de forse overschrijding van de redelijke termijn;

Verdachte heeft weliswaar een korte periode als feitelijk leidinggevende gefunctioneerd van [bedrijf 1] maar hij heeft wel een wezenlijke rol vervuld bij de totstandkoming van de oplichtingspraktijken. Verdachte was een van de drie oprichters van [bedrijf 1] en onder zijn verantwoordelijkheid en in zijn opdracht werd een prospectus opgesteld over de financiële producten van [bedrijf 3] . Hierin was een reeks onwaarheden opgenomen. Mede onder leiding van verdachte is geld van niets vermoedende slachtoffers afhandig gemaakt. Hun werd voorgespiegeld dat zij op een veilige manier hoge rendementen konden behalen door geld te investeren in vastgoed in Polen.

Nadat verdachte als leidinggevende bij [bedrijf 1] is vertrokken is hij, nog wel aandeelhouder van [bedrijf 1] , bij [bedrijf 5] gaan werken, waar hij het product van [bedrijf 1] aan klanten adviseerde en klanten ook met medewerkers van [bedrijf 1] in contact bracht. Verdachte wist dat klanten voorwaarden en toezeggingen werden voorgehouden die niet waargemaakt werden.

Dit heeft ertoe geleid dat uiteindelijk ongeveer dertig door hem geadviseerde klanten ook daadwerkelijk geld bij [bedrijf 1] hebben ingelegd.

Slechts een deel van het ingelegde geld is uitgeleend aan een bedrijf in Polen, zonder dat daar – zoals wel voorgespiegeld – enige zekerheid tegenover stond, terwijl de aangevers werd voorgehouden dat het een relatief veilige belegging was met een hoog rendement.

Verder is geld besteed aan heel andere doelen, zoals investeringen in Spanje, Duitsland en Oostenrijk, uitbetalingen van voorschotrendementen aan nieuwe inleggers en buitensporige bedrijfskosten van [bedrijf 1] . Er is naar aangevers toe door middel van persoonlijke gesprekken, informatie op de website en informatie in de prospectus de suggestie gewekt dat [bedrijf 1] een vergunning had van de bevoegde autoriteiten, terwijl dit niet waar was.

Verdachte heeft door het plegen van de bewezen verklaarde feiten destijds mede voor zichzelf goede financiële omstandigheden en daarmee een riant levensonderhoud gecreëerd, hoewel niet is gebleken dat hij daarmee grote en dure luxeartikelen heeft aangeschaft.

Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat een groot aantal slachtoffers ook nu nog steeds de negatieve financiële gevolgen van verdachtes handelen ondervindt, terwijl zij dachten door een voorgespiegelde relatief veilige belegging een goede voorziening voor de toekomst te creëren.

Gelet op de ernst van de feiten, is de rechtbank van oordeel dat niet kan worden volstaan met een andere straf dan gevangenisstraf van aanzienlijke duur. Wel houdt de rechtbank in het oog dat verdachte zich in aanzienlijk mindere mate bevoordeeld heeft dan zijn medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] .

Mede gelet op de ter zitting naar voren gebrachte persoonlijke omstandigheden zal de rechtbank een deels voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen.

De rechtbank neemt als uitgangspunt een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk.

De rechtbank houdt rekening met de overschrijding van de redelijke termijn. Gelet op de forse overschrijding van de redelijke termijn komt de rechtbank tot een matiging van die straf van 50%.

Aannemelijk is geworden dat het tijdsverloop grote impact heeft gehad op het emotioneel welbevinden van verdachte en diens gezin.

Alles afwegende zal de rechtbank daarom opleggen een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van voorarrest overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.

7a. De beoordeling van de civiele vordering(en), alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde navolgende partijen hebben zich in het strafproces gevoegd ter verkrijging van schadevergoeding ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde feit.

De met naam in de tenlastelegging genoemde benadeelden:

- [benadeelde 20] € 175.000,= (inleg € 150.000,-- en € 25.000,--);

- [benadeelde 8] € 67.450,-- (inleg € 60.000,--; rente € 7200,--; kosten € 250,--);

- [benadeelde 10] € 25.350,-- (inleg € 25.000,=; kosten € 350,=);

- [benadeelde 15] € 111.500,-- (inleg € 75.000,-- en € 25.000,--; telkens de 2% rente

per jaar);

- [benadeelde 9] € 150.000,= (inleg);

- [benadeelde 6] € 44.000,= (inleg € 40.000,--; rente € 4000,--);

- [benadeelde 17] € 70.429,-- (inleg € 50.000,--; kosten notaris ad € 179,--; extra inleg

€ 250,--; rendement over 5 jaar: € 20.000,--; rente);

- [benadeelde 12] € 87.874,-- (inleg € 75.000,--; rentederving (2% per jaar)

€ 12.874,-);

- [benadeelde 14] € 88.920,-- (inleg € 78.000,--; rente € 10.920,--);

- [benadeelde 3] € 173.356,99 (inleg € 100.000,--; rente € 70.518,--, kosten advocaat

€ 2.838.99);

- [benadeelde 2] € 351.862,99 (inleg € 225.000,--; rente € 124.024,--; kosten advocaat

€ 2838,99);

- [benadeelde 19] € 56.000,-- (inleg € 50.000,--; misgelopen rente € 6.000,--);

- [benadeelde 11] € 25.000,-- (inleg);

- [benadeelde 22]

€ 54.713,47 (inleg € 50.000,--; diverse kosten € 4.713,47; wettelijke

rente)

- [benadeelde 18] € 325.150,-- (inleg € 285.900,=; rentederving € 39.900,--)

- [benadeelde 16] € 90.000,= (inleg);

- [benadeelde 5] en/of

[benadeelde 24] € 156.000,-- (inleg € 130.000,--; rest: omschreven als: renteverlies)

- [benadeelde 7] € 180.000,-- (inleg € 100.000,--; restschuld woning € 56.000,--;

rente € 8000,--);

- [benadeelde 21] € 66.575,12 (inleg € 50.000,--, achterstallig rendement: € 13.000,12);

achterstallige rente € 3.575,--);

- [benadeelde 1] € 40.000,-- (inleg);

De niet met naam in de tenlastelegging genoemde benadeelden

- [benadeelde 25] € 84.844,-- (inleg € 50.000,--; rendementen: € 24.000,--; betaalde

rente door hogere hypotheek: € 10844,--);

- [benadeelde 26] € 396.000,-- (inleg € 200.000,--; derving inkomsten € 96.000,--;

immateriële schade € 100.000,--

- [benadeelde 27] € 132.000,-- (inleg € 100.000,--; verlies rente/voorschotrendement:

€ 32.000,--);

- [benadeelde 28] € 72.800,-- (inleg € 65.000,--; rente € 7.800,--);

- [benadeelde 29] € 137.888,-- (inleg € 106.000,--; rendement € 25.440,--; extra kosten

hypotheekakte € 6448,33);

- [benadeelde 30] € 72.000,-- (inleg € 50.000,--; niet ontvangen voorschotrente

€ 20.000,--; rente misgelopen voorschotrente € 2.000,--);

- [benadeelde 31] € 50.000,-- (inleg);

- [benadeelde 32] € 87.625,-- (inleg € 75.000,--; rente € 11.125,--);

- [benadeelde 33] € 37.120,-- (inleg € 29.000,--; rente € 8.120,--);

- [benadeelde 34] € 80.000,-- (inleg);

- [benadeelde 17] € 70.429,-- (inleg € 50.000,--; notariskosten € 178,50; extra inleg € 250,--; rendement € 20.000,--);

- [benadeelde 35] € 25.100,-- (inleg € 25.000,--; bijdrage administratie € 100,--);

- [benadeelde 36] € 74.000,-- (inleg € 50.000,--; rente € 24.000,--);

- [benadeelde 37] € 127.600,-- (inleg € 110.000,--; rente hypotheek: € 17.600,--);

- [benadeelde 38] € 28.500,-- (inleg € 25.000,--; rente € 500,--);

- [benadeelde 39] € 45.600,-- (inleg € 30.000,--; rente € 15.600,--)

- [benadeelde 40] € 134.000,-- (inleg € 100.000,--; rendement: € 24.000,--);

- [benadeelde 41]

€ 67.200,-- (inleg € 60.0000,--; renteverlies € 7.200,--);

- [benadeelde 42] € 144.160,-- (inleg € 97.000,--; rendement € 47.160,--);

- [benadeelde 43] € 60.500,-- (inleg € 55.000,--; rente : € 5.500,--);

- [benadeelde 44]

€ 60.000,-- (inleg)

- [benadeelde 45] € 74.000,-- (inleg € 50.000; rendementen € 24.000,--);

- [benadeelde 46] € 81.583,47 (inleg € 55.000,--; rendement € 23.833,--;

consumentenrente € 2750,47);

- [benadeelde 47] € 25.000,-- (inleg);

- [benadeelde 48] € 60.000,-- (inleg);

- [benadeelde 49] € 74.000,-- (inleg € 50.000,--; rente 8% € 24.000,--);

- [benadeelde 50] € 76.540,-- (inleg € 60.000,-- en € 18.000,--; renteverlies € 10.920,--;

ondersteuning [medeverdachte 2] € 100,--; minus ontvangen rendement ad

€ 12.540,--);

- [benadeelde 4] € 58.000,-- (inleg € 50.000,--; rente € 8.000,--);

- [benadeelde 51]

€ 239.301,77 (inleg € 120.000,--; vrijwillige bijdrage € 100,--;

kosten hypotheekakte € 3.421,77; rendementsuitkering € 30.000,--; hypotheeklasten; kosten levensverzekering € 28.180,--;

- [benadeelde 52] € 67.200,-- (inleg € 60.000,--; renteverlies € 7200,--).

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft meegedeeld dat hij bericht heeft ontvangen van [benadeelde 6] , inhoudende dat deze diens vordering intrekt. De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 22] dient niet-ontvankelijk te worden verklaard omdat deze benadeelde heeft geprocedeerd en al een executoriale titel heeft verkregen. De benadeelde partij [benadeelde 1] dient niet-ontvankelijk verklaard te worden nu vanwege een bij de vordering gevoegde concept dagvaarding niet duidelijk is of deze is uitgebracht en, zo ja, wat dit heeft opgeleverd. De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] dient niet-ontvankelijk verklaard te worden verklaard omdat de benadeelde is overleden en zich geen erfgenamen hebben gemeld. De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 42] dient niet-ontvankelijk verklaard te worden omdat onduidelijkheid bestaat over het ingelegde geldbedrag. De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 30] dient niet-ontvankelijk te worden verklaard omdat deze benadeelde partij diens vordering heeft ingetrokken.

De overige vorderingen zijn op zich eenvoudig van aard wanneer zij beperkt worden tot toewijzing van de inleggelden, zonder vermeerdering met de wettelijke rente. Een andere mogelijkheid zou bij wijze van geste kunnen zijn het in al die gevallen toewijzen van een bedrag van € 5.000,-- en niet-ontvankelijk verklaring van het meer gevorderde.

De officier van justitie heeft verzocht om telkens de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. Afhankelijk van de hoogte van het toe te wijzen bedrag kan rekening gehouden worden met de hoogte van de vervangende hechtenis teneinde een disproportionele sanctieoplegging te voorkomen. Eventueel kan de wettelijke rente worden gekoppeld aan de schadevergoedingsmaatregel. Deze is dan verschuldigd vanaf de datum van de uitspraak.

Het standpunt van de benadeelden:

De heer [benadeelde 5] heeft namens een aantal benadeelden het woord gevoerd en daarin toegelicht wat voor invloed het verlies van de ingelegde geldbedragen op hun levens heeft gehad.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zowel vanwege de bepleite vrijspraak als de complexiteit van de vorderingen de niet-ontvankelijkheid van alle vorderingen benadeelde partij bepleit.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank hoeft geen beslissing te nemen op de door [benadeelde 6] en [benadeelde 30] ingediende vorderingen, nu deze blijkens de mededeling van de officier van justitie door hen zijn ingetrokken.

De rechtbank heeft vastgesteld dat alle vorderingen benadeelde partij zien op het onder 1 ten laste gelegde feit. In het geval van verdachte is de bewezenverklaring beperkt tot de benadeelden [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 4] en wordt verdachte ten aanzien van de overige benadeelde partijen vrijgesproken.

De officier van justitie heeft aangevoerd dat de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] niet-ontvankelijk verklaard dient te worden omdat de benadeelde is overleden en zich geen erfgenamen hebben gemeld.

Het strafgeding voorziet niet in de mogelijkheid dat in geval van overlijden van de benadeelde partij de erfgenaam zich in het geding voegt en de (proces)positie van benadeelde partij overneemt. Dit betekent dat ook indien degene die zich op de voet van art. 51f, eerste lid, Sv als benadeelde partij in het strafgeding heeft gevoegd, is overleden, de rechter ingevolge art. 361, vierde lid, Sv dient te beslissen op diens vordering. Nu de gevorderde schade het rechtstreeks gevolg is van het onder 1 bewezenverklaarde handelen van de verdachte, is het mogelijk die vordering toe te wijzen aan de benadeelde partij [benadeelde 3] , wiens vordering op de voet van art. 6:106, tweede lid tweede volzin, BW vatbaar is voor overgang onder algemene titel op de erfgenaam (HR 15 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:917).

Het standpunt van de officier van justitie dat de rechtbank de benadeelde partij [benadeelde 1] niet-ontvankelijk moet verklaren in haar vordering, nu over die vordering mogelijk al door de burgerlijke rechter reeds is beslist of die vordering bij de burgerlijke rechter nog aanhangig is, is niet juist. Die opvatting vindt geen steun in het recht (HR 26 april 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP1279).

De rechtbank stelt vast dat de vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 2] , [benadeelde 3] , [benadeelde 4] en [benadeelde 1] op zich niet zijn weersproken. De vorderingen zien op het geld dat door middel van oplichting van hen is aangetrokken.

Naar het oordeel van de rechtbank is, op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vorderingen van de benadeelde partijen is gebleken, komen vast te staan dat de benadeelde partijen als gevolg van het onder 1 bewezen verklaarde handelen rechtstreeks schade hebben geleden tot de hoogte van de door hun ingelegde gelden, waarvoor verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk is. De rechtbank zal telkens dat deel van de vordering toewijzen.

De rechtbank zal de benadeelden voor het overige niet-ontvankelijk verklaren in hun vorderingen nu de behandeling van dat deel van de vorderingen naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. De benadeelde partijen kunnen dat deel van de vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

De verdachte is niet meer tot vergoeding gehouden indien en voor zover door de mededader en/of mededaders telkens het betreffende schadebedrag is of wordt voldaan.

Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht telkens de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van het toe te wijzen bedrag ten behoeve van genoemde benadeelde partijen.

De rechtbank zal de vervangende hechtenis in verband met de huidige draagkracht van verdachte en gelet op de in de zaken van de medeverdachten op te leggen vervangende hechtenis telkens stellen op 1 dag.

In een aantal gevallen is door de benadeelde partijen de wettelijke rente gevorderd.

Uit het dossier blijkt dat contracten met inleggers zijn afgesloten waarin de contractuele rente is vastgelegd. Uit de afgesloten contracten blijkt niet wat telkens de definitieve einddatum van de contracten zou zijn omdat het geld herbelegd kon worden, hetgeen in een aantal gevallen ook is gebeurd. Er staat dus niet met voldoende mate van nauwkeurigheid vast wanneer de schades zijn veroorzaakt. Het is daarom voor de rechtbank niet duidelijk wat de grondslag zou moeten zijn van de gevorderde wettelijke rente. De rechtbank zal daarom de benadeelde partijen ten aanzien van gevorderde wettelijke rente niet-ontvankelijk verklaren.

8 De toegepaste wettelijke bepalingen

De beslissing is gegrond op de artikelen:

14a, 14b, 14c, 24c, 36f, 47, 51, 56, 57, 63 en 326 van het Wetboek van Strafrecht;

1, 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten;

3 en 7 van de Wet toezicht effectenverkeer 1995;

6 van de Wet toezicht kredietwezen 1992;

2:96 van de Wet op het financieel toezicht;

alle zoals geldend ten tijde van het ten laste gelegde.

9 De beslissing

De rechtbank:

 verklaart niet bewezen hetgeen onder 2 primair, 4A primair en 4B primair aan verdachte is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder punt 3, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder punt 4;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden;

 bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

 beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

De beslissing op de vorderingen van de benadeelde partijen.

De rechtbank:

 veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 2], van een bedrag van € 225.000,--(tweehonderd vijfentwintig duizend euro), met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

 verklaart de benadeelde partij [benadeelde 2] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering;

 verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd;

 legt aan veroordeelde de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde 2], een bedrag te betalen van € 225.000,-- (tweehonderd vijfentwintig duizend euro), met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 1 (één) dag hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;

 veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 3], van een bedrag van € 100.000,-- (éénhonderd duizend euro), met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

 verklaart de benadeelde partij [benadeelde 3] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering;

 verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd;

 legt aan veroordeelde de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde 3], een bedrag te betalen van € 100.000,-- (éénhonderd duizend euro), met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 1 (één) dag hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;

 veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 4], van een bedrag van € 50.000,--(vijftigduizend euro), met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

 verklaart de benadeelde partij [benadeelde 4] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering;

 verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd;

 legt aan veroordeelde de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde 4], een bedrag te betalen van € 50.000,-- (vijftigduizend euro), met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 1 (één) dag hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;

 veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [benadeelde 1], van een bedrag van € 40.000,-- (veertigduizend euro), met betaling van de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

 verklaart de benadeelde partij [benadeelde 1] voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering;

 verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd;

 legt aan veroordeelde de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde 1], een bedrag te betalen van € 40.000,-- (veertigduizend euro), met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal van de hoofdsom 1 (één) dag hechtenis zal kunnen worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen.

De rechtbank verklaart de benadeelde partijen:

- [benadeelde 20] - [benadeelde 8]

- [benadeelde 10] - [benadeelde 15]

- [benadeelde 9] - [benadeelde 17]

- [benadeelde 12] - [benadeelde 14]

- [benadeelde 11] - [benadeelde 22]

- [benadeelde 18] - [benadeelde 16]

- [benadeelde 5] en/of [benadeelde 24] - [benadeelde 7]

- [benadeelde 21] - [benadeelde 13]

- [benadeelde 25] - [benadeelde 26]

- [benadeelde 27] - [benadeelde 28]

- [benadeelde 29] - [benadeelde 31]

- [benadeelde 32] - [benadeelde 33]

- [benadeelde 34] - [benadeelde 17]

- [benadeelde 35] - [benadeelde 36]

- [benadeelde 37] - [benadeelde 38]

- [benadeelde 39] - [benadeelde 40]

- [benadeelde 41] - [benadeelde 42]

- [benadeelde 43] - [benadeelde 44]

- [benadeelde 45] - [benadeelde 46]

- [benadeelde 47] - [benadeelde 48]

- [benadeelde 49] - [benadeelde 50]

- [benadeelde 52] - [benadeelde 19]

- [benadeelde 51]

niet-ontvankelijk in hun vorderingen.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.L.F. Prisse, (voorzitter),

mr. P.J.C. Cremers en mr. E.H.Th. Rademaker, rechters,

in tegenwoordigheid van A.B.M. Jansen, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 september 2018.

Bijlage 1

1.

[bedrijf 1] Vastgoed B.V., op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode

van 01 november 2005 tot en met 31 december 2009, in de gemeente(n)

Westerveld en/of Doetinchem en/of Bronckhorst en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of een of

meer natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) met het oogmerk

om zich en/of (een) ander (en) wederrechtelijk te bevoordelen, (telkens) door

het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door

een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

onder meer

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag (en) van een of meer ander(en),

heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedrag(en) en/of het

ter beschikking stellen van gegevens met geldswaarde in het handelsverkeer

en/of tot het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld,

(tot een totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16),

hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte(n) en/of een of meer ander(en)

toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

voorgewend en/of doen voorwenden

(in (persoonlijke) gesprek (ken) en/of in een prospectus en/of bij

presentatie(s) en/of in brochures en/of in folder(s) en/of in flyer(s) en/of

in nieuwsbrief/nieuwsbrieven en/of in e-mailbericht (en) en/of op website(s)):

A. zich aan het publiek, althans aan een of meer van voornoemde personen

gepresenteerd als ware [bedrijf 1] Vastgoed B.V. door de AFM gecontroleerd en/of

goedgekeurd en/of [bedrijf 1] vastgoed B.V. beschikte over een vergunning om effecten

(aan het publiek) aan te bieden; en/of

B. (vervolgens) aan het (benaderde) publiek, althans aan een of meer van

voornoemde personen (tot zekerheid van de belegging(en) en/of investering (en)

en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening(en))

voorgespiegeld/voorgewend en/of doen voorspiegelen/voorwenden:

B1. dat de directie van [bedrijf 1] Vastgoed B.V. bestond uit een

ex-directeur/financieel manager van de ABN-Amro en/of ervaren managers geweest

waren bij grote ondernemingen; en/of

B2. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) (volledig) zouden worden geïnvesteerd

(in vastgoed in Polen via projectontwikkelaar [bedrijf 6] s.p.z.o.o.); en/of

B3. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening (en) veilig en/of (vrijwel) risicoloos

was/waren, althans een beperkt risico kende(n); en/of

B4. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) na (de oplevering van) een project

terug zou (den) worden betaald, althans vrij beschikbaar kwam(en); en/of

B5. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) volledig

(100%) zouden meedelen in de projectwinst; en/of

B6. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) maandelijks

een of meer geldbedrag(en) uitbetaald/uitgekeerd kre(e)g(en) als ware het een

of meer rendement(en) en/of opbrengst(en) van hun/zijn/haar belegging(en)

en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of

geldlening (en) ; en/of

B7. dat het (geprognosticeerde en/of gegarandeerde) rentepercentage,

afhankelijk van het project, per jaar tussen de 10 en 20 procent, althans 8

procent bedroeg; en/of

B8. dat het eerste voorschot rendement van 8 procent 6 weken na de

stortingsdatum van de belegging(en) en/of investering (en) en/of

participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening (en) zou

plaatsvinden; en/of

B9. dat het tweede voorschot rendement 12 maanden na de eerste

rendementsuitkering zou plaatsvinden; en/of

B10. dat het project [naam project 1] was afgerond en op 1 juli 2007 zou worden

opgeleverd en/of het project Niepomolice/ [naam project 2] goed, althans (geheel) volgens

plan liep en/of

B11.dat kosten zouden worden bekostigd uit de 'zuivere winst',

waardoor een of meer van voornoemde perso(o)n(en) en/of een of meer andere

perso(o)n(en) (telkens) werd (en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

zulks terwijl hij verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

andere(n), tot bovenomschreven strafbare feit (en) opdracht heeft gegeven, dan

wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden

gedraging (en);

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 november

2005 tot en met 31 december 2009, in de gemeente(n) Westerveld en/of

Doetinchem enlof Bronckhorst en/of elders

in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en)

en/of een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) met

het oogmerk om zich en/of (een) ander (en) wederrechtelijk te bevoordelen,

(telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse

hoedanigheid enlof door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, onder meer:

-de heer enlof mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer enlof mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag (en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag (en) van een of meer ander (en),

heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedrag (en) en/of het

ter beschikking stellen van gegevens met geldswaarde in het handelsverkeer

en/of tot het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld,

(tot een totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16),

hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte(n) en/of een of meer ander(en)

toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

(in (persoonlijke) gesprek (ken) en/of in een prospectus en/of bij

presentatie(s) en/of in brochures en/of in folder(s) en/of in flyer(s) en/of

in nieuwsbrief/nieuwsbrieven en/of in e-mailbericht (en) en/of op website(s)):

A. zich aan het publiek, althans aan een of meer van voornoemde personen

gepresenteerd als ware [bedrijf 1] Vastgoed B.V. door de AFM gecontroleerd en/of

goedgekeurd en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. beschikte over een vergunning om effecten

(aan het publiek) aan te bieden; en/of

B. (vervolgens) aan het (benaderde) publiek, althans aan een of meer van

voornoemde personen (tot zekerheid van de belegging(en) en/of investering (en)

en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening(en))

voorgespiegeld/voorgewend en/of doen voorspiegelen/voorwenden:

B1. dat de directie van [bedrijf 1] Vastgoed B.V. bestond uit een

ex-directeur/financieel manager van de ABN-Amro en/of ervaren managers geweest

waren bij grote ondernemingen; en/of

B2. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) (volledig) zouden worden geinvesteerd

(in vastgoed in Polen via projectontwikkelaar [bedrijf 6] s.p.z.o.o.);

en/of

B3. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) veilig en/of (vrijwel) risicoloos

was/waren, althans een beperkt risico kende(n); en/of

B4. dat de belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) na (de oplevering van) een project

terug zou (den) worden betaald, althans vrij beschikbaar kwam (en) ; en/of

B5. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) volledig

(100%) zouden meedelen in de projectwinst; en/of

B6. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant (en) maandelijks

een of meer geldbedrag(en) uitbetaald/uitgekeerd kre(e)g(en) als ware het een

of meer rendement (en) en/of opbrengst(en) van hun/zijn/haar belegging(en)

en/of investering (en) en/of participatie{s) en/of inleg van geld{en) en/of

geldlening{en); en/of

B7. dat het (geprognosticeerde en/of gegarandeerde) rentepercentage,

afhankelijk van het project, per jaar tussen de 10 en 20 procent, althans 8

procent bedroeg; en/of

B8. dat het eerste voorschot rendement van 8 procent 6 weken na de

stortingsdatum van de belegging{en) en/of investering (en) en/of

participatie{s) en/of inleg van geld{en) en/of geldlening{en) zou

plaatsvinden; en/of

B9. dat het tweede voorschot rendement 12 maanden na de eerste

rendementsuitkering zou plaatsvinden; en/of

B10. dat het project [naam project 1] was afgerond en op 1 juli 2007 zou worden

opgeleverd en/of het project Niepomolice/ [naam project 2] goed, althans (geheel) volgens

plan liep en/of

B11. dat kosten zouden worden bekostigd uit de 'zuivere winst',

waardoor een of meer van voornoemde perso{o)n{en) en/of een of meer andere

perso(o)n(en) (telkens) werd (en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

[bedrijf 1] Vastgoed B.V en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een

of meer andere(en), op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode

van 01 november 2005 tot en met 31 december 2009, in de gemeente(n) Westerveld

en/of Doetinchem en/of Bronckhorst en/of elders

in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en)

en/of een of meer

natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich

en/of (een) ander (en) wederrechtelijk te bevoordelen,

(telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse

hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een

samenweefsel van verdichtsels, onder meer

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag(en) van een of meer ander(en),

heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedrag(en) en/of het

ter beschikking stellen van gegevens met geldswaarde in het handelsverkeer

en/of tot het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld,

(tot een totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16),

hebbende verdachte en/of zijn medeverdachte(n) en/of een of meer ander(en)

toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven -

valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

voorgewend en/of doen voorwenden

(in (persoonlijke) gesprek(ken) en/of in een prospectus en/of bij

presentatie(s) en/of in brochures en/of in folder(s) en/of in flyer(s) en/of

in nieuwsbrief/nieuwsbrieven en/of in e-mailbericht(en) en/of op website(s)):

A. zich aan het publiek, althans aan een of meer van voornoemde personen

gepresenteerd als ware [bedrijf 1] Vastgoed B.V. door de AFM gecontroleerd en/of

goedgekeurd en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. beschikte over een vergunning om effecten

(aan het publiek) aan te bieden; en/of

B. (vervolgens) aan het (benaderde) publiek, althans aan een of meer van

voornoemde personen (tot zekerheid van de belegging(en) en/of investering(en)

en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening(en))

voorgespiegeld/voorgewend en/of doen voorspiegelen/voorwenden:

B1. dat de directie van [bedrijf 1] Vastgoed B.V. bestond uit een

ex-directeur/financieel manager van de ABN-Amro en/of ervaren managers geweest

waren bij grote ondernemingen; en/of

B2. dat de belegging(en) en/of investering(en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) (volledig) zouden worden geïnvesteerd

(in vastgoed in Polen via projectontwikkelaar [bedrijf 6] s.p.z.o.o.);

en/of

B3. dat de belegging(en) en/of investering(en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) veilig en/of (vrijwel) risicoloos

was/waren, althans een beperkt risico kende(n); en/of

B4. dat de belegging(en) en/of investering(en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en) na (de oplevering van) een project

terug zou(den) worden betaald, althans vrij beschikbaar kwam(en); en/of

B5. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant(en) volledig

(100%) zouden meedelen in de projectwinst; en/of

B6. dat de belegger(s) en/of deelnemer(s) en/of participant(en) maandelijks

een of meer geldbedrag(en) uitbetaald/uitgekeerd kre(e)g(en) als ware het een

of meer rendement(en) en/of opbrengst(en) van hun/zijn/haar belegging(en)

en/of investering(en) en/of participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of

geldlening(en); en/of

B7. dat het (geprognosticeerde en/of gegarandeerde) rentepercentage,

afhankelijk van het project, per jaar tussen de 10 en 20 procent, althans 8

procent bedroeg; en/of

B8. dat het eerste voorschot rendement van 8 procent 6 weken na de

stortingsdatum van de belegging(en) en/of investering(en) en/of

participatie(s) en/of inleg van geld(en) en/of geldlening(en) zou

plaatsvinden; en/of

B9. dat het tweede voorschot rendement 12 maanden na de eerste

rendementsuitkering zou plaatsvinden; en/of

B10. dat het project [naam project 1] was afgerond en op 1 juli 2007 zou worden

opgeleverd en/of het project Niepomolice/ [naam project 2] goed, althans (geheel) volgens

plan liep en/of

B11. dat kosten zouden worden bekostigd uit de 'zuivere winst',

waardoor een of meer van voornoemde perso(o)n(en) en/of een of meer andere

perso(o)n(en) (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 november 2005 tot

en met 31 december 2009, in de gemeente(n) Westerveld en/of Doetinchem en/of

Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of

meer rechtsperso(o)n(en) en/of een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en),

althans alleen,

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft/hebben

verschaft

en/of

(telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door

-het (mede)schrijven van een prospectus en/of een ondernemersplan;

-en/of het binnenhalen van participaties ten bedrage van onder de euro

50.000,--;

-en/of aan klanten van [bedrijf 5] b.v. vertellen dat zij eventueel meer geld

op konden nemen en dit bedrag konden investeren in PolenVastgoed;

-en/of ervoor zorgen dat bij interesse er mensen van [bedrijf 1] langs kwamen;

-en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. als beleggingsproduct aan klanten van [bedrijf 5]

B.V. aan te bevelen;

-en/of het aanleveren van klanten aan [bedrijf 1] Vastgoed b.v.;

-en/of het aanbieden van het beleggingsproduct [bedrijf 1] ;

-en/of het bij klanten van [bedrijf 5] b.v. achter laten van een prospectus

van [bedrijf 1] ;

althans wervingsactiviteit(en) voor [bedrijf 1] Vastgoed B.V. te verrichten;

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

[bedrijf 1] Vastgoed B.V. op een of meer tijdstip{pen) in of omstreeks de periode van

01 november 2005 tot en met 31 december 2009,in de gemeente{n) Westerveld

en/of Doetinchem en/of Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in

vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n{en) en/of een of meer

rechtsperso(o)n(en), althans alleen,

(telkens) opzettelijk enig goed te weten een of meer geldbedrag{en) (tot een

totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16) afkomstig van

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag (en) van een of meer ander (en) ,

in elk geval een of meer geldbedrag (en) , geheel of ten dele toebehorende aan

een of meer aan hierboven genoemde personen en/of een of meer van de

investeerders binnen [bedrijf 1] Vastgoed B.V., althans aan een of meer ander(en) dan

aan [bedrijf 1] Vastgoed B.V. en/of haar medeverdachte(n), anders dan door misdrijf,

te weten als belegging(en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening (en) , onder zich had (den) , telkens zich

wederrechtelijk heeft/hebben toegeëigend, zulks terwijl hij verdachte, al dan

niet in vereniging met een of meer andere(n), tot bovenomschreven strafbare

feit(en) opdracht heeft gegeven, dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan

boven omschreven verboden gedraging(en)

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 november

2005 tot en met 31 december 2009,in de gemeente(n) Westerveld en/of Doetinchem

en/of Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een

of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en) ,

althans alleen,

(telkens) opzettelijk enig goed te weten een of meer geldbedrag(en) (tot een

totaalbedrag van ongeveer euro 5.150.831,16) afkomstig van

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag (en) van een of meer ander(en),

in elk geval een of meer geldbedrag(en), geheel of ten dele toebehorende aan

een of meer aan hierboven genoemde personen en/of een of meer van de

investeerders binnen [bedrijf 1] Vastgoed B.V., althans aan een of meer ander(en) dan

aan verdachte en/of zijn medeverdachte(n), anders dan door misdrijf, te weten

als belegging (en) en/of investering (en) en/of participatie(s) en/of inleg

van geld(en) en/of geldlening(en), onder zich had (den) , telkens zich

wederrechtelijk heeft/hebben toegeëigend;

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

[bedrijf 1] Vastgoed B.V en/ [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een of

meer andere(en), op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van

01 november 2005 tot en met 31 december 2009, in de gemeente(n) Westerveld

en/of Doetinchem en/of Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in

vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of een of meer

natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen,

(telkens) opzettelijk enig goed te weten een of meer geldbedrag (en) (tot een

totaalbedrag van ongeveer EUR 5.150.831,16) afkomstig van

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 1] , een geldbedrag van (totaal) euro 40.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-04]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 9] , een geldbedrag van (totaal) euro 150.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-05]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 10] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=

en/of euro 350,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-06];

en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 11] , een geldbedrag van (totaal) euro 25.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-07]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 12] , een geldbedrag van (totaal) euro 75.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-08]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 13] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans euro 45.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats:

Aan-09]; en/of

-de heer [benadeelde 5] en/of mevrouw [benadeelde 24] , een geldbedrag van (totaal) euro

130.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-10]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 14] , een geldbedrag van (totaal) euro 78.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-11]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 3] een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-12]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 2] , een geldbedrag van (totaal) euro 225.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-13]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 6] , een geldbedrag van (totaal) euro 55.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-14]; en/of

-de heer en/of mevrouw de [benadeelde 15] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-15]; en/of

-de heer [benadeelde 16] en/of mevrouw [benadeelde 53] , een geldbedrag van (totaal) euro

90.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-16]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 17] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-17]; en/of

-mevrouw [benadeelde 7] , een geldbedrag van (totaal) euro 100.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-18]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 18] , een geldbedrag van (totaal) euro

285.250,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-19]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 8] , een geldbedrag van (totaal) euro 60.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-20]; en/of

-de heer [benadeelde 19] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-21]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 20] , een geldbedrag van (totaal) euro 175.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-22]; en/of

-de heer en/of mevrouw [benadeelde 21] , een geldbedrag van (totaal) euro 50.000,=,

althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats: Aan-23]; en/of

-de heer [benadeelde 22] en/of mevrouw [benadeelde 23] , een geldbedrag van (totaal)

euro 50.000,=, althans een of meer geldbedrag(en) [Vindplaats; separate

aangifte]; en/of

een of meer ander(e) geldbedrag(en) van een of meer ander(en),

in elk geval een of meer geldbedrag(en), geheel of ten dele toebehorende aan

een of meer aan hierboven genoemde personen en/of een of meer van de

investeerders binnen [bedrijf 1] Vastgoed B.V., althans aan een of meer ander(en) dan

aan [bedrijf 1] Vastgoed B.V. en/of haar medeverdachte(n), anders dan door misdrijf,

te weten als belegging(en) en/of investering(en) en/of participatie(s) en/of

inleg van geld(en) en/of geldlening(en), onder zich had(den), telkens zich

wederrechtelijk heeft/hebben toegeëigend,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 november 2005 tot

en met 31 december 2009, in de gemeente(n) Westerveld en/of Doetinchem en/of

Bronckhorst en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of

meer rechtsperso(o)n(en) en/of een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en),

althans alleen,

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft/hebben

verschaft

en/of

(telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest

door

-het (mede)schrijven van een prospectus en/of een ondernemersplan;

-en/of het binnenhalen van participaties ten bedrage van onder de euro

50.000,--;

-en/of aan klanten van [bedrijf 5] b.v. vertellen dat zij eventueel meer geld

op konden nemen en dit bedrag konden investeren in PolenVastgoed;

-en/of ervoor zorgen dat bij interesse er mensen van [bedrijf 1] langs kwamen;

-en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. als beleggingsproduct aan klanten van [bedrijf 5]

B.V. aan te bevelen;

-en/of het aanleveren van klanten aan [bedrijf 1] Vastgoed b.v.;

-en/of het aanbieden van het beleggingsproduct [bedrijf 1] ;

-en/of het bij klanten van [bedrijf 5] b.v. achter laten van een prospectus

van [bedrijf 1] ;

althans wervingsactiviteit(en) voor [bedrijf 1] Vastgoed B.V. te verrichten;

2.

[bedrijf 1] vastgoed B.V., op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode

van 28 februari 2006 tot en met 30 september 2006, in de gemeente Westerveld,

althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e)

perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, al dan

niet opzettelijk, effecten heeft aangeboden terwijl er ter zake van de

aanbieding geen prospectus algemeen verkrijgbaar was dat was goedgekeurd door

Onze Minister of door een toezichthoudende autoriteit in een andere lidstaat,

zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

anderen, tot bovenomschreven strafba(a)r(e) feit (en) opdracht heeft

gegeven, dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven

verboden gedraging(en);

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 28 februari

2006 tot en met 30 september 2006, in de gemeente Westerveld, althans in

Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e)

perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, tezamen

en in vereniging met (een) ander (en) een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of

een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en), althans alleen, al dan niet

opzettelijk, effecten heeft aangeboden terwijl er ter zake van de aanbieding

geen prospectus algemeen verkrijgbaar was dat was goedgekeurd door Onze

Minister of door een toezichthoudende autoriteit in een andere lidstaat;

3.

[bedrijf 1] vastgoed B.V., op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode

van 29 november 2005 tot en met 30 september 2006 in de gemeente Westerveld,

althans in Nederland en/of in Polen, tezamen en in vereniging met een of meer

natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans

alleen, als een in Nederland gevestigde onderneming en/of instelling, al dan

niet opzettelijk, het bedrijf van kredietinstelling heeft uitgeoefend zonder

een daartoe van de Bank verkregen vergunning,

zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

anderen, tot bovenomschreven strafba(a)r(e) feit (en) opdracht heeft gegeven,

dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden

gedraging(en);

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 29 november

2005 tot en met 30 september 2006 in de gemeente Westerveld, althans in

Nederland en/of in Polen, tezamen en in vereniging met een of meer

natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans

alleen, als een in Nederland gevestigde onderneming en/of instelling, al dan

niet opzettelijk, het bedrijf van kredietinstelling heeft uitgeoefend zonder

een daartoe van de Bank verkregen vergunning;

4.A)

[bedrijf 5] B.V. en/of [medeverdachte 3] Holding B.V. en/of [medeverdachte 3] en Blom Beheer B.V. op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 oktober 2006 tot

en met 31 december 2006 in de gemeente Duiven, en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of

een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet

opzettelijk, zonder vergunning als effectenbemiddelaar, in of vanuit

Nederland, diensten heeft aangeboden en/of doen aanbieden of heeft verricht

en/of doen verrichten,

zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

anderen, tot bovenomschreven strafba(a)r(e) feit(en) opdracht heeft gegeven,

dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden

gedraging(en);

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 oktober

2006 tot en met 31 december 2006,in de gemeente Duiven, en/of elders in

Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e)

perso(o)n(en) en/of een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen,

(telkens), al dan niet opzettelijk, zonder vergunning als effectenbemiddelaar,

in of vanuit Nederland, diensten heeft aangeboden en/of doen aanbieden of

heeft verricht en/of doen verrichten;

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

[bedrijf 5] B.V. en/of [medeverdachte 3] Holding B.V. en/of [medeverdachte 3] en Blom Beheer B.V. op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 oktober 2006 tot

en met 31 december 2006 in de gemeente Duiven, en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of

een of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet

opzettelijk, zonder vergunning als effectenbemiddelaar, in of vanuit

Nederland, diensten

heeft aangeboden en/of doen aanbieden of heeft verricht en/of doen verrichten,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 oktober 2006 tot

en met 31 december 2006 in de gemeente Duiven, en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een

of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen,

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft/hebben

verschaft

en/of

(telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest

door

-het (mede)schrijven van een prospectus en/of een ondernemersplan;

-en/of het binnenhalen van participaties ten bedrage van onder de euro

50.000,--;

-en/of aan klanten van [bedrijf 5] b.v. vertellen dat zij eventueel meer geld

op konden nemen en dit bedrag konden investeren in PolenVastgoed;

-en/of ervoor zorgen dat bij interesse er mensen van [bedrijf 1] langs kwamen;

-en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. als beleggingsproduct aan klanten van [bedrijf 5]

B.V. aan te bevelen;

-en/of het aanleveren van klanten aan [bedrijf 1] Vastgoed b.v.;

-en/of het aanbieden van het beleggingsproduct [bedrijf 1] ;

-en/of het bij klanten van [bedrijf 5] b.v. achter laten van een prospectus

van [bedrijf 1] ;

althans wervingsactiviteit(en) voor [bedrijf 1] Vastgoed B.V. te verrichten

4. B)

[bedrijf 5] B.V. en/of [medeverdachte 3] Holding B.V. en/of [medeverdachte 3] en Blom Beheer B.V. op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari 2007 tot

en met 29 februari 2008 te Duiven, en/of elders in Nederland, tezamen en in

vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer

rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet opzettelijk,

zonder een daartoe door de Autoriteiten Financiële Markten verleende

vergunning beleggingsdiensten heeft verleend en/of doen verlenen en/of

beleggingsactiviteiten heeft verricht en/of doen verrichten,

zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer

anderen, tot bovenomschreven strafba(a)r(e) feit(en) opdracht heeft gegeven,

dan wel feitelijke leiding heeft gegeven aan boven omschreven verboden

gedraging(en);

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

hij, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari

2007 tot en met 29 februari 2008 te Duiven, en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een

of meer rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet

opzettelijk, zonder een daartoe door de Autoriteiten Financiële Markten

verleende vergunning beleggingsdiensten heeft verleend en/of doen verlenen

en/of beleggingsactiviteiten heeft verricht en/of doen verrichten;

althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen

leiden:

[bedrijf 5] B.V. en/of [medeverdachte 3] Holding B.V. en/of [medeverdachte 3] en Blom Beheer B.V. op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari 2007 tot

en met 29 februari 2008 te Duiven, en/of elders in Nederland, tezamen en in

vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer

rechtsperso(o)n(en), althans alleen, (telkens), al dan niet opzettelijk,

zonder een daartoe door de Autoriteiten Financiële Markten verleende

vergunning beleggingsdiensten heeft verleend en/of doen verlenen en/of

beleggingsactiviteiten heeft verricht en/of doen verrichten,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven hij, verdachte, op

een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari 2007 tot

en met 29 februari 2008 te Duiven, en/of elders in Nederland, tezamen en in

vereniging met een of meer natuurlijk(e) perso(o)n(en) en/of een of meer

rechtsperso(o)n(en), althans alleen,

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft/hebben

verschaft

en/of

(telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest

door

-en/of het binnenhalen van participaties ten bedrage van onder de euro

50.000,--;

-en/of aan klanten van [bedrijf 5] b.v. vertellen dat zij eventueel meer geld

op konden nemen en dit bedrag konden investeren in [bedrijf 3] ;

-en/of ervoor zorgen dat bij interesse er mensen van [bedrijf 1] langs kwamen;

-en/of [bedrijf 1] Vastgoed B.V. als beleggingsproduct aan klanten van [bedrijf 5]

B.V. aan te bevelen;

-en/of het aanleveren van klanten aan [bedrijf 1] Vastgoed b.v.;

-en/of het aanbieden van het beleggingsproduct [bedrijf 1] ;

-en/of het bij klanten van [bedrijf 5] b.v. achter laten van een prospectus van [bedrijf 1] ;

althans wervingsactiviteit(en) voor [bedrijf 1] Vastgoed B.V. te verrichten;

1 De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

2 Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door de Belastingdienst/FIOD, team MDT , kantoor Zwolle opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL43462, gesloten op 8 juli 2011en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.

3 Aangifte door de AFM, p. 205-224

4 Brief AFM, p. 228

5 Bijlage D126, p. 6179-6181

6 Bijlage D135, p. 6208

7 Bijlage D134, p. 6204

8 Bijlage D133, p. 6201

9 Bijlage D249, p. 6903

10 C.V. akte , p. 6273-6275

11 Bijlage D132, p. 6198

12 Bijlage D042, p. 5740-5743

13 Bijlage D236, p. 6870

14 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 3233-3234

15 Procesverbaal van verhoor van verdachte, p. 3239 3241

16 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 3246

17 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3045

18 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3039

19 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3047

20 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] p. 3055

21 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3074

22 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 1] , p. 2948

23 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 1] , p. 2954

24 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 1] , p. 2960

25 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 1] , p. 2966

26 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 1] , p. 2973

27 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 1] , p. 231-236

28 Afspraakbevestiging, p. 268

29 Bevestigingsbrief d.d. 9 januari 2006

30 Deelnameformulier, p. 265

31 Aangifte door [benadeelde 2] , p 1217-1222

32 Deelnameformulier, p. 1005

33 Brief p. 1004

34 Brief, p. 1006

35 Proces-verbaal van aangifte door [medeverdachte 1] , p. 997-1000

36 Deelnameformulier, p. 1005

37 Bankafschrift gevoegd als bijlage bij de vordering benadeelde partij.

38 Mailbericht, p. 1541

39 Prospectus, p. 6296-6309

40 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 3233-3235

41 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3045

42 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] , p. 3047

43 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] p. 3055

44 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 5] , p. 687 ev.

45 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 6] , p. 1640 ev

46 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 7] , p. 2001 ev.

47 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 8] , p. 2540

48 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 5] , p. 687 ev.

49 Proces-verbaal van aangifte door [benadeelde 9] , p. 277 ev.

50 Aangifte door de AFM, p. 220-221

51 Brief AFM, p. 228

52 Bijlage D042, p. 5740-5743

53 Bijlage D236, p. 6870

54 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 3233-3234

55 Procesverbaal van verhoor van verdachte, p. 3239 3241

56 Aangifte door de AFM, p. 220-221

57 Brief AFM, p. 228