Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBGEL:2018:270

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
18-01-2018
Datum publicatie
25-01-2018
Zaaknummer
AWB - 17 _ 6499
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Omgevingsvergunning kapbomen; belangenafweging; nog andere vergunningen nodig.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2018/466
JBO 2018/52 met annotatie van mr. drs. D. van der Meijden
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 17/6499

uitspraak van de voorzieningenrechter van 18 januari 2018

op de verzoeken om voorlopige voorziening in de zaken tussen

Stichting Veluwe Bijzonder, gevestigd te Elspeet, en

Gelderse Natuur en Milieufederatie, gevestigd te Arhem, verzoeksters,

(gemachtigde: mr. J.E. Dijk)

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nunspeet, verweerder.

Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: [Vereniging] , gevestigd te [plaats] .

(gemachtigde: mr. J. Kevelam)

Procesverloop

Bij besluit van 27 oktober 2017 heeft verweerder aan Berkenhorst een omgevingsvergunning verleend voor de kap van 13 bomen.

Verzoeksters hebben hiertegen bezwaar gemaakt. Verzoeksters hebben de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Verzoeksters hebben zich ter zitting laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde en [naam 1] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. E. Bouma en M.A. Hagens. [Vereniging] heeft zich laten vertegenwoordigen door haar gemachtigde en [naam 2] .

Overwegingen

Eerst twee opmerkingen vooraf. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) door verzoeksters in te stellen beroep niet. De wetsartikelen die voor deze uitspraak van belang zijn, zijn opgenomen in de bijlage bij deze uitspraak.

1. [Vereniging] exploiteert aan de [adres] te [plaats] een schietbaan. Deze baan ligt in een bosgebied. [Vereniging] wil de schietbaan uitbreiden. De uitbreiding van de schietbaan bestaat onder meer uit het aanleggen van een nieuwe ondergrondse baan, het vergroten van een bovengrondse baan en het realiseren van geluidwallen. Om dit mogelijk te maken moeten er bomen worden gekapt. In totaal gaat het om ongeveer 2800 m2 te kappen bosgebied. In dit bosgebied staan 13 gemeentelijke bomen met een stamomtrek groter dan 120 cm. Voor de kap van deze 13 bomen is een omgevingsvergunning nodig. Dat volgt uit artikel 4, eerste lid, van de Bomenverordening 2016 van de gemeente Nunspeet. Bij besluit van 27 oktober 2017 is de omgevingsvergunning voor de kap van deze 13 bomen verleend.

2. Verzoeksters willen voorkomen dat de uitbreiding van de schietbaan wordt gerealiseerd. Daarom verzoeken zij de voorzieningenrechter de omgevingsvergunning voor de kap te schorsen. Als dat verzoek wordt toegewezen dan mag [Vereniging] de 13 bomen niet kappen.

3. Verzoeksters vinden dat verweerder haar belangen onvoldoende heeft meegewogen. In totaal wordt een bosgebied van 2800 m2 gekapt, waaronder de 13 bomen. Een gebied van een dergelijke omvang herbergt grote natuurwaarden. Het ligt in of in de onmiddellijke nabijheid van het Natura 2000-gebied de Veluwe en heeft een zeer rijke flora en fauna. Dit belang moet zwaarder wegen, zodat verweerder de omgevingsvergunning had moeten weigeren, aldus verzoeksters. Verweerder is daarentegen van mening dat het belang van het laten staan van de 13 bomen niet opweegt tegen het belang van [Vereniging] bij verlening van de vergunning. De bomen kunnen dan worden gekapt en het schietterrein kan worden uitgebreid.

4. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Uit artikel 5, tweede lid, van de Bomenverordening 2016 volgt dat een vergunning voor het kappen van bomen kan worden geweigerd als de belangen van verlening niet opwegen tegen de belangen van behoud van de bomen. De 13 bomen maken deel uit van een groter te kappen bosgebied. Gedeputeerde staten van de provincie Gelderland hebben in het kader van de Natuurbeschermingswet en de Wet natuurbescherming de natuurwaarden van het bosgebied beoordeeld. Zij verzetten zich niet tegen de kap. Voor het kappen van dit bosgebied is geen omgevingsvergunning nodig, alleen voor de 13 bomen wel. Uit een veldcontrole van de provincie Gelderland van 1 december 2017 in het kader van de Flora en Faunawet zijn geen bijzonderheden naar voren gekomen. De 13 bomen zijn geen fraaie bomen en hebben weinig tot geen individuele waarde. De alleenstaande eik is een exoot en minder wenselijk in de Veluwse natuur. Het belang om de 13 bomen te behouden is dus gering. Bovendien heeft verweerder [Vereniging] opgedragen om ter compensatie van de 13 te kappen bomen elders op het terrein 26 bomen te planten. [Vereniging] heeft de omgevingsvergunning voor het kappen van de 13 bomen nodig voor de uitbreiding van haar schietterrein. De uitbreiding is weer nodig om aan de huidige wensen en eisen die sportschutters en jagers aan een schietinrichting stellen te voldoen. Verweerder heeft aan dat belang meer gewicht toegekend. De voorzieningenrechter is van oordeel dat dit standpunt van verweerder goed te verdedigen is. De door verzoeksters aangevoerde grond slaagt niet.

5. Verzoeksters stellen dat er nog een andere omgevingsvergunning nodig is. Er is sprake van een gebied waar de kogels van de schietbaan terechtkomen. Het gebruik van het zogenaamde valgebied – het gebied waar de kogels vallen – is niet in het bestemmingsplan opgenomen. Een omgevingsvergunning voor een gebruik van gronden in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid en onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) ontbreekt nog, zeggen verzoekers. Zij willen de omgevingsvergunning voor de kap schorsen, zolang de omgevingsvergunning voor gebruik nog niet is verleend.

6. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Verzoeksters hebben niet aannemelijk gemaakt dat er voor het valgebied nog een omgevingsvergunning voor gebruik nodig is. Verweerder heeft namelijk ter zitting verklaard dat er een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken op de schietbaan is verleend. Het valgebied maakt van die omgevingsvergunning deel uit, zodat ook het valgebied is vergund. Desondanks kan blijken dat er toch nog een omgevingsvergunning voor gebruik nodig is. Dat is bijvoorbeeld het geval als de kogels verder vallen en terechtkomen in een gebied waar dat niet mag. In dat geval hebben verzoeksters echter niet aannemelijk gemaakt dat deze vergunning voor gebruik niet zou kunnen worden verleend. Ook dit betoog van verzoeksters gaat niet op.

7. Volgens verzoeksters zal door het kappen van de bomen de grond van het schietterrein worden geroerd. Die grond is vervuild en er is een saneringsplan. Volgens verzoeksters is op grond van de Wet bodembescherming toestemming vereist. Gedeputeerde staten van Gelderland kunnen deze toestemming geven. Deze toestemming is er echter niet. Verzoeksters willen de omgevingsvergunning voor de kap schorsen zolang deze toestemming er nog niet is.

8. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Verweerder heeft ter zitting verklaard dat de wortels van de te kappen bomen niet uit de grond zullen worden verwijderd. Dat is niet nodig voor de werkzaamheden (aanleggen geluidwal) die daar zullen plaatsvinden. Van roeren van de grond is geen sprake. Toestemming van gedeputeerde staten van Gelderland zal dan ook niet nodig zijn, aldus verweerder. De voorzieningenrechter acht deze verklaring voldoende aannemelijk. Ook dit betoog van verzoeksters slaagt niet.

9. In de omgevingsvergunning voor de kap is het volgende voorschrift opgenomen: “Er mag alleen gebruik worden gemaakt van de vergunning op het moment dat de schietbaan en/of de geluidwallen daadwerkelijk worden aangelegd.”

Verzoeksters vinden dat dit voorschrift onvoldoende duidelijk en niet handhaafbaar is. Het roept volgens verzoeksters de vraag op wanneer sprake is van het onmiddellijk aanleggen van de schietbaan en/of de geluidwallen. Zij vrezen dat de bomen zullen worden gekapt terwijl later blijkt dat de schietbaan niet wordt uitgebreid. Kap was dan helemaal niet nodig geweest, aldus verzoeksters.

10. De voorzieningenrechter overweegt als volgt. Ter zitting heeft [Vereniging] verklaard dat direct na de afwijzing van het verzoek om voorlopige voorziening met het kappen van de bomen zal worden gestart. Direct aansluitend zal met de uitbreiding van de schietbaan worden begonnen. De voorzieningenrechter heeft onvoldoende reden om deze verklaring van [Vereniging] in twijfel te trekken. Ook dit betoog van verzoeksters slaagt niet.

11. Verzoeksters vinden verder dat de voorschriften 1.2 en 1.12 van de omgevingsvergunning tegenstrijdig zijn. De voorzieningenrechter ziet dit anders. In voorschrift 1.2 staat dat in het broedseizoen van vogels in beginsel niet mag worden gekapt tussen 15 maart en 15 juli, als er beschermde vogels in de betreffende houtopstanden broeden. In voorschrift 1.12 staat dat de kap buiten het broedseizoen moet plaatsvinden. De voorzieningenrechter is van oordeel dat deze voorschriften elkaar aanvullen.

12. Naar alle waarschijnlijkheid zal de omgevingsvergunning bij de beslissing op bezwaar in stand blijven. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.

13. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J. Jue, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van W.C. Knoester, griffier.

De beslissing is in het openbaar uitgesproken op: 18 januari 2018.

griffier

voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Ingevolge artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het verboden zonder omgevingsvergunning een project uit te voeren, voor zover dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan.

Bomenverordening 2016 (gemeente Nunspeet)

Artikel 4 – Kapverbod Boomzonegebieden, gemeentelijke bomen, herplantbomen.

1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag gemeentelijke bomen met een stamomtrek groter dan 120 cm, of bomen staande in Boomzonegebied met een stamomtrek groter dan 120 centimeter te vellen of te doen vellen, onverminderd het gestelde in artikel 3 lid 1.

Artikel 5. – Criteria Boomzonegebieden, gemeentelijke bomen, herplantbomen

Ingevolge artikel 5, eerste lid, kan het bevoegd gezag de vergunning weigeren dan wel, onder voorschriften verlenen.

Ingevolge artikel 5, tweede lid, kan een vergunning voor het vellen van een boom als bedoeld in artikel 4 worden geweigerd indien de belangen van verlening niet opwegen tegen de belangen van behoud van de boom op basis van één of meer van de volgende waarden:

a. natuur- en milieuwaarden;

b. landschappelijke waarden;

c. beeldbepalende waarden;

d. cultuurhistorische waarden;

e. waarden van stads- en dorpsschoon;

f. waarde voor recreatie en leefbaarheid.